<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>       OKTOBER 2005
       ADVIES RDA 2005/ 08
ADVIES OVER DE WINTERSTERFTE 2004-2005 VAN GROTE
       GRAZERS IN DE OOSTVAARDERSPLASSEN
                           ADVIES AAN DE MINISTER VAN LANDBOUW,
                           NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT INZAKE DE
                           STERFTE VAN GROTE GRAZERS IN DE
                           OOSTVAARDERSPLASSEN IN DE WINTER VAN
                           2004-2005
                                                                1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>                     SAMENSTELLING VAN DE RAAD
•   prof. dr. C.J.G. Wensing, voorzitter Raad voor Dierenaangelegenheden
•   A. Achterkamp
•   ir. A.M. Burger                      bezoekadres:
•   mr. E.C. Greve                       Laan van Nieuw Oost Indië 131-133
•   ir. M.J.B. Jansen                    2593 BM Den Haag
•   drs. S.B.M. Jongerius
•   J.Th. de Jongh                       postadres:
                                         Postbus 90428
•   P.J.J.M. Loonen
                                         2509 LK Den Haag
•   ir. B.J. Odink
•   dr. ir. H. Paul
                                         telefoon 070 3785266
•   prof. dr. A. Pijpers
                                         fax 070 3786336
•   drs. T. de Ruijter
                                         email info@rda.nl
•   S.J. Schenk
•   prof. dr. F.J. van Sluijs
                                         www.raadvoordierenaangelegenheden.nl
•   H.W.A. Swinkels
•   drs. P.A. Thijsse
•   prof. dr. J.H.M. Verheijden
•   ir. ing. A.J. Vermuë
•   drs. P. van der Wal
Secretaris: dr. drs. I.D. de Wolf
2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>3</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>        INHOUDSOPGAVE
Advies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
1. Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
2. Historische context . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
3. Dierexperiment Oostvaardersplassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
4. De situatie van grazers in de Oostvaardersplassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
5. Mogelijkheden om welzijn te verhogen door aantalsregulatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
6. Advies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
Bijlagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
1. Sterftecijfers 1995-2005 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
2. Sterfte-oorzaken en leeftijden 2000-2005 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
3. Overzicht van publicaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 21
4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>5</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>        ADVIES
1. INLEIDING                                          2. HISTORISCHE CONTEXT
De Vaste Commissie voor Landbouw, Natuur en           De Raad adviseert over strategische vraagstukken
Voedselkwaliteit (hierna: LNV) heeft de minister van  op het gebied van de gezondheid en het welzijn van
LNV gevraagd om een evaluatie op te stellen van de    gehouden dieren. In het Raadsadvies van 17 de-
situatie in de afgelopen winter met betrekking tot de cember 1996, betreffende het Rapport “Gezondheid
edelherten, runderen en paarden in de Oostvaar-       en welzijn van grote grazers in natuurgebieden”,
dersplassen (hierna: OVP). Op verzoek van de          wordt vermeld dat zowel het onderhavige rapport als
directie Natuur van het ministerie van LNV is op 14   het standpunt van de minister van LNV eenduidig
juni 2005 een voorlopig en gezamenlijk advies opge-   was, namelijk dat de grote grazers in natuur-
steld door de Raad voor het Landelijk Gebied (RLG)    gebieden beschouwd werden als “gehouden dieren”.
en de Raad voor Dierenaangelegenheden (hierna:        Deze definitie is uiterst relevant, aangezien dan de
de Raad). Dit advies is door de Raad in zijn vergade- bepalingen van de Gezondheids- en welzijnswet
ring van 28 juni 2005 echter afgewezen omdat, naar    voor dieren (hierna: GWWD) van toepassing zijn. De
mening van de Raad, het welzijnsaspect onvoldoe-      Raad constateerde dat alleen uiterst zwaarwegende
nde recht werd gedaan. De minister van LNV is door    argumenten reden zouden zijn om voor deze dieren
de voorzitter van de Raad over dit standpunt in een   uitzonderingen te maken op de bepalingen van en
brief dd. 29 juni 2005 geïnformeerd. De Raad heeft    krachtens de GWWD.
