<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Regimesontwikkeling in de inrichtingen voor
strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
Advies d.d. 9 juli 2010
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre> Inhoudsopgave
 Samenvatting en aanbevelingen                                                                                           5
 1. Aanleiding en context voor dit advies                                                                                7
    1.1. Context, voorafgaand advies                                                                                     7
    1.2. Aanleiding voor dit advies                                                                                      8
 2. De regimesontwikkeling in het licht van de doelstelling van de bijzondere opvang                                     9
 3. Conclusies en aanbevelingen                                                                                        11
    3.1 Samenvatting inrichtingen en regimes, bijzonderheden en knelpunten                                             11
    3.2 Norgerhaven: geen sprake van bijzondere opvang                                                                 13
    3.3 Aanbevelingen                                                                                                  13
 Bijlage: bevindingen naar aanleiding van de bezoeken                                                                  15
    1. Esserheem                                                                                                       15
    2. Norgerhaven                                                                                                     16
    3. Detentiecentrum Alphen aan den Rijn                                                                             18
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre> Samenvatting en aanbevelingen
 In de inrichtingen bestemd voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen die na het einde van
 hun straf zullen worden uitgezet wordt een regime gevoerd waarin de vreemdeling wordt voorbereid
 op terugkeer. De Raad adviseerde in 2008 over de inrichting van dit regime. Het betreft een vorm
 van bijzondere opvang op basis van artikel 20b van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing
 gedetineerden. In deze bepaling en de toelichting erop wordt voorgeschreven dat de inrichting
 activiteiten biedt, die terugkeer onder meer bevorderen door de gedetineerden vaardigheden aan
 te leren die van nut kunnen zijn in het land van bestemming. Op aangeven van de commissie van
 toezicht bij een van de inrichtingen dat deze activiteiten niet of nauwelijks worden geboden, heeft
 de Raad met betrokken functionarissen en gedetineerden gesproken. De Raad komt tot de conclusie
 dat de voorzieningen achterblijven bij hetgeen als invulling van deze bijzondere opvang gewenst
 is. Arbeid en onderwijs zijn voor de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen onvoldoende
 beschikbaar of toegankelijk. Inhoudelijk zijn de activiteiten niet gericht op het faciliteren van
 terugkeer. Een van de locaties kent in het geheel geen aparte voorzieningen voor strafrechtelijk
 gedetineerde vreemdelingen, waardoor de legitimiteit van plaatsing op deze titel aanvechtbaar is.
 Strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen worden gedurende de laatste vier maanden
 overgeplaatst naar een detentiecentrum, teneinde de uitzetting gemakkelijker te maken. Het is de
 vraag of dergelijke overplaatsingen altijd functioneel zijn.
 De Raad beveelt aan
 -- in de desbetreffende locaties daadwerkelijk een regime van bijzondere opvang in te voeren,
      zoals bedoeld in artikel 20b van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing;
 -- in alle locaties een activiteitenprogramma te voeren dat aan het doel van de bijzondere opvang
      tegemoetkomt en daarmee ook voldoet aan de instellingsmotivering voor deze vorm van
      bijzondere opvang;
 -- te zorgen dat informatie beschikbaar komt over uitzetcijfers en over de mate waarin
      strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen na hun straftijd alsnog in vreemdelingenbewaring
      worden genomen, aan de hand waarvan de effectiviteit van het regime van bijzondere opvang
      voor deze groep kan worden gestaafd;
 -- de noodzaak tot overplaatsing van Veenhuizen naar Alphen aan den Rijn steeds individueel te
      bekijken;
 -- het regime in het detentiecentrum te verruimen en de bejegening daarop aan te passen.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre> 1. Aanleiding en context voor dit advies
 1.1. Context, voorafgaand advies
 De Raad bracht in 2008 op verzoek van de minister van Justitie advies uit1 over het voornemen tot
 het aanwijzen van inrichtingen speciaal ten behoeve van strafrechtelijk veroordeelde vreemdelingen
 die na het einde van de straf niet langer in Nederland mogen blijven bij het ontbreken van een
 geldige verblijfstitel. Het in dit verband te creëren regime is een vorm van bijzondere opvang
 in de zin van artikel 14 Pbw. Twee inrichtingen zijn vervolgens met ingang van 2009 voor deze
 opvang bestemd, namelijk de locatie Esserheem van de penitentiaire inrichting Veenhuizen voor
 gedetineerden met een stafrestant van meer dan vier maanden en het Detentiecentrum Alphen
 aan den Rijn voor gedetineerden met een strafrestant tot vier maanden. Tevens werd bepaald dat
 langgestrafte gedetineerden uit Esserheem de laatste vier maanden van de detentie in Alphen aan
 den Rijn doorbrengen.
 De Raad uitte in het advies twijfel over de vraag of het creëren van ‘bijzondere opvang’ voor een
 groep gedetineerden op basis van het enkele kenmerk dat zij na de straf het land moeten verlaten,
 strookt met de voor bijzondere opvang in artikel 14 lid 2 Pbw neergelegde criteria. Dit gezegd
 hebbend kon de Raad zich vinden in deze bestemmingsaanwijzing, mits het in de desbetreffende
 inrichtingen te vestigen regime gericht zou zijn op de specifieke behoeften van deze groep
 gedetineerden. Een citaat uit dit advies:
 “De Penitentiaire beginselenwet biedt ruimte voor een grote verscheidenheid aan regimes, maar
 plaatst het begrip bijzondere opvang in de context van de specifieke behoeften van bepaalde
 groepen gedetineerden.
 Om deze reden beveelt de Raad aan de bijzondere opvang van strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen te relateren aan de behoeften van deze groep gedetineerden. In het voorstel van
 de staatssecretaris spelen deze een ondergeschikte rol. Speciale aandacht is op zijn plaats voor de
 resocialisatiedoelstelling. Iedere gedetineerde heeft het recht op een aanbod tot resocialisatie, al
 dan niet in de Nederlandse samenleving, zonder onderscheid naar ras of nationaliteit. Daarnaast
 kunnen resocialisatieactiviteiten een zinvolle bijdrage leveren aan de terugkeer van de vreemdeling
 naar zijn land van herkomst. Het samen plaatsen van de doelgroep kan, indien daarvoor de
 voorwaarden worden vervuld, de mogelijkheden daarvoor bevorderen.”
