<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Werkprogramma
 advisering RSJ
          2018
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>1. Inleiding
Het werkprogramma van de Afdeling advisering (verder: Afdeling) van de Raad
voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) is gericht op de complexe,
diverse uitvoeringspraktijk van de strafrechtelijke sanctietoepassing en de
jeugdbescherming. Voor beide domeinen zijn onderwerpen opgenomen waarover
de ministeries van Justitie en Veiligheid (JenV) en Volksgezondheid, Welzijn en
Sport (VWS) hebben aangegeven dat zij in 2018 geadviseerd willen worden en/of
waarover de Afdeling op eigen initiatief wil adviseren. Op grond van haar wettelijke
taak en positie, beschreven in de missie en visie van de RSJ, heeft de Afdeling
de ambitie om (ook) ongevraagd met impact te adviseren over onderwerpen
waarvan zij meent dat deze van strategisch belang zijn. Bij de uitvoering van
het werkprogramma neemt zij zich voor om, waar relevant en mogelijk, samen
te werken met de inspecties van JenV en VWS, andere adviesorganen en
universiteiten of hogescholen.
Op basis van de vragen van JenV en VWS, suggesties van stakeholders en de eigen
voorstellen zijn bij de totstandkoming van het werkprogramma de prioriteiten met
beide ministeries besproken, alvorens dit definitief vast te stellen. De gezamenlijke
inzet leidt ertoe dat er een werkprogramma ligt dat herkenbaar, ambitieus en
toch ook realistisch is. Mede in het licht van de komst van een nieuw kabinet
en de hieruit voortvloeiende beleidsinitiatieven is enige ruimte gelaten om in
te kunnen spelen op actuele ontwikkelingen die bij de totstandkoming van het
werkprogramma niet zijn voorzien.
Hierna wordt eerst een schets op hoofdlijnen gegeven van de ontwikkelingen op
het terrein van de strafrechtelijke sanctietoepassing en de jeugdbescherming en de
wijze waarop de Afdeling deze beziet (paragraaf 2). Daarna volgen per domein de
adviesonderwerpen (paragraaf 3). Met deze opbouw wordt de indeling in thema’s
losgelaten die in vorige jaren in het werkprogramma werd aangebracht (toekomst
van de sanctietoepassing, kwetsbare groepen en continuïteit in aanpak bij de
overgang tussen systemen). De indeling van adviezen volgens deze systematiek
bleek arbitrair, niet de volledige lading te dekken en niet langer nodig om aandacht
voor deze thema’s te garanderen.
              Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                        3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>2. Hoofdlijnen ontwikkelingen en aandachtspunten
Strafrechtelijke sanctietoepassing
Op strafrechtelijk terrein is sprake van relatief sterke fluctuaties in de
behoefte aan celcapaciteit die lastig blijken te voorspellen. Na jaren van
forse capaciteitsuitbreidingen is al geruime tijd sprake van een daling van de
geregistreerde criminaliteit en, hiermee samenhangend, een dalend aantal
gedetineerden, terbeschikkinggestelden en strafrechtelijk minderjarigen. De
actuele stand van zaken is dat een groot aantal plaatsen niet wordt gebruikt maar
dat plannen voor (verdere) capaciteitsvermindering tot nog toe op verzet stuiten
in de Tweede Kamer.1 In het politieke debat is besproken dat verhoging van de
aangiftebereidheid, het opsporingspercentage en een betere aanpak van al dan
niet onzichtbare, georganiseerde (cyber-)criminaliteit de capaciteitsbehoefte weer
zou kunnen laten stijgen. Samenhangend met deze onzekerheid heeft de Dienst
Justitiële Inrichtingen (DJI) ondertussen te maken met een groot personeelsverloop
en een niet aflatende hoge werkdruk. Te verwachten is dat de nieuwe regering een
Masterplan laat opstellen om de beschikbare capaciteit in de komende jaren (meer)
in overeenstemming te brengen met de feitelijke behoefte. Wat vraagt het van een
uitvoeringsorganisatie (zoals DJI, maar hetzelfde geldt voor andere organisaties
op het sanctieterrein) om met de grote diversiteit in populatie om te gaan, daarbij
voldoende te differentiëren in aanpak en in te spelen op de verwachtingen in de
maatschappij met betrekking tot vergelding, resocialisatie en recidivevermindering
naast de constante druk om (veiligheids)risico’s zoveel mogelijk te beperken en
incidenten te voorkomen? Een aanzienlijk deel van de gedetineerden kampt met
complexe, meervoudige problematiek en is daarmee kwetsbaar. Indicatieve cijfers
van het ministerie van JenV geven aan dat 60% van de (volwassen) gedetineerden
een psychiatrische achtergrond heeft, 60% verslaafd is, 80% afhankelijk is van een
uitkering, 57% schulden heeft en 35% een licht verstandelijke beperking heeft.2
Kijkend naar bijvoorbeeld de hoge opbrengsten van de georganiseerde criminaliteit
is echter in sommige gevallen soms ook sprake van berekenende, allesbehalve
kwetsbare verdachten of daders.
