<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>                    Synopsis van
                    WRR-rapport
                           96
           SAMENLEVING
           EN FINANCIËLE
           SECTOR IN
           EVENWICHT
 samenleving
en financiële
    sector in
   evenwicht
                               synopsis
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>Samenleving en ﬁnanciële sector in evenwicht</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid werd in voorlopige vorm ingesteld
in 1972. Bij wet van 30 juni 1976 (Stb. 413) is de positie van de raad deﬁnitief geregeld. De
huidige zittingsperiode loopt tot 31 december 2017.
Ingevolge de wet heeft de raad tot taak ten behoeve van het regeringsbeleid wetenschap-
pelijke informatie te verschaffen over ontwikkelingen die op langere termijn de samenle-
ving kunnen beïnvloeden. De raad wordt geacht daarbij tijdig te wijzen op tegenstrijdig-
heden en te verwachten knelpunten en zich te richten op het formuleren van probleem-
stellingen ten aanzien van de grote beleidsvraagstukken, alsmede op het aangeven van
beleidsalternatieven.
Volgens de wet stelt de wrr zijn eigen werkprogramma vast, na overleg met de minister-
president die hiertoe de Raad van Ministers hoort.
De samenstelling van de raad is:
prof. dr. A.W.A. Boot
prof. dr. mr. M.A.P. Bovens
prof. dr. G.B.M. Engbersen
prof. mr. dr. E.M.H. Hirsch Ballin
prof. dr. J.A. Knottnerus (voorzitter)
prof. dr. M. de Visser
prof. dr. C.G. de Vries (adviserend raadslid)
prof. dr. M.P.C. Weijnen
Secretaris: dr. F.W.A. Brom
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid
Buitenhof 34
Postbus 20004
2500 ea Den Haag
Telefoon 070-356 46 00
E-mail info@wrr.nl
Website www.wrr.nl
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>Samenleving en ﬁnanciële sector in
evenwicht
SYNOPSIS VAN WRR-RAPPORT 96
         Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, Den Haag 2016
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>Verantwoording
Deze publicatie is een samenvatting van het wrr-Rapport 96 Samenleving en ﬁnanciële
sector in evenwicht. Voor een onderbouwing van de in deze publicatie gepresenteerde
conclusies en aanbevelingen wordt verwezen naar de uitvoerige analyses van het beleid
en de wetenschappelijke literatuur die in dat rapport te vinden zijn.
Het rapport Samenleving en ﬁnanciële sector in evenwicht (ISBN 978 94 9018 634 0) is op
12 oktober 2016 door de Raad aangeboden aan de regering. Het rapport is te koop in de
boekhandel. Het rapport kan ook in pdf-formaat gratis worden gedownload op
www.wrr.nl.
Vormgeving binnenwerk: Textcetera, Den Haag
Omslagafbeelding: cimon communicatie, Den Haag
Figuren en tabellen: Textcetera, Den Haag
© Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, Den Haag
Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgesla-
gen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op
enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere
manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
Voor zover het maken van kopieën uit deze uitgave is toegestaan op grond van artikel 16B
Auteurswet 1912 jº het Besluit van 20 juni 1974, Stb. 351, zoals gewijzigd bij het Besluit van
23 augustus 1985, Stb. 471 en artikel 17 Auteurswet 1912, dient men de daarvoor wettelijk
verschuldigde vergoedingen te voldoen aan de Stichting Reprorecht (Postbus 3051,
2130 kb Hoofddorp). Voor het overnemen van gedeelte(n) uit deze uitgave in bloemlezin-
gen, readers en andere compilatiewerken (artikel 16 Auteurswet 1912) dient men zich tot
de uitgever te wenden.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>                                                                    5
inhoudsopgave
    Samenvatting                                                    7
    Dominantie van ﬁnanciële relaties                               8
    Uitdagingen voor Nederland                                      9
    Aanbevelingen                                                   9
    Schematisch overzicht van beleidsopties                        17
    Naar een bredere beleidsoriëntatie: samenleving en sector      17
    De economie en samenleving: minder afhankelijkheid, meer weer-
    baarheid                                                       17
    Suggesties voor een robuustere ﬁnanciële sector                18
    De organisatie van politiek en beleid                          19
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>                                                                                    7
samenvatting
De ﬁnanciële crisis van 2008 heeft duidelijk gemaakt dat de ﬁnanciële sector niet
kan worden gezien als een economisch eiland, maar dat deze een fundamenteel en
infrastructureel onderdeel is van de economie. De afgelopen decennia is de invloed
van de sector op de economie en samenleving sterk toegenomen. Zo zijn ﬁnanciële
producten en instrumenten een belangrijkere rol gaan spelen voor burgers, bedrij-
ven en (semi)overheden.
Er is tot nu toe maar beperkte aandacht voor het feit dat de samenleving sterk
afhankelijk is geworden van de ﬁnanciële sector en dat vraagt om aangrijpings-
punten voor beleid in die samenleving. Het kan ook nopen tot heroverweging van
bestaand beleid, zeker waar bijvoorbeeld ﬁscale facilitering het gebruik van ﬁnanci-
ele producten (denk aan hypotheken) extra heeft bevorderd en een ongebreidelde
groei van de ﬁnanciële sector mede mogelijk heeft gemaakt. De samenleving is
door haar grotere afhankelijkheid van de ﬁnanciële sector erg kwetsbaar geworden
voor verstoringen in de ﬁnanciële sfeer. Andersom raken macroeconomische ont-
wikkelingen door afhankelijkheden en verwevenheden de ﬁnanciële sector in
versterkte mate. In dit rapport ligt de nadruk op hoe de samenleving in een betere
verhouding tot de ﬁnanciële sector kan komen te staan. Hoe kan zij weerbaarder
worden tegen onevenwichtigheden in de ﬁnanciële sfeer, maar ook hoe kan zij
bijdragen aan een beter functionerende ﬁnanciële sector? Het bevorderen van de
ﬁnanciële weerbaarheid van de samenleving ligt in belangrijke mate binnen de
invloedssfeer van het nationale beleid. Dit rapport doet daartoe een aantal aanbe-
velingen.
