<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>                                                                                            Parkstraat 83
                                                                                            Den Haag
                                                                                            Correspondentie:
                                                                                            Postbus 30137
                                                                                            2500 GC Den Haag
                                                                                            Telefoon
                                                                                            (070) 361 93 00
                Aan de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
                Postbus 20301
                2500 EH Den Haag
Betreft        : aanbieding werkprogramma advisering 2017
Contactpersoon : dhr. drs. J.D. van Andel
Doorkiesnummer : 06-48100230
E-mail         : j.van.andel@minvenj.nl
Datum          : 8 november 2016
Ons kenmerk    : RSJ/104/2795/JvA/TV/TvV
                 Geachte heer Dijkhoff,
                 Voor u ligt het werkprogramma 2017 van de Afdeling advisering, van de Raad voor
                 strafrechtstoepassing en jeugdbescherming (RSJ). Hierin zijn de onderwerpen
                 opgenomen waarover de Afdeling advisering verwacht in 2017 te adviseren. De
                 Afdeling advisering adviseert zowel op uw verzoek als op verzoek van uw collega’s
                 van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en op eigen initiatief.
                 De Afdeling advisering stelt (strategische) adviezen op ten behoeve van beleid en
                 wetgeving. Vanuit een multidisciplinaire invalshoek, en het hanteren van de RSJ
                 beginselen van goede bejegening, verbindt de Afdeling advisering in zijn advisering
                 wetenschap, praktijk, beleid, politiek en bestuur. De (strategische) adviezen zijn
                 gericht op de toekomst en staan stil bij het perspectief van de justitiabele of de
                 jeugdige. Hiermee wordt beoogd inzicht te geven in de thematiek en wordt
                 bijgedragen aan de verdere gedachtenvorming en argumentatie in de politiek-
                 maatschappelijke arena.
                 Het werkprogramma 2017 van de Afdeling advisering is een levend document. Dit
                 betekent dat adviezen uit het werkprogramma 2016 kunnen doorlopen naar 2017.
                 Daarnaast kan de actualiteit vragen om nieuwe adviesonderwerpen. Ook kan het
                 voorkomen dat adviesonderwerpen afvallen omdat ze achterhaald zijn of gaande het
                 nieuwe kalenderjaar minder urgent blijken. De RSJ geeft voorrang aan de gevraagde
                 adviezen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>De Afdeling advisering van de RSJ zal onder meer het politiek-maatschappelijke
debat over de levenslange gevangenisstraf nauwlettend blijven volgen in 2017 in
afwachting van een door de staatssecretaris aangekondigd wetsvoorstel en
uitvoeringsmaatregelen. Op eenzelfde wijze volgt de RSJ het debat over het
wetsvoorstel Wet verplichte geestelijke gezondheidzorg (Wvggz, de wijzigingen in de
Wet zorg en dwang (Wzd) en de Wet forensische zorg (Wfz)
De adviesonderwerpen zijn ingedeeld naar één van de drie thema’s die in 2016 zijn
onderscheiden en ook voor de komende jaren van belang worden geacht. Dit is tot op
zekere hoogte arbitrair, bijvoorbeeld omdat in vrijwel alle adviezen van de RSJ de
focus is gericht op de toekomst, waarbij aandacht wordt gegeven aan het perspectief
van de justitiabele en jeugdige. Bedoeld is per onderwerp het accent van de
betreffende activiteit aan te geven. Daarnaast liggen er vaak relaties tussen de
diverse adviestrajecten. De adviesonderwerpen die zich niet binnen één van de drie
thema’s laten vatten, zijn opgenomen onder de categorie ‘adviesonderwerpen met
een andere thematiek’.
Per advies is aangegeven of dit een gevraagd advies betreft of een advies op eigen
initiatief.
Met vriendelijke groet,
Namens de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming,
mr. L.A.J.M. de Wit, algemeen voorzitter
drs. P.G. Molenaar, algemeen secretaris, directeur
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>Bijlage: werkprogramma 2017
Drie thema’s nader omschreven
1. Toekomst van de sanctietoepassing
   Bij dit thema richt de Afdeling advisering zich op het ontwikkelen van een visie op de
   tenuitvoerlegging van sancties op de (middel)lange termijn vanuit de volgende
   constateringen.
