<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>schaarste
schuurt
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>schaarste
schuurt
  een verkenning
  naar het omgaan
  met aanhoudende
  lerarentekorten
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>                                                                                              Woord vooraf
  Woord vooraf		                                                                          5        ‘Het onderwijs piept en kraakt’, valt de afgelopen periode met enige regelmaat te horen
                                                                                                   en te lezen. Het lerarentekort speelt al langer, maar is in omvang zo toegenomen dat
  In het kort                                                                             7        het probleem nu op steeds meer scholen hard wordt gevoeld. Ook beleidsmatig is er
                                                                                                   al langer aandacht voor het lerarentekort, al heeft dit nog niet geleid tot oplossing of
  1       Onderwijs bij aanhoudende lerarentekorten                                      11        substantiële terugdringing ervan.
  1.1		 Doordenking omgang met aanhoudende lerarentekorten is noodzakelijk               12
  1.2		Verkenningsvraag: Hoe kan bij een aanhoudend lerarentekort worden                          Dat is een groot probleem, want zonder leraren geen onderwijs. Het is dus zaak te
  		 voorzien in onderwijs en welke implicaties heeft dat?                               12        blijven werken aan oplossingen om te zorgen voor voldoende leraren. Maar werken
                                                                                                   aan terugdringing van het tekort alleen is niet voldoende. Personeelsschaarste speelt
  2       Onderwijs in de knel door aanhoudende lerarentekorten                          15        overal en cijfers over onderwijs laten na 2030 een verder oplopend tekort zien. Om die
  2.1     Lerarentekorten zijn omvangrijk en hardnekkig                                  16        reden heeft de minister de Onderwijsraad gevraagd te verkennen wat het betekent als er
  2.2		   Lerarentekorten zijn bijna overal voelbaar maar ongelijk verdeeld              21        structureel minder leraren beschikbaar zijn in het onderwijs.
  2.3		   Lerarentekorten zijn ingebed in structureel krappe arbeidsmarkt                22
  2.4		   Lerarentekorten zetten het onderwijs onder druk                                23        Die vraag stellen is al moeilijk. Al ziet de raad dat scholen, sommige meer dan andere,
                                                                                                   dagelijks worstelen met het lerarentekort, spreken over het lerarentekort in termen van
  3	     Omgaan met aanhoudende en ongelijk verdeelde lerarentekorten                             een aanhoudend probleem ligt heel gevoelig. Want als het aankomt op onderwijs, wil je
          vereist solidariteit                                                           27        als samenleving geen veer laten. Je wilt als ouder kunnen rekenen op goed onderwijs
  3.1     Omgaan met lerarentekorten is een collectieve opgave                           28        voor je kinderen. En als leraar wil je zo rijk mogelijk onderwijs kunnen bieden aan
  3.2     De collectieve opgave vereist adequate financiering                            33        al je leerlingen. Nadenken over hoe scholen onderwijs kunnen verzorgen als er niet
                                                                                                   voldoende leraren beschikbaar zijn, ligt nog gevoeliger. Want dat mag er niet toe leiden
  4       Handelingsopties voor het omgaan met aanhoudende lerarentekorten               37        dat we ons neerleggen bij het tekort aan leraren.
  4.1     Beperking van het onderwijsaanbod                                              39
  4.2		   Optimalisering van de organisatie van het werk in het onderwijs                43        Schaarste schuurt, zeker in het onderwijs. Het schuurt, omdat de tekorten ongelijk
  4.3		   Digitale technologie: geen handelingsoptie voor het omgaan met lerarentekorten 47        zijn verdeeld en juist scholen met veel sociaal kwetsbare leerlingen het hardst worden
                                                                                                   getroffen. En het schuurt omdat moeilijke en pijnlijke keuzes noodzakelijk zijn. Maar
  Bijlage. Overzicht lerarenbeleid 1993-2023                                             50        we kunnen de ogen niet sluiten voor dit groeiende en scheef verdeelde probleem.
                                                                                                   Daarom verkent de raad in twee richtingen hoe overheid en onderwijs de situatie van
  Geraadpleegd                                                                           53        een aanhoudend lerarentekort door kunnen komen en de schaarste het hoofd kunnen
                                                                                                   bieden: beperking van het onderwijsaanbod en optimalisering van het werk in het
  Literatuur                                                                             55        onderwijs.
                                                                                                   Scholen kunnen dit niet alleen voor elkaar krijgen. Ook omdat het lerarentekort een
                                                                                                   collectief vraagstuk is, leent het zich niet voor een ‘ieder-voor-zich-aanpak’. Bovendien
                                                                                                   zijn er geen gemakkelijke antwoorden of panklare oplossingen. In deze verkenning
                                                                                                   geeft de Onderwijsraad een aantal aanzetten die gezamenlijke doordenking en verdere
                                                                                                   uitwerking vergen. De raad vindt dat principes van solidariteit en een rechtvaardige
                                                                                                   verdeling van de schaarste daarbij centraal horen te staan.
                                                                                                   Edith Hooge        		                 Mirjam van Leeuwen
                                                                                                   voorzitter 			                        secretaris-directeur
4                                                                                           5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>    In het kort
           Ondanks dertig jaar (beleids)inspanningen om meer leraren aan te trekken en te behouden,
           blijven lerarentekorten een probleem. De nood is hoog, zowel nu als de afgelopen jaren,
           en de schaarste aan leraren toont zich hardnekkig. De minister voor Primair en Voortgezet
           Onderwijs heeft de Onderwijsraad gevraagd te doordenken hoe in onderwijs voorzien kan
           worden bij een aanhoudend tekort aan leraren.
           De raad onderstreept allereerst het belang om meer mensen voor het lerarenberoep aan te
           trekken en te behouden. Dit is hard nodig en verdient prioriteit. We moeten alles in het werk
           stellen om te zorgen voor voldoende leraren.
           Omgaan met aanhoudende lerarentekorten betekent aanhoudend streven naar een
           rechtvaardige verdeling van schaarste. Deze collectieve opgave vraagt om handelen vanuit
           het principe van solidariteit. Lerarentekorten mogen niet alleen een probleem zijn van de
           scholen en schoolbesturen die ermee worden geconfronteerd. De raad doet een appel op
           alle betrokkenen om niet van dit vraagstuk weg te kijken maar het samen op te pakken.
           Het vergt solidair handelen van alle scholen en afdelingen binnen een schoolbestuur,
           van alle schoolbesturen, alle lokale overheden in een gemeente of regio en van alle
           onderwijsgebieden en -regio’s in Nederland.
           De lerarentekorten in het primair en voortgezet onderwijs zijn hardnekkig en ongelijk
           verdeeld, grotendeels langs sociaaleconomische lijnen. Dit baart de Onderwijsraad grote
           zorgen, omdat het de kansenongelijkheid in het onderwijs vergroot en daarmee de sociale
           ongelijkheid in de samenleving. In deze verkenning benadrukt de raad daarom dat het
           tegengaan van sociale ongelijkheid moet meewegen bij het inventariseren en afwegen van
           handelingsopties om in onderwijs te voorzien bij aanhoudende lerarentekorten.
           Onderwijs in de knel door aanhoudende lerarentekorten
           Het onderwijs heeft al langere tijd te maken met lerarentekorten. Hierdoor ontstaat
           langdurig veel druk op scholen en komt het onderwijs in de knel. De werkdruk neemt toe en
           er zijn risico’s voor de kwaliteit van het onderwijs en de ontwikkelkansen van vooral sociaal
           kwetsbare leerlingen.
           In 2022 was er in het primair onderwijs een tekort van bijna 10.000 fte. In het voortgezet
           onderwijs is bijna twee derde van de vacatures moeilijk vervulbaar. De lerarentekorten zijn
           overal voelbaar, maar ongelijk verdeeld over scholen, regio’s en vakken. Scholen in de
           vijf grote steden, scholen met een complexe pedagogisch-onderwijskundige opgave, het
           speciaal onderwijs, specifieke vakken in het voortgezet onderwijs, en het vmbo-bk hebben
           te maken met grotere tekorten. De tekorten zullen volgens ramingen niet afnemen en na
           2030 zelfs verder toenemen.
           Het aanhoudende tekort aan leraren maakt dat er onbevoegde leraren voor de klas staan,
           vacatures onvervuld blijven, klassen worden samengevoegd of naar huis gestuurd, of dat
           vakken tijdelijk van het rooster verdwijnen. De hoge werkdruk voor leraren loopt nog verder
           op en leraren-in-opleiding kunnen niet meer voldoende begeleid worden.
           Omgaan met aanhoudende en ongelijk verdeelde tekorten vereist solidariteit
           Als juist sociaal kwetsbare leerlingen harder worden geraakt door het lerarentekort, werkt
           dat als een katalysator voor ongelijke onderwijskansen en sociale ongelijkheid. Want voor
           kinderen uit gezinnen met een relatief weinig bevoorrechte sociaaleconomische positie zijn
           kwalitatief goede scholing en vorming enorm belangrijk. Het maakt groot verschil voor hun
           ontwikkeling en mogelijkheden in de toekomst.
           Lerarentekorten mogen niet alleen een probleem zijn van de scholen en schoolbesturen
           die er daadwerkelijk mee kampen. En de negatieve gevolgen van het lerarentekort mogen
           bepaalde groepen leerlingen en hun ouders niet extra hard raken. De raad doet een appel
           op alle betrokkenen om deze collectieve opgave samen op te pakken en te handelen
           vanuit solidariteit. Er zijn geen kant-en-klare oplossingen, het vraagt om visie, doordachte
           afwegingen en keuzes, en de inzet van de rijksoverheid, gemeenten, schoolbesturen,
           schoolleiders en leraren.
6 7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>  Schoolbesturen en schoolleiders                                                                 Handelingsopties voor omgaan met lerarentekorten
  Omgaan met de lerarentekorten is een collectieve opgave die visie en inspanning vereist         De Onderwijsraad verkent in twee richtingen opties om bij aanhoudende lerarentekorten
  van alle schoolbesturen en -leiders, ook als zij zelf (nog) geen last hebben van de tekorten.   in onderwijs te voorzien. Het ene spoor is beperking van het onderwijsaanbod in inhoud
  Binnen elk schoolbestuur zal samen met schoolleiders en lerarenteams, ander personeel           en tijd, en het tweede spoor een andere organisatie van het werk in scholen en inzet
  en ouders zorgvuldig en met oog voor de eigen context moeten worden gekeken hoe                 van mensen en middelen daarbij. Beide, of combinaties daarvan, moeten het beter
  de schaarste aan leraren zo rechtvaardig mogelijk te verdelen is. Dit vraagt niet alleen        mogelijk maken in onderwijs te voorzien met het beschikbare aantal leraren. Omdat veel
  solidariteit tussen scholen binnen een schoolbestuur, maar ook tussen besturen in               handelingsopties tijd vragen om te worden uitgewerkt en toegepast, is het zaak hiermee zo
  een gemeente of regio, van de gemeenten met scholen en van alle schoolbesturen in               snel mogelijk te beginnen.
  Nederland met elkaar.
                                                                                                  Beperking van onderwijsaanbod
  De lerarentekorten vormen een extra impuls voor bestuurders en schoolleiders om zorg te         Het eerste spoor richt zich op de beperking van het onderwijsaanbod. Dit kan op drie
  dragen voor goed werkgeverschap. Een aantrekkelijk beroep, een veilige werkomgeving,            manieren. Ten eerste kan de rijksoverheid de wettelijke opdracht van scholen beperken.
  prettige werkomstandigheden en goede primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden                  Denk hier aan een vermindering van de onderwijstijd (de wettelijk vastgestelde urennorm
  zijn van belang om leraren aan te trekken en te behouden. De arbeidsvoorwaarden en              voor leerlingen) al dan niet in combinatie met een beperking van de landelijke einddoelen
  werkomgeving op scholen met grote tekorten kunnen gericht versterkt worden om werken            en niveaus. Op het niveau van de school kunnen schoolbestuurders, schoolleiders en
  op deze scholen aantrekkelijker te maken.                                                       leraren scherpere keuzes maken in het onderwijsaanbod. De landelijke kerndoelen en
                                                                                                  eindtermen laten scholen immers veel ruimte het onderwijs in te richten en keuzes te
  Rijksoverheid                                                                                   maken. Dit vergt stevig curriculumbewustzijn van leraren en schoolleiders. Tot slot draagt
  Vooralsnog richten de regie en inzet van de rijksoverheid zich vooral op het werven en          indamming van maatschappelijke verwachtingen ten aanzien van het onderwijs bij aan
  behouden van leraren voor het onderwijs. Dat is cruciaal. Daarnaast zijn ook visie, regie en    beperking van het onderwijsaanbod.
  kaderstelling nodig van de rijksoverheid in de situatie van aanhoudende lerarentekorten.
  Om schoolbesturen en -leiders in staat te stellen de lerarentekorten het hoofd te bieden        Beperking van het onderwijsaanbod op school bij een lerarentekort is alleen zinvol in
  op een manier die past bij hun scholen is structureel toereikende en adequate financiering      combinatie met verlaging van de onderwijstijd voor leerlingen. De lestijd voor leraren wordt
  van de rijksoverheid nodig. De ongelijke verdeling van de lerarentekorten vereist daarnaast     juist niet teruggebracht, of in elk geval in veel mindere mate, zodat het onderwijs aan
  structureel extra middelen voor scholen die kwetsbaar zijn voor die tekorten. De raad           leerlingen kan doorgaan. Dit vergt een aanpassing in de wetgeving die voor langere tijd
  vraagt de rijksoverheid terughoudend te zijn in het toekennen van incidentele middelen          geldt en zorgvuldig doordacht moet worden. De raad geeft vanuit het solidariteitsprincipe
  en van middelen rechtstreeks aan individuele scholen. Dit gaat in tegen het streven             mee dat sociaal kwetsbare groepen ontzien kunnen worden bij een beperking van
  vanuit solidariteit, gezamenlijk en duurzaam, het hoofd te bieden aan aanhoudende               onderwijsaanbod en onderwijstijd.
  lerarentekorten. Daarnaast moet de rijksoverheid terughoudend zijn met extra ambities en
  opgaven voor het onderwijs, zodat leraren kunnen focussen op de kern van hun vak: het           Organisatie van onderwijs op scholen
  geven en ontwikkelen van onderwijs.                                                             Het tweede spoor dat de raad verkent om lerarentekorten het hoofd te bieden, richt zich
                                                                                                  op de organisatie van het werk in het onderwijs en de inzet van mensen en middelen. Het
                                                                                                  centrale idee is: zorg dat leraren aan het werk zijn waar zij het meest nodig zijn, namelijk bij
                                                                                                  het geven en ontwikkelen van onderwijs én op plekken waar het lerarentekort het nijpendst
                                                                                                  is. In de praktijk van de school moet verder worden uitgedacht en uitgewerkt hoe anderen
                                                                                                  (zoals onderwijsassistenten en andere professionals) aan het werk kunnen in de school op
                                                                                                  een manier die het beroep van leraren en onderwijsassistenten aantrekkelijk houdt én helpt
                                                                                                  om lerarentekorten het hoofd te bieden. Als de inzet van andere professionals doordacht
                                                                                                  gebeurt, verkleint dit de risico’s van de lerarentekorten voor de continuïteit van onderwijs.
                                                                                                  Dit vereist wel een duidelijke inhoudelijke visie van schoolleiders en hun bestuurders op
                                                                                                  wie welke delen of aspecten van het onderwijs kan en mag verzorgen, en onder welke
                                                                                                  condities. En het Rijk dient op dit punt voor een helder wettelijk kader te zorgen.
                                                                                                  Vaak wordt de inzet van digitale technologie genoemd om de personeelstekorten
                                                                                                  te ondervangen. Maar de raad ziet dit niet als een optie, omdat de inzet van digitale
                                                                                                  technologie niet maakt dat er minder leraren nodig zijn. Daarbij heeft de inzet van
                                                                                                  (intelligente) digitale technologie negatieve implicaties voor gelijke kansen in onderwijs
                                                                                                  en sociale gelijkheid. Dit vormt voor de raad nog een belangrijke reden dit af te wijzen als
                                                                                                  handelingsoptie om lerarentekorten het hoofd te bieden.
8                                                                                               9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>                                                 1
   aaan
houdende
aleraren
        tekorten
    Onderwijs bij aanhoudende lerarentekorten
    Het onderwijs kampt al langer met lerarentekorten.
    Onderwijs geven komt hierdoor in de knel. De
    vraag hoe met deze situatie om te gaan, staat
    centraal in deze verkenning. Hoe kan bij een
    aanhoudend lerarentekort worden voorzien in
    onderwijs en welke implicaties heeft dat?
11
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>        Het onderwijs op scholen staat onder druk vanwege het tekort aan leraren. Door dit tekort                   Dat leidt tot de volgende verkenningsvraag: Hoe kan bij een aanhoudend lerarentekort
        staan er onbevoegde leraren voor de klas, blijven vacatures onvervuld, worden klassen                       worden voorzien in onderwijs en welke implicaties heeft dat?
        samengevoegd of naar huis gestuurd, kunnen lessen niet doorgaan of verdwijnen sommige
        vakken tijdelijk van het rooster. De hoge werkdruk voor leraren loopt nog verder op en                      Afbakening
        leraren-in-opleiding kunnen vaak niet meer voldoende begeleid worden.                                       De verkenning gaat over het onderwijs aan leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs.
                                                                                                                    In deze sectoren zijn de lerarentekorten aanhoudend het grootst.4 Daarbij verzorgen deze
        Er wordt al langer ingezet op vergroting van het aantal leraren in het onderwijs, bijvoorbeeld              sectoren onderwijs aan leerplichtige kinderen en jongeren. De overheid hoort dit onderwijs
        door zij-instromers te stimuleren en meer studenten naar de lerarenopleidingen te                           kosteloos ter beschikking te stellen en heeft een bijzondere zorg voor de toegankelijkheid en
        trekken. De Onderwijsraad onderstreept het belang om meer mensen aan te trekken en te                       kwaliteit ervan.5
        behouden als leraar. Dit is hard nodig en verdient prioriteit. Alles dient in het werk gesteld
        te worden om te zorgen voor voldoende leraren.                                                              Gezien de krapte op de arbeidsmarkt kampt het onderwijs met meer personeelstekorten. Zo
                                                                                                                    zit het te springen om schoolleiders en ondersteunend personeel. Op deze tekorten is deze
        Maar ondanks alle inspanningen blijken de lerarentekorten vooralsnog hardnekkig. Daarom                     verkenning niet gericht.
        heeft de minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs de Onderwijsraad gevraagd te
        doordenken hoe in onderwijs kan worden voorzien bij aanhoudende lerarentekorten. Welke                      Totstandkoming
        vraagstukken, dilemma’s, belangen en mogelijkheden komen in beeld?                                          Aan deze verkenning ligt een literatuurstudie ten grondslag en zijn in bijeenkomsten en
                                                                                                                    gesprekken leraren, schoolleiders, schoolbestuurders, ouders en andere betrokkenen in
                                                                                                                    het onderwijsveld, wetenschap en samenleving bevraagd. Daarnaast zijn de leden van
   1.1	Doordenking omgang met aanhoudende lerarentekorten                                                          de JongerenOnderwijsraad geraadpleegd. Bovendien heeft de raad gebruikgemaakt
        is noodzakelijk                                                                                             van de vele schriftelijke reacties op de online-oproep ‘Denkt u mee?’. Een overzicht van
                                                                                                                    geraadpleegde literatuur en betrokkenen staat achter in deze verkenning.6
        Ondanks dertig jaar beleid houdt het lerarentekort aan en toont zich hardnekkig.1 Volgens
        de ramingen zal het tekort na 2030 zelfs toenemen, vanwege een structureel krappe
        arbeidsmarkt door vergrijzing in de komende decennia (zie hoofdstuk 2). De Onderwijsraad
        benadrukt dat alles op alles moet worden gezet om te zorgen voor voldoende leraren.
        Dit heeft grote urgentie. Want leraren zijn essentieel om duurzaam in kwalitatief goed
        onderwijs te kunnen voorzien.
        Ondanks alle inspanningen houden de lerarentekorten aan. Dit leidt tot de ongemakkelijke
        vraag wat te doen bij een voortdurende schaarste aan leraren. De Onderwijsraad is
        verzocht te doordenken hoe in onderwijs voorzien kan worden bij een aanhoudend
        lerarentekort. Want de nood is hoog, nu en in de afgelopen jaren, en die schaarste
        toont zich hardnekkig. Ook het Interdepartementaal beleidsonderzoek Sturing op
        Onderwijskwaliteit (IBO) stelt dat de krapte aan onderwijspersoneel al jaren bestaat en
        dat niet goed te voorspellen valt wanneer deze is opgelost – als dit al lukt. Het IBO vindt
        dat naast wenselijke inspanningen om de krapte terug te brengen, sector en overheid er
        goed aan doen uit te vinden hoe ze zich kunnen verhouden tot de krapte.2
        Die vraag is ongemakkelijk, maar onontkoombaar en urgent. De Onderwijsraad zet met
        deze verkenning een eerste stap in het denken over hoe om te gaan met de tekorten.
        De raad verkent een aantal handelingsopties om onderwijs te kunnen verzorgen bij
        aanhoudende lerarentekorten. Welke keuzes vergt dat en wat zijn de implicaties? Elke optie
        heeft consequenties en die doen soms pijn. De raad doet een appel op alle betrokkenen
        hier niet van weg te kijken. Omdat veel maatregelen en handelingsopties tijd vergen om te
        worden uitgewerkt en toegepast, is het zaak hiermee zo snel mogelijk te beginnen.
   1.2	Verkenningsvraag: Hoe kan bij een aanhoudend
        lerarentekort worden voorzien in onderwijs en welke
        implicaties heeft dat?
        Het tekort aan leraren is een omvangrijk, aanhoudend en over vakken, regio’s en
        scholen ongelijk verdeeld probleem met grote impact op het onderwijs. De aanhoudende
        lerarentekorten drukken langdurig zwaar op leraren en schoolleiders, en ook leerlingen en
        hun ouders ondervinden negatieve gevolgen.
                                                                                                                    4	Omdat de tekorten in het middelbaar beroepsonderwijs minder nijpend lijken en zich op een andere
                                                                                                                         manier voordoen, richt de Onderwijsraad zich in deze verkenning op de lerarentekorten in het primair
        De minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs heeft de Onderwijsraad gevraagd te                              en voorgezet onderwijs. Vooralsnog ziet het er volgens het ministerie van OCW naar uit dat voor het
        doordenken hoe in onderwijs kan worden voorzien bij aanhoudende lerarentekorten. Welke                           middelbaar beroepsonderwijs kan worden voorzien in de benodigde docenten. Wel ligt het voor de hand
        vraagstukken, dilemma’s, belangen en mogelijkheden komen in beeld als er structureel                             dat er parallellen met het voortgezet onderwijs optreden en er sprake zal zijn van tekorten bij de vakken
                                                                                                                         Nederlands en informatica. Deze worden zowel op het voortgezet onderwijs als op het middelbaar
        minder personeel in het onderwijs is?3                                                                           beroepsonderwijs gegeven. Analoog hieraan zullen de tekorten die voor bètavakken spelen, waarschijnlijk
                                                                                                                         ook hun weerslag hebben op technische vakken in het middelbaar beroepsonderwijs. En gezien de
                                                                                                                         tekorten die momenteel spelen in bijna alle sectoren van het bedrijfsleven, zal ook dit laatste effect
                                                                                                                         hebben op de tekorten in de beroepsgerichte vakken in het middelbaar beroepsonderwijs (Ministerie van
                                                                                                                         Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022a).
                                                                                                                    5    Onderwijsraad, 2021c.
        1	Bij het gebruik van de term leraren in deze verkenning worden steeds bevoegde leraren bedoeld, tenzij    6	Naast de betrokkenen in de lijst achter in de verkenning is gesproken met en meegedacht door studenten
            expliciet anders vermeld.                                                                                    die deelnemen aan de cursus ‘Beleid en bestuur in het onderwijs’ van de opleiding Pedagogische en
        2   Interdepartementaal beleidsonderzoek Sturing op Onderwijskwaliteit, 2023.                                    Onderwijswetenschappen aan de EUR, studenten aan de Universitaire Pabo van Amsterdam en aan de
12      3   Onderwijsraad, 2022a.                                                                                13      Executive Master of Management in Education van de TIAS School for Business and Society.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>                                                 2
   onder
					 wijs
    in de
               knel
    Onderwijs in de knel door aanhoudende
    lerarentekorten
    Het onderwijs kampt al langer met lerarentekorten.
    Deze tekorten zijn omvangrijk, hardnekkig en
    ongelijk verdeeld. Daarnaast zijn ze de komende
    jaren ingebed in een structureel krappe arbeids­
    markt. Het onderwijs komt hierdoor in de knel.
15
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>       Nederland kampt al lang met lerarentekorten – soms meer, soms minder. Ondanks veel                                      daling van het leerlingenaantal leidt normaal gesproken tot een verminderde vraag naar
       beleidsinspanningen blijken ze hardnekkig. Ze zijn omvangrijk, overal voelbaar, maar                                    leraren. Een grote uitstroom van leraren vanwege pensioen (vergrijzing) leidt tot extra
       ongelijk verdeeld tussen scholen, regio’s en vakken. De komende decennia zijn de                                        vraag naar leraren om oudere collega’s te vervangen. Deze langetermijntrends zijn goed
       lerarentekorten ingebed in een structureel krappe arbeidsmarkt. Dit alles zet veel druk op                              te voorzien, waardoor overheid en werkgevers daarop kunnen anticiperen.17
       het onderwijs in scholen.
                                                                                                                               Andere factoren die vraag en aanbod beïnvloeden, laten zich minder goed voorspellen.
                                                                                                                               Zo zijn leraren in perioden van economische hoogconjunctuur eerder geneigd een baan
   2.1 Lerarentekorten zijn omvangrijk en hardnekkig                                                                           buiten het onderwijs te zoeken. In perioden van laagconjunctuur zien werknemers juist de
                                                                                                                               baanzekerheid in het onderwijs als aantrekkelijk. Dat oudere leraren in de economische crisis
       Naast de gezondheidszorg is er waarschijnlijk geen andere sector waar zo veel zorgen                                    van 2008 langer doorwerkten, was bijvoorbeeld een belangrijke reden dat de voorspelde
       bestaan over personeelstekorten als het onderwijs. In beide wordt regelmatig de noodklok                                lerarentekorten pas later optraden. Door de relatief hoge werkloosheid na 2008 had het
       geluid.7 Het onderwijs gaat al langer gebukt onder een tekort aan leraren in het primair                                onderwijs voldoende aanbod van leraren. Er ontstond, vooral in het primair onderwijs, zelfs
       en voortgezet onderwijs. We spreken van een tekort als er minder bevoegde leraren                                       werkloosheid onder jonge leraren. Het sectorplan van 2014-2016 bevatte wel stappen om
       beschikbaar zijn (aanbod op de arbeidsmarkt) dan het gewenste aantal bevoegde leraren                                   die jonge leraren te behouden voor het onderwijs. Er was toen namelijk al zicht op een grote
       om het onderwijs mee vorm te geven (vraag naar leraren op de arbeidsmarkt).8 De                                         krapte op de onderwijsarbeidsmarkt door de verwachte uitstroom van oudere leraren.18
       lerarentekorten zijn omvangrijk, hardnekkig en ongelijk verdeeld over scholen, regio’s en
       vakken.                                                                                                                 Lerarentekorten in het primair onderwijs
                                                                                                                               Om de huidige tekorten in beeld te brengen, wordt in de G5 (de vijf grote steden:
       Lerarentekorten in de afgelopen dertig jaar                                                                             Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Almere) al meerdere jaren onderzoek
       Er is de laatste dertig jaar veel beleid gevoerd en aandacht geweest voor het beroep van                                gedaan naar de actuele tekorten bij scholen in het primair onderwijs. In 2021 gebeurde
       leraren en de lerarentekorten.9 Regelmatig verschenen er beleidsnota’s en actieplannen                                  dat voor het eerst bij álle scholen in Nederland en in 2022 is dit herhaald. Op basis van de
       waarin het lerarenbeleid voor een komende periode werd vastgelegd: Vitaal leraarschap                                   metingen is vervolgens een schatting gemaakt van de totale landelijke tekorten voor het
       in 1993, Maatwerk voor morgen in 1996, Actieplan LeerKracht van Nederland in 2007                                       primair onderwijs. Tabel 1 toont de resultaten van de schatting van de tekorten.
       en de Lerarenagenda 2013-2020 in 2013.10 De thema’s in deze nota’s en actieplannen
       weerspiegelen de gepercipieerde problemen en vraagstukken rondom het leraarschap                            Tabel 1. Schatting lerarentekorten in het primair onderwijs, meting 2021 en 2022.19
       door de tijd heen. Sommige thema’s keren steeds terug; het lerarentekort is er één
       van.11 Vanwege de snel oplopende tekorten heeft het kabinet in 2017 in aanvulling op de
                                                                                                                                                                                                 Aantal fte in 2021                 Aantal fte in 2022
       Lerarenagenda een plan van aanpak lerarentekort opgesteld met daarin zes actielijnen:
       in-, door- en uitstroom; zij-instroom; behoud van leraren; stille reserve; beloning en                       Schatting tekort leraren regulier                                                            5900                             6200
       carrièreperspectief; en anders organiseren. In 2019 volgde de Regionale Aanpak
       Lerarentekorten 2019 (RAL) en in 2020 kwamen het rapport van Merel van Vroonhoven                            Schatting tekort langdurige vervangers                                                       3200                             3500
       (Onafhankelijk Aanjager ‘Aanpak Lerarentekort’) en de Regionale Aanpak Personeelstekort
       2020-2022 uit. Als laatste verscheen in december 2022 Kinderen eerst van de                                  Totaal                                                                                        9100                            9700
       kwartiermaker onderwijs Lodewijk Asscher.12
                                                                                                                    Als % van de totale werkgelegenheid leraren                                                   9,1%                            9,5%
       Binnen het lerarenbeleid is vaak een spanning zichtbaar tussen enerzijds ambities
       voor meer kwaliteit van de leraar en anderzijds de noodzaak van meer instroom in de
       opleidingen en in het beroep.13 Zo zijn de toelatingseisen voor de pabo aanvankelijk                                    Dit zijn de belangrijkste bevindingen voor het primair onderwijs in 2022.
       aangescherpt en zijn er voornemens en experimenten om de kwaliteitseisen weer af                                        • De G5 hebben een groter lerarentekort dan de rest van Nederland. In de G5 is
       te zwakken.14 Eenzelfde spanning tussen instroombevorderende maatregelen en het                                              het totale tekort 15,2%, in de rest van Nederland 8,5%. In de gebieden rond de
       garanderen van kwalitatief hoogwaardig personeel is te zien bij de zij-instroom. Door de                                     grote steden is het tekort ook hoger dan gemiddeld.
       toenemende focus op de groeiende lerarentekorten is met enig succes ingezet op zij-                                     • Beide genoemde percentages zijn iets hoger dan 2021.
       instroom. Vooral in het basisonderwijs is op dit vlak substantiële groei gerealiseerd die de                            • Er is géén arbeidsmarktregio in Nederland zonder lerarentekort.
       lerarentekorten afvlakt, maar niet heeft weggenomen. De kwaliteit van de zij-instroom lijkt                             • In de G5 heeft 11% van de vestigingen geen lerarentekort. Buiten de G5 is dat
       evenwel onvoldoende gegarandeerd, zeker als beginnend beroepsbeoefenaar.15 Het blijkt                                        37% van de scholen.
       ook lastig te bepalen hoe effectief het beleid en de maatregelen zijn om lerarentekorten te                             • Het speciaal basisonderwijs heeft gemiddeld grotere tekorten dan het basisonderwijs
       verhelpen. Oorzaak-gevolgrelaties zijn niet zomaar helder en lessen uit het beleid blijven                                   en het (voortgezet) speciaal onderwijs.
       vaak verborgen, omdat adequate beleidsevaluatie ontbreekt.16                                                            • Hoe groter de complexiteit van de leerlingenpopulatie, des te hoger ook gemiddeld
                                                                                                                                    het tekort aan leraren op die school is.20
       Eerst wisselden perioden met en zonder tekorten elkaar af
       In de afgelopen dertig jaar wisselden perioden met lerarentekorten af met jaren van                                     De tekorten worden ook geraamd met een model (zie het tekstkader hierna). In de
       werkloosheid in de beroepsgroep. Dit werd veroorzaakt door veranderingen in vraag                                       ramingen dalen de voorspelde tekorten tot en met 2024, om daarna een aantal jaar vrij
       en aanbod.                                                                                                              stabiel te blijven en op langere termijn (vanaf 2030) te stijgen tot een hoger niveau dan in
                                                                                                                               2022. De tijdelijke daling wordt verwacht vanwege het gelijktrekken van de salarissen in het
       Voor de lange termijn zijn vooral de demografische ontwikkelingen relevant, namelijk de                                 primair en het voortgezet onderwijs, waardoor werken op een basisschool aantrekkelijker
       toe-/afname van het leerlingenaantal en de leeftijdsopbouw van de lerarenpopulatie. Een                                 is geworden. Daarnaast is het de verwachting dat leraren er minder vaak voor zullen
                                                                                                                               kiezen om een lager aantal uur per week te gaan werken. In deze raming is geen rekening
                                                                                                                               gehouden met de inzet van extra middelen zoals uit het Nationaal Programma Onderwijs
                                                                                                                               (NPO). Indien de inzet van extra middelen leidt tot extra vraag naar leraren, kan dit de
       7    Cörvers & Van der Meer, 2018.                                                                                      verwachte aanvankelijke daling van de lerarentekorten in de ramingen teniet doen.21
       8    Ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap, 2022a.
       9	Zie de bijlage voor een overzicht, en Cörvers & Van der Meer, 2018; Van der Aa & Van der Ploeg, 2018;
            Van der Meer, Cörvers & Van der Aa, 2023a; Van der Meer, Van der Aa, Wisse & Cörvers, 2023b.
       10 Cörvers & Van der Meer, 2018; en Van der Aa & Van der Ploeg, 2018.
       11 Ibid.                                                                                                                17 Cörvers & Van der Meer, 2018; Van der Aa & Van der Ploeg, 2018.
       12 Ibid; Van der Meer e.a., 2023a en 2023b. In samenhang met het rapport Kinderen eerst heeft het                       18 Van der Aa & Van der Ploeg, 2018.
            ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap beleid gepresenteerd in de Kamerbrief van                          19	Deze tabel is samengesteld op basis van informatie uit Adriaens, Elshout, Elshout & De Cock, 2021;
            december 2022, Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022a.                                                  Adriaens, Elshout & Elshout, 2022a. De afkorting fte staat voor fulltime equivalent en is de rekeneenheid
       13 Van der Meer e.a. 2023b.                                                                                                  waarmee de personeelssterkte of de omvang van een betrekking wordt uitgedrukt. 1 fte staat voor één
       14 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2021.                                                                    voltijdsbaan.
       15 Van der Meer e.a. 2023b.                                                                                             20 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b.
16     16 Ibid. Zie ook Onderwijsraad, 2018a.                                                                   17             21 Adriaens, De Vos & Guimarães, 2022b.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>   Ramingen lerarentekorten                                                                                               Lerarentekorten in het voortgezet onderwijs
   Elk jaar wordt een raming gemaakt van de lerarentekorten in het primair onderwijs, het                                 Ook in het voortgezet onderwijs neemt de arbeidsmarktkrapte toe (zie tabel 2). Het aantal
   voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs. Bij deze prognoses wordt                                      vacatures voor leraren voortgezet onderwijs dat het afgelopen jaar op internet werd
   gebruik gemaakt van het model Mirror. Voor de raming in 2022 is daarbij gewerkt met de                                 gevonden, is flink hoger dan het jaar daarvoor. Vermoedelijk heeft de stijging te maken met
   meest recent beschikbare gegevens, waaronder referentieraming 2022 van het ministerie                                  toenemende tekorten.
   van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, formatiegegevens over het onderwijspersoneel
   tot en met 1 oktober 2021, en de Macro Economische Verkenningen (MEV) van het                              Tabel 2. Beeld van de lerarentekorten in het voortgezet onderwijs 2021 en 2022.26
   Centraal Planbureau van september 2022. Met de MEV zijn de verwachte effecten van
   de coronacrisis voor 2022 en 2023 meegenomen via de conjunctuurontwikkeling.22
                                                                                                                                                                                                           2021                         2022
   De coronacrisis zal ongetwijfeld effect hebben op de arbeidsmarkt voor onderwijs­                           Aandeel vacatures met respons van minder dan 5 kandidaten                                   43%                          73%
   personeel. Met slechts één jaar data is nu echter lastig in te schatten welke structurele
   veranderingen in arbeidsmarktgedrag en -omvang zullen optreden. Het verrekenen van                          Aandeel vacatures dat na 3 maanden niet vervuld is                                            9%                         26%
   de coronacrisis in de arbeidsmarktramingen beperkt zich daarom noodgedwongen tot
   de invloed van de conjunctuur (via de MEV) op de ramingen. Van andere effecten van de                       Aandeel vacatures dat scholen als moeilijk vervulbaar aanduiden                              37%                         62%
   coronacrisis op arbeidsmarktstromen zijn nog te beperkt gegevens beschikbaar. Daarom
   worden daarover in de ramingen geen kwantitatieve uitspraken gedaan. Dit geldt ook voor
   de effecten van de hoge inflatie en de oorlog in Oekraïne. Momenteel leidt de instroom van                             De lerarentekorten in het voortgezet onderwijs zijn niet altijd direct zichtbaar. Zogeheten
   vluchtelingen uit Oekraïne in bijvoorbeeld Amsterdam en Den Haag tot extra vraag naar                                  verborgen tekorten ontstaan bijvoorbeeld als vakken tijdelijk uitvallen of als een vak minder
   leraren, maar de duur en omvang van deze extra vraag zijn nog niet in te schatten.23                                   uren wordt aangeboden. Waarschijnlijk worden vakken als informatica soms helemaal niet
                                                                                                                          aangeboden vanwege het tekort aan leraren voor dat vak. En waarschijnlijk wordt soms
                                                                                                                          aan een grotere groep leerlingen les gegeven dan in een situatie waarin voldoende leraren
           Leerling-leraarratio in het primair onderwijs                                                                  beschikbaar zouden zijn. Er is ook sprake van verborgen tekorten als lessen worden gegeven
           Waar de leerlingenaantallen in het primair onderwijs tussen 2017 en 2021 licht zijn                            door onbevoegde leraren. De vacatures zijn dan vervuld, maar niet door een bevoegde leraar.
           gedaald, loopt het aantal fte aan onderwijsgevend personeel werkzaam in het primair
           onderwijs juist iets op. Die toename in werkzaam onderwijsgevend personeel in fte is                           Ramingen voortgezet onderwijs
           ook zichtbaar bij onderwijsondersteunend personeel. Dalende leerlingenaantallen gaan                           Ook voor het voortgezet onderwijs worden ramingen gemaakt van de lerarentekorten.
           gepaard met de verwachting dat ook de hoeveelheid personeel dat werkzaam is in het                             Hier wordt voor 2027 een tekort verwacht van 2143 fte (voltijds banen).27 Het beeld van de
           onderwijs daalt. Dit is echter niet het geval. Een belangrijke verklaring voor het feit dat het                lerarentekorten in de ramingen van de afgelopen jaren is redelijk consistent. Elk jaar worden
           aantal werkzame leraren toch licht stijgt, zijn de werkdrukmiddelen en de NPO-middelen.24                      landelijk tekorten voorspeld voor de vakken wiskunde, natuurkunde, scheikunde, informatica
           Op veel plaatsen zijn deze gelden (deels) ingezet om extra leraren aan te trekken. Maar                        en klassieke talen. Daarna volgen Duits en Frans als tekortvakken. Het tekort bij Nederlands
           dat is niet overal gelukt. De scholen in de G5 hebben daar meer moeite mee vanwege                             lijkt na 2027 af te nemen, maar omdat het een omvangrijk vak is, zal dit in aantallen toch een
           het tekort aan leraren in hun gebied.                                                                          probleem blijven.28 Voor het voortgezet onderwijs gold altijd dat de lerarentekorten regionaal
                                                                                                                          niet erg verschilden. Dat lijkt echter te veranderen. Voor 2027 en zeker 2032 lijkt er in het
           Als het aantal leraren stijgt en het aantal leerlingen daalt, zakt dientengevolge de                           oosten van het land minder vacaturedruk te zijn. De hoogste vacaturedruk lijkt in 2032 in de
           leerling-leraarratio (zie het tekstkader hierna). Wanneer de daling van de gemiddelde                          Randstad te liggen.29
           leerling-leraarratio doorzet, ontstaat er meer werkgelegenheid dan geraamd en vallen
           de lerarentekorten waarschijnlijk nog groter uit.25                                                            Leerling-leraarratio in het voortgezet onderwijs
                                                                                                                          De leerling-leraarratio in het voortgezet onderwijs is de laatste vijf jaar gedaald. Oftewel:
                                                                                                                          per leerling is er meer fte leraar. Dit kan deels komen door de dalende leerlingaantallen,
   Leerling-leraarratio toegelicht                                                                                        waarbij de scholen deze niet volledig hebben vertaald in kleinere fte’s voor leraren. In de
   De leerling-leraarratio geeft de verhouding weer tussen het totaal aantal leerlingen in het                            grote steden was die daling in leerlingenaantallen kleiner of niet aanwezig, waardoor de
   primair of voortgezet onderwijs en het aantal leraren (uitgedrukt in fte, leraren met een                              gemiddelde ratio daar nu hoger ligt dan in de rest van Nederland. Ook in het voortgezet
   voltijds baan). De leerling-leraarratio geeft hierdoor een beeld van het aantal leerlingen                             onderwijs zijn er daarnaast de werkdrukmiddelen en de NPO-middelen en is het dus
   per fte leraar in het onderwijs.                                                                                       mogelijk extra personeel aan te nemen en is het gemakkelijker personeel te behouden bij
                                                                                                                          dalende leerlingenaantallen.30 De cijfers laten zien dat het onderwijsgevend personeel in het
   				                                    aantal leerlingen                                                              voortgezet onderwijs de laatste twee jaar licht stijgt.31 Omdat de ramingen over toekomstige
   		 Leerling-leraarratio =                                                                                              tekorten geen rekening houden met een dalende leerling-leraarratio, is de kans groot dat de
   				                                    aantal fte leraren                                                             toekomstige tekorten groter zullen zijn dan nu geraamd wordt.32 Verder wordt in de ramingen
                                                                                                                          verwacht dat door verschillen in de ontwikkeling van leerlingenaantallen de tekorten in de
   Een daling van de leerling-leraarratio betekent dat er meer leraartijd per leerling is. Een                            grote steden groter zullen zijn dan in de rest van Nederland.33