Tevens constateert de wrr dat het huidige ﬁnanciële-sectorbeleid zich moeizaam
verhoudt tot de complexiteit en onzekerheden (technologisch, monetair, etc.)
waaraan de sector blootstaat. Sterker inzetten op robuustheid kan de sector speel-
ruimte verschaffen om in te spelen op die onzekerheden. De wrr acht het dan ook
wenselijk te komen tot een doeltreffender ﬁnanciële-sectorbeleid, naast beleid dat
aangrijpt op de samenleving. Ondanks het open karakter van de Nederlandse eco-
nomie en internationale afspraken (en voorgeschreven wet- en regelgeving) is ook
richting ﬁnanciële sector sprake van nationale beleidsruimte. Wel is het zo dat die
aanzienlijk beperkter is dan de ruimte voor beleid gericht op de samenleving; dat
laatste betreft immers vooral sociaaleconomisch beleid dat in het hart ligt van de
nationale beleidsautonomie.
Een ander punt betreft de politieke betrokkenheid. Het bredere beleidsperspectief
dat de wrr schetst impliceert een noodzaak om de politieke dimensie van de pro-
blematiek te onderkennen. Financiële stabiliteit en de ﬁnanciële diensten zelf zijn
van fundamenteel belang voor het functioneren van de samenleving; dit vraagt om
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>8 samenleving en financiële sector in evenwicht
  een periodieke – en minder incidentgedreven – betrokkenheid van de politiek. De
  problematiek van de ﬁnanciële sector kan dan ook niet los worden gezien van het
  sociaaleconomisch beleid. In dit speelveld bevinden zich politieke keuzes en afwe-
  gingen. De wrr doet voorstellen om de politieke dimensie van de problematiek
  beter tot zijn recht te laten komen.
  De positie van de politiek en het parlement is temeer van belang omdat er een aan-
  zienlijke nationale beleidsruimte is. Dat geldt bij uitstek voor de sociaaleconomi-
  sche beleidsterreinen (van pensioenen tot verzelfstandiging van publieke instellin-
  gen), die veel meer centraal komen te staan door de kanteling van perspectief die
  wordt voorgestaan in dit wrr-rapport. Zo vallen pensioenfondsen binnen de
  nationale beleidsruimte omdat zij het domein zijn van het binnenlandse sociaal-
  economische beleid.
  dominantie van financiële relaties
  De Nederlandse economie en samenleving zijn veel afhankelijker geworden van de
  ﬁnanciële sector en bewegingen op de ﬁnanciële markten. Zowel de bezittingen als
  de schulden van huishoudens zijn explosief toegenomen, waardoor de geringste
  beweging in rente en aandelenmarkten een wezenlijke invloed heeft op het huis-
  houdboekje. Grote bedrijven en ook pensioenfondsen laten zich in hun strategie
  en bedrijfsvoering beïnvloeden door kortetermijnontwikkelingen op de ﬁnanciële
  markten. Het mkb is sterk afhankelijk van banken geworden. En ook semipublieke
  instellingen hebben zich op het glibberige terrein van ﬁnanciële markten begeven.
  … en deze ontwikkelingen zorgen voor maatschappelijke
  problemen
  De veranderingen in de relaties tussen de ﬁnanciële sector, de economie en de
  samenleving hebben tot een aantal maatschappelijke problemen geleid. Het eerste
  kernprobleem is de inherente instabiliteit van de ﬁnanciële sector. Financiële crises
  zijn kostbaar. Bijvoorbeeld vanwege de kosten voor de overheid om banken te red-
  den, de verliezen die mensen en bedrijven lijden en de negatieve gevolgen van de
  met een crisis samenhangende onzekerheid voor de economische groei. Maar ook
  in niet-crisissituaties zijn er kosten. Sterk procyclisch opereren van de ﬁnanciële
  sector is een voorbeeld, waardoor er in een opgaande economie te veel krediet
  voorhanden is en er tijdens een recessie overmatig wordt geknepen.
  Ten tweede is er sprake van een grote dominantie van de ﬁnanciële sector in de eco-
  nomie en samenleving. Zo worden huishoudens, bedrijven en semioverheden
  blootgesteld aan een veelheid van ﬁnanciële producten, en zijn zij door hoge schul-
  den dan wel (pensioen)besparingen extra gevoelig voor ontwikkelingen in de
  ﬁnanciële sector. Het ﬁnancieel systeem is hierdoor eerder leidend dan volgend of
  faciliterend geworden.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>                                                                     samenvatting        9
Ten derde versterkt de ﬁnanciële sector de kortzichtigheid in de economie en de
samenleving, waardoor ﬁnanciële kortetermijnprikkels belangrijker worden dan
langetermijnoverwegingen. Het hyperactieve gedrag van de ﬁnanciële wereld zet
de langetermijnoriëntatie in de reële economie en samenleving onder druk, terwijl
deze oriëntatie noodzakelijk is voor het doen van investeringen in menselijk en
fysiek kapitaal.
