- Identifier
- nl.oorg10006.2k.2018.231
- Aanbieder (Naam)
- Overheidsorganisatie Inspectie Leefomgeving En Transport
- Titel
- Beschikking van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, houdende ontheffing RPA-L en speciaal-BvL voor onderzoek en onderwijs door TU Delft, faculteit Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek, Research Group MAVLab
- Beschrijving
- Gelezen het verzoek van de faculteit Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek van de TU Delft, Research Group MAVLab, verder te noemen MAVLab, ontvangen op 21 juli 2017 van contactpersoon ir. C. de Wagter, handelende in opdracht van Prof.dr.ir. M. Mulder, voorzitter van de afdeling Control & Operations; Overwegende dat: onder de in artikel 10 van de Regeling op afstand bestuurde luchtvaartuigen (Roabl) genoemde voorwaarden MAVLab beroepsmatig vluchten kan uitvoeren met een op afstand bestuurd luchtvaartuig (RPA); MAVLab volgens artikel 10 Roabl moet beschikken over een operationeel handboek dat aan de eisen uit de Roabl voldoet, een RPA met bewijs van inschrijving en speciaal-BvL en een piloot die beschikt over een vliegbewijs RPA-L dat geldig is voor het besturen van dit RPA; in dit geval in de categorie en klasse helikopters (H) met een MTOM 25 kg en in de categorie en klasse aeroplanes (A) met een MTOM 25 kg; uit de documentatie van MAVLab blijkt dat dit het geval is, op het speciaal- BvL na en met aandacht voor RPAs waarmee het MAVlab werkt die mogelijk buiten de categorie H of A vallen, maar onder de categorie other aircraft (OA); volgens artikel 2.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart het verboden is een luchtvaartuig te bedienen zonder het daarvoor geldige bewijs van bevoegdheid; volgens artikel 2.1, vierde lid, de minister ontheffing kan verlenen wanneer door bijzondere omstandigheden die regels in redelijkheid geen toepassing kunnen vinden en de veiligheid van het luchtverkeer met het verlenen van de ontheffing niet in gevaar wordt gebracht; aan de ontheffing voorschriften of beperkingen kunnen worden verbonden; volgens artikel 3.8, eerste lid, onderdeel b, van de Wet luchtvaart het verboden is een vlucht uit te voeren met een luchtvaartuig dat niet is voorzien van een geldig bewijs van luchtwaardigheid; volgens artikel 3.21, eerste lid, de minister ontheffing kan verlenen wanneer door bijzondere omstandigheden die regels in redelijkheid geen toepassing kunnen vinden en de veiligheid van het luchtverkeer met het verlenen van de ontheffing niet in gevaar wordt gebracht; aan de ontheffing voorschriften of beperkingen kunnen worden verbonden; MAVLab onderzoek verricht naar nieuwe en bestaande technieken gerelateerd aan vliegende robots en platformen die dagelijks moeten kunnen worden aangepast, en dat elke modificatie, zonder meer, hernieuwde keuring en afgifte van het speciaal-BvL behoeft; MAVLab onderwijs aan wisselende groepen studenten geeft over het ontwerpen en ontwikkelen van vliegende platformen en robots waarvoor de vluchtuitvoering wisselende en nieuwe vaardigheden en inzichten vraagt waarin de bestaande kennis- en bedrevenheidseisen voor het verkrijgen van een RPA-L niet voorzien; ondanks het feit dat MAVLab alles in het werk stelt om binnen zijn managementteam altijd de hoogst mogelijke kwalificaties voor het bedienen van op afstand bestuurde luchtvaartuigen vertegenwoordigd te hebben, het vereiste toevoegen van de categorie en klasse aeroplanes (A) met een MTOM 25 kg in het RPA-L geen toegevoegde waarde heeft vanwege dezelfde veranderlijkheid van de benodigde vaardigheden voor het bedienen van door MAVLab ontwikkelde luchtvaartuigen; deze beperkingen en eisen niet passen bij het maatschappelijk belang van onderzoek en onderwijs naar innovatieve inzet van vliegende platformen en robots; de beperkingen kunnen worden opgeheven via een ontheffing, mits daarbij wordt gewaarborgd dat risicos voor derden in de lucht en op de grond bij de uitvoering van vluchten met een RPA van MAVLab tot het minimum worden beperkt; MAVLab daartoe procedures in het operationeel handboek heeft opgenomen, inclusief operationele aanwijzingen en normen voor de inzet van bemanning en RPAs voor het uitvoeren van vluchten; MAVLab uit te voeren vluchten in categorieen en scenarios indeelt en voor alle categorieen en scenarios een risicoanalyse maakt conform de in het handboek beschreven techniek en geedentificeerde risicos identificeert en mitigeert; voordat conform de aldus ontworpen categorieen en scenarios vluchten worden uitgevoerd, deze de goedkeuring behoeven van de MAVLab Safety Board; de MAVLab Airworthiness Staff de luchtwaardigheid van ieder luchtvaartuig door middel van een technisch onderzoek vaststelt, indien dit als vereiste volgt uit de risicoanalyse van de desbetreffende categorie of het desbetreffende scenario; MAVLab een veiligheidsmanagementsysteem in gebruik heeft om de effectiviteit van mitigerende maatregelen te borgen en om herhaling van fouten te voorkomen; MAVLab uitsluitend onder zijn gezag vluchten laat uitvoeren door studenten en stafleden nadat zij voldoen aan de in het handboek beschreven interne MAVLab kwalificatie-eisen onder verantwoordelijkheid en supervisie van een MAVLab vlieginstructeur; intern gekwalificeerde MAVLab vlieginstructeurs geen instructie geven ter verkrijging van een bewijs van bevoegdheid; bij de voorbereiding en uitvoering van de vluchten het beperken van de risicos voor derden voorop staat; Gelet op de artikelen 2.1, vierde lid, en 3.21, eerste lid, van de Wet luchtvaart; BESLUIT: Artikel 1 1.
- Thema
- Verkeer | Luchtvaart
- Publicatiedatum
- 2018-11-07
- Jaar
- 2018
- Type
- 2k - Beschikking
- Aanbieder (Code)
- oorg10006
- Totaal aantal documenten
- 1
- Verkregen op
- 2024-01-24
- Aantal pagina's in dossier
- 4