In de (forensische) zorg is sprake van een ontwikkeling naar minder specialistische
zorgcapaciteit, minder klinische zorg en een verdergaande ambulantisering.3 De
toename van ambulante zorg in combinatie met een voorwaardelijke strafrechtelijke
titel en de mogelijkheid van langdurig toezicht biedt ruimte voor effectieve drang-
en dwangarrangementen in plaats van of ter aanvulling op vrijheidsbeneming.
Daarnaast zijn er maatschappelijke ontwikkelingen te constateren binnen en
   1  Bij de totstandkoming van dit werkprogramma was het nieuwe kabinet nog niet aangetreden en kon er dus nog geen rekening worden
      gehouden met (initiatieven voortvloeiend uit) het nieuwe regeerakkoord.
   2  Ministerie van Veiligheid en Justitie (2017), Whitepaper Koers en Kansen, p.9.
   3  Eindrapportage van het programma Continuïteit van zorg (2017), Wegwijzer naar een veilige zorgketen voor patiënt en naaste, organisa-
      tie en maatschappij, p. 11.
                   Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                                      4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>rond de detentiefase die de vraag kunnen opwerpen welke effecten deze hebben
in de praktijk, zowel op het terrein van regelgeving als in de rechtspraak (en
daarmee het werk van de RSJ). Zo is de rol van het slachtoffer niet alleen meer
van belang in de fase van berechting maar komt deze ook in beeld tijdens de
detentiefase (bijvoorbeeld bij de invrijheidstelling of bij -proef- verlofsituaties).
Zoals al langer gangbaar in het tbs- en jeugddomein, werkt DJI sinds de invoering
van het beleidskader Dagprogramma Beveiliging en Toezicht (en binnenkort
bij het persoonsgerichte verlof) ook in het gevangeniswezen aan een andere
bejegening waardoor gedetineerden meer dan vroeger binnen de muren van de
gevangenis eigen verantwoordelijkheden krijgen. Dit richt zich bijvoorbeeld op de
dagindeling, de ruimte die men kan gebruiken (sleutel van eigen cel), extramurale
werkzaamheden etc. Anderzijds wordt het sanctiebeleid van directeuren steeds
kritisch beoordeeld, terwijl de directeur bij dit nieuwe beleid ruimte nodig heeft om
slagvaardig te kunnen optreden in de vele spanningsvolle situaties die detentie-
inrichtingen nu eenmaal permanent kennen. Tegelijkertijd bestaat ook de wens om
aan te sluiten bij de tendensen in de GGZ om afzondering terug te dringen. Meer
en meer wordt de detentiefase in beeld gebracht door tv-programma’s en komt
daardoor nadrukkelijker dan ooit in de publieke belangstelling te staan.
