{"infobox":{"dc_creator":"WooScraper_v1","dc_date_year":2026,"dc_description":"In Nederland wonen ongeveer 3,8 miljoen mensen die ouder zijn dan 65 jaar. Zij wonen bijna allemaal zelfstandig, ook op hoge leeftijd. De overheid stimuleert dat ouderen zo lang mogelijk thuis wonen, zo nodig ondersteund door mensen uit hun eigen omgeving of professionals. En waar mogelijk met hulp van digitale hulpmiddelen, zoals een alarmknop of hulp bij het gebruik van medicijnen. Deze doelen maken deel uit van het beleid Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO), dat sinds 2022 bestaat.\n\nHet RIVM brengt vanaf 2025 in kaart hoe het gaat met deze doelen. Onder andere wordt onderzocht hoe zelfredzaam ouderen zijn. Bijvoorbeeld of ze zelf dagelijkse taken kunnen uitvoeren, zoals zich aankleden, douchen en zelf eten.\n\nNa een wetswijziging in 2015 steeg het aantal ouderen dat zelfstandig woont, ook degenen van 85 jaar en ouder. Sinds 2017 blijven deze aantallen hetzelfde. Verder blijkt dat ouderen ongeveer even zelfredzaam zijn. Ook zijn ze ongeveer even tevreden over hun leven en hebben ze evenveel zorg nodig.\n\nEen geschikte woning, bijvoorbeeld zonder trap, is een belangrijke voorwaarde om zelfstandig te kunnen blijven wonen, maar is vaak lastig te vinden. Wel zijn er steeds meer initiatieven die ouderen helpen om langer thuis te blijven wonen, zoals nieuwe woonvormen, met bijvoorbeeld verschillende niveaus van zorg. Het RIVM wijst beleidsmakers en onderzoekers erop hier meer aandacht aan te geven, zodat ouderen langer thuis kunnen wonen.\n\nOuderen gebruiken steeds vaker digitale hulpmiddelen voor zorg, maar een groot deel doet dat niet. Zowel professionals als de ouderen zelf vinden digitale hulpmiddelen vooral handig als ze het leven echt makkelijker maken, bijvoorbeeld om medicijnen in te nemen of om contact te houden. Niet alle ouderen vinden digitale middelen fijn: sommigen hebben liever persoonlijk contact. Veel ouderen hebben er hulp bij nodig. Ondersteuning is daarom belangrijk.\n\nHet is belangrijk om beleid voor verschillende groepen ouderen te maken. Vooral ouderen met weinig contacten, een laag inkomen, een hoge leeftijd of geheugenproblemen hebben extra hulp nodig.\n\nHet RIVM maakte de monitor en rapportage in opdracht van \n\nVWS\n\n Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport\n\n (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport)\n\n.","dc_identifier":"nl.oorg10123.2j.2026.12","dc_publisher":"oorg10123","dc_publisher_name":"Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu","dc_source":"https://www.rivm.nl/publicaties/monitor-ouderenzorg","dc_title":"Monitor ouderenzorg: beweging in de samenleving. Zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan | RIVM","dc_type":"2j","dc_type_description":"2j - Onderzoek","foi_extraMetadata":{},"foi_fairiscoreVersions":{"v1":2,"v2":1},"foi_files":[{"dc_format":"application/pdf","dc_identifier":"nl.oorg10123.2j.2026.12.doc.1","dc_source":"https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2025-0103.pdf","dc_title":"Monitor ouderenzorg: beweging in de samenleving. Zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan | RIVM","dc_type":"bijlage","foi_fairiscoreVersions":{"v1":2,"v2":1},"foi_fileName":"2025-0103.pdf","foi_nrPages":104}],"foi_isWoo":"Ja","foi_nrDocuments":1,"foi_nrPagesInDossier":104,"foi_page_title":"Onderzoek Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu","foi_publishedDate":"2026-01-22","foi_retrievedDate":"2026-01-23","tooiwl_type":"c_fdaee95e"},"resource":"nl.oorg10123.2j.2026.12"}
