<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Gezondheid en milieu:
beoordelingskader beoordeeld
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>Gezondheidsraad                             Voorzitter
Health Council of the Netherlands
Aan de Staatssecretaris van Volkshuisvesting,
Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
Onderwerp           : Aanbieding advies over Beoordelingskader Gezondheid en Milieu
Uw kenmerk          : DGM/SAS/2003063473
Ons kenmerk         : U-23/EvV/maj/600-H1
Bijlagen            :1
Datum               : 29 januari 2004
Mijnheer de Staatssecretaris,
Op uw verzoek, vervat in brief DGM/SAS/2003063473, bied ik u hierbij het advies Gezondheid en
milieu: beoordelingskader beoordeeld aan. Het is opgesteld na consultatie van de Beraadsgroep
Gezondheid en Omgeving en een externe deskundige.
Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu is een vragenlijst die geschikt is als hulpmiddel bij
besluitvormingsprocessen over maatregelen om de invloed van milieufactoren op de gezondheid in
te perken. Er kan een gestandaardiseerd en gestructureerd overzicht mee worden gemaakt van de
voor besluitvorming benodigde informatie. Qua inhoud sluit het beoordelingskader goed aan bij
eerdere Gezondheidsraadadviezen waarin risicobepaling is behandeld. Als praktijkervaring daar in
de toekomst aanleiding toe geeft, kan het verder worden ontwikkeld. Maar ook in de huidige
versie zal het beoordelingskader reeds een nuttige rol kunnen vervullen bij de maatschappelijke
debatten over milieugezondheidsvraagstukken die u nastreeft in het kader van het ‘nuchter omgaan
met risico’s’.
      Het huidige beoordelingskader is primair gericht op het vinden van draagvlak voor de
risicobeheersing door de overheid. Belangrijk is dat alle betrokken partijen het met elkaar eens
kunnen zijn over de aard van het milieugezondheidsvraagstuk, zoals vastgelegd met behulp van
het beoordelingskader. Overeenstemming over de beschrijving van een probleem wil echter nog
niet zeggen dat die beschrijving ook in alle opzichten juist en volledig is. Zeker voor wat betreft de
wetenschappelijke ‘vulling’ van de vragenlijst is het niet uitgesloten dat partijen elkaar vinden op
grond van gebrekkige data. Kwaliteitsbewaking verdient daarom de nodige aandacht. Dat geldt
allereerst bij de voor invulling van de vragenlijst verzamelde gegevens. Gegevens afkomstig uit
wetenschappelijk onderzoek dienen te voldoen aan de gebruikelijke wetenschappelijke
kwaliteitseisen. Naast informatie uit wetenschappelijk onderzoek zijn er echter ook vaak
anekdotische gegevens, bijvoorbeeld van het Meldpuntennetwerk Gezondheid en Milieu. Hiervoor
ontbreken algemeen geldige kwaliteitsmaatstaven. Dergelijke kennis verdient het desondanks van
Bezoekadres                                                              Postadres
Parnassusplein 5                                                         Postbus 16052
2511 VX     Den Haag                                                     2500 BB    Den Haag
Telefoon (070) 340 7327                                                  Telefax (070) 340 75 23
E-mail: pw.van.vliet@gr.nl                                               www.gr.nl
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>Gezondheidsraad
Health Council of the Netherlands
Onderwerp          : Aanbieding advies over Beoordelingskader
                     Gezondheid en Milieu
Ons kenmerk        : U-23/EvV/maj/600-H1
Pagina             :2
Datum              : 29 januari 2004
geval tot geval op haar merites te worden bezien. Naast een ingevuld beoordelingskader van goede
kwaliteit is natuurlijk ook een zorgvuldig besluitvormingsproces nodig om de gewenste
structurering en transparantie te bewerkstelligen.
     Het besluitvormingsproces kan mogelijk versterkt worden door verdere structurering. In dit
verband wordt aanbevolen het beoordelingskader te gebruiken samen met multicriteria-analyse en
andere beslissingsondersteunende methodieken.
     Er zijn in het buitenland al eerder actieprogramma’s geweest om het beoordelen van lastige
milieugezondheidsvraagstukken te vergemakkelijken door daarin meer structuur aan te brengen.
Een van de meest markante is het ‘comparing risk-programma’ van de Amerikaanse
Environmental Protection Agency (EPA) uit de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw. Dat
programma was een reactie op een advies van de Science Advisory Board van de EPA. In dit
project is de benodigde kennis over risico’s en hun waardering vastgelegd en is de plaats van die
kennis in het besluitvormingsproces bepaald. Het heeft ook geleid tot een beoordelingskader, al
heeft dat niet de vorm gekregen van een vragenlijst. Uit de buitenlandse ervaringen kunnen lessen
getrokken worden voor verbetering van het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu en voor het
structureren van de informatie die nodig is voor een goede besluitvorming over Nederlandse
milieugezondheidsvraagstukken.
