{"infobox":{"Berichten":["Consultatie rapport gepubliceerd, 15 februari 2016: Het consultatieverslag van deze consultatie is toegevoegd."],"Doel consultatie":"Ter uitvoering van artikel 5:6 van de Regeling producten- en brancheorganisaties en artikel 165 van Verordening (EU) nr. 1308/2013 (PbEU 2013, L 347) verzoekt de Minister van EZ relevante belanghebbenden te reageren op de hierna (bij 'onderdeel van de regeling waarop een reactie mogelijk is')  genoemde aspecten die van belang zijn voor de besluitvorming van de Minister van EZ op de verzoeken van de drie BO\u2019s. Vanwege de kerstperiode wordt de consultatie opengesteld tot en met 8 januari 2016.","Einddatum consultatie":"08-01-2016","Onderwerpen":"Planten","Organisatie":"Ministerie van Economische Zaken","Publicatiedatum":"03-12-2015","Status":"Resultaat gepubliceerd","Type consultatie":"Ministeri\u00eble regeling","Voor wie belangrijk":"'Niet bij de BO's aangesloten akkerbouwers'. Dit zijn akkerbouwers die geen lid zijn van LTO Nederland of de NAV en zachte tarwe, rogge, gerst, haver, suikerbieten of aardappelen (poot-, consumptie- of zetmeelaardappelen) telen.","Waarop kunt u reageren?":"De Minister van EZ verzoekt relevante belanghebbenden te reageren op de volgende aspecten: -\tDe mate waarin wordt voldaan aan het vereiste van artikel 165 van Verordening  (EU) nr. 1308/2013 dat het 'Gezamenlijk programma' van algemeen economisch belang is voor marktdeelnemers wier activiteiten met de betrokken producten verband houden (de betrokken producten zijn: zachte tarwe, rogge, gerst, haver, suikerbieten, poot-, consumptie- of zetmeelaardappelen); -\tDe mate waarin \u2018niet bij de BO's aangesloten akkerbouwers\u2019 die zachte tarwe, rogge, gerst, haver, suikerbieten of poot-, consumptie- of zetmeelaardappelen telen en op wie de financieringsverplichting komt te rusten voordeel zullen hebben van de onderzoeken die ter uitvoering van het 'Gezamenlijk programma' zullen worden uitgevoerd.","Wat verandert er?":"Bij toekenning van de verzoeken door de Minister van EZ worden \u2018niet bij de BO\u2019s aangesloten akkerbouwers\u2019: - die zachte tarwe, rogge, gerst of haver telen verplicht een jaarlijkse financi\u00eble bijdrage af te dragen aan de BO Granen, - die suikerbieten telen verplicht een jaarlijkse financi\u00eble bijdrage af te dragen aan de BO Suiker, - die of aardappelen (poot-, consumptie- en zetmeelaardappelen ) telen verplicht een jaarlijkse financi\u00eble bijdrage af te dragen aan de BO Aardappelen en overige akkerbouwgewassen. De \u2018niet bij de BO\u2019s aangesloten ondernemers\u2019  zijn na toekenning van de verzoeken door de Minister van EZ onderworpen aan het toezicht op de naleving van de afdracht van de  financi\u00eble bijdragen.  Dit  toezicht op de naleving zal de eigenstandige verantwoordelijk  zijn van de BO\u2019s en wordt ook uitgevoerd door de BO\u2019s. Op het niet-nakomen van de verplichting tot financi\u00eble afdracht zullen de BO\u2019s wettelijke rente over het niet betaalde bedrag bij de betreffende akkerbouwer in rekening brengen en zullen invorderingskosten door de BO\u2019s in rekening worden gebracht bij de betreffende akkerbouwer die zijn betalingsverplichting jegens de BO(\u2018s) niet nakomt. De beoogde periode waarbinnen de verplichting tot jaarlijkse afdracht van de financi\u00eble bijdrage jegens de BO\u2019s van toepassing zal zijn, loopt van 1 januari 2016 , of - indien dat later is - vanaf het tijdstip dat de verzoeken door de Minister van EZ zijn toegekend,  tot en met 31 december 2020."},"resource":"nl.mnre1045.2e-i.2015.4"}
