<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>                                                                                   RSJ
                                                                                   Postbus 30137
                                                                                   2500 GC Den Haag
                                                                                   www.rsj.nl
           Aan de Minister voor Rechtsbescherming
           Postbus 20301
           2500 EH Den Haag
Datum       : 5 maart 2019
E-mail      : advies@rsj.nl
Uw kenmerk : 2443608
Ons kenmerk : RSJ/101/3115/2019/GvA/TvV
Onderwerp   : Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
            Geachte heer Dekker,
            De Afdeling advisering van de RSJ (hierna: de RSJ) heeft op 12 december
            een adviesaanvraag ontvangen met betrekking tot het conceptbesluit
            adviescommissie gegevensverstrekking weigerende observandi. Met dit
            advies voldoet de RSJ graag aan uw verzoek.
            Samenvatting
            Met de regeling voor de verplichte verstrekking van medische gegevens
            over weigerende observandi aan een multidisciplinaire commissie beoogt
            de minister recht te doen aan de belangen van verdachten, de positie van
            slachtoffers en nabestaanden en de veiligheid van de samenleving. De RSJ
            verwacht dat de regeling in specifieke gevallen de extra informatie kan
            opleveren die de pro Justitia-rapporteur in staat stelt tot betere advisering
            over de geestesgesteldheid van de verdachte te komen. Daarmee kan de
            rechter het al dan niet opleggen van een tbs-maatregel beter
            onderbouwen. De RSJ meent echter dat er onvoldoende noodzaak is voor
            overdracht van het gehele behandeldossier. De verstrekking van medische
            gegevens aan de commissie zou beperkt moeten blijven tot concrete
            onderdelen van een behandeldossier zoals diagnoses, behandelplannen en
            ontslagbrieven. Daarmee blijft de inbreuk op het medisch beroepsgeheim
            beperkt en proportioneel en worden bruikbaarheid en betrouwbaarheid van
            de gegevens verhoogd. De RSJ beveelt aan in alle gevallen de opgevraagde
            gegevens te laten vernietigen als de multidisciplinaire commissie oordeelt
            dat er geen bruikbare gegevens zijn. In dat geval geldt bovendien dat
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>doorlevering van het gehele dossier aan de rapporteurs - na machtiging
van de penitentiaire kamer – de kern van de regeling ondergraaft.
Tenslotte onderschrijft de RSJ het uitgangspunt van de minister om de
regeling alleen als uiterste middel in te zetten. Geadviseerd wordt vooral in
te zetten op flankerend beleid en het ultimum remedium karakter van de
regeling duidelijk vast te leggen in de toelichting bij de regeling om het
risico op een toenemend gebruik van de regeling tegen te gaan. Daarnaast
adviseert de RSJ de invoering en het gebruik van de regeling nauwgezet te
monitoren en te evalueren.
     1. Inleiding
Op 1 januari 2019 is de Wet forensische zorg (Wfz) in werking getreden.
Met deze wet is ook artikel 37a Sr gewijzigd, het artikel waarin de
voorwaarden voor het kunnen opleggen van de maatregel van
terbeschikkingstelling (tbs) zijn opgenomen. In artikel 37a is de nieuwe
zogeheten “regeling weigerende observandi” opgenomen (lid 5 tot en met
9). Deze regeling maakt het mogelijk het medisch beroepsgeheim te
doorbreken bij verdachten die weigeren mee te werken aan een klinische
pro Justitia-rapportage, waardoor de rechter uiteindelijk over onvoldoende
informatie beschikt om tot een tbs-oplegging te komen. Lid 9 regelt de
instelling van een multidisciplinaire commissie (mdc) die - zonder
toestemming van de verdachte - op last van de officier van justitie (OvJ)
medische dossiers bij behandelaren van verdachte kan opvragen. Dit om te
bepalen of er bruikbare persoonsgegevens zijn die kunnen bijdragen aan
een advies over de aanwezigheid van een mogelijke gebrekkige
ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens van verdachte.
