Naar inhoud
Overheidsorganisatie Inspectie Leefomgeving En Transport

Beschikking van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, houdende ontheffing voor Heli Holland van het verbod VFR-vluchten uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte boven het water, Inspectie Leefomgeving en Transport

Jaar: 2019 Documenten: 1
Gelezen het verzoek om ontheffing van 5 maart 2019 van Heli Holland Air Service B.V.; Overwegende dat: Heli Holland Air Service B.V. vluchten uitvoert als gedeclareerd overeenkomstig ORO.DEC.100 van EU verordening 965/2012; het doel van de vluchten is het uitvoeren van sling-operaties ten behoeve van testen met het NLR; paragraaf SERA.3105 van verordening (EU) nr. 923/2012 de mogelijkheid biedt aan (nationale) bevoegde autoriteiten om toestemming te verlenen lager te vliegen dan de minimum vlieghoogten, zoals die voor VFR- vluchten zijn opgenomen in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr. 923/2012; Gelet op paragraaf SERA.3105 en artikel 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014; BESLUIT: Artikel 1 Deze beschikking is van toepassing op de helikopters van het type Airbus Helicopters H155 B1 met registratie PH-SHO of PH-EQU, vermeld op de eigen verklaring Specialised Operations door Heli Holland Air Service B.V. ingediend bij de Inspectie Leefomgeving en Transport overeenkomstig ORO.DEC.100 van EU verordening 965/2012 en waarvan de ontvangst van de verklaring is bevestigd door de Inspectie Leefomgeving en Transport overeenkomstig ARO.GEN.345.