Raad van State
Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot aanpassing van enige uitvoeringsbesluiten.
Jaar: 2019
Documenten: 1
Ontwerpbesluit met nota van toelichting tot aanpassing van enige uitvoeringsbesluiten.Bij Kabinetsmissive van 21 november 2001, no.01.005533, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Financiën, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit met nota van toelichting tot aanpassing van enige uitvoeringsbesluiten. Het ontwerpbesluit heeft betrekking op de aanpassing van enkele uitvoeringsbesluiten als gevolg van in het bijzonder het Belastingplan 2002. De Raad van State plaatst enkele kanttekeningen bij dit ontwerpbesluit en adviseert op die punten het ontwerpbesluit te verduidelijken. 1. Kostenvergoedingsbeschikking Artikel 35, vierde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB 1964) maakt het mogelijk, dat een gezelschapkostenvergoedingsbeschikking wordt afgegeven. Een gezelschap behoeft geen zelfstandige rechtspersoon of juridische entiteit te zijn. In de toelichting op artikel II, onderdeel A, van het ontwerpbesluit wordt opgemerkt dat het gezelschap doorgaans zal worden vertegenwoordigd door een leider of iemand anders die voor de leden van het gezelschap de uit de fiscale wet- en regelgeving voortvloeiende rechten en plichten uitoefent en nakomt. De Raad merkt op, dat bij een verzoek om een gezelschapkostenvergoedingsbeschikking niet als voorwaarde wordt gesteld, dat de indiener van het verzoek uitdrukkelijk door de leden van het gezelschap wordt gemachtigd om het verzoek in te dienen, te wijzigen en in te trekken. De binding aan de beschikking voor de leden van het gezelschap zou door zo’n machtiging vaststaan. Daardoor kunnen problemen worden vermeden indien na de afgifte van de beschikking blijkt dat één of meer leden het oneens zijn met het in artikel 12a, achtste lid, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 bedoelde lagere bedrag of andere bij het verzoek overgelegde gegevens, of met een verzoek tot intrekking of vervanging van de beschikking. De Raad adviseert artikel 12a van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 in deze zin aan te vullen. 30%-regeling 2. Voorgesteld wordt de zogenoemde 30%-regeling te verruimen tot het gehele loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. De Raad merkt op, dat dit ontwerpbesluit de balans ten opzichte van de huidige regeling, waarbij alleen het regelmatig genoten loon als grondslag in aanmerking wordt genomen, volledig naar de andere zijde doet doorslaan. Ook incidentele, zeer hoge beloningen, zoals bij optieregelingen het geval kan zijn, worden nu in de grondslag betrokken. Naar het oordeel van de Raad past een zekere beperking van de variabele loonbestanddelen voor de grondslag van de 30%-regeling, ook al wordt de hoogte van de door de werknemer te maken extra kosten mede deels beïnvloed door verwachtingen omtrent de hoogte van die loonbestanddelen. De Raad adviseert het ontwerpbesluit meer evenwichtig te maken. 3. De verruiming van de 30%-regeling vloeit niet direct voort uit het Belastingplan 2002. In de nota van toelichting wordt geen aandacht aan de budgettaire gevolgen van het ontwerpbesluit gegeven. De Raad adviseert dit alsnog te doen. 4. Fictieve kostenaftrek Artikel 7aa van het Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 bepaalt, dat opgave wordt gedaan van bepaalde gegevens van vrijwilligers. Onduidelijk is of deze gegevens alleen in het kader van de vennootschapsbelastingheffing moeten worden verstrekt, of dat de opgave samenvalt met de gegevensverstrekking ten behoeve van de inkomstenbelastingheffing van de vrijwilligers. De Raad adviseert een en ander te verduidelijken. 5. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage. De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden. De Vice-President van de Raad van State
Bron:
raadvanstate.nl
Documenten (1)
-
raadvanstate.nl5 pagina's, pdf Tekst