Naar inhoud
Ministerie van Economische Zaken

Kennisgeving aanvraag Opsporingsvergunning aardwarmte Zevenhuizen

Jaar: 2010 Documenten: 1
De heer W.G.M. Tas en mevrouw J.C.M. Tas-van Klink (hierna tezamen genoemd Tas) hebben per brief van 31 maart 2009, ontvangen op 2 april 2009, een aanvraag ingediend voor een opsporingsvergunning voor aardwarmte in het gebied, genaamd Zevenhuizen, gelegen in de gemeenten Zevenhuizen-Moerkapelle, Nieuwerkerk aan den IJssel, Moordrecht en Rotterdam ingevolge artikel 6 van de Mijnbouwwet. De oppervlakte van het aangevraagde gebied bedraagt 9,49 km 2 . De aangevraagde geldigheidsduur van de vergunning is 4 jaar; Naar aanleiding van onderhavige aanvraag is in de Staatscourant van 27 mei 2009, ( Stcrt. 27 mei 2009, nr. 95 ) een uitnodiging geplaatst voor het indienen van concurrerende aanvragen; Binnen de termijn van dertien weken na plaatsing van bovengenoemd uitnodiging in de Staatscourant is geen concurrerende aanvraag ingediend; TNO Bouw en Ondergrond, adviesgroep EZ (TNO), heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 16 november 2009 advies uitgebracht; Staatstoezicht op de mijnen (Sodm) heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 2 december 2009 advies uitgebracht; Het College van Gedeputeerd Staten van de provincie Zuid-Holland (GS) is op grond van artikel 16 van de Mijnbouwwet op 27 augustus 2009 en op 7 september 2009 om advies gevraagd. GS heeft geen advies uitgebracht; De Mijnraad heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken op 25 januari 2010 advies uitgebracht (kenmerk: MIJR/9232816) op grond van artikel 105, derde lid, van de Mijnbouwwet.
Officiële publicaties