<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>      —     t    —
   RSJ    loi/i1&Lj/iLj
           1 5 JAN. 2014
                                                         Ministerie van Veiligheid en Justitie
—
      -
 ,  Retouradre, Postbus 3D132 2500 GC Den Haag
                                                                                          D(r.cd.
                                                                                          Bestuurion de rsteu ning
                                                                                         Jurische Zaken
 Aan de heer mr. L.A.).M. de Wit
                                                                                         Turfitarkt 147
 Algemeen voorzitter van de Raad voor Strafrechtstoepassing en                            2511 OP Den Haag
 )eugdbescherming                                                                        Postbus 30132
 Postbus 30137                                                                           2500 GC Den Haag
                                                                                         www.dJi.ni
 2500 GC Den Haag
                                                                                         Conladpesoon
                                                                                         mr drs. AH.). van WIjck
                                                                                         T 0880725081
                                                                                         ..venwijck@dJLmlnju.ni
 Datum           6januari 2014                                                           On. kenmerk
 Onderwerp Reactie op het advies van RSJ Inzake wijziging Spog ivm regionale             4525 15/WE
                 plaatsing van arrestanten
                                                                                         BIJ beantwoording de datum
                                                                                         en ons kenmerk veanelden
                                                                                         Wilt t, slechts één zaak in uw
Geachte heer De Wit,                                                                     brIef behandelen.
Wj brief van 8 februari 2013, kenmerk RSJ/101/1377/2013/MKrfivV, heeft de
Raad voor strarrechtstoepassing en jeugdbeschermlng advies uitgebracht over het
voorstel tot wijziging van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van
gedetineerden (Rspog) in verband met regionale plaatsing van arrestanten. Doel
van deze wijziging is dat arrestanten een beperkt dagprogramma van 28 uur per
week met daarin tenminste 18 uur activiteiten wordt aangeboden gedurende de
eerste acht weken van hun detentie. In deze periode wordt geen arbeid
aangeboden. Er wordt wei gestreefd naar een zinvolle dagbesteding op cel.
Daarnaast worden arrestanten centraal en niet meer regionaal geplaatst.
Vaststelling van onderhavige wijziging heeft vertraging opgelopen als gevolg van
de totstandkoming van het Masterplan Di! 2013-2018 en de behandeling van dit
plan in de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Tevens heeft het
medezeggenschapstraject de nodige tijd gevergd. Onlangs is de wijziging van de
Rspog gepubliceerd In de Staatscourant van 29 november 2013, nr. 33232. De
wijziging van de Spog treedt op 1 januari 2014 In werking. U treft als bijlage de
gepubliceerde wijziging van de Rspog aan. Uit de toelichting kunt u opmerken dat
het advies van de Raad om de wijziging te heroverwegen niet is opgevolgd. Wel is
als gevolg van het advies de toelichting op bepaalde punten aangepast.
Ik hecht eraan in deze brief meer dan in de toelichting behorende bij de wijziging
van de regeling aan te geven waarom ik het advies van de Raad niet heb
opgevolgd. DaarbIj volg ik de indeling van het advies zonder in herhaling te vallen
met de toelichting op de Regeling.
Advisering in context
Terecht plaats de Raad onderhavige wijziging in een breder context van ingezet
beleid en wijzigingen van regelgevingen. De wijziging Is ingegeven door het
gebrek aan ceilencapadteit in de Randstad. Ook het beleldskader Modernisering
Gevangeniswezen (MGW) is in dit kader relevant: dit beleid is erop gericht om
gedetineerden te stimuleren verantwoordelijkheid te nemen voor hun gedrag en
hen te motiveren om deze verantwoordelijkheid op zich te nemen. Daarbij
vormen promoveren en degraderen kernbegrippen. MGW begint niet op het
moment dat gedetineerden binnen een penitentialre Inrichting zijn opgesloten;
                                                                                        Pagina 1 van 4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>naar zoveel mogelijk”. Daarnaast wordt In zowel het convenant Samenwerkings
model als de aduailsatie onderstreept dat elke gedetineerde verantwoordelijk is
voor zijn eigen re-integraUe. De groep van arrestanten geeft juist aan daarvoor
geen verantwoordelijkheid te willen nemen. Momenteel wordt, mede als gevolg
van het Masterplan, gewerkt aan een nIeuw samenwerkingsmodel tussen het
Ministerie van Veiligheid en 3ustltle en de VNG.
