{"infobox":{"Einddatum consultatie":"05-08-2025","Onderwerpen":"Dieren","Organisatie":"Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur","Startdatum consultatie":"24-06-2025","Status":"Gesloten","Type consultatie":"AMvB","Voor wie belangrijk":"Voor iedereen die werkt met productiedieren in de veehouderij, waaronder veehouders en erfbetreders zoals dierenartsen en stallenbouwers (met name van melkvee, kalveren, pluimvee en varkens), en/of zich bezighoudt met of inzet voor het welzijn van productiedieren.\u00a0\u00a0","Wat verandert er?":"In de periode tussen 2027 en 2040 zullen voor melkvee, kalveren, kippen en varkens die voor productie worden gehouden op verschillende momenten nieuwe regels van kracht worden. Deze zullen uiteindelijk samen leiden tot een dierwaardige veehouderij. Hierin kunnen dieren hun gedragsbehoeften uitoefenen, is duidelijk wat daarvoor nodig is, en zullen er geen ingrepen meer plaatsvinden die samenhangen met de wijze waarop de dieren worden gehouden. De regels in dit Besluit zijn gericht op 2040. Voor het realiseren is nog niet voor alle regels anno 2025 alle informatie bekend. In het Besluit zijn daarom regels opgenomen die op verschillende momenten tussen 2027 tot 2040 in werking zullen treden. Evaluatie Ook is opgenomen dat de regels die gericht zijn op inwerkingtreding in 2035 en 2040 na evaluatie (uit te voeren in 2028, 2033 en 2038) per Koninklijk Besluit in werking zullen treden. De regels treden daarmee gefaseerd in werking. Dit is nodig omdat: Sommige regels en gedragsbehoeftes nader onderzoek vragen en/of pilots nodig zijn om in de praktijk uit te proberen; Sommige regels naar verwachting een negatief effect zullen hebben op emissies van stikstof, fijnstof, geur en broeikasgassen. Hiervoor moeten aanvullende maatregelen genomen worden; Sommige regels forse investeringen zullen vergen en/of een grote verandering betekenen ten opzichte van de huidige reguliere houderij (bijv. in de toegestane bezettingsdichtheid); Sommige regels alleen kunnen worden ingevoerd bij grondige verbouw en/of nieuwbouw van stallen. Hiervoor hebben veehouders een vergunning nodig. Als uit deze evaluaties blijkt dat maatregelen negatieve gevolgen kunnen hebben voor andere (inter-)nationale wettelijk gestelde kaders en doelen op stal-, bedrijfs-, lokaal en landelijk niveau dan zullen oplossingen moeten worden gezocht die ervoor zorgen dat binnen de kaders wordt gebleven of kan worden besloten deze maatregelen op een later moment in te laten gaan. Om welke regels gaat het? Hieronder volgt per diersoort een overzicht met de voorgenomen regels in het Besluit, met het jaartal van de beoogde inwerkingtreding: Alle vier de diersoorten Klimaatadaptatieplan om hitte- en koudestress te voorkomen \u2013 2027 Pluimvee, terug te lezen vanaf pagina 33 Verbod op koloniekooihuisvesting voor legkippen \u2013 2035 Toegang tot voldoende voer \u2013 2030 Toegang tot water gedurende de lichtperiode \u2013 2030 Bezettingsdichtheid vleeskuikens \u2013 2030/2035/2040 Bezettingsdichtheid vleeskuikenouderdieren \u2013 2030/2040 Bezettingsdichtheid legkippen \u2013 2040 Bezettingsdichtheid opfoklegkippen \u2013 2030/2040 Functiegebieden: zitstokken en/of plateaus \u2013 2040 Functiegebieden: beschutting/schuilmogelijkheden voor jonge dieren \u2013 2040 Voldoende strooisel \u2013 2030 Voldoende omgevingsverrijking \u2013 2030 Robuuste rassen \u2013 2040 Ingrepen Runderen op het melkveebedrijf, terug te lezen vanaf pagina 49 Onthoornen \u2013 2040 Verbod op aanbinden \u2013 2035 Beschikbare oppervlakte \u2013 2030 Ligplaats \u2013 2030 Geschikte ondergrond \u2013 2040 Mogelijkheid tot vachtverzorging \u2013 2028 Permanente toegang tot schoon drinkwater \u2013 2030 (Onbeperkte) toegang tot ruwvoer \u2013 2028 Voldoende vreetplekken \u2013 2027 Mogelijkheid tot afzonderen bij ziekte \u2013 2030 Mogelijkheid tot afzonderen bij afkalven \u2013 2030 Kalveren, terug te lezen vanaf pagina 49\u00a0 Onthoornen \u2013 2040 Verbod op aanbinden tijdens het voeren \u2013 2027 Beschikbare oppervlakte \u2013 2027/2030 Ondergrond \u2013 2040 Mogelijkheid tot vachtverzorging \u2013 2030 Minimaal 6 weken melk via de speen \u2013 2030 Permanente toegang tot schoon drinkwater vanaf 14 dagen \u2013 2030 (Onbeperkte) toegang tot ruwvoer vanaf 14 dagen \u2013 2030 Mogelijkheid tot afzonderen bij ziekte \u2013 2030 Daglicht in de stal \u2013 2030 Hemoglobinegehalte \u2013 2030 Groepshuisvesting vanaf 14 dagen \u2013 2030 Eisen aan individuele huisvesting kalveren \u2013 2027 Verhogen transportleeftijd kalveren \u2013 2028 Varkens, terug te lezen vanaf pagina 66 Schuurvoorziening \u2013 2027 Toetreding van daglicht \u2013 2035/2040 Voorkomen van concurrentie om voer- en drinkwaterplaatsen \u2013 2030 Aanwijzen functiegebieden \u2013 2035/2040 Geen schadelijk stalklimaat: ammoniak \u2013 2030 Geen schadelijk stalklimaat: koolstofdioxide \u2013 2028 Ruwvoervoorziening voor drachtige gelten en zeugen \u2013 2028 Gedeeltelijk roostervloer voor gespeende varkens \u2013 2028/2040 Biggen krijgen vanaf de leeftijd van een week in de nabijheid van de zeug voer aangeboden \u2013 2028 Speenleeftijd \u2013 2028/2040 De zeug kan zich vrij bewegen in de kraamperiode \u2013 2027/2040 Bezettingsgraad \u2013 2040 Ingrepen: Verbod op vijlen van hoektanden van biggen \u2013 2030 Ingrepen: Uitfaseren van couperen van staarten van biggen \u2013 2028/2030"},"resource":"nl.mnre1153.2e-i.2025.8"}