Ik heb het advies vandaag ook aangeboden aan de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport. Verder wordt het ter kennisname toegezonden aan de Minister van Volkshuisvesting,
Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de Staatssecretaris van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid, de Minister en Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, de Minister van
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de Minister en Staatssecretaris van Economische Zaken,
en de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Hoogachtend,
Prof. dr JA Knottnerus
Bezoekadres                                                            Postadres
Parnassusplein 5                                                       Postbus 16052
2511 VX    Den Haag                                                    2500 BB   Den Haag
Telefoon (070) 340 7327                                                Telefax (070) 340 75 23
email: pw.van.vliet@gr.nl
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>Gezondheid en milieu:
beoordelingskader beoordeeld
aan:
de staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Nr 2004/03, Den Haag, 29 januari 2004
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>De Gezondheidsraad, ingesteld in 1902, is een adviesorgaan met als taak de regering en
het parlement “voor te lichten over de stand der wetenschap ten aanzien van vraagstuk-
ken op het gebied van de volksgezondheid” (art. 21 Gezondheidswet).
    De Gezondheidsraad ontvangt de meeste adviesvragen van de bewindslieden van
Volksgezondheid, Welzijn & Sport; Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening & Milieu-
beheer; Sociale Zaken & Werkgelegenheid en Landbouw, Natuur & Voedselkwaliteit.
De Raad kan ook eigener beweging adviezen uitbrengen. Het gaat dan als regel om het
signaleren van ontwikkelingen of trends die van belang kunnen zijn voor het overheids-
beleid.
    De adviezen van de Gezondheidsraad zijn openbaar en worden in bijna alle gevallen
opgesteld door multidisciplinaire commissies van – op persoonlijke titel benoemde –
Nederlandse en soms buitenlandse deskundigen.
U kunt het advies downloaden van www.gr.nl.
Deze publicatie kan als volgt worden aangehaald:
Gezondheidsraad. Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld. Den Haag:
Gezondheidsraad, 2004; publicatie nr 2004/03.
auteursrecht voorbehouden
ISBN: 90-5549-518-8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>  Inhoud
1 Inleiding 11
2 Het beoordelingskader en de context waarin het gebruikt wordt 12
3 Kanttekeningen bij het beoordelingskader 15
4 Het beoordelingskader in het gebruik 16
5 Conclusies en aanbevelingen 17
6 De totstandkoming van dit advies 18
7 Literatuur 19
  Inhoud                                                           9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>10 Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>  Gezondheid en milieu:
  beoordelingskader beoordeeld
1 Inleiding
  In november 2001 heeft de toenmalige minister van VWS, mede namens haar collega
  van VROM, de notitie Gezondheid en milieu: opmaat voor een beleidsversterking aan-
  geboden aan de Tweede Kamer 1. Daarin werden plannen ontvouwd om een nieuwe
  impuls te geven aan het beleidsterrein dat het raakvlak vormt tussen de twee departe-
  menten. De bewindslieden beschouwen de notitie als de Nederlandse versie van een
  National Environmental Health Action Plan. Tot het opstellen van dergelijke plannen
  hadden de ministers van volksgezondheid en milieu van de Europese landen binnen de
  Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) in 1994 in Helsinki besloten 2. De beleidsnotitie
  komt voort uit de wens de gezondheidsschade door milieufactoren verder terug te drin-
  gen en de communicatie over risico’s met de bevolking te verbeteren. De concrete
  beleidsvoornemens zijn te vinden in het Actieprogramma Gezondheid en Milieu: uit-
  werking van een beleidsversterking, dat in mei 2002 verscheen 3.
      De staatssecretaris van VROM heeft de Gezondheidsraad in december 2002 om
  advies gevraagd over de prioriteiten voor onderzoek op het terrein van gezondheid en
  milieu. De raad heeft in november vorig jaar aan dit verzoek voldaan met het advies
  Gezondheid en milieu: kennis voor beleid 4. De staatssecretaris vroeg ook om een oor-
  deel over het – nog in het conceptstadium verkerende – Beoordelingskader Gezondheid
  en Milieu. Dit is een door het RIVM en Fast Advies ontwikkeld hulpmiddel bij het sys-
  tematische afwegen van alle facetten van milieugezondheidsrisico’s ten behoeve van
  Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld                                    11
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>   beleidsbeslissingen. In juli 2003 verzocht de staatssecretaris de raad om advies over het
   – inmiddels definitieve – Beoordelingskader Gezondheid en Milieu 5.
        De voorzitter van de Gezondheidsraad heeft de Beraadsgroep Gezondheid en
   Omgeving en een deskundige van buiten de raad geconsulteerd voor het beantwoorden
   van deze adviesaanvraag. Het voorliggende document bevat het gevraagde oordeel over
   het beoordelingskader. Daarnaast wordt aandacht besteed aan kwaliteitsbewaking en
   aan het besluitvormingsproces waarin dit kader een rol speelt.
2  Het beoordelingskader en de context waarin het gebruikt wordt
   Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu
   Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu is een vragenlijst met behulp waarvan
   informatie over milieufactoren met veronderstelde of bewezen gezondheidseffecten kan
   worden verzameld die relevant is voor beleidsbeslissingen. In het beoordelingskader
   worden vijf types informatie opgenomen (zie tabel 1): (1) omvang van het probleem; (2)
   ernst van de (mogelijke) gezondheidseffecten; (3) waardering van het probleem; (4)
   noodzaak tot en mogelijkheden voor interventie; (5) kosten en baten van maatregelen
   om het risico te beperken.