 De Raad uitte vooral kritiek op het in de toelichting gestelde, namelijk dat de desbetreffende
 gedetineerden uitgesloten zouden kunnen worden van resocialisatieactiviteiten, aangezien zij
 toch het land zouden verlaten. De wet (artikel 2, lid 2 Pbw) geeft geen grond voor de opvatting dat
 enige groep gedetineerden zou zijn uitgezonderd van de opdracht tot resocialisatie. In casu is het
 aangewezen de gedetineerde enige bagage mee te geven, in de vorm van aangeleerde vaardigheden
 of anderszins, waarmee hij in het land van bestemming een nieuwe start kan maken. Dit kan tevens
 het meewerken aan terugkeer bevorderen. Daarom is het belangrijk dat in een vroeg stadium van
 de detentie met resocialisatie wordt begonnen. Voor de niet onaanzienlijke groep gedetineerden die
 uiteindelijk niet kan worden uitgezet en die dus in Nederland blijft, zijn resocialisatie-inspanningen
 ook geenszins overbodig.
     1  RSJ, Advies Strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen d.d. 8 oktober 2008.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                                      7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre> Reactie staatssecretaris van Justitie
 Naar aanleiding van het advies is in de toelichting bij de regeling ingegaan op de mogelijke
 activiteiten voor de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen met het oog op de terugkeer
 naar de vrije samenleving in het land van herkomst. Hierbij is het onderscheid, ook in regime en
 dagprogramma, tussen de inrichtingen voor kort en lang verblijf van belang. In paragraaf 2 wordt
 het in de regeling uiteengezette beleid nader beschreven.
 1.2. Aanleiding voor dit advies
 Nu de bijzondere opvang voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen een jaar functioneert was
 de Raad geïnteresseerd in de vraag in hoeverre het regime aan zijn doel beantwoordt en of zich op
 enig vlak knelpunten zouden voordoen. Een gesprek met de commissie van toezicht bij de locatie
 Esserheem (in het kader van een reeks van kennismakingsgesprekken met c.v.t.’s) in november
 2009 voedde de gedachte dat aandacht voor het regime dringend gewenst was. De commissie van
 toezicht toonde zich namelijk ernstig bezorgd over het uitblijven van enige positieve ontwikkeling
 in dit regime. Afgezien van de – overigens gewaardeerde – activiteiten van de Dienst Terugkeer
 & Vertrek (DT&V) werd er voor de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen geen enkele op
 resocialisatie gerichte activiteit geboden.
 De Raad besloot hierop om naast de commissie van toezicht ook met directie, medewerkers,
 hulpverleners en gedetineerden in Esserheem over de situatie te spreken. Nadat bleek dat inmiddels
 ook strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen in de locatie Norgerhaven werden geplaatst en
 nadat in de gesprekken in Esserheem een verband werd gelegd tussen het verblijf in Esserheem en
 de aansluitende overplaatsing naar Alphen aan den Rijn werd besloten ook deze beide inrichtingen
 te bezoeken.
 De bezoeken vonden plaats op 11 februari 2010 (Esserheem), 18 maart 2010 (Norgerhaven) en 19
 maart 2010 (Alphen aan den Rijn).
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre> 2. De regimesontwikkeling in het licht van de doelstelling van de
 bijzondere opvang
 De doelstelling van het regime laat zich het meest eenvoudig beschrijven aan de hand van de
 toelichting op de regeling bijzondere opvang strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen van 29 mei
 2009. Hieronder een ruim citaat uit deze toelichting, met cursivering door de Raad:
 “In deze regeling wordt rekening gehouden met de indeling in doelgroepen van het Programma
 Modernisering gevangeniswezen, waarbij onder meer onderscheid wordt gemaakt naar (resterende)
 verblijfsduur binnen de inrichting. Het tweede lid van artikel 20b maakt het mogelijk om
 onderscheid te maken tussen inrichtingen bestemd voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
 met een strafrestant van ten minste vier maanden, en die bestemd voor gedetineerden met een
 strafrestant van minder dan vier maanden. Dit onderscheid is zinvol omdat in de laatste fase
 van de detentie de werkzaamheden van de Dienst Terugkeer & Vertrek (DT&V) en de concrete
 voorbereiding op het vertrek van de gedetineerde meer centraal zullen staan in het te voeren regime
 en dagprogramma binnen de inrichting voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen.
 Ofschoon elk van deze inrichtingen een regime en een dagprogramma voert die voldoen aan de
 wettelijke regels, bestaat in de inrichting voor langverblijvenden meer ruimte voor activiteiten
 die de tenuitvoerlegging van de straf zoveel mogelijk dienstbaar maken aan het voorbereiden van
 de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen op een leven na detentie dan in de inrichting voor
 strafrechtelijk gedetineerden met een kort strafrestant. In de inrichting voor langverblijvenden
 kan daarbij gedacht worden aan activiteiten als arbeid en onderwijs. Naast diverse ‘binnenbanen’
 als keukenhulp, sporthulp en reiniger, zijn daar onder meer afdelingen voor werkzaamheden met
 betrekking tot ‘beton’, ‘schilderwerk’, ‘hout’ en ‘metaal’. Waar mogelijk wordt de arbeid gecombineerd
 met een vakopleiding. Wat betreft onderwijs kan voorts worden gedacht aan computerles, en
 taalonderwijs in meerdere talen, waaronder met name Engels. Opgemerkt kan worden dat de DT&V
 zitting heeft in het gedetineerdenberaad en in dat kader voorstellen kan doen voor een bepaald
 programma voor een gedetineerde, met bijvoorbeeld specifiek op terugkeer gerichte activiteiten, dat
 de resocialisatie in het land van herkomst ten goede komt. Ook krijgt de gedetineerde een mentor
 toegewezen, die hem verder tijdens de detentie begeleidt. Deze kan een rol spelen bij de nodige (zorg)
 activiteiten met als perspectief de voorbereiding op de terugkeer naar het land van herkomst. In de
 inrichting voor de kortverblijvenden zal, naast het aanbod van een standaardprogramma met als
 activiteiten lichamelijke oefening, geestelijke verzorging, bibliotheekgebruik, recreatie, ontvangen
 van bezoek en verblijf in de buitenlucht, de nadruk komen te liggen op de concrete voorbereiding
 op het vertrek van de strafrechtelijk gedetineerde vreemdeling uit Nederland.”