Regime
Met zijn vraag hoe het regime van beperkte gemeenschap zich verhoudt tot de
beginselen, neergelegd In artikel 2, tweede en vierde lid, van de PenltenUaire
beginselenwet, roept de Raad de suggestie op dat onderhavige wijziging in strijd
zou zijn met deze leden. Naar mijn mening Is dit niet zo. Zoals In de toelichtIng op
de wijziging van de Rspog Is uiteengezet, worden ook arrestanten activiteiten
aangeboden om hen te faciliteren bij hun terugkeer naar de maatschappij. Het feIt
dat op grond van onderhavige regeling de groep van arrestanten wordt
onderscheiden van kort gestraften dle wei hun verantwoordelijkheid nemen ten
aanzien van de executie van hun straf, vloeit voort uit het eigen gedrag van
arrestanten. In dit kader moet In tijden van grote bezuinigingen nog doelmatiger
met overheidsgeiden worden omgegaan en is het juist verantwoord om op grond
van hun gedrag arrestanten in een sober regime van beperkte gemeenschap te
plaatsen. ik zie derhalve niet in dat onderhavige wijziging op een gespannen voet
staat met de in artikel 2, tweede en vierde lid, van de Penitentialre beginselenwet
neergelegde beginselen, te meer daar de grenzen dle artikel 2 van de
Penitentialre Maatregel stelt aan de tijdsduur van activiteiten en bezoek In
beperkte gemeenschap gedurende de week, niet worden overschreden,
Arbeid
Het standpunt van de Raad dat onderhavige regelIng waarbij arrestanten worden
uItgesloten van arbeid, strijdig Is met artikel 47, eerste lid, van de Penltentlaire
beginselenwet, deel ik niet. In de toelichting op de wijziging van de Rspog wordt
uitvoerig uiteengezet waarom het aanbieden van geen arbeid aan deze doelgroep
niet in strijd is met artikel 47 van de PenltenUaire beglnselenwet.
Re-lntegratie
Hoewel ik begrip kan opbrengen voor het standpunt van de Raad Inzake de
versobering van het regime ten opzichte van arrestanten, meen Ik toch dat deze
versobering vanuit het programma MGW en de doeimatige besteding van
overheidsfinanciën In tijden van bezuinigingen verantwoord is. Nogmaals zij hier
gewezen dat als gevolg van hun eigen gedrag arrestanten In dit versoberde
regime worden geplaatst. Ik onderschrijf het standpunt van de Raad om in Ieder
geval de nazorgactivitelten op de vijf “leefgebieden” aan deze groep aan te
bieden. Inderdaad zijn de contacten en verbindingen met ketenpartners van groot
belang in het kader van de terugkeer van de arrestanten in de maatschappij. Met
de moderne communicatlemiddelen Is dit contact tussen ketenpaftners, ook in het
geval van deze groep van arrestanten, verzekerd. Met onderhavige regeling wordt
juist rekening gehouden met het beginsel van Individualisering: als gevolg van en
op grond van hun Individuele gedrag worden deze arrestanten juist beoordeeld. in
zoverre is onderhavige wijzIging een uitvloeisel van MGW.
Lopende vonnissen
Terecht merkt de Raad op dat In deze wijziging geen aandacht is geschonken aan
lopende vonnissen. Inmiddels Is het beleid naar aanleiding van het Masterpian 0)1
aangepast in die zin dat alle arrestanten gedurende de eerste acht weken van hun
detentie worden geplaatst in een basisprogramma zonder arbeid. Het gaat hier
om een verruiming van de doelgroep ten opzichte van de adviesaanvraag waarbij
                                                                                     Pagmi 3 vs,’ 4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>ii   STAATSCOURANT :::!
     0flicile  Uitgave van liet Koninkrijk der Nederlanderi sinds fl14,
    Regeling van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 6 november
    2013 houdende wijziging van de Regeling selectie, plaatsing en
    overplaatsing van gedetineerden in verband met het samen plaatsen van
    arrestanten
    De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
    Gelet op artikel 15, zesde lid, en artikel 19, derde lid, van de Penitentialre beginselenwet;
    Besluit:
    ARTIKEL 1
    De Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden wordt als volgt gewijzigd:
    A
    Aan artikel 1. wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel h door een punt-
    komma, en onderdeel toegevoegd, luidende:
         i.  arrestant:
             —    een al dan niet onherroepelijk veroordeelde die is aangehouden nadat hij zich heeft
                  onttrokken aan de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf of de voorlopige hechtenis;
             —    een veroordeelde die Is aangehouden nadat ten aanzien van hem de tenuitvoerlegging van
                  een voorwaardelijk opgelegde vrijheidsstraf is gelast;
             —    een persoon die is aangehouden nadat hij zich heeft onttrokken aan de vervangende
                  hechtenis als bedoeld in artikel 24c juncto artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht, aan
                  de gijzeling als bedoeld in artikel 28 van de Wet sdministratietrechtehjke handhaving
                  verkeersvoorschritten of aan de lijfsdwang als bedoeld in artikel 577c juncto artikel 35e van
                  het Welboek van Strafrecht;
            —     een tot vrijheidsstraf veroordeelde die niet gedetineerd Is op het moment waarop de
                  rechterlijke uitspraak onherroepelijk wordt en die geen gehoor heeft gegeven aan een
                  oproep tot het ondergaan van zijn vrijheidsstraf;
            —     een veroordeelde die is aangehouden nadat zijn voorwaardelijke invrijheidstelling is
                  herroepen.