vervolgens besloten om separaat een aangepast
advies uit te brengen.                                In januari 2000 werd door de staatssecretaris van
                                                      LNV de “Leidraad grote grazers” aan de Tweede
In het hierna volgende advies formuleert de Raad      Kamer aangeboden. De Leidraad geldt als het kader
aanbevelingen die zijn gericht op het te voeren be-   waarbinnen de beheerders dienen te opereren. De
leid en beheer ten aanzien van de draagkracht van     grote grazers werden in deze Leidraad echter als
het terrein voor de grote grazers en de gevolgen      “niet-gehouden dieren” beschouwd. Het bepalend
daarvan voor een verantwoord evenwicht tussen         criterium hiervoor was dat de mens geen beschik-
ecologische en welzijnsdoelstellingen.                kingsmacht zou hebben over deze dieren.
6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>Naar aanleiding van de Leidraad werd in het advies       aantalsregulatie toe te passen om overpopulatie te
van de Raad van 25 april 2000 geconstateerd dat er       voorkomen. De Veluwezoom en de OVP vormen
was voorbijgegaan aan het eerdere advies van de          samen de enige grote natuurgebieden met begra-
Raad en de dieren nu als “niet-gehouden” werden          zing in Nederland.
beschouwd. De Leidraad gaf echter uitdrukkelijk aan
dat de dieren de nodige zorg verleend zou worden         3. DIEREXPERIMENT             OOSTVAARDERS-
en dat er beleidslijnen waren geformuleerd met be-            PLASSEN
trekking tot het dierenwelzijn in relatie tot de draag-
kracht, het ingrijpen bij lijden, ziekte, verwonding en  In zijn advies van 17 december 1996 stelde de Raad
uitzichtloze situaties en het bijvoeren. De beperking    ook vast dat er onvoldoende was nagedacht over de
‘niet-gehouden dieren’ ontslaat de mens namelijk         inrichting van natuurgebieden. Er was bijvoorbeeld
niet van de plicht om artikel 36 (verbod om zonder       niet bekend in hoeverre een zelfregulerend eco-
redelijk doel bij een dier pijn en letsel te veroorzaken systeem opgezet kon worden binnen de daarvoor in
dan wel de gezondheid of het welzijn van een dier te     Nederland beschikbare terreinafmetingen en bij af-
benadelen) van de GWWD onverkort in acht te              wezigheid van grote, natuurlijke, predatoren. Ook
nemen. Artikel 37 (verbod een dier de nodige verzor-     werd er de vraag gesteld of de gezondheid en het
ging te onthouden) is feitelijk alleen van toepassing    welzijn van de dieren ermee gediend was als ze
op “gehouden dieren”, maar omdat de Raad van             zichzelf moesten redden.
mening is dat dit van toepassing is op de grote
grazers in de OVP, is dit artikel ook relevant voor de   In het separaat uitgebrachte advies van 19 decem-
in natuurgebieden geïntroduceerde grazers.               ber 1996 van de toenmalige Raad voor Natuur-
                                                         beheer (hierna: RvN), wordt uitgegaan van lage
Dat minister dr. C.P. Veerman dit beleid ook onder-      dichtheden van grote grazers, waardoor ze mogelijk-
steunt, blijkt uit zijn brief aan Vereniging Natuur-     heden zouden hebben om een natuurlijk, sociaal ge-
monumenten van 24 september 2002. Hierin wordt           drag te ontwikkelen en eventuele veterinaire risico’s
Natuurmonumenten gemaand, in verband met drei-           beperkt zouden blijven. Er werd aangegeven dat
gende overschrijding van de draagkracht van het ge-      men nog ervaring op experimentele basis moest ver-
bied, om preventief in te grijpen bij de populatie       krijgen om proefondervindelijk de marges in het
runderen op de Veluwezoom om overpopulatie en            beleid te bepalen, zowel ten aanzien van de ecolo-
daaruit voortkomend lijden te voorkomen. Tevens          gische consequenties als voor wat betreft de veteri-
wordt geadviseerd om een strakkere preventieve           naire aspecten. De RvN was zich er terdege van
                                                                                                             7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>bewust dat ten aanzien van verschillende overwe-      voedselschaarste en wisselende weersomstandig-
gingen nog geen volledig onderbouwde, laat staan      heden laat in de winter waardoor reserves versneld
geldende, toetsingscriteria geformuleerd konden       werden opgebruikt. Bij onderzoek vertoonden de die-
worden, omdat de kennis nog te beperkt was.           ren in nagenoeg alle gevallen totale cachexie met
                                                      oedeemvorming; de doodsoorzaak is dus verhonge-
De Raad is van mening dat het project Oostvaar-       ring. Uit de leeftijden blijkt bovendien dat het hier
dersplassen nog steeds een experimenteel karakter     veelal om relatief jonge dieren gaat (zie bijlage 2).