 Plaatsing en detentiefasering
 Gedetineerden met een strafrestant van vier maanden of minder worden in het detentiecentrum
 Alphen aan den Rijn geplaatst. Gedetineerden met een strafrestant van meer dan vier maanden
 worden in Esserheem of Norgerhaven geplaatst. De laatste vier maanden van hun detentie worden
 ze overgeplaatst naar Alphen aan den Rijn. Een mogelijke contra-indicatie voor deze overplaatsing
 is het bestaan van psychische problematiek (het detentiecentrum beschikt niet over een
 zorgafdeling) of ongeschiktheid voor plaatsing op een meerpersoonscel (het detentiecentrum heeft
 alleen meerpersoonscellen).
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                             9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre> De gedachte achter de overplaatsing is beschreven in de hierboven aangehaalde toelichting op de
 regeling.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            10
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre> 3. Conclusies en aanbevelingen
 3.1 Samenvatting inrichtingen en regimes, bijzonderheden en knelpunten
 De Raad heeft op basis van de in de inrichtingen gevoerde gesprekken een indruk gekregen van het
 functioneren van de respectievelijke regimes. De regimes in de drie inrichtingen waar strafrechtelijk
 gedetineerde vreemdelingen verblijven verschillen significant van elkaar en de invulling van de
 bijzondere opvang blijft momenteel sterk achter bij hetgeen in de regeling en de toelichting daarop
 is aangegeven.
 Bij de advisering laat de Raad zich mede leiden door de onlangs uitgebrachte Beginselen van goede
 bejegening2. Beginselen die bij de onderhavige problematiek in het bijzonder een rol spelen zijn die
 van wettelijke tenuitvoerlegging (plaatsingen in Norgerhaven), zinvol regime en resocialisatie (in
 verband met de doelstelling van deze vorm van bijzondere opvang) en veiligheid in detentie.
 Regime en activiteiten
 De beide inrichtingen voor langgestraften beschikken over faciliteiten voor het voeren van een
 volledig dag- en activiteitenprogramma. In het detentiecentrum ontbreken deze grotendeels. De
 arbeids- en scholingsfaciliteiten worden in Veenhuizen beperkt benut, aangezien de werkplaatsen
 en –apparatuur zijn ingericht voor gedetineerden met een ander niveau van vaardigheden dan er
 worden geplaatst.
 De Raad heeft van de directies van alle drie de inrichtingen begrepen dat zij weinig mogelijkheden
 hebben voor regimesontwikkeling. De oorzaak hiervan zou zijn dat hiervoor op landelijk niveau
 weinig aandacht bestaat en er geen extra budget voor het regime van deze bijzondere opvang
 beschikbaar wordt gesteld.
 De activiteiten die in de toelichting op de regeling worden genoemd (zie paragraaf 2) worden in
 beide inrichtingen voor langgestraften veelal niet geboden. Arbeid wordt kwantitatief en kwalitatief
 in zeer beperkte mate geboden. De inhoud ervan is bepaald niet toegesneden op de doelstelling van
 de bijzondere opvang van strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen. Voorzover de gedetineerde
 hiermee bagage meekrijgt voor het opbouwen van een bestaan in zijn land van herkomst, berust dat
 grotendeels op toeval. In ieder geval wordt hierbij niet gelet op de individuele behoefte.
 Dezelfde conclusie valt – in versterkte mate- te trekken ten aanzien van het onderwijs. Terwijl de
 toelichting spreekt over taalonderwijs (in met name Engels), wordt er in Esserheem uitsluitend
 Engelse les gegeven, die dan nog slechts toegankelijk is voor Nederlands of Engels sprekende
 gedetineerden. Andere vormen van onderwijs zijn er niet, ook geen computeronderricht. In
 Norgerhaven zijn arbeid en onderwijs tengevolge van de gemengde plaatsing wel toegankelijk
 voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen. Wegens taalproblemen profiteren zij echter
 niet ten volle van deze mogelijkheden. De directie uit de vrees dat, als in het najaar van 2010
 het avondprogramma in de penitentiaire inrichtingen wordt heringevoerd, de inrichtingen voor
 strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen hiervan worden uitgezonderd. De gedachte hierachter
 zou mogelijk zijn dat voor deze groep geen uitbreiding van op resocialisatie gerichte activiteiten
 nodig zou zijn. Gelet op de doelstelling van de bijzondere opvang moet hier sprake zijn van een
 misverstand.
 Gelet op het beginsel van resocialisatie, dat voor de Raad leidend is bij de vormgeving van detentie,
     2  Zie: Goed Bejegenen, beginselen voor het omgaan met ingeslotenen, RSJ 2010
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                                  11
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre> acht de Raad het onaanvaardbaar dat de bijzondere opvang voor strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen op dit punt niet adequaat wordt ingevuld.
