<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Advies inzake de ontwerpbeginselen
van de International Law Commission
over bescherming van het milieu in
relatie tot gewapend conflict
      Advies nr. 36, 9 juli 2020
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>Leden Commissie van advies inzake
volkenrechtelijke vraagstukken
Voorzitter        Prof. dr. L.J. (Larissa) van den Herik
Vicevoorzitter    Dr. mr. C.M. (Catherine) Brölmann
Leden             Dr. mr. R. (Rosanne) van Alebeek
                  Dr. G.R. (Guido) den Dekker
                  Dr. B. (Bibi) van Ginkel LLM
                  Dr. mr. A.J.J. (André) de Hoogh
                  Prof. dr. J.G. (Johan) Lammers
                  Mr. A.E. (Annebeth) Rosenboom
                  Prof. C. (Cedric) Ryngaert
Toegevoegd lid    Dr. mr. D.A. Dam-de Jong
Secretarissen     Mr. F. (Fatima) Arichi
                  Mr. V.J. (Vincent) de Graaf LLM
Postbus 20061
2500 EB Den Haag
T: 070 - 348 6724
E: djz-ir@minbuza.nl
                                                         2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>Eindnoten 17</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 1
Inleiding
Op 8 juli 2019 heeft de International Law Commission (ILC) in eerste lezing achtentwintig
ontwerpbeginselen (vanaf nu aangeduid als beginselen) aangenomen inzake de bescherming van
het milieu in relatie tot gewapend conflict, en deze in augustus 2019 voorzien van commentaren.1
Deze beginselen vloeien voort uit een zesjarige studie uitgevoerd door de Speciale Rapporteurs Marie
Jacobsson (Zweden, 2013-2016) en Marja Lehto (Finland, 2017-2019), bestaande uit vijf rapporten.
In zijn brief van 30 november 2019 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de Commissie van advies
inzake volkenrechtelijke vraagstukken (CAVV) verzocht over de beginselen een advies uit te brengen.
Binnen de CAVV is een schrijfgroep samengesteld bestaande uit prof. C. Ryngaert, die als coördinator
optrad, dr. mr. D.A. Dam-de Jong (die bereid was ten behoeve van dit advies als tijdelijk lid aan de CAVV
te worden toegevoegd), dr. mr. C.M. Brölmann en prof. dr. J.G. Lammers.
Het hiernavolgende advies zal ingaan op de politieke context van de beginselen, de wijze waarop de ILC
haar mandaat heeft ingevuld, de door de ILC gekozen benadering en specifieke keuzes die zijn gemaakt.
De door Nederland ingenomen positie ten aanzien van de ILC studie en de afzonderlijke beginselen
vormt een rode draad in dit advies.
                                                                                                          4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 2
Politieke context
Het internationaal recht met betrekking tot de      De beginselen dienen tegen het licht van deze
bescherming van het milieu gedurende gewapend       achtergrond te worden bezien. Daarbij moet
conflict heeft zich uiterst moeizaam ontwikkeld.    worden aangetekend dat de ILC zich in een lastige
De belangrijkste rechtsontwikkelingen dateren       positie bevond vanwege de politieke controverse
uit de jaren zeventig van de twintigste eeuw en     waarmee ontwikkeling van het oorlogsrecht is
vormen een reactie op ernstige milieuschade         omgeven en de bijzondere positie die het Interna-
in Vietnam als gevolg van Amerikaanse lucht-        tionale Comité van het Rode Kruis (ICRC) inneemt
aanvallen met zeer giftige chemische stoffen. In    wanneer het gaat om de interpretatie en
het licht van deze gebeurtenissen konden staten     toepassing van het oorlogsrecht.6 Beide factoren
overeenstemming bereiken over een verdrag dat       hebben de keuzes van de ILC met betrekking tot
militair of anderszins vijandig gebruik verbiedt    de benadering van het onderwerp beïnvloed.7
van technieken voor milieumodificatie die een
‘widespread, long-term or severe’ effect hebben
(het ENMOD verdrag uit 1976)2 alsmede over een
tweetal gespecialiseerde bepalingen in Additioneel
Protocol I bij de Geneefse Conventies. Deze bepa-
lingen verbieden partijen bij een internationaal
gewapend conflict om wapens te gebruiken die
‘widespread, long-term and severe’ schade aan het
milieu toebrengen (Artikel 35(3)) en formuleren
een zorgplicht om dergelijke schade te voorkomen
(Artikel 55(1)). Het bleek niet mogelijk om over-
eenstemming te bereiken over het opnemen van
vergelijkbare bepalingen in Additioneel Protocol II
bij de Geneefse Conventies, dat van toepassing is
op niet-internationale conflicten. Bovendien wordt
Artikel 35(3) en 55(1) een gebrek aan praktisch nut
verweten, omdat wordt aangenomen dat het
nagenoeg onmogelijk is dat schade aan het milieu
de cumulatieve vereisten van ‘widespread,
long-term and severe’ vervult.3
Het gebrek aan toegesneden regels alsmede de
onduidelijkheid over de interpretatie van de
bestaande regels vormden de aanleiding voor
UN Environment Programme (UNEP) om de ILC
in 2009 te verzoeken een studie te verrichten
naar milieubescherming ten tijde van gewapend
conflict.4 Bovendien rondde de ILC in 2011 een
studie af naar de effecten van gewapend conflict
op verdragen, die vragen opriep ten aanzien
van de toepassing van internationaal milieurecht
en mensenrechten op de bescherming van het
milieu tijdens gewapend conflict.5
                                                                                                      5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 3
Mandaat en status van
de ontwerpbeginselen
Het doel van de beginselen is ‘to enhance protecti-   (‘principles’) sluit hierbij aan. De ILC geeft hiermee
on of the environment in relation to armed conflict’. impliciet te kennen dat het niet beoogt een nieuw
Hoewel deze doelstelling kan worden uitgelegd als     verdrag voor te bereiden, een indruk die wel zou
primair ziende op progressieve ontwikkeling van       zijn gewekt wanneer de ILC had ingezet op de
het internationaal recht, heeft de Speciaal Rap-      ontwikkeling van ‘articles’. Verder lijken beginse-
porteur ervoor gekozen om het mandaat van de          len meer flexibiliteit te bieden dan ‘conclusions’
ILC (de codificatie en progressieve ontwikkeling      waar het gaat om de verdere ontwikkeling van het
van het internationaal recht) terughoudend in te      internationaal recht.” Nederland heeft expliciet
vullen in deze studie. 8 Ten eerste wordt duidelijk   steun uitgesproken voor de keuze van de ILC voor
gesteld dat het niet de taak is van de ILC om het     ‘principles’.12
oorlogsrecht te ontwikkelen, waarmee de Speciaal
Rapporteur de ruimte van de ILC om het recht          Of er sprake is van een verplichting of een aanbe-
op dit gebied te ontwikkelen sterk inperkt. Deze      veling moet blijken uit de tekst van de beginselen.
keuze hangt direct samen met de reeds geschetste      Onderscheid tussen beginselen die een verplichting
achtergrond van de studie.9 Ten tweede wordt de       inhouden enerzijds en aanbevelingen anderzijds
nadruk in de studie gelegd op het identificeren       wordt in de eerste plaats gemaakt door het ge-
van regels van gewoonterecht en op het verduide-      bruik van het woord ‘shall’ voor verplichtingen en
lijken van de onderlinge samenhang tussen regels      ‘should’ voor aanbevelingen. Desondanks blijft de
en rechtsgebieden.10 De studie heeft derhalve niet    exacte formulering van groot belang. Hieruit blijkt
primair tot doel om nieuwe regels teontwikkelen.      bijvoorbeeld of een verplichting opgenomen in een
                                                      beginsel geacht wordt universeel gewoonterecht te
Dit betekent echter geenszins dat progressieve        reflecteren of dat deze alleen wordt geacht te gel-
ontwikkeling van het recht wordt uitgesloten.         den voor een beperkt aantal staten, op grond van
Eventuele rechtsontwikkeling komt ten eerste          verdragsbeginselen of als regionaal gewoonterecht.
voort uit (her)interpretatie van bestaande regels.