heeft, de doelstellingen van het project (gewenste    Dit proces veroorzaakt onnodig lijden op grote
eindsituatie) nooit duidelijk zijn geformuleerd en    schaal. De oorzaak van het structureel voedseltekort
gegevens om het experiment goed te kunnen beoor-      in het tweede deel van de winter is gelegen in het
delen en te evalueren in onvoldoende mate zijn ver-   grote verschil tussen het rijke zomer- en het arme
zameld. De Raad is daarom van oordeel dat geen        winterhabitat waarin de dieren moeten zien te over-
vergelijkbare   nieuwe    experimenten    met   grote leven in combinatie met een te grote populatie in een
grazers zouden mogen worden gestart zonder een        te beperkt leefgebied.
goede evaluatie van het project OVP en toepassing
van de daaruit verkregen inzichten.                   De Raad concludeert dat gezien de gesignaleerde
                                                      sterftepercentages en de aantallen aanwezige die-
4. DE SITUATIE VAN GRAZERS IN DE OVP                  ren in relatie tot de beschikbare oppervlakte, de
                                                      draagkracht van het terrein inmiddels fors is over-
De gegevens van Staatsbosbeheer (zie bijlage 1) la-   schreden en dat, ondanks de waarborgen die zijn
ten bij alle grote grazers een sterk stijgende trend  ingebouwd in de Leidraad, de zorgplicht ernstig te-
zien in de sterfte in de afgelopen jaren. De ‘winter- kort is geschoten. De Leidraad geeft namelijk duide-
sterfte’ van 2004-2005 is extra verhoogd (22% van     lijk aan dat bij dreigende overschrijding van de
de edelherten, 14% van de Konikpaarden en 34%         draagkracht, door de beheerder preventief ingegre-
van de Heckrunderen) door het optreden van een        pen dient te worden door middel van aantals-
kortdurende koude- en sneeuwperiode begin maart.      regulatie. Dit is hier niet of onvoldoende gebeurd.
