Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Contra-expertise op bepalingen van radioactiviteit in afvalwater en ventilatielucht van COVRA NV. Periode 2023 | RIVM

Jaar: 2025 Documenten: 1
De Centrale Organisatie voor Radioactief Afval ( COVRA Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval) ) meet hoeveel radioactiviteit zij in afvalwater en ventilatielucht loost. Het RIVM ontvangt van COVRA afvalwater- en ventilatieluchtmonsters en bepaalt daarin de radioactiviteit. Elk jaar vergelijkt het RIVM deze metingen met de resultaten van COVRA. De Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) gebruikt deze 'contra-expertise' om in te schatten hoe betrouwbaar de metingen van de nucleaire installatie zijn. Net als in de jaren ervoor kwamen de analyses van afvalwater uit de contra-expertise in 2023 goed overeen met de resultaten van COVRA. Het gamma-spectrometrische resultaat, de resultaten van de totaal-alfa bepaling, en de tritiumbepaling kwamen redelijk tot goed overeen. Ook de totaal bèta-meetwaarde van het RIVM en de rest bèta-meetwaarde van COVRA kwam redelijk overeen ondanks de verschillende meetprincipes. Het resultaat in de 14C-bepaling in afvalwater kwam eveneens goed overeen. Verder kwamen de resultaten van het RIVM en COVRA van de ventilatieluchtmonsters van het Afvalverwerkingsgebouw ( AVG algemene verordening gegevensbescherming (algemene verordening gegevensbescherming) ) en het Hoogradioactief Afval Behandelings- en Opslag Gebouw (HABOG) goed overeen voor tritium en 14C. Er is in geen enkel monster een gammaactiviteit, of een totaal-alfa of totaal-bèta activiteit in ventilatielucht gevonden. Het RIVM voert de contra-expertises uit in opdracht van de ANVS.