   We leven in een steeds veranderende samenleving: tegen de achtergrond van een
   terugtredende overheid is onder meer het concept ‘participatiemaatschappij’ in
   opkomst. Hierbij wordt ‘eigen verantwoordelijkheid’ als uitgangspunt genomen en
   moet de omgeving worden ingeschakeld bij eventuele hulpverlening. Bestaande
   kaders zijn weggevallen door de decentralisatie van jeugd- en zorgtaken naar onder
   meer gemeenten. Tegelijkertijd vindt er een meer centrale regie plaats in de
   tenuitvoerlegging van sancties. In de ggz wordt het aantal klinische plaatsen
   verminderd, de ambulante zorg uitgebouwd en proberen hulpverleners zich meer te
   richten op forensische problematiek. Maar draagkracht en zelfredzaamheid van
   mensen in de marge zijn beperkt, evenals het vermogen in de samenleving om te
   dealen met storend gedrag. De veranderingen en toegenomen complexiteit leveren
   voor bijvoorbeeld licht verstandelijk beperkten en ‘verwarde’ personen zodanige
   problemen op, dat hun gedrag hen met het strafrecht in aanraking brengt, waar
   eerder hulpverlening aangewezen zou zijn geweest. Technologische ontwikkelingen
   leveren daarnaast de mogelijkheid van nieuwe oplossingen en uitdagingen.
   Samenhangend met deze en andere ontwikkelingen verandert ook het justitieterrein.
   Over de gehele linie neemt, zowel in het gevangeniswezen, als in de tbs-sector en op
   het straf- en civielrechtelijk jeugdterrein, de populatie af. Dit heeft ingrijpende
   organisatorische gevolgen. Tegelijkertijd is de problematiek (zorg, lichte
   verstandelijke beperkingen, culturele diversiteit, etc.) van degenen die nog ingesloten
   zijn zwaarder geworden. De vraag is welke consequenties dit heeft, bijvoorbeeld
   binnen het gevangeniswezen, waar in het kader van de persoonsgerichte aanpak
   gedetineerden meer worden aangesproken op hun zelfredzaamheid en zij via een
   systeem van belonen en bestraffen meer verantwoordelijk worden gesteld voor hun
   gedrag. Wat betekent de bij de RSJ merkbare toename van beroepsprocedures
   waarvan, ondanks de grotere inzet van mediation in bijvoorbeeld beklagprocedures,
   sprake is? Wat zijn de gevolgen van de nadrukkelijker positionering van de
   justitieorganisaties in en buiten de strafrechtsketen? In hoeverre loopt bijvoorbeeld de
   informatie-uitwisseling in multidisciplinair casusoverleg aan tegen (privacy)grenzen?
                Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                      1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>2. Kwetsbare groepen
   Het thema kwetsbare groepen vraagt onverminderd de aandacht. Personen die door
   de overheid zijn ingesloten of in hun vrijheid worden beperkt, bevinden zich in een
   afhankelijke positie. De algemene verantwoordelijkheid die dit voor de overheid met
   zich brengt, weegt des te meer voor personen die kwetsbaar zijn vanwege
   persoonlijke problematiek, of omdat ze bijvoorbeeld tot een minderheid behoren of
   (nog) in voorlopige hechtenis zitten. In het kader van dit thema besteedt de RSJ
   aandacht aan de positie van deze groepen personen. Hierbij kan bijvoorbeeld worden
   gedacht aan personen met psychische stoornissen, verstandelijke beperkingen of
   verslavingsproblematiek. Ook kan worden gedacht aan gedetineerden met een andere
   culturele achtergrond, vrouwen in detentie en personen in voorlopige hechtenis of
   vreemdelingenbewaring. In hoeverre en op welke manier kan bij de tenuitvoerlegging
   van maatregelen en sancties met de specifieke kenmerken van deze groepen worden
   omgegaan?
