<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>m UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 
College van Bestuur Juridische Zaken 
Aan Spui 21 
1012 WX Amsterdam 
Postbus 19268 
1000 GG Amsterdam 
www.uva.nl 
Per e-mail: 
Datum 
30 januari 2019 
E-mail Telefoon Uwkenmer1( 
Bijlage 
div. Ons kenmerk 
2019-00867 6 
Onderwerp 
Uw Wob-verzoek 
Geachte 
1. Verzoek 
Bij schrijven van 14 november 2018, door ons op 15 november 2018 ontvangen, heeft u met beroep 
op de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob) een verzoek om informatie ingediend. 
Uw verzoek richt zich tot de conclusies van een onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag van een 
hoogleraar op de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. 
U verzoekt specifiek om openbaarmaking van: 
" 1. Het door Bezemer Kuiper & Schubad na feitenonderzoek opgestelde rapport over de 
gedragingen van de hoogleraar; 
2. meldingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag door de betreffende hoogleraar in de 
periode van 1 januari 2002 tot heden, ex nunc; 
3. correspondentie tussen de decanen van de Faculteit des Rechtsgeleerdheid in deze periode, te 
weten achtereenvolgens prof mr. Jit Peters, prof mr. Edgar du Perron en 
prof mr. André Nollkaemper, en relevante gremia met betrekking tot meldingen over en het 
fa.nctioneren van de betreffende hoogleraar; 
4. correspondentie over de naar aanleiding van de constateringen in het rapport getroffen 
maatregelen tussen de relevante gremia." 
U vermeldt hierbij "Relevante gremia zijn in deze onder meer, maar niet uitsluitend: de 
vertrouwenspersonen, de afdeling Human Resources en het College van Bestuur, de personen die de 
melding(en) hebben gedaan en de betreffende hoogleraar". 
Voorts verzoekt u " ... om onderdeel van de beslissing te laten zijn een inventarislijst met daarop alle 
onder de reikwijdte van dit verzoek vallende documenten bij of onder u [de UvA], met daarbij per 
document: verstrekt/geheel geweigerd/gedeeltelijk geweigerd; en per weigering de grond, de 
motivering en de weging ten opzichte van het algemeen belang." 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>m UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 
Ons kenmerk 
2019-00867 6 
Bij brief van 19 november 2018, met kenmerk 2018cu 1070, is de ontvangst van uw Wob-verzoek 
bevestigd. Bij brief van 10 december 2018, met kenmerk 2018cu 1192 is de beslissing op uw verzoek 
met vier weken verdaagd. Bij brief van 9 januari 2019, met kenmerk 2019cu0024, hebben wij u 
medegedeeld dat de zienswijze van betrokkenen is opgevraagd en is de beslistermijn op grond van 
artikel 6, derde lid, van de Wob opgeschort. 
2. Wettelijk kader 
Artikel 3, eerste lid, van de Wob luidt: "Een ieder kan een verzoek om informatie neergelegd in 
documenten over een bestuurlijke aangelegenheid richten tot een bestuursorgaan of een onder 
verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan werkzame instelling, dienst of bedrijf." 
Ingevolge artikel 3, vijfde lid, van de Wob wordt een verzoek om informatie ingewilligd met 
inachtneming van het bepaalde in de artikelen 10 en 11 van de Wob. 
Op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en ondereen g van de Wob, blijft het verstrekken van 
informatie achterwege wanneer verstrekking leidt tot het niet eerbiedigen van de persoonlijke 
levenssfeer (e) dan wel een onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid 
betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden (g). 
Op grond van artikel 11, eerste lid van de Wob wordt geen informatie verstrekt over persoonlijke 
beleidsopvattingen die zijn opgenomen in documenten opgesteld voor intern beraad. Op grond van 
het tweede lid kan over persoonlijke beleidsopvattingen "met het oog op goede en democratische 
bestuursvoering" informatie worden verstrekt in niet tot personen herleidbare vorm. 
In artikel 1 aanhef en sub c, van de Wob wordt "intern beraad" gedefinieerd als: "het beraad over een 
bestuurlijke aangelegenheid binnen een bestuursorgaan, dan wel binnen een kring van 
bestuursorganen in het kader van de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een bestuurlijke 
aangelegenheid". 
In artikel 1 aanhef en sub f, van de Wob wordt "persoonlijke beleidsopvatting" gedefinieerd als: "een 
opvatting, voorstel, aanbeveling of conclusie van een of meer personen over een bestuurlijke 
aangelegenheid en de daartoe door hen aangevoerde argumenten". 