De Raad stelt zich de vraag wat er in een echt
strenge winter zal gebeuren en meent dat het afster-  In Nederland wordt in de veehouderij uitgegaan van
ven van de halve populatie dan zeker niet ondenk-     een veebezetting van 1.5 grootvee-eenheid (GVE)
beeldig is. Oorzaken voor de waargenomen sterfte      incl. jongvee per hectare goed weiland. In de OVP is
zijn de slechte conditie van de dieren als gevolg van een groot deel van de oppervlakte niet beweidbaar;
8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>het andere deel bestaat uit wild grasland van slechte     5.1. Verwijderen van dieren
kwaliteit zonder bemesting, maaien en met onregel-
matige beweiding. Op basis hiervan kan gesteld wor-       5.1.1. Door       middel     van   vangen     en
den dat in de OVP een bezetting van 0.5 GVE met                   uitplaatsing
kalf   per   hectare    beweidbaar   oppervlak   een  De wintersterfte wordt voor een groot deel bepaald
aanvaardbare dichtheid is waarbij ook voldoende       door de hoeveelheid vetreserves die grote grazers
voedsel voor de winterperiode overblijft. De Raad is  voor de winter aanleggen gedurende de periode
daarom van oordeel dat het totaal aantal runderen,    waarin de productie van de grassen hoger is dan de
paarden en edelherten in de OVP niet hoger mag        consumptie. Door de grote graasdruk, vanwege een
zijn dan 1500 om tegemoet te komen aan de             te grote populatie, is deze periode de laatste jaren
draagkracht van het gebied. Momenteel bedraagt dit    steeds korter geworden. Het verwijderen van dieren
aantal ongeveer 3100 dieren (zie bijlage 1). Om dit   leidt daarom tot meer voedsel per individu, maar
te bereiken zijn de in hoofdstuk 5 vermelde opties    heeft tot gevolg dat het vangen van dieren en afvoe-
mogelijk.                                             ren in veewagens tot stress leidt; er minder selectie
                                                      op zwakke en sterke dieren mogelijk is; oormerken
5.    MOGELIJKHEDEN           OM     WELZIJN      TE  van dieren noodzakelijk wordt en uiteindelijk alle
VERHOGEN DOOR AANTALSREGULATIE                        terreinen met een overschot aan graasdieren wor-
                                                      den geconfronteerd. In vergelijking met het huidige
Voor het optimaliseren van de draagkracht van het     beheer wordt het probleem daarmee verplaatst.
gebied en het daarmee samenhangende minimalise-       De Raad acht deze beheersoptie alleen geschikt
ren van het lijden, zijn de volgende alternatieven in voor noodsituaties, maar als structurele oplossing
principe beschikbaar:                                 ongewenst. Aangezien er momenteel sprake is van
•    Verwijderen van dieren vóór de winter via        een noodsituatie wordt gepleit om te onderzoeken of
     vangen of doden;                                 er elders plaats is voor de dieren.
•    Geboorteregulatie;
•    Vergroting oppervlak beschikbaar gebied.             5.1.2. Door      middel     van   doden     voor
                                                                  consumptie
                                                      Natuurlijke predatoren vormen onder natuurlijke om-
                                                      standigheden het hele jaar door een bedreiging voor
                                                      grote grazers en een predatormodel dient daarom
                                                      continue toegepast te worden en niet alleen in de
                                                                                                          9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>winterperiode tijdens het laatste levensstadium van      keuring voor consumptiedoeleinden gebruikt mogen
dieren, die tot dat moment aan hun lot zijn over-        worden. Daarentegen dient het vlees van paarden
gelaten.                                                 en runderen voor consumptie wel gekeurd te worden
Het verwijderen van dieren via doden het gehele jaar     volgens de Vleeskeuringswet. Tevens dienen de die-
door imiteert dus de natuurlijke predatie (óók van       ren geïdentificeerd te zijn, bijvoorbeeld door een chip
gezonde dieren) en leidt tot vermindering van het        bij het paard en een oormerk bij het rund. Dat bete-
aantal dieren en daardoor tot meer voedsel per indi-     kent dat de paarden en runderen in de OVP voorzien
vidu. Dit kan gekenmerkt worden als een “verbeterd       dienen te worden van een identificatie, waarna ze in
predatormodel” waarbij dieren verwijderd worden          de kralen kunnen worden bedwelmd met een schiet-
voordat welzijnsproblemen kunnen optreden. Voor          masker, gedood en geslacht. Een andere mogelijk-
de runderen en paarden wordt bij voorkeur gebruik        heid is om deze dieren in de OVP te vervangen door
gemaakt van vaste kralen op enkele plekken binnen        reguliere, geïdentificeerde, paarden en runderen die
het terrein waarin de dieren regelmatig kunnen wor-      alleen tijdens voedselrijke periodes worden inge-
den samengebracht. Deze kralen kunnen ook ge-            schaard en in de winterperiode het gebied ontlasten.