De regeling is bedoeld als een ultimum remedium in geval van ernstige
misdrijven.
Met deze regeling beoogt de minister recht te doen aan de belangen van
verdachten, de positie van slachtoffers en nabestaanden en de veiligheid
van de samenleving. De RSJ verwacht dat de regeling in specifieke
gevallen de extra informatie kan opleveren die de pro Justitia-rapporteur in
staat stelt tot betere advisering waardoor de rechter zijn oordeel over het
wel of niet opleggen van een tbs-maatregel beter kan onderbouwen.
Met deze regeling wordt een zwaar middel ingezet voor een beperkt aantal
verdachten. 1 Het medisch beroepsgeheim, dat een groot maatschappelijk
en individueel belang dient, wordt doorbroken. Het individuele belang van
de patiënt houdt in dat een patiënt erop moet kunnen vertrouwen dat de
informatie die deze aan de hulpverlener verschaft niet zonder diens
toestemming, of zonder dat de wet dat toestaat, voor andere doeleinden
wordt gebruikt of aan anderen wordt verstrekt.
   1
      In 2017 waren er 101 verdachten die volledige medewerking in het PBC
     weigerden; bij ongeveer een kwart van deze zaken kon toch een tbs worden
     opgelegd.
                                                                              2
                  Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                   Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>De regeling kan nadelige gevolgen hebben voor de behandelrelatie tussen
de arts en de weigerende observandus 2 en de effectiviteit van de
behandeling. Ook kan het gevolgen hebben voor het vertrouwen van
(potentiële, al dan niet forensische) patiënten in artsen. De RSJ
onderschrijft dan ook het uitgangspunt van de minister de regeling alleen
als uiterste middel in te zetten. Daarnaast is van belang dat er sprake is
van een zorgvuldige procedure voorzien van juridische waarborgen voor de
betrokken partijen. De RSJ adviseert de invoering en het gebruik van de
regeling nauwgezet te monitoren en te evalueren.
Hierna komen achtereenvolgens aan bod: de regeling op onderdelen (2),
de toepassing als ultimum remedium (3) en conclusies en aanbevelingen
(4).
     2.          De regeling op onderdelen
Samengevat bepaalt artikel 37a lid 9 Sr dat de mdc op last van de OvJ de
bevoegdheid krijgt om (geneeskundige) persoonsgegevens bij de huidige
en voormalige behandelaren van verdachte op te vragen. De behandelaren
zijn verplicht deze te leveren en kunnen zich in deze niet verschonen. De
mdc bepaalt vervolgens welke gegevens bruikbaar zijn. De gegevens
worden pas aan de pro Justitia-rapporteurs doorgegeven nadat de
penitentiaire kamer op verzoek van de OvJ een machtiging tot gebruik
heeft afgegeven. De penitentiaire kamer en de OvJ krijgen geen inzage in
de gegevens. Ook in het geval de mdc heeft geoordeeld dat er geen
bruikbare gegevens zijn kan de penitentiaire kamer een machtiging
afgeven om het gehele dossier over te dragen aan de pro Justitia-
rapporteurs.
De RSJ zal hierna enkele opmerkingen maken met betrekking tot de
inrichting van de procedure en de inbedding van de juridische waarborgen.
Omvang van de gegevensverstrekking
In het conceptbesluit is de wettelijke verplichting van aan te leveren
persoonsgegevens geconcretiseerd tot het aanleveren van het gehele
medische dossier. De argumenten zijn deels praktisch van aard (efficiënter
voor de behandelaar, die op deze wijze bovendien niet verantwoordelijk
wordt voor de selectie van de gegevens), deels functioneel (ogenschijnlijk
onbelangrijke gegevens die in samenhang met gegevens van andere
behandelaren nuttig kunnen zijn) en principieel (het bevorderen van
rechtsgelijkheid doordat de behandelaren zelf geen selectie kunnen
uitvoeren).