uitdagingen voor nederland
De ﬁnanciële sector en de samenleving zijn in een gespannen relatie tot elkaar
komen te staan. Hierdoor schiet de economische en maatschappelijke bijdrage van
de sector tekort. Dit plaatst de Nederlandse samenleving en de politiek voor een
lastige opgave. Aan de ene kant is het zaak om te komen tot een robuuster ﬁnanci-
eel systeem dat de economische ontwikkeling ondersteunt. Aan de andere kant is
het zaak om de samenleving en de economie weerbaarder en minder afhankelijk te
maken van de ﬁnanciële sector. De invloed van, en blootstelling aan de ﬁnanciële
dynamiek is te groot. Een brede beleidsoriëntatie is hiertoe noodzakelijk.
De wrr hoopt dat de verbreding van het perspectief naar de samenleving kan bij-
dragen aan een meer vruchtbare dialoog tussen sector en samenleving, en onder-
kent dat de ﬁnanciële sector onderdeel is van diezelfde samenleving.
De hoofdpunten van beleid staan hieronder kort samengevat. We werken die ver-
volgens uit in aanbevelingen voor de ﬁnanciële sector en de politiek.
Naar een bredere beleidsoriëntatie: samenleving en sector
• De kernopdracht is om te streven naar een minder dominante en meer ondersteu-
    nende rol van ﬁnanciële diensten in de samenleving. Daarvoor zijn aanpassingen
    nodig in de samenleving en in de ﬁnanciële sector.
• De samenleving heeft zich erg afhankelijk gemaakt van de ﬁnanciële sector, en is daar-
    door heel gevoelig geworden voor onevenwichtigheden in de ﬁnanciële sfeer. Door
    deze afhankelijkheid te verminderen is de samenleving beter bestand tegen ﬁnanciële
    crises en de procyclische impulsen vanuit de ﬁnanciële sector.
• Financiële instabiliteit blijft een belangrijk aandachtspunt. Scherper inzetten op de
    robuustheid van de sector is nodig, zeker ook gezien de vele onzekerheden waaraan
    de ﬁnanciële sector onderhevig is en de speelruimte die zij behoeft.
• De politieke dimensie van het beleid moet worden onderkend en vraagt om een meer
    structurele en periodieke betrokkenheid vanuit de nationale politiek. Onderken het
    bestaan van nationale beleidsruimte.
aanbevelingen
De wrr doet de volgende aanbevelingen voor een ﬁnancieel weerbare samenle-
ving:
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>10 samenleving en financiële sector in evenwicht
   verminder blootstelling aan de financiële dynamiek
   De blootstelling van de samenleving aan ﬁnanciële dynamiek moet worden
   beperkt. Het gaat dan met name over drie zaken: 1. beleid terugdringen dat schul-
   den aangaan ﬁscaal faciliteert; 2. inzetten op beleid dat een productievere aanwen-
   ding van vermogens stimuleert; en 3. het verminderen van de doorwerking van de
   ﬁnanciële dynamiek in de economie en de samenleving.
   In het belastingstelsel zit nu een schuldenbias, bijvoorbeeld via de hypotheekren-
   teaftrek. Deze stimulans dient te worden teruggedrongen. Complementair hieraan
   kan worden ingezet op een productievere aanwending van private vermogens. Het
   verantwoord faciliteren van overheveling van vermogen tussen generaties (van
   oud naar jong) kan hierbij helpen. Dit biedt ‘eigen vermogen’ aan de jongere gene-
   ratie en drukt zo de noodzakelijke schuldﬁnanciering voor de aankoop van een
   huis. Om dezelfde reden kan een grotere ﬂexibiliteit van besparingen vroeg in het
   leven wenselijk zijn. Zo kan worden overwogen om voor het bij elkaar krijgen van
   eigen geld bij de aankoop van een eigen woning aan het begin van de wooncarrière
   een ‘bouwspaarfaciliteit’ te introduceren met enige (tijdelijke) verlichting van
   afdrachten aan het pensioenfonds.
   Ook dient de overheid terughoudender te zijn bij de automatische vertaling van
   marktsignalen in wet- en regelgeving. Een belangrijk voorbeeld hiervan betreft de
   dekkingsgraadeisen aan pensioenfondsen en de gehanteerde rekenrente die hier-
   aan ten grondslag ligt. Door deze eisen zijn pensioenfondsen in sterkere mate
   afhankelijk van de dynamiek op ﬁnanciële markten. Deze eisen komen voort uit de
   structuur van het pensioensysteem dat door een verdelingsvraagstuk (het geld van
   verschillende generaties zit bij elkaar) en beloofde zekerheden telkens via de dek-
   kingsgraad beoordeeld moet worden op solvabiliteit. Dit geeft een kortetermijn-
   bias die meer productieve langetermijninvesteringen belemmert. In de kern is het
   pensioen dat uiteindelijk beschikbaar is afhankelijk van de verdiencapaciteit in de
   toekomst. Het pensioenvermogen moet dus met een lange horizon belegd kunnen
   worden, zodat het bijdraagt aan de duurzame groei van de economie.