bruikt worden om likstenen op te hangen, dieren te       Een andere optie is te onderzoeken of het primaire
identificeren, bij te voeren en voor steekproefsge-      doel van de introductie van grote grazers, namelijk
wijze veterinaire controles. Bij edelherten gebeurt dit  het instandhouden van grasland ten behoeve van de
door afschot, maar door gebruik te maken van gewe-       vogels, bereikt kan worden met één soort grote gra-
ren met geluiddempers kan zoveel mogelijk stress         zer, zoals het edelhert.
en onrust binnen de kuddes worden voorkomen.             Naast de hiervoor genoemde mogelijke maatregelen
Overigens vindt in de natuur ook het hele jaar regel-    dient aanvullend het (verbeterde) curatieve predator-
matig verstoring plaats van kuddes door predatoren.      model te worden gehandhaafd. Dit bestaat uit het
De Raad is van mening dat gematigde, werkelijk           verwijderen door afschot van dieren die zich, even-
natuurlijke, sterfte die dan nog in de populatie plaats- tueel met duidelijke ziektesymptomen, afzonderen
vindt voor de samenleving acceptabel is.                 van de kudde.
Vanuit de maatschappelijke acceptatie past ook de             5.1.3. Cyclische aantalsregulatie
wens om het vlees van gezonde grazers te gebrui-         Een derde vorm van aantalsregulatie bestaat uit de
ken voor consumptiedoeleinden. Hierbij doet zich het     zogenaamde cyclische aantalsregulatie. Dit houdt in
feit voor dat dieren die onder de Flora- en Faunawet     dat na een bepaalde periode, bijvoorbeeld eens in
vallen, zoals wilde zwijnen en edelherten, zonder        de 10 jaar, de aantallen dieren in één keer drastisch
10
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>worden teruggebracht, bijvoorbeeld tot het niveau     bereikt en kan beter in evenwicht blijven wanneer
van 1996/1997 (circa 200 dieren per soort). Voor de   jaarlijks voldoende dieren geremd kunnen worden in
overgebleven populatie verbetert de voedselsituatie   hun voortplanting. De kennis op het gebied van
dan sterk, ze gaan met een betere conditie de winter  geboorteregulatie bij wilde paarden in wildparken in
in en hoeven pas later hun vetreserves aan te spre-   de USA (www.pzpinfo.org/fert.html) en bij olifanten in
ken. Ook dan zal er echter afhankelijk van de weers-  Afrika (http://elephantpopulationcontrol.library.uu.nl)
omstandigheden enige wintersterfte plaatsvinden.      maakt een sterke ontwikkeling door en laat interes-
De beheerinspanning zal een aantal jaren gering       sante resultaten zien. Er kan gebruik worden ge-
zijn.                                                 maakt van immunocastratie of hormonale behande-
Als gevolg van een plotselinge afname in de begra-    ling per injectie (blaaspijp of geweer), waarmee de
zingsdruk zullen grote delen van de graslanden (tij-  voortplanting gedurende een bepaalde periode wordt
delijk) verruigen. Dit zal de muizenetende roofvogels onderdrukt. Gesteld wordt dat een populatie gestabi-
als kiekendief, torenvalk en buizerd en ook in de     liseerd kan worden op het gewenste niveau zonder
ruigte broedende soorten ten goede komen. Een         aantasting van het dierenwelzijn en met de garantie
deel van de ondiepe poelen en sloten zal echter       van behoud van de natuurlijke samenstelling van de
dichtgroeien met riet en is dan niet meer beschik-    populatie. Op grond hiervan acht de Raad nader
baar als fourageergebied voor op zichtjagende rei-    onderzoek naar de mogelijkheden van geboorte-
gerachtigen. Wel biedt dit weer broedgelegenheid      regulatie voor de dieren in de OVP gewenst.
voor rietbewoners.
