<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>                                                                             Parkstraat 83 Den Haag
Raad voor Strafrechtstoepassing                                               Correspondentie:
    en Jeugdbescherming ~                                                      2500 GC   Den Haag
                              ~                                                 Fax algemeen
                                                                                Telefoon         361 93361
                                                                                          (070) (070)   00 9310
                                                                                 Fax rechtspraak (070) 361 9315
                   Aan de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
                   De heer mr. F. Teeven
                   Postbus 20301
                   2500 EH Den Haag
  Betreft         : Aanbieding advies conceptwetsvoorstel tegengaan huwelijksdwang
  Contactpersoon  : mr. M.A.C. Herweijer
  Doorkiesnummer  : 070-3619355
  E-mail          : m.a.c.herweijer@minvenj.nl
  Datum           : 20 december 2011
  Uw kenmerk      :5714633/11/6
  Ons kenmerk     : CR 35/1077486/2011/MH/RD
                   Geachte heer Teeven,
                  Op 4 november 2011 ontving de Raad voor
                  Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (hierna: Raad) van
                  u een adviesaanvraag. De adviesaanvraag ziet op het
                  conceptwetsvoorstel tot wijziging van Boek 1 en Boek 10 van
                  het Burgerlijk Wetboek (BWJ betreffende de huwelijksieeftijd,
                  de huwelijksbeletselen, de nietigverklaring van een huwelijk en
                  de erkenning van in het buitenland gesloten huwelijken
                  (hierna: conceptwetsvoorstel tegengaan huwelijksdwang). De
                  Raad laat u graag het volgende weten.
                  Achtergrond wetsvoorstel
                  Uit de memorie van toelichting blijkt dat het doel van de in dit
                  conceptwetsvoorstel voorgestelde maatregelen is om
                  huwelijksdwang verder te beteugelen en de erkenning van in
                  het buitenland gesloten huwelijken te beperken tot hetgeen in
                  overeenstemming is met het in Nederland meer algemeen
                  ervaren karakter van het huwelijk. De maatregelen betreffen
                  een viertal onderwerpen:
                  1. het tegengaan van huwelijken die onder invloed van dwang
                      worden gesloten;
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre> 2. het inperken van de mogelijkheid tot het sluiten van een
     huwelijk met een persoon die de leeftijd van achttien jaar
     nog niet heeft bereikt;
 3. het inperken van de mogelijkheid tot het sluiten van een
     huwelijk met een bloedverwant in de derde of vierde graad
     in de zijlinie;
 4. het inperken van de mogelijkheid van erkenning in
     Nederland van een aantal nader te noemen rechtsgeldig in
     het buitenland gesloten huwelijken.
Voornoemde maatregelen gelden via de schakelbepaling van
 artikel 1:80a BW tevens voor het geregistreerd partnerschap.
Algemene opmerkingen
 De Raad ziet af van advisering over het conceptwetsvoorstel
tegengaan huweljksdwang voor zover dat ziet op
meerderjarigen, omdat dit het adviesterrein van de Raad
 overstijgt. De Raad gaat graag in op het conceptwetsvoorstel
tegengaan huwelijksdwang voor zover dat gevolgen heeft voor
minderjarigen. De Raad zal daarom ingaan op de maatregel,
zoals voorgesteld onder punt 2 en de maatregel genoemd onder
punt 4, voor zover deze ziet op minderjarigen.
Inperken van de mogelijkheid te trouwen voor minderjarigen
Voorgesteld wordt om de uitzonderingsgronden voor
minderjarigen om een huwelijk te sluiten, af te schaffen. Nu
geldt als hoofdregel dat de echtgenoten beiden achttien jaar
dienen te zijn om te mogen trouwen (artikel 1:31 lid 1 BW).
Hierop bestaan twee uitzonderingen, genoemd in lid 2 en 3 van
dat artikel. Als de echtgenoten beiden zestien of zeventien jaar
zijn en de vrouw een verklaring van een arts kan overleggen
waaruit blijkt dat zij zwanger is, dan wel haar kind reeds ter
wereld heeft gebracht, kunnen de echtgenoten trouwen (lid 2).
Ook kan de minister van Veiligheid en Justitie ontheffing
verlenen van de hoofdregel als sprake is van gewichtige
redenen (lid 3). De leeftijd is momenteel op achttien jaar
gesteld, omdat de wetgever huwelijken op een zeer jeugdige
leeftijd niet wenselijk acht. Het gevolg van het huwelijk voor de
minderjarige is dat hij van rechtswege meerderjarig wordt
(artikel 1:233 BW). Hierdoor wordt de minderjarige
handelingsbekwaam en kan hij onder andere het gezag over
zijn kind uitoefenen. De meerderjarig verklaarde krijgt echter
niet alle rechten van een meerderjarige: hij heeft bijvoorbeeld
geen actief of passief kiesrecht.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>             Voorgesteld wordt om de uitzonderingen van lid 2 en 3 te laten
             vervallen. De memorie van toelichting zegt daarover (pagina 5):
              “Gelet op de kwetsbare positie van jongeren in een
             samenleving die steeds hogere eisen stelt aan hun
             beoordelingsvermogen en gelet op het feit dat het op zestien-
             of zeventienjarige leeftijd meerderjarig worden geenszins tot
             gevolg heeft dat daaraan alle rechten verbonden zijn die
             meerderjarigen vanaf achttien jaar kunnen uitoefenen, wordt
             voorgesteld om de uitzonderingen op het vereiste dat voor het
             aangaan van een huwelijk de leeftijd van achttien jaar moet zijn
             bereikt, te doen vervallen.”