   Nederland heeft trekken van een renteniersnatie door de hoge opgebouwde ver-
   mogens onder ouderen en de aanzienlijke afgedwongen pensioenbesparingen. Een
   productievere inzet van vermogen verdient aandacht.
   wees voorzichtig met creëren van financiële afhankelijkheden
   Onvoldoende is onderkend dat het verleggen van verantwoordelijkheden naar
   individuen (‘de participatiesamenleving’) en het via verzelfstandiging beleggen
   van publieke diensten bij semipublieke instellingen tot onverantwoorde risico’s
   kunnen leiden. Financiële instellingen plaatsen zich in de ruimte die ontstaat tus-
   sen de schakels in het verzelfstandigde of geïndividualiseerde veld. De prikkels bij
   ﬁnanciële instellingen stroken niet per deﬁnitie met de belangen van de te bedie-
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>                                                                samenvatting         11
nen individuen of de verzelfstandigde instellingen. Bovendien zijn de ﬁnancie-
ringsmogelijkheden verleidelijk voor individuen en de instellingen. Zo bood de
enorme leencapaciteit woningcorporaties de gelegenheid voor megalomane pro-
jecten en waren individuen gevoelig voor de (gesuggereerde) rijkdom die via
beleggingshypotheken mogelijk zou worden.
versterk de onderhandelingspositie van klanten
De onderhandelingspositie van afnemers van ﬁnanciële diensten ten opzichte van
de verkopende partij moet worden versterkt. De huidige stappen naar een betere
onafhankelijke informatieverstrekking en advisering zijn toe te juichen, maar heb-
ben een beperkte effectiviteit. In lijn met de aanbevelingen van de Commissie-
Wijffels acht de wrr het belangrijk instellingen voor te schrijven transparante
standaardversies van complexe (veelal langlopende) producten aan te bieden. Een
dergelijke standaardisatie werkt ordenend en dient de belangen van de consument.
Daarnaast dient de empowerment (countervailing power) aan de vraagkant verder
te worden versterkt. Gedacht kan worden aan het faciliteren van de krachtenbun-
deling van consumenten bijvoorbeeld door het stimuleren van collectieve inkoop
(zie de rol van consumentenorganisaties bij de inkoop van energie). Ook zijn klan-
ten gebaat bij effectieve maatschappelijke ‘waakhonden’ die opkomen voor hun
belangen.
versterk weerbaarheid van semipublieke instellingen
De professionalisering die mogelijk is met verzelfstandiging kan een groot goed
zijn, maar vereist randvoorwaarden en een beperking van het speelveld. Zonder
overzichtelijk speelveld en randvoorwaarden kan het niet verrassend zijn dat ont-
sporingen plaatsvinden. De reﬂex van de overheid is om de oplossing te zoeken in
betere governance (zowel extern toezicht als intern toezicht via de Raad van Toe-
zicht/Raad van Commissarissen). Hoe gewenst ook, zonder juiste randvoorwaar-
den en afbakening van het speelveld schiet dit toezicht tekort. Ervaringen in de
woningcorporatiesector hebben inmiddels geleid tot een afbakening van het speel-
veld aldaar. Dit neemt niet weg dat een versterking van de interne governance
gewenst is, en dat meer gestuurd moet worden op risico-inschattingen in combi-
natie met meerjarenbegrotingen en het onderkennen van scenario’s. Dit meer toe-
komstgericht opereren behoeft in het bijzonder aandacht.
Een belangrijk hiaat blijft dat de verzelfstandigde organisaties in bijvoorbeeld het
hoger onderwijs en de zorg geacht worden zelf incidentele grote investeringen
(denk aan huisvesting) te ondernemen en realiseren. De combinatie van het inci-
dentele karakter en de complexiteit van dergelijke beslissingen – met de grote risi-
co’s van dien–vraagt om problemen. De instelling is overgeleverd aan ﬁnanciële
partijen en projectontwikkelaars en kan zelf onvoldoende tegenwicht bieden. De
primaire taak en expertise van management en Raad van Toezicht zijn immers
gericht op het voorzien in de publieke taakvervulling, zoals het verzorgen van
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>12 samenleving en financiële sector in evenwicht
   goed onderwijs in het geval van een onderwijsinstelling. Dat verhoudt zich niet
   met grote vastgoed- en andere investeringsprojecten. Wat ook speelt, is dat zodra
   zaken mis dreigen te gaan, de publieke taak snel onder druk komt te staan (al is het
   maar omdat management en toezicht door de problemen van ‘het project’ in beslag
   worden genomen). En zodra het is misgegaan en de continuïteit van de instelling
   in gevaar is, is het zeer wel mogelijk dat de overheid reddend moet optreden.
   De wrr raadt aan de waarborgen voor incidenteel grote investeringen in het semi-
   overheidsveld te versterken. Gedacht zou kunnen worden aan het organiseren van
   een verplichte externe toetsing van investeringen en contracten. Daarnaast kan het
   scherper afbakenen van het speelterrein van instellingen wenselijk zijn. Ook dit
   kan bijdragen aan het effectiever en behapbaarder maken van het interne toezicht.
   De wrr doet de volgende aanbevelingen voor een robuustere ﬁnanciële sector:
   onderken de complexiteit van de financiële sector
   De overheid moet onderkennen dat er fundamentele onvoorspelbaarheden zijn in
   de ﬁnanciële sector. Samen met de nauwe verwevenheden tussen de ﬁnanciële sec-
   tor en de samenleving creëert dit een ingewikkeld speelveld. Het onderkennen van
   deze complexiteit moet een belangrijk uitgangspunt zijn van het overheidsbeleid.