3. Overwegingen 
U heeft verzocht om documenten betreffende een onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag op de 
Faculteit der Rechtsgeleerdheid. Daarbij heeft u in 4 punten uw verzoek gespecificeerd. 
U verzoekt om het door Bezemer Kuiper & Schubad na feitenonderzoek opgestelde rapport over de 
gedragingen van de hoogleraar. U heeft verzocht om alle meldingen over seksueel 
grensoverschrijdend gedrag door de betreffende hoogleraar in de periode van 1 januari 2002 tot 
heden, ex nunc. Daarnaast verzoekt u om correspondentie tussen de decanen van de Faculteit der 
Rechtsgeleerdheid in deze periode, en relevante gremia met betrekking tot meldingen over en het 
functioneren van de betreffende hoogleraar. Voorts heeft u verzocht om correspondentie over de 
naar aanleiding van de constateringen in het rapport getroffen maatregelen tussen de relevante 
gremia. U heeft daarbij aangegeven dat u de documenten - indien nodig - met weglating van de 
persoonsgegevens wenst te ontvangen. Indien sprake is van persoonlijke beleidsopvattingen in 
documenten bestemd voor intern beraad verzoekt u om ambtshalve beperkte samenvattingen. 
Pagina 2 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>m UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 
Ons kenmer1<. 
2019-00867 6 
Het door u gevraagde rapport wordt niet openbaar gemaakt, primair met een beroep op artikel 11, 
tweede lid, van de Wob. Het rapport betreft een vertrouwelijk intern onderzoek, uitgevoerd door het 
bureau Bezemer Kuiper & Schubad, en is bedoeld voor oordeelsvorming van het 
College van Bestuur. Het rapport is opgesteld met het oogmerk van intern beraad en bevat 
persoonlijke beleidsopvattingen. Zoals door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 
(hierna: de Afdeling) eerder is overwogen kunnen ook documenten afkomstig van derden die niet tot 
de kring van de overheid behoren, worden aangemerkt als zodanige documenten, en is in dergelijke 
gevallen het oogmerk van het stuk bepalend (ECLI:NL:RVS:2002:AE5453, m.nt. E.J.Daalder; 
ECLI:NL:RVS:2016:3376, m.nt. P.J. Stalk). 
Voor zover het rapport feiten bevat zijn deze zodanig met de in het rapport verwoorde persoonlijke 
beleidsopvattingen verweven dat het niet mogelijk is deze feiten en opvattingen los van elkaar te 
zien. Het rapport is vertrouwelijk, zeer beperkt intern gedeeld en niet openbaar gemaakt. 
Op grond van het rapport is een nieuwsbericht gepubliceerd op de openbare website van de UvA, 
waarin de conclusies van het rapport zijn omschreven, alsmede de maatregelen die het 
College van Bestuur en de decaan naar aanleiding van de conclusies hebben getroffen dan wel gaan 
treffen. 
Openbaarmaking van het rapport wordt subsidiair geweigerd op grond van artikel I 0, tweede lid, 
aanhef en ondereen g van de Wob. Het rapport bevat naast persoonlijke beleidsopvattingen bestemd 
voor intern beraad, gedetailleerde samenvattingen van de vertrouwelijke gesprekken die het bureau 
Bezemer Kuiper & Schubad heeft gevoerd in het kader van het onderzoek. De gespreksverslagen zelf 
vormen een bijlage bij het rapport. De samenvattingen en gespreksverslagen zien op persoonlijke 
ervaringen van de geïnterviewden met en visie op het functioneren van de betrokken hoogleraar. ln 
onderhavige zaak komen de gespreksverslagen naar aard en onderwerp in hoge mate overeen, zodat 
het College van Bestuur niet voor ieder document afzonderlijk een afweging heeft gemaakt. Dit zou 
leiden tot herhalingen die geen redelijk doel dienen. 
Aan de geïnterviewden is vertrouwelijkheid met betrekking tot de gehouden interviews toegezegd. 
Daarbij is verwezen naar het gespreksprotocol dat door Bezemer Kuiper & Schubad in dergelijke 
onderzoeken gehanteerd wordt. Ook is in alle communicatie, zowel op de website als naar de 
geïnterviewden, medewerkers van de faculteit en de vertrouwenspersonen vermeld dat over de 
inhoud van het rapport geen verdere mededelingen kunnen worden gedaan, in het belang van de 
privacy van alle betrokkenen. 