   lagere ratio hoeft niet te betekenen dat klassen of lesgroepen ook kleiner zijn geworden.
   Als een extra leraar wordt ingezet op coördinerende taken, of om individuele leerlingen of                             In- en uitstroom lerarenberoep
   startende leraren te begeleiden, leidt de extra fte niet tot kleinere klassen of groepen.                              In zowel het primair als het voortgezet onderwijs zijn de afgelopen jaren relatief veel oudere
                                                                                                                          leraren met pensioen gegaan. Daartegenover stond weinig nieuwe aanwas vanuit de
                                                                                                                          lerarenopleidingen, waardoor de lerarentekorten zijn gestegen. Op de pabo na is op bijna
                                                                                                                          alle typen lerarenopleidingen de instroom lager dan tien jaar geleden.34 Zie figuur 1.
                                                                                                                          26	Deze tabel is samengesteld op basis van informatie uit Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
                                                                                                                               2022b.
                                                                                                                          27	Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b. Dit is inclusief het starttekort van de onbevoegd
                                                                                                                               gegeven lessen.
                                                                                                                          28 Adriaens e.a., 2022b.
                                                                                                                          29 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b.
                                                                                                                          30 Ibid.
           22  Ibid.                                                                                                      31	Zie https://www.ocwincijfers.nl/sectoren/voortgezet-onderwijs/personeel/personeel-voortgezet-onderwijs
           23  Ibid.                                                                                                      32 Adriaens e.a., 2022b.
           24  Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b.                                                    33 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b.
18         25  Adriaens e.a., 2022b.                                                                       19             34 Inspectie van het Onderwijs, 2023.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>   Figuur 1. Instroom eerstejaars in opleidingen voor leraar 2012-2021.35                                                2.2	Lerarentekorten zijn bijna overal voelbaar maar
                                                                                                                              ongelijk verdeeld
                     hbo primair onderwijs (pabo)                wo primair onderwijs (PWPO)      hbo tweedegraads
                     hbo eerstegraads                            wo eerstegraads (ULO)                                        De lerarentekorten in het onderwijs zijn een nationaal probleem maar lokaal ongelijk
                                                                                                                              verdeeld. Vooral scholen in het westen van het land hebben een groot tekort aan leraren. In
   10.000                                                                                                                     de grote steden leidt het lerarentekort tot zulke grote problemen dat op lokaal niveau gericht
    9.000                                                                                                                     beleid wordt gevoerd om bijvoorbeeld meer leraren naar de stad te trekken, en onbevoegde
                                                                                                                              professionals voor de klas te zetten.40 Maar ook scholen in de meer landelijke gebieden en in
    8.000                                                                                                                     kleinere steden hebben te maken met het lerarentekort en vinden niet of maar moeizaam de
                                                                                                                7.679
                                                                                                                              benodigde leraren. Schoolbesturen werken ook op regionaal niveau samen met bijvoorbeeld
    7.000
                                                                                                                6.565         lerarenopleidingen om onder andere meer leraren naar de regio en meer mensen naar het
    6.000                                                                                                                     onderwijs toe te trekken.
    5.000
                                                                                                                              Voorkeuren van leraren voor bepaalde scholen hebben invloed op de verdeling van de
    4.000                                                                                                                     tekorten.
    3.000                                                                                                                     Sortering van leraren in het primair onderwijs in relatie tot lerarentekorten
                                                                                                                2.670
    2.000                                                                                                                     Uit onderzoek blijkt dat scholen in het primair onderwijs met een groter aandeel leerlingen
                                                                                                                              met universitair opgeleide ouders een hoger percentage leraren met een masterdiploma
    1.000                                                                                                       925           in dienst hebben. En op scholen met een groter aandeel leerlingen met een niet-westerse
                                                                                                                              migratieachtergrond werken meer leraren met een niet-westerse migratieachtergrond.
        0                                                                                                        46
                                                                                                                              Deze patronen zijn vooral uitgesproken in stedelijke gebieden.41
               2012       2013         2014        2015       2016       2017       2018     2019  2020      2021
                                                                                                                              Wat zorgen baart is dat de lerarentekorten zich vooral laten gelden op scholen met veel
                                                                                                                              sociaal kwetsbare leerlingen. Zo lijkt het alsof met name in de vier grote steden (Den Haag,
                Daarbij neemt de instroom in de talen en de exacte vakken af, terwijl de lerarentekorten daar                 Utrecht, Rotterdam en Amsterdam, de G4), jonge leraren vaker kiezen voor scholen met een
                juist groot zijn. Verder zien de tweedegraads lerarenopleidingen en de pabo’s veel studenten                  kleiner aandeel leerlingen met laagopgeleide ouders en een kleiner aandeel leerlingen met
                uitvallen of naar een andere studie uitwijken in het eerste jaar.36                                           een migratieachtergrond.42
                Het aandeel afgestudeerden van de lerarenopleidingen dat na een aantal jaar werkzaam is                       In de vier grote steden switchen leraren iets vaker van school als ze werken op een school
                in het onderwijs, laat een stijgende trend zien. Zie het tekstkader hieronder.                                met een relatief hoog percentage gewichtleerlingen.43 Wanneer leraren switchen, doen ze dit
                                                                                                                              steeds vaker naar een andere school in plaats van een andere beroepssector. Ze stappen
                                                                                                                              over naar scholen met een hoger percentage leerlingen met hoogopgeleide ouders, een
       Meer leraren blijven behouden voor het onderwijs na hun afstuderen                                                     lager gemiddeld schoolgewicht en een hogere gemiddelde citoscore.44 Dit komt overeen met
       Waar van de groep gediplomeerde pabo-studenten van 2015 76% na één jaar werkzaam                                       andere bevindingen: scholen in het primair onderwijs met complexere leerlingenpopulaties
       was in het onderwijs, is dit bij de gediplomeerden van 2022 gestegen naar 90%. Ook het                                 (een hogere schoolweging) hebben een groter lerarentekort dan die met een gemiddelde of
       beroepsbehoud op de iets langere termijn neemt toe. Van de groep gediplomeerden in                                     lage schoolweging.45
       2012 was 77% na vijf jaar werkzaam in het onderwijs. Bij het cohort 2016 is dit gestegen
       naar 85%. Ook de afgestudeerden van de tweedegraads lerarenopleidingen werken in de                                    Ook lijken leraren zich te bewegen van scholen binnen de G5 naar scholen buiten de G5.
       eerste jaren erna steeds vaker in de onderwijssector. Van de afgestudeerden in 2015 was                                Tussen 2017 en 2021 is er 1270 fte aan leraren in het primair onderwijs méér vanuit de G5
       65% na een jaar werkzaam in het onderwijs, van het cohort 2020 was dit 75%. Het behoud                                 overgestapt naar een school buiten de G5 dan omgekeerd. Dit vertrekoverschot nam in de
       na vijf jaar is gestegen van 65% (afgestudeerd in 2012) naar 70% (afgestudeerd in 2016).                               loop van de tijd wel af, van 417 fte in 2017-2018 naar 205 in 2020-2021.46
       Beginnende leraren vallen dus minder vaak uit dan voorheen. 37
                                                                                                                              Ongelijke verdeling van lerarentekorten in het primair onderwijs
       Dit blijkt ook uit een analyse van de uitval van jonge starters (jonger dan 29 jaar). Hier is                          Slechts 11% van de vestigingen in het primair onderwijs in de G5 zegt geen tekorten te
       duidelijk te zien dat jonge leraren in het primair onderwijs daar steeds vaker blijven. In het                         hebben. Buiten de G5 geeft 37% van de scholen aan geen tekorten te hebben.47 Daarnaast
       voortgezet onderwijs ligt de uitval vrij constant rond de 20%.38                                                       is het tekort aan personeel groter naarmate basisscholen een hogere schoolweging hebben.
                                                                                                                              Scholen in het primair onderwijs met een complexere leerlingenpopulatie hebben grotere
                                                                                                                              lerarentekorten dan scholen met een gemiddelde of lage schoolweging.48 Daarmee staat
                Bij de uiteindelijke keuze om als leraar te gaan werken, spelen de baanmogelijkheden buiten                   de eerste groep scholen voor een complexe pedagogisch-onderwijskundige opgave. De
                het onderwijs ook een rol. Het gaat hier om welke alternatieve banen mogelijk zijn voor                       lerarentekorten zijn ook groter op ‘zeer zwakke’ scholen (score Onderwijsinspectie) en in het
                potentiële leraren. Dit is deels afhankelijk van hun opleiding. Leraren in het eerstegraadsveld               speciaal basis- en het voortgezet speciaal onderwijs.49
                met bijvoorbeeld een universitaire opleiding scheikunde of Nederlands hebben waarschijnlijk
                meer alternatieven, bijvoorbeeld banen in het bedrijfsleven, dan een leraar met een
                pabo-opleiding, omdat dit traject vooral op het vak van leraar basisonderwijs is gericht.39
                Daarnaast zijn er voor alle leraren waarschijnlijk meer alternatieve baanmogelijkheden als                    40	Zie https://www.amsterdam.nl/sociaaldomein/onderwijs-leerplicht/aanpak-lerarentekort/;
                de arbeidsmarkt krap is. Aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden (waaronder het salaris), het                           https://www.parool.nl/nieuws/klassiek-onderwijs-met-vaste-leraar-voor-de-klas-verdwijnt-in-
                                                                                                                                  amsterdam~b1f6353c/
                imago van het beroep en het loopbaanperspectief blijven dus belangrijk om leraren naar het                    41 Prokic-Breuer, Vermeulen & De Wolf, 2023b.
                onderwijs te leiden.                                                                                          42 Ibid.
                                                                                                                              43	Voor ‘gewichtleerlingen’ ontvangt de school extra middelen om onderwijsachterstanden aan te pakken. Tot
                                                                                                                                  en met het schooljaar 2018/2019 bepaalde het opleidingsniveau van ouders/verzorgers het zogenoemde
                                                                                                                                  leerlingengewicht.
                                                                                                                              44 Prokic-Breuer e.a., 2023a.
                                                                                                                              45 Inspectie van het Onderwijs, 2023.
                                                                                                                              46 Ibid.
                                                                                                                              47 Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b; Adriaens, Elshout & Elshout, 2022a.
                35  Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b.                                                   48	Adriaens e.a., 2022a. Schoolweging is een maat voor de complexiteit van een school zoals berekend
                36  Inspectie van het Onderwijs, 2023.                                                                            door het Centraal Bureau voor de Statistiek op basis van achtergrondkenmerken van de leerlingen, die
                37  Ibid.                                                                                                         rekening houdt met het risico op onderwijsachterstanden. Daarbij geldt: hoe hoger de schoolweging, des
                38  Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2022b.                                                       te complexer de leerlingenpopulatie is.
20              39  Centraal Planbureau, 2013.                                                                        21      49 Inspectie van het Onderwijs, 2022.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>             Lerarentekorten in het voortgezet onderwijs in drie grote steden                                                leeftijdsverdeling en de omvang van de Nederlandse bevolking.57 De positieve effecten van
             In Amsterdam, Rotterdam en Den Haag is een pilotonderzoek uitgevoerd waarbij                                    de bevolkingsgroei en toenemende arbeidsparticipatie op de beroepsbevolking zijn op een
             personeelstekorten worden gemeten bij alle vestigingen in het voortgezet onderwijs in die                       gegeven moment uitgewerkt. Veranderingen in de leeftijdsverdeling (vergrijzing) hebben
             steden op 1 oktober 2022. Dit gebeurt om inzicht te krijgen in de tekorten en te komen tot                      een neerwaarts effect op de ontwikkeling van de beroepsbevolking. Dit alles leidt ertoe dat
             een methodiek voor een structurele landelijke meting.50 Uit de pilotmeting blijkt over het                      de groei van de beroepsbevolking sterk terugloopt en zelfs verandert in krimp, terwijl de
             algemeen dat de tekorten in het tweedegraads veld hoger zijn dan in het eerstegraads veld.                      totale bevolking de komende decennia nog groeit.
             De tekorten zijn het hoogst bij vmbo-bk. Zie voor meer informatie het tekstkader hierna.
                                                                                                                             Mantelzorg, deeltijdwerk en de arbeidsmarkt
                                                                                                                             Er wordt in Nederland, zeker door vrouwen, relatief veel in deeltijd gewerkt. Momenteel
     Lerarentekorten in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag beter in beeld                                                      wordt volop geprobeerd voltijdswerken te bevorderen. De deeltijdcultuur hangt niet
     De lerarentekorten in het voortgezet onderwijs beslaan ongeveer 7% van de                                               alleen samen met de zorg voor kinderen maar ook met hoe werkgevers het werk hebben
     werkgelegenheid in Amsterdam en Rotterdam en 5,5% in Den Haag. De tekorten bestaan                                      georganiseerd en de wensen en plichten die mensen hebben in hun leven, bijvoorbeeld
     voor 30-40% uit openstaande vacatures en voor 60-70% uit verborgen tekorten.51                                          vanuit mantelzorg voor ouders. Het is dan ook de vraag of de deeltijdcultuur op korte
                                                                                                                             termijn zo verandert dat de tekorten op de arbeidsmarkt echt afvlakken.58
     De tekorten zijn het hoogst bij vmbo-bk en het laagst bij het praktijkonderwijs. De tekorten
     in het voortgezet onderwijs zijn kleiner dan die in het primair onderwijs (Amsterdam 17,6%,                             Deeltijdwerk en het beleid daaromtrent zijn zeker in het primair onderwijs een
     Den Haag 17,3%, Rotterdam 11,3%), maar ze zijn geconcentreerd bij een aantal vakken.                                    aandachtspunt vanwege het grote aandeel parttime werkende vrouwen.59 Wanneer mensen
     De grootste tekorten zijn gemeten bij techniek (20,5%), NaSk (combinatie natuur- en                                     – veelal vrouwen – bijvoorbeeld de zorg voor kinderen of ouders niet kunnen combineren
     scheikunde, 10,8%), informatica (10,3%), Duits (10,2%), economie (10,2%), Nederlands                                    met hun baan, zullen zij minder gaan werken of er helemaal mee stoppen.60
     (9,9%), natuurkunde (9,7%), wiskunde (8,5%) en de beroepsgerichte vakken vmbo (7,4%).52
                                                                                                                             Door de tekorten in de kinderopvang bestaat bijvoorbeeld de kans dat mensen de zorg
                                                                                                                             voor (klein)kinderen vaker met werk moeten combineren.61 Daarnaast is het de verwachting
             Het tekort aan leraren kan sociale ongelijkheid vergroten, omdat het tekort groter is op                        dat bij ongewijzigd beleid de vergrijzing ertoe leidt dat de vraag naar mantelzorg in
             scholen met veel leerlingen met een lagere sociaaleconomische status (SES) dan op                               2040 70% hoger ligt dan in 2020. Dit moet steeds meer door werkende mensen worden
             scholen met een hogere SES-populatie.53 Dat scholen met relatief veel sociaal kwetsbare                         opgevangen.62 Dat is dezelfde groep op wie in een krappe arbeidsmarkt veel druk wordt
             leerlingen meer moeite hebben om voldoende leraren aan te trekken, maakt dat een                                uitgeoefend.
             aanhoudend lerarentekort werkt als een katalysator voor ongelijke onderwijskansen
             en sociale ongelijkheid. Want juist voor kinderen uit gezinnen met een relatief weinig
             bevoorrechte sociaaleconomische positie zijn kwalitatief goede scholing en vorming                          2.4 Lerarentekorten zetten het onderwijs onder druk
             enorm belangrijk. Het maakt groot verschil voor hun ontwikkeling en mogelijkheden
             in de toekomst.                                                                                                 Aanhoudende lerarentekorten zetten de kwaliteit van onderwijs onder druk. Leraren zijn de
                                                                                                                             belangrijkste kwaliteitsfactor in het onderwijs. Er liggen veel verantwoordelijkheden op hun
                                                                                                                             schouders. De tekorten vergroten de werkdruk. De lerarentekorten worden daarom gezien
   2.3	Lerarentekorten zijn ingebed in structureel krappe                                                                   als misschien wel de grootste opgave waarvoor het onderwijs staat.63
             arbeidsmarkt                                                                                                    Een tekort aan leraren bedreigt de kwaliteit van het onderwijs en daarmee de
                                                                                                                             mogelijkheden van kinderen en jongeren om te leren en zich te ontwikkelen. Want de
             Op de arbeidsmarkt bestaat niet alleen een tekort aan leraren. Ook in andere sectoren is                        leraar is heel bepalend voor hun leerprestaties en algemene ontwikkeling. Ook voor de
             de behoefte aan personeel groter dan er beschikbaar is en klinken signalen dat de krapte                        motivatie van leerlingen zijn het enthousiasme van leraren en hun persoonlijke relatie met
             op de arbeidsmarkt structureel is.54                                                                            de leerlingen van groot belang.64 De kwaliteit van onderwijs in het heden werkt door in het
                                                                                                                             verdienvermogen straks en in de vaardigheden samen te leven met anderen.65
             Ondanks de coronacrisis en de oorlog in de Oekraïne gaat het momenteel goed met de
             Nederlandse economie. Vorig jaar bedroeg de economische groei ruim 4%. Dat was iets                             Een aanhoudend tekort aan leraren betekent dat ook de ongelijke verdeling van het tekort
             minder dan in 2021, toen het bijna 5% was. Twee jaar op rij met zulke groeicijfers is in                        voortduurt. Juist gebieden en scholen met een grote groep leerlingen uit gezinnen met een
             deze eeuw nog niet eerder voorgekomen. De sterke economische groei werkt een zeer                               relatief weinig bevoorrechte sociaaleconomische positie worden het hardst geraakt. Dit
             krappe arbeidsmarkt in de hand; er is veel vraag naar personeel over de hele linie.55 Als de                    versterkt de kansenongelijkheid in het onderwijs en daardoor de sociale ongelijkheid in de
             economie zou afkoelen, zou dat de arbeidskrapte kunnen verlichten. Hoe de economie zich                         samenleving.
             gaat ontwikkelen, zeker op de langere termijn, is lastig te voorspellen. Of de arbeidsmarkt
             ook daadwerkelijk langere tijd krap zal zijn, is daardoor onzeker. Bepaalde ontwikkelingen                      Scholen en leraren hebben zorgen om de kwaliteit van het onderwijs
             aan de aanbodkant van de arbeidsmarkt wijzen echter op een groot risico dat de krapte                           Op scholen leven zorgen over de mogelijke gevolgen van de tekorten voor leerlingen:
             aanhoudt.                                                                                                       lagere onderwijskwaliteit, minder ontwikkeling, lagere leerresultaten en minder aandacht
                                                                                                                             voor zorgleerlingen.66 Een tekort aan leraren vernauwt de blik, met een sterke focus op de
             Groei beroepsbevolking vlakt af                                                                                 korte termijn: zorgen dat er vandaag en morgen een leraar voor de klas staat; alternatieve
             De groei van de beroepsbevolking loopt de komende decennia naar verwachting                                     oplossingen bedenken als dit niet lukt; noodverbanden aanleggen om leerlingen niet naar
             sterk terug. Die ontwikkeling – en daarmee het arbeidsaanbod – wordt bepaald                                    huis te hoeven sturen; enzovoort. Het tekort ontregelt zo de normale gang van zaken en
             door veranderingen in de participatiegraad56 van diverse bevolkingsgroepen, de                                  duwt scholen in een improvisatiestand. Leraren hebben hierdoor zorgen over de kwaliteit
                                                                                                                             van hun eigen lessen en het onderwijsaanbod van de hele school. Want het kan gebeuren
                                                                                                                             dat er mensen voor een groep staan zonder daarvoor bevoegd te zijn, of dat ouders
                                                                                                                             kleutergroepen opvangen met spelletjes. Kinderen worden erg onrustig, omdat ze elke keer
             50 Adriaens e.a., 2023.
             51	Met verborgen tekorten wordt bijvoorbeeld bedoeld dat vakken tijdelijk uitvallen, dat er minder uren
                 worden aangeboden of dat ze door onbevoegde leraren worden gegeven.                                         57  Ebregt, Jongen & Scheer, 2022.
             52 Adriaens e.a., 2023.                                                                                         58  Sociaal en Cultureel Planbureau, 2023a.
             53 Sociaal en Cultureel Planbureau, 2023a.                                                                      59  Sociaal-Economische Raad, 2022.
             54 Vacaturegraad naar bedrijfstak (cbs.nl).                                                                     60  Sociaal en Cultureel Planbureau, 2022.
             55	Zie https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2023/07/economie-groeit-in-vierde-kwartaal-2022-met-0-6-                61  Sociaal en Cultureel Planbureau, 2023a; I&O Research, 2022.
                 procent#:~:text=Omvang%20economie%204%2C5%20procent,4%2C5%20procent%20gegroeid                              62  Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 2021.
             56	Participatiegraad: het aandeel van de (werkzame en werkloze) beroepsbevolking in de                         63  Interdepartementaal beleidsonderzoek Sturing op Onderwijskwaliteit, 2023.
                 totale bevolking. Zie https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/methoden/begrippen/bruto-                      64  Van Tartwijk, Beijaard & Van Rijswijk, 2023.
                 arbeidsparticipatie#:~:text=Het%20aandeel%20van%20de%20(werkzame,(exclusief%20de%20                         65  Sociaal en Cultureel Planbureau, 2023a.
22               institutionele%20bevolking)                                                                          23     66  Inspectie van het Onderwijs, 2023.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>   een andere leraar voor de klas hebben. En er zijn geen mensen beschikbaar om leerlingen
   te helpen die extra uitleg of aandacht nodig hebben.67
   Bestuurders en schoolleiders worstelen met de tekorten en de wettelijke eisen
   Schoolbestuurders en schoolleiders geven in gesprekken aan dat het regelmatig voorkomt
   dat leraren meer uren lesgeven dan ze eigenlijk willen om het tekort op te vangen. Dat leidt
   tot een hoge werkdruk en minder tijd om het onderwijs goed voor te bereiden en vorm te
   geven. De constante druk om de tekorten op te vangen, leidt ook tot grote werkdruk bij
   schoolleiders. Zij zijn vaak alleen nog bezig met het oplossen van de problemen die de
   tekorten veroorzaken. Er is nauwelijks of geen tijd om te bedenken welke opties er zijn om
   de tekorten op te vangen en de mogelijke gevolgen daarvan helder te krijgen of goed te
   doordenken.
   Beslissingen worden in deze situatie vooral gedreven door de noodzaak het probleem van
   de lerarentekorten snel te ondervangen. Bestuurders moeten regelmatig hun toevlucht
   nemen tot oplossingen die niet passen binnen het wettelijk kader. Bijvoorbeeld door een
   vak niet aan te bieden dat wel onderdeel van het curriculum zou moeten zijn, en door
   bij voorbaat al minder dan de vereiste onderwijstijd in te roosteren. Ook worden vaak
   onbevoegden ingezet. Volgens bestuurders gaat het soms om leraren die nog in opleiding
   zijn, of collega’s met een bevoegdheid in een ander vak. Soms zijn het professionals uit de
   praktijk die op basis van hun expertise in een bepaald beroep (bijvoorbeeld kapper) voor
   de klas staan. Het behalen van een bevoegdheid voor het leraarschap is niet altijd aan
   de orde.
   In de gesprekken geven bestuurders aan niet anders te kunnen. De druk vanuit de
   dagelijkse praktijk, waarin de lerarentekorten op veel scholen grote problemen opleveren,
   is daarvoor te prangend.
24 67 Algemene Onderwijsbond, 2019.                                                             25
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>                                                   3
solidariteit
   vereist
   Omgaan met aanhoudende en ongelijk
   verdeelde lerarentekorten vereist solidariteit
   Voorzien in onderwijs in een situatie van
   aanhoudende lerarentekorten die ongelijk
   neerslaan, vraagt om solidariteit. Het is een
   collectieve opgave. Dit vereist visie en sturing
   van schoolbestuurders, schoolleiders en de
   rijksoverheid. En het vergt structureel toereikende
   en adequate financiering.
27
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>       Het baart de Onderwijsraad grote zorgen dat de lerarentekorten ongelijk verdeeld zijn. In      Visie en sturing zijn noodzakelijk op vijf vlakken.
       het primair onderwijs slaan de tekorten het hardst neer op scholen met een complexere          (1) 	Omgaan met aanhoudende lerarentekorten is een collectieve opgave en vraagt om
       leerlingenpopulatie (scholen met een hoger schoolgewicht), in het speciaal onderwijs en in          solidariteit.
       het voortgezet onderwijs bij specifieke vakken en op het vmbo-bk. Deze scholen hebben          (2) 	Alle schoolbesturen en schoolleiders moeten een visie ontwikkelen over de tekorten,
       relatief veel sociaal kwetsbare leerlingen met een groot risico op onderwijsachterstanden.          ongeacht of en in welke mate zij daarmee zelf kampen.
       Deze leerlingen hebben bij uitstek een volwaardig aanbod van kwalitatief goede scholing        Verder moet sprake zijn van:
       en vorming nodig. Ook zijn de tekorten groter in de grote steden. Deze ongelijke verdeling     (3) goed werkgeverschap,
       van de lerarentekorten, grotendeels langs sociaaleconomische lijnen, zet het onderwijs         (4) een blik op doelmatigheid, en
       op deze scholen meer onder druk dan elders en vergroot de kansenongelijkheid in het            (5) hanteerbare ambities van de rijksoverheid.
       onderwijs.
                                                                                                       et Rijk moet bovendien de schoolbesturen structureel toereikend bekostigen,
                                                                                                      H
       Daarom kijkt de Onderwijsraad in deze verkenning specifiek naar hoe de ongelijke               met oog voor verschillen tussen scholen (zie paragraaf 3.2).
       verdeling van het lerarentekort is tegen te gaan. Bij het inventariseren en afwegen van
       handelingsopties voor het omgaan met aanhoudende lerarentekorten, vindt de raad dat het        Omgaan met lerarentekorten is een collectieve opgave en vereist solidariteit
       tegengaan van de sociale ongelijkheid moet meewegen.                                           Niet alle scholen ervaren (in dezelfde mate) lerarentekorten, maar de tekorten mogen
                                                                                                      niet alleen een probleem zijn van de scholen die er daadwerkelijk mee kampen. Het is
       Want omgaan met aanhoudende lerarentekorten betekent omgaan met een aanhoudende                een collectieve opgave. Het vraagt om solidariteit tussen scholen binnen een bestuur,
       vraag naar een rechtvaardige verdeling van schaarste. Deze collectieve opgave vraagt           tussen besturen in een gemeente of regio, van de gemeenten met scholen en van alle
       volgens de raad om handelen vanuit het principe van solidariteit. Lerarentekorten mogen        schoolbesturen in Nederland met elkaar.
       niet alleen een probleem zijn van de scholen en schoolbesturen die ermee worden
       geconfronteerd. Het vergt solidair handelen van alle scholen en afdelingen binnen een          Ten eerste vraagt het solidariteit van scholen binnen een bestuur. Wanneer sommige
       schoolbestuur, van alle schoolbesturen en lokale overheden in een gemeente of regio, en        scholen in een bestuur kampen met grote tekorten, moeten bestuurders en alle
       van alle onderwijsgebieden en -regio’s in Nederland.                                           schoolleiders van het schoolbestuur in samenspraak zorgen dat ze de collega-school uit
                                                                                                      de brand helpen en de pijn van de tekorten eerlijker verdelen. Dit betekent: leraren bereid
       Dit is een belangrijke en urgente opgave in het onderwijs de komende jaren. Want de            vinden om (tijdelijk of deels) op een andere school te gaan werken. Dit zijn lastige keuzes,
       aanhoudende lerarentekorten zetten de onderwijskwaliteit, de continuïteit van onderwijs        want dit doet uiteraard pijn bij de leerlingen, ouders en collega’s van de school die de leraar
       en de kansengelijkheid in het onderwijs onder druk. Doorgaan op de huidige wijze leidt         ‘afstaan’. Maar het is noodzakelijk dat scholen binnen een bestuur elkaar helpen om de
       ertoe dat de werkdruk en stress onder leraren en schoolleiders verder oplopen, vooral op       tekorten op alle scholen beter op te vangen.
       scholen en afdelingen met een complexe pedagogisch-onderwijskundige opgave, en dat
       de tekorten het hardst neerslaan bij de sociaal meest kwetsbare groepen leerlingen.            Het is primair de verantwoordelijkheid van schoolbestuurders om zorg te dragen voor
                                                                                                      een meer gelijke verdeling van de lerarentekorten binnen hun groep scholen. Dat is niet
       De Onderwijsraad vindt dat de ongelijke verdeling van het lerarentekort moet worden            eenvoudig, want leraren kiezen vaak bewust voor een specifieke school. Zij hebben
       geadresseerd en doet een appel op alle betrokkenen niet van dit vraagstuk weg te kijken,       weliswaar een arbeidscontract met het bestuur, maar voelen zich verbonden met die ene
       maar het samen op te pakken.                                                                   school en maken daar deel uit van de schoolgemeenschap. Dit betekent dat het bestuur
                                                                                                      de opgave van een gelijkere verdeling van de lerarentekorten zal moeten oppakken samen
       Omgaan met de schaarste aan leraren vereist een visie op de voorgedragen                       met de schoolleiders, die deze opgave dan weer meenemen naar hun lerarenteams,
       handelingsopties (zie hoofdstuk 4) en vraagt inzet van de rijksoverheid, gemeenten,            ander personeel en ouders. Van alle betrokkenen wordt gevraagd die opgave als hun
       schoolbesturen, schoolleiders en leraren. Het is een collectieve opgave die structureel        verantwoordelijkheid te voelen en zich solidair te tonen. Elk bestuur zal samen met de
       toereikende en adequate financiering behoeft.                                                  schoolleiders en lerarenteams, ander personeel en ouders moeten nagaan hoe leraren
                                                                                                      binnen het bestuur zo goed en rechtvaardig mogelijk verdeeld over de scholen aan het
                                                                                                      werk kunnen. Daarbij kan gedacht worden aan een extra beloning, financieel of anderszins,
   3.1 Omgaan met lerarentekorten is een collectieve opgave                                           wanneer leraren (deels) op een andere school gaan werken. Het is cruciaal leraren nauw te
                                                                                                      betrekken bij dit zoekproces.
       Onderwijs is een belangrijk recht van kinderen en jongeren. De overheid moet zorgdragen
       voor een kwalitatief hoogwaardig en samenhangend stelsel van onderwijsvoorzieningen            Wat deze bestuurlijke opgave bemoeilijkt, is dat een deel van de financiële middelen
       dat voor iedereen toegankelijk is. De verwachte langdurige arbeidsmarktkrapte zet veel         vanuit het Rijk op een manier wordt toegekend dat scholen zelf kunnen beslissen over
       druk op die taak. Als we niet anticiperen en geen maatregelen doordenken om hiermee om         de besteding ervan. Dit gold voor de incidentele middelen in het kader van het NPO en
       te gaan, wordt het heel lastig om in onderwijs te voorzien.                                    gebeurt ook bij de werkdrukmiddelen. De besluitvorming over de inzet van deze middelen
                                                                                                      ligt daarmee primair bij de school; het bestuur heeft hierop minder invloed. Schoolleiders
       Visie en sturing nodig op meerdere vlakken                                                     en lerarenteams hebben vaak, behorend bij hun rol en taak, primair de blik op de eigen
       De mogelijke oplossingen om in onderwijs te voorzien bij een tekort aan leraren liggen niet    school gericht en nemen op basis daarvan besluiten over bijvoorbeeld de werving en
       alleen binnen de invloedsfeer van schoolbestuurders en schoolleiders. Het vraagt ook om        inzet van personeel. Het perspectief van omgaan met lerarentekorten als een collectieve
       visie, sturing en kaderstelling van de rijksoverheid op de verschillende handelingsopties      opgave, in samenwerking en solidariteit met andere scholen binnen het schoolbestuur,
       (zie hoofdstuk 4) en om handelen van de rijksoverheid zelf.                                    weegt dan niet altijd mee. Daarbij is voor de besteding van deze (incidentele) middelen
                                                                                                      de instemming vereist van de personeelsgeleding in de medezeggenschapsraad (PMR)
       De Onderwijsraad vindt het belangrijk daarbij de ongelijke verdeling van de lerarentekorten    op schoolniveau – en niet de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) op
       te adresseren. Het gaat om vragen als: zijn lerarentekorten alleen het probleem van de         bestuursniveau. Dit zet schoolleiders en lerarenteams er niet toe aan hun blik op het geheel
       scholen en schoolbesturen die er daadwerkelijk mee worden geconfronteerd? En: hoe              te richten en daar ook naar te handelen.
       rechtvaardig is het dat de lerarentekorten juist het grootst en meest hardnekkig zijn op de
       scholen waar kinderen naartoe gaan uit gezinnen met een relatief weinig bevoorrechte           Deze wijze van toekennen van (incidentele) middelen maakt het voor schoolbesturen
       sociaaleconomische positie? Deze vragen moeten worden meegenomen bij de verkenning             nog lastiger met het lerarentekort om te gaan als een collectieve opgave en hiervoor
       en afweging van handelingsopties om lerarentekorten het hoofd te bieden.                       een beroep te doen op onderlinge samenwerking en solidariteit van de scholen. Terwijl
                                                                                                      het solidariteitsprincipe juist vraagt om ook bij de inzet van middelen om bijvoorbeeld de
                                                                                                      werkdruk te verlichten, niet alleen te kijken naar de belangen van de eigen school, maar
                                                                                                      ook oog te hebben voor de situatie op de andere scholen binnen het bestuur. De overheid
                                                                                                      bemoeilijkt dit door deze middelen toe te kennen aan de school en niet aan het bestuur. Dat
                                                                                                      plaatst schoolbesturen in een lastige positie. Want schoolbestuurders hebben een grote
                                                                                                      verantwoordelijkheid in de aanpak van de lerarentekorten en spelen hier een belangrijke
28                                                                                                 29 rol, maar hebben tegelijkertijd weinig tot geen invloed op de besteding van middelen die
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>   gevolgen hebben voor de personele formatie van scholen. Bezien vanuit een gezamenlijke          verband van hun schoolbestuur, en breder, lokaal of regionaal, moeten schoolleiders en
   verantwoordelijkheid voor de aanpak van de lerarentekorten, werkt dit contraproductief.         lerarenteams op ruggensteun kunnen rekenen bij het afwegen en uiteindelijk maken van
                                                                                                   – vaak pijnlijke – keuzes om het tekort aan leraren het hoofd te bieden.
   Ook de verdeling van de tekorten binnen een gemeente of regio vereist een gezamenlijke
   inzet. Besturen kunnen hiertoe hun krachten bundelen en samen de leraren ondersteunen           Keuzes vragen om criteria
   die bereid zijn om (deels) op een andere school aan de slag te gaan. Bijvoorbeeld door          Om goed te kunnen anticiperen op en om te gaan met lerarentekorten, helpt het de criteria
   een tegemoetkoming in vervoer(skosten), extra tijd voor ontwikkeling, studie of scholing,       voor en implicaties van keuzes expliciet te maken. Zo kunnen scholen er rekening mee
   aangepaste werktijden en financiële compensatie, maar ook door verbetering van de               houden en zijn bestuurders in staat scholen hierin te ondersteunen en zich zelf hard te
   organisatie, het leiderschap of (de inrichting van) het gebouw van de scholen waar leraren      maken voor de – vaak pijnlijke – keuzes en deze uit te leggen, bijvoorbeeld in gesprekken
   naartoe gaan. Gemeenten waar bepaalde scholen kampen met grotere lerarentekorten,               met ouders en met de media.
   hebben de taak te kijken hoe zij het voor leraren aantrekkelijker kunnen maken om juist
   daar te gaan werken. Bijvoorbeeld door hen voorrang te verlenen bij huisvesting en door         Bij het maken van keuzes kunnen schoolleiders en bestuurders kwaliteitskaders of sets
   goede, gratis parkeergelegenheid bij deze scholen.                                              van criteria hanteren. Wettelijke eisen in de vorm van bijvoorbeeld onderwijstijd, vereisten
                                                                                                   aan bevoegdheden, en landelijke einddoelen en niveaus vormen hiervoor de basis (zie
   Omgaan met lerarentekorten is een collectieve opgave                                            hoofdstuk 4). Deze moeten aangevuld worden met criteria die passen bij de lokale situatie
   Deze collectieve opgave vereist visie en inspanning van alle schoolbesturen en                  van de scholen. Denk aan aansluiting op het onderwijs dat de leerlingenpopulatie nodig
   schoolleiders, ook – of juist – als die schoolbesturen of schoolleiders zelf (nog) geen last    heeft, op de pedagogische benadering en op de methoden en het curriculum van de
   hebben van de tekorten.                                                                         school. Kijk ook naar de voorwaarden waaronder scholen willen ingaan op het aanbod
                                                                                                   van externe professionals om te komen werken op de school. Bijvoorbeeld: dat hun
   Het is aan schoolbesturen elkaar op te zoeken en samen op te trekken in het ontwikkelen         beschikbaarheid voor langere tijd gegarandeerd is, dat gewerkt wordt met vaste externe
   van visie en werkwijzen om de tekorten het hoofd te bieden. De handelingsopties in              personen met wie leerlingen en leraren vertrouwd kunnen raken, dat zij werken in lijn met
   hoofdstuk 4 bieden hiervoor een startpunt. Omgaan met lerarentekorten is een opdracht           de onderwijsdoelen van de school en over een pedagogisch-didactische aantekening
   voor alle schoolleiders en bestuurders, ook als het lerarentekort in hun scholen (nog) niet     beschikken.
   prangend is. Om goed voorbereid te zijn, moeten schoolbestuurders en -leiders kunnen
   voortbouwen op en leren van de ervaringen van anderen. Schoolbestuurders moeten                 De maatregelen en handelingsopties moeten passen bij de school, leerlingen, ouders en
   zorgen dat hun schoolleiders samenwerken en van elkaar leren. Wat werkt goed, wat zijn          leraren. Ook het tijdsaspect is belangrijk: welke keuzes zijn wanneer nodig? Bijvoorbeeld
   de implicaties en wat kunnen ze van elkaar leren? Het is daarbij zaak de aantrekkelijkheid      keuzes in het onderwijsaanbod, professionele ontwikkeling, investeringen in het gebouw,
   en de ontwikkeling van het lerarenberoep expliciet mee te nemen (zie hoofdstuk 4). Dit          de digitale infrastructuur, werving van nieuwe medewerkers en professionalisering van
   vergt nadrukkelijk dat leraren zelf betrokken worden en hun invloed kunnen laten gelden.        leraren en andere medewerkers. Alle scholen zullen ervaring moeten opbouwen met wat
   Het gaat immers om hun beroep en werk.                                                          goed werkt om het lerarentekort het hoofd te bieden. Het is belangrijk dat scholen deze
                                                                                                   ervaringen onderling delen. Scholen die zelf (nog) niet zo veel last hebben van de tekorten,
   Aanpak van de collectieve opgave vergt tijd en moet nu worden ingezet                           kunnen op deze manier andere scholen bijstaan die daar al wel mee kampen. Een tekort
   De handelingsopties in hoofdstuk 4 vragen om visie en voldoende middelen. De problemen          aan leraren tast vaak het aanpassingsvermogen van scholen aan. Als alle scholen hiermee
   rondom de lerarentekorten verschillen te veel per regio en gemeente, bestuur en school,         aan de slag gaan, wordt er snel veel expertise opgebouwd en kunnen scholen van elkaar
   voor kant-en-klare oplossingen. Onderzoek naar de handelingsopties en de gevolgen               leren.
   ervan is cruciaal. Dit vergt een tijdsinvestering van leraren(teams) en schoolleiders, want
   het onderzoek moet in de praktijk van het onderwijs plaatsvinden. Ook als bijvoorbeeld          Goed werkgeverschap is cruciaal
   onderwijsassistenten, vakleerkrachten of gastdocenten aan het werk gaan in de school,           In tijden van langdurige krapte op de arbeidsmarkt valt er voor potentiële leraren
   kost dat extra tijd van het schoolteam, of investeringen in de aanpassing of inrichting van     veel te kiezen. Leraren hebben meer banenopties dan alleen in het onderwijs. Om te
   gebouwen om nieuwe werkwijzen te faciliteren. Leraren moeten zich bijvoorbeeld een              bewerkstelligen dat zij toch voor het onderwijs kiezen en daar blijven werken, is het
   andere manier van werken eigen maken en hun nieuwe collega’s inwerken en begeleiden.            belangrijk te zorgen voor een aantrekkelijk, inhoudelijk uitdagend en boeiend beroep, een
   Het duurt een tijd voordat dit soepel loopt en soelaas biedt bij een lerarentekort.             veilige werkomgeving, prettige werkomstandigheden en goede primaire en secundaire
                                                                                                   arbeidsvoorwaarden op alle scholen.
   Het is nodig dat alle scholen een visie hebben op het omgaan met lerarentekorten
   De tekorten zullen naar verwachting aanhouden. Bestuurders en schoolleiders moeten              Bestuurders: zorg voor goed werkgeverschap, zeker op scholen waar het lerarentekort het
   zich daar goed op voorbereiden en daar nu al mee beginnen. Het is aan alle schoolleiders        zwaarst drukt
   te zorgen voor een heldere visie op het omgaan met het lerarentekort op hun school, altijd      Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor goed werkgeverschap, en de lerarentekorten
   in relatie tot hoe het staat met de tekorten binnen het eigen schoolbestuur, en breder,         zijn een extra impuls om hier optimaal voor te zorgen. Juist in tijden van aanhoudende
   lokaal en in de regio. Een schoolleider zal met het team hierin keuzes willen maken die         lerarentekorten moeten leraren voor het onderwijs behouden blijven door ze een
   passen bij de school. Het is dan ook belangrijk dat leraren en ander onderwijspersoneel         volwaardige aanstelling te bieden met ontwikkelingsperspectief in een professionele
   invloed uitoefenen op de concrete uitwerking van handelingsopties om het lerarentekort          werkomgeving.
   het hoofd te bieden, zoals het werk slim organiseren en overbodig werk en administratie
   terugdringen.68                                                                                 In hun verantwoordelijkheid voor goed werkgeverschap staan schoolbestuurders voor de
                                                                                                   opgave de ongelijke verdeling van het lerarentekort tegen te gaan. Nu slaan de tekorten
   Ook is het zaak leerlingen, ouders en partijen in de omgeving van de school goed te             vooral neer op scholen met relatief veel sociaal kwetsbare leerlingen. Schoolbesturen
   betrekken om tot een visie en handelingen te komen die passen bij de lokale context. Het        kunnen aansturen op versterking van het personeelsbeleid van deze scholen om zo hun
