{"infobox":{"Berichten":["Consultatie rapport gepubliceerd, 30 oktober 2023: ","Nieuwe versie concept regeling toegevoegd, 1 juni 2023: Ivm het per abuis plaatsen van een onjuist document wordt hier de regeling alsnog geplaatst."],"Einddatum consultatie":"29-06-2023","Keten-ID":"25229","Onderwerpen":"Huren en verhuren Kopen en verkopen","Organisatie":"Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties","Startdatum consultatie":"01-06-2023","Status":"Resultaat gepubliceerd","Type consultatie":"Ministeri\u00eble regeling","Voor wie belangrijk":"Hoewel hoofdzakelijk corporaties gebruikmaken van VoV-constructies, zijn er ook projectontwikkelaars die verkoopinstrumenten met uitgestelde betaling inzetten, bijvoorbeeld via KoopStart. De aangepaste verhouding maakt het voor aanbieders minder aantrekkelijk om VoV aan te bieden. De aanpassing van de fair value-verhouding heeft vooral een positief effect voor kopers.","Wat verandert er?":"Sinds 1 november 2011 geldt een fair value-verhouding van 1:1,5. Dat betekent dat waardestijging van een woning die via VoV verkocht is op het moment dat de woning wordt (terug)verkocht, voor een groter deel aan de verkopende partij (corporatie of projectontwikkelaar) toevalt dan aan de koper. Andersom komt ook een waardedaling meer voor rekening van de verkoper dan de koper. Uit onderzoek dat BZK heeft laten doen komt naar voren dat een aanpassing van deze fair value-verhouding naar 1:1 nodig is. Sterke koopprijsstijgingen uit het verleden hebben geleid tot hoge rendementen van aanbieders van VoV en hebben juist nadelig uitgepakt voor kopers. De aanpassing naar 1:1 heeft vooral een positief effect op de vermogensopbouw van kopers, omdat een groter deel van de waardestijging aan hen toevalt."},"resource":"nl.mnre1034.2e-i.2023.39"}