                                                           5.3. Vergroting       oppervlak     beschikbaar
De Raad is van mening dat verwijdering gedurende                 gebied
het hele jaar door doden een evenwichtiger beleid
vormt, zowel vanuit ecologisch oogpunt als dat van    Vergroting van het gebied, eventueel via robuuste
dierenwelzijn, en wijst cyclische aantalsregulatie op corridors naar de Hollandse Hout en het Kotterbos,
grond daarvan af.                                     bij voorkeur tot een oppervlakte van minimaal 10.000
                                                      hectare, biedt de dieren een groter en gevarieerder
     5.2. Geboorteregulatie                           voedselaanbod waardoor een betere conditie voor
                                                      de winter ontstaat. Het voorziet in een beter winter-
Geboorteregulatie leidt tot tragere groei van de kud- habitat dan nu aanwezig is en leidt tot meer ruimte
des en daardoor meer voedsel per individu. De         en daarmee een toenemend welzijn. Voorwaarde
draagkracht van een gebied wordt minder snel          hierbij is dat ervoor gezorgd wordt dat de draag-
                                                                                                          11
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>kracht niet wordt overschreden.                        dieren, is aanleiding om het gevoerde beheer nader
De Raad adviseert de mogelijkheden tot oppervlak-      te bezien en de mogelijkheden om het lijden te mini-
vergroting serieus te onderzoeken en waar mogelijk     maliseren toe te passen.
toe te passen.
                                                       De Raad adviseert daarom:
    5.4. Opmerking met betrekking tot bijvoeren        •   Geen nieuwe vergelijkbare dierexperimenten te
                                                           starten;
Bijvoeren leidt tot een betere conditie en welzijn van •   De draagkracht van het terrein aan te passen
de dieren en daardoor tot minder sterfte. Het is een       aan de wintersituatie tot een aantal van onge-
op zichzelf staande maatregel en een vorm van              veer 1500 dieren (0,5 GVE/hectare). Dit kan be-
symptoombestrijding waarvan vooral de sterkere             reikt worden door gedurende het hele jaar dieren
dieren zullen profiteren. Er kan wel stress optreden       in kleine aantallen te doden voor de slacht, waar-
door onderlinge verdringing bij de voederplaatsen en       na het vlees gebruikt wordt voor consumptie.
door verstoring van de sociale verhoudingen in de          Eventueel wordt er alleen gebruik gemaakt van
kudde.                                                     edelherten in het terrein zonder runderen en
Alleen wanneer onder extreme klimaatomstandig-             paarden. Ook kan overwogen worden om regu-
heden de dieren ernstig honger dreigen te lijden,          liere paarden en runderen tijdens de zomer-
acht de Raad bijvoeren, als onderdeel van een cala-        periode in te scharen;
miteitenplan, gewenst. Dit kan gebeuren in de eerder   •   Nader onderzoek naar geboorteregulatie uit te
genoemde vaste kralen. Op een calamiteitenplan             voeren;
wordt al sinds 1996 aangedrongen en de Raad acht       •   Toevoeging van extra oppervlak aan het nu be-
het noodzakelijk dat dit zo snel mogelijk wordt gepu-      schikbare gebied serieus te onderzoeken om het
bliceerd.                                                  welzijn van de dieren te verhogen, mits een ge-
                                                           varieerder winterhabitat beschikbaar komt en op
6. ADVIES                                                  voorwaarde dat overpopulatie wordt voorkomen;
                                                       •   De direct uitvoerbare maatregelen als pakket uit
Hoewel voor de Oostvaardersplassen politiek geko-          te voeren.
zen is voor een natuurlijk beheer, kan vastgesteld
worden dat de draagkracht van het gebied inmiddels
fors is overschreden en het beheer tekort is gescho-
ten. De sterfte van grote aantallen, veelal jonge
12
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>13</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>        BIJLAGEN
1. STERFTECIJFERS 1995 – 2005
Het aantal dieren in de Oostvaardersplassen bedroeg in januari 2005 ongeveer 3100, als volgt samengesteld:
ca. 1550 edelherten, 665 Heckrunderen en 880 Konikpaarden. In de winterperiode van 2004 is de volgende
sterfte opgetreden: bij edelherten 340 (22 procent van de populatie), Heckrunderen 231 (34 procent) en
Konikpaarden 126 (14 procent).