   is de verantwoordelijkheid van schoolbesturen te bewaken dat alle eigen scholen een             arbeidsmarktpositie te verstevigen en meer leraren aan te trekken. Bijvoorbeeld door de
   visie ontwikkelen over hoe om te gaan met lerarentekorten als collectief vraagstuk, en alle     arbeidsvoorwaarden op deze scholen te verbeteren. Of door arrangementen, al dan niet
   scholen hier werk van maken vanuit een solidariteitsprincipe.                                   in samenwerking met andere schoolbesturen en lokale overheden, die het voor leraren
                                                                                                   aantrekkelijk maken om (deels) te gaan werken op een school met een groot tekort aan
   Dit alles vergt doordachte keuzes over het onderwijsaanbod en hoe dat aanbod kan worden         leraren. Zo kan de ervaring die leraren opdoen op meerdere scholen, of de expertise die zij
   georganiseerd en welke mensen en middelen daarvoor nodig zijn (zie hoofdstuk 4). En             ontwikkelen in hun werk op scholen met een complexe pedagogisch-didactische opgave,
   een visie op welke stappen nodig zijn om dit te realiseren. Lerarenteams en schoolleiders       te gelde worden gemaakt door ze te bevorderen naar een hogere salarisschaal of door
   moeten hiervoor alle steun en aandacht krijgen van hun schoolbestuurders, zodat iedereen        scholing of professionalisering voor hen te vergoeden.
   weet welke opties er zijn en welke consequenties deze kunnen hebben. Binnen het
                                                                                                   De Onderwijsraad drukt de overheid op het hart uitdrukkelijk geen drang en dwang
                                                                                                   te gebruiken om leraren te bewegen op bepaalde scholen te gaan werken. In een
                                                                                                   krappe arbeidsmarkt kan zoiets leiden tot nog grotere lerarentekorten. Bovendien, in
30 68   Onderwijsraad, 2021a; Sociaal-Economische Raad, 2023.                                   31 de Nederlandse samenleving en de inrichting van het onderwijsbestel past het niet dat
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>   de overheid hierop centraal ingrijpt. De keuze op welke school een leraar gaat werken,             Houd de ambities vanuit het Rijk hanteerbaar
   hoort thuis bij de leraar en het schoolbestuur. Die keuze daar weghalen of daarop                  Zolang het lerarentekort aanhoudt, zo lang is ook de capaciteit op scholen schaars om
   ingrijpen, werkt averechts en maakt het beroep van leraar minder aantrekkelijk. De raad            te doordenken hoe met lerarentekorten om te gaan en zich daarop voor te bereiden. Het
   acht het veel kansrijker als de overheid het werken op scholen die grote lerarentekorten           risico bestaat dat scholen en de overheid uiteindelijk worden gedwongen halsoverkop
   ervaren, aantrekkelijker maakt. Zo kunnen schoolbesturen de arbeidsorganisatie, het                beslissingen te nemen zonder degelijke voorbereiding. Dit betekent dat de rijksoverheid
   personeelsbeleid en de arbeidsvoorwaarden op die scholen gericht versterken. Bij het               helder zal moeten zijn in wat prioriteit heeft. Veel beleid en plannen van de rijksoverheid
   toekennen van middelen door het Rijk moet dit structureel aandacht krijgen (zie paragraaf          omvatten extra opgaven of ambities voor het onderwijs die inzet van leraren vereisen.
   3.2). Het benadrukt ook het belang van goed werkgeverschap in het onderwijs.                       Maar leraren zijn schaars en scholen kunnen niet overal tegelijkertijd aan werken.76 Extra
                                                                                                      opgaven of ambities schuren in deze situatie snel met de reguliere onderwijsactiviteiten.
   Schoolbestuurders moeten over voldoende middelen beschikken om het onderwijs zo te                 Extra ambities of opgaven formuleren voor scholen betekent dus ook dat het Rijk dan
   kunnen organiseren dat het beroep van leraar aantrekkelijk is en blijft. Zo blijkt dat het         moet aangeven wat er aan reguliere onderwijsactiviteiten kan afvallen. Want in tijden van
   beter inwerken van beginnende leraren leidt tot minder uitval.69 Maar dit vergt wel tijd           schaarste zijn scherpe keuzes nodig. Ook door de overheid.
   en middelen. Daarnaast zijn goede arbeidsvoorwaarden cruciaal om de concurrentie
   met andere banenopties op de arbeidsmarkt aan te kunnen. Alleen zo is het mogelijk
   leraren, schoolleiders en ondersteunend personeel naar het onderwijs te trekken en ze te       3.2 De collectieve opgave vereist adequate financiering
   behouden. Ook hier heeft de overheid een verantwoordelijkheid (zie paragraaf 3.2).
                                                                                                      Regeren is vooruitzien en de lerarentekorten zijn naar verwachting nog lange tijd een
   Goed werkgeverschap is belangrijke taak van bestuurders en schoolleiders                           realiteit waarmee het Nederlandse onderwijs te maken heeft. Omgaan met deze tekorten
   Mensen die in (semi)publieke sectoren werken, vinden meestal dat zij betekenisvol werk             vraagt van alle scholen een inspanning. Het zal het werk, en het werken in het onderwijs
   doen, maar ze zijn negatiever over de werkdruk en autonomie, zo blijkt uit onderzoek.              veranderen. De overheid zal deze transitie op passende wijze financieel mogelijk moeten
   Deze aspecten komen samen met de manier van leidinggeven en het ontwikkelings- en                  maken. De collectieve opgave hier goed mee om te gaan, vergt structureel toereikende
   loopbaanperspectief steevast naar voren als belangrijkste redenen om te vertrekken.                middelen voor alle schoolbesturen. En de ongelijke verdeling van de lerarentekorten vereist
   Bovendien ervaren zij het werk vaak als fysiek en/of mentaal zwaar en hebben                       daarnaast structureel extra middelen voor scholen die kwetsbaar zijn voor die tekorten.
   professionals in de (semi)publieke sectoren relatief vaak te maken met ongepast gedrag             Ook moet de onderwijshuisvesting van scholen toegesneden zijn op een andere manier
   van bijvoorbeeld ouders en leerlingen.70                                                           van werken.
   De aantrekkelijkheid van het leraarsberoep en de werkomstandigheden worden sterk                   Omgaan met lerarentekorten vraagt structureel toereikende middelen
   bepaald door de manier waarop het onderwijs is georganiseerd, en zijn daarmee een                  Omgaan met aanhoudende lerarentekorten vraagt langdurig inzet van schoolbesturen,
   belangrijke taak voor bestuurders en schoolleiders. Onderzoek laat zien dat de kwaliteit           schoolleiders en leraren en vereist daartoe structureel toereikende middelen.
   van het leiderschap van groot belang is om onderwijsprofessionals te motiveren, inzetbaar
   én binnenboord te houden.71 Zo kennen scholen met hoge leer- en ontwikkelresultaten                Als ander personeel aan het werk gaat in scholen, kan dat soelaas bieden bij een tekort
   bij leerlingen een sterke onderwijskundige sturing en een professionele cultuur waarin             aan leraren, maar het brengt ook extra en andere kosten met zich mee zoals ontwikkelings-
   teamleden samen werken aan kwaliteitsverbetering.72 Ook is er een relatie tussen de                en professionaliseringskosten, begeleidingskosten om in te voegen in de schoolorganisatie,
   ervaren werkdruk en de mate waarin iemand zich gesteund voelt door de leidinggevende               kosten voor onderzoek naar wat goed werkt en het delen van opgedane kennis. Ook is er
   en de organisatie. Iemand ervaart minder werkdruk naarmate hij/zij zich meer gesteund              mogelijk geld nodig voor aanpassingen in de huisvesting, inrichting en nieuwe werkwijzen.
   voelt. Schoolleiders en schoolbestuurders kunnen bovendien fungeren als ‘hitteschild’              En als andere professionals werkzaam zijn in de school, maakt dit de organisatie van het
   tegen onproductieve regeldruk van buitenaf. 73                                                     onderwijs ingewikkelder, wat extra coördinatie en afstemming van de werkzaamheden
                                                                                                      vergt. Er zijn bij veel werkzaamheden meer mensen betrokken dan voorheen. Het is
   Schoolleiders en -besturen spelen ook een belangrijke rol bij het anticiperen en                   onduidelijk of de kosten om in onderwijs te kunnen voorzien hierdoor uiteindelijk structureel
   ontwikkelen van een visie over de omgang met schaarste aan leraren, en het doordenken              hoger liggen. Dit zal onderzocht moeten worden en als dit nodig blijkt moet de bekostiging
   van handelingsopties en de implicaties daarvan. Zij kunnen leidinggeven aan het omgaan             van alle scholen hier structureel op worden aangepast.
   met lerarentekorten als een collectieve opgave en een beroep doen op solidariteit. Zij
   kunnen anticiperen door tijdig keuzes te maken en het schoolteam en ouders deelgenoot              Faciliteer bestuurders om de ongelijke verdeling van de tekorten tegen te gaan
   te maken van, mee te nemen in en invloed te geven op de vaak pijnlijke keuzes die moeten           Het is belangrijk dat de toekenning van middelen bestuurders in staat stelt adequaat te
   worden gemaakt.                                                                                    sturen vanuit het perspectief van een collectieve opgave, dus op doelen die boven het
                                                                                                      niveau van individuele scholen uitstijgen. Het lerarentekort slaat immers ongelijk neer: er
   Een doelmatige blik op de inzet van leraren is nodig                                               zijn grote verschillen tussen scholen en schoolbesturen in de mate waarin zij te maken
   Omdat lerarentekorten zullen aanhouden, is het nodig het werk slimmer en innovatiever te           hebben met lerarentekorten.
   organiseren rond de schaarse menskracht, méér leraren te binden én te behouden voor
   werken in het onderwijs, en belemmeringen weg te nemen voor leraren die meer willen                Deze ongelijke verdeling stelt onderwijsbestuurders voor een forse en complexe opgave.
   werken. De inzet van leraren wordt geoptimaliseerd door het werk efficiënter te organiseren        Zij zijn soms afhankelijk van besluitvorming op individuele scholen (bijvoorbeeld bij de inzet
   en administratieve en verantwoordingslasten en overbodige aanspraken op de tijd van                van de werkdrukmiddelen, zie paragraaf 3.1), waardoor ze maar beperkt kunnen sturen
   leraren terug te dringen. Het is de kunst te sturen op het verhogen van de productiviteit,         op werving, behoud en inzet van personeel. Individuele scholen kunnen ervoor kiezen
   zonder dat de werkdruk verhoogt.74 Het is de bedoeling dat leraren en andere (onderwijs-)          met deze middelen leraren ‘vast te houden’, waar het voor het grote geheel beter zou zijn
   medewerkers daar werken waar ze het meest op hun plek zijn en de meeste toegevoegde                ze op een andere school in te zetten. Dit maakt het lastig voor bestuurders de ongelijke
   waarde hebben.75 In hoofdstuk 4 staat beschreven hoe dit kan en wat daarvoor nodig                 verdeling van de lerarentekorten aan de kaak te stellen. Zorg dus als rijksoverheid dat
   is. Dat gaat niet vanzelf. Het vraagt inzet van alle leraren, onderwijsondersteuners,              schoolbesturen hun verantwoordelijkheid kunnen waarmaken en houd daar in de wijze
   schoolleiders, bestuurders en de overheid.                                                         van toekenning van middelen ook rekening mee. Het Rijk moet schoolbesturen hiertoe op
                                                                                                      adequate wijze financieren.
                                                                                                      Ongelijke verdeling van de lerarentekorten vraagt langdurig additionele bekostiging
                                                                                                      voor scholen die daar kwetsbaar voor zijn
                                                                                                      De concentratie van lerarentekorten in stedelijke gebieden, in het speciaal onderwijs en bij
   69 Ter Weel, Stolp & De Graaf, 2020.
   70 Sociaal-Economische Raad, 2023.
                                                                                                      scholen met een complexere leerlingenpopulatie (scholen met een hoger schoolgewicht),
   71 Cörvers & Goedhart, 2021.                                                                       zet de kansengelijkheid onder druk. De kwaliteit en continuïteit van het onderwijs op die
   72 Inspectie van het Onderwijs, 2020.
   73 Onderwijsraad, 2021a; Sociaal-Economische Raad, 2023.
   74	Sociaal-Economische Raad, 2023; zie ook Interdepartementaal beleidsonderzoek Sturing op
        Onderwijskwaliteit, 2023.
32 75 Onderwijsraad, 2021a.                                                                    33     76 Onderwijsraad, 2021a.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>   scholen hebben immers meer te lijden onder de tekorten dan elders. Additionele middelen
   stellen hen in staat beter met deze situatie om te gaan.
   Scholen waar het lerarentekort zich het hardst doet gelden, hebben meer middelen nodig
   om een aantrekkelijke werkgever te kunnen zijn en de lerarentekorten het hoofd te bieden.
   De scheve verdeling van de tekorten vereist daarom langdurige additionele middelen voor
   deze scholen. Dit kan in de vorm van aanvullende bekostiging.
   Om te bepalen welke scholen daarvoor in aanmerking komen, zijn gepaste criteria
   nodig. Het gaat dan om kenmerken van de leerlingen en hun ouders en schoolspecifieke
   omstandigheden. Denk aan het percentage sociaal kwetsbare leerlingen met een risico op
   onderwijsachterstanden of de ligging van de school in een specifieke wijk of regio, en het
   type of de soort onderwijs.
   In het onderwijsakkoord Samen voor het beste onderwijs (2022) zijn afspraken gemaakt
   over een structurele arbeidsmarkttoelage voor onderwijspersoneel op scholen met
   veel kwetsbare leerlingen.77 Dit is een mooie stap. Maar alleen inzetten op een hoger
   inkomen is niet genoeg. De additionele middelen waar de Onderwijsraad op doelt,
   moeten ook kunnen worden gebruikt om de school als professionele arbeidsorganisatie
   te versterken, voor verbetering van de primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden,
   arbeidsomstandigheden én het omgaan met de tekorten in de school. Het is belangrijk dat
   deze aanvullende bekostiging structureel is en dat de effecten goed gemonitord worden.
   Want tijdelijke middelen schuren met de hardnekkigheid van de lerarentekorten en bieden
   geen oplossing.
   Tijdelijke extra middelen schuren met langdurige schaarste
   Middelen zoals de NPO-gelden en de huidige subsidies voor het Masterplan
   basisvaardigheden zijn vormen van incidentele financiering. Scholen beschikken tijdelijk
   over deze middelen om bepaalde opgaven in het onderwijs aan te pakken. Dit vraagt
   veelal de inzet van leraren voor specifieke doelen. Dit wringt op twee manieren met de
   lerarentekorten. De extra middelen creëren extra vraag naar leraren, waardoor de tekorten
   nog groter worden. Tegelijkertijd stellen de tijdelijke middelen scholen niet in staat leraren
   een interessant langetermijnperspectief te bieden. Goed personeelsbeleid is lastig vorm
   te geven met tijdelijk geld. En dat terwijl goed werkgeverschap en personeelsbeleid juist
   zo belangrijk zijn voor het werven en behouden van leraren in het onderwijs. Tijdelijke
   middelen zoals de NPO-gelden creëren tijdelijk mogelijkheden om meer leraren of
   ander personeel in te zetten, maar leiden vaak tot blijvende verwachtingen over die
   mogelijkheden, ook als de middelen inmiddels zijn wegvallen.
   Zorg op alle scholen voor adequate huisvesting
   De handelingsopties die aan de orde komen in hoofdstuk 4 stellen vaak eisen aan
   de huisvesting van scholen. Denk aan ruimtes voor onderwijs aan verschillende
   groepsgroottes. Ook meer samenwerking van het onderwijspersoneel stelt andere eisen
   aan de beschikbare werk- en overlegruimtes. Geschikte onderwijshuisvesting is een
   gezamenlijke opdracht van schoolbesturen en gemeenten.78
   Ook nu al schiet huisvesting van scholen vaak tekort. Door de daling in de
   leerlingenaantallen in het primair en voortgezet onderwijs komt er minder geld van de
   overheid binnen, terwijl de kosten voor huisvesting niet navenant dalen. Schoolbesturen
   geven gemiddeld 15% meer uit aan huisvesting dan zij van het Rijk ontvangen. Ook
   gemeenten ervaren krapte van middelen uit het gemeentefonds.79 Er wordt dus niet
   genoeg geïnvesteerd in de huisvesting van scholen.80 Terwijl het onderwijs wel verandert.
   Hierdoor passen veel schoolgebouwen niet bij wat scholen nodig hebben om in onderwijs
   te voorzien.
   77  Het Onderwijsakkoord. Samen voor het beste onderwijs, 22 april 2022.
   78  Onderwijsraad, 2021b.
   79  PO-Raad & VO-raad, 2021.
34 80  McKinsey & Company, 2020.                                                                  35
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>                                                  4
   Handelingsopties voor het omgaan met
   aanhoudende lerarentekorten
   De Onderwijsraad kijkt hoe in onderwijs kan
   worden voorzien bij een aanhoudend tekort aan
   leraren. De raad verkent hiertoe handelingsopties
   langs twee sporen. Deze hebben implicaties
   voor het beroep van de leraar, de continuïteit en
   kwaliteit van het onderwijs en kansengelijkheid in
   het onderwijs.
37
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>   De Onderwijsraad verkent handelingsopties in twee richtingen. Het ene spoor is beperking         4.1 Beperking van het onderwijsaanbod
   van het onderwijsaanbod, het andere de organisatie van het werk en de inzet van mensen
   en middelen daarbij. Hoe maken deze handelingsopties het beter mogelijk om in onderwijs              In deze paragraaf passeren diverse handelingsopties die het onderwijsaanbod op
   te voorzien met een tekort aan leraren? En wat zijn de implicaties voor het beroep van de            scholen beperken, om bij een tekort aan leraren te kunnen blijven voorzien in onderwijs.
   leraar, de continuïteit en de kwaliteit van het onderwijs, en kansengelijkheid?
                                                                                                        Beperking van wat scholen op het programma hebben staan (wat er in het onderwijs
   Handelingsopties langs twee sporen                                                                   moet worden gedaan) is een ingrijpende, maar ook kansrijke handelingsoptie om
   Op dit moment schuurt het onderwijsaanbod op scholen met de beschikbare hoeveelheid                  lerarentekorten het hoofd te bieden. In het Nederlandse onderwijs klinken vaak
   mensen, middelen en de organisatie van het onderwijs. Al langere tijd wordt onderwijs                zorgen over de overladenheid van het onderwijsaanbod en de grote maatschappelijke
   gegeven in een situatie waarbij de tekorten aan leraren voelbaar zijn in de dagelijkse               verwachtingen van scholen in het primair en voortgezet onderwijs. Het gaat dan om de
   praktijk en tot nijpende problemen leiden (zie hoofdstuk 2). De handelingsopties langs               vereiste onderwijstijd, de wettelijke eisen rondom de landelijke einddoelen en niveaus,
   twee sporen, of combinaties daarvan, die de Onderwijsraad hier in beeld brengt, moeten               én om de maatschappelijke verwachtingen van het onderwijs. De OESO ziet bijvoorbeeld
   het beter mogelijk maken in onderwijs te voorzien in een situatie van aanhoudende                    een internationale trend waarin de druk op scholen toeneemt doordat het curriculum
   lerarentekorten. Ze sluiten elkaar niet uit en kunnen elkaar juist ook aanvullen. Het doel is        in steeds meer zaken moet voorzien (zoals mediawijsheid, 21e-eeuwse vaardigheden
   beter in staat te zijn om met het beschikbare aantal leraren te voorzien in onderwijs.               en klimaatkennis). De organisatie waarschuwt dan ook voor een overladen curriculum
                                                                                                        en verdere uitbreiding daarvan. De OESO pleit voor een gezonde balans binnen het
   De handelingsopties gaan enerzijds over het onderwijsaanbod op basis van de wettelijke               curriculum om zo de druk op leraren en het huidige curriculum te bewaken.81
   opdracht vanuit de overheid, de missie van scholen zelf, en de verwachtingen van
   de samenleving. En anderzijds over de mensen, middelen en de organisatie van het                     De omvang van het onderwijsaanbod wordt op drie niveaus bepaald of beïnvloed. De
   onderwijs in de scholen. De opties langs het eerste spoor behelzen een beperking van het             rijksoverheid bepaalt de omvang van de wettelijke opdracht van scholen.82 Op het niveau
   onderwijsaanbod. Dit moet altijd gepaard gaan met een verlaging van de onderwijstijd voor            van de school maken schoolbestuurders en -leiders keuzes over het onderwijsaanbod in de
   leerlingen. De opties langs het andere spoor gaan over de organisatie van het werk in het            missie en visie van scholen. Daarnaast hebben maatschappelijke verwachtingen invloed
   onderwijs en de inzet van mensen en middelen daarbij – denk aan de inzet van andere                  op het onderwijsaanbod. Soms slaan die verwachtingen neer in het onderwijsaanbod via
   professionals of vrijwilligers.                                                                      de wettelijke eisen, denk aan de doelen rondom burgerschap; soms loopt dit via de school,
                                                                                                        denk aan het schoolontbijt. Soms hechten leraren veel belang aan wat er op dat moment
   De handelingsopties betekenen niet dat leraren meer uren zouden moeten werken dan nu                 in de samenleving aan verwachtingen wordt geuit, en pakken ze die zelf op. Dit alles leidt
   het geval is. Het gaat erom de beschikbare tijd zo in te zetten dat het beter lukt om met het        vaak tot uitbreiding van het onderwijsaanbod.
   beschikbare aantal leraren in onderwijs te voorzien. Dat betekent niet per definitie grotere
   klassen of lesgroepen per leraar. De groepsgrootte hangt immers ook af van hoe leraren en            Beperking onderwijsaanbod alleen zinvol als onderwijstijd voor leerlingen omlaag gaat
   andere mensen werken.                                                                                Beperking van het onderwijsaanbod op school om een lerarentekort op te vangen, werkt
                                                                                                        alleen als ook de onderwijstijd voor leerlingen omlaag gaat. De lestijd voor leraren blijft
   De handelingsopties: een eerste stap                                                                 hetzelfde, of daalt in elk geval veel minder, zodat in het (beperktere) onderwijsaanbod kan
   Deze verkenning van de Onderwijsraad is een eerste stap in het doordenken van het                    worden voorzien met het beschikbare aantal leraren. Leerlingen krijgen dus minder uren
   omgaan met lerarentekorten. Het is nadrukkelijk geen panklaar plan om in onderwijs te                les. Wordt ook de lestijd van leraren verkort (bijvoorbeeld in verband met de werkdruk,
   voorzien bij een voortdurend tekort aan leraren. Daarvoor is de problematiek te omvangrijk           zoals vaak bepleit wordt), dan moet de onderwijstijd voor leerlingen nóg meer omlaag. Het
   en is een verdere vertaling nodig naar de praktijk van het onderwijs.                                gaat erom dat leraren per saldo tijd krijgen om bijvoorbeeld lessen beter voor te bereiden of
                                                                                                        zich verder te professionaliseren. Dit kan een overweging zijn bij deze handelingsoptie.
   De handelingsopties die de raad hier bespreekt, vragen doordenking en tijd om ze
   (goed) te kunnen inzetten. Denk aan handelingsopties rondom de wettelijke eisen, zoals               Een combinatie van beperking van het onderwijsaanbod, vermindering van de lestijd én
   de landelijke einddoelen en niveaus. Bovendien verschillen de problemen rondom de                    extra inzet van anderen, is ook denkbaar. Dan gaan leerlingen bijvoorbeeld vier dagen
   lerarentekorten te veel per regio, bestuur en school om kant-en-klare oplossingen te                 naar school en is er de vijfde dag wel een programma op school, maar dat vormt geen
   presenteren. Elk bestuur en elke school zal hiertoe een eigen visie en werkwijze moeten              onderdeel van het onderwijsaanbod (onderwijsinhoud). Dit hoeft niet te worden verzorgd
   ontwikkelen. Dit is uitgewerkt in hoofdstuk 3.                                                       door bevoegde leraren en hoeft ook niet per definitie voor alle leerlingen verplicht dan wel
                                                                                                        beschikbaar te zijn. De opties worden hieronder en in paragraaf 4.2 toegelicht.
   Hoewel veel handelingsopties al bestaan, worden ze tot nu toe veelal niet ingezet om
   te voorzien in onderwijs in een situatie van aanhoudende lerarentekorten. Er wordt                   Politiek en samenleving: beperking van de maatschappelijke verwachtingen
   ook nauwelijks systematisch (evaluatie)onderzoek gedaan naar de invoering ervan,                     van het onderwijs
   noch naar de gevolgen voor bijvoorbeeld onderwijskwaliteit of het beroep van leraren.                De maatschappij verwacht veel van scholen en is daarmee een belangrijke drijfveer achter
   Daardoor ontbreekt momenteel een helder beeld van de gevolgen en wat noodzakelijke                   de omvang van het onderwijsaanbod op scholen. Soms vertaalt zich dat in wettelijke
   randvoorwaarden zijn. Dit vereist (systematisch) onderzoek, bijvoorbeeld gecoördineerd               bepalingen (zie het tekstkader 'Huidige wettelijke eisen aan het primair en voortgezet
   door het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek. De uitkomsten moeten expliciet                    onderwijs' verderop), soms slaat het neer in de missie van scholen. Indammen van deze
   aandacht krijgen in de aanpak van lerarentekorten (zie hoofdstuk 3). Het is ook belangrijk           verwachtingen is een belangrijke eerste stap om het onderwijsaanbod in te beperken.
   de randvoorwaarden en de gevolgen voor de aantrekkelijkheid van het lerarenberoep mee
   te nemen. De vertaling van deze verkenning naar de praktijk van het onderwijs vraagt tot             De afgelopen decennia is steeds vaker een beroep gedaan op scholen om bij te dragen
   slot nadrukkelijk om invloed en betrokkenheid van leraren zelf. Het gaat immers om hun               aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Hierdoor hebben scholen hun
   beroep en werk.                                                                                      onderwijsdoelen uitgebreid. De verwachtingen ten aanzien van het onderwijs zijn niet
                                                                                                        alleen gegroeid, ze wegen ook zwaarder. Scholen hebben de toegenomen én verzwaarde
   In paragraaf 4.1 en 4.2 wordt belicht hoe de handelingsopties langs beide sporen helpen in           verantwoordelijkheden op zich genomen zonder dat hun capaciteit (personeelsbestand) is
   de omgang met de lerarentekorten en wat ze betekenen voor het beroep van de leraar, de               uitgebreid.83
   continuïteit en kwaliteit van het onderwijs, en kansengelijkheid. Ook worden voorbeelden
   beschreven van mogelijke handelingsopties.
   Vaak wordt digitale technologie genoemd als middel om personeelstekorten het hoofd te
   bieden. De raad ziet dat anders en licht dit toe in paragraaf 4.3.
                                                                                                        81 OESO, 2020.
                                                                                                        82	Dit betreft de referentieniveaus en kerndoelen (primair en voortgezet onderwijs) en exameneisen
                                                                                                             (voortgezet onderwijs). Ook de onderwijstijd is wettelijk bepaald. Zie het tekstkader 'Huidige wettelijke
                                                                                                             eisen aan het primair en voortgezet onderwijs'.
38                                                                                               39     83 Onderwijsraad, 2021a.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>           Bij maatschappelijke kwesties is de reflex al snel dat het onderwijs moet bijdragen aan           mens en maatschappij, kunst en cultuur, en bewegen en sport.91 Daarnaast schrijft de
           de oplossing – zeker ook vanuit de politiek. Denk aan lessen over gezonde voeding om              overheid de examenprogramma’s van het voortgezet onderwijs voor. Per examenvak is
           obesitas tegen te gaan, financiële educatie, aandacht voor radicalisering, en inspanningen        aangegeven wat examenkandidaten moeten kunnen en kennen voor het school- en voor
           in het kader van armoedebeleid. Ook wordt van scholen verwacht dat ze leerlingen                  het eindexamen.92 Voor de diverse schoolsoorten in het voortgezet onderwijs gelden
           stimuleren mee te doen aan sportieve en culturele activiteiten in de buurt. Ouders hebben         bovendien referentieniveaus voor taal en rekenen/wiskunde.93
           ook aanvullende verwachtingen. Bijvoorbeeld dat de school leerlingen onderwijs geeft op
           het gebied van mindfulness, filosofie en programmeren.84                                          Ook de onderwijstijd in het primair en voortgezet onderwijs is wettelijk bepaald. In de
                                                                                                             WPO is vastgelegd dat aan leerlingen in het primair onderwijs ten minste 7520 uren
           Het onderwijs kan echter niet alles op zich nemen, zeker niet bij de aanhoudende                  onderwijs wordt gegeven. In de onderbouw van het primair onderwijs wordt ten minste
           lerarentekorten. Momenteel ontbreekt het in politiek en samenleving aan besef van                 3520 uur onderwijs gegeven en in de bovenbouw ten minste 3760 uur. Een schoolweek
           wat redelijkerwijs van het onderwijs verwacht kan worden. Het onderwijsveld moet hier             duurt in principe vijf dagen, maar de WPO staat een vierdaagse schoolweek toe, mits
           weerwerk aan geven.                                                                               dat niet meer is dan zeven weken per jaar en die zeven weken gelijkelijk over het jaar
                                                                                                             zijn verdeeld. In de WVO is voor elke schoolsoort een minimum aantal uren vastgelegd.
           Daarnaast zet de onderlinge concurrentie scholen aan zich te profileren met extra                 De WVO bevat verder een aantal bepalingen over de verdeling van klokuren voor het
           aanbod om leerlingen te trekken. Dit zet druk op schoolleiders en -bestuurders allerlei           praktijkonderwijs. De WVO bepaalt dat het bevoegd gezag in elk schooljaar op ten minste
           (maatschappelijke) verwachtingen om te zetten in onderwijsaanbod, ook als dit vanuit              189 dagen onderwijs verzorgt.
           onderwijskundig perspectief niet per se thuishoort in een kwalitatief hoogwaardig
           scholings- en vormingsaanbod.
                                                                                                                     Beperking onderwijsinhoud en -tijd
           Scholen en leraren hebben hier zelf ook een taak. Soms zullen scholen scherpe keuzes                      De wettelijke eisen die momenteel worden gesteld aan de onderwijsinhoud en -tijd in het
           moeten maken in de prioriteiten die ze stellen en activiteiten die zij kunnen waarmaken                   primair en voortgezet onderwijs, bieden de rijksoverheid diverse aanknopingspunten om
           met de beschikbare middelen en bemensing.85 Schoolleiders en -bestuurders moeten een                      het onderwijsaanbod in scholen in te perken. Bij onderwijsinhoud gaat het om beperking
           buffer vormen tegen de druk vanuit de samenleving om in te springen op maatschappelijke                   van het aantal kerndoelen in het primair onderwijs en de onderbouw van het voortgezet
           problemen. Ook leraren moeten keuzes maken. Soms voelen maatschappelijke                                  onderwijs, en om de examenprogramma’s in het voortgezet onderwijs. Bij onderwijstijd gaat
           verwachtingen als een opdracht, terwijl ze dat niet zijn. Soms willen leraren vanuit hun                  het om de wettelijke urennorm voor leerlingen. Het kan ook betekenen dat niet alleen de
           eigen betrokkenheid zelf inspelen op maatschappelijke vragen, terwijl daar eigenlijk geen                 onderwijstijd afneemt, maar ook het aantal dagen waarop onderwijs wordt gegeven. Het
           taak of opdracht voor het onderwijs ligt en het tot een overladen programma leidt.                        idee is dat als het onderwijsaanbod voor leerlingen in omvang en tijd afneemt, daardoor
                                                                                                                     het totale onderwijsaanbod kan worden gerealiseerd met het beschikbare aantal leraren.
           Rijk: beperking van de wettelijke opdracht en verlaging van de onderwijstijd                              Goed om te weten: Nederlandse leerlingen krijgen internationaal gezien relatief veel uren
           Het primair en voortgezet onderwijs is een basisvoorziening. De Nederlandse overheid                      onderwijs: gemiddeld 940 uur per schooljaar in het basisonderwijs (het OESO-gemiddelde
           voorziet in kwalitatief goed onderwijs voor alle leerplichtige kinderen door instellingen voor            ligt op 799) en gemiddeld 1000 uur in de onderbouw van het voortgezet onderwijs (het
           primair en voortgezet onderwijs hiertoe te bekostigen en door in wetgeving vast te leggen                 OESO-gemiddelde ligt op 919).94
           waaraan het funderend onderwijs moet voldoen en wat er moet worden bereikt. Deze
           wetgeving vormt weer de basis voor het toezicht door de Inspectie van het Onderwijs, die                  Alleen verlaging onderwijstijd
           de kwaliteit van het onderwijs op de scholen voor primair en voortgezet onderwijs namens                  Het onderwijsaanbod is ook te verkleinen door alleen de lestijd voor leerlingen te verlagen
           de overheid bewaakt, op zowel instellings- als sectorniveau.86 Beperking van de opdracht                  zonder de onderwijsinhoud aan te passen. De bestaande onderwijsinhoud vanuit de
           van het onderwijs verandert niets aan de basisvoorziening die het primair en voortgezet                   wettelijke opdracht moet dan in minder lesuren aangeboden worden. Dit lijkt nauwelijks een
           onderwijs moet zijn en blijven.                                                                           optie vanwege het toch al inhoudelijk overladen programma en het risico van oppervlakkige
                                                                                                                     behandeling van de leerstof.
   Huidige wettelijke eisen aan het primair en voortgezet onderwijs                                                  Scholen: beperking van het onderwijsaanbod in school
   De Wet op het primair onderwijs (WPO) schrijft voor dat scholen in ieder geval onderwijs                          Leraren, schoolteams, schoolleiders en bestuurders spelen samen een grote rol als wordt
   geven in Nederlandse taal, rekenen en wiskunde, Engels, kennisgebieden zoals                                      gekozen voor beperking van het aangeboden onderwijs om het tekort aan leraren het hoofd
   aardrijkskunde, geschiedenis en natuur, expressie, redzaamheid in het verkeer en                                  te bieden. Zij zijn het immers die het ‘wettelijk bepaalde’ aanbod voor een groot deel verder
   bevordering van gezond gedrag. Scholen mogen ervoor kiezen ook onderwijs in Duits                                 aanvullen en inkleuren. Ze hebben hierbij veel ruimte om zelf te bepalen wat zij belangrijk
   of Frans aan te bieden en in de provincie Friesland ook in het Fries. In de kerndoelen                            vinden. Een heldere missie en onderwijsvisie zijn daarom belangrijk, zodat leraren,
   wordt per vakgebied uitgewerkt wat leerlingen aan het einde van de basisschool van                                schoolteams, schoolleiders en bestuurders hun keuzes voor onderwijsdoelen en
   deze vakgebieden inhoudelijk moeten weten en kunnen. In totaal zijn er voor het                                   lesinhoud hierop kunnen baseren.
   primair onderwijs 58 kerndoelen, verdeeld over Nederlandse en Friese taal, rekenen,
   wereldoriëntatie, kunstzinnige oriëntatie en bewegingsonderwijs.87 Voor de vakgebieden                            Schoolleiders en leraren moeten ervan doordrongen zijn dat de wettelijke eisen zeker
   Nederlandse taal en rekenen/wiskunde zijn daarnaast referentieniveaus vastgelegd.88 Deze                          ruimte laten voor eigen keuzes om tot een werkbaar aanbod van onderwijs te komen. Dit
   stellen minimumeisen aan de vaardigheid van leerlingen in taal en rekenen aan het eind                            vergt stevig curriculumbewustzijn van leraren en schoolleiders, en het besef dat vakken
   van het primair onderwijs, maar ook voor het onderwijs daarna.89                                                  en leergebieden met elkaar te verbinden te zijn.95
   De Wet op het voortgezet onderwijs (WVO) schrijft voor dat de bovenbouw van vmbo,                                 Beperking van het onderwijsaanbod vraagt om doortastendheid van schoolleiders en
   havo en vwo is verdeeld in vier profielen. Het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 bepaalt                                schoolbestuurders, waarbij goed overleg en afstemming met medezeggenschapsraden
   welke vakken leerlingen in dit profiel ten minste moeten volgen en wat de studielast per                          nodig zijn. Als zij in die gesprekken duidelijk maken dat lerarentekorten een collectieve
   vak moet zijn.90 Voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs gelden net als in het                             opgave zijn en om solidariteit vragen, kunnen ouders en leraren de – vaak pijnlijke –
   basisonderwijs kerndoelen voor bepaalde onderwijsgebieden. Dit zijn er 64, verdeeld                               keuzes in beperking van het onderwijsaanbod beter begrijpen en mogelijk steunen. Bij de
   over Nederlandse, Engelse en Friese taal, rekenen en wiskunde, mens en natuur,                                    beperking van het aanbod moet ook oog zijn voor specifieke behoeften van de leerlingen.
                                                                                                                     Wat hebben zij echt nodig? Waar kan niet beperkt worden en waar zit wel ruimte?
           84  Onderwijsraad, 2021a.
           85  Ibid.                                                                                                 91 Besluit kerndoelen onderbouw VO.
           86  Hooge, 2018.                                                                                          92 Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs.
           87  Besluit vernieuwde kerndoelen WPO.                                                                    93 Besluit referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen.
           88  Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen.                                                    94	Inspectie der Rijksfinanciën, 2020. Zie ook: Van der Aa, Van den Berg, Scheeren e.a., 2020; https://
           89  Besluit referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen.                                                     www.nro.nl/onderzoeksprojecten/beschrijving-en-effecten-van-onderwijstijd
40         90  Uitvoeringsbesluit WVO 2020.                                                               41         95 Onderwijsraad, 2022c.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre>   Solidariteit in de beperking van onderwijsaanbod en -tijd                                                Beperking van het onderwijsaanbod dient altijd gepaard te gaan met verlaging van de
   Beperking van het onderwijsaanbod en de onderwijstijd heeft voor alle leerlingen gevolgen,               onderwijstijd voor leerlingen, bijvoorbeeld via een vierdaagse schoolweek of minder
   ze brengen immers minder tijd op school door en krijgen minder onderwijs. De gevolgen zijn               lesuren in het rooster in het voortgezet onderwijs. Klassen krijgen niet allemaal op
   echter niet voor alle leerlingen even groot. Voor sociaal kwetsbare leerlingen pakt beperking            dezelfde dag een kortere lesdag, of op dezelfde dag vrij. In het voortgezet onderwijs kan
   van het onderwijsaanbod en de onderwijstijd beduidend negatiever uit. Zij beschikken                     onderwijstijdvermindering voor leerlingen leiden tot meer tussenuren. Leerlingen zijn dan
   over minder sociaal, cultureel en economisch kapitaal vanuit de thuissituatie om dit op te               wel de hele dag op school, maar hebben niet de hele tijd les. De vrijgekomen tijd zullen
   vangen. Dit maakt de kans dat zij minder leren en zich minder goed ontwikkelen en in hun                 ze op een andere manier moeten invullen. De school moet hiertoe over voldoende ruimte
   schoolloopbaan geschaad worden onaanvaardbaar groot.                                                     beschikken en begeleiding of toezicht organiseren. Dit vraagt inzet van anderen dan
                                                                                                            leraren (zie paragraaf 4.2). Ook in het primair onderwijs vraagt de vrijgevallen onderwijstijd
   De Onderwijsraad pleit er daarom voor het solidariteitsprincipe (zie hoofdstuk 3) mee te                 om invulling. Dat wordt hieronder toegelicht.
   wegen bij de mogelijke beperking van onderwijsaanbod en -tijd, en te doordenken of en
   hoe sociaal kwetsbare groepen kunnen worden ontzien. Dit zijn geen gemakkelijke keuzes.                  Effect op kwaliteit en kansengelijkheid
   Moeten bijvoorbeeld scholen met relatief veel sociaal kwetsbare leerlingen (scholen met een              Het beperken van het onderwijsaanbod en de onderwijstijd brengt risico’s met zich mee
   hoog schoolgewicht) worden ontzien door hier het onderwijsaanbod en de onderwijstijd niet                op het gebied van onderwijskwaliteit en kansengelijkheid. Het is belangrijk dat publiek
   te beperken?                                                                                             bekostigde scholen kwalitatief goed onderwijs kunnen blijven bieden en leerlingen goed
                                                                                                            voorbereiden op het vervolgonderwijs en hun rol in de samenleving. Dat blijft ook de
   Beperking van het onderwijsaanbod vraagt tijd                                                            opdracht als onderwijstijd en -aanbod beperkt worden om het lerarentekort het hoofd te
   Het onderwijsaanbod is te beperken door aanpassing van de wettelijke eisen (landelijke                   bieden.
   einddoelen en niveaus, urennormen), beperking van wat scholen op het programma
   zetten (het schoolcurriculum) en beperken van en teweerstellen tegen (gepercipieerde)                    De lastige situatie van de ongelijk verdeelde lerarentekorten, die de kansenongelijkheid
   maatschappelijke verwachtingen van het onderwijs. Om lerarentekorten effectief het hoofd                 in het onderwijs en de sociale ongelijkheid in de samenleving vergroten, vraagt om
   te bieden, moet de beperking van het onderwijsaanbod uitmonden in minder lestijd voor                    extra doordenking. Als het publiek bekostigde onderwijs er onvoldoende in slaagt alle
   leerlingen. De vormgeving en invulling van deze handelingsopties vergen tijd voor grondige               leerlingen nog steeds het onderwijs te bieden dat zij nodig hebben, wordt het risico op
   doordenking, ook van de consequenties.                                                                   kansenongelijkheid groter. Ouders verschillen in financiële draagkracht en sociaal en
                                                                                                            cultureel kapitaal. Sommige ouders zullen het beperktere onderwijsaanbod op school
   Beperking van de wettelijke eisen in termen van landelijke einddoelen en niveaus en de                   kunnen compenseren door zelf bijles of cultureel-educatieve uitjes te organiseren. Of ze
   onderwijstijd, vereisen een aanpassing van de wetgeving en daaruit voortkomende regels.                  nemen hun toevlucht tot privaat onderwijsaanbod. Andere ouders kunnen dat niet of minder
   Dit is veelal niet op korte termijn te realiseren. Het gaat om aanpassingen voor langere tijd en         goed. Dit leidt ertoe dat gelijke onderwijskansen onder druk komen te staan.98
   die vragen om gedegen voorbereiding en zorgvuldig beleid en dito wetgeving.
                                                                                                            Verschil maken in het onderwijsaanbod en de onderwijstijd tussen leerlingen kan bij
   Implicaties voor het beroep van leraar                                                                   sommige groepen het gebruik van het private onderwijs mogelijk nog extra aanjagen.
   Beperking van het onderwijsaanbod heeft diverse implicaties voor het beroep van de leraar.               Wanneer meer ouders voor hun kinderen (deels) kiezen voor privaat onderwijs, zou dit
   Allereerst vraagt het van leraren, schoolleiders en andere betrokkenen op scholen scherper               het draagvlak onder een sterke publieke onderwijsvoorziening kunnen uithollen.99 Ook
   keuzes te maken met het oog op de inzet van leraren bij wat er in het onderwijs wordt                    de vraag naar leraren in de private sector zou kunnen stijgen, waardoor de tekorten in de
   aangeboden. Want welke lesonderdelen of leerstof moeten dan geschrapt worden? Stevig                     publieke sector nog groter worden.
   curriculumbewustzijn van leraren, schoolleiders en anderen op scholen is onontbeerlijk
   om hierin doordachte keuzes te kunnen maken.96 Voor een deel van de leraren is dat geen                  Flankerend beleid kan nodig zijn
   dagelijkse praktijk; de aangeschafte lesmethode vormt vaak het uitgangspunt. Leraren moeten              Als verlaging van de onderwijstijd ertoe leidt dat leerlingen minder tijd op school
   voldoende geschoold zijn of worden om keuzes te kunnen maken en focus aan te brengen in                  doorbrengen, kan dat de verschillen tussen leerlingen dus vergroten. Dit is te onder­
   het schoolcurriculum, én over voldoende tijd beschikken. De hoge werkdruk maakt het voor                 vangen door de weggevallen onderwijstijd in te vullen met initiatieven zoals de verlengde
   leraren momenteel lastig om bewust en afgewogen te kiezen in het onderwijsaanbod.                        schooldag, waarbij anderen dan leraren een programma aanbieden dat de algemene
                                                                                                            ontwikkeling en vorming van leerlingen ondersteunt. Het gaat dan niet om onderwijs
   Beperking van het onderwijsaanbod kan zorgen voor meer focus, en het werk overzichtelijker               maar om buitenschoolse activiteiten of opvang. Ook dit vraagt doordenking en visie.
   maken. Als leraren beter kunnen overzien wat hen te doen staat in hun onderwijs, kunnen                  Bijvoorbeeld: moet dit aanbod op school plaatsvinden, wat zijn de vereisten voor zo’n
   zij daar in hun lesvoorbereiding ook meer op inzetten. Zeker in het primair onderwijs, waar              programma, moet het toegankelijk zijn voor alle leerlingen of voor specifieke groepen
   leraren vele vakken en leergebieden onderwijzen, kan focus positief uitpakken voor de                    leerlingen die sociaal kwetsbaar zijn?
   onderwijskwaliteit en de ervaren werkdruk.97
   Beperking van het onderwijsaanbod en verkorting van de lestijd van de leerling kunnen               4.2	Optimalisering van de organisatie van het werk in
   ook maken dat leraren zich minder vrij en zelfs gehinderd voelen om hun vak goed uit
   te oefenen; zij ervaren dan dat hun beroep verschraalt. Bijvoorbeeld wanneer er minder
                                                                                                            het onderwijs
   tijd is voor uitbreiding van de lesstof en extra-curriculaire activiteiten. Beperking van het
   onderwijsaanbod kan zo de professionele handelingsruimte en eigen verantwoordelijkheid                   De raad zoomt hier in op handelingsopties gericht op de organisatie van het werk in het
   van leraren ondergraven. Het is dus zaak dat leraren(teams) zelf inhoudelijke keuzes blijven             onderwijs en de inzet van mensen en middelen daarbij, om lerarentekorten op te vangen.
   maken als het gaat om het onderwijsaanbod – ook als scholen ervoor kiezen het aanbod                     Op dit vlak gebeurt er al veel in de praktijk, zo bleek uit gesprekken en bijeenkomsten die
   te beperken om lerarentekorten het hoofd te bieden. Leraren moeten zelf kleur en inhoud                  de Onderwijsraad organiseerde, en ook uit diverse publicaties.100
   kunnen blijven geven aan het onderwijs waarin de school voorziet. Dit moet in de visie voor
   omgaan met de lerarentekorten op alle niveaus (rijksoverheid, besturen, scholen en leraren)              Als andere professionals komen werken in de school, brengt dat extra coördinatie met zich
   aandacht krijgen (zie hoofdstuk 3).                                                                      mee (zie hoofdstuk 3). Het is daarom belangrijk dat hun inzet structureel is en voor een
                                                                                                            langere periode. Incidentele of heel kortdurende inzet brengt te veel georganiseer met zich
   Implicaties voor de continuïteit en kwaliteit van onderwijs                                              mee, nog los van het feit dat leerlingen en leraren niet de relaties kunnen opbouwen die zo
   Beperking van het onderwijsaanbod kan de risico’s van de lerarentekorten voor de                         belangrijk zijn voor het sociale weefsel van de gemeenschap van de school. Dit kwam ook
   continuïteit van het onderwijs beperken, omdat er minder inzet van leraren vereist is. Door de           naar voren in gesprekken met schoolbestuurders, -leiders en leraren.
   lestijd voor leerlingen (met of zonder beperking van het onderwijsaanbod) te verlagen, kan
   de school immers toe met het beschikbare aantal leraren.
                                                                                                            98 Onderwijsraad, 2021c.
   96 Onderwijsraad, 2022c.                                                                                 99 Ibid.
42 97 Onderwijsraad, 2021a.                                                                         43      100 Kohnstamm Instituut & CAOP, 2019; VO-raad, 2018; BBO Amsterdam, 2020; Voion, 2023; PO-Raad, 2022.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 23 ======================================================================