 Het detentiecentrum; detentiefasering
 De toelichting op de regeling vermeldt voor “de inrichting voor kortgestraften” uitsluitend de
 wettelijk voorgeschreven activiteiten (luchten, sport, geestelijke verzorging, bezoek, bibliotheek en
 recreatie). Het detentiecentrum biedt inderdaad slechts deze en kan ook niet verder gaan, aangezien
 faciliteiten voor andere activiteiten geheel ontbreken. De inrichting zal, als de voorgenomen
 verbouwing heeft plaatsgevonden, over meer activiteitenruimtes beschikken, maar voor meer of
 andere dan de voorgeschreven activiteiten zullen deze niet worden gebruikt. Deze situatie voldoet
 aan de wettelijke voorschriften en is conform de regeling. Het verschil met het detentieklimaat
 in Esserheem is groot. Dit is vooral zichtbaar in de mate van bewegingsvrijheid (die in het
 detentiecentrum vrijwel geheel ontbreekt) en het sterk op beheer gerichte regime in Alphen aan
 den Rijn. Een illustratie van beheersgerichtheid is het strikt gescheiden houden van vreemdelingen
 naar insluitingtitel (Pbw / Vreemdelingenwet). Vanzelfsprekend is het scheiden van straf- en
 administratiefrechtelijk gedetineerden het uitgangspunt. In de inrichtingen voor langgestraften
 blijkt het gezamenlijke deelnemen aan activiteiten echter inhoudelijke en schaalvoordelen te
 hebben. Door gemeenschappelijke activiteiten geheel uit te sluiten wegens het risico van incidenten
 tussen gedetineerden uit de verschillende groepen, worden deze mogelijke voordelen in het
 detentiecentrum gemist.
 De in Esserheem gehoorde vrees dat aldaar opgebouwde medewerking aan terugkeer na
 overplaatsing naar Alphen aan den Rijn teniet wordt gedaan, kon de Raad aan de hand van de
 gesprekken in Alphen aan den Rijn en bij ontbreken van feitelijke uitzetcijfers niet staven. Aan de
 andere kant valt niet in te zien hoe het strikte regime in Alphen aan den Rijn wel zou bijdragen
 aan het bereiken van het doel van de bijzondere opvang. In de toelichting op de regeling wordt de
 overplaatsing gemotiveerd met het beter faciliteren van het feitelijke vertrek. Hierbij wordt echter
 geenszins aangegeven dat de plaats van detentie een detentiecentrum zou moeten zijn in plaats
 van een reguliere gevangenis of dat de bejegening van de gedetineerde een restrictief karakter
 zou moeten dragen. Terwijl detentiefasering normaal gesproken resulteert in overplaatsing naar
 een regime met meer vrijheden, is dit bij de bijzondere opvang voor strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen juist andersom. Voorzover dit een onbedoeld neveneffect is, dienen hiertegen
 maatregelen te worden genomen in de vorm van verruiming en versoepeling van regime en
 bejegening.
 Opmerkelijk genoeg resulteert de sterk op rust en orde gerichte bejegening in het detentiecentrum
 in de beleving van de gedetineerden niet in een groter gevoel van veiligheid. Integendeel, de
 gedetineerdencommissie spreekt van onderlinge spanningen en intimidatie, vooral veroorzaakt
 door het verblijf op de meerpersoonscel. Vanuit het beginsel ‘veiligheid in detentie’ (één van de
 beginselen van goede bejegening die de Raad heeft geformuleerd) is dit een zeer bedenkelijk
 gegeven. De inrichting kan weinig doen aan de spanning die de aanstaande uitzetting op zichzelf
 meebrengt. Daarom is een extra inspanning om andere mogelijke bronnen van spanning en
 onveiligheid te vermijden bijzonder aangewezen.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            12
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre> Toepassing vreemdelingenbewaring na detentie niet bekend
 Een belangrijke doelstelling van de bijzondere opvang van strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen is dat zij na hun straftijd onmiddellijk worden uitgezet. Hiermee wordt voorkomen
 dat in aansluiting op de detentie nog vreemdelingenbewaring volgt. Het is vanzelfsprekend van
 belang dat met cijfers kan worden gestaafd in hoeverre deze doelstelling van de bijzondere opvang
 wordt gehaald. De directie van het detentiecentrum Alphen aan den Rijn gaf als indicatie dat
 rond 30% van de vreemdelingen niet aantoonbaar het land verlaat. De DT&V bevestigde dit cijfer
 desgevraagd. Directie noch DT&V kon echter een uitsplitsing maken naar uitzettingscijfers vanuit
 de bijzondere opvang respectievelijk na vreemdelingenbewaring. Ook kon de vraag van de Raad
 niet worden beantwoord om informatie over de mate waarin er op de bijzondere opvang nog
 vreemdelingenbewaring volgt.
 3.2 Norgerhaven: geen sprake van bijzondere opvang
 Het plaatsen van strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen op de titel van bijzondere opvang in
 Norgerhaven is weliswaar in overeenstemming met de bestemmingsaanwijzing, maar mist een
 wettelijke basis. De strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen verblijven gemengd met andere
 (langgestrafte) gedetineerden op de afdelingen. Omdat deze inrichting geen specifiek op deze
 categorie gedetineerden afgestemd regime kent, is er geen sprake van bijzondere opvang. Hier is het
 beginsel van wettelijke tenuitvoerlegging in het geding.
 3.3 Aanbevelingen
 Op basis van de in de paragrafen 3.1 en 3.2 beschreven conclusies beveelt de Raad het volgende aan.
 Legitimering plaatsingen in Norgerhaven
 Uitgaande van het gegeven dat capaciteit voor strafrechtelijk gedetineerden in Norgerhaven
 noodzakelijk blijft, is het noodzakelijk dat deze plaatsingen een wettelijke basis krijgen. Daartoe zal
 in (een deel van) deze inrichting een specifiek op de bijzondere opvang afgestemd regime dienen te
 worden gevoerd (zie ook de volgende aanbeveling). Dit laat onverlet dat strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen gezamenlijk met andere gedetineerden deelnemen aan activiteiten als arbeid en
 scholing.
 Uitbouw van het regime in Esserheem en Norgerhaven
 Het activiteitenprogramma voldoet pas aan de eisen van bijzondere opvang als de inhoud ervan
 wordt ingevuld zoals bedoeld in artikel 20b van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing
 gedetineerden en de toelichting daarop. Specifieke elementen daaruit zijn scholing in vaardigheden
 die zinvol zijn na terugkeer naar het land van herkomst. Herinvoering van een avondprogramma is
 ook in deze inrichtingen van belang.