              Standpunt Raad
             De Raad heeft met instemming kennis genomen van
             voornoemde maatregel. Minderjarigen zijn kwetsbaar en
             kunnen niet altijd de gevolgen van hun handelen overzien. Het
             sluiten van een huwelijk is een stap met vergaande
             consequenties en de Raad betwijfelt of zestien- en
             zeventienjarigen in staat zijn de consequenties van deze stap
             geheel te overzien. Bovendien blijkt uit de memorie van
             toelichting dat van de uitzonderingsmogeljkheden van artikel
             1: 31 lid 2 en 3 BW niet of nauwelijks gebruik wordt gemaakt.’
             Met het vervallen van de uitzonderingsmogeljkheden voor
             zestien- en zeventienjarigen om te trouwen, kan de zestien- of
             zeventienjarige vrouw enkel nog trouwen als zij meerderjarig is
             verklaard omdat zij haar kind wil opvoeden en verzorgen
             (artikel l:253ha BW). Daarvoor moet zij een verzoek tot
             meerderjarigverklaring indienen bij de rechtbank. De
             kinderrechter beoordeelt of het in het belang van de moeder en
             het kind wenselijk is dat de moeder meerderjarig wordt
             verklaard. Vervolgens kan de moeder het gezag over haar kind
             uitoefenen en kan zij op grond van het voorgestelde artikel 1:31
             lid 2 BW ook trouwen.
             De Raad wijst er echter op dat de in artikel 1:253ha BW aan
             minderjarige moeders geboden mogelijkheid om meerderjarig
             te worden verklaard niet primair is gegeven om minderjarige
             moeder in staat te stellen in het huwelijk te treden, maar om
             zelf haar kind te kunnen verzorgen en op te voeden. De Raad
1 Uit pagina 4 van de memorie van toelichting blijkt dat er jaarlijks gemiddeld 10
zestienjarigen in het huwelijk treden en gemiddeld 31 â 32 zeventienjarigen, omdat sprake
is van zwangerschap of een reeds geboren kind. Sinds 2007 zijn alle verzoeken om
dispensatie op grond van gewichtige redenen afgewezen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>vraagt zich af of het gelet op de hiervoor genoemde bijzondere
kwetsbaarheid van jongeren beneden de leeftijd van achttien
jaar gewenst is langs deze weg de mogelijkheid om een
huwelijk te sluiten voor personen onder de achttien jaar open
te houden. Denkbaar is ook om de wens van de minderjarige
moeder van zestien jaar en ouder om haar eigen kind te
verzorgen en op te voeden op een andere wijze wettelijk
mogelijk te maken, bijvoorbeeld door een andere
(meerderjarige) persoon met de tijdelijke voogdij over het kind
van de vrouw te belasten en de minderjarige moeder en/of
minderjarige vader het kind te laten opvoeden.
Daarnaast is het de Raad opgevallen dat het doen vervallen van
de uitzonderingen van artikel 1:31 lid 2 en 3 BW in samenhang
met de meerderjarigverklaring van art. 1:253ha BW leidt tot
ongelijkheid tussen minderjarige vrouwen en minderjarige
mannen. De meerderjarigverklaring staat immers alleen open
voor minderjarige vrouwen en niet ook voor minderjarige
mannen, terwijl het onder de huidige wet voor beiden in
uitzonderingsgevallen mogelijk was om te trouwen. Uit de
memorie van toelichting blijkt dat het jaarlijks weliswaar om
slechts één â twee minderjarige jongens gaat die met een
beroep op de huidige uitzondering trouwen, niet valt in te zien
waarom de uitzonderingsmogelijkheid voor minderjarige
mannen om te trouwen geheel moet vervallen, terwijl deze
uitzonderingsmogelijkheid voor minderjarige vrouwen moet
blijven bestaan. Mocht de staatssecretaris vasthouden aan de
maatregel genoemd onder punt twee, dan beveelt de Raad aan
om deze ongelijkheid op te heffen.
Tot slot merkt de Raad op dat de door de staatssecretaris
voorgestelde maatregel mogelijk leidt tot een toename van het
aantal verzoeken bij de kinderrechter tot
meerderjarigverklaring. De praktijk moet hierop
vanzelfsprekend worden toegerust.
Erkenning van in het buitenland gesloten huwelijk van een
minderjarige
Voorgesteld wordt tevens om erkenning te onthouden aan een
buiten Nederland gesloten huwelijk, indien deze erkenning
kennelijk onverenigbaar is met de openbare orde en in ieder
geval indien één van de echtgenoten op het moment van de
huweljkssluiting de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft
bereikt (voorgesteld artikel 10: 32 sub c BW). Erkenning wordt
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>              niet onthouden als de echtgenoten op het moment van
              erkenning beiden de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt.