Het is juist dat bij een keuze voor het opvragen van het gehele dossier de
mdc zicht heeft op alle beschikbare informatie en de verantwoordelijkheid
voor een selectie van gegevens niet bij de behandelend arts neergelegd
   2
      De regeling kan ook potentieel gevolgen hebben voor de veiligheid van de
     behandelend arts die – zonder informeren en toestemming van verdachte –
     vertrouwelijke gegevens verstrekt.
                                                                               3
                   Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                    Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>wordt. Echter, gezien de grote maatschappelijke relevantie van het
medisch beroepsgeheim is de RSJ van mening dat de inbreuk op het
medisch beroepsgeheim zo beperkt mogelijk en daarmee proportioneel
moet blijven.
Een belangrijk nadeel van de integrale verstrekking is dat een dossier ook
gegevens bevat die niet relevant zijn voor het doel dat met de verstrekking
wordt beoogd, waardoor niet is voldaan aan de eis van minimale
gegevensverwerking. 3 Het dossier kan ook zeer vertrouwelijke informatie
van en over derden bevatten of informatie die in een opsporingsonderzoek
tegen verdachte gebruikt kan worden. Dit betreft informatie waarvoor de
regeling niet bedoeld is. 4
De RSJ acht het van belang de reikwijdte van de regeling waar mogelijk te
beperken met inachtneming van het te bereiken doel. Dat betreft dus ook
de omvang van de te verstrekken medische (en andere) gegevens. De RSJ
adviseert dan ook het opvragen van medische gegevens bij behandelaren
te beperken tot concrete onderdelen van een behandeldossier zoals
diagnoses, behandelplan en ontslagbrieven. Dit zijn gegevens die naar
verhouding het meest betrouwbaar zijn, een duidelijke plaats hebben in de
communicatie met patiënt en relevante derden en relatief eenvoudig zijn
aan te leveren. Bovendien meent de RSJ dat de rechter op basis van deze
gegevens een goed oordeel kan vellen over de geestelijke gesteldheid van
de verdachte.
Bruikbaarheid en betrouwbaarheid van dossiergegevens
De RSJ merkt op dat de gegevens uit de dossiers vaak gedateerd en voor
een ander doel (behandelplanning en -voortgang, indicatiestelling,
financiering) zijn opgesteld. Hypothesevorming is daarbij belangrijker dan
waarheid(svinding). Het beoordelen van dossiers door een ander dan de
behandelaar is daardoor riskant. Bij interpretatie en selectie van deze
informatie zijn de betrouwbaarheid en validiteit niet vanzelfsprekend
gewaarborgd.
Met het voorstel van de RSJ de op te vragen gegevens te beperken tot
diagnoses, behandelplan en ontslagbrieven nemen de bruikbaarheid en de
betrouwbaarheid van de gegevens toe.
Zeeffunctie en vernietiging van onbruikbare gegevens
Het is de bedoeling dat de mdc slechts de bruikbare gegevens doorzet naar
de rapporteurs. Alleen de gegevens die noodzakelijk zijn voor het beoogde
doel worden doorgeleid. De mdc vervult daarmee een zeeffunctie,
   3
     De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) gaat uit van een
     aantal beginselen van gegevensbescherming zoals het beginsel van minimale
     gegevensverwerking (artikel 5 lid 1 onder c AVG). Dat betreft het verzamelen
     en verwerken van zo min mogelijk persoonsgegevens die aansluiten op het
     doel van de verwerking.
   4
     Volgens de minister worden de gegevens verstrekt met het oog op het
     opstellen van een pro Justitia-rapportage ten behoeve van de strafoplegging.
     De gegevens worden uitdrukkelijk niet verstrekt voor het strafrechtelijk
     onderzoek, Kamerstukken I 2014/15, 32 398 K, par. 4.
                                                                                  4
                  Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                   Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>waardoor volgens de minister de omvang van de doorbreking van het
beroepsgeheim beperkt zou zijn.