   Wat de jeugdbescherming betreft richt de RSJ de aandacht op kinderen van wie het
   recht op een gezonde ontwikkeling naar volwassenheid wordt bedreigd en die om die
   reden kwetsbaar zijn. Misschien wel meer nog dan het sanctieterrein raakt het jeugd-
   en familierecht gevoelige maatschappelijk-ethische dilemma’s.
   Verder is van belang de in de afgelopen jaren sterk toegenomen mate van aandacht
   voor de positie van het slachtoffer (dan wel diens nabestaanden) in strafzaken en bij
   de tenuitvoerlegging van straffen. De erkenning van de belangen van slachtoffers en
   nabestaanden en de veiligheid van de samenleving, heeft ook gevolgen voor de
   rechtspraak van de RSJ. Niet alleen de Afdeling rechtspraak heeft te maken met de
   belangen van het slachtoffer en diens nabestaanden bij de behandeling van
   beroepschriften, het zal ook een aandachtspunt zijn bij de door de Afdeling advisering
   uit te brengen adviezen.
               Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                     2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>3. Continuïteit in aanpak bij de overgang tussen systemen
   Bij dit thema wordt gekeken naar de gevolgen voor onder meer het
   resocialisatieperspectief van justitiabelen wanneer deze van het ene ‘systeem’
   overgaan (of juist niet kunnen overgaan) naar het andere. Vragen hierbij zijn: Vanuit
   welke verschillende perspectieven wordt gehandeld en wat betekent dit voor de
   mogelijkheden van doorstroming en de continuïteit in aanpak? Welke rol kan
   bijvoorbeeld de reclassering, die streeft naar regionalisering en integratie, spelen bij
   het realiseren van aansluiting tussen verschillende systemen? Voorbeelden waaraan
   valt te denken betreffen de overgang tussen voorzieningen voor jeugdigen en
   (jong)volwassenen, tussen forensische en reguliere zorg en tussen detentie of
   jeugdzorgplus en (andere) vervolgvoorzieningen. Maar ook gedacht kan worden aan
   licht verstandelijk beperkten en verwarde personen waar zij in aanraking komen met
   het strafrecht terwijl hulpverlening meer op zijn plaats was geweest.
   Voor het RSJ-congres dat plaatsvond in oktober 2016 is gekozen voor het thema
   ‘Continuïteit bij de overgang tussen systemen’. Tijdens dit congres, met de titel
   ‘Aansluiting gemist’, zijn vele onderwerpen behandeld die te maken hebben de
   problemen waarvan vaak sprake is als justitiabelen overgaan van het ene systeem
   naar het andere (inter-justitieel, bijvoorbeeld van gevangenis naar
   reclasseringsinstelling of van het strafrecht naar de vreemdelingenbewaring, maar ook
   extra-justitieel, bijvoorbeeld van een accommodatie voor gesloten jeugdzorg naar een
   kamertrainingscentrum of van de GGZ naar de gemeenten), of als er juist geen
   mogelijkheden zijn om over te gaan naar een passende vervolginstelling.
   Wellicht zal hetgeen tijdens het congres tussen de leden en medewerkers van de RSJ
   en de professionals uit het veld aan kennis en ervaringen is uitgewisseld aanleiding en
   inspiratie bieden om tot nieuwe adviesonderwerpen te komen binnen het thema
   ‘continuïteit in aanpak bij de overgang tussen systemen’.
                Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                      3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>Adviezen
Thema 1: Toekomst van de sanctietoepassing
1.  Vaders in detentie (gevraagd advies – gevraagde
    opleverdatum november 2017)
    Het lijkt er op dat er momenteel meer is geregeld voor moeders dan vaders in
    detentie. De RSJ zou kunnen adviseren over de huidige stand van zaken t.a.v.
    maatregelen voor vaders en kinderen en of het wenselijk is om meer maatregelen
    te treffen voor vaders in detentie opdat schade bij kinderen door detentie van hun
    vader kan worden verminderd en/of de resocialisatie van de vaders kan worden
    bevorderd.