              In de memorie van toelichting wordt als motivatie voor deze
             wijziging ten eerste gesteld dat een huwelijk tussen kinderen of
             tussen een kind en een volwassene tegenwoordig strijdig zijn
              met de Nederlandse opvattingen over het Nederlandse
             huwelijksrecht (p. 12).
             Ten tweede wordt in de memorie van toelichting verwezen naar
             het Verdrag geldigheid huwelijken (p. 9).~ Hoofdregel op grond
             van dit verdrag is dat een in het buitenland rechtsgeldig
             gesloten huwelijk in verdragsstaten wordt erkend (artikel 9).
             Een uitzondering hierop is onder andere het huwelijk dat is
             gesloten met een persoon die niet de leeftijd van achttien jaar
             heeft bereikt en waarvoor geen ontheffing is verleend:
             erkenning aan een dergelijk huwelijk kan worden onthouden
              (artikel 11). Daarnaast kan erkenning van een huwelijk ook
             worden geweigerd als dit huwelijk kennelijk onverenigbaar is
             met de openbare orde van een land, de zogenaamde openbare
             orde exceptie (artikel 14). De opsomming van artikel 11 Verdrag
             geldigheid huwelijken is destijds niet overgenomen in artikel
             10:32 BW. Uit het toelichtend rapport bij het Verdrag geldigheid
             huwelijken blijkt dat het de bedoeling van de verdragsopstellers
             was van zowel artikel 11 als artikel 14 om de daarin opgenomen
             openbare orde exceptie slechts met grote terughoudendheid te
             gebruiken.3
             In de memorie van toelichting wordt betoogd dat teneinde de
                                                                   -
             wetstoepasser behulpzaam te zijn en de rechtszekerheid te
             bevorderen in het voorgestelde artikel 10:32 zal worden
                            -
             verduidelijkt in welke situatie de openbare orde in ieder geval
             in de weg staat aan erkenning en in welke situaties
             mankementen die aan de totstandkoming van het huwelijk
             kleefden als gevolg van latere gebeurtenissen gerepareerd zijn.
             Ook dit vormde aanleiding in dit artikel expliciet op te nemen
             dat erkenning kan worden onthouden aan een huwelijk met
             een minderjarige.
2 Verdrag inzake de voltrekking en de erkenning van de geldigheid van huwelijken, Verdrag
van 14 maart 1978, Trb. 1987, 137.
~ Ook de Staatscommissie voor het internationaal privaatrecht benadrukt in haar advies
over de voorgenomen civielrechteljke maatregelen ter zake van huwelijkszaken dat artikel
11 van het Verdrag geldigheid huwelijken dat van de ruimte die dat artikel biedt, met grote
terughoudendheid gebruik dient te worden gemaakt. Dat wil zeggen: alleen als de
Nederlandse openbare orde dat zonder twijfel vergt.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre> Standpunt Raad
 De Raad merkt op dat niet is gebleken dat sprake is van
 onduidelijkheid over de toepassing van de openbare orde
 exceptie bij wetstoepassers, noch is gebleken dat sprake is van
rechtsongelijkheid. Opvallend is dat het onderhavig
 conceptwetsvoorstel juist het gebruik van de openbare orde
 exceptie lijkt op te rekken, terwijl zowel de opstellers van het
Verdrag geldigheid huwelijken als de Staatscommissie voor liet
internationaal privaatrecht hebben gepleit voor terughoudend
gebruik daarvan.
Daarnaast merkt de Raad op dat, indien de staatssecretaris
wenst vast te houden aan de onder punt twee voorgestelde
maatregel, er sprake is van een inconsistentie. In de
voorgestelde regeling blijft voor de zestien- en zeventienjarige
vrouw immers de mogelijkheid bestaan om zich in Nederland
meerderjarig te laten verklaren en te trouwen, in het geval zij
zwanger is en de kinderrechter de meerderjarigverkiaring in het
belang van de vrouw en het kind acht. Met het vervallen van de
uitzonderingsmogeljkheden van artikel 1:31 lid 2 en 3 BW is
het weliswaar moeilijker voor zestien- en zeventienjarigen in
Nederland om te trouwen, maar blijft deze mogelijkheid voor
hen wel bestaan via de weg van de meerderjarigverklaring.
De Raad stelt daarom voor artikel 10: 32 sub c BW zodanig aan
te passen, dat erkenning van in het buitenland rechtsgeldig
gesloten huwelijken van zestien- en zeventienjarigen niet wordt
onthouden, indien het huwelijk hier te lande mogelijk zou zijn
op grond van een meerderjarigverklaring. Op deze wijze is het
artikel in lijn met de geldende Nederlandse opvattingen van het
Nederlandse huweljksrecht en met de gedachte achter het
Verdrag geldigheid huwelijken.
Erop vertrouwend u hiermee van dienst te zijn geweest,
Hoogachtend,
namens de Raad voor Strafrechtstoepassing en
Jeug escherming
 /~
Prof.dr. P.B. Boorsma, algemeen voorzitter
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>