De Afdeling wil met betrekking tot deze ontwikkelingen ingaan op de uitdagingen
die een meer effectieve sanctietoepassing met zich mee brengt in een samenleving
die soms nadrukkelijk aandacht vraagt voor vergelding. Het gedachtegoed van
de “Visie op strafrechtelijke sanctietoepassing: versterken van samenhang,
betrokkenheid en vertrouwen” (2016) van de Afdeling advisering dient hierbij
als basis en vertrekpunt. Een weloverwogen keuze voor straf-, bestuurs- of
civielrechtelijke aanpak van criminaliteit kan de effectiviteit van de reactie op
criminaliteit versterken. Een effectieve strafrechtelijke sanctietoepassing staat
in verbinding met de samenleving, met name op het gebied van zorg en lokaal
bestuur. Samenwerking op lokaal niveau vraagt ruimte en vertrouwen in de
professionals aan de basis en een hierbij passende toezichthoudende rol van de
overheid. Om effectief te kunnen opereren en om maatwerk te kunnen leveren is
regionaal een voldoende gedifferentieerd aanbod van sancties en voorzieningen
nodig, met perspectief op het verminderen van recidive en het versterken van de
(kansen op) re-integratie en resocialisatie. De ‘klassieke’ strafdoelen zijn vooral
dadergericht. Volgens de Afdeling is meer aandacht voor de herstelgerichtheid
van de sanctie-uitvoering essentieel. Met herstelgerichtheid wordt gedoeld op
het waar mogelijk ongedaan maken of tegemoet komen aan leed en schade
die het slachtoffer, zijn omgeving en/of de samenleving door het delict hebben
ondervonden (zowel bewustwording van de impact als mogelijkheden om te
werken aan (im-) materiële schadevergoeding). Herstelgerichtheid vraagt daarnaast
om een samenleving die zich bereid toont en verantwoordelijkheid neemt om een
succesvolle integratie van de justitiabele mogelijk te maken. De RSJ organiseert in
2018 een congres over herstelgerichtheid van de sanctie-uitvoering.
              Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                        5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>Jeugdbescherming
Misschien nog meer dan op het strafrechtelijk sanctieterrein raakt het jeugd- en
familierecht gevoelige, maatschappelijk-ethische dilemma’s. De adviezen die de
Afdeling eerder uitbracht met betrekking tot “Interlandelijke adoptie” (2016)
en “Prenatale kinderbescherming en de rol van de overheid” (2015) zijn goede
voorbeelden daarvan. Het Internationaal Verdrag van de Rechten van het Kind
vormt hierbij voor de Afdeling een belangrijk uitgangspunt en leidraad. Mede naar
aanleiding van het rapport van de Staatscommissie Herijking ouderschap (2016) is
thans de discussie over nieuwe gezinsvormen actueel.
Daarnaast vraagt ook de transitie in de jeugdzorg nog steeds volop aandacht. Sinds
de overheveling in 2015 van onder meer de jeugdbescherming en de jeugdzorgplus
(gesloten jeugdzorg) zijn gemeenten verantwoordelijk voor het integrale
jeugdbeleid. Met de gelijktijdige invoering van de Jeugdwet is sindsdien sprake van
één wettelijk kader en één financieringssysteem. De verschillen in aanpak tussen
gemeenten die het gevolg zijn van het decentralisatiebeleid leiden tot positieve
ontwikkelingen en lokaal maatwerk, maar ook tot een complexe uitvoeringspraktijk
en zorgwekkende signalen. De evaluatie van de Jeugdwet die in het voorjaar 2018
wordt verwacht, heeft het karakter van een tussenbalans en zal moeten uitwijzen
of de ontwikkelingen de goede kant op gaan en of de Jeugdwet een doelmatig
wettelijk kader biedt.
             Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                       6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>3. Adviezen
Sanctietoepassing
1. Spanning rechtspositie en detentiepraktijk (programma op eigen initiatief, sluit
aan op gevraagd advies)
Een effectieve, flexibele, persoonsgerichte aanpak vraagt (onder meer) om
regelgeving die hierop is toegesneden. Zoals hiervoor is beschreven, lijkt in de
praktijk soms spanning te bestaan tussen datgene wat in regelgeving is vastgelegd
en de praktische consequenties of uitvoerbaarheid daarvan. Discussies doen zich
bijvoorbeeld voor in het kader van (gedragskundig advies bij) cameratoezicht,
rapportageverplichtingen in het kader van degraderen-promoveren en het
onverwijld uitwerken van een beschikking.
In samenhang hiermee heeft DJI geconstateerd dat er een sterke tendens naar
meer maatwerk waarneembaar is (DJI in verbinding, differentiatie in beveiliging en
zorg), dat meer maatwerk leidt tot effectievere interventies, maar ook kan leiden
tot rechtsongelijkheid. DJI heeft de RSJ gevraagd te adviseren over hoe om te gaan
met deze spanning.