2.  Het uitvoeringsbesluit onder het verzamelwetsvoorstel
    penitentiaire beginselen wetten (gevraagd advies –
    gevraagde opleverdatum februari 2017)
    Dit besluit bevat bepalingen ter uitvoering van het wetsvoorstel Wijziging van de
    Penitentiaire beginselenwet, de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden
    en de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen in verband met het vervoer, het
    medisch klachtrecht en enkele andere onderwerpen (33844). De paragraaf over
    het medisch klachtrecht in de Penitentiaire maatregel (Pm) en het Reglement
    justitiële jeugdinrichtingen (Rjj), komen te vervallen, omdat deze bepalingen
    worden overgeheveld naar de wet in formele zin. Daarnaast zullen in de Pm, het
    Rjj en het Reglement verpleging ter beschikking gestelden nadere regels worden
    gesteld over de commissie van toezicht op het vervoer. Tot slot zullen in de drie
    regelingen enkele technische wijzigingen van ondergeschikte aard worden
    aangebracht.
3.  Wetsvoorstel Boek 2 modernisering Strafvordering
    (voorlopige hechtenis) (gevraagd advies – gevraagde
    opleverdatum juli 2017)
    Dit wetsvoorstel strekt tot verruiming van de mogelijkheden voor gevangenneming
    na veroordeling, tot verruiming van de beroepsmogelijkheden tegen beslissingen
    omtrent de voorlopige hechtenis en tot toepassing van de voorwaardelijke
    invrijheidstelling in geval van beëindiging van de voorlopige hechtenis
4.  Wetsvoorstel strafbaarstelling smokkelen contrabande in
    gevangenissen (gevraagd advies – gevraagde opleverdatum
    juni 2017)
    Dit voorstel beoogt om het binnenbrengen van legale goederen in justitiële
    inrichtingen - zoals bijvoorbeeld informatiedragers of mobiele telefoons – onder
    bepaalde omstandigheden strafbaar te stellen.
5.  Uitvoeringsbesluit wetsvoorstel tenuitvoerlegging
    strafrechtelijke beslissingen (gevraagd advies – gevraagde
    opleverdatum maart 2017)
    Hiermee worden besluiten aangepast in het kader van de herziening van de
    tenuitvoerlegging van strafrechtelijke beslissingen (m.u.v. die in het
    jeugdstrafrecht). Het gaat om de tenuitvoerlegging van geldstraffen, maatregelen,
    vrijheidsbenemende sancties, justitiële voorwaarden en taakstraffen. Ook
    regelingen die medebepalend zijn voor de tenuitvoerlegging, zoals de
    betekeningsvoorschriften, maken onderdeel uit van het wijzigingsbesluit.
              Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                    4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>Thema 2: Kwetsbare groepen
6.  Verhoging strafrechtelijke leeftijd jongeren (gevraagd
    advies – gevraagde opleverdatum juni 2017)
    De hoofdvragen zijn:
    •   Wat zijn de kansen en mogelijke risico’s die zich gaan voordoen zodra de
        leeftijd voor strafrechtelijke aansprakelijkheid van jeugdigen van 12 jaar naar
        14 jaar respectievelijk 16 jaar in Nederland gaat?
    •   Welke niet strafrechtelijke interventies zijn passend ten aanzien van
        bovengenoemde groep jeugdigen en aan welke voorwaarden zou moeten
        worden voldaan om dergelijke interventies passend te laten zijn? Dit ter
        voorkoming van het schade toebrengen aan de jeugdigen zelf, de maatschappij
        en mogelijke slachtoffers alsmede het vergroten van de onveiligheid van de
        maatschappij.
    Mogelijke subvragen zijn:
    •   Het doel van deze wetswijziging is jeugdigen tussen de 12 en 14 of 16 jaar
        beter te beschermen door in reactie op wat nu nog strafbaar gedrag is, in te
        zetten op het bieden van zorg/hulp/onderwijs in plaats van een afdoening via
        het strafrecht. Wat valt te zeggen over de aansluiting bij de huidige
        wetenschappelijke (internationale) kennis over de ontwikkeling van
        adolescenten in cognitief, psychologisch en sociaal-emotioneel opzicht?
