<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020
          Adviescommissie bezwaarschriften van de Kansspelautoriteit


          Advies inzake de bezwaarschriften van de mevrouw [persoon 1] (hierna:
          bezwaarmaakster), eigenaresse van Kelner Automaten Service, tegen het besluit van 26
          november 2019, kenmerk 13468/01.064.787, tot het opleggen van een bestuurlijke
          boete van € 11.056,- en tegen het besluit van 26 november 2019, kenmerk
          13468/01.064.788, tot openbaarmaking van het besluit tot oplegging van de bestuurlijke
          boete.

          1. Procedureverloop

          1. Uit de stukken en het behandelde ter hoorzitting is de Adviescommissie
            bezwaarschriften van de Kansspelautoriteit (hierna: de commissie) – samengevat –
            het volgende gebleken.

          2. Bezwaarmaakster is eigenaresse van de eenmanszaak Kelner Automaten Service. Bij
            besluit van 20 oktober 2016 is de exploitatievergunning, zoals bedoeld in artikel 30h
            van de Wok, van bezwaarmaakster ingetrokken. Bezwaarmaakster mocht gelet op
            deze intrekking geen speelautomaten exploiteren.

          3. Uit diverse onderzoeken is gebleken dat bezwaarmaakster ondanks de intrekking is
            doorgegaan met de exploitatie van speelautomaten. De bevindingen van deze
            onderzoeken zijn weergegeven in een rapport als bedoeld in artikel 5:48 van de
            Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) van 22 juli 2019 en het besluit van 26
            november 2019 tot oplegging van een bestuurlijke boete (hierna: het sanctiebesluit).

          4. Bezwaarmaakster is in de gelegenheid gesteld ter hoorzitting van 17 september 2019
            een zienswijze te geven op het rapport. Zij heeft van die gelegenheid gebruik
            gemaakt. Namens bezwaarmaakster zijn gemachtigde [advocaat 1] en de heer
            [persoon 2] op de hoorzitting verschenen. Zij hebben een zienswijze gegeven.1 Bij
            brief van 30 september 2019 zijn namens bezwaarmaakster nadere stukken
            ingediend.2

          5. De raad van bestuur heeft bij besluit van 26 november 2019 een boete opgelegd van
            € 11.056, wegens het exploiteren van meerdere speelautomaten, terwijl daarvoor
            geen (geldige) vergunning was afgegeven.3 Daarmee handelde bezwaarmaakster in
            strijd met artikel 30h, eerste lid, van de Wok.

          6. Eveneens bij besluit van 26 november 2019 heeft de raad van bestuur bepaald dat
            het sanctiebesluit openbaar gemaakt zou worden.4 Het sanctiebesluit is op 14 februari






          1 Stuk 13468/01.062.650.
          2 Stuk 13468.001/01.062.657.
          3 Stuk 13468/01.064.787.
          4 Stuk 13468/01.064.788.
                                                                       1</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020
            2020, na de uitspraak van de voorzieningenrechter van 12 februari 2020, openbaar
            gemaakt door publicatie op de website van de Kansspelautoriteit.5

          7. Bij brief van 13 december 2019 is namens bezwaarmaakster bezwaar gemaakt tegen
            het besluit tot openbaarmaking.6 Bij brief van 8 januari 2020 is namens
            bezwaarmaakster bezwaar gemaakt tegen het sanctiebesluit.7 De gronden van
            bezwaar zijn aangevuld bij brieven van 5 februari 2020.8

          8. Bezwaarmaakster is in de gelegenheid gesteld om tijdens een hoorzitting op 9 maart
            2020 de bezwaarschriften mondeling toe te lichten. Zij heeft van die gelegenheid
            gebruik gemaakt. Namens bezwaarmaakster is de gemachtigde [advocaat 1] ter
            hoorzitting verschenen.9 Bij brief van 9 maart 2020 zijn namens bezwaarmaakster
            nadere stukken ingediend.10

          9. Tijdens deze hoorzitting van 9 maart 2020 zijn tevens de bezwaren gericht tegen het
            besluit tot weigering van exploitatievergunning mondeling toegelicht. De commissie
            zal deze bezwaren in een apart advies behandelen.