<pre>   De leraar en andere professionals                                                                                    ondersteunen de leraar bijvoorbeeld bij een praktijkles of een practicum, begeleiden kleine
   Optimalisering van de organisatie van het werk van leraren en andere professionals in                                groepjes leerlingen bij een specifieke opdracht, ondersteunen individuele leerlingen met
   school kan op allerlei manieren. Het centrale idee is: leraren werken aan de kern van hun                            specifieke leervragen of zorgen samen met de leraar voor voldoende rust en orde in de
   vak, namelijk onderwijs geven en ontwikkelen. Bij aanhoudende lerarentekorten zijn ze                                groep om de les goed te laten verlopen. Met onderwijsassistenten of andere professionals
   daar ook het hardst nodig.                                                                                           erbij kan de groep leerlingen in de les ook groter zijn. De leraar heeft de leiding in
                                                                                                                        het voorbereiden en geven van het onderwijs, de onderwijsassistent ondersteunt de
   Leraren(teams) kunnen veelal (gesteund door hun schoolleiders en bestuurders) hun                                    leraar daarbij.
   prioriteiten scherper stellen, werkzaamheden beter verdelen en deze gerichter uitvoeren.
   Het totaal aan werkzaamheden en activiteiten op een school kan beter worden verdeeld                                 Andere professionals inzetten in de lessituatie kan ook ‘groter’ aangepakt worden. In de
   onder leraren, specialisten, onderwijsassistenten en ander ondersteunend personeel.                                  vorm van het zogenoemde team teaching wordt onderwijs niet altijd verzorgd door een
   Welk type professional is voor een werkzaamheid of activiteit de aangewezen persoon? Dit                             bevoegde leraar (dat is bij de opties hierboven wel het geval). Het onderwijs wordt ontwikkeld
   kan een leraar (groepsleraar of vakleraar), onderwijsassistent of onderwijsondersteuner                              en verzorgd door een team waarin alle benodigde bevoegdheden geborgd zijn. De inzet
   zijn, maar bijvoorbeeld ook een onderwijswetenschapper, lerarenopleider of professionals                             van andere professionals is hier niet gericht op de uitvoering van een deel van het proces
   vanuit een specifieke organisatie of programma zonder winstoogmerk die iets toevoegen                                (bijvoorbeeld groepjes helpen in de klas) of losse taken (bijvoorbeeld nakijken, administratie),
   aan of aanvullen op het schoolcurriculum. Voor bepaalde activiteiten zijn misschien                                  maar is integraal onderdeel van de hele aanpak van het ontwikkelen en geven van onderwijs.
   vrijwilligers of ouders inzetbaar.101                                                                                Het hele team is verantwoordelijk voor het onderwijs. Lessen worden voorbereid door het
                                                                                                                        team en verzorgd door het team. De aard van de les of onderwijsactiviteit bepaalt dan welke
   Ook hier vindt de Onderwijsraad dat principes van solidariteit en een rechtvaardige                                  teamleden wat doen. Ook door onderwijsbevoegdheden te verruimen, zijn leraren (in teams)
   verdeling van de pijn van de lerarentekorten tussen scholen moeten meewegen (zie                                     beter inzetbaar.103 De bovenbouw van het primair onderwijs kan bijvoorbeeld samenwerken
   hoofdstuk 3). Hoe is het werk in het onderwijs en de inzet van mensen en middelen zó te                              met de onderbouw van het voortgezet onderwijs.
   organiseren, dat ook scholen en afdelingen met relatief veel sociaal kwetsbare leerlingen,
   waar het lerarentekort het nijpendst is, in onderwijs kunnen blijven voorzien?                                       Inzet van andere professionals kan er ook toe leiden dat scholen in bijvoorbeeld het
                                                                                                                        primair onderwijs hun lesdagen anders invullen. Zoals in de ochtend les van een bevoegde
   Behalve zoeken naar een goede en rechtvaardige verdeling van beschikbare leraren over                                groepsleraar en in de middag onderwijsactiviteiten die ook anderen kunnen verzorgen. Dan
   scholen en afdelingen (zie hoofdstuk 3), valt ook te denken aan het delen van netwerken                              staat er bijvoorbeeld in de middag geen groepsleraar voor de klas, maar een vakleerkracht
   van ouders, organisaties, bedrijven, vrijwilligers en andere personen die te hulp kunnen                             voor de gymles of een kunstenaar voor creatieve vorming. Denk ook aan een lessenreeks
   schieten om lerarentekorten het hoofd te bieden. Immers, niet alle scholen en afdelingen                             verzorgd door een organisatie, bedrijf of wetenschapper, of aan de inzet van ouders of
   beschikken in dezelfde mate over economisch, sociaal, cultureel en persoonskapitaal.102                              andere vrijwilligers bij activiteiten. Het betreffen hier nog steeds onderwijsactiviteiten in
   Binnen en tussen schoolbesturen en ook in regionaal verband kunnen nuttige contacten                                 het kader van (een deel van) de wettelijke eisen (bijvoorbeeld kerndoelen). Die andere
   en toegang tot kennis, middelen, programma’s of menskracht worden gedeeld en ter                                     professionals moeten dus ook bekwaam zijn om dit onderwijs te verzorgen. Dit vergt een
   beschikking worden gesteld.                                                                                          heldere bevoegdhedenstructuur (zie hieronder).
   Andere professionals kunnen met leerlingen aan het werk met activiteiten en zaken naast,                             Uiteraard kunnen anderen ook lesdagen of delen van een lesdag invullen, waarop geen
   of aanvullend en in voorbereiding op het onderwijs dat de school verzorgt. Het ontwikkelen                           onderwijs wordt verzorgd, bijvoorbeeld als de school kiest voor een kleiner onderwijsaanbod
   en geven van onderwijs blijft dan exclusief het terrein van de leraar. De inzet van anderen                          in combinatie met minder lestijd. Dan betreft het een opvangfaciliteit, waarin ook ruimte is
   kan ook in de les en tijdens de scholing en vorming van leerlingen vormkrijgen. In de                                voor leerzame activiteiten als schaakles of kunst- en sportactiviteiten.
   praktijk loopt dit vaak door elkaar, maar het wordt hierna uit elkaar getrokken om helder te
   krijgen welke werkzaamheden en activiteiten het betreft.                                                             Inzet van andere professionals in het onderwijs vereist helderheid over bevoegdheden. Dit
                                                                                                                        wordt hieronder toegelicht.
   Inzet van andere professionals naast de les en het onderwijs
   Andere professionals kunnen de leraar ondersteunen bij werkzaamheden naast de                                        Implicaties voor het beroep van de leraar
   les rondom het voorbereiden en verzorgen van het onderwijs. Denk aan een assistent                                   Er is weinig bekend over de effecten van de inzet van andere professionals in het onderwijs
   die zorgt dat het lokaal gereed is, het benodigde lesmateriaal klaarzet, zorgt dat de                                vanwege lerarentekorten. Steeds meer scholen kijken naar andere manieren om onderwijs
   leerlingenadministratie op orde is, afspraken met ouders inplant of toetsen opbergt in het                           te organiseren, vaak ingegeven door hun visie op onderwijskwaliteit.104 Er is geen eenduidige
   archief. Het kan ook gaan om het surveilleren bij toetsen of examens, pleinwacht in pauzes,                          definitie van wat ‘anders organiseren’ inhoudt. Soms gaat het over het inzetten van andere
   of ‘bijzitten’ bij het eten van de lunch in het primair onderwijs. De andere professionals                           professionals, soms over onderwijs op maat of flexibel omgaan met het rooster. Dit is in de
   doen dus werkzaamheden die niet direct het ontwikkelen of verzorgen van onderwijs aan                                praktijk meestal niet primair gedreven door lerarentekorten.
   groepen leerlingen betreffen. Dat blijft het terrein van de leraar.
                                                                                                                        Onderzoeken naar anders organiseren zijn vaak kleinschalig en kwalitatief. Kwantitatieve
   Ook voor grotere taken in school, die nu soms op het bordje van leraren belanden, kan                                gegevens over de effecten ontbreken. In gesprekken komt naar voren dat structurele
   ondersteunend personeel soelaas bieden. Denk aan taken als intern begeleider, mentoraat,                             inbedding van de andere professionals in het schoolteam belangrijk is. Dat gaat
   decanaat, zorg- of ondersteuningscoördinator, organisatie van schoolreizen en vieringen,                             om meedenken over het geboden onderwijs in de school, pedagogische aanpak en
   en coördinatie van de verlengde schooldag. Hiervoor is geen onderwijsbevoegdheid                                     professionalisering. Structurele inbedding betekent ook dat er zo veel mogelijk met dezelfde
   vereist. Leraren kunnen de tijd die zo vrijkomt, besteden aan de kern van hun vak: het                               mensen voor langere tijd wordt samengewerkt. Elke school zal hierop een eigen visie willen
   ontwikkelen en geven van onderwijs.                                                                                  ontwikkelen. Welk deel van het curriculum kan door of met de hulp van anderen worden
                                                                                                                        verzorgd, wat moet de leraar echt zelf doen, om hoeveel en welke uren gaat het, hoe krijgt
   Inzet van andere professionals in de les en het onderwijs                                                            de samenwerking vorm en hoe worden de verschillende werkzaamheden verdeeld tussen
   Leraren kunnen ook in de les en tijdens hun onderwijs ondersteund worden. Bijvoorbeeld                               leraren en andere professionals? Ook de rijksoverheid zal helder moeten zijn over de
   door onderwijsassistenten. Dit is in het primair onderwijs al redelijk gebruikelijk. In het                          vereisten aan de inzet van anderen. Wat mag een onderwijsassistent of andere professional
   voortgezet onderwijs is dit bij sommige vakken heel gewoon (denk aan de technisch                                    wel en wat niet?
   onderwijsassistent bij scheikunde) maar verder is de onderwijsassistent op veel scholen in
   het voortgezet onderwijs nog niet in beeld. Onderwijsassistenten of andere professionals                             Uit een inventarisatie van verschillende vormen van anders organiseren in het voortgezet
                                                                                                                        onderwijs en de gevolgen ervan voor onderwijsmedewerkers, komen indicaties dat de
                                                                                                                        werkdruk afneemt wanneer leraren zelf de taken en rollen onderling verdelen, een beroep
   101 Onderwijsraad, 2021a.
   102	Het Sociaal en Cultureel Planbureau onderscheidt in onderzoek naar structurele ongelijkheid naast
        economisch kapitaal (inkomen, financieel vermogen, opleidingsniveau, arbeidsmarktpositie) ook sociaal
        kapitaal (wie je kent), cultureel kapitaal (waar je bij past) en persoonskapitaal (wie je bent in termen van
        gezondheid en aantrekkelijkheid). Deze vormen van kapitaal zijn onderling verstrengeld. Zie Sociaal en          103 Onderwijsraad, 2018b; Van Tartwijk e.a., 2023.
44      Cultureel Planbureau, 2023b.                                                                                 45 104 Voion, 2023.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 23 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 24 ======================================================================

