{"infobox":{"Einddatum consultatie":"15-02-2020","Keten-ID":"9635","Onderwerpen":"Politie brandweer en hulpdiensten","Organisatie":"Ministerie van Justitie en Veiligheid","Publicatiedatum":"05-12-2019","Status":"Gesloten","Type consultatie":"Wet","Voor wie belangrijk":"De politie, de (regio)burgemeesters, het openbaar ministerie, de Koninklijke marechaussee en de krijgsmacht. De consultatie vindt mede namens de Minister van Defensie plaats.","Waarop kunt u reageren?":"Er kan op het hele voorstel worden gereageerd.","Wat verandert er?":"I. Aanpassing voorbereiding jaarstukken Het voorstel regelt dat niet de minister maar de korpschef de ontwerp-jaarstukken opstelt. De minister blijft de definitieve versie van deze stukken vaststellen. Hiermee is beoogd tegemoet te komen aan het advies van de evaluatiecommissie het beheer meer \u201cbottom-up\u201d te organiseren waardoor de politie beter lokaal maatwerk kan leveren. II. Samenstelling artikel-19 overleg De huidige formulering van artikel 19, eerste lid, wekt teveel de indruk dat de korpschef, die wettelijk is belast met het beheer en de leiding van de politie, geen gesprekspartij is in het Landelijk Overleg Veiligheid en Politie (LOVP). Een goede dialoog over de taakuitvoering en het beheer is er bij gebaat dat de korpschef ook formeel actief aan het overleg deelneemt. In navolging van de evaluatiecommissie voorziet het voorstel in een eigenstandige positie voor de korpschef in het LOVP, zonder afbreuk te doen aan zijn ondergeschiktheid aan de minister. III. Modernisering bijstandsbepalingen In lijn met de kabinetsreactie worden de huidige bijstandsbepalingen vereenvoudigd en gemoderniseerd om meer flexibel gebruik te kunnen maken van bijstand en het gezag beter in positie te brengen. Tevens is er in voorzien dat bijstand in het LOVP wordt besproken omdat het leveren van bijstand invloed heeft op de beschikbare capaciteit van zowel de leverende als de ontvangende partij. IV. Politietaken Koninklijke marechaussee (Kmar) Bijstand heeft een incidenteel karakter en past daarmee niet bij de nu als meerjarige en als structureel te bestempelen inzet van de Kmar voor het bewaken en beveiligen van objecten en diensten. In lijn met de kabinetsreactie wordt deze taak als assistentieverleningstaak aan de politie vorm te geven. Hierdoor blijft het bewaken en beveiligen van objecten en diensten primair een taak van de politie, de Kmar kan daarbij, al dan niet structureel, assistentie verlenen aan de politie. Ook wijzigt het gezag over deze taak niet."},"resource":"nl.mnre1058.2e-i.2019.3"}