   Alleen dan is er voldoende scherpte en kritisch vermogen om daadwerkelijk in te
   spelen op de uitdagingen die de ﬁnanciële sector meebrengt en om te anticiperen
   op onzekerheden. Het huidige vertrouwen in de grote hoeveelheid gedetailleerde
   regels is tegen deze achtergrond niet gerechtvaardigd. Nog sterker sturen op de
   robuustheid van de sector moet daarom centraal staan.
   andere attitude binnen financiële sector
   Banken en verzekeraars zullen veel meer zelf moeten uitstralen dat buffers van
   groot belang zijn. Ook zullen zij bereid moeten zijn mee te denken over hoe activi-
   teiten van groot maatschappelijk belang (‘essentiële functies’) kunnen worden vei-
   liggesteld. Als dat goed is geregeld, is grotere vrijheid in andere activiteiten moge-
   lijk. Zonder eigen verhaal en zonder eigen openingen te creëren dreigen met name
   banken te worden veroordeeld tot het opereren in een volstrekt dichtgetimmerd
   ‘reservaat’ zonder speelruimte, en dat in een bedrijfstak die mede door nieuwe
   concurrenten (ﬁntech etc.) aan grote veranderingen onderhevig is.
   systeemrisico’s tegengaan
   Systeemrisico’s van ﬁnanciële instellingen ontstaan door een combinatie van
   excessieve kredietgroei, verwevenheid binnen het ﬁnancieel systeem en met de
   samenleving, en kuddegedrag. Een belangrijke bron voor systeemrisico’s is dat
   vele instellingen tegelijk op eenzelfde manier reageren op prikkels en dezelfde
   strategie volgen, waardoor schokken zelfversterkend worden. Bankregulering kan
   dit in de hand werken, bijvoorbeeld omdat deze kan leiden tot een grotere unifor-
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>                                                                  samenvatting         13
miteit in risicomanagementbenaderingen, en dus tot meer uniform handelen. Ook
de ﬁxatie op ﬁnanciële markten lokt automatismen en kuddegedrag uit bij ﬁnanci-
ele spelers. Zo is de manier waarop kredietbeoordelaars naar risico’s kijken vaak
richtinggevend voor het beleid van ﬁnanciële instellingen.
De consequentie is dat de ﬁnanciële sector sterk procyclisch is. In goede tijden
worden (onverantwoorde) risico’s opgebouwd, onder meer door excessieve kre-
dietverlening. Zogenoemd macroprudentieel beleid kan helpen met bijvoorbeeld
anticyclische kapitaalbuffers. De hoogte van die buffers is afhankelijk van de
opbouw van extra buffers in voorspoedige tijden. De uitwerking loopt via risico-
inschattingen die juist in die gunstige tijden vaak te optimistisch zijn. Het is moei-
lijk heel optimistisch te zijn over de effectiviteit van dit beleid: veiligheidsmarges
zijn nodig, en dit verhoudt zich slecht met de ﬁne-tuning van kapitaalbuffers waar-
toe men zich heeft overgegeven.
Restricties aan de hoogte van leningen (maximale loan to value (ltv) en loan to
income (lti)-ratio’s) vormen een ander belangrijk macroprudentieel instrument
tegen ﬁnanciële zeepbellen en andere onevenwichtigheden. De Nederlandse ltv-
ratio’s zijn nog altijd erg hoog (fsb 2014). Grote politieke gevoeligheden en verwe-
venheden met andere beleidsdossiers (bijvoorbeeld het huizenbeleid) moeten
hierbij worden onderkend.
meer kapitaal (eigen vermogen) onontkoombaar
Het primaire instrument voor robuustheid is eigen vermogen. Financiële spelers
dienen hogere buffers te hebben om schokken op te kunnen vangen. Dit vereist het
verhogen van het ongewogen eigen vermogen van banken. Dit is niet alleen nodig
om tegen een stootje te kunnen, maar ook om minder afhankelijk te zijn van
detaillistische regelgeving. De wrr acht een hoger eigen vermogen dan de huidige
(ongewogen) 4% ratio noodzakelijk en wenselijk. Nederlandse banken worden
hierdoor versterkt. Geenszins kunnen en mogen zorgen over de internationale
concurrentiepositie van Nederlandse banken als contra-argument dienen. Een
betere kapitalisatie geeft juist kracht aan het bankwezen, en is in het belang van de
samenleving.
Daarnaast is ook een geheel andere kijk nodig op buffers. Die moeten niet gezien
worden als kostenpost, maar als een vorm van risicodragend vermogen die – net als
in andere bedrijfstakken – het mogelijk maakt om in te spelen op de behoeften van
de samenleving, en ook op de vele onzekerheden (waaronder ﬁntech) waaraan
ﬁnanciële instellingen onderhevig zijn. De wetgever kan hier aan bijdragen door de
nadelige ﬁscale behandeling van eigen vermogen (t.o.v. vreemd vermogen) teniet
te doen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>14 samenleving en financiële sector in evenwicht
   denk na over brandgangen en ringfences in het financieel
   systeem
   Sinds de crisis zijn verschillende voorstellen gepresenteerd om ‘omheiningen’
   (ring fences) binnen ﬁnanciële instellingen te introduceren: het idee is om de ver-
   schillende onderdelen van een ﬁnancieel conglomeraat zodanig van elkaar af te
   scheiden, dat problemen van het ene bedrijfsonderdeel zich niet (direct) vertalen
   naar andere bedrijfsonderdelen. Het gaat er dan om de meer ‘publieke activiteiten’
   zoals mkb-kredietverlening en het betalingsverkeer veilig te stellen en zoveel
   mogelijk los te koppelen van de grote dynamiek van ﬁnanciële markten. Ringfen-
   ces kunnen gezien worden als brandgangen binnen een ﬁnanciële instelling. Aan
   brandgangen kan ook worden gedacht tussen ﬁnanciële spelers. Dan gaat het
   beperken van domino-effecten en kuddegedrag.