Ten tweede wordt de toepassing van bestaande          Nederland heeft zich kritisch uitgelaten over het
regels soms uitgebreid. Een voorbeeld betreft         gebruik van het woord ‘shall’ in diverse beginselen.
beginsel 16 dat van toepassing is op wraakacties      Nederland heeft met name betwist dat beginsel 7
tegen het milieu en is gebaseerd op een verdrags-     (voorheen 8), beginsel 24 (voorheen 18) en beginsel
bepaling. Het commentaar tekent aan dat               27 (voorheen 16) bestaande verplichtingen onder
onvoldoende overeenstemming bestaat over de           internationaal recht reflecteren.13
gewoonterechtelijke status van het beginsel en dat
“the inclusion of this draft principle can be seen as Beginsel 7 stelt dat staten en internationale organ-
promoting the progressive development of inter-       isaties die betrokken zijn bij vredesoperaties “shall
national law, which is one of the mandates of the     consider the impact of such operations on the envi-
Commission”. 11 Tot slot formuleert de studie di-     ronment and take appropriate measures to prevent,
verse ‘best practices’ of aanbevelingen, die tot doel mitigate and remediate the negative environmental
hebben het gewoonterecht verder te ontwikkelen.       consequences thereof”. Dit beginsel is gebaseerd op
                                                      niet-bindende beleidsdocumenten van de EU, de
De door de Speciaal Rapporteurs uitgevoerde           VN en de NAVO.14 Hoewel dit soort documenten in
studie heeft derhalve tot doel het gewoonterecht      de praktijk een belangrijke rol speelt in de ontwik-
te codificeren en – tot op bepaalde hoogte – ver-     keling van gewoonterecht en geregeld gewoon-
der te ontwikkelen. De keuze voor beginselen          terecht reflecteert, ziet de CAVV geen aanwijzing
                                                                                                             6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>dat dit reeds het geval is. De CAVV deelt derhalve      Beginsel 27 formuleert een inspanningsverplich-
het standpunt van Nederland ten aanzien van de          ting (“shall seek to”) voor partijen bij een gewapend
gewoonterechtelijke status van dit beginsel. Tege-      conflict, inclusief niet-statelijke gewapende groepe-
lijkertijd onderkent de CAVV ook de waarde van          ringen, om giftige en explosieve overblijfselen van
dit beginsel. Zij hecht met name waarde aan het         oorlog op te ruimen. Het beginsel bepaalt bovend-
feit dat er sprake is van een groeiende en consis-      ien dat “such measures shall be taken subject to the
tente praktijk op dit punt door organisaties waar       applicable rules of international law.” 21 Hier lijkt de
Nederland lid van is.15 Bovendien is het beginsel       verwijzing naar internationaal recht in de eerste
voldoende flexibel door gebruik van de woorden          plaats te zien op modaliteiten en mogelijke beper-
“consider” en “appropriate”. De CAVV adviseert          kingen. Uit het commentaar en de ‘without prejudi-
Nederland derhalve om dit beginsel te steunen.          ce clause’, opgenomen in het derde onderdeel van
                                                        beginsel 27, kan bovendien worden afgeleid dat
De beginselen 24 en 27 zijn beide van toepassing        beginsel 27 beoogt bestaande verdragsverplich-
op post-conflict situaties. Beginsel 24 formuleert      tingen aan te vullen.22 Nederland heeft zowel de
een verplichting voor staten en internationale          gewoonterechtelijke status als de reikwijdte van dit
organisaties om informatie met elkaar te delen en       beginsel betwist. Ten eerste stelt Nederland dat het
om burgers toegang te geven tot informatie “in ac-      beginsel primair op verdragsbepalingen is gestoeld
cordance with their obligations under international     en ten tweede betoogt het dat deze verdragsbe-
law”, met het oog op het faciliteren van herstel-       palingen zich niet uitstrekken tot alle soorten
maatregelen na afloop van een gewapend con-             overblijfselen genoemd in het beginsel.23 De CAVV
flict.16 De reikwijdte van dit beginsel is onduidelijk. kan zich slechts ten dele in dit standpunt vinden.
Er zijn twee lezingen mogelijk. Een eerste lezing       De CAVV wijst hierbij op ontwikkelingen in het
gaat ervan uit dat de ILC beoogt aan te geven dat       internationaal milieurecht die relevantie kunnen
de verplichting voor staten en internationale orga-     hebben voor het opruimen van overblijfselen van
nisaties om informatie met elkaar te delen en om        oorlog, in ieder geval voor zover het verplichtingen
burgers toegang te geven tot informatie op zich-        van staten betreft, waaronder het preventiebegin-
zelf voldoende is verankerd in het internationaal       sel en het beginsel ‘de vervuiler betaalt’.
recht. De verwijzing naar verplichtingen onder
internationaal recht moet dan worden begrepen
in het licht van verdragen die in het bijbehorende
commentaar worden genoemd en waaruit moda-
liteiten en mogelijke beperkingen op de verplich-
ting voortvloeien.17 Een tweede lezing gaat ervan
uit dat de verplichting tot het delen van informatie
slechts geldt voor zover die voortvloeit uit be-
staande verplichtingen onder internationaal recht.
Deze interpretatie berust op de volgende zinsnede
in het commentaar: “Paragraph 1 refers to the obli-
gations States and international organizations may
have under international law to share and grant
access to information with a view to facilitating
remedial measures after an armed conflict”.18 Deze
formulering (“may have”) lijkt te wijzen op een
differentiatie tussen staten ten aanzien van het be-
staan van de verplichting. Meer algemeen ziet de
CAVV onvoldoende aanwijzingen voor het bestaan
van een dergelijke verplichting. In het internati-
onaal milieurecht bestaat een verplichting voor
staten tot het delen van informatie,19 maar deze
heeft geen algemene strekking. De CAVV kan zich
derhalve vinden in het Nederlandse standpunt dat
deze verplichting onvoldoende verankerd is in het
internationaal gewoonterecht.20
                                                                                                                 7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 4
Temporele benadering
met betrekking tot
gewapend conflict
Uit de titel van de studie (“Protection of the environ- Tot slot richt het vijfde onderdeel zich exclusief op
ment in relation to armed conflicts”) blijkt al dat     de situatie direct na een gewapend conflict. Het
voorzien is dat de beginselen niet alleen van toepas-   is opvallend dat de beginselen die van toepassing
sing zijn gedurende een gewapend conflict, maar         zijn op bezetting zijn opgenomen in een zelfstan-
ook zien op maatregelen die in vredestijd kunnen        dig onderdeel en daarmee lijken te breken met de
worden genomen om schade aan het milieu tijdens         temporele benadering. Het commentaar verklaart
een gewapend conflict zoveel mogelijk te voorko-        dit door te wijzen op de grote verscheidenheid aan
men. Daarnaast geven diverse beginselen richtlij-       omstandigheden die bezettingssituaties karakterise-
nen voor maatregelen gericht op herstel van schade      ren, waardoor deze soms lijken op actieve conflictsi-
aan het milieu na de periode van een gewapend           tuaties en soms op (relatief vreedzame) postconflict-
conflict. Deze temporele benadering (voorafgaand,       situaties.27 De uitzonderingspositie van bezetting kan
tijdens en direct na een gewapend conflict) kan         daarnaast worden verklaard door het feitelijke gezag
rekenen op sterke bijval in de Zesde Commissie van      dat een bezetter uitoefent over het bezette grond-
de Algemene Vergadering van de VN.24                    gebied en de daar levende bevolking, waardoor
                                                        van een bezetter mag worden verwacht dat deze
Nederland heeft zijn steun uitgesproken voor            bepaalde overheidstaken verricht. Nederland heeft
de temporele benadering, en daarbij aan de ILC          steun uitgesproken voor de keuze om bezetting op
meegegeven om niet uit het oog te verliezen dat de      te nemen in een apart onderdeel. Het heeft daarbij
beginselen primair zijn gericht op conflictsituaties    uitgesproken graag te zien dat er een beginsel zou
en dat beginselen die betrekking hebben op de           worden opgenomen dat verklaart dat onderdelen 1,