Het voornemen is om in de komende jaren binnen de ruimte van het
werkprogramma van de Afdeling middelen vrij te maken om allereerst na te gaan
of deze voorlopige schets van problematiek breed wordt gedragen, welke fricties
gezonde spanning betreffen die leiden tot innovatie of verbetering van een situatie,
welke mogelijke oplossingen gevonden kunnen worden om in andere gevallen bij te
dragen aan een vermindering van de spanningsrelaties en met voorstellen te komen
om dit uit te werken. Concreet betekent dit dat de Afdeling zich voorneemt om in
afstemming met de Afdeling rechtspraak van de RSJ een programma te ontwikkelen
met (tenminste) de volgende onderdelen:
-- inventariseren van de knelpunten (leden en secretarissen van de Afdeling
    rechtspraak van de RSJ, directeuren en medewerkers van DJI en leden en
    secretarissen van de commissies van toezicht).
-- analyseren van de hierbij in het geding zijnde wet- en regelgeving en
    rechtspraak.
-- focus aanbrengen op basis van (eerste) analyses: welke knelpunten verdienen
    aandacht en uitwerking?
-- verkennen oplossingsrichtingen: reflectie op wet- en regelgeving en rechtspraak
-- verbetervoorstellen formuleren: hoe is flexibiliteit in de praktijk te realiseren
    met waarborgen van de rechtspositie? Wat vraagt dit van de verschillende
    betrokkenen (zoals medewerkers in de inrichtingen)?
-- Waar mogelijk zoekt de Afdeling hierbij samenwerking met universiteiten of
    hogescholen.
Hoewel een dergelijke exercitie voor alle drie domeinen (jeugd, gevangeniswezen,
tbs), zinvol wordt geacht, wordt vanwege de omvang ervan en de (beperkte)
             Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                       7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>beschikbare capaciteit voor advisering, begonnen op het terrein van het
gevangeniswezen. Dit terrein is, zoals eerder beschreven, momenteel sterk in
beweging. Op tbs-terrein heeft bovendien recent een wetsevaluatie4 plaatsgevonden
op grond waarvan ontwikkelingen in gang worden gezet die bij een dergelijke
exercitie moeten kunnen worden meegenomen.
2. Samenplaatsen jeugdigen op straf- en civielrechtelijke titel (gevraagd advies)
Het ministerie van JenV heeft de RSJ gevraagd te verkennen wat de mogelijkheden
zijn tot “samenplaatsing van jeugdigen op strafrechtelijke en civielrechtelijke
titel”, indachtig de visie en overwegingen die de RSJ heeft neergelegd in zijn
advies “Gekanteld perspectief”. In “Gekanteld perspectief” pleit de RSJ voor een
nieuw stelsel voor vrijheidsbeneming van justitiële jeugd. Het zou moeten gaan
om een stelsel waarin kleinschaligheid, nabijheid van gezin en school, passende
behandeling, opleiding en beveiliging voorop staan.
In het advies zal aandacht worden besteed aan onder meer de voor- en nadelen
van het samenplaatsen van jeugdigen met verschillende strafrechtelijke en
civiele titels, waarbij wordt ingegaan op het beperken van het eventuele risico
van ‘criminele besmetting’ en de mogelijkheden die hiertoe bestaan op basis van
de huidige rechtspositieregelingen. Mogelijk wordt nog aandacht besteed aan
randvoorwaarden en een bespreking van (bestaande) scenario’s.
3. Uitvoeringsbesluit Wetsvoorstel tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen
(USB) (gevraagd advies i.v.m. wijzigingen wet- en regelgeving)
Hiermee worden besluiten aangepast in het kader van de herziening van
de tenuitvoerlegging van strafrechtelijke beslissingen (m.u.v. die in het
jeugdstrafrecht). Het gaat om de tenuitvoerlegging van geldstraffen, maatregelen,
vrijheidsbenemende sancties, justitiële voorwaarden en taakstraffen. Ook
regelingen die medebepalend zijn voor de tenuitvoerlegging, zoals de
betekeningsvoorschriften, maken onderdeel uit van het wijzigingsbesluit.