<pre>   doen op onderwijsassistenten voor ‘traditioneel’ onderwijs, en studenten inzetten.105 Bij            Ook voor andere professionals in scholen moeten schoolleiders en -besturen een goede
   sommige vormen van anders organiseren zijn er aanwijzingen dat ze (in eerste instantie)              werkgever zijn. En anderen inzetten voor het verzorgen van onderwijs in een situatie
   vragen om een extra tijdsinvestering van leraren. Het kost alle betrokkenen tijd om een              van lerarentekorten betekent niet noodzakelijk dat er in totaal minder mensen nodig
   eigen visie te ontwikkelen op hoe dit moet gebeuren en te wennen aan optimalisering                  zijn. Het kan juist zijn dat er extra mensen nodig zijn, zeker gezien de hoge werkdruk
   van de organisatie van het werk.106 Daarnaast zijn er aanwijzingen dat voor die vormen               in het onderwijs. De inzet van personeel wordt wel doelmatiger als mensen taken en
   waarbij sprake is van meer samenwerking, leraren meer plezier halen uit hun werk, onder              werkzaamheden kunnen uitvoeren die de meeste toegevoegde waarde hebben.108
   andere door toegenomen autonomie, meer verantwoordelijkheid en verbeterd contact met                 Daarom verdient het aanbeveling de rijksbekostiging te herijken met het oog op deze
   leerlingen.107 Dit zijn belangrijke elementen voor de aantrekkelijkheid van het beroep en            nieuwe situatie. Want de bekostiging moet structureel toereikend zijn, zodat alle scholen
   goed om mee te nemen.                                                                                de transitie kunnen maken om de organisatie van het werk in het onderwijs structureel te
                                                                                                        kunnen optimaliseren (zie hoofdstuk 3).
   Aan deze onderzoeken en inventarisaties zijn geen algemene conclusies te verbinden.
   Hoe een school andere professionals zo kan inzetten dat het lerarenberoep aantrekkelijk
   blijft én bijdraagt aan het omgaan met lerarentekorten, moet in de praktijk verder worden       4.3	Digitale technologie: geen handelingsoptie voor het
   uitgedacht en uitgewerkt. Dat moet op lokaal niveau gebeuren, onder de regie van de
   schoolbesturen. Het is belangrijk dat schoolleiders en leraren hierbij het voortouw nemen,
                                                                                                        omgaan met lerarentekorten
   omdat zij weten wat er past bij hun school en hun leerlingen. De overheid kan kaders
   ontwikkelen om de kwaliteit van het onderwijs te borgen.                                             Bij aanhoudende lerarentekorten wordt vaak geopperd digitale technologie in te zetten.
                                                                                                        Deze optie zou horen bij de hiervoor besproken handelingsopties gericht op de organisatie
   Implicaties voor de continuïteit en kwaliteit van onderwijs                                          van het werk in het onderwijs en de inzet van mensen en middelen daarbij. Maar de
   De inzet van andere professionals kan de risico’s van de lerarentekorten voor de                     Onderwijsraad wijdt er een aparte paragraaf aan, omdat de inzet van digitale technologie
   continuïteit van het onderwijs verkleinen. Dit vereist een duidelijke inhoudelijke visie van         volgens de raad geen verlichting biedt in een situatie van lerarentekorten.
   schoolleiders en hun bestuurders op wie welke delen of aspecten van het onderwijs kan
   en mag verzorgen, en onder welke condities. En het Rijk dient op dit punt voor een helder            Digitale technologie dringt steeds meer door in het leven van alledag en dus ook in het
   wettelijk kader te zorgen. Als de inzet van anderen in het onderwijs op een goede manier             onderwijs. Communicatie vindt tegenwoordig grotendeels plaats via digitale media en
   vorm krijgt, is de kans groter dat het onderwijs doorgang kan vinden.                                digitale platforms. Een recent fenomeen is dat digitale technologie met behulp van grote
                                                                                                        hoeveelheden data en slimmere algoritmen intelligente gedragingen van mensen kan
   Kwaliteitsborging vereist heldere bevoegdhedenstructuur                                              nabootsen. ChatGPT is zo’n in het oog springende toepassing van intelligente digitale
   Het is belangrijk goed te onderzoeken en verder te verkennen wat een optimale inzet                  technologie waarvan – wenselijk of niet – in het onderwijs steeds meer gebruik wordt
   van andere professionals in het onderwijs behelst en wat de gevolgen zijn voor de                    gemaakt. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid noemt de opmars van
   onderwijskwaliteit.                                                                                  intelligente technologie een vierde revolutie, die onze manier van werken en leven zal
                                                                                                        transformeren, zoals de stoommachine, elektriciteit en digitalisering dat eerder deden.109
   De rijksoverheid dient een kader te ontwikkelen met betrekking tot de inzetbaarheid en               (Intelligente) digitale technologie biedt veel mogelijkheden om bepaalde onderwijstaken
   bevoegdheid van mensen die onderwijs of een deel van het onderwijs verzorgen. Dit                    van leraren over te nemen, te vergemakkelijken of te versnellen. Bijvoorbeeld in de
   moet helderheid verschaffen over wie wat mag verzorgen in het onderwijs. Dit geldt                   vorm van adaptieve leermaterialen, automatische nakijkprogramma’s en dashboards die
   voor alle professionals die werkzaam zijn in de school, zoals onderwijsassistenten,                  onderwijs- en leerprocessen weergeven en interpreteren.110 Daarmee lijkt de inzet ervan in
   muziekdocenten en gastlesgevers. Bijvoorbeeld: wanneer, in welke situatie en voor welke              het onderwijs een kansrijke optie om lerarentekorten op te vangen.
   leerstof mag een professional zelfstandig onderwijs verzorgen aan een groep of aan een
   leerling, wat moet onder toezicht van een leraar en wat behelst dat toezicht dan? Ook                Leraren blijven een belangrijke spil in het onderwijs
   voor bijvoorbeeld medewerkers die hun onderwijsbevoegdheid in het buitenland hebben                  De Onderwijsraad ziet dat echter anders. Want met de inzet van digitale technologie wordt
   behaald, moet helder worden waartoe ze in Nederland bevoegd zijn en welk werk zij in het             het geven van onderwijs complexer. Digitale technologie manifesteert zich namelijk als
   onderwijs kunnen verrichten. Het voorkomt dat professionals in het onderwijs taken krijgen           een extra actor in het onderwijsproces, naast leraren, leerlingen en hun ouders. De inzet
   toebedeeld waarvoor ze niet goed zijn opgeleid. Werkzaamheden en opleiding moeten                    van deze technologie levert geen besparing op in de zin dat er de facto minder leraren
   goed op elkaar zijn afgestemd.                                                                       nodig zijn. Want betrokkenheid en professioneel handelen van leraren zijn altijd nodig,
                                                                                                        ook wanneer intelligente technologie processen deels overneemt of wanneer leerlingen
   Goed opgeleid onderwijspersoneel is zo een belangrijke waarborg voor de kwaliteit van het            met deze technologie zelfstandig leren. Onderwijs geven vergt immers kwaliteiten die
   onderwijs. Welke werkzaamheden zijn voorbehouden aan een bevoegde leraar en wat mag                  computers missen, zoals een brede opmerkzaamheid, pedagogische sensitiviteit en
   ook worden gedaan door andere onderwijsmedewerkers? Wees helder over niet alleen                     didactisch inspelen op specifieke en onverwachte situaties.111 Daarnaast kan het gebruik
   de bevoegdheden van leraren maar ook die van de andere medewerkers in het onderwijs.                 van digitale technologie in de klas de beheersing van vaardigheden beïnvloeden.
   Ook om te voorkomen dat er op dit punt grote verschillen tussen scholen ontstaan, al                 Internationaal onderzoek laat een negatief verband zien tussen de hoeveelheid technologie
   dan niet gedwongen door hoe hard het lerarentekort er drukt. De ongelijke verdeling van              die in klassen gebruikt wordt en de vaardigheden van 15-jarigen in lezen, wiskunde en
   de lerarentekorten langs bijvoorbeeld sociaaleconomische lijnen kan leiden tot meer                  natuurwetenschappen. De onderzoekers wijzen op het risico dat digitale leermiddelen van
   kansenongelijkheid in het onderwijs. Dit gebeurt als juist sociaal kwetsbare leerlingen              lage kwaliteit in de plaats komen van waardevolle analoge leeractiviteiten. En dat veel
   kwalitatief minder goede scholing en vorming krijgen, omdat dit op hun scholen te vaak               leraren wellicht beter toegerust zijn om bepaalde activiteiten analoog met een klas uit te
   wordt verzorgd of ondersteund door onderwijsmedewerkers die onvoldoende bekwaam of                   voeren, zonder de inzet van technologie.112
   onbevoegd zijn, of geen passende opleiding hebben genoten.
                                                                                                        De inzet van (intelligente) digitale technologie vraagt dus extra werk en aandacht van
   Inzet van anderen wringt mogelijk met de krappe arbeidsmarkt                                         leraren, in plaats van hen te ontlasten. Bijvoorbeeld bij het selecteren van geschikte
   Vanwege de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt (zie hoofdstuk 2) is het niet                       hulpmiddelen, het afstemmen ervan op leerdoelen en het creëren van leeractiviteiten.113
   vanzelfsprekend dat er andere professionals beschikbaar zijn om op scholen te                        Ook vergt het professionaliseringstijd van leraren om technologie effectief te integreren in
   werken. Ook hier concurreert het onderwijs met andere sectoren. Wel vergroot                         hun onderwijspraktijken.114 Het is dus beslist geen handelingsoptie om arbeidsbesparend
   deze handelingsoptie de groep potentiële medewerkers op wie het onderwijs een                        te werken. Leraren blijven een belangrijke spil in het onderwijs.
   beroep kan doen.
                                                                                                        108 Onderwijsraad, 2021a.
                                                                                                        109 Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 2021.
                                                                                                        110 Onderwijsraad 2022b.
                                                                                                        111 Ibid.
   105 Voion, 2023.                                                                                     112 OESO, 2021; Onderwijsraad, 2022c.
   106 Onderwijsraad, 2021a.                                                                            113 Mishra & Koehler, 2006.
46 107 Voion, 2023.                                                                             47      114 Ertmer, & Ottenbreit-Leftwich, 2010.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 24 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 25 ======================================================================