 Daarnaast is het voor de gedetineerden van bijzonder belang dat er een betaalbare mogelijkheid is
 voor telefooncontact met relaties in het buitenland.
 Individualisering van de detentiefasering
 De detentiefasering dient in het teken te staan van het doel van deze bijzondere opvang.
 Overplaatsing vanuit Esserheem of Norgerhaven naar het detentiecentrum is uit dit oogpunt niet in
 alle gevallen functioneel. Overplaatsing naar Alphen aan den Rijn heeft geen zin bij gedetineerden
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            13
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre> van wie het vertrek reeds tijdens het verblijf in Veenhuizen geheel is geregeld, of bij degenen bij wie
 juist is komen vast te staan dat uitzetting geen kans van slagen heeft. De Raad beveelt daarom aan
 de overplaatsing te individualiseren. Hierbij wordt tevens speciale aandacht gevraagd voor contra-
 indicaties in verband met ongeschiktheid voor plaatsing op de meerpersoonscel.
 Minder restrictief regime en tegengaan onderlinge spanningen in Alpen aan den Rijn
 In vergelijking met Veenhuizen is het regime in Alphen aan den Rijn beperkt qua activiteiten en
 bewegingsvrijheid. De geplande gebouwelijke aanpassingen kunnen bijdragen aan verruiming van
 het activiteitenprogramma. Uitvoering hiervan moet prioriteit krijgen.
 Regime en bejegening zijn in het detentiecentrum sterker beheersgericht dan in Veenhuizen, terwijl
 het om dezelfde gedetineerdengroep gaat. Versterking van contacten tussen de inrichtingen en
 benchmarking zou tot meer eenheid in de uitvoering van deze vorm van bijzondere opvang kunnen
 leiden.
 Uit oogpunt van veiligheid moeten bronnen van spanning tussen gedetineerden worden vermeden.
 Een mogelijkheid is bijvoorbeeld om twee tv-toestellen met koptelefoon op de meerpersoonscel te
 plaatsen.
 Aantonen doelmatigheid van de bijzondere opvang
 Stel informatie beschikbaar over uitzetcijfers en over de mate waarin strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen na hun straftijd alsnog in vreemdelingenbewaring worden genomen, aan de hand
 waarvan de effectiviteit van het regime van bijzondere opvang voor deze groep kan worden gestaafd.
 Ook het nut van het overplaatsen van langgestraften naar het detentiecentrum gedurende de laatste
 vier maanden zou aan de hand van cijfers moeten kunnen worden aangetoond.
 Nader te onderzoeken knelpunten
 In de bevindingen per inrichting (zie de bijlage) wordt een aantal situaties beschreven die de
 gesprekspartners als knelpunt ervaren. Dit betreft:
 -- complexiteit van (vak)arbeid in Veenhuizen strookt niet met vaardigheidsniveau van
     gedetineerden; instructie stuit op taalprobleem;
 -- tekort aan psychologen en behoefte aan een extra zorgvoorziening in Veenhuizen;
 -- geestelijke verzorging kan onkostenvergoeding voor vrijwilligers niet meer betalen;
 -- de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM)3 is in Veenhuizen niet actief.
 Niet al deze knelpunten konden in de gesprekken voldoende worden onderbouwd en toegelicht.
 De Raad doet daarom op deze punten geen aanbevelingen maar acht het raadzaam ze nader te
 doen onderzoeken, hetzij door de Dienst Justitiële Inrichtingen, hetzij door de Inspectie voor de
 Sanctietoepassing (ISt).
    3    De Internationale Organisatie voor Migratie (opgericht in 1951) is een wereldwijde, onafhankelijke organisatie op het gebied van
         migratie. In Nederland ondersteunt IOM migranten die vrijwillig willen terugkeren naar hun land van herkomst en bij hun duurzame
         herintegratie (bron: www.iom-nederland.nl).
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                                       14
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre> Bijlage: bevindingen naar aanleiding van de bezoeken
 Hieronder volgt een korte beschrijving van elk van de drie locaties waar strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen worden geplaatst.
 1. Esserheem
 Bestemming
 De bestemming van Esserheem is als volgt: gevangenis voor mannen met een regime van algehele
 gemeenschap en een normaal beveiligingsniveau. De inrichting is tevens aangewezen voor de
 opvang van strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen ex artikel 20b lid 2 onder A van de Regeling
 Selectie, plaatsing en overplaatsing gedetineerden.
 Regime en activiteiten
 Het dagprogramma beslaat 63 uur per week, er zijn geen avondactiviteiten.
 In principe is er 20 uur arbeid per week. De directie constateert dat de aangeboden arbeid
 te hoog gekwalificeerd is, gelet op het vaardigheidsniveau van de gedetineerden en vanwege
 de noodzakelijke instructies, die onmogelijk gegeven kunnen worden in de vele talen die
 onder de gedetineerden worden gesproken. Esserheem en Norgerhaven beschikken over
 uitstekende arbeidsvoorzieningen en het personeel is erg gemotiveerd voor het begeleiden
 van de gedetineerden. Het taalprobleem maakt het lastig om de theorie uit te leggen, zodat de
 gedetineerden alleen praktijkwerk doen. Om deze reden kunnen geen diploma’s worden uitgereikt.
 Gedetineerden die naar tevredenheid hebben gefunctioneerd krijgen wel een getuigschrift mee. De
 directie zoekt nu naar passender werk.
 Een vergelijkbaar probleem speelt bij het onderwijs. Alfabetiseringscursussen zijn lastig te
 realiseren omdat dergelijke cursussen beginnen met de moedertaal. In Esserheem zijn maar liefst
 65 nationaliteiten aanwezig.
 Het Europees Sociaal Fonds, dat inrichtingen vaak financieel steunt voor resocialisatieactiviteiten,
 verstrekt geen subsidie voor onderwijs aan strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen, ook niet
 voorzover het gedetineerden uit de EU betreft.
 Gedetineerden met dezelfde nationaliteit kunnen op dezelfde afdeling worden geplaatst, maar dit
 gebeurt met mate, teneinde ongewenste clustervorming te vermijden.