Hiermee in tegenspraak is de bepaling dat, als de mdc oordeelt dat het
dossier geen bruikbare gegevens bevat, maar een machtiging is afgegeven
door de penitentiaire kamer, de mdc het gehele dossier alsnog dient over
te dragen aan de rapporteurs. De RSJ is van mening dat een dergelijke
bepaling de kern van de voorliggende regeling ondergraaft. De RSJ
adviseert dan ook de tweede zin van artikel 2.10 lid 1 te schrappen en de
regeling zo te wijzigen dat de als onbruikbaar beoordeelde gegevens door
de mdc vernietigd worden en de mogelijkheid tot volledige overdracht
vervalt. Daarmee wordt voldaan aan de beoogde zeeffunctie van de mdc.
Overige procedurele aspecten
    - Bevoegdheid tot aanleveren gegevens
De RSJ stelt voor de bevoegdheid tot het aanleveren van gegevens
zorgvuldig te regelen en neer te leggen bij de hoogst verantwoordelijke
behandelaar, de geneesheer-directeur (of bij kleinere behandelinstellingen
op het hoogst bevoegde niveau).
    - Informatieplicht
Volgens de toelichting bij het concept besluit wordt de weigerende
observandus pas achteraf geïnformeerd door de OvJ, op het moment dat
het advies van de mdc aan de OvJ wordt verstrekt (artikel 37a lid 5 Sr).
Het is de RSJ onduidelijk waarom deze niet eerder in het proces
geïnformeerd wordt.
    - Vernietiging van het medisch dossier bij behandelaar
 De RSJ stelt voor een wettelijke verplichting op te nemen voor de
behandelaar om gedurende de procedure bij de mdc het dossier niet te
vernietigen, dit omdat het kan voorkomen dat de behandelaar tegelijkertijd
geconfronteerd wordt met een verzoek van de mdc het dossier aan te
leveren en een verzoek van de patiënt het dossier te vernietigen.
    - Zwijgplicht behandelaar
De RSJ merkt op dat de doorbreking van de zwijgplicht van de behandelaar
niet is geregeld voor het geval de behandelaar ingaat op het verzoek een
toelichting te geven aan de mdc. Dit kan onbedoeld tuchtrechtelijke
consequenties hebben.
    3. De toepassing als ultimum remedium
Volgens de nota van toelichting wordt de regeling ingezet als ultimum
remedium, dat wil zeggen alleen in die gevallen waarin alternatieve –
minder ingrijpende – maatregelen niet afdoende zijn gebleken om tot een
zorgvuldig oordeel te komen omtrent de aanwezigheid van een geestelijke
stoornis ten tijde van het delict en de noodzaak tot het opleggen van een
tbs-maatregel.
De RSJ acht het terecht dat de maatregel pas in het uiterste geval gebruikt
wordt en vindt het van belang dat er geen glijdende schaal in het gebruik
ervan ontstaat. Om terughoudendheid in het gebruik te bevorderen,
                                                                           5
                 Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                  Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>adviseert de RSJ sterk in te zetten op flankerend beleid en een duidelijk
stappenplan voor toepassing van de regeling te hanteren.