Het sterfteverloop (als percentage van de totale populatie) over de afgelopen periode is:
              1995      1996    1997    1998      1999      2000     2001     2002     2003  2004  2005
Edelhert         2        2        3        2        5         4        4        2        9    8     22
Konikpaard       1        6        4        4        5         5        6        8        10   14    14
Heckrund         4        7        6        9       20         7       20       13        26   7     34
Bron: Staatsbosbeheer
14
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>2. STERFTE-OORZAKEN EN LEEFTIJDEN 2000-2005
(Bron: Staatsbosbeheer)
Overzicht van de winterstefte van grote grazers in de Oostvaardersplassen gedurende de periode 2000-2005.
De leeftijden zijn gebaseerd op schattingen. Alleen de leeftijden 0, 1 en 2 jaar zijn betrouwbaar. Bij leeftijd-
schattingen van oudere dieren kan gemakkelijk een afwijking van 5 jaar optreden.
                                                                                                             15
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>                                      wintersterfte (jan-apr) Heckrund mannelijk, Oostvaardersplassen
                             80
                                                                                                        2000
     aa 70                                                                                              2001
     ntal 60                                                                                            2002
                                                                                                        2003
     indi                                                                                               2004
          50
     vid                                                                                                2005
     ue 40
     n 30
     (#)
          20
                             10
                              0
                                  0   1   2   3   4   5   6   7   8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
                                                                   leeftijd (jaren)
                                      w intersterfte (jan-apr) Heckrund vrouw elijk, Oostvaardersplassen
                             80
                                                                                                        2000
                             70                                                                         2001
                                                                                                        2002
                             60
     aantal individuen (#)
                                                                                                        2003
                             50                                                                         2004
                                                                                                        2005
                             40
                             30
                             20
                             10
                              0
                                  0   1   2   3   4   5   6   7   8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
                                                                   leeftijd (jaren)
16
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>                                 w intersterfte (jan-apr) Konikpaard mannelijk, Oostvaardersplassen
                        80
                                                                                                  2000
                        70                                                                        2001
                                                                                                  2002
                        60
aantal individuen (#)
                                                                                                  2003
                        50                                                                        2004
                                                                                                  2005
                        40
                        30
                        20
                        10
                        0
                             0   1   2   3   4   5   6   7   8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
                                                              leeftijd (jaren)
                                 w intersterfte (jan-apr) Konikpaard vrouw elijk, Oostvaardersplassen
                        80
                                                                                                   2000
                        70                                                                         2001
                                                                                                   2002
                        60
aantal individuen (#)
                                                                                                   2003
                        50                                                                         2004
                                                                                                   2005
                        40
                        30
                        20
                        10
                         0
                             0   1   2   3   4   5   6   7   8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
                                                              leeftijd (jaren)
                                                                                                          17
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>                                          wintersterfte (jan-apr) Edelherten mannelijk, Oostvaardersplassen
                             80
                                                                                                          2000
                             70                                                                           2001
                                                                                                          2002
                                                                                                          2003
     aantal individuen (#)
                             60
                                                                                                          2004
                             50                                                                           2005
                             40
                             30
                             20
                             10
                             0
                                  0   1     2   3   4   5   6   7   8     9   10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
                                                                        leeftijd (jaren)
                                          wintersterfte (jan-apr) Edelherten vrouwelijk, Oostvaardersplassen
                             80                                                                           2000
                             70                                                                           2001
                                                                                                          2002
     aantal individuen (#)
                             60                                                                           2003
                                                                                                          2004
                             50                                                                           2005
                             40
                             30
                             20
                             10
                             0
                                  0   1     2   3   4   5   6   7   8     9   10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
                                                                        leeftijd (jaren)
18
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>3. OVERZICHT VAN PUBLICATIES
Onderstaand overzicht betreft de publicaties van de Raad vanaf 2002. Een overzicht van eerdere door de
Raad uitgebrachte adviezen kan worden opgevraagd bij het secretariaat van de Raad of is te vinden op
www.raadvoordierenaangelegenheden.nl.
