<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Samenvatting
Advies reclassenten met een hoog veiligheidsrisico
Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming
De reclassering geeft aan dat zij in toenemende mate te maken heeft met reclassenten
die ernstige veiligheidsrisico’s met zich meebrengen voor reclasseringswerkers, mede-
reclassenten en/of zichzelf. De reclassering duidt deze cliënten aan als ‘hoog
veiligheidsrisico cliënten’ (hierna: HVR-cliënten).
Definitie en omvang
Een eenduidige definitie van HVR-cliënten ontbreekt, maar er kunnen twee typen HVR-
cliënten worden onderscheiden: het eerste type betreft cliënten die een gevaar vormen
vanwege hun (mogelijke) betrokkenheid bij activiteiten in de georganiseerde misdaad.
Veiligheidsrisico’s kunnen uitgaan van de cliënt zelf of van diens omgeving. Het tweede
type betreft cliënten met ernstige psychische problematiek. De daaruit voortvloeiende
onvoorspelbaarheid van hun gedrag kan ernstige veiligheidsrisico’s met zich meebrengen.
In de praktijk wordt overigens uiteenlopend gedacht over het indelen van deze cliënten
onder de HVR-cliënten.
In relatie tot het totaal aantal cliënten dat de reclassering jaarlijks begeleidt, betreft het
aantal HVR-cliënten slechts een fractie van de totale populatie. Daarbij zijn er maar
enkele voorbeelden van HVR-zaken waarin de reclassering de opdracht – wegens zeer
ernstige veiligheidsrisico’s – niet heeft kunnen uitvoeren. Dat maakt de impact op de
betrokken reclasseringswerkers en de organisatie in haar geheel echter niet minder groot.
Beoordelingsproces in HVR-zaken
Om in HVR-zaken te beoordelen of en hoe de reclassering zowel de veiligheid van
medewerkers kan waarborgen als uitvoering kan geven aan haar opdracht, heeft de
reclassering een ‘wegingskader’ ontwikkeld. Speciaal getrainde reclasseringswerkers
bepalen met behulp van het wegingskader het dreigingsniveau, de reclasseringsinzet en
de te nemen veiligheidsmaatregelen. In dit proces wordt risico-informatie verzameld bij
ketenpartners. Echter, deze informatie-uitwisseling verloopt volgens de reclassering
moeizaam. Als er sprake is van (zeer) ernstige veiligheidsrisico’s, overweegt de
reclassering (extra) veiligheidsmaatregelen te nemen of geeft zij aan geen
reclasseringsactiviteiten te kunnen uitvoeren.
Over de totstandkoming van het wegingskader en het gebruik in de praktijk is weinig
bekend. Dit roept bij de Afdeling advisering van de RSJ (hierna: de RSJ) vragen op van
onder meer inhoudelijke, methodologische en praktische aard. Ook roept het vragen op
over de consequenties voor de rechtspositie van de reclassent. De RSJ is van mening dat
het beoordelingsproces transparant en eenduidig moet zijn, gebaseerd op een gevalideerd
Postbus 30137
2500 GC Den Haag
www.rsj.nl
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>wegingsinstrument. Ook vindt de RSJ dat een degelijk informatieproces moet worden
ingericht, waarbij het OM de verantwoordelijkheid heeft de reclassering te informeren
over de aanwezigheid van veiligheidsrisico’s. Mogelijk kan op dit punt aansluiting worden
gezocht bij de aanpak van het OM, de DJI en de politie waarin zij risico-informatie met
elkaar delen om voortgezet crimineel handelen in detentie te voorkomen.
Met het oog op een eenduidige beoordeling en uitvoering van de werkwijze in HVR- zaken
zou de reclassering meer kunnen inzetten op training en scholing van (nieuwe)
reclasseringswerkers en het nog beter voorlichten en activeren van ervaren
reclasseringswerkers. Ook moet de reclassering doorlopend aandacht besteden aan
mentale steun voor haar medewerkers, gelet op de impact die HVR-zaken op haar
medewerkers kunnen hebben.
Rechtspositie
De problematiek rondom reclassenten met een hoog veiligheidsrisico laat zien dat de
rechtspositie van reclassenten in het algemeen niet expliciet geregeld is.
Dit vormt met name een knelpunt voor de HVR-doelgroep, omdat de besluitvorming van
de reclassering vergaande gevolgen kan hebben voor deze groep reclassenten en er voor
hen weinig mogelijkheden zijn daar iets tegen te doen. De HVR-cliënt kan wel een klacht
indienen bij een onafhankelijke klachtencommissie, maar de bevoegdheden van de
klachtencommissie zijn beperkt en de uitspraak volgt vaak (te) laat waardoor de
uitspraak voor klager in de meeste gevallen een kwestie is van achteraf erkenning of
gelijk krijgen. De RSJ acht het van belang de rechtspositie van de reclassent te
verbeteren door de criteria en het kader op grond waarvan reclassenten worden
geclassificeerd als ‘hoog veiligheidsrisico’ vast te leggen in een ministeriële regeling.