fasen voorafgaand of na afloop van een gewapend         2 en 3 van de beginselen eveneens van toepassing
conflict derhalve voldoende specifiek moeten zijn.25    zijn op bezetting.28 De CAVV constateert dat deze aan-
Naar de indruk van de CAVV is de Nederlandse            beveling niet als zodanig is opgevolgd. Wel is er een
inbreng goed meegenomen door de ILC.                    introductie toegevoegd in het commentaar bij sectie
                                                        4 die een dergelijke verklaring bevat.29
Het bleek voor de ILC niet eenvoudig om de
temporele benadering volledig toe te passen op de       Tot slot kan de temporele benadering soms leiden
indeling van de beginselen.26 De beginselen zijn        tot onduidelijkheden. Een voorbeeld is ontwerp-
geordend in vijf onderdelen, die grosso modo de         beginsel 13, dat de titel ‘general protection of the
verschillende fasen van een gewapend conflict tot       environment during armed conflict’ draagt en de
uitgangspunt nemen. Waar het eerste onderdeel de        basis vormt voor de beginselen die van toepas-
reikwijdte en het doel van de beginselen uiteenzet,     sing zijn op de bescherming van het milieu tijdens
bevat het tweede onderdeel een aantal algemene          gewapend conflict. Het commentaar bij dit ontwerp-
beginselen die van toepassing zijn op alle fasen van    beginsel geeft echter aan dat het eerste onderdeel
een gewapend conflict en enkele beginselen die          van beginsel 13, dat algemeen stelt dat “the natural
de nadruk leggen op maatregelen die voorafgaand         environment shall be respected and protected in
aan een gewapend conflict moeten worden geno-           accordance with applicable international law and, in
men. Het derde onderdeel bevat beginselen die van       particular, the law of armed conflict”, relevant wordt
toepassing zijn gedurende een gewapend conflict,        geacht voor alle fasen -- voorafgaand, gedurende en
terwijl het vierde onderdeel specifieke beginselen      na afloop van een gewapend conflict.30 Er lijkt geen
formuleert die van toepassing zijn op bezetting.        eenvoudige oplossing te zijn om die onduidelijkheid
                                                        weg te nemen.
                                                                                                               8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 5
Dynamisch-integrale
benadering van het recht
Een belangrijk uitgangspunt van de beginselen is     natuurlijke hulpbronnen in bezet gebied, herfor-
dat het oorlogsrecht weliswaar geldt als lex         muleert tot slot het beginsel van vruchtgebruik
specialis voor de bescherming van het milieu         onder Artikel 55 van het Haags Landoorlogsregle-
tijdens gewapend conflict, maar dat internationale   ment uit 1907 in het licht van verplichtingen die
mensenrechten en internationaal milieurecht een      voortvloeien uit de gewoonterechtelijke beginselen
complementaire rol spelen in het beschermen van      van permanente soevereiniteit over natuurlijke
het milieu in conflictsituaties. Door deze integrale hulpbronnen en duurzaam gebruik van
benadering te hanteren, beogen de beginselen na-     natuurlijke hulpbronnen. Ook een gevestigde
volging te geven aan de eerdergenoemde ILC-stu-      doctrine zoals die van het mensenrecht op water
die met betrekking tot het effect van gewapend       vormt hier relevante (interpretatieve) context. De
conflict op de werking van verdragen. Een belang-    keuze om verplichtingen onder internationale
rijke conclusie van die studie was immers dat de     mensenrechtenverdragen en onder internationaal
werking van verdragen niet zonder meer wordt         milieurecht rechtstreeks toe te passen op bezettin-
opgeschort door de uitbraak van een gewapend         gen wordt door de ILC gerechtvaardigd met een
conflict. Het hanteren van een integrale bena-       beroep op internationale rechtspraak, waaronder
dering leidt in veel gevallen bovendien tot een      jurisprudentie van het Internationaal Gerechtshof
dynamische interpretatie van regels van oorlogs-     inzake de toepassing van beide rechtsgebieden in
recht, aangezien het merendeel van de relevante      bezettingssituaties, alsmede op eerdergenoemde
ontwikkelingen in het internationaal milieu-         ILC-bepalingen met betrekking tot het effect van
recht en het recht inzake de bescherming van         gewapend conflict op de werking van verdragen.31
mensenrechten van latere datum zijn dan de
betreffende bepalingen van oorlogsrecht.             Nederland heeft zich in het verleden construc-
                                                     tief-kritisch opgesteld tegenover de dynamisch-
Deze benadering is het verst doorgevoerd in          integrale benadering.32 Constructief door steun uit
de drie beginselen die van toepassing zijn op        te spreken voor deze benadering, maar kritisch
bezettingen. Beginsel 20, dat de algemene ver-       door deze eng uit te leggen. Meer specifiek heeft
plichtingen van een bezetter ten aanzien van         Nederland te kennen gegeven dat het een verdui-
milieubescherming in bezet gebied formuleert, is     delijking ten aanzien van de toepasselijkheid van
gebaseerd op bestaande verplichtingen van staten     milieurecht op gewapende conflicten als voor-
onder oorlogsrecht (met name Artikel 43 van het      naamste doel van de studie ziet.33 De CAVV gaat
Haags Landoorlogsreglement uit 1907 en               ervan uit dat dit niet inhoudt dat Nederland de
Artikel 55 van Additioneel Protocol I bij de Ge-     rol van andere rechtsgebieden in het bieden van
neefse Conventies), mensenrechten (met name het      bescherming aan het milieu in conflictsituaties
recht op leven, op gezondheid en op voedsel) en      uitsluit. Dit betreft met name de rol van mensen-
milieurecht (met name het gewoonterechtelijke        rechten, aangezien ernstige schade aan het milieu
‘no harm’ of preventiebeginsel). Het preventie-      de eerbiediging van onder meer het recht op leven
beginsel vormt tevens de basis voor beginsel 22      en op gezondheid in de weg staat.34 Dit lijkt ook in
dat een verplichting formuleert voor bezettende      overeenstemming met de algemene benadering
machten om passende zorgvuldigheid te betrach-       van Nederland, dat bijvoorbeeld expliciet steun
ten ten aanzien van (economische) activiteiten die   uitsprak voor een verbreding van de analyse van
aanzienlijke grensoverschrijdende schade aan het     toepasselijke mensenrechten in het kader van
milieu buiten bezet gebied met zich meebrengen.      beginsel 20.35
Beginsel 21, dat ziet op duurzaam gebruik van
                                                                                                          9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>Daarnaast heeft Nederland er meermaals op             21, kan noodzakelijk zijn om de actualiteit en de
aangedrongen dat de ILC zich dient te onthouden       eenheid van het internationaal recht te waarbor-
van het aanbrengen van wijzigingen in het oor-        gen. Dit lijkt ook overeen te komen met het Neder-
logsrecht.36 Dit betreft onder meer de definiëring    landse standpunt, aangezien het expliciet steun
van het begrip ‘gewapend conflict’ zelf. Nederland    heeft uitgesproken voor de herinterpretatie van
heeft zich op het standpunt gesteld dat dit begrip    beginsel 21.41
wordt gedefinieerd door oorlogsrecht en derhalve
geen nadere definiëring behoeft in de beginselen.37   De CAVV is verder van mening dat er ten aanzien
Een ander voorbeeld betreft de herformulering         van de uitleg en implicaties van bepaalde regels
van de klassieke Martens clausule, die is opge-       behoefte is aan meer duiding door de ILC. Een
nomen in alle verdragen die deel uitmaken van         eerste voorbeeld betreft beginsel 13(2) dat is geba-
oorlogsrecht en die beoogt een vangnet te bieden      seerd op de zorgplicht van staten zoals eerder in
aan mensen wanneer het verdrag in kwestie geen        dit advies vermeld (zie onder II.) aangehaalde Arti-
specifieke, op de concrete situatie toegesneden       kel 55(1) van Additioneel Protocol I bij de Geneefse
bescherming biedt. Beginsel 12 beoogt dit vangnet     Conventies. Dit beginsel bepaalt dat “care shall be
uit te breiden naar het milieu, door de Martens       taken in warfare to protect the natural environment
clausule op het milieu toe te passen. Beginsel 12     against widespread, long-term and severe damage”.
