{"infobox":{"dc_creator":"WooScraper_v1","dc_date_year":2025,"dc_description":"Het RIVM geeft elk jaar op kaarten aan hoeveel stikstof in Nederland op de bodem neerslaat (depositie). Ongeveer driekwart van de stikstofdepositie komt van ammoniak. Het is bekend dat er langs de kust een verschil van ongeveer 50 procent is tussen de gemeten en berekende concentraties van ammoniak. De berekeningen worden daarom gecorrigeerd, zodat ze beter aansluiten bij de metingen. Van een deel van de stikstofdepositie langs de kust is bekend van welke bronnen het komt. Het deel dat ontbreekt, werd toegeschreven aan de uitstoot van ammoniak uit zee. Maar deze uitstoot werd te hoog ingeschat.\n\nEerder toonde het RIVM al aan dat het verschil niet aan de metingen ligt en er geen grote bronnen ontbreken. Het RIVM onderzocht daarom of het rekenmodel de oorzaak kan zijn. Het heeft drie oorzaken gevonden, die een deel van het verschil verklaren.\n\nDe oorzaken hebben te maken met de gegevens waarmee het rekenmodel werkt en niet zozeer met het model zelf. Het gaat hierbij om de hoogte van de achtergrondconcentraties van ammoniak. Deze zijn opnieuw bepaald met een betere correctie naar de metingen. Hierdoor geven de nieuwe achtergrondkaarten een realistischer beeld van de ammoniakconcentraties langs de kust. Verder gaat het om een inschatting van de uitstoot van ammoniak uit zee. Ook deze is nu realistischer. Ten slotte gaat het om het gebruik van \n\nKNMI\n\n Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut\n\n (Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut)\n\n-meetstation Vlissingen, dat niet representatief blijkt te zijn voor de hele regio. Hiervoor zal een ander meetstation worden gebruikt (Westdorpe). Deze gegevens zijn inmiddels in het rekenmodel \n\nOPS\n\n Operationele Prioritaire Stoffen\n\n (Operationele Prioritaire Stoffen)\n\n aangepast.\n\nGemiddeld over de periode 2005-2021 wijken de modelberekeningen van de ammoniakconcentraties langs de kust nu ongeveer 40 procent af van de metingen. Landelijk is dit ongeveer 30 procent. Dit is v\u00f3\u00f3r de correctie van de modelberekeningen naar de metingen. Het RIVM sluit hiermee het onderzoek naar ammoniak van zee af. In het Nationaal Kennisprogramma Stikstof onderzoekt het RIVM samen met andere onderzoeksorganisaties hoe de modelberekeningen verder kunnen worden verbeterd.\n\nDit onderzoek is gedaan in opdracht van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (\n\nLVVN\n\n Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur\n\n\n (Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur\n)\n\n).","dc_identifier":"nl.oorg10123.2j.2025.38","dc_publisher":"oorg10123","dc_publisher_name":"Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu","dc_source":"https://www.rivm.nl/publicaties/eindrapport-ammoniak-van-zee-samenvatting-van-onderzoek-naar-onderschatting-van","dc_title":"Eindrapport Ammoniak van Zee. Samenvatting van het onderzoek naar de onderschatting van de ammoniakconcentraties langs de kust | RIVM","dc_type":"2j","dc_type_description":"2j - Onderzoek","foi_extraMetadata":{},"foi_fairiscoreVersions":{"v1":2,"v2":1},"foi_files":[{"dc_format":"application/pdf","dc_identifier":"nl.oorg10123.2j.2025.38.doc.1","dc_source":"https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2024-0095.pdf","dc_title":"Eindrapport Ammoniak van Zee. Samenvatting van het onderzoek naar de onderschatting van de ammoniakconcentraties langs de kust | RIVM","dc_type":"bijlage","foi_fairiscoreVersions":{"v1":2,"v2":1},"foi_fileName":"2024-0095.pdf","foi_nrPages":74}],"foi_isWoo":"Ja","foi_nrDocuments":1,"foi_nrPagesInDossier":74,"foi_page_title":"Onderzoek Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu","foi_publishedDate":"2025-03-11","foi_retrievedDate":"2025-03-11","tooiwl_type":"c_fdaee95e"},"resource":"nl.oorg10123.2j.2025.38"}