Gevolgen voor reclassering en HVR-cliënt
De aanwezigheid van ernstige veiligheidsrisico’s kan ertoe leiden dat de reclassering tot
de conclusie komt geen uitvoering te kunnen geven aan haar taak. De gevolgen hiervan
zijn ingrijpend voor de cliënt, met name wanneer het uitblijven van
reclasseringsactiviteiten leidt tot het niet kunnen uitvoeren van de straf en/of wijziging
van het vonnis en de cliënt in een uiterst geval bijvoorbeeld vervangende hechtenis moet
ondergaan. Gelet op deze gevolgen acht de RSJ het van belang dat er aan de voorkant –
bij de oplegging van een taakstraf of toezicht door de rechter (of de officier van justitie –
overleg plaatsvindt tussen de ketenpartners zodat duidelijk wordt of en hoe
reclasseringsactiviteiten kunnen worden uitgevoerd.
De RSJ is van mening dat ook in HVR-zaken toezicht en controle geboden moeten worden
en dat de reclassering daartoe aanvullende mogelijkheden moet krijgen. Aanvullende
mogelijkheden die begeleiding in (de zwaarste categorie) HVR-zaken mogelijk moeten
maken, zijn in ontwikkeling. De RSJ acht het van belang dat deze mogelijkheden – het
uitbreiden van anoniem werken en multidisciplinair werken – concreter vorm krijgen.
Daarnaast adviseert de RSJ na te denken over alternatieve mogelijkheden voor de
tenuitvoerlegging van de taakstraf bij HVR-cliënten, aangezien de twee voorgestelde
mogelijkheden enkel een oplossing bieden voor advies en toezicht. De RSJ acht maatwerk
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>en alertheid ten aanzien van veranderingen in veiligheidsrisico’s gedurende een HVR-
traject van belang, zodat de reclassering haar werkwijze kan aanpassen zodra de situatie
verandert en veiligheidsrisico’s toe- of afnemen.
Aanbevelingen
    •    Zorg op korte termijn voor een goede, door de gehele strafrechtketen gedragen,
         definitie van de HVR-doelgroep, zodat HVR-cliënten in de keten op een eenduidige
         manier worden aangemerkt en de verwachting, inzet en aanpak daarop kunnen
         worden afgestemd.
    •    Geef inzicht in het beoordelingsproces en zorg dat het proces transparant en
         eenduidig is, gebaseerd op een gevalideerd wegingsinstrument.
    •    Informeer de reclassent voor zover mogelijk over de informatie die met behulp
         van het wegingskader is verzameld en over de daarop gebaseerde beslissingen.
    •    Richt een degelijk informatieproces in en creëer een “informatielijn” tussen het
         OM en de reclassering. Maak het OM daarbij verantwoordelijk voor het
         verstrekken van correcte informatie aan de reclassering over aanwezige
         veiligheidsrisico’s.
    •    Ga na wat de reclasseringswerker nog meer nodig heeft om controle en
         begeleiding in een HVR-zaak goed te kunnen uitvoeren. Daarbij kan gedacht
         worden aan aspecten als scholing, training en intervisie, maar ook aan mentale
         steun voor de medewerkers.
    •    Verbeter de rechtspositie van de reclassent, door de criteria en het kader op
         grond waarvan reclassenten worden geclassificeerd als ‘hoog veiligheidsrisico’ en
         de daaruit volgende beslissingen vast te leggen in een ministeriële regeling.
    •    De reclassering moet aan de voorkant in overleg met de ketenpartners kijken
         naar de uitvoerbaarheid van reclasseringsactiviteiten in HVR-zaken, zodat
         situaties worden voorkomen waarin de rechter in een later stadium moet
         beslissen over een alternatief.
    •    Concretiseer de wijze waarop de anonieme unit en de multidisciplinaire aanpak
         vorm moeten krijgen in de praktijk. De reclassering moet daarbij een beroep
         kunnen doen op de ketenpartners.
    •    Probeer andere oplossingen te vinden voor de HVR-doelgroep. Gedacht kan
         worden aan het creëren van (meer) reclasseringslocaties in een beveiligde
         setting.
    •    Zorg gedurende een HVR-traject voor periodieke herbeoordeling, zodat de actuele
         situatie en de noodzaak van de genomen veiligheidsmaatregelen goed kunnen
         worden beoordeeld.
Het advies kunt u raadplegen op de RSJ website.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>