          10. Van de hoorzitting is een verslag opgesteld dat op 18 maart 2020 naar de
            gemachtigde van bezwaarmaakster is toegezonden.11 De gemachtigde heeft geen
            gebruik gemaakt van de mogelijkheid om te reageren op het verslag.

          2. Bezwaargronden

          11. In de bezwaarschriften en tijdens de hoorzitting op 9 maart 2020 is het volgende
            aangevoerd:

          A. Ten aanzien van het besluit tot oplegging van een boete

            a. De exploitatie van de speelautomaten is overgedragen aan [bedrijf 1] in elk geval
               met ingang van 1 juli 2018, maar in feite ook al met ingang van 1 augustus 2017.
               De overtreding is dus van kortere duur en loopt maximaal tot 1 augustus 2017;
            b. Er bestaat onevenredigheid tussen de opgelegde boete en de overtreding;
            c. Bezwaarmaakster is niet in staat om de boete te voldoen.

          B. Ten aanzien van het besluit tot openbaarmaking

            a. De handelsnaam “Kelner Automaten Service” is ten onrechte openbaar gemaakt;
            b. De Kansspelautoriteit handelt in strijd met haar eigen beleid, nu zij alleen namen
               en adresgegevens van rechtspersonen openbaar maakt. Bezwaarmaakster is een


          5 Uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Utrecht van 12 februari 2020,
          ECLI:NL:RBMNE:2020:494. Bij deze uitspraak heeft de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige
          voorziening te treffen ter voorkoming van onmiddellijke openbaarmaking van het sanctiebesluit afgewezen.
          6 Stuk 13468/01.066.232.
          7 Stuk 13468/01.066.700.
          8 Stuk 13468/001/01.068.034 en 13468.002/01.068.035.
          9 Stuk 13468.001/01.069.830 en 13732/01.069.831.
          10 Stuk 13468.001/01.069.658
          11 Stuk 13468/01.069.873
                                                                       2</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020
               natuurlijk persoon en dat is niet anders als zij een handelsnaam voert.
               Bezwaarmaakster kan niet worden gelijkgesteld met een rechtspersoon;
            c. De openbaarmaking brengt bezwaarmaakster nodeloze schade toe;
            d. De openbaarmaking treft geen redelijk doel.
            e. Gelet op de geringere ernst van het feit had de belangenafweging ertoe moeten
               leiden dat er van openbaarmaking wordt afgezien.

          3. Juridisch kader

          12. Voor het juridisch kader verwijst de commissie naar bijlage 1 bij het sanctiebesluit.

          4. Overwegingen commissie

          4.1.1 Ten aanzien van de ontvankelijkheid van bezwaarmakers

          13. De bezwaarschriften zijn tijdig ingediend en voldoen ook overigens aan alle vereisten
            voor ontvankelijkheid.

          4.2. Ten aanzien van het bezwaar tegen het sanctiebesluit

          14. De commissie overweegt allereerst dat uit het primaire besluit voldoende blijkt dat
            bezwaarmaakster speelautomaten heeft geëxploiteerd zonder vergunning en dat er
            daarom sprake is geweest van een overtreding van artikel 30h, eerste lid van de
            Wok.

          15. Tijdens de hoorzitting van 9 maart 2020 is ook niet ontkend dat sprake is geweest
            van een dergelijke overtreding. Bezwaarmaakster heeft echter aangevoerd dat de
            overtreding beperkt is tot de periode van 20 oktober 2016 tot en met 1 augustus
            2017, omdat de exploitatie van de speelautomaten in feite al aan [bedrijf 1] is
            overgedragen met ingang van 1 augustus 2017.

          16. Tijdens de hoorzitting is aangeven dat bezwaarmaakster op 25 juli 2017 een
            overeenkomst heeft gesloten met [bedrijf 3]. om haar automaten over te dragen. Ze
            was bezig met het overdragen van speelautomaten, maar slordigheid speelde haar
            parten en in januari 2018 heeft [bedrijf 3] laten weten de overeenkomst te willen
            ontbinden. In januari 2018 heeft bezwaarmaakster vervolgens gesprekken gevoerd
            met [bedrijf 1] om de exploitatie over te nemen. In juli 2018 heeft de overdracht aan
            [bedrijf 1] plaatsgevonden.

