{"infobox":{"dc_creator":"WooScraper_v1","dc_date_year":2019,"dc_description":"Het RIVM heeft aanvullend onderzoek gedaan naar de leveringszekerheid van diagnostische en therapeutische radionucliden voor Nederland en naar de effecten van het niet bouwen van de Pallas reactor, de beoogde opvolger van de HFR. \nRadioactieve stoffen kunnen worden gebruikt om een diagnose te stellen. Ook kunnen ze verschillende soorten kanker behandelen of pijn bestrijden bij terminale pati\u00ebnten, zogenoemde therapeutische radionucliden. De meeste medische radionucliden worden in Europa gemaakt in zes kernreactoren, waarvan er \u00e9\u00e9n in Nederland staat (de HFR). Op \u00e9\u00e9n reactor na zijn deze installaties op gevorderde leeftijd en zullen ze vroeg of laat moeten sluiten. \nDe markt is op dit moment fragiel: als \u00e9\u00e9n grote reactor of \u00e9\u00e9n van de gespecialiseerde laboratoria onverwacht uitvalt, kunnen op wereldschaal leveringsproblemen ontstaan. Bij een onverwachte uitval kunnen de overige reactoren de vraag lang niet altijd opvangen, wat de leveringszekerheid voor de wereld (en dus ook voor Nederland) vrij onzeker maakt. Dat geldt zowel voor diagnostische als therapeutische radionucliden. \nDe vraag naar molybdeen-99/technetium-99m in de wereld zal op de lange termijn stijgen. Geschatte percentages vari\u00ebren van 5% tot 8% jaarlijkse stijging van de vraag in de opkomende economie\u00ebn. \nDe groei in de omzet van de therapeutische isotopen zal veel hoger zijn. Bij een vraaggroei voor lutetium-177 van 7% per jaar bijvoorbeeld zijn er al binnen vijf jaar tekorten te verwachten. Om de productieketen van medische radionucliden toekomstbestendig te maken, is een overgang nodig naar een prijsstelling nodig die alle kosten in de keten dekt. \nIn het afgelopen jaar is er meer duidelijkheid gekomen over de aanbodkant van de productie van medische radionucliden. Er zijn initiatieven gaande in Duitsland, Frankrijk en Belgi\u00eb om de bestaande productiecapaciteit voor medische radionucliden te vergroten en nieuwe capaciteit te bouwen. Zelfs wanneer al deze initiatieven slagen, zullen zij echter niet de productiecapaciteit kunnen vervangen van de reactoren in Belgi\u00eb (BR2) en Nederland (HFR) die op termijn gaan sluiten. \nDe Europese Commissie heeft onlangs de voorzieningszekerheid van medische radio-isotopen laten onderzoeken. Die studie concludeert dat het, ondanks de genoemde initiatieven, nodig is in de EU n\u00f3g een reactor te bouwen om de EU zelfvoorzienend te laten blijven en tekorten op wereldschaal te voorkomen. De studie wijst Pallas hiervoor aan als de gerede kandidaat om de benodigde productiecapaciteit in de komende decennia te garanderen. \nNederland is in de unieke positie dat een groot deel van de leveringsketen binnen eigen land aanwezig is: van onderzoek en ontwikkeling, via productie van radionucliden tot de verwerking daarvan tot radiofarmaceutische producten. Hierdoor heeft Nederland ook een goede positie om het land te blijven waar nieuwe radiofarmaceutische producten ontwikkeld worden. De nabijheid van academische ziekenhuizen, een reactor, gespecialiseerde laboratoria dragen daaraan bij. \nMocht de HFR sluiten zonder dat de Pallas-reactor wordt gerealiseerd, dan verliest Nederland haar positie binnen die leveringsketen. De kans is dan groot dat de radiofarmacie haar werk van Petten naar het buitenland zal verplaatsen. \nDaarnaast zal dit grote en negatieve gevolgen hebben voor de (lokale) werkgelegenheid in de nucleaire sector: een derde van de mensen die in Nederland in de nucleaire sector werken en ongeveer 1000 bij toeleveranciers zullen hun baan verliezen. De nucleaire kennisinfrastructuur zal hieronder lijden. Ook vervallen dan de diensten die vanuit Petten worden geleverd aan de nucleaire industrie, andere industrietakken en overheden. \n \nAanvulling \nIn Amerika wordt gebouwd aan het SHINE-project. Deze installatie is een gevorderd nieuwbouwproject voor het maken van onder meer molybdeen-99. \nSHINE heeft besloten om ook een vestiging in Europa te openen. Waar deze vestiging zal komen staat nog niet vast, dat zou in Nederland kunnen zijn. De Europese fabriek wordt een kopie van de Amerikaanse. SHINE geeft zelf aan dat deze tweede fabriek in Europa in 2025 al grote hoeveelheden molybdeen-99 op de markt zal kunnen brengen. Dit is mogelijk wat optimistisch. \n  \nNaast molybdeen-99 beoogt het SHINE-concept ook het radionuclide jodium-131 te leveren, dat is een therapeutisch radionuclide voor de behandeling van schildklierkanker. SHINE geeft zelf aan binnenkort lutetium(-177)chloride te kunnen leveren, waarbij het lutetium in reactoren wordt bestraald. Op de langere duur verwacht SHINE deze bestraling ook met hun eigen apparatuur te kunnen doen. \nWe verwachten niet dat met het SHINE-concept binnen tientallen jaren mogelijk zal zijn het hele palet aan reactor-geproduceerde medische radionucliden te maken. Het SHINE-concept is daarmee geen complete vervanging van een reactor die medische radionucliden maakt.","dc_identifier":"nl.oorg10123.2j.2019.491","dc_publisher":"oorg10123","dc_publisher_name":"Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu","dc_source":"https://www.rivm.nl/publicaties/marktontwikkeling-en-leveringszekerheid-voor-medische-radionucliden-aanvulling-op-rivm","dc_title":"Marktontwikkeling en leveringszekerheid voor medische radionucliden : Aanvulling op RIVM rapport 2019-0101 | RIVM","dc_type":"2j","dc_type_description":"2j - Onderzoek","foi_extraMetadata":{},"foi_fairiscoreVersions":{"v1":2,"v2":1},"foi_files":[{"dc_format":"application/pdf","dc_identifier":"nl.oorg10123.2j.2019.491.doc.1","dc_source":"https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2019-0183.pdf","dc_title":"Marktontwikkeling en leveringszekerheid voor medische radionucliden : Aanvulling op RIVM rapport 2019-0101 | RIVM","dc_type":"bijlage","foi_fairiscoreVersions":{"v1":2,"v2":1},"foi_fileName":"2019-0183.pdf","foi_nrPages":28}],"foi_isWoo":"Ja","foi_nrDocuments":1,"foi_nrPagesInDossier":28,"foi_page_title":"Onderzoek Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu","foi_publishedDate":"2019-09-30","foi_retrievedDate":"2024-12-01","tooiwl_type":"c_fdaee95e"},"resource":"nl.oorg10123.2j.2019.491"}