    •   Zijn er voldoende geschikte alternatieven voor een doeltreffende aanpak van
        (nu nog) strafbaar gedrag buiten het strafrecht om? En waar moeten die
        alternatieven minimaal aan voldoen?
    •   Wat zijn de resultaten van vergelijkende studies in andere Europese landen
        waar de leeftijd van strafrechtelijke aansprakelijkheid hoger ligt dan 12 jaar
        (qua zinvolle alternatieven etc.)?
7.  Wetsvoorstel Boek 6 modernisering Strafvordering (jeugd)
    (gevraagd advies – gevraagde opleverdatum december
    2017)
    Dit voorstel vloeit voort uit het Wetgevingsprogramma Versterking prestaties
    strafrechtsketen. Het betreft een herstructurering van de bepalingen over de
    strafvordering tegen jeugdige personen.
              Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                    5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>Thema 3: Continuïteit bij de overgang tussen systemen
8.  Interne rechtspositie in de forensische zorg (eigen initiatief
    – gewenste opleverdatum november 2017)
    Diverse aspecten rondom de interne rechtspositie van patiënten binnen de
    forensische zorg, zoals die ook binnen de GGZ wordt aangeboden kunnen
    onderzocht worden. In het licht van huidige en aankomende wetgeving is dit van
    belang. Meer specifiek kan het dan gaan om te hanteren huisregels (wel of niet
    strenger/vrijer aan de hand van doelgroep, of uniform qua kaders), samen
    plaatsingen van patiënten met uiteenlopende externe rechtspositie (wel/niet
    gedwongen, wel/geen justitie). Op welke wijze cq onder welke (rand)voorwaarden
    kunnen samen plaatsingen van cliënten/patiënten met uiteenlopende rechtsposities
    gerealiseerd worden?
    De RSJ heeft eerder aangegeven in zijn advies over de 2e NvW Wvggz dat de
    aanstaande wetgeving nog niet helder genoeg is op het punt van de rechtspositie.
    De definitieve wetgeving hoeft echter niet te worden afgewacht voordat de Afdeling
    advies haar standpunt hierover formuleert.
Verkennend onderzoek
    De RSJ werkt in een omgeving die aan verandering onderhevig is. Daarnaast zijn
    er verschillende ontwikkelingen in 2016 en 2017 die de Afdeling advisering de
    mogelijkheid bieden om op te kunnen anticiperen en nieuwe adviezen op te
    formuleren. Allereerst is in 2016 het advies Visie op de sanctietoepassing
    verschenen waarmee de Afdeling advisering een koers aanbeveelt voor de
    toekomst. In het advies zijn diverse vruchtbare en vernieuwende ideeën in kaart
    gebracht. De bevindingen en conclusies in het advies zullen worden betrokken bij
    de in 2017 uit te brengen adviezen en zullen hiervoor een inspiratiebron vormen,
    dan wel de basis vormen voor nieuw uit te brengen adviezen in de nabije
    toekomst.
    Daarnaast wordt in 2017 vanuit het ministerie van Veiligheid en Justitie de
    opbrengst van het programma Koers en Kansen gepresenteerd. Ook hier zal de
    Afdeling advisering verkennen welke ideeën inspiratie geven voor nieuwe adviezen.
    Tevens wil de Afdeling advisering anticiperen op mogelijke ontwikkelingen die
    voortvloeien uit het regeerakkoord naar aanleiding van de Tweede
    Kamerverkiezingen in maart 2017.
    De laatste jaren is in de samenleving sprake van vergrijzing. Deze demografische
    ontwikkelingen zetten zich ook voort binnen de sanctietoepassing. Een vergrijzende
    populatie vraagt mogelijk om een andere aanpak. De Afdeling advisering zal zich in
    een verkennend onderzoek buigen over de vraag of er noodzaak bestaat tot het
    ontwikkelen van ouderenbeleid binnen de strafrechtelijke sanctietoepassing en in
    welke mate dit om een advies van de RSJ vraagt.
    Ten slotte wil de RSJ een verkennend onderzoek doen naar vreemdelingenbewaring
    met het oog op uitzettingen, in casu de gezinslocatie Zeist. Dit omdat er twijfels
    zijn over de effectiviteit van deze vorm van vreemdelingenbewaring. Hierbij zal ook
    de mogelijkheid voor nauwe samenwerking met andere adviesorganen worden
    meegenomen.
             Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                   6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>Stimulering maatschappelijk toezicht
    Informatie vanuit de commissies van toezicht (cvt’s), in jaarverslagen, gesprekken
    tijdens werkbezoeken of anderszins, is waardevol voor de RSJ. Het ontvangen van
    signalen uit de praktijk is onontbeerlijk voor het uitoefenen van de adviesfunctie.
    De RSJ stimuleert daarom de cvt’s om relevante signalen uit het veld door te
    geven. Andersom maakt de RSJ bij de voorbereiding van adviezen en
    werkbezoeken gebruik van de jaarverslagen en andere informatie ontvangen vanuit
    de cvt’s.
Beginselen van goede bejegening
    De RSJ heeft de waarden achter zijn taakuitoefening geformuleerd door middel van
    negen ‘beginselen van goede bejegening’.
    Deze beginselen van goede bejegening zijn:
    •    het grondbeginsel: bejegening moet goed zijn;
    •    het beginsel van fatsoenlijke omgang: kwaliteit van de dagelijkse bejegening;
    •    het beginsel van perspectief, resocialisatie en nazorg;
    •    het beginsel van legitieme of wettelijke tenuitvoerlegging;
    •    het beginsel van een zinvol programma;
    •    het beginsel van veiligheid;
    •    het beginsel van individualisering;
    •    het beginsel van minimale beperkingen;
    •    het beginsel van rechtsburgerschap.
    Om tot deze beginselen te komen is geput uit Nederlandse en internationale
    wetgeving, verdragen en aanbevelingen – een combinatie van hard en soft law.
    Toelichting en voorbeelden zijn ontleend aan de advies- en rechtspraakpraktijk van
    de RSJ zelf. Via de website van de RSJ (www.rsj.nl) worden de beginselen
    toegelicht in een filmpje en door middel van achtergrondmateriaal en een te
    downloaden uitgave van de beginselen.
    ‘Goede bejegening’ is een work in progress, een ‘levend’ document. Dat impliceert
    dat de RSJ blijft werken aan verdere ontwikkeling, herijking en onderbouwing, één
    en ander in aansluiting op ontwikkelingen in het veld, nationaal en internationaal,
    alsmede op eigen initiatief n.a.v. nieuwe gezichtspunten in rechtspraak en
    advisering. Deze activiteiten worden in 2017 voortgezet en hierbij zal speciale
    aandacht uitgaan naar de ontwikkeling van additionele of eigenstandige beginselen
    voor de jeugdbescherming.
Algemeen oriënterende werkbezoeken
    Ook in 2017 zullen bezoeken door de leden van de Afdeling rechtspraak en
    advisering worden afgelegd aan instellingen op het gebied van het
    gevangeniswezen, jeugdigen, TBS/forensische zorg en reclassering.
    Algemeen oriënterende werkbezoeken dienen om contact te houden met de
    praktijk en om signalen voor mogelijke adviesonderwerpen op te vangen.
              Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                    7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>     De doelstelling van de werkbezoeken is tweeledig:
     •    Informatie halen: het in verband met de rechtspraak en (agendering van)
          adviezen voeling houden met de praktijk, met name ten aanzien van de
          toepassing van beleid en regelgeving op het werkterrein van de RSJ.
     •    Informatie brengen: de activiteiten van de RSJ toelichten, de taken en
          werkwijze van de RSJ bespreken, evenals recente of op stapel staande
          adviezen, voor zover deze relevant zijn voor de desbetreffende inrichting/
          instelling.
Tot slot
     Met dit werkprogramma draagt de Afdeling advies van de RSJ bij aan de juridische
     correctheid en het in lijn zijn met beginselen van goede bejegening van de door de
     overheid opgelegde strafrechtelijke sancties en jeugdbeschermingsmaatregelen. De
     Afdeling advisering van de RSJ gaat daarbij graag met u in gesprek over de
     voortgang van het werkprogramma 2017.
              Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2017
                                                    8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>