          17. De commissie overweegt dat op grond van artikel 30h, tweede lid van de Wok onder
            exploiteren wordt verstaan: het bedrijfsmatig én als eigenaar gebruiken, of aan een
            ander in gebruik geven van een of meer speelautomaten. Uit het dossier volgt dat
            bezwaarmaakster op 25 juli 2017 een overeenkomst heeft gesloten met [bedrijf 3] en
            dat deze overeenkomst bij brief van 4 januari 2018 door [bedrijf 3] is opgezegd. Uit
            het dossier blijkt tevens dat bezwaarmaakster in juli 2018 opnieuw een overeenkomst
            heeft gesloten tot overdracht van de speelautomaten, dit keer met [bedrijf 1].
            Bovendien blijkt uit verschillende verklaringen in het dossier dat de speelautomaten
            per 1 juli 2018 zijn overgedragen. De verklaring van bezwaarmaakster, dat de
            speelautomaten al met ingang van 1 augustus 2017 zijn overgedragen aan [bedrijf
            1], is gelet op het voorgaande niet aannemelijk. Op 1 augustus 2017 had

                                                                       3</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020
            bezwaarmaakster immers een overeenkomst met [bedrijf 3] en deze overeenkomst
            was toen nog maar enkele dagen oud. De commissie overweegt dat bezwaarmaakster
            in elk geval tot en met juni 2018 bedrijfsmatig en als eigenaar heeft kunnen
            beschikken over de speelautomaten: de overeenkomst met [bedrijf 3] is volgens haar
            zeggen uiteindelijk niet doorgegaan en vervolgens heeft zij in juni 2018 een
            overeenkomst kunnen sluiten met [bedrijf 1].

          18. De commissie overweegt dan ook dat in het primaire besluit terecht de periode van
            overtreding is vastgesteld voor de periode van 20 oktober 2016 tot en met 1 juli
            2018. Van een beperktere omvang van de overtreding is daarom geen sprake. Er is
            daarom geen reden om het boetebedrag gelet op de duur van de overtreding
            onevenredig te achten.

          19. Bezwaarmaakster heeft zich op het standpunt gesteld dat de ernst en de
            verwijtbaarheid van de overtreding beperkt is. De opgelegde boete is daarom
            onevenredig aan de overtreding en zou moeten worden verlaagd. Zij heeft daartoe
            aangevoerd dat:
               a. zij er lange tijd op heeft vertrouwd dat de ingetrokken exploitatievergunning
                 alsnog met terugwerkende kracht aan haar zou worden verleend. Nu zij 4,5
                 jaar zonder problemen met een vergunning speelautomaten had geëxploiteerd
                 en de vergunning op administratieve gronden was ingetrokken. Toen
                 bezwaarmaakster merkte dat de vergunning niet alsnog zou worden verleend
                 heeft zij direct een nieuwe vergunning aangevraagd en een overeenkomst
                 gesloten met [bedrijf 3];
               b. er geen sprake is van recidive. De enkele mededeling in het intrekkingsbesluit
                 dat je zonder vergunning niet mag exploiteren rechtvaardigt geen verhoging
                 van de boete;
               c. het voordeel dat bezwaarmaakster (maximaal) heeft kunnen behalen met de
                 onvergunde exploitatie lager ligt dan is vastgesteld in het boeterapport. Het
                 voordeel is maximaal € [xxx] geweest. Bovendien moet er nog rekening
                 worden gehouden met de lasten. Hier moet bij de boetebepaling rekening mee
                 worden gehouden.

          20. De commissie overweegt allereerst dat de raad van bestuur de boete niet heeft
            verhoogd in verband met recidive. Volgens de ‘Beleidsregels exploitatie
            speelautomaten zonder vergunning van 28 juli 2014’12 zou de boete in het geval van
            recidive met maximaal 100% kunnen worden verhoogd. Uit het sanctiebesluit volgt
            dat de boete met 25% is verhoogd in verband met de gegeven waarschuwing in het
            intrekkingsbesluit.