   Juist de eenvoud van maatregelen zou de complexiteit van het systeem kunnen
   verminderen. Bovendien zou dat beleidsmakers meer mogelijkheden geven om
   het functioneren van het systeem beter te kunnen beheersen. De wrr acht het
   belangrijk hier nader naar te kijken.
   Voor ﬁnanciële instellingen zou een dergelijke loskoppeling duidelijk kunnen
   maken welk deel van hun activiteiten in het ‘reservaat’ ligt (het ‘publieke’ deel) en
   waar ze juist meer speelruimte krijgen. Ook hier geldt dat ﬁnanciële instellingen er
   zelf belang bij kunnen hebben tot een soort segmentering te komen. Zoals het nu is
   geregeld, zien banken al hun activiteiten beperkt door rigide regelgeving en toe-
   zicht.
   diversiteit stimuleren
   Diversiteit is van groot belang voor het indammen van systeemrisico’s. Onderkend
   moet worden dat de topzware structuur van de Nederlandse ﬁnanciële sector en de
   grote afhankelijkheid van een klein aantal banken systeemrisico’s vergroot. De
   politiek moet veel sterker inzetten op diversiteit en variëteit in de ﬁnanciële sector.
   Nadrukkelijk gaat het hier niet om diversiteit binnen ﬁnanciële instellingen, maar
   tussen ﬁnanciële instellingen en ﬁnancieringsbronnen. Dit geldt vooral voor het
   Nederlandse bankwezen.
   Toetredingsbarrières voor nieuwe spelers zijn hoog. Gevestigde systeembanken
   hebben door impliciete overheidsgaranties concurrentievoordelen. Daarnaast zijn
   kleine en grote banken aan grofweg dezelfde regels onderhevig, wat in het nadeel is
   voor nieuwe toetreders. Regelgeving en toezichtspraktijken die bijdragen aan uni-
   formiteit moeten kritisch worden bekeken en waar mogelijk worden herzien.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>                                                               samenvatting         15
De problematiek van diversiteit beperkt zich echter niet tot toetredingsbarrières
binnen het bankwezen. Juist omdat banken in de Nederlandse sector zo’n domi-
nante rol spelen, moeten alternatieve ﬁnancieringskanalen worden gestimuleerd.
Institutionele beleggers kunnen een veel belangrijkere rol spelen, en ook directe
ﬁnanciering uit de markt zou een belangrijkere rol moeten gaan spelen.
De wrr doet de volgende aanbevelingen voor politieke betrokkenheid:
streef naar een integrale benadering van beleid
Een beleidsstrategie gericht op het herstellen van de balans tussen de samenleving
en de ﬁnanciële sector vergt aandacht voor sociaaleconomisch beleid. Het is van
belang dat daarbij wordt gestreefd naar samenhang in het gevoerde beleid. Een
voorbeeld is macroprudentieel beleid dat loan-to-value-eisen stelt aan hypotheek-
leningen, waarmee getracht wordt onevenwichtigheden in het ﬁnancieel systeem
te mitigeren. Dit beïnvloedt de woningmarkt en vereist afstemming met beleid op
het gebied van de huurmarkt (minder toegankelijke koopmarkt vereist huurwo-
ningen), het pensioenstelsel (verplichte afdracht van een signiﬁcant deel van de
besparingen) en het belastingsysteem (hypotheekrenteaftrek stimuleert het
maken van schulden).
Daarnaast moet worden gestreefd naar beleidsconsistentie door de tijd heen. Uit
onderzoek blijkt dat beleid zelf een sterk procyclisch karakter heeft: regels worden
vaak afgezwakt tijdens periodes van euforie (waardoor bijvoorbeeld zeepbellen
ontstaan), dus precies op het moment dat het beleid eigenlijk aangescherpt moet
worden. Dit probleem kan in enige mate worden ondervangen door anticyclische
automatismen in het beleidsproces te bouwen. Voor de ﬁnanciële sector zou het
kunnen helpen de publieke belangen duidelijker te markeren, langere periodes van
beleidsevaluatie te hanteren en via periodieke betrokkenheid van het parlement
een meer geïnformeerde en minder opportunistische betrokkenheid af te dwin-
gen.
organiseer periodieke politieke betrokkenheid
Zelfs bij maatregelen die evident op de lange termijn brede positieve effecten zul-
len hebben, moet er aandacht zijn voor herverdelingsvraagstukken op de korte ter-
mijn. Dat vergt politieke deliberatie, afwegingen en het maken van moeilijke keu-
zes. Om dit politieke proces te ondersteunen kan worden ingezet op een perio-
dieke en via hoorzittingen georganiseerde betrokkenheid van politieke en maat-
schappelijke actoren. Het organiseren en activeren van een ‘intelligence’ gericht op
de wisselwerking tussen beleidsterreinen zou hierbij een belangrijke stap zijn.
