Raad van State
Ontwerpbesluit houdende tijdelijke regels voor een experiment in het kader van meertaligheid in de dagopvang en het peuterspeelzaalwerk (Tijdelijk besluit experiment meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk), met nota van toelichting.
Jaar: 2019
Documenten: 1
Ontwerpbesluit houdende tijdelijke regels voor een experiment in het kader van meertaligheid in de dagopvang en het peuterspeelzaalwerk (Tijdelijk besluit experiment meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk), met nota van toelichting.Bij Kabinetsmissive van 20 februari 2017, no.2017000285, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende tijdelijke regels voor een experiment in het kader van meertaligheid in de dagopvang en het peuterspeelzaalwerk (Tijdelijk besluit experiment meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk), met nota van toelichting.Het ontwerpbesluit maakt het mogelijk om op experimentele basis meertalige dagopvang en peuterspeelzaalwerk aan te bieden.De Afdeling advisering van de Raad van State adviseert het besluit vast te stellen, maar acht op onderdelen aanpassing van het ontwerpbesluit aangewezen. Dit betreft de selectiecriteria die worden gehanteerd bij de deelname van kindercentra en peuterspeelzalen aan het experiment en waarborging van de onafhankelijkheid van de evaluatiecommissie. Voorts behoeft ook de aansluiting op het primair onderwijs meer aandacht in de toelichting.1.InleidingDe Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wko) biedt de mogelijkheid op experimentele basis meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk aan te bieden. (zie noot 1) Op dit moment kan in de dagopvang en het peuterspeelzaalwerk naast de Nederlandse taal, de Friese taal of een streektaal, ook een andere taal als voertaal worden gebezigd, indien de herkomst van de kinderen in specifieke omstandigheden daartoe noodzaakt. (zie noot 2)Verder is er sinds 1 september 2016 de mogelijkheid om meertalige buitenschoolse opvang aan te bieden voor kinderen in de leeftijd van het primair onderwijs voor ten hoogste vijftig procent van de openingstijd van een kindercentrum per jaar in de Duitse, Engelse of Franse taal. (zie noot 3) Hierbij is aangesloten bij ontwikkelingen zoals deze ook in het primair onderwijs vanaf 1 januari 2016 gelden, te weten de mogelijkheid een deel van het onderwijs in de Engelse, Duitse of Franse taal te geven. (zie noot 4)Omdat over de effecten van meertalige opvang van kinderen van nul tot vier jaar (dagopvang en peuterspeelzaalwerk) nog onvoldoende bekend is om het aanbieden van meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk over de hele linie mogelijk te maken, wordt met het ontwerpbesluit eerst op experimentele basis meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk mogelijk gemaakt.2.SelectiecriteriaHet proces voor de aanwijzing van de deelnemende kindercentra (nul tot vier jaar) en peuterspeelzalen (twee tot vier jaar) is zodanig vormgegeven dat een door de minister ingestelde beoordelingscommissie aan de hand van bij ministeriële regeling nader vast te stellen selectiecriteria de aanvragen beoordeelt en advies uitbrengt aan de minister. (zie noot 5) De minister beslist uiteindelijk welke kindercentra en peuterspeelzalen op basis van hun aanvraag en na het doorlopen van de selectieprocedure mogen deelnemen aan het experiment. (zie noot 6)De Afdeling wijst erop dat delegatie aan de minister van regelgevende bevoegdheid moet worden beperkt tot voorschriften van administratieve aard, uitwerking van de details van een regeling, voorschriften die dikwijls wijziging behoeven en voorschriften waarvan te voorzien is dat zij mogelijk met grote spoed moeten worden vastgesteld. (zie noot 7) Nu het hier gaat om regels die de toegang tot het experiment betreffen is daarvan geen sprake. Het ontwerpbesluit dient zelf het kader van de inhoudelijke selectiecriteria te bevatten. Eventuele uitwerking kan vervolgens bij ministeriele regeling plaatsvinden. (zie noot 8)De Afdeling adviseert het ontwerpbesluit aan te passen.3.EvaluatieHet experiment wordt gedurende de looptijd begeleid door een begeleidingscommissie, die tot taak heeft de effecten van meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk op de taalontwikkeling van kinderen in de leeftijd van nul tot vier jaar te monitoren, het experiment te begeleiden en een evaluatieonderzoek uit te voeren, zo stelt de toelichting. (zie noot 9) De begeleidingscommissie begeleidt dus niet alleen het experiment, maar voert na afloop van het experiment ook het evaluatieonderzoek uit.Gelet daarop adviseert de Afdeling de kwaliteit van de evaluatie te laten beoordelen door een onafhankelijke deskundige. (zie noot 10) Zij adviseert daarop in de toelichting in te gaan.4.Aansluiting op primair onderwijsDe Afdeling merkt op dat in het evaluatieonderzoek dat door de begeleidingscommissie zal worden uitgevoerd slechts wordt ingegaan op de effecten van meertalige opvang in peuterspeelzalen en de dagopvang zelf. (zie noot 11)Omdat het pedagogisch beleidsplan onder meer een opgave moet bevatten van de netwerken waarin deze voorzieningen opereren, waaronder het basisonderwijs, ligt het volgens de Afdeling in de rede in de evaluatie ook aandacht te besteden aan de vraag of en zo ja, op welke wijze de aansluiting tussen meertalige opvang in het peuterspeelzaalwerk en de kinderopvang en het basisonderwijs zo goed mogelijk kan plaatsvinden.Gelet op het belang van een adequate aansluiting tussen de meertalige dagopvang en het meertalige peuterspeelzaalwerk en de meertaligheid in het primair onderwijs adviseert de Afdeling de toelichting op dit punt te verduidelijken.5.Duur van het experimentHoewel de Wko de mogelijkheid biedt tot een looptijd van het experiment van vier jaar, is in het ontwerpbesluit gekozen voor een looptijd van drie jaar. (zie noot 12) Blijkens de toelichting is de verwachting dat een looptijd van drie jaar voldoende is om te kunnen beslissen of meertalige dagopvang en meertalig peuterspeelzaalwerk een wettelijke mogelijkheid moet worden. (zie noot 13) De toelichting maakt niet duidelijk waarop deze verwachting is gebaseerd.De leeftijdsgroep van twee tot vier jaar komt zowel voor in de dagopvang als in het peuterspeelzaalwerk. De leeftijdsgroep van nul tot tweejarigen is alleen vertegenwoordigd in de dagopvang.Om een inhoudelijk goede beoordeling mogelijk te kunnen maken, ligt het naar het oordeel van de Afdeling voor de hand voor de looptijd van het experiment aan te sluiten bij de deelnemende leeftijdsgroepen. Nu de vertegenwoordigende doelgroep de periode van nul tot vier jaar omvat, ligt een tijdsduur van vier jaar meer voor de hand dan de voorgestelde looptijd van drie jaar.De Afdeling adviseert de voorgestelde tijdsduur inhoudelijk te motiveren.6. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.De vice-president van de Raad van State
Bron:
raadvanstate.nl
Documenten (1)
-
raadvanstate.nl6 pagina's, pdf Tekst