 Psychische problematiek strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen; zorg
 De gedetineerden doen geen sterker beroep op de medische en psychologische dienst dan in een
 reguliere p.i. Zorgverleners ervaren verschillen in culturele beleving en het taalprobleem echter wel
 als hindernissen bij de zorgverlening.
 Strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen met psychische problemen kunnen niet naar de GGZ
 worden verwezen en verblijven dus ofwel in de inrichting of moeten worden verwezen naar een
 Penitentiair Psychiatrisch Centrum. Esserheem zou daarom willen beschikken over een ‘extra-
 zorgvoorziening’. Een indicatiestelling voor extra zorg vormt een contra-indicatie voor overplaatsing
 naar het detentiecentrum in Alphen aan den Rijn.
 Contacten met de buitenwereld
 De kosten van telefoneren liggen zo hoog dat gedetineerden doorgaans hoogstens vijf minuten per
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            15
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre> week met het thuisfront (veelal in het buitenland) kunnen bellen. Voorheen konden gedetineerden
 voordelig bellen via bepaalde 0800-nummers. Deze mogelijkheid is er thans niet meer. De
 beroepscommissie van de Raad heeft een beroep tegen het schrappen van deze mogelijkheid
 ongegrond verklaard in de verwachting dat er verbetermaatregelen zouden worden genomen. Deze
 blijken nu niet te zijn genomen.
 De gedetineerden kunnen (gratis) gebruik maken van een internetbeeldtelefoon. Gedetineerden die
 dit aanvragen worden hiervoor ingeroosterd. Het systeem is geregeld gestoord. Binnenkort wordt
 een tweede webcam geplaatst en wordt satelliet tv ingevoerd.
 Veel gedetineerden hebben relaties in Nederland die, zeker in de winter, moeilijk naar Veenhuizen
 kunnen komen. De bezoekmogelijkheid op zondag is onlangs geschrapt.
 De commissie van toezicht tracht via Bonjo vrijwilligers binnen te halen. De commissie heeft ook
 steunverzoeken gericht aan vluchtelingenwerk en de Internationale Organisatie voor Migratie
 (IOM), maar daarop is vooralsnog negatief gereageerd. De directie hoopt de inzet van de IOM
 alsnog te verwerven.
 Detentieroute; activiteiten van de DT&V
 De samenwerking tussen de inrichtingen en DT&V ontwikkelt zich naar tevredenheid. DT&V neemt
 deel aan het gedetineerdenberaad. Inrichtingsmedewerkers spreken gunstig over de vaardigheden
 van de DT&V-functionarissen om de gedetineerden tot medewerking aan terugkeer te stimuleren.
 De DT&V begint twee jaar voor einde detentie aan de terugkeer en streeft ernaar deze af te ronden
 terwijl de gedetineerde nog in Esserheem verblijft. Gedetineerden worden voor de laatste vier
 maanden van de detentie naar Alphen aan den Rijn overgeplaatst. DT&V constateert dat de in
 Esserheem opgebouwde medewerking aan terugkeer door de aard van de bejegening in Alphen aan
 den Rijn soms weer wordt afgebroken. De gedetineerde gaat zich dan vaak weer tegen uitzetting
 verzetten. Op deze manier heeft overplaatsing geen meerwaarde en is het in Esserheem gedane
 werk voor niets. De DT&V pleit voor aanpassing en een soepeler toepassing van dit beleid.
 Plannen voor regimesontwikkeling
 De directie werkt vanaf begin 2010 aan een plan voor de invulling van een op terugkeer gericht
 regime op korte en lange termijn. Dit plan omvat meer aandacht voor onderwijs4 en sport en
 verruiming van het aanbod van de bibliotheek. De financiering van deze vernieuwing vraagt
 ongeveer € 200.000,- a € 300.000,-. De realisatie hiervan is grotendeels afhankelijk van beschikbare
 middelen. De directie denkt dit bedrag bij elkaar te krijgen door interne budgettaire verschuivingen.
 Intussen is – zoals in alle inrichtingen in het gevangeniswezen – het dagprogramma per 1 april 2010
 teruggebracht tot de wettelijk voorgeschreven activiteiten (de zogenoemde nuloptie). Terwijl voor
 het gehele gevangeniswezen de herinvoering in het najaar van 2010 van een avondprogramma
 gedurende twee avonden per week is aangekondigd, heeft de directie van de DJI begrepen dat
 hiervan in het regime voor stafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen wellicht geen sprake zal zijn.
     4  Per 1 juni 2010 is het onderwijsaanbod uitgebreid door verdubbeling van het aantal uren Engels en computerles (informatie van de
        Inspectie voor de Sanctietoepassing n.a.v. een doorlichtingsonderzoek in april 2010).
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                                      16
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre> 2. Norgerhaven
 Bestemming;
 De bestemming van Norgerhaven is gelijk aan die van Esserheem.
 Norgerhaven; geen bijzondere opvang
 Tot de bevolking van Norgerhaven als inrichting voor langgestraften behoren van oudsher
 ook gedetineerden die na de detentie niet in Nederland mogen blijven. De bestemming van
 Norgerhaven omvat mede de bijzondere opvang voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen.
 De inrichting kent echter geen apart programma en evenmin aparte plaatsing voor de (ten
 tijde van het bezoek 80) strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen. Zij zitten tussen de andere
 gedetineerden en er wordt in het programma geen onderscheid gemaakt tussen gedetineerden die
 wel dan niet na ommekomst van de detentie zullen worden uitgezet. Eerst nadat het programma
 voor de bijzondere opvang in Esserheem naar behoren loopt, zal worden bezien of dit ook voor
 Norgerhaven een optie is.
 Inrichtingsmedewerkers en gedetineerden zien zowel voor- als nadelen van het gezamenlijke
 verblijf voor de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen. Zij profiteren hierdoor immers
 van de scholings- en arbeidsmogelijkheden die er voor alle gedetineerden zijn. Het bieden van
 perspectief (in de zin van scholing en arbeid) vergroot de kans op medewerking aan uitzetting.