   8
   Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd:
   1. Voor de tekst wordt de aanduiding 1, geplaatst.
   2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
        2. Voor plaatsing in een regime van algehele gemeenschap komen niet in aanmerking arrestanten
            voor zover de detentie nog geen acht weken heeft geduurd.
   c
   Aan artikel 25 wordt een lid toegevoegd, luidende:
       8. Het zevende lid is niet van toepassing op de arrestanten, bedoeld in artikel 7, tweede lid.
   ARTIKEL II
   Deze regeling treedt in werking met ingang van 1januari2014.
   Staatscaurant 2013   rit 3&32     29 novembar 2013
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>    t  t’
  ct’/  Z9’ 2J1”I’O, Ç,,.>
                              TOELICHTiNG
                              Algemeen
                              In het Masterplan DJI 2013-2018 van 19juni2013 is opgenomen dal er Ben nieuw regime voor
                              arrestanten wordt ingericht gedurende de eerste acht weken van de detentie. Arrestanten met een
                              detentie korter en gelijk aan acht weken maar ook arrestanten met een detentie langer dan acht weken
                              gedurende de eerste acht weken van hun detentie, worden daarom geplaatst in en regime van
                              beperkte gemeenschap waar een beperkt dagprogramma van 28 uur per week, met daarin tenminste
                              18 uur activiteiten, aan hen wordt aangeboden. Arbeid wordt gedurende deze acht weken niet
                              aangeboden. Er wordt wel gestreefd naar een zinvolle dagbesteding op ceP.
                              Onder arrestant wordt verstaan de gedetineerde die zich heeft onttrokken aan de tenuitvoerlegging
                              van de vrijheidsstraf of de gedetineerde die de voorwaarden heeft overtreden dle zijn gesteld hij de
                              voorwaardelijke invrijheidstelling of bij het voorwaardelijk opgelegde deel van de vrijheidsstraf. Voorts
                              valt ook binnen deze doelgroep de tot een vrijheidsstraf veroordeelde die niet gedetineerd is op het
                              moment waarop de rechterlijke uitspraak onherroepelijk wordt en die geen gehoor heeft gegeven aan
                              de oproep zich te melden. Ten slotte wordt ook de gedetineerde die zich heeft onttrokken aan de
                              executie van gijzeling, lijlsdwang en vervangende hechtenis onder het begrip arrestant geschaard. Het
                              gaat dan om de maatregel van gijzeling voortvloeiend uit de Wet administratiefrechtelijke handhaving
                              van verkeersvoorschriften. de vervangende hechtenis die kan worden gelast wanneer wordt nagelaten
                              om de bij vonnis opgelegde schadevergoeding aan het slachtoffer te voldoen en de lijfsdwang
                             wanneer wordt nagelaten om het wederrechtelijk verkregen voordeel aan de Staat te voldoen.
                             Onder arrestant wordt niet verstaan de gedetineerde die gearresteerd Is vanwege het zich niet houden
                             aan de voorwaarden van de voorwaardelijke invrijheidstelling of de voorwaardelijke vrijheidsstraf
                             voor zover de rechtbank nog niet over de tenuitvoerlegging heeft geoordeeld. Deze gedetineerde
                             verblijft gedurende de periode dat er een bevel tot voorlopige tenuitvoeriegging door het openbaar
                             ministerie is gelast, in het huis van bewaring. Wanneer de rechtbank oordeelt dat het voorwaardelijk
                             deel van de vrijheidsstraf ten uitvoer moet worden gelegd, zal de gedetineerde In de gevangenis in het
                             arrestantenregime worden geplaatst Evenmin wordt de gedetineerde dle In het geheel nog nIet is
                             veroordeeld en die zkh onttrekt aan zijn voorlopige hechtenis, onder de doelgroep arrestant begrepen.