Rijkskennisinstellingen zoals het cpb en het cbs zouden kunnen bijdragen aan een
betere en meer gestructureerde informatievoorziening.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>16 samenleving en financiële sector in evenwicht
   Om blijvende politieke aandacht voor ﬁnanciële kwesties te organiseren kan
   gedacht worden aan een jaarlijks debat in de Tweede Kamer over de ‘staat van het
   ﬁnanciële systeem’ en maatschappelijke ﬁnanciële weerbaarheid. Dit zou een
   goede manier kunnen zijn om ook in tijden waarin ﬁnanciële kwesties minder
   urgent lijken, toch politieke betrokkenheid te organiseren.
   benut ruimte voor een nationale koers
   Omdat de kern van de economische bijdrage van de ﬁnanciële sector schuilt in het
   ondersteunen van de economie en de samenleving, dienen juist bij het ﬁnancieel
   beleid de publieke belangen centraal te staan. Veel van dit beleid komt op bovenna-
   tionaal niveau tot stand, wat de opdracht ingewikkelder maakt. Gegeven de ver-
   schillen tussen landen wat de rol en aard van de ﬁnanciële sector betreft, betekent
   dit dat er bij de implementatie van internationale regels enige invloed uitgaat van
   de (lokale) context waarin ze moeten worden toegepast. Er is dus enige nationale
   speelruimte. Uiteraard moet hierbij centraal staan dat gestuurd wordt vanuit de
   publieke belangen en niet de sectorale belangen.
   Ook voor de internationale agenda van Nederlandse beleidsmakers is een actieve
   Nederlandse rol nodig. Grote onzekerheden omtrent het internationale ﬁnanciële
   bestel maken het van belang dat Nederland een vinger aan de pols heeft. Bijzondere
   aandacht moet hierbij besteed worden aan de openheid en pluriformiteit van inter-
   nationale beleidsfora. Vooral op Europees niveau is het beleid sterk verkokerd. Het
   wordt in tal van verschillende fora ontwikkeld, waardoor het voor iedereen
   behalve de spelers met de meeste resources welhaast onmogelijk is om invloed uit
   te oefenen op de algemene beleidsrichting.
   De wrr waarschuwt ervoor niet toe te geven aan de verleiding om na zeven jaar
   ﬁnanciële hervormingen te concluderen dat we de belangrijkste problemen wel
   hebben opgelost en we kunnen overgaan tot de orde van de dag. Niet alleen is
   ﬁnanciële instabiliteit een blijvend probleem, ook is nog steeds sprake van een
   ﬁnanciële dominantie in de samenleving en een daarmee samenhangende kort-
   zichtigheid. De sector en de samenleving staan in een gespannen relatie met elkaar.
   Om dit tegen te gaan is ambitieus beleid gericht op zowel de sector als de samenle-
   ving nodig. Juist als op beide terreinen stappen worden gezet, kan de ﬁnanciële
   dienstverlening een veel productievere rol spelen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>                                                                                   17
schematisch overzicht van beleidsopties
naar een bredere beleidsoriëntatie: samenleving en
sector
•  De kernopdracht is om te streven naar een minder dominante en meer onder-
   steunende rol van ﬁnanciële diensten in de samenleving. Daarvoor zijn aanpas-
   singen nodig in de samenleving en in de ﬁnanciële sector.
•  De samenleving heeft zich erg afhankelijk gemaakt van de ﬁnanciële sector, en
   is daardoor heel gevoelig geworden voor onevenwichtigheden in de ﬁnanciële
   sfeer. Door deze afhankelijkheid te verminderen is de samenleving beter
   bestand tegen ﬁnanciële crises en de procyclische impulsen vanuit de ﬁnanciële
   sector.
•  Financiële instabiliteit blijft een belangrijk aandachtspunt. Scherper inzetten
   op de robuustheid van de sector is nodig, zeker ook gezien de vele onzekerhe-
   den waaraan de ﬁnanciële sector onderhevig is en de speelruimte die zij
   behoeft.
•  De politieke dimensie van het beleid moet worden onderkend en vraagt om
   een meer structurele en periodieke betrokkenheid vanuit de nationale politiek.
   Onderken het bestaan van nationale beleidsruimte.
de economie en samenleving: minder afhankelijkheid,
meer weerbaarheid
Verminder de blootstelling aan ﬁnanciële dynamiek
• Stop de ﬁscale bevoordeling van schulden over eigen vermogen. Onderken hoe
   dit de inzet van risicodragend (eigen) vermogen ontmoedigt en de samenle-
   ving kwetsbaar maakt.
• Stimuleer een voor de samenleving meer productieve aanwending van vermo-
   gen. Denk hierbij aan een levensloopperspectief op sparen voor de eigen
   woning en pensioenopbouw, en mogelijke ﬁne-tuning van het schenkings- en
   successierecht.
• Bevorder aanpassingen in het pensioenstelsel die een oriëntatie op de langere
   termijn mogelijk maken.
Versterk de onderhandelingspositie van burgers en bedrijven
• Stimuleer maatschappelijke waakhonden die proactief ordenend optreden.
• Bevorder de mogelijkheden voor consumenten tot krachtenbundeling.
• Bevorder standaardproducten.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>18 samenleving en financiële sector in evenwicht
   Versterk de weerbaarheid van semipublieke instellingen
   • Versterk de reguliere governance (het interne toezicht) van semipublieke
       instellingen, met name op het gebied van het kunnen maken van risico-
       inschattingen op basis van meerjarenbegrotingen en het daarbij onderkennen
       van verschillende scenario’s.