 Voor degenen onder deze groep die uiteindelijk toch in Nederland blijven, bevordert de deelname
 aan het dagprogramma de re-integratie. Tegenover deze voordelen van samenplaatsing staat
 dat het scheiden van strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen de mogelijkheid zou geven dat
 het personeel van de desbetreffende afdeling zich in het bejegenen van deze groep specialiseert.
 Dat gebeurt nu niet. In de opvatting van de commissie van toezicht vallen de geschetste voor- en
 nadelen tegen elkaar weg.
 Regime en activiteiten
 Het vanouds diverse scholingsaanbod van Norgerhaven is als gevolg van bezuinigingen sterk
 verminderd. De (populaire) opleiding tot fitnessinstructeur is er bijvoorbeeld niet meer. Evenals in
 Esserheem wordt vermeld dat het taalprobleem een groot struikelblok vormt voor het onderwijs.
 Scholing en arbeid gericht op een bestaan na detentie (i.h.b. in het land van bestemming)
 ontbreken. Hulpverleners constateren dat de verschraling aan arbeid en scholing bij sommige
 gedetineerden leidt tot psychische problemen.
 De geestelijke verzorging werkt onder meer met 20 vrijwilligers. Deze vrijwilligers spreken
 verschillende talen en dat doet de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen goed. Voorheen werd
 veel meer met vrijwilligers gewerkt, maar momenteel is er geen geld meer voor het vergoeden van
 reiskosten.
 Contact personeel – strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
 De communicatie tussen het personeel en de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
 ondervindt hinder van de taalbarrière. Afdelingspersoneel denkt goed mee over de plaatsing,
 ondanks de logistieke beperkingen. Zo worden bijvoorbeeld landgenoten die kunnen tolken op
 eenzelfde afdeling geplaatst met gedetineerden die geen Nederlands of Engels spreken.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            17
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre> Medewerkers tonen soms schroom om in een andere taal te spreken.
 Men wil geen fout maken als het erop aankomt.
 Psychische problematiek strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen; zorg
 De problematiek bij strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen verschilt van die van andere
 gedetineerden. Er is minder vaak sprake van antisociale persoonlijkheidsproblematiek. Er
 is daarentegen veel meer sprake van trauma’s en psychosociale problemen en soms van een
 psychische stoornis die in het land van herkomst niet wordt erkend / herkend of waarvoor in het
 land van herkomst geen medicijnen bestaan. Informatie over het verleden van de gedetineerde is
 vaak onvolledig. Er bestaat een tekort van twee fte aan psychologen in Norgerhaven. De oorzaak
 daarvan is gebrek aan belangstelling voor deze functie.
 Meerpersoonscelgebruik
 Norgerhaven beschikt over meerpersoonscellen (mpc’s), maar hiervan wordt geen gebruik gemaakt.
 Omdat gedetineerden in het detentiecentrum in Alphen aan den Rijn wel standaard in een mpc
 worden geplaatst, krijgt de psycholoog veel vragen over de geschiktheid van een gedetineerde voor
 een mpc.
 De samenwerking tussen de psycholoog en DT&V wordt als zeer prettig ervaren. DT&V toont zich
 zeer betrokken en pro-actief.
 3. Detentiecentrum Alphen aan den Rijn
 Bestemming
 De bestemmingsaanwijzing van het Detentiecentrum Alphen aan den Rijn luidt: gevangenis voor
 zowel mannen als vrouwen (waarbij beide seksen steeds gescheiden worden ondergebracht) met
 een regime van algehele gemeenschap en een normaal beveiligingsniveau.
 Het regime voor strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen en vreemdelingenbewaring (ex art.59
 Vw) is identiek, maar beide groepen worden strikt gescheiden. De geestelijk verzorgers betreuren
 het dat deze scheiding ook tijdens activiteiten wordt doorgevoerd. Hierdoor is het nodig om
 activiteiten dubbel te organiseren, terwijl dat wegens de geringe groepsomvang niet is te realiseren.
 De directie houdt de scheiding strak aan, gezien ook de uitdrukkelijke wens van de Tweede Kamer
 de beide categorieën gescheiden te houden en “omdat het optreden van een incident tussen
 gedetineerden uit verschillende groepen niet zou zijn te verantwoorden”.
 Regime en activiteiten
 Bepalend voor het regime is het feit dat de inrichting een detentiecentrum is, en qua bouw en
 outillage geen, respectievelijk weinig ruimte biedt voor arbeid, onderwijs en andere groepsgewijze
 activiteiten.
 Het dagprogramma duurt van acht tot vijf (7 x 9 = 63 uur). Het activiteitenprogramma ligt naar
 zeggen van de directie (iets) boven het wettelijk minimum. Zo kunnen gedetineerden die geen
 gebruik maken van het luchten zich vrij over de afdeling bewegen. De strafrechtelijk gedetineerde
 vreemdelingen luchten in een luchtkooi op het dak. Van het sportveld kunnen zij beperkt gebruik
 maken. Ze kunnen twee maal per week sporten in de fitnessruimte.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            18
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre> Het gebrek aan activiteiten leidt volgens de gedetineerdencommissie tot stress. De afdeling is
 tevens de ‘activiteitenruimte’. De gedetineerden verblijven hier als er geen activiteiten elders zijn.
 Er staan een tafelvoetbal, sjoelbak, tv, boekenkastje en er kunnen bordspelletjes worden gedaan.
 Mede doordat de ruimte in het geheel niet is gestoffeerd, is het rumoerig. Inmiddels zijn plannen
 goedgekeurd voor het inrichten van activiteitenruimtes, onder andere voor de geestelijke verzorging
 en een bibliotheek. Hiervoor worden 300 plaatsen opgeofferd. De psycholoog verwacht dat
 uitbreiding van activiteiten het aantal stressklachten zal doen afnemen.
 De gedetineerdencommissie pleit voor activiteiten waarbij men iets leert dat in het land van
 bestemming van pas kan komen, ook al hebben veel vreemdelingen “niets om naar terug te keren”.