<pre>Inzet digitale technologie heeft negatieve implicaties voor kansengelijkheid
De raad wijst er verder op dat inzet van (intelligente) digitale technologie negatieve
implicaties heeft voor gelijke kansen in onderwijs en sociale gelijkheid, en daarmee afvalt
als handelingsoptie in de omgang met lerarentekorten. Zeker omdat lerarentekorten zelf
al ongelijk verdeeld zijn, grotendeels langs sociaaleconomische lijnen.
Niet alle leerlingen hebben even goed de beschikking over digitale middelen of toegang
tot een digitale infrastructuur, zijn even digitaal vaardig, of kunnen vanuit thuis of hun
omgeving worden ondersteund. Er is sprake van een digitale kloof. Deze term verwijst
naar het verschil tussen degenen die van digitale leermiddelen profiteren en degenen
voor wie dit in mindere mate geldt of die zelfs nadelen ondervinden van de technologie.115
Toegang tot digitale apparatuur en leermiddelen blijkt niet voldoende om de kloof te
dichten. Leerlingen moeten ook digitaal geletterd zijn om de technologie te benutten en
er verantwoord mee om te gaan. Bovendien pakt de technologie bij sommige groepen
leerlingen gunstiger uit dan bij andere. Ook ontstaan er verschillen tussen leerlingen,
doordat de ene leraar of school beter is toegerust dan de andere om de technologie
te gebruiken. Al deze verschillen hangen samen met achtergrondfactoren zoals
sociaaleconomische status, migratieachtergrond en sekse.116 Zo liepen tijdens de
covid-19-pandemie leerlingen met lager opgeleide ouders meer achterstanden op dan
degenen met hoger opgeleide ouders. Dit komt mogelijk doordat zij minder profiteerden
van het vervangende online onderwijs.117
115 Onderwijsraad, 2022b.
116 Van de Werfhorst, Kessenich & Geven, 2022.
117 Engzell, Frey & Verhagen, 2021.                                                         49
</pre>