   • Ondersteun semipublieke instellingen met externe ﬁnanciële expertise voor
       incidentele grote investeringen. Gedacht kan worden aan het organiseren van
       een verplichte externe toetsing van investeringen en contracten door derde
       partijen.
   suggesties voor een robuustere financiële sector
   Nieuwe kijk op de ﬁnanciële sector gevraagd
   • Onderken de complexiteit van en onzekerheden omtrent het ﬁnancieel sys-
       teem, en daarmee de tekortkomingen van sturen op details.
   • Onderken noodzaak van een proactieve rol van de ﬁnanciële sector om eigen
       speelruimte te herwinnen.
   Versterk de robuustheid van de ﬁnanciële sector
   • Streef naar een verdere versterking van de balansen van verzekeraars en banken
       door middel van hogere ongewogen eigenvermogenbuffers.
   • Zorg voor een evenwichtiger ﬁscale behandeling van eigen en vreemd vermo-
       gen.
   • Onderzoek of ringfences (brandgangen/omheiningen) binnen ﬁnanciële
       instellingen – met name banken – kunnen worden geëffectueerd. Enerzijds kan
       dit ‘publieke’ activiteiten veiligstellen, anderzijds zou dit banken meer speel-
       ruimte kunnen geven voor activiteiten buiten het sterk gereguleerde ‘reser-
       vaat’.
   Streef naar meer diversiteit in de ﬁnanciële sector
   • Vergemakkelijk de markttoegang voor nieuwe ﬁnanciële spelers.
   • Stimuleer ﬁnancieringskanalen buiten het bankwezen om.
   Voorkom contraproductieve effecten van toezicht
   • Bevorder proportioneel toezicht op kleinere en/of meer gespecialiseerde spe-
       lers om diversiteit te stimuleren in de ﬁnanciële sector.
   • Voorkom kuddegedrag veroorzaakt door prikkels vanuit het toezicht die tot
       identieke strategieën bij ﬁnanciële spelers leiden. Dit kan bijvoorbeeld spelen
       bij de beoordeling van risicomodellen van banken door de toezichthouder.
   • Bekijk kritisch het gebruik van marktsignalen in het toezicht die kuddegedrag
       en procyclisch handelen kunnen bevorderen, bijvoorbeeld bij het gebruik van
       kredietbeoordelingen en rekenrentes.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>                                    schematisch overzicht van beleidsopties        19
de organisatie van politiek en beleid
Streef naar een integrale benadering van beleid
• Streef naar een betere afstemming tussen beleidsterreinen die direct en indirect
    de ﬁnanciële dienstverlening beïnvloeden.
• Maak beleidsontwikkeling en -hervorming meer anticyclisch juist waar er een
    sterke wisselwerking is met de ﬁnanciële sector.
Organiseer periodieke politieke betrokkenheid
• Organiseer structurele en periodieke politieke betrokkenheid bij de ﬁnanciële
    problematiek. Gedacht kan worden aan een jaarlijks debat over de ‘Staat van
    het Financiële Systeem’, om zo los van incidenten de politieke aandacht bij de
    problematiek vast te houden en afwegingen samenhangend met andere
    beleidsterreinen te bespreken.
• Organiseer en activeer een intelligence op het gebied van de wisselwerking
    tussen beleidsterreinen. Denk hierbij aan periodieke hoorzittingen in de
    Tweede Kamer.
Benut ruimte voor nationale koers
• Durf de eigen beleidsruimte te gebruiken die internationale ﬁnanciële regelge-
    ving toelaat, juist wanneer dit nodig is voor de behartiging van publieke belan-
    gen.
• Breng de brede beleidsoriëntatie in op de internationale agenda.
• Ondersteun nationale en internationale ngo’s die de rol van watchdog kunnen
    oppakken.
Beleidsmatige en politieke omgang met complexiteit en dynamiek
• Onderken de complexiteit van de sector, en daarmee de beperkingen van
    beleid en toezicht.
• Wees terughoudend met micromanagement. Een complexe sector heeft juist
    eenvoudige regels nodig.
• Organiseer alertheid en waakzaamheid bij toezichthouders: streef naar een
    meer reﬂectieve rol van de toezichthouders.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 23 ======================================================================

<pre>samenleving en financiële sector
in evenwicht
In dit rapport stelt de WRR strategieën voor om tot een
productiever evenwicht te komen tussen samenleving
en financiële sector. Door grote afhankelijkheid van de
financiële sector zijn de economie en de samenleving
bijzonder kwetsbaar geworden. Inspanningen van beleids­
makers en politici sinds de crisis waren hoofd­z akelijk
gericht op aanpassingen binnen de financiële sector.
Er is te weinig oog geweest voor hoe de samenleving
en de economie weerbaarder gemaakt kunnen worden
tegen onevenwichtigheden in de financiële sfeer, terwijl
dit in belangrijke mate binnen de invloedssfeer van het
nationaal beleid ligt.
In ‘Samenleving en financiële sector in evenwicht’
pleit de WRR voor aanpassingen in het sociaal-
economisch beleid die de samenleving versterken en
minder afhankelijk maken van de financiële dynamiek.
Hierbij past ook een robuuster financieel systeem
dat de economische ontwikkeling ondersteunt en de
weerbaarheid van de samenleving vergroot.
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid
(WRR) is een onafhankelijke denktank voor de
Nederlandse regering. De WRR geeft de regering
gevraagd en ongevraagd advies vanuit een langetermijn­
perspectief. De onderwerpen zijn sectoroverstijgend en
hebben betrekking op maatschappelijke vraagstukken
waarmee de regering in de toekomst te maken kan
krijgen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 23 =================================================================

<br><br>