Het betreft een beperkte groep geïnterviewden, waarbij door de gedetailleerde aard van de 
verklaringen de identiteit van betrokkenen snel duidelijk kan worden, vooral indien deze in onderling 
verband of in samenhang met andere bronnen worden bezien. Het belang van eerbiediging van de 
persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen dient zwaarder te wegen dan het publieke belang van 
openbaarheid. 
Openbaarmaking van het rapport zal tot onevenredige benadeling van de medewerkers en studenten 
van de UvA leiden en belemmerend werken om in onderzoeken als dit in de toekomst betrokkenen 
of getuigen bereidwillig te vinden tot het doen van meldingen en het meewerken aan onderzoek, 
waardoor (vermeend) grensoverschrijdend gedrag moeilijker onderzocht kan worden. Potentieel 
betrokkenen zullen minder bereidwillig zijn om mee te werken dan wel terughoudend zijn in hun 
mededelingen. De Afdeling heeft eerder (inzake een rapport over een integriteitsonderzoek) 
geoordeeld dat het voorkomen van een dergelijke belemmerende werking en de gevolgen daarvan 
zijn aan te merken als een belang als bedoeld in artikel I 0, tweede lid, aanhef en onder g van de Wob 
(ECLI:NL:RVS: 2012:BX1817, m.nt. P.J. Stalk). 
Pagina 3 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>m UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 
Ons kenmerk 
2019-008676 
Recent heeft de Afdeling geoordeeld dat openbaarmaking van gespreksverslagen van een 
klachtencommissie leidt tot een onevenredige benadeling van dat orgaan, nu een goede 
klachtenbehandeling in het gedrang kan komen wanneer men dient te vrezen voor openbaarmaking 
van uitlatingen in de klachtenprocedure (ECLI:NL:RVS:2018:2143). Daarbij is expliciet overwogen 
dat het aannemelijk is dat betrokkenen minder bereidwillig zijn om vrijuit over hun bevindingen te 
verklaren als zij er rekening mee moeten houden dat hun verklaringen in de openbaarheid worden 
gebracht. Hiermee raakt het goed functioneren van het publiekrechtelijk lichaam, in casu de UvA, in 
het geding. Ook in dit onderzoek en voor dit rapport is dit van toepassing. Immers zullen 
medewerkers en studenten grensoverschrijdend gedrag niet meer willen melden, waardoor het 
College van Bestuur van de UvA geen gepaste maatregelen kan nemen en een goede behandeling 
van meldingen en klachten over (vermeend) grensoverschrijdend gedrag in het gedrang komt. Het 
belang van het College van Bestuur van de UvA dient dan ook zwaarder te wegen dan het belang van 
openbaarmaking. 
Uw verzoek om openbaarmaking van meldingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag door de 
betreffende hoogleraar wordt op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en ondereen g van de Wob 
afgewezen. Het College van Bestuur heeft hierbij een belangenafweging gemaakt tussen uw verzoek 
en het welzijn van alle personen die bij dit onderzoek betrokken zijn geweest. Daarbij is expliciet 
overwogen dat ook hier geldt dat het aannemelijk is dat betrokkenen minder bereidwillig zijn om 
vrijuit over hun bevindingen te verklaren als zij er rekening mee moeten houden dat hun meldingen 
in de openbaarheid worden gebracht. Hiermee raakt het goed functioneren van de UvA in het geding. 
Immers zullen medewerkers en studenten grensoverschrijdend gedrag niet meer willen melden, 
waardoor het College van Bestuur van de UvA geen gepaste maatregelen kan nemen en een goede 
behandeling van meldingen in het gedrang komt. Het belang van studenten en medewerkers, en het 
College van Bestuur, van de UvA (ook met het oog op eventuele toekomstige zaken) dient daarom 
zwaarder te wegen dan het belang van openbaarmaking. 
Conform vaste jurisprudentie (zie bijvoorbeeld ECLI:NL:RVS:2018:466) kunnen verzoekers op 
grond van de bepalingen van de Wob bestuursorganen niet verplichten gegevens, die zij niet te 
hunner beschikking hebben, te vergaren, te bewerken of daarover stukken op te stellen, ongeacht de 
mate van inspanning. Correspondentie in de door u genoemde periode tussen de decanen van de 
Faculteit der Rechtsgeleerdheid en relevante gremia, met betrekking tot meldingen over en het 
functioneren van de betreffende hoogleraar, is niet aanwezig en wijst het College om deze reden af. 