 De DT&V onderkent dat het bieden van activiteiten de medewerking aan terugkeer kan bevorderen.
 De directie constateert dat het een politieke keus is geweest deze activiteiten te schrappen.
 De gedetineerdencommissie omschrijft het regime daarnaast als sterk beheersgericht. Er vinden
 dagelijks celinspecties plaats. Na ieder contact met iemand van buiten de inrichting wordt de
 gedetineerde gevisiteerd. De gedetineerden ervaren het strakke regime als een extra straf. Onrust en
 spanningen tussen gedetineerden leiden volgens de gedetineerdencommissie tot een groot aantal
 strafcelplaatsingen.
 De directie begrijpt dat gedetineerden afkomstig uit inrichtingen in het gevangeniswezen en in
 het bijzonder uit Esserheem het regime strak en de faciliteiten beperkt zullen vinden, maar tekent
 hierbij aan dat ‘de politiek’ weinig ruimte laat voor regimesontwikkeling.
 Personeel en omgang met de gedetineerden
 Het executief personeel (detentietoezichthouders) bestaat deels uit DJI- en deels uit
 Securicormedewerkers. De gedetineerden spreken waardering uit voor de kwaliteit van de
 dagelijkse omgang.
 Een deel van het personeel is bijgeschoold in het werken met meer culturen (er zijn 85
 nationaliteiten geteld, nog afgezien van degenen van wie de nationaliteit niet bekend is). Meer dan
 de helft van de gedetineerden spreekt geen Nederlands. Medewerkers zijn doorgaans bereid als tolk
 op te treden, maar zijn ook soms bang om vertaalfouten te maken.
 Een mentorschap kent men hier niet, maar er is onder het personeel altijd een aanspreekpunt voor
 het psycho-medisch overleg.
 Contacten met de buitenwereld
 De strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen krijgen ruwweg 35% van het aantal bezoekers in
 vergelijking met gedetineerden in een h.v.b. Er zijn iets meer bezoekmogelijkheden dan het wettelijk
 minimum. Contact met relaties in het thuisland wordt bevorderd.
 Er worden vrijwilligers betrokken bij kerkdiensten en bezoek. Bij groepswerk van de geestelijke
 verzorging moet dit nog worden gerealiseerd.
 Psychische problematiek strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen; zorg
 Voor de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen is er geen luwte –of bijzondere zorgafdeling.
 Riagghulp is voor deze gedetineerden niet beschikbaar. Gedetineerden die hier behoefte aan
 hebben, worden overgeplaatst naar het detentiecentrum Zeist. Dit loopt soepel. Eventueel wordt de
 gedetineerde op een eenpersoonscel geplaatst.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            19
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre> Bij vertrek worden medicijnen meegegeven voor ten minste twee weken en waar nodig voor een
 langere periode. Dit loopt echter spaak als de gedetineerde niet meewerkt aan de overdracht van
 medische gegevens. Paradoxaal is dat er bij een schorsing van de bewaring op medische gronden
 (artikel 64 Vw) juist geen continuïteit van zorg is. Schrijnende gevallen worden ‘tussen de regels
 door’ geholpen.
 De gedetineerdencommissie vindt de medische zorg over het geheel genomen goed werken.
 Meerpersoonscelgebruik
 De gedetineerden ervaren veel onderlinge spanning. Deze wordt veelal veroorzaakt door het bij
 elkaar op cel plaatsen van mensen die verschillende talen spreken. Het recht van de sterkste bepaalt
 bijvoorbeeld welke tv-zender aan staat. Gedetineerden kunnen bevreesd zijn voor een (misschien)
 gestoorde of gewelddadige celgenoot. Gedetineerden weten weinig van elkaars achtergrond. De
 gedetineerdencommissie spreekt zelfs van een terreurbewind onder gedetineerden. Gedetineerden
 die zich door hun celmaat geïntimideerd of bedreigd voelen, durven daarover niet te klagen, zelfs
 niet onderling. De directie zegt te letten op de matching van celmaten. De gedetineerden zeggen
 hiervan weinig te merken. Overplaatsing op verzoek komt naar hun zeggen niet voor. De c.v.t.
 heeft uit onlangs gegeven beroepsbeslissingen opgemaakt dat de beroepscommissie spreekt over
 ‘geschiktheid’ van celgenoten maar weet niet hoe dit begrip te duiden.
 De gedetineerdencommissie vraagt zich af waarom er in andere inrichtingen twee tv’s met
 koptelefoons op een cel aanwezig kunnen zijn en hier niet. Een eigen tv invoeren is niet toegestaan.
 De meerpersoonscel is een belangrijke klachtenbron, constateert de commissie van toezicht.
 Detentieroute; activiteiten van de DT&V
 De DT&V en het IOM zijn in de inrichting actief. De inspanningen van het IOM zijn vooral van
 belang omdat sommige landen makkelijker iemand accepteren die vrijwillig terugkeert.
 DT&V vormt een team samen met Veenhuizen. De informatieoverdracht is daardoor goed.
 De directie schat dat 70% van de strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen uiteindelijk wordt
 uitgezet, hetzij vanuit de bijzondere opvang, hetzij na een aansluitende vreemdelingenbewaring. Dit
 cijfer werd later desgevraagd door de DT&V bevestigd.
 Gezien het hoge uitzettingspercentage kan de directie zich niet voorstellen dat het strakkere
 en soberdere regime in Alphen aan den Rijn een negatieve invloed heeft op de bereidheid
 van de gedetineerde om aan de uitzetting mee te werken. De plaatsing in Alphen aan den Rijn
 vergemakkelijkt het presenteren bij de ambassades. Ambassadepersoneel is volgens de directie niet
 bereid om daarvoor naar Veenhuizen te reizen.
 Vrijwillige medewerking aan terugkeer kan een reden zijn om overplaatsing vanuit Esserheem naar
 Alphen aan den Rijn achterwege te laten. Uit het oogpunt van capaciteit vindt overplaatsing echter
 ook in die gevallen wel plaats.
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Advies Regimesontwikkeling strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen
                                                            20
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>