4. Uitvoeringsbesluit Herziening beginselenwetten (gevraagd advies i.v.m.
wijzigingen wet- en regelgeving)
Over het conceptwetsvoorstel ‘Herziening Pbw, Bvt en Bjj i.v.m. het vervoer,
medisch klachtrecht, enz.’ is in 2013 door de RSJ geadviseerd. In november 2015
is een Nota van Wijziging bij dit wetsvoorstel, “Veegwet” genoemd, bij de Tweede
Kamer ingediend. De Veegwet omvat voorstellen over belangrijke kwesties in
het gevangeniswezen, die reeds eerder door de (voormalig) staatssecretaris in
regelingen of (concept)wetsvoorstellen zijn neergelegd: onder andere voorstellen
over penitentiaire arbeid en over detentiefasering (afkomstig uit het wetsvoorstel
Elektronische Detentie dat na aanname door de Tweede Kamer is verworpen door
de Eerste Kamer). Na parlementaire behandeling van het wetsvoorstel (inclusief
   4   Zie Van der Wolf, Mevis, Struijk, Van Leeuwen, Klein en Van Marle (2016), Op zoek naar een nieuw evenwicht. Derde evaluatie van de
       Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden, in opdracht van WODC.
                   Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                                     8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>Veegwet) wordt het uitvoeringsbesluit nader uitgewerkt en ter consultatie
aangeboden.
5. Wijziging verlofregeling gevangeniswezen (gevraagd advies i.v.m. wijzigingen
wet- en regelgeving)
De wetgever is voornemens de invoering van het persoonsgerichte re-
integratieverlof en het intrekken van het algemeen en regimair verlof te regelen
door aanpassing van de ministeriële regeling ‘Tijdelijk verlaten van de inrichting’
(Rtvi). Het verschijnen van de (concept)regeling is afhankelijk van de parlementaire
behandeling van het Wetsvoorstel Herziening beginselenwetten, en de daarbij
gevoegde Nota van wijziging (“Veegwet”).
6. Wijziging regeling Selectie, plaatsing en overplaatsing gedetineerden (SPOG)
in verband met Terroristenafdeling (gevraagd advies i.v.m. wijzigingen wet- en
regelgeving)
DJI is bezig het regime in de terroristenafdelingen (TA’s) stapsgewijs te wijzigen
in de richting van meer maatwerk, zoals dat elders in het Gevangeniswezen ook
wordt geleverd (o.a. uitbreiding dagprogramma, invoering arbeid). De bedoelde
veranderingen leiden tot een wijziging van de Regeling Selectie, Plaatsing en
Overplaatsing Gedetineerden (RSPOG), die nog in 2017 aan de RSJ ter consultatie
wordt voorgelegd (adviestraject loopt mogelijk door in 2018).
7. Boek 6 Strafvordering jeugd (gevraagd advies i.v.m. wijzigingen wet- en
regelgeving)
Dit voorstel vloeit voort uit het Wetgevingsprogramma Versterking prestaties
strafrechtsketen. Het betreft een herstructurering van de bepalingen over de
strafvordering tegen jeugdige personen.
Jeugdbescherming
8. Rechtspositiewet gesloten jeugdinstellingen (gevraagd advies i.v.m. wijzigingen
wet- en regelgeving)
Het kabinet Rutte-II heeft in het standpunt op de wetsevaluatie “Gedwongen zorg”
van ZonMw aangekondigd dat er een rechtspositiewet gesloten jeugdinstellingen
komt. De ministeries van VWS en JenV hebben aangegeven graag met de
Afdeling advisering van de RSJ in overleg te gaan over de opstelling van deze
wet. De Afdeling zal vervolgens in de formele consultatieronde adviseren over de
conceptwet.
             Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
                                                       9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming ziet er door advies en rechtspraak op
onafhankelijke wijze op toe dat de overheid in de beleidsontwikkeling en de uitvoering van door de overheid
opgelegde vrijheidsbenemende en vrijheidsbeperkende sancties en jeugdbeschermingsmaatregelen op een
juridisch correcte wijze en in overeenstemming met beginselen van goede bejegening te werk gaat.
                Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming | Werkprogramma advisering 2018
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>