                             Het Masterplan Dil 2013—2015 bouwt voort op ontwikkelingen die al in gang waren gezet, maar bevat
                             ook vernieuwingen op het gebied van detentie. Onder andere door in de toekomst nog meer per
                             500nsgericht te werken, te kiezen voor een beveiligings • zorg en begeleidingsniveau op maat en door
                             meer uit te gaan van zelrredzaamheid van justitiabelen Er wordt dus een beroep gedaan op de eigen
                             verantwoordelijkheid van de gedetineerden. In dit kader moet in tijden van grote bezuInigingen nog
                             doelmatiger met overheldsgelden worden omgegaan en is het [uist verantwoord om op grond van
                             deze persoonsgerichte benadering arrestanten in een sober regime van beperkte gemeenschap te
                             plaatsen.
                             Onderhavige wijziging heeft tot gevolg dat bij het nemen van die eigen verantwoordelijkheid voor het
                             verloop van de detentie gedetineerden worden beloond met meer en andere activiteiten. Het niet
                             nemen van de eigen verantwoordelijkheid voor het verloop van de tenuitvoerlegging van de opge
                             legde straf, door zich bijvoorbeeld niet te houden aan voorwaarden van de voorwaardelijke vrijheids
                             straf of door zich te onttrekken aan detentle, heeft de negatieve consequentie van plaatsIng in een
                            basisprogramma waarbij hun geen arbeid wordt aangeboden. De aard van detentie van deze groep
                            gedetineerden, die dus laten zien geen verantwoordelijkheid voor hun detentie te nemen, brengt met
                            zich dat zij worden uitgesloten van arbeid.
                            Hoewel ik een versobering van het regime voor deze doelgroep in het leven roep, ben ik niettemin van
                            mening dat arrestanten baat hebben bij re-integratieactivitelten, zij het in beperktere mate. Om dle
                            reden zal het activiteitenprogramma naast de wettelijk verplichte activiteiten en bezoek ook bestaan uit
                            re-integratieactiviteiten voor zover arrestanten voldoende lang verblijven om daarvan te profiteren In
                            ieder geval wordt de basis nazorgactiviteiten op de vijf leefgebieden aangeboden, te weten werk en
                            inkomen, zorg, huisvesting, schulden en identificatie Daarnaast zullen de arrestanten in de gelegen
                            heid worden gesteld om ‘de Reflector’ in te vullen om inzage te krijgen in hun deIictgeschiedenis.
                           Tenslotte zullen de arrestanlen in de gelegenheid worden gesteld om deel te nemen aan de modules
                           van ‘Kiezen voor verandering’. Dit zijn modules die zijn gericht op bewustwording en gedragsverande
                           ring
                           Al met al zal een activiteitenprogramma aan arrestanten worden aangeboden dat 28 uur per week
                           omvat. In zoverre is er sprake van een relatieve versobering Met deze versobering worden de grenzen
                           •   Kamer,t.,kk.n ii 201212013,24 SV, n, 535
3                          Staaiscourant 2013 nr. 33232       29 november 2013
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>   de gedetineerden, voor zover de aard van de detentie zich daar niet tegen verzet. Voor de groep van
   onveroordeelden bestaat er geen verplichting tol het verrichten van arbeid. Daarenboven kan de
   directeur zelfs gedetineerden, al dan niet onherroepelijk veroordeeld. ontheffen van dein het derde lid
   van artikel 47 van de Penitentialre beginselenwet geregelde verplichting om arbeid te verrichten. Tot
   slot wordt hier ten overvloede gewezen op de memorie van toelichting van de Penitentiaire beginse
   lenwet. In paragraaf 17 wordt een toelichting gegeven op arbeid. Deze paragraaf spreekt van een
   arbeidsverplichting en niet van een recht op arbeid’.
   Gelet op het bovenstaande meen ik dat in artikel 47 van de Penilentiaire beginselenwet geen absoluut
   recht op arbeid voor elke gedetineerde is geregeld en dat de aard van detentie met zich kan brengen
   dat gedetineerden uitgesloten zijn voor hel verrichten van arbeid. Zoals hierboven reeds is uiteenge
   zet, ben ik in dat geval van mening dat door hun verkeerde gedrag ten aanzien van de executie de
   aard van detentie met zich brengt dat arrestanten zijn uitgesloten van arbeid.
   Het advies van de flaad heeft ertoe geleid dat de toelichting op bepaalde punten is aangepast. De
   argumenten van de Raad hebben mij er echter niet toegebracht om af te zien van invoering van
   onderhavige regeling.
   Da Staatssecretaris      VOfl  Veiligheid en Justitie,
   F Teeven.
    7K 1994 199$, 24 263, er 3, pp. 63ev
5 Slaatscouraal 2013 er. 33232      29 november2013
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>