          21. In het intrekkingsbesluit is opgenomen:

            “Handhaving: Uw vergunning is nu ingetrokken. Het exploiteren van speelautomaten
            zonder (geldige) vergunning is een overtreding van de Wet op de kansspelen. U kunt
            daarvoor een boete krijgen. De hoogte van de boete is geregeld in het
            'Boeterichtsnoer exploitatie zonder vergunning' (zie bijlage).”




          12 https://kansspelautoriteit.nl/soorten-kansspelen/speelautomaten/exploitatie/beleidsregels/
                                                                       4</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020
          22. De commissie overweegt dat het de verantwoordelijkheid van bezwaarmaakster is om
            zich op de hoogte te stellen van de voor haar toepasselijke wet- en regelgeving en die
            na te leven. Door die wet- en regelgeving niet na te leven heeft bezwaarmaakster
            verwijtbaar gehandeld. De commissie overweegt dat betrokkene wist dat haar
            vergunning was ingetrokken en door de waarschuwing in het intrekkingsbesluit ook
            op de hoogte was van de overtreding en de gevolgen. De commissie acht het, met de
            raad van bestuur, dan ook extra kwalijk dat bezwaarmaakster ondanks deze
            waarschuwing toch door is gegaan met exploiteren. Bovendien kon bezwaarmaakster
            uit het meegezonden boetebeleid afleiden hoe de boete zou worden opgebouwd,
            inclusief de mogelijkheid van een verhoging bij een waarschuwing. De commissie acht
            de boeteverhoging voor de waarschuwing gelet op het voorgaande niet onredelijk.

          23. De commissie is, mede gelet op de waarschuwing in het intrekkingsbesluit, van
            oordeel dat niet valt in te zien waaraan bezwaarmaakster het vertrouwen ontleende
            dat de ingetrokken vergunning alsnog met terugwerkende kracht zou worden
            verleend of zou herleven en dat zij zonder vergunning door kon gaan met exploiteren.
            De gegeven waarschuwing in het intrekkingsbesluit was wat de commissie betreft
            helder. Dat bezwaarmaakster nog steeds niet bewust is van de ernst van de
            overtreding acht de commissie kwalijk. De overtreding heeft lange tijd voortgeduurd.
            Dat bezwaarmaakster aanvoert dat de overtreding door slordigheid zou zijn ontstaan
            – wat daar ook van zij - maakt de overtreding wat de commissie betreft ook niet
            minder ernstig.

          24. Voor zover bezwaarmaakster stelt dat de boete dient te worden verlaagd, omdat het
            (maximaal) behaalde voordeel lager ligt dan is vastgesteld in het boeterapport,
            overweegt de commissie, met de raad van bestuur, dat de hoogte van het voordeel
            niet afdoet aan de ernst van de overtreding. Bovendien heeft de raad van bestuur
            met de boete niet geprobeerd om onrechtmatig voordeel af te romen, maar om een
            sanctie op te leggen met het oog op de generale en speciale preventie. Indien er
            sprake was geweest van hoge omzetten dan had de raad van bestuur ervoor kunnen
            kiezen om als bijzondere boeteverhogende omstandigheid het verkregen voordeel af
            te romen. Daar heeft de raad van bestuur in het primaire besluit echter niet voor
            gekozen.

          25. Gelet op het voorgaande acht de commissie de opgelegde boete niet onevenredig aan
            de overtreding.

          26. Bezwaarmaakster heeft aangevoerd dat zij niet in staat is om de boete te voldoen. Uit
            de bij de zienswijze overgelegde gegevens kan de commissie echter niet afleiden dat
            er sprake is van betalingsonmacht. Tijdens de hoorzitting is ook niet aangegeven dat
            er sprake is van betalingsonmacht, maar dat de boete niet in verhouding staat tot
            hetgeen de onvergunde exploitatie heeft opgeleverd. De commissie overweegt
            derhalve dat een geringe draagkracht niet aannemelijk is gemaakt, zodat daar geen
            rekening meer kan worden gehouden.

