<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>                                                           Datum: 6 maart 2007
                                                           Onderwerp: advies RDA 2007/02
                                                           Ons kenmerk: RDA 2007/02
                                                           Bijlagen: geen
 Geachte heer Reus,
Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft uw vereniging, de Vereniging
van Nederlandse CircusOndernemingen (hierna VNCO), een subsidie toegekend voor het
opstellen van richtlijnen. Deze richtlijnen zijn vastgelegd in het rapport ‘Welzijn circusdieren -
richtlijnen voor het houden en laten optreden van dieren in circussen’ en hebben tot doel het
welzijn van circusdieren zo veel als mogelijk te borgen. U hebt de Raad voor
Dierenaangelegenheden (hierna de Raad) verzocht dit rapport (conceptversie 13 maart 2006)
inhoudelijk te toetsen. Daarnaast hebt u de Raad gevraagd zich uit te spreken over
mogelijkheden tot implementatie en handhaving van de richtlijnen, bijvoorbeeld door de
richtlijnen te koppelen aan certificering.
In deze brief beschrijft de Raad zijn bevindingen. De Raad heeft zich niet bezig gehouden met
de wenselijkheid van (‘wilde’) dieren in het circus en spreekt zich hier dan ook nadrukkelijk
niet over uit.
De Raad constateert dat u veel tijd en energie gestoken hebt in het opstellen van de in het
rapport vastgelegde richtlijnen. Het verheugt de Raad dat aspecten zoals diergezondheid en
dierenwelzijn ook op de aandacht van de Nederlandse circusondernemingen mogen rekenen
en dat u daar op deze wijze nadrukkelijk blijk van geeft.
De Raad is verrast dat u in het rapport geen koppeling gemaakt hebt met bestaande
documenten, zoals de Dierentuinrichtlijn, de Engelse Standards of Modern Zoo Practice of de
Oostenrijkse Guidelines for the keeping of wild animals in circuses. Daarnaast verbaast het de
Raad dat u in het rapport niet gedefinieerd hebt wat u onder een goed dierenwelzijn verstaat.
Door het hanteren van een adequate definitie van dierenwelzijn (bijvoorbeeld de vijf vrijheden
van de commissie Brambell 1 ) als hét centrale uitgangspunt is het mogelijk om tot richtlijnen te
1
  De commissie Brambell heeft vijf vrijheden onderscheiden. Dieren moeten vrij zijn 1) van honger en dorst, 2) van
  fysiek en fysiologisch ongerief, 3) van pijn, verwondingen en ziektes, 4) van angst en chronische stress en 5) om
  hun natuurlijke (soorteigen) gedrag te vertonen. Deze vrijheden gezamenlijk zijn bepalend voor het welzijn van de
  dieren.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>komen die de gezondheid en het welzijn van dieren in het circus borgen én wordt beter
inzichtelijk waarom welke keuzes in het rapport gemaakt worden.
De Raad is van mening dat uw rapport in deze vorm gezien moet worden als een eerste
aanzet om tot degelijk onderbouwde richtlijnen te komen. De huidige richtlijnen roepen veel
vragen op omdat de moti-vering en onderbouwing te summier zijn of ontbreken. Ook wordt op
diverse relevante aspecten niet of onvoldoende ingegaan en zijn onderdelen met elkaar in
tegenspraak. Binnen de huidige richtlijnen wordt bijvoorbeeld onvoldoende rekening
gehouden met soortspecifieke eigenschappen en welzijnsbehoeften.
De Raad heeft op basis van dit rapport weinig vertrouwen in het zelfregulerende vermogen
van uw organisatie om het welzijn van de dieren in circussen te waarborgen. De Raad beveelt
u daarom aan om de richtlijnen te herschrijven en daarbij de volgende benadering te
overwegen:
U gaat uit van reeds bestaande rapporten, zoals de Oostenrijkse Guidelines for the keeping of
wild animals in circusses, de richtlijnen van European Association of Zoos and Aquaria en het
Nederlandse Dierentuinbesluit (Stb. 2002, nr. 214). Ook de Engelse en Belgische situatie 2
zijn in dit kader interessant om te onderzoeken. Indien u voor deze benadering kiest, verdient
het aanbeveling te beargumenteren waarom u op welke onderdelen van deze richtlijnen
afwijkt. De door u gemaakte keuzes worden daardoor beter inzichtelijk.
U hebt de Raad ook gevraagd zich uit te spreken over mogelijkheden tot implementatie en
handhaving van de richtlijnen, bijvoorbeeld door de richtlijnen te koppelen aan certificering.
Hoewel de Raad dit een begrijpelijke vraag vindt – wat is de waarde van richtlijnen als
naleving daarvan niet kunt afgedwongen kan worden? – vindt de Raad het doen van
uitspraken hierover op dit moment nog te prematuur. De Raad adviseert u om eerst de
richtlijnen te herschrijven. Wel ziet de Raad een aantal vragen die in een latere fase van
belang zullen worden en waarover nu reeds nagedacht kan worden. Wie zal/zullen er
bijvoorbeeld gecertificeerd worden: het circus of de ingehuurde act? De Raad is van mening
dat randvoorwaarde voor succesvolle certificering een georganiseerde branche is die zichzelf
controleert. Er dient, met andere woorden, een zichzelf regelend mechanisme te komen. Op
dit moment is dit nog niet het geval. In aanloop naar een eventuele certificering kan ook dit
punt al worden opgepakt. De Raad adviseert daarnaast om na te gaan of al dan niet
2
  In Engeland geldt in veel plaatsen een lokaal verbod voor circussen met ‘wilde’ dieren. Het lijkt aannemelijk dat,
  gegeven het grote aantal plaatsen waar een lokaal verbod geldt, er een nationaal verbod op ‘wilde’ dieren in
  circussen zal komen. In België is gekozen voor een overgangsregeling. Circussen moeten op termijn aan de ver
  uitgewerkte, veelal gekwantificeerde dierentuinrichtlijnen voldoen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>verplichte certificering in andere West-Europese landen is ingevoerd en wat de ervaringen
hiermee zijn.
Wij vertrouwen er op dat de Raad de door u aan hem voorgelegde vragen vooralsnog
voldoende heeft beantwoord. Mocht u nader van gedachten willen wisselen over dit
onderwerp, dan kunt u met ons contact opnemen.
Met vriendelijke groet,
prof. dr. H. Vaarkamp,                            ir. S .J. Beukema,
voorzitter                                        adjunct-secretaris
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>