Voorts heeft u verzocht om correspondentie over de naar aanleiding van de constateringen in het 
rapport getroffen maatregelen tussen de relevante gremia. Beoordeling heeft geleid tot de volgende 
documenten: 
a. bericht van de decaan van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid over afronding van het onderzoek, 
zoals verzonden aan de geïnterviewden; 
b. bericht van de decaan van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid over het onderzoek, zoals 
verzonden aan de medewerkers van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid; 
c. bericht van de directeur bedrijfsvoering van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid over afronding 
van het onderzoek, aan de vertrouwenspersonen van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid; 
d. korte update van de directeur bedrijfsvoering van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, aan de 
medewerkers van de desbetreffende afdeling. 
Pagina 4 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>m UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 
Ons kenmerk 
2019-008676 
In de documenten zijn namen van ambtenaren en contactgegevens weggelakt. Deze gegevens 
worden niet openbaar gemaakt in verband met de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer, zoals 
bedoeld in artikel 10, tweede lid, aanhef en onder e, van de W ob. Het belang van bescherming van 
deze persoonsgegevens weegt zwaarder dan openbaarmaking van deze gegevens nu het niet 
openbaar maken van deze gegevens niet de informatie raakt waarom u in uw Wob-verzoek heeft 
verzocht. Het weglaten van bovengenoemde gegevens maakt de informatie die u in uw Wob-verzoek 
vraagt niet anders, terwijl openbaarmaking van deze gegevens zou leiden tot een onevenredige 
inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van betrokkenen, nu zij verder geen publieke functie 
uitoefenen (zie ook: ECLI:NL:RVS:2007:BA9807). 
Het openbaar maken van verdere interne correspondentie wijst het College af, met een beroep op 
artikel 11, eerste lid van de Wob. Dit betreft e-mailberichten die naar hun aard bestemd zijn voor 
intern verkeer. Deze zijn bedoeld voor intern beraad en bevatten persoonlijke beleidsopvattingen. 
Voor zover deze e-mailberichten feiten bevatten zijn deze zodanig verweven met de in de e­ 
mailberichten verwoorde persoonlijke beleidsopvattingen dat het niet mogelijk is deze feiten en 
opvattingen los van elkaar te zien. Omdat de e-mailberichten naar aard en onderwerp in hoge mate 
overeenkomen heeft het College niet voor ieder document afzonderlijk een afweging gemaakt. Dit 
zou leiden tot herhalingen die geen redelijk doel dienen. Voor wat betreft de correspondentie met de 
advocaat heeft de Afdeling eerder bepaald dat geen onderscheid gemaakt kan worden tussen 
persoonlijke beleidsopvattingen en juridische opvattingen over een zaak (ECLI:NL:RVS:2002:AE 
5453, m.nt. E.J. Daalder; ECLI:NL:RVS:2016:3376, m.nt. P.J. Stolk). 
Overigens is nadere informatie over de getroffen dan wel te treffen maatregelen reeds openbaar 
gemaakt in het eerder vermelde nieuwsbericht op de openbare website van de UvA (www.uva.nl). 
Gelet op de aard en inhoud van het rapport en de e-mailberichten bedoeld voor intern beraad heeft 
het College geen gebruik gemaakt van de bevoegdheid ex artikel 11, tweede lid van de Wob. 
Tot slot heeft u verzocht om een inventarislijst waarop per document wordt aangegeven of het 
verstrekt, gedeeltelijk geweigerd, of geheel geweigerd is. Zoals reeds aangegeven is het vaste 
jurisprudentie dat de Wob geen verplichting bevat om gegevens te vervaardigen die niet in bestaande 
documenten zijn neergelegd. De Wob verplicht bestuursorganen dan ook niet om een inventarislijst 
op te maken, ook niet wanneer de verzoeker daar expliciet om vraagt. Uw verzoek om een 
inventarislijst wijzen wij daarom af. 
4. Kopieerkosten 
Conform het tweede lid van de Regeling kopieerkosten bij een verzoek op grond van de Wet 
openbaarheid van bestuur Universiteit van Amsterdam bedraagt de vergoeding voor het verstrekken 
van minder dan 6 kopieën, € 0,00. 
Dit Wob-verzoek betreft het verstrekken van 4 kopieën van documenten. Derhalve bedraagt de 
verschuldigde vergoeding€ 0,00. 