          27. Mochten er omstandigheden (zijn) ontstaan waardoor alsnog betalingsonmacht
            aannemelijk is, dan kan bezwaarmaakster bij de Kansspelautoriteit bijvoorbeeld een
            onderbouwd verzoek tot een betalingsregeling doen. Het is de commissie bekend dat
            de Kansspelautoriteit in gevallen die zich daarvoor lenen, betalingsregelingen
            mogelijk heeft gemaakt.

                                                                       5</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020

          28. De commissie adviseert de bezwaren te passeren.

          4.3. Ten aanzien van het bezwaar tegen het openbaarmakingsbesluit

          29. Bezwaarmaakster heeft zich op het standpunt gesteld dat de handelsnaam “Kelner
            Automaten Service” ten onrechte openbaar is gemaakt. Ten eerste omdat
            openbaarmaking van de handelsnaam in strijd is met het eigen beleid van de
            Kansspelautoriteit en ten tweede omdat de openbaarmaking bezwaarmaakster
            nodeloze schade toebrengt en geen redelijk doel dient. Bovendien had de
            Kansspelautoriteit gelet op de geringe ernst van openbaarmaking moeten afzien.

          30. De commissie overweegt allereerst dat de handelsnaam van bezwaarmaakster niet de
            persoonsnaam van bezwaarmaakster is. Het is de bedrijfsnaam waarmee zij in het
            economisch verkeer deelneemt. Daarmee is de persoonlijke levenssfeer van
            bezwaarmaakster niet in geding. Het was de eigen keuze van bezwaarmaakster om
            een deel van haar naam in de handelsnaam op te nemen en daarmee actief te zijn in
            het maatschappelijke en economische verkeer. Die keuze houdt ook het risico in om
            met die handelsnaam ongewenst in de openbaarheid te komen. De commissie vindt
            voor dat standpunt steun in de uitspraak van de rechtbank Amsterdam 26 juni 2012,
            ECLI:NL:RBAMS:2012:BX5021 r.o. 3.8 en de uitspraak van de voorzieningenrechter
            van 12 februari 2020.

          31. De commissie overweegt dat de Kansspelautoriteit – anders dan bezwaarmaakster
            stelt - geen vast beleid voert om alleen namen en adresgegevens van rechtspersonen
            openbaar te maken. Dat volgt niet uit de letterlijke tekst van het
            openbaarmakingsbesluit én is ook niet af te leiden uit het gevoerde beleid. Zo is op
            de website van de Kansspelautoriteit te zien dat er meermalen namen van
            eenmanszaken openbaar zijn gemaakt.13

          32. Bezwaarmaakster heeft aangevoerd dat de openbaarmaking geen redelijk doel treft.
            De commissie verwijst voor een toelichting op de belangen van openbaarmaking naar
            het openbaarmakingsbesluit. In aanvulling op het openbaarmakingsbesluit overweegt
            de commissie dat:

            a. openbaarmaking van de handelsnaam in het bijzonder in het belang is van de
              preventieve werking en de bescherming van de consumenten. Hierdoor kan
              kennisgenomen worden van het feit dat ten aanzien van betrokkene is vastgesteld
              op welke manier in strijd is gehandeld met artikel 30h, eerste lid van de Wok en

              hoe de Kansspelautoriteit daartegen is opgetreden.
              Juist de openbaarmaking van de handelsnaam zorgt ervoor dat cafés en andere
              opstelplaatsen op de hoogte raken van de handelswijze van de exploitant. Cafés en
              opstellocaties kunnen door deze waarschuwing een zorgvuldige afweging maken
              bij de keuze voor een exploitant. Hierdoor kunnen consumenten beter worden
              beschermd. Het ligt immers voor de hand dat opstelplaatsen eerder in zee zullen

              gaan met exploitanten die hun vergunning tijdens exploitatie op orde hebben. Door