bepaalt dat “In cases not covered by international    Met het oog op het specifieke verzoek van UNEP
agreements, the environment remains under the         aan de ILC om de standaard van ‘widespread, long-
protection and authority of the principles of inter-  term and severe’ onder de loep te nemen,42 wekt
national law derived from established custom, the     het verbazing dat het commentaar bij beginsel
principles of humanity and from the dictates of       13 volstaat met de opmerking dat de betreffende
public conscience.” Deze clausule heeft mede tot      standaard niet door Additioneel Protocol I wordt
doel de integriteit van het milieu zelf te bescher-   gedefinieerd.43 De CAVV stelt zich op het standpunt
men.38 Dit heeft tot enige discussie geleid, zowel in dat het gewenst is dat enige duiding in het com-
de ILC als in de Zesde Commissie van de Algeme-       mentaar wordt opgenomen. Het commentaar bij
ne Vergadering, mede in verband met de vraag          beginsel 13(2) zou bijvoorbeeld kunnen refereren
of en in hoeverre de Martens clausule - en meer       aan de noodzaak om deze standaard te interprete-
specifiek de principles of humanity – geëigend zijn   ren in het licht van de meest recente wetenschap-
om bescherming te bieden aan het milieu.39 De         pelijke inzichten met betrekking tot de verschil-
CAVV signaleert dat recente ontwikkelingen op het     lende functies die ecosystemen uitoefenen, zoals
gebied van de bescherming van mensenrechten           bijvoorbeeld ook gevolgd door het Internationaal
een directe relatie leggen tussen de kwaliteit van    Gerechtshof in Certain Activities Carried Out by
leven en de gezondheid van mensen enerzijds en        Nicaragua in the Border Area (Costa Rica v.
goed functionerende ecosystemen anderzijds.40         Nicaragua).44
Ook meer algemeen lijkt sprake te zijn van een
groeiend besef dat de bescherming van het milieu      Een tweede voorbeeld betreft beginsel 17 inzake
van essentieel belang is. De CAVV stelt zich op het   beschermde gebieden, dat als volgt luidt: “An area
standpunt dat deze ontwikkelingen de voorgestel-      of major environmental and cultural importance
de uitbreiding van de Martens clausule rechtvaar-     designated by agreement as a protected zone shall
digen.                                                be protected against any attack, as long as it does
                                                      not contain a military objective”. In het commenta-
De CAVV stelt zich voorts op het standpunt dat        ar wordt verduidelijkt dat de term ‘agreement’ zo
zorgvuldig onderscheid moet worden gemaakt            breed mogelijk moet worden opgevat “as including
tussen herdefiniëring (het geven van een nieu-        mutual as well as unilateral declarations accepted
we betekenis aan een term) en herinterpretatie        by the other party, treaties and other types of agree-
(het geven van een nieuwe interpretatie aan een       ments, as well as agreements with non-State
bestaande regel). De CAVV is in het algemeen van      actors”.45 Tegelijkertijd is daarin opgenomen dat
mening dat herdefiniëring niet op zijn plaats is.     “there has to be an express agreement on the desig-
Herinterpretatie van het oorlogsrecht, zoals          nation”.46 De vraag is hoe dit beginsel zich verhoudt
bijvoorbeeld toegepast met betrekking tot beginsel    tot gebieden die bescherming genieten onder
                                                                                                             10
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>belangrijke milieuverdragen, zoals de UNESCO
World Heritage Convention, het Verdrag inzake
Biologische Diversiteit en het Ramsar Verdrag voor
de bescherming van natte gebieden. Gelden deze
gebieden automatisch als ‘protected zones’ of moe-
ten partijen bij een gewapend conflict desondanks
een overeenkomst sluiten waarin zij deze gebieden
aanwijzen als ‘protected zones’? Het zou goed zijn
als interactie tussen de verschillende rechtsge-
bieden met betrekking tot dit beginsel verder kan
worden verduidelijkt.
Tot slot zou de samenhang tussen de beginselen
13, 14 en 15 kunnen worden verduidelijkt. Be-
ginsel 13 beoogt algemene regels neer te leggen
voor de bescherming van het milieu afkomstig uit
verschillende rechtsgebieden, beginsel 14 stelt dat
het oorlogsrecht en met name de fundamentele
beginselen van onderscheid, proportionaliteit,
militaire noodzaak en voorzorg met aandacht voor
de bescherming van het milieu moeten worden
toegepast en beginsel 15 stelt dat “environmental
considerations shall be taken into account when
applying the principle of proportionality and the
rules on military necessity”. De systematiek is niet
helder op twee punten. Ten eerste zou de relatie
tussen de zorgplicht ten aanzien van het voorko-
men van ‘widespread, long-term and severe damage’
onder beginsel 13(2) enerzijds en de toepassing van
de beginselen van oorlogsrecht onder beginsel 14
kunnen worden verhelderd. Het commentaar stelt
dat deze in samenhang moeten worden gelezen,
maar geeft geen nadere duiding over de verhou-
ding tussen beide beginselen.47 Het tweede punt
betreft de verhouding tussen beginsel 14 en 15. Het
commentaar stelt dat de beginselen elkaar aanvul-
len. Beginsel 15 beoogt volgens het commentaar de
beginselen van militaire noodzaak en proportiona-
liteit vanuit operationeel perspectief te belichten,
wat zou inhouden dat beginsel 15 “aims to
address military conduct and does not deal with the
process of determining what constitutes a military
objective as such”.48 Dit doet vreemd aan, aangezien
verondersteld mag worden dat de beoordeling
van de noodzaak en proportionaliteit van militaire
gedragingen al onder beginsel 14 wordt gemaakt.
Ook lijkt te worden uitgegaan van een fluïde
notie van wat militaire noodzaak inhoudt, een
punt waar Nederland al eerder kritiek op heeft
geleverd.49 De CAVV heeft de indruk dat beginsel
15 onvoldoende toevoegt en zou kunnen worden
geschrapt.
                                                     11
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 6
Geen onderscheid
internationale en
niet-internationale
gewapende conflicten
De beginselen maken geen onderscheid tussen           ren. Wellicht kan dit het beste worden begrepen
internationale en niet-internationale gewapende       als een uitoefening door de ILC van het mandaat
conflicten. Eventuele verschillen in de toepassing    tot progressieve ontwikkeling van het internatio-
van de beginselen op beide soorten gewapende          naal recht. Tot slot wil de CAVV haar waardering
conflicten worden toegelicht in de bijbehorende       uitspreken voor de buitengewoon zorgvuldige ana-
commentaren. Deze benadering is gebaseerd op          lyse die Special Rapporteur Lehto in haar tweede
de in 2011 door de ILC aangenomen ‘articles on        rapport heeft gewijd aan de kwestie van aanspra-
the effects of armed conflict on treaties’ en sluit   kelijkheid van gewapende groeperingen.53 Hoewel
aan bij de door de ICRC gekozen benadering in zijn    het onderwerp slechts heel indirect terugkomt in
‘customary international humanitarian law study’      de beginselen, biedt deze analyse een duidelijk
uit 2005. In de 74e sessie van de Zesde Commissie     theoretisch kader voor toekomstige rechtsontwik-
van de Algemene Vergadering heeft Nederland           keling buiten het kader van deze ILC studie.
zijn steun uitgesproken voor deze benadering.