PUBLICATIES IN 2005:
RDA 2005/01       De rol van wild bij de insleep en verspreiding van klassieke varkenspest en mond- en
                  klauwzeer in Nederland
RDA 2005/02       Immunosterilisatie als een alternatief voor de huidige wijze van castratie in de
                  varkenshouderij
RDA 2005/03       Maintaining or improving farm animal welfare in the light of increasing trade liberalisation
                  and globalisation: a contradiction in terms?
RDA 2005/04       Het houden van potentieel gevaarlijke diersoorten als gezelschapsdier
RDA 2005/05       Implicaties van de door EFSA geformuleerde opinie over het bedwelmen en doden van de
                  belangrijkste productiedieren voor richtlijn 93/119/EG en het Nederlandse standpunt ten
                  aanzien van deze richtlijn.
RDA 2005/06       I&R hobbydieren/definitie gezelschapsdieren
RDA 2005/07       De erkende dierenarts
RDA 2005/08       Advies over de wintersterfte 2004-2005 van grote grazers in de Oostvaardersplassen
Jaarverslag 2004
PUBLICATIES IN 2004:
RDA 2004/01       Dierziektebeleid met draagvlak – Advies over de bestrijding van zeer besmettelijke
                  dierziekten; deel 2 – Onderbouwing van het advies
RDA 2004/02       Herinrichting van het distributie- en kanalisatiesysteem van diergeneesmiddelen in
                  Nederland
RDA 2004/03       Negatief- en positieflijst voor vissen, reptielen en amfibieën ter invulling van artikel 33 van
                  de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren
RDA 2004/04       Bestialiteit
                                                                                                               19
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>RDA 2004/05       Strategieën om te komen tot een efficiëntere opsporing van besmettelijke, aangifteplichtige
                  dierziekten
RDA 2004/06       Verkenning van de toekomstperspectieven voor agroproductieparken in Nederland
Jaarverslag 2003
PUBLICATIES IN 2003:
RDA 2003/01       Advies omtrent dierziekten en zoönosen, waarvoor hobbymatig gehouden dieren vatbaar
                  zijn en als drager kunnen fungeren, die een bedreiging kunnen vormen voor de
                  gezondheid van mensen en bedrijfsmatig gehouden dieren en die in het kader van grote
                  bestrijdingscampagnes relevant zijn
RDA 2003/02       Wet- en regelgeving omtrent hobbydieren
RDA 2003/03       Mogelijke dierenwelzijnproblemen in de paardenhouderij
RDA 2003/04       Zorgen voor je paard
RDA 2003/05       Criteria voor dodingsmethoden voor paling en meerval
RDA 2003/06       Het doden van drachtige grote landbouwhuisdieren
RDA 2003/07       Negatief- en positieflijst voor zoogdieren en vogels ter invulling van artikel 33 van de
                  Gezondheids- en welzijnswet voor dieren
RDA 2003/08       Dierziektebeleid met draagvlak – Advies over de bestrijding van zeer besmettelijke
                  dierziekten; deel 1 – Advies
Jaarverslag 2002
PUBLICATIES IN 2002:
RDA 2002/01       Minimum welzijnseisen tijdens bestrijdingscampagnes
RDA 2002/02       Fokken met recreatiedieren (1)
RDA 2002/03       Fokken met recreatiedieren (2)
RDA 2002/04       Advies aan de Directeur Landbouw van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en
                  Visserij inzake een plan van aanpak voor de bestrijding van aangeboren afwijkingen bij
                  katten
20
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>RDA 2002/05 Een toetsingskader en toelatingsprocedure voor aanwijzing van nieuwe voor productie te
            houden vissoorten
                                                                                               21
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>