====================================================================== Einde pagina 25 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 26 ======================================================================

<pre>                                                                                                                               Professionelere school                               Versterking positie leraar
   Bijlage. Overzicht lerarenbeleid 1993-2023                                                                                                                                       Prestatieafspraken over werkdruk
                                                                                                                                                                                    Prestatieafspraken over diversiteit
   Tabel 3. Beleidsnota’s en actieplannen lerarenbeleid 1993-2013.118
                                                                                                                                                                                    Toezicht op kwaliteit leraarschap
    Vitaal Leraarschap (1993)                                  Minister Ritzen in kabinet-Lubbers III
                                                                                                                               Betere beloning                                      Functiemix
    Thema’s                                                     Maatregelen
                                                                                                                                                                                    Verkorting carrièrelijn
    Professionalisering leraren in moderne
    arbeidsorganisaties                                                                                                                                                             Arbeidsmarkttoeslag (G4 en vmbo en mbo)
    Randvoorwaarden door overheid                               Schoolprofielbudget voor taak- en functiedifferentiatie        Korte termijn                                        Activering stille reserve en meer zij-instroom
    Kwaliteit van leraren en lerarenopleiding                   Beroepsprofiel en ontwikkeling startbekwaamheidseisen
                                                                                                                               Lerarenagenda 2013-2020 (2013)                       Minister Bussemaker in kabinet-Rutte II
    Maatwerk voor morgen. Het perspectief van een              Minister Hermans in kabinet-Kok II                              Hogere kennis- en geschiktheidseisen aankomende      Instroomeisen in tweedegraadslerarenopleidingen
    open onderwijsarbeidsmarkt (1999)                                                                                          studenten lerarenopleidingen
    Modernisering arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid        Decentralisering en normalisering arbeidsvoorwaarden                                                                Selectie op geschiktheid voor het beroep
                                                                Modernisering van de (collectieve) arbeidsvoorwaarden          Hogescholen en universiteiten gaan door met          Kwaliteitsverbetering lerarenopleidingen
                                                                                                                               verbetering van kwaliteit lerarenopleidingen
                                                                Normen voor differentiatie in functies
                                                                                                                                                                                    Ruimte voor opleidingen met ambitie
                                                                Integraal personeelsbeleid
                                                                                                                                                                                    In kaart brengen relaties scholen — lerarenopleidingen
                                                                Taakbelasting en werkdruk
                                                                                                                                                                                    Verbetering kwaliteit van lerarenopleiders
                                                                Bevordering van mobiliteit
                                                                                                                               Via aantrekkelijke en flexibele leerroutes meer      Meer leraren in tekortvakken opleiden door
    De kwaliteit van het beroep                                 De verantwoordelijke leraar                                    doelgroepen voor de lerarenopleidingen               aantrekkelijke en flexibele leerroutes voor zij-instromers
                                                                Kwaliteitswet (Wet op het leraarschap)                                                                              Aantrekkelijker maken van de pabo voor mannen
                                                                Startbekwaamheidseisen als minimumkwaliteitsnorm                                                                    Meer vwo’ers aantrekken voor de pabo’s en
                                                                                                                                                                                    tweedegraads lerarenopleidingen
                                                                Een publiekrechtelijk register van leraren
                                                                                                                                                                                    Meer masteropgeleide leraren voor de klas
    Diversiteit in het leraarsberoep                            Op zoek naar nieuwe kwaliteit
                                                                                                                               Startende leraar ontwikkelt zich na de opleiding tot Inwerk- en begeleidingsprogramma voor alle leraren
                                                                Kwaliteitsgaranties (ten behoeve van zijinstromers)
                                                                                                                               een volledig bekwame leraar
                                                                Zij-instromers in de opleiding
                                                                                                                                                                                    Experimenteren met junior leraar
                                                                Flexibele en duale routes
                                                                                                                                                                                    Goede begeleiding als onderdeel professioneel statuut
                                                                Actieve lerarenopleidingen
                                                                                                                               Leraren, schoolleiders en schoolbesturen maken       Voortzetting ontwikkeling naar gedegen
                                                                Stimulerende rol voor de overheid                              van scholen lerende organisaties                     personeelsbeleid
                                                                Belemmeringen wegnemen: verbreding instroom                                                                         Carrièreperspectief in een aantrekkelijke leeromgeving
                                                                lerarenopleiders bevoegdheid basisvorming/vmbo
                                                                                                                                                                                    Meer professionele ruimte, minder regeldruk
                                                                Verantwoording achteraf en mogelijkheden tot bijsturing
                                                                                                                                                                                    Leraren en bedrijfsleven leren van elkaar
                                                                Studeren met een leerarbeidsovereenkomst
                                                                                                                                                                                    Intensivering samenwerking scholen—
    Alle ‘hands’ aan dek: De personeelsvoorziening in           Urgentieprogramma, onder andere stille reserve, mobiliteit,                                                         lerarenopleidingen
    het onderwijs                                               voorkoming voortijdige uitstroom, nieuwe doelgroepen
                                                                                                                               Alle leraren bekwaam en bevoegd                      Onderwijsgevenden werken continu aan hun
                                                                                                                                                                                    professionele ontwikkeling
    Actieplan LeerKracht van Nederland (2007)                  Minister Plasterk in kabinet-Balkenende IV                                                                           Validering kwaliteit nascholingsaanbod
    Sterker beroep                                              Beroepsvereniging leraren                                                                                           Leraren maken in het register zichtbaar dat ze
                                                                                                                                                                                    bevoegd en blijvend bekwaam zijn
                                                                Beroepsregister door beroepsgroep
                                                                                                                                                                                    Elke onderwijsgevende is bevoegd
                                                                Scholingsfonds (Lerarenbeurs)
                                                                                                                               Een sterke beroepsorganisatie                        Ontwikkeling naar een volwaardige beroepsgroep
    Kwaliteitsagenda leraren (Krachtig meesterschap)            Kwaliteit lerarenopleidingen:
                                                                • aanscherping instroomniveau (intakegesprekken,                                                                   Verbetering imago van de leraar
                                                                  vakkenpakket)
                                                                • aanscherping eindniveau (kennisbases en
                                                                  eindtermen)
                                                                • kwaliteit opleidingsscholen
                                                                • meer academici
50              118 Van der Aa & Van der Ploeg, 2018.                                                                       51
</pre>