Desondanks kan aan de gewoonterechtelijke sta-
tus van enkele beginselen worden getwijfeld, voor
zover het gaat om de toepassing op niet-interna-
tionale gewapende conflicten. Het gaat dan met
name om beginsel 13(2), dat al diverse keren in dit
advies is genoemd. De daarin vervatte zorgplicht
ten aanzien van het milieu tijdens gewapend
conflict is gebaseerd op Artikel 55 van Additioneel
Protocol I bij de Geneefse Conventies dat van toe-
passing is op internationale gewapende conflicten.
Voor de gewoonterechtelijke status van dit begin-
sel bestaat ook aanzienlijke steun.50 Het is echter
onduidelijk of deze regel ook van toepassing is op
niet-internationale gewapende conflicten.
Het ICRC kon daar in 2005 onvoldoende aanwij-
zingen voor vinden.51 Het commentaar van de ILC
volstaat met de uitspraak dat “draft principle 13
does not make a distinction between international
and non-international armed conflicts, with the
understanding that the draft principles are aimed at
applying to all armed conflicts”.52 Het doet derhalve
geen poging de toepassing van de regel op niet-
internationale gewapende conflicten te motive-
                                                                                                        12
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 7
Reikwijdte van het
begrip ‘environment’
Een onderwerp dat meermaals aan de orde is           De CAVV steunt deze positie niet. Beginsel 5 beoogt
gekomen in debatten, zowel binnen de ILC als in      louter te benadrukken dat de speciale relatie die
de Zesde Commissie, betreft de afbakening van        inheemse volkeren hebben met hun leefomgeving
het begrip ‘environment’.54 Een eerste discussie     specifieke implicaties heeft in de context van gewa-
spitst zich toe op de vraag of de beginselen de      pend conflict en met betrekking tot herstelmaat-
term ‘natural environment’, zoals gebruikt in het    regelen na afloop van een gewapend conflict. Het
oorlogsrecht, moeten aanhouden of dat veeleer        beginsel past goed in de dynamisch-integrale bena-
dient te worden gekozen voor een algemene            dering die eigen is aan deze beginselen. Bovendien
verwijzing naar de term ‘environment’. Een           is het slechts een aanbeveling (“should”).
definitieve keuze is nog niet gemaakt, terwijl deze
wel degelijk gevolgen heeft voor de reikwijdte van
de bescherming. Wanneer immers bescherming
wordt geboden aan de ‘natuurlijke omgeving’, dan
geldt deze bescherming niet voor de door de mens
gecreëerde omgeving, waaronder door de mens
aangebrachte drinkwaterinstallaties.55
De CAVV geeft de voorkeur aan een brede bena-
dering, die rekening houdt met veranderingen in
wetenschappelijke inzichten ten aanzien van het
milieu. Vanuit dat oogpunt adviseert de CAVV om
het begrip ‘environment’ te hanteren en dit niet
verder te definiëren.56
Voornoemde terminologie kwestie hangt samen
met meer fundamentele vraagstukken ten aanzien
van de reikwijdte van de beginselen, met name de
vraag of de beginselen zich moeten uitstrekken tot
de culturele aspecten van de bescherming van het
milieu. Het betreft hier beginselen 4 en 17 die zich
mede richten op het beschermen van gebieden
van cultureel belang, en beginsel 5 dat speciale
maatregelen voorstelt voor de bescherming van
de leefomgeving van inheemse volkeren. Deze be-
ginselen zijn bekritiseerd voor zover deze voorbij
de doelstellingen van de studie lijken te gaan.57
Nederland heeft zich expliciet uitgelaten over
beginsel 5 en zich op het standpunt gesteld dat
“the fact that [indigenous peoples] have a special
relationship with their land and the living environ-
ment in itself seems insufficient reason to include
this matter in draft principles on protection of the
environment in armed conflicts.”
                                                                                                          13
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 8
Schade aan het milieu buiten
gevechtshandelingen om
De beginselen richten zich tevens op twee andere     van toepassing zijn op bedrijven die opereren in
veel voorkomende oorzaken van milieuschade           staten waar een gewapend conflict woedt of heeft
tijdens gewapend conflict, vooral in niet-internati- gewoed alsmede in hoogrisicogebieden.60 Beginsel
onale gewapende conflicten.58 Het betreft ener-      10 vertaalt relevante ontwikkelingen op het gebied
zijds schade veroorzaakt aan kwetsbare natuurge-     van de bescherming van mensenrechten naar de
bieden door opvang van ontheemden (beginsel 8)       context van milieubescherming. Dit kan worden
en anderzijds illegale exploitatie van natuurlijke   gerechtvaardigd op basis van de toegenomen
hulpbronnen (beginselen 10, 11, 18 en indirect 21).  integratie tussen internationale mensenrechten en
De CAVV is van mening dat deze beginselen een        milieurecht.61 Opmerkelijk is echter de laatste zin
belangrijke bijdrage leveren aan rechtsontwikke-     van beginsel 10 die het volgende stelt:
ling.                                                “Such measures include those aimed at ensuring
                                                     that natural resources are purchased or obtained
Dit geldt met name voor de beginselen 10 en 11       in an environmentally sustainable manner.” Hoe-
met betrekking tot de verantwoordelijkheid van       wel deze ‘supply chain due diligence’ met name
staten voor bedrijven die in conflictgebieden ope-   is gebaseerd op richtlijnen en wetgeving die zijn
reren of daar grondstoffen afnemen. Deze begin-      ontwikkeld om de handel in conflictmineralen
selen zijn vanzelfsprekend van groot belang voor     tegen te gaan, bieden deze al indirect bescherming
Nederland, dat domicilie biedt aan een aanzienlijk   aan het milieu.62 Immers, de reden dat de huidige
aantal internationaal opererende bedrijven. De       ILC studie beginselen bevat ten aanzien van
beginselen zijn specifiek van toepassing op situa-   illegale exploitatie van natuurlijke hulpbronnen
ties gerelateerd aan gewapend conflict, conform      hangt direct samen met de milieuschade die hieruit
de doelstelling van de ILC studie. Dit neemt niet    ontstaat. Bovendien bestaan er ook initiatieven die
weg dat beginselen 10 en 11 ook relevant zijn        al een basis bieden voor uitbreiding naar milieube-
buiten die situaties. Beide beginselen zijn ingebed  scherming. Dit geldt met name voor de op de OESO
in bredere rechtsontwikkelingen met betrekking       richtsnoeren gebaseerde Chinese Due Diligence
tot het bevorderen van de maatschappelijke           Guidelines.63 Ook de OESO richtlijnen voor mul-
verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven, met      tinationale ondernemingen alsmede de Equator
name op het gebied van mensenrechten. Belang-        beginselen voor de financiële sector kunnen in dit
rijke initiatieven in dit verband zijn onder meer    verband worden genoemd, al zijn deze instrumen-
de UN Guiding Principles on Business and Human       ten niet specifiek ontwikkeld voor toepassing in de
Rights, de in 2011 gereviseerde OECD Guidelines      context van gewapende conflicten.64
on Multinational Enterprises en de ontwikkeling
van een gespecialiseerd verdrag op initiatief van    Beginsel 11 beveelt staten aan om wetgeving aan te
de Mensenrechtenraad.59                              nemen en andere maatregelen te nemen om be-
                                                     drijven die in of vanuit hun territorium opereren
Beginsel 10 beveelt staten aan om maatregelen te     en schade aan het milieu veroorzaken in conflict of
nemen die erop zijn gericht dat bedrijven die bin-   post-conflict gebieden aansprakelijk te stellen. Het
nen of vanuit hun grondgebied opereren, passen-      beginsel beperkt zich uitdrukkelijk tot schade die
de zorgvuldigheid (‘due diligence’) betrachten ten   bedrijven veroorzaken en is dus niet van toepas-
aanzien van milieubescherming wanneer zij actief     sing op schade die is veroorzaakt door zakenpart-
zijn in gebieden waar een gewapend conflict gaan-    ners in het kader van due diligence verplichtingen.
de is of net is geweest. Deze aanbeveling is onder   Daarentegen refereert het beginsel expliciet aan
meer gebaseerd op VN en OESO richtlijnen die         aansprakelijkheid voor dochterondernemingen.