a. Flankerend beleid
In de brief van de minister van 8 oktober 2018 5 over de problematiek van
de weigerende observandi zijn, naast de onderhavige regeling weigerende
observandi, de volgende maatregelen getroffen:
    -    verbeteren van de klinische rapportage binnen het PBC door
         verlenging van de observatieperiode en het werken met een ander
         afdelingsmilieu; 6
    -    het verduidelijken van artikel 37a, lid 1 Sr; op basis van dit artikel
         heeft de rechter de mogelijkheid om zonder concludent advies een
         tbs-maatregel op te leggen mits hij deze beslissing goed kan
         onderbouwen; 7
    -    vergroting van kennis en verbetering van communicatie tussen de
         betrokken disciplines; o.a. via externe handreikingen en een
         e-learningmodule bij de rechterlijke macht en nieuwe
         kwaliteitsstandaarden bij het NIFP; nog meer nadruk op
         gestandaardiseerde risicotaxatie; en
    -    aanpassingen op onderdelen van de rechtspositie van tbs-gestelden,
         oa. via het actualiseren van het beleidskader Langdurige Forensisch
         Psychiatrische Zorg (LFPZ) en een aanpassing van de Verlofregeling
         tbs. Dit ter bevordering van de uitstroom uit de LFPZ. 8
b. Stappenplan
In de nota van toelichting zijn de volgende stappen benoemd:
    -    de toepassing is beperkt tot verdachten van ernstige delicten
         conform art. 38e Sr (‘geweldsmisdrijven’);
    -    betrokkene weigert mee te werken aan een pro Justitia-rapportage
         of enig ander onderzoek naar zijn geestestoestand en geeft geen
         toestemming voor het verstrekken van medische gegevens door zijn
         behandelaar;
  5
     Brief van 8 oktober 2018 over de problematiek van de weigerende
      observandi, Kamerstukken I 2018/19, 32 398 P.
  6
     In 2017 waren er 101 verdachten die volledige medewerking in het PBC
     weigerden; bij ongeveer een kwart van deze zaken kon toch een tbs worden
     opgelegd. Met de maatregelen die al genomen zijn zoals verlenging van de
     observatietermijn in het PBC naar maximaal 14 weken en een pilot met een
     uitgebreider dagprogramma en aangepast activiteitenaanbod is aannemelijk
     dat het percentage opleggingen naar boven bijgesteld kan worden. De
     resultaten van een evaluatie over het eerste half jaar van de speciale afdeling
     van het PBC zijn bemoedigend.
  7
     Een medische diagnose is niet vereist, de aannemelijkheid van een stoornis is
     voldoende om een stoornis vast te stellen. De verduidelijking van artikel 37a
     lid 1 Sr wordt geregeld in de Uitvoeringswet USB; dit conceptwetsvoorstel ligt
     momenteel ter consultatie voor.
  8
     Het nieuwe beleidskader LFPZ is op 1 januari 2019 in werking getreden.
                                                                                     6
                   Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                    Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>    -  klinische rapportage (PBC) heeft wegens gebrek aan medewerking
       geen concludent advies opgeleverd, ook niet na verlenging van de
       observatietermijn tot 14 weken; en
    -  overige informatie (milieuonderzoek, reclasseringsrapportages,
       eerdere pro Justitia-rapportages) heeft geen duidelijkheid
       opgeleverd.
In het huidige debat over de weigerende observandi zijn tal van
alternatieven aangedragen. Indien hier bewezen werkzame methodieken
uit voortkomen, kunnen deze in bovenstaand stappenplan opgenomen
worden.
    4. Conclusies en aanbevelingen
Conclusies
Met de vaststelling van de Wfz is een wettelijke basis gelegd voor
doorbreking van het medisch beroepsgeheim bij zogenaamde weigerende
observandi. Het conceptbesluit geeft hieraan nadere invulling.
De RSJ schat in dat de regeling in specifieke gevallen - als ultimum
remedium - de gewenste extra informatie kan opleveren waardoor de
rechter in staat wordt gesteld zijn oordeel over het wel of niet opleggen
van een tbs-maatregel te onderbouwen.
De RSJ komt tot de volgende conclusies:
    -  het verplichte aanleveren aan een multidisciplinaire commissie van
       het gehele dossier in plaats van duidelijk omschreven stukken uit
       het dossier is naar de mening van de RSJ onnodig en betekent een
       disproportionele inbreuk op het beroepsgeheim;
    -  een belangrijk nadeel van de integrale verstrekking is dat een
       dossier ook gegevens bevat die niet relevant zijn voor het doel dat
       met de verstrekking wordt beoogd, zoals zeer vertrouwelijke
       informatie van en over derden;
    -  met de aanbeveling van de RSJ de op te vragen gegevens te
       beperken tot concrete onderdelen van een behandeldossier zoals
       diagnoses, behandelplan en ontslagbrieven, nemen de
       bruikbaarheid en de betrouwbaarheid van de gegevens toe; en
    -  de integrale aanlevering van het dossier aan de rapporteurs als de
       mdc heeft geoordeeld dat er geen bruikbare gegevens zijn (maar de
       penitentiaire kamer wel een machtiging heeft afgegeven)
       ondergraaft de opzet van de regeling. Niet bruikbare gegevens
       dienen vernietigd te worden.