5. Besluit 
Het College van Bestuur besluit: 
1. uw verzoek toe te wijzen, voor wat betreft de documenten a t/m d, met inachtneming van artikel 
10, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wob, en voor het overige af te wijzen met een beroep 
op artikel 11, eerste lid van de Wob dan wel op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder 
een g van de Wob; 
Pagina 5 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>m UNIVERSITEIT VAN AMSTERDAM 
Ons kenmerk 
2019-008676 
2. uw verzoek af te wijzen voor zover de door u gevraagde gegevens niet in documenten is 
neergelegd; 
3. geen verschuldigde vergoeding vast te stellen voor kopieën van documenten. 
Hoogachtend, 
hPt rnllE~o-P. van Bestuur, 
./'f>rof. dr. Geert T.M. ten Dam, 
voorzitter 
Tegen deze beslissing kunt u binnen 6 weken na verzending van deze beslissing bezwaar instellen bij het 
College van Bestuur van de Universiteit van Amsterdam, t.a.v. Juridische Zaken, Postbus 19268, 1000 GG Amsterdam. Uw 
bezwaarschrift dient ondertekend te zijn en bevat ten minste uw naam, adres, datum, gronden van het bezwaar en een 
omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt of een afschrift van het besluit waartegen het bezwaar zich 
richt. 
Pagina 6 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>a. 
Geachte heer/mevrouw, 
In de afgelopen periode bent u benaderd door bureau Bezemer Kuiper & Schubad om gehoord 
te worden in een onderzoek waarvan ik opdrachtgever was. Nu het onderzoek is afgerond, wil 
ik u danken voor uw bereidheid om met de onderzoekscommissie in gesprek te gaan. Ik heb 
bureau Bezemer Kuiper & Schubad gevraagd om deze email aan u door te sturen omdat ik geen 
contactgegevens heb van de personen die de commissie interviewde. Bovendien ken ik niet alle 
namen van deze personen, een aantal heeft aangegeven anoniem te willen blijven maar is wel 
bekend bij bureau Bezemer Kuiper & Schubad. 
Vorige week heb ik het onderzoeksrapport ontvangen. Over de inhoud van het rapport kan ik 
geen verdere mededelingen doen, dit is in het belang van de privacy van alle betrokkenen. Wel 
wil ik wijzen op een kort bericht op de UvA website waarin wordt aangegeven dat de betrokken 
hoogleraar niet zal terugkeren bij de UvA. 
Mocht u, ondanks het feit dat ik niet kan ingaan op de inhoud van het rapport, toch behoefte 
hebben aan nader contact over deze zaak, dan sta ik hiervoor open. U kunt contact opnemen 
met mij (06- . ) of met ., Directeur Bedrijfsvoering van de FdR (06- ). 
Met vriendelijke groet, 
André Nollkaemper 
Decaan FdR 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>From: 
Sent: 
To: 
Subject: decaan-fdr 
woensdag 7 november 2018 15:39 
Medewerkers-FDR 
Bericht van de decaan i.v.m. extern onderzoek 
Categories: 
Beste collega's, 
Midden juni ontving ik verontrustende meldingen over mogelijk grensoverschrijdend gedrag van een aan 
onze faculteit verbonden hoogleraar. Naar aanleiding van deze meldingen heb ik een onafhankelijk extern 
bureau gevraagd om zorgvuldig feitenonderzoek te doen. In de afgelopen maanden heeft dit 
bureau gesproken met een groot aantal betrokkenen en met de betrokken hoogleraar zelf. Afgelopen 
woensdag ontving ik het rapport. Ik ben geschrokken van de bevindingen. 
Het bureau constateert dat er sprake is geweest van grensoverschrijdend gedrag. In het onderzoek is ook 
naar boven gekomen dat er, gedurende een langere periode, in de sectie een gevoel van onveiligheid heeft 
geheerst. De feiten en conclusies van het rapport zijn voor mij en het College van Bestuur zo zwaarwegend 
dat is besloten dat de hoogleraar niet zal terugkeren op onze faculteit. Daarop heeft deze zelf besloten 
ontslag te nemen. De academische kwaliteiten van de betrokken hoogleraar staan niet ter discussie. 
De medewerkers van de betrokken sectie heb ik persoonlijk op de hoogte gesteld. Over de inhoud van het 
rapport zullen verder geen mededelingen worden gedaan in het belang van de privacy van alle 
betrokkenen. 
