{"infobox":{"Berichten":["Consultatie rapport gepubliceerd, 15 april 2021: "],"Einddatum consultatie":"18-01-2021","Keten-ID":"11943","Onderwerpen":"Verzekeringen","Organisatie":"Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport","Publicatiedatum":"07-12-2020","Status":"Resultaat gepubliceerd","Type consultatie":"Wet","Voor wie belangrijk":"Verzekerden, zorgverzekeraars, werkgevers, gemeenten, andere collectiviteiten zoals bonden en verenigingen, alsmede intermediairs en/of assurantietussenpersonen.","Waarop kunt u reageren?":"Er kan worden gereageerd op het concept van het wetsvoorstel en de bijbehorende memorie van toelichting.","Wat verandert er?":"Na de afschaffing van de collectiviteitskorting zal de premieopslag, waaruit de collectiviteitskorting momenteel wordt gefinancierd, verdwijnen. Verzekerden zonder collectiviteit en degenen met een relatief lage collectiviteitskorting (zoals sociale minima en ouderen) zullen niet meer meebetalen aan de collectiviteitskortingen voor anderen. De verschillen tussen premies worden kleiner en gemiddeld genomen betalen verzekerden evenveel premie als met collectiviteitskorting. Het blijft voor zorgverzekeraars en collectiviteiten mogelijk om afspraken te maken over bijvoorbeeld preventie, verzuimreductie en het voorkomen van schuldenproblematiek."},"resource":"nl.mnre1025.2e-i.2020.3"}