          13 Zie bijvoorbeeld de besluiten van Café/Bar Bagci, Belhuis/Internetcafé Ephesus en Eetcafé De Gouw op:
          https://kansspelautoriteit.nl/besluiten/sanctiebesluiten/
                                                                       6</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020
              de handelsnaam te anonimiseren verdwijnt dit gunstige effect van de
              openbaarmaking en wordt de consumentenbescherming niet langer gediend. De
              Kansspelautoriteit acht dat niet wenselijk omdat consumentenbescherming zwaar

              weegt;

            b. de Kansspelautoriteit wenst te voorkomen dat exploitanten die hun eigen naam
              niet in de handelsnaam/bedrijfsnaam verwerken, inzake openbaarmaking anders
              worden behandeld dan exploitanten die er zelf voor kiezen om hun eigen naam in
              de bedrijfsnaam/handelsnaam te verwerken. Het belang van openbaarmaking van

              de handelsnaam is in beide gevallen namelijk gelijk. Bovendien zou die
              handelswijze in de hand werken dat exploitanten hun eigen naam in de
              bedrijfsnaam/handelsnaam gaan verwerken om openbaarmaking te voorkomen.

          33. Gelet op het voorgaande overweegt de commissie dat er wel degelijk sprake is van
            een algemeen belang om het besluit en de handelsnaam openbaar te maken.

          34. Tot slot heeft bezwaarmaakster aangevoerd dat de openbaarmaking haar nodeloze
            schade toebrengt. Voor zover bezwaarmaakster hiermee stelt dat de handelsnaam
            niet openbaar mag worden gemaakt, omdat de openbaarmaking haar belangen
            onevenredig schaadt overweegt de commissie dat bezwaarmaakster onvoldoende
            concreet heeft gemaakt waaruit de onevenredige benadeling voor haar bestaat. Het is
            de commissie ook niet gebleken van omstandigheden waaruit een concrete
            benadeling voor bezoekster volgt. Het is bovendien vaste rechtspraak dat als
            bezwaarmakers die te lijden schade niet kunnen concretiseren, daaraan ook geen
            concreet belang gehecht kan worden. Zie daarvoor bijvoorbeeld de uitspraak van de
            rechtbank Den Haag van 13 juli 201714 en de uitspraak van de Afdeling van 22
            Afdeling van 22 februari 2017.15

          35. De commissie vindt voor dit standpunt tevens steun in de uitspraak van de
            voorzieningenrechter van 12 februari 2020. Aangezien de openbaarmaking van het
            besluit en dus ook van de handelsnaam heeft plaatsgevonden op 14 februari 2020,

            had een eventuele schade al opgetreden kunnen zijn en had het op de weg van
            bezwaarmaakster gelegen deze onevenredige benadeling concreet te maken. Dit is
            echter in bezwaar niet gebeurd.

          36. Gelet op het voorgaande had de raad van bestuur het belang van de openbaarmaking
            van het boetebesluit zwaarder kunnen laten wegen dan het belang van

            bezwaarmaakster bij het uitblijven van de openbaarmaking. De door
            bezwaarmaakster gestelde geringe ernst van de overtreding – waarvan wat de
            commissie betreft geen sprake is – is overigens geen omstandigheid die in de
            belangenafweging tot een andere uitkomst kan leiden.

          37. De commissie adviseert de bezwaren te passeren.


          14 ECLI:NL:RBDHA:2017:7645, overweging 7.
          15 ECLI:NL:RVS:2017:484, overweging 10.
                                                                       7</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>


          OPENBAAR                                                ons kenmerk
                                                           13468.001/01.071.709
                                                           134668.002/01.071.710
                                        Openbaarmaking onder kenmerk: 13468.001/01.072.609
                                                                     datum
                                                                 28 mei 2020

          5. Conclusie

          38. Op grond van het bovenstaande adviseert de adviescommissie de bezwaren
            ongegrond te verklaren en de besluiten van 26 november 2019 in stand te laten.

          39. Het advies is aldus vastgesteld te Den Haag op 28 mei 2020 door de Adviescommissie
            bezwaarschriften van de Kansspelautoriteit, bestaande uit mevrouw mr. J.M.E. Feije
            (voorzitter), mevrouw mr. I.M. Zuurendonk en mevrouw mr. S. van Douwen.
          Namens de adviescommissie
          de voorzitter,


          w.g.



          mr. J.M.E. Feije

































                                                                       8</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>