Ik vind het belangrijk dit besluit met jullie te delen omdat de inhoud van het rapport verder strekt dan de 
rol van de betrokken hoogleraar. Het is onacceptabel dat er binnen onze academische gemeenschap 
plekken zijn waar een cultuur heerst waarin medewerkers zich niet veilig voelen. Wij moeten er allemaal 
vanuit kunnen gaan dat de faculteit, in het bijzonder de leidinggevenden, adequaat reageert op signalen. 
Ik neem de bevindingen van de commissie hoog op. In de betrokken sectie zal ik interim-management 
aanstellen en een proces organiseren om de arbeidsverhoudingen te normaliseren. Ook zal ik waar nodig 
faculteitsbreed nadere maatregelen nemen ter bescherming van sociale veiligheid, in aanvulling op de 
bestaande voorzieningen zoals de vertrouwenspersonen. Ik zal ook met alle afdelingsvoorzitters 
persoonlijk bespreken hoe zij ervoor zorgen dat binnen hun afdeling geen signalen gemist worden en hoe 
op signalen gereageerd wordt. We moeten gezamenlijk een klimaat creëren waarin sociale veiligheid in de 
hele faculteit is gewaarborgd, waarin we met zorg met elkaar omgaan, reageren op signalen en elkaar 
bescherming bieden als de situatie daarom vraagt. 
Ik kan mij voorstellen dat je vragen hebt naar aanleiding van deze email, dat je iets wilt melden, of 
behoefte hebt aan een gesprek. Aarzel niet om daarover contact met mij te zoeken, met directeur 
bedrijfsvoering , of met je leidinggevende. Ik breng hier ook nadrukkelijk het netwerk van circa 
twintig UvA-vertrouwenspersonen onder je aandacht. 
Met vriendelijke groet, 
André Nollkaemper 
Decaan 
1 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>c. 
From: 
Sent: 
To: woensdag 7 november 2018 15:53 
Subject: onderzoek FdR 
Categories: 
Beste UvA vertrouwenspersonen, 
Op 17 juli 2018 ontvingen de UvA vertrouwenspersonen onderstaande email van mij. Nu het onderzoek is afgerond, 
wil ik jullie graag (vertrouwelijk) verder informeren. De belangrijkste conclusie uit het onderzoeksrapport is dat er bij 
een hoogleraar die aan de FdR is verbonden, sprake is geweest van grensoverschrijdend gedrag. In een email die 
vandaag naar alle medewerkers van de faculteit zal worden verstuurd, geeft de decaan aan: "De feiten en conclusies 
van het rapport zijn voor mij en het College van Bestuur zo zwaarwegend dat is besloten dat de hoogleraar niet zal 
terugkeren op onze faculteit. Daarop heeft deze zelf besloten ontslag te nemen. De academische kwaliteiten van de 
betrokken hoogleraar staan niet ter discussie.De medewerkers van de betrokken sectie heb ik persoonlijk op de 
hoogte gesteld. Over de inhoud van het rapport zullen verder geen mededelingen worden gedaan in het belang van 
de privacy van alle betrokkenen." 
We hebben de direct betrokken collega's en ook alle medewerkers van de faculteit opnieuw nadrukkelijk gewezen 
op de mogelijkheid om met een UvA vertrouwenspersoon contact op te nemen. Het leek me goed om jullie hierover 
actief te informeren zodat jullie iets van de achtergrond weten indien er een beroep op jullie zou worden gedaan. Er 
verschijnt vandaag een kort bericht op de UvA website. 
Met vriendelijke groet, 
directeur bedrijfsvoering FdR 
I Directeur bedrijfsvoering I Faculteit der Rechtsgeleerdheid I Universiteit van Amsterdam I 
Roeterseilandcampus, gebouw A I Nieuwe Achtergracht 166, 1018 WV Amsterdam I Postbus 15544, 
1001 NA Amsterdam IT +31 (0)20 525 IE · www.uva.nl 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>From: 
Sent: 
To: 
Cc: 
Subject: dinsdag 13 november 2018 15:56 
I\Jo11kaemper, André; 
korte update 
Categories: 
Beste collega's, 
Vorige week heeft de decaan aangegeven dat er op korte termijn een interim zal worden 
aangesteld. Omdat er nog even iets meer tijd nodig is om dat te regelen, is aan - ·· gevraagd om in de 
tussentijo , waar te nemen. Ik hoop jullie op korte termijn verder te kunnen informeren. 
In aanvulling op mijn eerdere bericht daarover: morgen (woensdag) tussen 14 en 16 uur zullen verhuizers de 
boeken, e.d. van komen inpakken en verhuizen. 
Hartelijke groet, 
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>