Daarnaast vraagt de RSJ aandacht voor de volgende procedurele aspecten:
    - de bevoegdheid voor het aanleveren van een behandeldossier;
    - het late moment van informeren van de verdachte over de
       verstrekking van zijn medische gegevens aan de mdc; en
    - het ontbreken van een regeling voor de doorbreking van de
       zwijgplicht van behandelaren bij verschijnen voor de commissie.
                                                                           7
                 Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                  Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>Tot slot concludeert de RSJ dat het ultimum remedium karakter van de
regeling goed geborgd zou moeten worden gezien de nadelen en risico’s
van de regeling.
Aanbevelingen
De RSJ doet de volgende aanbevelingen:
Algemeen
   - Evalueer de regeling na drie jaar: hoe vaak is er gebruik gemaakt
        van de regeling en hoe vaak heeft dit geleid tot oplegging van tbs.
        Betrek hierbij ook de ervaringen van de betrokken behandelaren.
Omvang van de gegevens, bruikbare gegevens en vernietiging gegevens
   - Beperk de aan de mdc aan te leveren gegevens tot enkele concrete
        onderdelen van een behandeldossier zoals diagnoses, behandelplan
        en ontslagbrieven. Dit zijn gegevens die naar verhouding het meest
        betrouwbaar zijn, een duidelijke plaats hebben in de communicatie
        met patiënt en relevante derden en relatief eenvoudig zijn aan te
       leveren. De RSJ meent dat de rechter op basis van deze gegevens
       een oordeel kan vellen over de geestelijke gesteldheid van de
       verdachte.
   - Draag informatie met betrekking tot moeilijk te definiëren en af te
       bakenen begrippen, zoals behandeltrouw en afgebroken
       behandelingen, niet over aan rapporteurs. De noodzaak van
       verstrekking van deze informatie is twijfelachtig en de kans op
       onjuiste interpretatie is relatief groot.
    - Laat de tweede zin van artikel 2.10 lid 1 vervallen en wijzig de
        regeling zo dat de als onbruikbaar beoordeelde gegevens vernietigd
        moeten worden wanneer de mdc heeft geoordeeld dat er geen
        bruikbare gegevens in het dossier aanwezig zijn.
Overige procedurele aspecten
   - Zorg ervoor dat de bevoegdheid tot verstrekken van medische
        dossiers zorgvuldig geregeld is. Leg het verzoek om een medisch
        dossier te verstrekken bij de hoogst verantwoordelijke behandelaar,
        de geneesheer-directeur (of bij kleinere behandelinstellingen op het
        hoogst bevoegde niveau).
   - Ga na of verdachte op een eerder moment over de verstrekking van
        zijn medische gegevens geïnformeerd kan worden.
   - Regel het verbod op vernietiging van het dossier door de
        behandelaar gedurende de procedure.
   - Schrap de mogelijkheid de behandelaar uit te nodigen voor een
        toelichting aan de mdc.
                                                                            8
                  Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                   Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>De toepassing als ultimum remedium
   - Investeer in flankerend beleid, onder anderen conform de
       beleidsbrief van 8 oktober 2018.
   - Leg duidelijk vast welke stappen in het proces altijd moeten worden
       doorlopen voordat de voorgestelde regeling wordt ingezet, ter
       voorkoming van een glijdende schaal in het gebruik ervan.
Met vriendelijke groet,
Namens de Afdeling advisering van de Raad voor Strafrechtstoepassing en
Jeugdbescherming,
Frederieke Leeflang
                                                                       9
                Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
                 Advies gegevensverstrekking weigerende observandi
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>