                                                                                                          14
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>Beginsel 11 vloeit rechtstreeks voort uit de UN
Guiding Principles for Business and Human
Rights. Bovendien steunt het op een groeiende sta-
tenpraktijk met betrekking tot aansprakelijkheid
van bedrijven voor zowel mensenrechtenschen-
dingen als schade veroorzaakt aan het milieu.65
De CAVV stelt zich op het standpunt dat de bredere
benadering van de ILC met betrekking tot mili-
euschade in relatie tot gewapend conflict bijzon-
der waardevol is. De connectie met gewapende
conflicten blijft voldoende duidelijk, aangezien de
schade in beide gevallen ontstaat als gevolg van
een gewapend conflict (opvang van mensen die
ontheemd zijn als gevolg van het gewapend con-
flict en exploitatie van natuurlijke hulpbronnen
als middel om het conflict te financieren). Boven-
dien vormen de beginselen gericht op het ver-
sterken van de verantwoordelijkheid van staten
ten aanzien van milieuschade veroorzaakt door
het bedrijfsleven een belangrijke bijdrage aan het
voorkomen dat bedrijven door hun activiteiten
ernstige schade aan het milieu veroorzaken in
conflictgebieden, juist doordat zij een aanvullende
verantwoordelijkheid neerleggen bij staten die
over het algemeen economisch en politiek ster-
ker zijn dan staten waar een gewapend conflict
plaats heeft. Deze aanvullende verantwoordelijk-
heid past in een bredere rechtsontwikkeling ten
aanzien van de uitoefening van rechtsmacht door
sterke staten met betrekking tot de activiteiten van
multinationale ondernemingen in zwakkere sta-
ten. Waar deze praktijk niet geheel onomstreden
is vanwege mogelijke inbreuk op de soevereiniteit
van zwakkere staten, speelt dit bezwaar een veel
minder grote rol in het kader van situaties van
gewapend conflict. In die situaties functioneren
instituties vaak niet of onvoldoende. Bovendien is
wederopbouw een langdurig proces.
                                                     15
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>    Hoofdstuk 9
Evaluatie
De CAVV spreekt in algemene zin haar waardering uit voor de ontwerpbeginselen inzake de
bescherming van het milieu in relatie tot gewapend conflict alsmede voor de buitengewoon zorgvuldige
studie die daaraan vooraf is gegaan. De CAVV hecht hierbij belang aan de door de ILC gekozen temporele
benadering, die de beginselen een meerwaarde geven ten opzichte van andere initiatieven.
De dynamisch-integrale benadering laat bovendien de relevantie zien van andere rechtsgebieden dan
het oorlogsrecht voor de bescherming van het milieu tijdens gewapend conflict. Dit advies heeft ook
enkele punten voor verbetering genoemd, waaronder de noodzaak om met betrekking tot enkele
beginselen het toepasselijk recht tijdens een gewapend conflict te verduidelijken. Deze aanbeveling ziet
met name op de toepasselijkheid van milieuverdragen tijdens gewapend conflict (beginsel 17) en op de
standaard voor ontoelaatbare milieuschade tijdens een gewapend conflict (beginsel 13(2)). Daarnaast
zou de ILC de normatieve status van de beginselen 24 en 27 alsmede de samenhang tussen beginselen
13, 14 en 15 verder kunnen verduidelijken.
De CAVV vindt dat de ILC met deze studie een waardevolle bijdrage levert aan de consolidatie en
ontwikkeling van het internationaal recht en beveelt de Minister van Buitenlandse Zaken derhalve
aan om steun uit te spreken voor de beginselen.
                                                                                                         16
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>Eindnoten
1                                                         6
  Report of the International Law Commission on              Zie m.n. Report of the Secretary-General on the pro-
  the Work of Its Seventy-first Session, UN General          tection of the environment in times of armed conflict,
  Assembly, 74th Session, Suppl. 10, Ch. VI, UN Doc.         UN Doc. A/48/269, 29 July 1993, para. 10. Dit rapport
  A/74/10 (2019) [hierna aangeduid als ILC Report            bevat door de ICRC ontwikkelde Guidelines for
  2019].                                                     military manuals and instructions on the protection
                                                             of the environment in times of armed conflict. Deze
2
  Verdrag inzake het verbod van militair of enig             worden momenteel herzien. Daarnaast heeft het ICRC
  ander vijandelijk gebruik van milieuveranderings-          in kaart gebracht welke gewoonterechtelijke regels
  technieken, United Nations (ENMOD verdrag),                van oorlogsrecht bescherming bieden aan het milieu,
  Treaty Series, vol. 1108, p. 151.                          overigens niet zonder de nodige kritiek. Jean-Marie
                                                             Henckaerts and Louise Doswald-Beck (eds.), Custo-
3
  Zie bijvoorbeeld Final Report to the Prosecutor by         mary International Humanitarian Law, International
  the Committee Established to Review the NATO               Committee of the Red Cross (Cambridge University
  Bombing Campaign Against the Federal Republic              Press 2005), Rules 43-45.
  of Yugoslavia, 14 June 2000, http://www.icty.org/x/
                                                          7
  file/Press/nato061300.pdf, paras. 14-25, waarin een        Zie Report of the International Law Commission,
  commissie ingesteld door de aanklager van het              Sixty-third session, UN Doc. A/66/10, Annex E voor het
  Joegoslaviëtribunaal de NAVO-bombardementen                voorstel met betrekking tot deze studie.
  op Servië in 1999 beoordeelt in het licht van Artikel
                                                          8
  33 en 55 van Additioneel Protocol I. De commissie          Preliminary report on the protection of the environ-
  stelt in paragraaf 15 dat “it would appear extremely       ment in relation to armed conflicts, Submitted by
  difficult to develop a prima facie case upon the basis     Marie G. Jacobsson, Special Rapporteur, Internatio-
  of these provisions” en verwijst daarbij naar de hoge      nal Law Commission Sixty-sixth session, UN Doc. A/
  drempel die de bepalingen opwerpen. Vergelijk              CN.4/674, 30 May 2014 (hierna aangeduid als Prelimi-
  Official Records of the Diplomatic Conference on           nary report), p. 18 onder 62.
  the Reaffirmation and Development of International
                                                          9
  Humanitarian Law Applicable in Armed Conflicts,            Ibid.
  Geneva (1974-77), Vol. VI, p. 113-118 and 208-209,
                                                          10
  waar diverse staten expliciet aangeven dat de              Ibid.
  standaard niet moet worden geïnterpreteerd in het
                                                          11
  licht van andere instrumenten. Hierbij moet met            Zie ILC Report 2019, p. 260.
  name worden gedacht aan het ENMOD verdrag, in
                                                          12
  het kader waarvan een informele definitie is               Nederlandse inbreng 70e sessie, Chapter IX, para. 2.
  voorgesteld voor de termen ‘widespread’, ‘long-term’
                                                          13
  en ‘severe’. Zie Report of the Working Group on the        Zie Statement by Prof. dr. Liesbeth Lijnzaad, Legal
  Prohibition of Military or Any Other Hostile Use           adviser, Ministry of Foreign Affairs, Kingdom of the
  of Environmental Modification Techniques, UN               Netherlands, United Nations General Assembly, 71st
  Doc. A/31/27 (1976), Vol. I, Annex, p. 91.                 Session, Sixth Committee, Agenda item 78, Report of
                                                             the International Law Commission, Cluster 3, Chapter
4
  UNEP, Protecting the Environment During Armed              X, paras 4-6. Aangetekend moet worden dat ook de
  Conflict: An Inventory and Analysis of International       V.S. zich tegen de gewoonterechtelijke status van de
  Law (2009).                                                beginselen 7 en 27 verzet. Zie Statement of the United
                                                             States of America, Sixth Committee Debate, Agenda
5
  Draft articles on the effects of armed conflicts on        Item 79: Report of the International Law Commission
  treaties, Report of the International Law Commission       on the Work of its 71st Session (A/74/10), 5 November
  on the work of its sixty-third session, Yearbook of the    2019.