====================================================================== Einde pagina 26 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 27 ======================================================================

<pre>   Figuur 2. Tijdlijn lerarenbeleid op hoofdlijnen 2013-2023.119
                                                                                                                                           Geraadpleegd
         Rutte I - V
         Van Bijsterveldt     Bussemaker & Dekker                   Van Engelshoven & Slob                            Dijkgraaf &               Ter voorbereiding van deze verkenning heeft de Onderwijsraad gesprekken gevoerd met
         & Zijlstra                                                                                                   Wiersma
                                                                                                                                                onder meer leraren, schoolleiders, schoolbestuurders, ouders en onderzoekers. Er is onder
                                                                                                              Salariskloof
                                                                                                                                                andere gesproken met de volgende personen.
                                                                                                            po-vo gedicht
                                                                                                             (structureel)
                                                                                                                                                Naam				Organisatie
                                                                                                                                                Ruud van der Aa		                 CAOP
                              Impuls                                                          Nationaal Programma
                         tekortvakken vo                                                          Onderwijs (NPO)
                                                                                                                                                Duco Adema			Cedergroep
                            2013-2016                                                                2021-2023                                  Daniëlle Baas			                  Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang
                                                                                                                                                Cobi van Beek 		                  Cobi van Beek
                                                                                                                  Arbeidsmarkttoelage           Judith van Biemen		               Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Progresso
                                                                                                                       (structureel)
                                                                                                                                                Laura Borghols			                 Veurs Lyceum
                                                             Oprichting      Lerarenregister                                                    Rianne Buist-Pasveer		            Stichting Consent-Enschede
                                                            #POinActie         in de ijskast
                                                                                                                                                Frank Cörvers			                  Maastricht University
                                                                                                     Commissie-                                 Rik Dillingh			                   Centraal Planbureau
                                                                 Onderwijscoörperatie               Zevenbergen
                                                                                                      gestrand                                  Harry Dobbelaar		                 Zonova
                                                                      opgeheven
                                                                                                                                                Patrick van der Duin		            Foresight & Innovation Management
                                                                                                                                                Dominique van der Elst		          Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
          Oprichting                                                                      Oprichting                                            Gerard van Essen		                Sociaal-Economische Raad
    Onderwijscoörperatie                                                               Lerarencollectief
                                                                                                                                                Joos Francke			                   Inspectie van het Onderwijs
                                                                                                                                                Jonne Gaemers			                  Scholengroep AMOS
                                                                                                                                                Femke Geijsel			                  TIAS School for Business & Society
                                                                                                                                                Annerose Groot 		                 Breed Bestuurlijk Overleg Amsterdam
   2010    2011                        2014                      2017 2018 2019 2020                   2021      2022      2023
                                                                                                                                                Jan Haarhuis 			                  Universiteit Utrecht
                                                                                                                                                Joni Heijboer-Luymes		            Focus Beroepsacademie / OZHW Groen College
                         Lerarenagenda                           Wet                     Rapport Van            Rapport                         Lex Herweijer			                  Sociaal en Cultureel Planbureau
                            2013-2020                      beroep leraar                 Vroonhoven             Asscher
                                                                                                                                                Colette van den Heuvel		          Samenwerkingsverband Samen Opleiden I AOSL
                                                                                                                                                Tom Hogervorst			                 VO-raad
                                                            Plan Aanpak                   Regionale                                             Josta de Hoog			                  Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid
                                                           Lerarentekort                    aanpak                                              Ben Jongbloed			                  Universiteit Twente
                                                                                         personeels-
                                                                                             tekort                                             Frans Kaiser			                   Universiteit Twente
                                                                                          2020-2022                                             Ila Kasem 			                     Van de Bunt Adviseurs
                                                                        Rapport
                                                                      Ruim baan                                                                 Riemer Kemper			                  Sociaal-Economische Raad
                                                                     voor leraren
                                                                                            Rapport                                             Madelief Keyser			                Kunskapsskolan Nederland
                                                                                           McKinsey
                                                                                                                                                Maarten Lamé			                   PO-Raad
                                                                                                                                                Jan Karel Lenstra		               Centrum voor Wiskunde & Informatica
                                                                                Regionale                                                       Wim Maas			                       Algemene Vereniging Schoolleiders
                                                                                  Aanpak
                                                                                 Leraren-                                                       Julia Marthaler			CAOP
                                                                                 tekorten
                                                                                   2019                                                         Ralf Maslowski			                 Sociaal en Cultureel Planbureau
                                                                                                                                                Marc van der Meer		               Tilburg Law School
                                                                                                                                                Petra Molenaar			                 Notre Dame des Anges
                             Nationaal                                Werkdruk-           Convenant           Onderwijs-
                         Onderwijsakkoord                             akkoord po       Lerarentekorten          akkoord                         Irma Nentjes			CAOP
                                                                                               G5                                               Willemien Noordhof		              Kunskapsskolan Nederland
                                                                                                                                                Kitty Oirbons			                  Het Baken Almere
                                   Sectorakkoord                    Geactualiseerd
                                                                                           Bestuurs-
                                                                                                                                                Lars Oomens			                    Landelijk Aktie Komitee Scholieren
                                         VO                        Sectorakkoord VO
                                     2014-2017                         2018-2020            akkoord                                             Heleen van der Ree		              Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren
                                                                                         Flexibilisering                                        Thijs Roovers			                  Algemene Onderwijsbond
                                                                                            Leraren-
                                                                                          opleidingen                                           Frans Schouwenburg		              Kennisnet
                                  Bestuursakkoord                   Geactualiseerd        2020-2025
                                         PO                        Bestuursakkoord
                                                                                                                                                Paul Slier 			                    Onderwijsgroep Galilei
                                     2014-2020                            PO                                                                    Marco Snoek			                    Hogeschool van Amsterdam
                                                                       2018-2020
                                                                                                                                                Jeroen Spanbroek		                Stichting Westelijke Tuinsteden
                                                                                                              Kabinetten en ministers           Roel Spits			                     Projectgroep Anders omgaan met langdurige tekorten
                                                                   Bestuursakkoord
                                                                                                                                                Marc van der Steeg		              Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
      Bestuursakkoord             Bestuursakkoord                                                             Gebeurtenis
            MBO                          MBO                             MBO                                                                    Machteld Swanborn		               Inspectie van het Onderwijs
         2011-2015                   2015-2019                         2018-2022                              Akkoord (looptijd)                Lieke Thesingh			                 Breed Bestuurlijk Overleg Amsterdam
                                                                                                              Extra middelen (looptijd)         Monique Turkenburg		              Sociaal en Cultureel Planbureau
                                  Regeldrukagenda                                                             Beleid en advies                  Jilles Veenstra			                Federatie van Onderwijsvakorganisaties
                                     Onderwijs                                                                                                  Michiel Verbeek			                Schrijver op onderwijsgebied
                                     2014-2017
                                                                                                                                                Paul Verstraten 			               Centraal Planbureau
                                                                                                                                                Lobke Vlaming			                  Ouders & Onderwijs
                                                                                                                                                Renata Voss			                    Stichting BOOR
                                                                                                                                                Linda de Wagt			                  Onderwijsprofessional
                                                                                                                                                Elwine Walraven		                 Stichting BOOR
                                                                                                                                                Silke de Wilde 			                Foresight & Innovation Management
                                                                                                                                                Frank de Wit			                   Scala College & Coenecoop College
52               119 Van der Meer e.a., 2023b.                                                                                          53      Daniëlle Woestenberg		            CNV
</pre>

====================================================================== Einde pagina 27 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 28 ======================================================================

<pre>                                                      Cörvers, F., &. Goedhart, R.E. (2021).
      Literatuur                                      Uitstroom van personeel uit de
                                                      publieke sector: baanmobiliteit met
                                                      verlies van kwaliteit? Maastricht:
             Van der Aa, R., Van den Berg,            Maastricht University.
             D., Scheeren, J., Stevenson, S.,
             Vermeulen, M., Vrielink, S., & Van       Ebregt, J., Jongen, E., & Scheer, B.
             Zijtveld, S. (2020). Onderwijstijd: meer (2022). Groei beroepsbevolking gaat
             of minder? Internationaal vergelijkend   sterk afvlakken. ESB.nu.
             onderzoek naar de urennorm en
             onderwijstijd in het primair onderwijs.  Engzell, P., Frey, A., & Verhagen,
             Den Haag: CAOP.                          M.D. (2021). Learning loss due to
                                                      school closures during the COVID-19
             Van der Aa, R., & Van der Ploeg,         pandemic. Proceedings of the National
             S. (2018). 25 jaar lerarenbeleid         Academy of Sciences, 118(17),
             in Nederland: balanceren tussen          e2022376118.
             kwantiteit en kwaliteit. In F. Cörvers
             & M. van der Meer (Red.), Onderwijs      Ertmer, P.A., & Ottenbreit-Leftwich,
             aan het werk – 2018: Analyses, feiten    A.T. (2010). Teacher technology
             en visies over werken in het onderwijs   change: How knowledge, confidence,
             (pp. 49-60). Den Haag: CAOP.             beliefs, and culture intersect. Journal
                                                      of Research on Technology in
             Adriaens, H., Elshout, M., & Elshout,    Education, 42(3), 255-284.
             S. (2022a). Personeelstekorten primair
             Onderwijs. Peildatum 1 oktober 2022.     Hooge, E. (2018). Position paper ten
             Tilburg: Centerdata.                     behoeve van het rondetafelgesprek
                                                      ‘Financiering van het funderend
             Adriaens, H., Elshout, M., & Elshout,    onderwijs’. Georganiseerd door de
             S. (2023). Personeelstekorten voort­     commissie OCW – Tweede Kamer op
             gezet onderwijs. Peildatum 1 oktober     woensdag 14 maart 2018.
             2022. Pilot. Tilburg: Centerdata.
                                                      I&O Research (2022). Ervaringen met
             Adriaens, H., Elshout, M.,               kinderopvang. Meting 1 – oktober
             Elshout, S., & De Cock, E. (2021).       2022. Amsterdam: I&O Research.
             Personeelstekorten primair onderwijs.
             Peildatum 1 oktober 2021. Tilburg:       Interdepartementaal beleidsonderzoek
             Centerdata.                              Sturing op Onderwijskwaliteit
                                                      (2023). Koersen op kwaliteit en
             Adriaens, H., De Vos, K., &              kansengelijkheid. Den Haag: IBO
             Guimarães, J. (2022b). De                Sturing op Onderwijskwaliteit.
             toekomstige arbeidsmarkt voor
             personeel in po, vo en mbo 2022-         Inspectie der Rijksfinanciën
             2032. Tilburg: Centerdata.               (2020). Brede maatschappelijke
                                                      heroverweging 1: Kwalitatief
             Algemene Onderwijsbond (2019).           goed onderwijs met kansen voor
             Lerarentekort ontregelt onderwijs.       iedereen. Den Haag: Inspectie der
             Leden-enquête Algemene                   Rijksfinanciën.
             Onderwijsbond. Utrecht: AOb.
                                                      Inspectie van het Onderwijs (2020).
             BBO Amsterdam (2020). Noodplan           De Staat van het Onderwijs 2020.
             lerarentekort Amsterdam. Amsterdam:      Utrecht: Inspectie van het Onderwijs.
             BBO.
                                                      Inspectie van het Onderwijs (2022).
             Centraal Planbureau (2013).              De Staat van het Onderwijs 2022.
             Arbeidsmarkt leraren: aanpassings­       Utrecht: Inspectie van het Onderwijs.
             mechanismen en aangrijpingspunten
             voor beleid. CPB-notitie, 23 oktober     Inspectie van het Onderwijs (2023).
             2013. Den Haag: CPB.                     De Staat van het Onderwijs 2023.
                                                      Utrecht: Inspectie van het Onderwijs.
             Cörvers, F., & Van der Meer, M.
             (2018). Onderwijs aan het werk – 2018:   Kohnstamm Instituut & CAOP (2019).
             Analyses, feiten en visies over werken   Anders organiseren? Teamwork!
             in het onderwijs. Den Haag: CAOP.        Verkenning naar de personele
                                                      gevolgen van anders organiseren in
                                                      het voortgezet onderwijs. Den Haag:
                                                      Voion.
54 55
</pre>

====================================================================== Einde pagina 28 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 29 ======================================================================

<pre>   McKinsey & Company (2020). Een          Onderwijsraad (2021c). Publiek             Sociaal en Cultureel Planbureau
   verstevigd fundament voor iedereen.     karakter voorop. Den Haag:                 (2023b). Eigentijdse ongelijkheid.
   Een onderzoek naar de doelmatigheid     Onderwijsraad.                             De postindustriële klassenstructuur
   en toereikendheid van het funderend                                                op basis van vier typen kapitaal.
   onderwijs (primair en voortgezet).      Onderwijsraad (2022a).                     Verschil in Nederland 2023.
   Amsterdam: McKinsey & Company.          Werkprogramma 2023. Den Haag:              Den Haag: SCP.
                                           Onderwijsraad.
   Van der Meer, M., Cörvers, F., & Van                                               Sociaal-Economische Raad
   der Aa, R. (2023a). Onderwijs aan het   Onderwijsraad (2022b). Inzet van           (2022). Arbeidsmarktproblematiek
   werk – 2023: Analyses, feiten en visies intelligente technologie. Den Haag:        maatschappelijke sectoren.
   over werken in het onderwijs. Den       Onderwijsraad.                             Den Haag: SER.
   Haag: CAOP.
                                           Onderwijsraad (2022c). Taal en             Sociaal-Economische Raad
   Van der Meer, M., Van der Aa, R.,       rekenen in het vizier. Den Haag:           (2023). Waardevol werk: publieke
   Wisse, R., & Cörvers, F. (2023b). De    Onderwijsraad.                             dienstverlening onder druk.
   lerarenagenda 2013-2022: inzet en                                                  Oplossingsrichtingen voor de
   opbrengsten op hoofdlijnen. In M. van   PO-Raad (2022). Denken, doen               arbeidsmarktkrapte. Den Haag: SER.
   der Meer, F. Cörvers & R. van der       en doorpakken in de regio. 3D
   Aa (Red.), Onderwijs aan het werk –     model voor opgavegerichte aanpak           Van Tartwijk, J., Beijaard, D.,
   2023: Analyses, feiten en visies over   personeelstekort primair onderwijs.        & Van Rijswijk, M. (2023). Whitepaper
   werken in het onderwijs (pp. 24-51).    Utrecht: PO-Raad.                          Lerarentekorten. Over oorzaken,
   Den Haag: CAOP.                                                                    beleid en oplossingen. Utrecht:
                                           PO-Raad & VO-raad (2021).                  Universiteit Utrecht.
   Ministerie van Onderwijs, Cultuur       Whitepaper Onderwijshuisvesting.
   en Wetenschap (2021). Versterken        Utrecht: PO-Raad & VO-raad.                Voion (2023). Anders organiseren
   toegankelijkheid pabo. Brief aan de                                                in het voortgezet onderwijs.
   Tweede Kamer, 12 november 2021.         Prokic-Breuer, T., Vermeulen,              Inventarisatie van de verschillende
                                           S., & De Wolf, I. (2023a). De              vormen van anders organiseren
   Ministerie van Onderwijs, Cultuur en    invloed van schoolkenmerken,               en de gevolgen ervan voor
   Wetenschap (2022a). Decemberbrief       persoonskenmerken en arbeids­              onderwijsmedewerkers.
   lerarenbeleid. Brief aan de Tweede      voorwaarden op beroepsuitval en            Den Haag: Voion.
   Kamer, 13 december 2022.                mobiliteit van jonge leraren in het
                                           primair onderwijs. In M. van der Meer,     VO-raad (2018). Anders organiseren
   Ministerie van Onderwijs, Cultuur en    F. Cörvers & R. van der Aa (Red.),         als oplossing voor het lerarentekort?
   Wetenschap (2022b).Trendrapportage      Onderwijs aan het werk – 2023:             Praktijkvoorbeelden uit de sector.
   arbeidsmarkt leraren po, vo en mbo      Analyses, feiten en visies over            Utrecht: VO-raad.
   2022. Den Haag: Ministerie van OCW.     werken in het onderwijs (pp. 156-171).
                                           Den Haag: CAOP.                            Ter Weel, B., Stolp, T., & De Graaf,
   Mishra, P., & Koehler, M.J. (2006).                                                D. (2020). Investeren in onderwijs
   Technological pedagogical content       Prokic-Breuer, T., Vermeulen, S.,          loont. Amsterdam: SEO Economisch
   knowledge: A framework for teacher      & De Wolf, I. (2023b). De sortering van    Onderzoek.
   knowledge. Teachers College Record,     po-leraren naar school-, leerling- en
   108(6), 1017-1054.                      persoonskenmerken. In M. van der           Van de Werfhorst, H.G., Kessenich,
                                           Meer, F. Cörvers & R. van der Aa           E., & Geven, S. (2022). The Digital
   OESO (2020). Curriculum overload: A     (Red.), Onderwijs aan het werk –           Divide in Online Education. Inequality
   way forward. Paris: OECD Publishing.    2023: Analyses, feiten en visies over      in Digital Readiness of Students
                                           werken in het onderwijs (pp. 172-189).     and Schools. Computers and
   OESO (2021). OECD Digital Education     Den Haag: CAOP.                            Education Open, 100100. https://doi.
   Outlook 2021: Pushing the frontiers                                                org/10.1016/j.caeo.2022.100100
   with AI, blockchain and robots. Paris:  Rijksinstituut voor Volksgezondheid
   OECD Publishing.                        en Milieu (2021). Werkende                 Wetenschappelijke Raad voor het
                                           mantelzorgers van ouderen.                 Regeringsbeleid (2021). Opgave AI.
   Onderwijsraad (2018a). Brief            Verkenning van hun toekomst en             De nieuwe systeemtechnologie.
   lerarentekorten. Den Haag:              ondersteuningsbehoeften. Bilthoven:        Den Haag: WRR.
   Onderwijsraad.                          RIVM.
   Onderwijsraad (2018b). Ruim             Sociaal en Cultureel Planbureau.
   baan voor leraren. Den Haag:            (2022). Eens deeltijd, altijd deeltijd.
   Onderwijsraad.                          Waarom vrouwen in deeltijd blijven
                                           werken als ze ‘uit’ de kleine kinderen
   Onderwijsraad (2021a). Tijd voor        zijn. Den Haag: SCP.
   focus. Den Haag: Onderwijsraad.
                                           Sociaal en Cultureel Planbureau
   Onderwijsraad (2021b). Later            (2023a). Reflectie SCP op Aanpak
   selecteren, beter differentiëren.       Arbeidsmarktkrapte: Krappe
   Den Haag: Onderwijsraad.                arbeidsmarkt vraagt om meer
                                           mensgerichte oplossingen.
                                           Den Haag: SCP.
56                                                                                 57
</pre>

====================================================================== Einde pagina 29 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 30 ======================================================================

<pre>   Colofon
         Goed onderwijs voor iedereen: daar draagt de Onderwijsraad aan bij. De raad
         geeft al meer dan honderd jaar advies over onderwijsbeleid en -wetgeving aan
         de regering en de Eerste en Tweede Kamer. Gevraagd én uit eigen beweging.
         Dit mondt uit in gefundeerde verkenningen en adviezen die focussen op
         oplossingen voor de langere termijn. Ze gaan over alle vormen van onderwijs:
         van voorschoolse voorzieningen tot aan postuniversitair onderwijs en een leven
         lang ontwikkelen.
         De raad is onafhankelijk en staat tegelijkertijd midden in de samenleving en
         het onderwijs. De adviezen zijn gebaseerd op wetenschappelijke kennis en
         inzichten. En ze worden gevoed door kennis en ervaring uit de onderwijspraktijk
         en de praktijk van onderwijswetgeving en -beleid. De JongerenOnderwijsraad,
         met leerlingen en studenten van diverse leeftijden en schooltypen, voedt de
         raad met ervaringen en ideeën over het Nederlandse onderwijs en denkt mee
         over onderwerpen.
         Samenstelling raad
         prof. dr. E.H. (Edith) Hooge (voorzitter)
         dr. O. (Orhan) Agirdag
         prof. dr. G.J.J. (Gert) Biesta
         prof. dr. P.W.A. (Pieter) Huisman
         dr. A. (Esmah) Lahlah
         dr. D.J.M. (Dominique) Majoor
         D. (Daisy) Mertens MEd
         dr. C.J. (Cor) van Montfort
         prof. dr. S.F. (Susan) te Pas
         prof. dr. T. (Trudie) Schils
         drs. L.Y.P. (Luc) Sluijsmans
         drs. M.P. (Mirjam) van Leeuwen (secretaris)
         Bestellingen van publicaties
         Onderwijsraad
         Prins Willem Alexanderhof 20
         2595 BE Den Haag
         secretariaat@onderwijsraad.nl
         (070) 310 00 00
         ISBN 978-94-6121-084-5
         Intern documentnr. AD.2300086
         Ontwerp
         thonik
         Fotografie
         Edwin Walvisch
         © Onderwijsraad, Den Haag
         Uitgave van de Onderwijsraad, Den Haag, juni 2023
58
</pre>

====================================================================== Einde pagina 30 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 31 ======================================================================

<pre>Prins Willem Alexanderhof 20
2595 BE Den Haag
www.onderwijsraad.nl
secretariaat@onderwijsraad.nl
tel: +31 70 310 00 00
</pre>

====================================================================== Einde pagina 31 =================================================================

<br><br>