Naar inhoud
Raad van State

Ontwerpbesluit houdende de aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening ten algemenen nutte ten behoeve van het zandwinproject "Heeswijkse Kampen", met bijkomende werken, in de gemeente Cuijk.

Jaar: 2019 Documenten: 1
Ontwerpbesluit houdende de aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening ten algemenen nutte ten behoeve van het zandwinproject "Heeswijkse Kampen", met bijkomende werken, in de gemeente Cuijk.Krachtens machtiging van Uwe Majesteit heeft de Minister van Verkeer en Waterstaat met een schrijven van 11 juli 2000, no.HKW/R 2000/9239, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt een voordracht met ontwerpbesluit, houdende de aanwijzing van onroerende zaken ter onteigening ten algemenen nutte ten behoeve van het zandwinproject "Heeswijkse Kampen", met bijkomende werken, in de gemeente Cuijk. In hun zienswijze wijzen reclamanten sub 2, die een melkveebedrijf exploiteren, op de grote bedrijfstechnische en financiële gevolgen van de in het kader van de ontgronding "Beers Oost" voorgenomen onteigening van circa 3,5 ha van hun van hun huisperceel deel uitmakende gronden. Zij zijn van mening dat dit onteigeningsplan in samenhang moet worden bezien met de realisering van het bestemmingsplan "Heeswijkse Kampen, fase III" waarvan het zandwinningsproject een onderdeel vormt en waarvoor in de komende jaren nog meer van hun gronden onteigend zal worden. Dit zal volgens hen tot gevolg hebben dat behalve de bedrijfsgebouwen nog slechts circa 10 ha aan verspreid liggende en door hun vorm niet goed te exploiteren gronden overblijven. Reclamanten brengen verder naar voren dat zij als gevolg van de langslepende planontwikkeling, waarvan deze onteigening deel uitmaakt, langdurig in onzekerheid hebben verkeerd en onevenredige schade hebben geleden. Nu met de onderhavige onteigening in feite een aanvang wordt gemaakt met de ontmanteling van hun bedrijf in fasen, verkiezen zij een aanwijzing ter onteigening van al hun in het bestemmingsplan "Heeswijkse Kampen, fase III" gelegen eigendommen. Naar aanleiding van deze zienswijze wordt in de overwegingen van het ontwerpbesluit opgemerkt dat in verband met de taakstelling inzake het winnen van beton- en metselzand en de in de ontgrondingsvergunning vastgelegde planning het voor verzoeker om onteigening niet mogelijk is met de start van de onteigeningsprocedure te wachten totdat ook de andere onroerende zaken van reclamanten benodigd zijn. Naar de mening van de Raad van State kan met deze motivering niet worden volstaan, nu reclamanten gemotiveerd hebben aangevoerd dat zij door de gefaseerde wijze van onteigening onevenredig in hun belangen worden geschaad en dat de te ontgronden gronden onderdeel uit zullen maken van één project, een nieuwbouwwijk aan en om het water. Ook indien met de ontgronding als eerste een aanvang zal moeten worden gemaakt, is niet bij voorbaat uitgesloten dat in overleg met de gemeente Cuijk zou kunnen worden gestreefd naar een gecoördineerde aankoop van het betrokken melkveebedrijf. Niet gebleken is dat getracht is op deze wijze met reclamanten tot overeenstemming te komen en evenmin is in het besluit aangegeven waarom een dergelijke benadering niet mogelijk zou zijn. Nu niet is aangetoond dat voldaan is aan deze inspanningsverplichting tot het voeren van overleg met reclamanten tot verwerving van hun gronden op minnelijke basis, dient het besluit nader te worden heroverwogen, althans van een overtuigender motivering te worden voorzien. De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat aan het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken. De Vice-President van de Raad van State
Documenten (1)