  International Law Commission (2011), vol. II, Part
  Two.
                                                                                                                    17
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>14                                                         20
   De ILC commentary verwijst naar de volgende                Zie Statement by Prof. dr. Liesbeth Lijnzaad, Legal
   documenten: European Union, ‘Military Concept              adviser, Ministry of Foreign Affairs, Kingdom of the
   on Environmental Protection and Energy Efficien-           Netherlands, United Nations General Assembly, 71st
   cy for EU-led military operations’, 14 September           Session, Sixth Committee, Agenda item 78, Report of
   2012, document EEAS 01574/12; NATO, ‘Joint NATO            the International Law Commission, Cluster 3, Chapter
   doctrine for environmental protection during NA-           X, paras 4-6.
   TO-led military activities’, 8 March 2018, document
                                                           21
   NSO(Joint)0335(2018)EP/7141; and ‘The future of Uni-       Beginsel 27(1) stelt: “After an armed conflict, parties
   ted Nations peace operations: implementation of the        to the conflict shall seek to remove or render harm-
   recommendations of the High- level Independent Pa-         less toxic and hazardous remnants of war under their
   nel on Peace Operations’, Report of the Secretary-Ge-      jurisdiction or control that are causing or risk causing
   neral (A/70/357- S/2015/682), para. 129. Zie ILC Report    damage to the environment. Such measures shall be
   2019, p. 230-232. Daarnaast kan worden gewezen op          taken subject to the applicable rules of international
   de strategie die in 2017 door het UN Department of         law.” Markering aangebracht door de CAVV.
   Field Support is gelanceerd.
                                                           22
                                                              Beginsel 27(3) bepaalt als volgt: “Paragraphs 1 and
15
   Wat betreft praktijk, kan naast genoemde beleids-          2 are without prejudice to any rights or obligations
   documenten worden gewezen op relevante praktijk            under international law to clear, remove, destroy
   van de VN Veiligheidsraad. Van de huidige vredes-          or maintain minefields, mined areas, mines, booby-
   operaties hebben er vijf een expliciete aanwijzing         traps, explosive ordnance and other devices.”
   meegekregen om hun ecologische voetafdruk te
                                                           23
   bewaken. Het betreft MINUSMA, UNSOS, UNAMID,               Zie Statement by Prof. dr. Liesbeth Lijnzaad, Legal
   MONUSCO and MINUSCA. Zie bijvoorbeeld resolu-              adviser, Ministry of Foreign Affairs, Kingdom of the
   tie 2387 (2017), para. 48, waarin MINUSCA wordt            Netherlands, United Nations General Assembly, 71st
   verzocht “to consider the environmental impacts of         Session, Sixth Committee, Agenda item 78, Report of
   its operations when fulfilling its mandated tasks and,     the International Law Commission, Cluster 3, Chapter
   in this context, to manage them as appropriate and         X, para 5.
   in accordance with applicable and relevant General
                                                           24
   Assembly resolutions and United Nations rules and          Zie statements tijdens de 68e sessie van de Zesde
   regulations”.                                              Commissie en de samenvatting van het debat in het
                                                              preliminary report van de special rapporteur, p. 5-6.
16
   Beginsel 24(1) bepaalt als volgt: “To facilitate reme-
                                                           25
   dial measures after an armed conflict, States and          Statement by Prof. dr. Liesbeth Lijnzaad, Legal
   relevant international organizations shall share and       adviser, Ministry of Foreign Affairs, Kingdom of the
   grant access to relevant information in accordance         Netherlands, United Nations General Assembly, 71st
   with their obligations under international law…”           Session, Sixth Committee, Agenda item 78, Report of
                                                              the International Law Commission, Cluster 3, Chapter
17
   ILC Report 2019, p. 284 onder (4) en (5).                  X, para. 2 en 3.
18                                                         26
   Ibid., onder (3).                                          Marja Lehto, Armed conflicts and the environment:
                                                              The International Law Commission’s new draft princi-
19
   Het preventiebeginsel brengt met zich mee dat staten       ples, Review of European Comparative and Internati-
   informatie moeten delen wanneer er een substanti-          onal Environmental Law Vol. 29 (2020), p. 67–75.
   eel risico bestaat op grensoverschrijdende milieus-
                                                           27
   chade. Zie Pulp Mills on the River Uruguay (Argen-         ILC Report 2019, p. 264-265.
   tina v. Uruguay), Judgment, ICJ Rep. 2010, 14, paras.
                                                           28
   101 and 102; Certain Activities Carried Out by Nicara-     Statement on behalf of The Kingdom of the Nether-
   gua in the Border Area (Costa Rica v. Nicaragua) and       lands by Liselot Egmond, Legal Adviser of the Perma-
   Construction of a Road in Costa Rica along the San         nent Mission of the Kingdom of the Netherlands to
   Juan River (Nicaragua v. Costa Rica), Judgment, ICJ        the United Nations on agenda Item 82 Report of the
   Rep. 2015, 665, para. 107. Ook kan worden gewezen          International Law Commission Cluster 3, Chapter IX.
   op rapportageverplichtingen onder milieuverdragen.
                                                                                                                       18
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>29                                                       39
   ILC Report 2019, p. 268 onder (7).                       Zie onder meer International Law Commission,
                                                            seventy-first session, provisional summary record of
30
   Ibid, p. 251 onder (5).                                  the 3465th meeting, UN Doc. A/CN.4/SR.3465 (2019), p.
                                                            15 (Mr. Sean Murphy) en provisional summary record
31
   Zie ILC 2019 Report, p. 269-270.                         of the 3467th meeting, UN Doc. A/CN.4/SR.3467 (2019),
                                                            p. 13 (Mr. Georg Nolte). Zie ook de verklaringen van
32
   Statement by Marcel van den Bogaard, Legal adviser,      Duitsland (https://papersmart.unmeetings.org/me-
   Netherlands Permanent Mission, United Nations            dia2/23329141/-e-germany-statement-1-.pdf, para. 7)
   General Assembly 69th Session (2014), Sixth Commit-      en Rusland (https://papersmart.unmeetings.org/me-
   tee, Agenda item 78, Report of the International Law     dia2/23329111/-r-russian-federation-statement.pdf).
   Commission, Part 3, Chapter XI, para. 3. Statement
                                                         40
   by Ms. Liselot Egmond, Legal Adviser Permanent           Zie onder meer Human Rights Council, Report of the
   Representation Kingdom of the Netherlands to the         Independent Expert on the Issue of Human Rights
   United Nations, United Nations General Assembly          Obligations Relating to the Enjoyment of a Safe, Clean,
   72nd Session (2017), Sixth Committee, Agenda item        Healthy and Sustainable Environment, John Knox, UN
   82, Report of the International Law Commission,          Doc A/HRC/25/53, 30 December 2013.
   Cluster III, para. 14.
                                                         41
                                                            Statement Nl 73e sessie.
33
   Ibid.
                                                         42
                                                            UNEP, Protecting the Environment During Armed
34
   Zie Human Rights Committee, General Comment              Conflict: An Inventory and Analysis of International
   No. 36 on the right to life, CCPR/C/GC/36, 30 October    Law (2009), p. 53 onder 3.
   2018; and International Committee on Economic,
                                                         43
   Social and Cultural Rights, General Comment No. 14,      ILC Report 2019, p. 252 onder (8).
