Raad van State
Ontwerpbesluit met nota van toelichting houdende regels inzake het verhandelen van vlees van pluimvee (Landbouwkwaliteitsbesluit pluimveevlees).
Jaar: 2019
Documenten: 1
Ontwerpbesluit met nota van toelichting houdende regels inzake het verhandelen van vlees van pluimvee (Landbouwkwaliteitsbesluit pluimveevlees).Bij Kabinetsmissive van 31 januari 2003, no.03.000397, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit met nota van toelichting houdende regels inzake het verhandelen van vlees van pluimvee (Landbouwkwaliteitsbesluit pluimveevlees). Met het ontwerpbesluit wordt uitvoering gegeven aan twee Europese verordeningen inzake het verhandelen van vlees van pluimvee, waaronder een uitvoeringsverordening van de Commissie van de Europese Gemeenschappen.(zie noot 1) In de laatste verordening zijn facultatieve bepalingen ten aanzien van bijzondere houderijsystemen van pluimvee opgenomen. Naar aanleiding van een recente wijziging(zie noot 2) van de Commissieverordening is besloten de bestaande autonome regelgeving van het Productschap Pluimvee en Eieren (PPE), waarmee uitvoering werd gegeven aan de genoemde verordeningen, te vervangen door het onderhavige besluit. Overeenkomstig de opzet van de gewijzigde Wet op de bedrijfsorganisatie(zie noot 3) zal dit productschap zijn regels ter uitvoering van de EG-verordeningen in medebewind vaststellen. Naar uit het navolgende zal blijken meent de Raad van State dat het ontwerpbesluit op een onderdeel nader moet worden bezien. 1. Op grond van artikel 8, eerste lid, van de Landbouwkwaliteitswet kunnen in een Landbouwkwaliteitsbesluit één of meer privaatrechtelijke rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid ten aanzien van bij hen aangeslotenen worden belast met keuring van producenten en toezicht op de naleving van bij of krachtens dat besluit gestelde regelen. Op grond van artikel 5 van het ontwerpbesluit is de Stichting Controlebureau voor Pluimvee, Eieren en Eiproducten (Stichting CPE) belast met keuring en toezicht op de naleving door de bij haar aangeslotenen van de regels die in de artikelen 10 en 11 van de Commissieverordening ten aanzien van de bijzondere huisvestings- en voedersystemen worden gesteld alsmede van de krachtens artikel 3 gestelde regelen (registratieplicht). In samenhang daarmee is in artikel 6 van het ontwerpbesluit bepaald dat de in artikel 11, derde lid, van de Commissieverordening bedoelde categorieën bedrijven (mestbedrijven, voederbedrijven, slachterijen en broederijen) aangesloten moeten zijn bij de Stichting CPE. Gelet op de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen waarin een aansluitplicht welke mede betrekking heeft op de handel meer dan eens als een met het EG-recht strijdige constructie is beoordeeld(zie noot 4), is het van belang dat de aansluitplicht voor de hiervoor genoemde productieschakels niet gepaard gaat met handelsbelemmeringen voor producenten uit andere lidstaten die aan de bepalingen van de verordeningen voldoen. Weliswaar wordt in de toelichting op de artikelen 5 en 6 opgemerkt dat niet alle bedrijven uit de genoemde categorieën zich moeten aansluiten doch uitsluitend die bedrijven die op hun etiketten willen verwijzen naar de in artikel 10 van de Commissieverordening voorgeschreven benamingen en vermeldingen omtrent bijzondere houderijsystemen, maar het facultatieve karakter van deze bijzondere etikettering sluit een handelsbelemmerend effect van de koppeling van een aansluitplicht aan die etikettering niet uit. In verband hiermee zal ook de noodzaak en de proportionaliteit van de voorgestelde aansluitingsplicht moeten worden bezien. In de Commissieverordening en in artikel 3 van het ontwerpbesluit wordt immers al een registratieplicht voor de betrokken producenten geregeld. De Raad adviseert het ontwerpbesluit op dit punt in ieder geval nader toe te lichten. 2. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage. De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat aan het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken. De Vice-President van de Raad van State
Bron:
raadvanstate.nl
Documenten (1)
-
raadvanstate.nl3 pagina's, pdf Tekst