Naar inhoud
Raad van State

Ontwerpbesluit houdende regels inzake de opleiding tot en de deskundigheid van de klinisch fysicus (Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied klinisch fysicus), met nota van toelichting.

Jaar: 2019 Documenten: 1
Ontwerpbesluit houdende regels inzake de opleiding tot en de deskundigheid van de klinisch fysicus (Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied klinisch fysicus), met nota van toelichting.Bij Kabinetsmissive van 31 december 2004, no.04.004888, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende regels inzake de opleiding tot en de deskundigheid van de klinisch fysicus (Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied klinisch fysicus), met nota van toelichting. Het ontwerpbesluit strekt tot uitvoering van artikel 34 van de Wet beroepen in de individuele gezondheidszorg (de Wet BIG). In dat ontwerpbesluit wordt de bescherming van de titel van klinisch fysicus geregeld en worden voornamelijk eisen gesteld waaraan de opleiding en de examens voor dat beroep moeten voldoen. De Raad van State onderschrijft de strekking van het ontwerpbesluit, maar maakt daarbij de volgende kanttekening over de motivering van het ontwerpbesluit. 1. De Raad van State constateert dat het ontwerpbesluit blijkens de considerans strekt tot uitvoering van artikel 34 Wet BIG; tevens wordt daarin verwezen naar het advies van de Raad voor de beroepen in de individuele gezondheidszorg van 12 september 1996. Beide overwegingen worden in de nota van toelichting nader besproken. Daaraan wordt echter een belangrijk element toegevoegd, namelijk dat het ontwerpbesluit verband houdt met richtlijn 97/43/Euratom van de Raad van 30 juni 1997 betreffende de bescherming van personen tegen gevaren van ioniserende straling in verband met medische blootstelling. Deze richtlijn is geïmplementeerd in het Besluit stralingsbescherming, aldus de toelichting, maar dit besluit omvat niet de omschrijving van het deskundigheidsgebied en de opleiding tot klinisch fysicus; deze is, zo stelt de toelichting, in het ontwerpbesluit neergelegd, dat strekt tot uitvoering van artikel 34 Wet BIG. Vervolgens wordt gesteld dat in het bijzonder Europese regelgeving een wettelijke regeling noodzakelijk maakt. Een nadere toelichting op dit hoofdmotief voor de voorgestelde regeling ontbreekt. Naar de Raad aanneemt wordt hierbij gedoeld op artikel 7 van vorenbedoelde richtlijn 97/43. Indien dit artikel noopt tot aanvullende implementatie van de richtlijn ware zulks in de considerans en in de toelichting tot uitdrukking te brengen. Tevens verdient het dan aanbeveling aan te geven, waarom de richtlijn op dit punt pas nu wordt geïmplementeerd; de implementatietermijn is immers op 13 juni 2000 verlopen. De Raad adviseert ook in te gaan op de vraag waarom in de artikelen 2 en 17 respectievelijk de titelbescherming en het domein van de werkzaamheden is geregeld; regeling vloeit immers niet voort uit de artikelen 6 en 7 van genoemde richtlijn. Door de artikelen 2 en 17 op te nemen zouden bovendien nieuwe ontwikkelingen, zoals start van opleiding tot klinisch technoloog kunnen worden belemmerd. In de toelichting ware voorts in te gaan op de vraag, of de gekozen vorm van implementatie de enig aanvaardbare is. Indien dat niet het geval is, adviseert de Raad de mogelijkheid te overwegen aan te sluiten bij de Richtlijnen voor de erkenning van opleidingen deskundigen radioactieve stoffen en toestellen (Stcrt.1984, nr. 227) dan wel door middel van erkenning aan te sluiten bij de thans geldende privaatrechtelijke regeling van de beroepsgroep. In ieder geval ware in de toelichting in te gaan op de vraag, waarom anders dan bij overeenkomstige beroepsgroepen waarvoor postdoctorale opleidingsvereisten zijn geregeld, niet is gekozen voor regeling in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. 2. Voor een redactionele kanttekening verwijst de Raad naar de bij het advies behorende bijlage. De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat aan het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken. De Vice-President van de Raad van State
Documenten (1)