   E/C.12/2000/4, 11 August 2000. De uitspraak van de
                                                         44
   Hoge Raad inzake Urgenda volgt eenzelfde benade-         Certain Activities Carried Out by Nicaragua in the
   ring. Zie ECLI:NL:HR:2019:2006.                          Border Area (Costa Rica v. Nicaragua), Compensation,
                                                            Judgment, I.C.J. Reports 2018, p. 15, para. 78-83. Begin-
35
   Statement on behalf of The Kingdom of the Nether-        sel 15 zou als voorbeeld kunnen dienen. Dit beginsel
   lands by Liselot Egmond, Legal Adviser of the Perma-     bepaalt dat “Environmental considerations shall be
   nent Mission of the Kingdom of the Netherlands to        taken into account when applying the principle of
   the United Nations on agenda Item 82, Report of the      proportionality and the rules on military necessity”
   International Law Commission Cluster 3, Chapter IX.      en het bijbehorende commentaar verwijst uitdrukke-
                                                            lijk naar de noodzaak om de termen ‘environmental
36
   Statement by Marcel van den Bogaard, Legal adviser,      considerations’ dynamisch te interpreteren. Zie ILC
   Netherlands Permanent Mission, United Nations            Report 2019, p. 257.
   General Assembly 69th Session (2014), Sixth Commit-
                                                         45
   tee, Agenda item 78, Report of the International Law     ILC Report 2019, p. 260 onder (1).
   Commission, Part 3, Chapter XI, para. 3; Statement by
                                                         46
   Marcel van den Bogaard, Legal adviser, Netherlands       Ibid.
   Permanent Mission, United Nations General Assem-
                                                         47
   bly 70th Session (2015), Sixth Committee, Agenda         ILC Report 2019, p. 252 onder (9).
   item 78, Report of the International Law Commissi-
                                                         48
   on, Part 3, Chapter XI, para. 3.                         ILC Report 2019, p. 257 onder (4).
37                                                       49
   Ibid.                                                    Statement by Marcel van den Bogaard, Legal adviser,
                                                            Netherlands Permanent Mission, United Nations
38
   International Law Commission, Second report on           General Assembly 70th Session (2015), Sixth Commit-
   protection of the environment in relation to armed       tee, Agenda item 78, Report of the International Law
   conflicts by Marja Lehto, Special Rapporteur, UN Doc     Commission, Part 3, Chapter XI, para. 4-6.
   A/CN.4/728, 27 March 2019, p. 80-81.
                                                                                                                      19
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>50                                                       59
   Zie Rule 45 van de ICRC Customary International          UNHRC, Guiding Principles on Business and Human
   Law Study. De V.S. kan worden aangemerkt als ‘per-       Rights: Implementing the United Nations “Protect,
   sistent objector’.                                       Respect and Remedy” Framework’, UN Doc A/
                                                            HRC/17/31, 21 March 2011, Annex; OECD Guidelines
51
   Jean-Marie Henckaerts and Louise Doswald-Beck            for multinational enterprises (OECD Publishing 2011);
   (eds.), Customary International Humanitarian Law,        en Intergovernmental working group on transnatio-
   International Committee of the Red Cross (Cam-           nal corporations and other business enterprises with
   bridge University Press 2005), Rule 45.                  respect to human rights, Legally Binding Instrument
                                                            to Regulate, in International Human Rights Law, the
52
   ILC Report 2019, p. 252.                                 Activities of Transnational Corporations and Other
                                                            Business Enterprises, 16 July 2019.
53
   International Law Commission, Second report on
                                                         60
   protection of the environment in relation to armed       Zie o.m. UN Guidance on Responsible Business in Con-
   conflicts by Marja Lehto, Special Rapporteur, UN Doc     flict-affected and High-risk Areas: a Resource for Com-
   A/CN.4/728, 27 March 2019, paras. 51-58.                 panies and Investors (2010), p. 7; OECD, OECD Due
                                                            Diligence Guidance for Responsible Supply Chains of
54
   Tijdens de 74e sessie van de Zesde Commissie bij-        Minerals from Conflict-Affected and High-Risk Areas,
   voorbeeld, werd de kwestie onder meer ingebracht         Third Edition (2016), p. 13.
   door Libanon en Marokko. Zie https://papersmart.
                                                         61
   unmeetings.org/media2/23329103/-f-lebanon-state-         Zie onder meer UNHRC, Report of the Special Rappor-
   ment.pdf voor de verklaring van Libanon en https://      teur on the issue of human rights obligations relating
   papersmart.unmeetings.org/media2/23329104/-f-mo-         to the enjoyment of a safe, clean, healthy and sustai-
   rocco-statement.pdf voor de verklaring van               nable environment, John Knox, UN Doc A/HRC/37/59,
   Marokko.                                                 24 January 2018.
55                                                       62
   Desondanks kan uit het commentaar bij Artikel 55         OECD, OECD Due Diligence Guidance for Responsible
   van Additioneel Protocol I worden afgeleid dat de        Supply Chains of Minerals from Conflict-Affected and
   term ‘natural environment’ al vrij breed is, aan-        High-Risk Areas, Third Edition (2016); Regulation (EU)
   gezien hier ook landbouwgebieden onder worden            2017/821 of the European Parliament and of the Coun-
   verstaan. Zie Y. Sandoz, C. Swinarski and B. Zimmer-     cil of 17 May 2017, OJ 2017 L130 60.
   mann (eds.), Commentary on the additional proto-
                                                         63
   cols of 8 June 1977 to the Geneva Conventions of 12      China Chamber of Commerce of Metals, Minerals
   August 1949 (Nĳhoff Publishers 1987), para. 2126:        & Chemical Importers & Exporters, ‘Chinese Due
   “The concept of the natural environment should be        Diligence Guidelines for Responsible Mineral Supply
   understood in the widest sense to cover the biologi-     Chains’ (2015), http://mneguidelines.oecd.org/chi-
   cal environment in which a population is living.”        nese-due-diligence-guidelines-for-responsible-mi-
                                                            neral-supply-chains.htm. Zie Daniëlla Dam-de Jong,
56
   Dit is ook voorgesteld door de Special Rapporteur.       Internationale instellingen en de aanpak van con-
   Zie UN Doc. A/CN.4/SR.3464.                              flictgrondstoffen, in H. de Coninck, M. Hurenkamp,
                                                            L. Melsen en H. Opschoor (eds.), Rood-groene politiek
57
   Voor standpunten ten aanzien van beginsel 5, zie         voor de 21e eeuw: een pact tussen generaties (Van
   First report on protection of the environment in         Gennep 2017), p. 167-184 voor een vergelijking van
   relation to armed conflicts by Marja Lehto, Special      deze instrumenten.
   Rapporteur, UN Doc. A/CN.4/720, 30 April 2018, p. 6
                                                         64
   onder 9.                                                 OECD Guidelines for multinational enterprises (OECD
                                                            Publishing 2011); The Equator Principles, A financial
58
   D Jensen and S Lonergan, ‘Natural Resources and          industry benchmark for determining, assessing and
   Post-conflict Assessment, Remediation, Restoration       managing environmental and social risk in projects
   and Reconstruction: Lessons and Emerging Issues’ in      (July 2020), www.equator-principles.com.
   D Jensen and S Lonergan (eds), Assessing and Resto-
                                                         65
   ring Natural Resources in Post-conflict Peacebuilding    Het commentaar alsmede het onderliggende rapport
   (Earthscan 2012), p. 414.                                refereren aan een rijke jurisprudentie, waaronder
                                                            die van de Haagse Rechtbank inzake Akpan v. Royal
                                                                                                                    20
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>Dutch Shell PLC, ECLI:NL:RBDHA:2013:BY9854.
Zie ILC Report 2019, p. 243-247; International Law
Commission, Second report on protection of the
environment in relation to armed conflicts by Marja
Lehto, Special Rapporteur, UN Doc A/CN.4/728, 27
March 2019. Naast deze jurisprudentie kan worden
gewezen op een groeiende praktijk onder staten om
relevante wetgeving aan te nemen. Een voorbeeld
betreft de Franse LOI n° 2017-399 du 27 Mars 2017
Relative au Devoir de Vigilance des Sociétés Mères et
des Entreprises Donneuses d’Ordre, Journal Officiel
de la République Française – No. 74 du 28 Mars 2017.
                                                      21
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>