   Risicobepaling en risicobeheersing
   Het beoordelingskader is dus een hulpmiddel bij de risicobepaling. Risico is in dit ver-
   band door de Gezondheidsraad omschreven als de kans op een bepaalde mate van
   schade aan de gezondheid van de mens, aan het milieu of aan goederen 6,7. Onder risico-
   bepaling vallen: het afbakenen van het milieuprobleem in kwestie, het analyseren van
   het risico, het schatten van de omvang ervan en het presenteren van de resultaten in een
   vorm die voor risicobeheersing geëigend is 8. Alle relevante kennis dient in het beoorde-
   lingskader te worden opgenomen. Daarbij kunnen hiaten in beschikbare kennis aan het
   licht komen die aanvulling noodzakelijk maken.
        Tot risicobepaling behoort ook het analyseren van diverse alternatieve maatregelen
   voor risicobeheersing. Risicobeheersing is het beslissen over de toelaatbaarheid van het
   risico en het treffen en handhaven van maatregelen. Mede op basis van het ingevulde
   beoordelingskader vindt besluitvorming plaats door de overheid die hiervoor verant-
   woordelijk is.
12 Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>Een iteratief proces
De ervaring heeft geleerd dat de stappen van risicobepaling en risicobeheersing door-
gaans het beste achtereenvolgend – en zo nodig ook iteratief – kunnen worden doorlo-
pen 6,8,9. Behalve beleidsmakers en -handhavers nemen deskundigen met uiteenlopende
vakgebieden deel in dit proces. Vaak participeren ook nog belanghebbenden, zoals bur-
gers en bedrijven. Dit is het geval bij tactische en strategische vraagstukken; bij opera-
tionele vraagstukken is het niet nodig 6,8-10. Met een dergelijke samenspraak tussen drie
partijen verenigt men de twee essentiële elementen om te komen tot effectieve maatre-
gelen die maatschappelijk worden aanvaard: inbreng van kennis en participatie van
belanghebbenden 9.
    Het proces is zoals gezegd iteratief: alle betrokken ‘partijen’ kunnen gaande het pro-
ces op basis van voortschrijdend inzicht hun uitgangspunten bijstellen 11. De overheid
kan bijvoorbeeld op grond van de uitkomst van het overleg besluiten een beoogde maat-
regel te wijzigen. De wetenschap kan nieuwe gegevens aandragen. En de belanghebben-
den kunnen hun visie wijzigen, of er kunnen nieuwe groeperingen van belanghebbenden
in het proces worden betrokken.
Alle informatie gebundeld in één document
De bedoeling achter de vragenrubrieken in het beoordelingskader is dat alle aspecten
van het probleem die volgens de betrokkenen relevant zijn, in de risicobepaling worden
betrokken. Dit geeft het besluitvormingsproces meer structuur en transparantie.
    Ook bij strategische en tactische vraagstukken biedt het bereiken van overeenstem-
ming met de betrokken partijen over het invulresultaat in het beoordelingskader de over-
heid geen zekerheid dat de oplossing waartoe zij uiteindelijk besluit ook breed wordt
gedragen. De kans daarop is overigens wel groter als de maatschappelijke groeperingen
die bij het besluitvormingsproces betrokken zijn ook degene zijn die te maken krijgen
met de gevolgen van de beslissing. Daarbij dient bedacht te worden dat er belangengroe-
pen zouden kunnen zijn die zich niet of niet voldoende (via belangenbehartigers) kun-
nen laten horen, bijvoorbeeld groepen in achterstandsposities en toekomstige generaties.
Zorg voor hun belangen is bij uitstek een publieke taak.
Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld                                         13
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>Tabel 1 Overgenomen uit Beoordelingskader Gezondheid en Milieu 5.
I                          II                        III                          IV                          V
Omvang gezondheids-        Ernst gezondheids-        Waardering van effecten      Interventie: mogelijk-      Kosten en Baten
schade                     effecten                  of risico’s                  heden of noodzaak
I1. Hoeveel mensen wor- II1. Om welke ziekten of III1. Bedreigt het risico        IV1. Noodzaken (Euro-       V1. Wat zijn de kosten
den er blootgesteld?       klachten gaat het, wat is het gevoel van veilig-       pese) normen of voor-       bij ongewijzigd beleid?
                           bekend over de effecten heid?                          schriften tot interventie?
                           van deze vorm van bloot-
                           stelling?
I2. Hoeveel mensen wor- II2. Welke gezondheids-      III2. Is het risico vrijwil- IV2. Is interventie moge- V2. Is bekend hoeveel
den ziek of krijgen klach- effecten brengen omwo-    lig en/of beheersbaar?       lijk?                       men over heeft voor
ten?                       nenden of gedupeerden                                  • bij bron of ontvanger     maatregelen?
                           zélf in verband met de                                 • op Europees, nationaal,
                           blootstelling?                                           regionaal, lokaal niveau
                                                                                  • economisch, technisch,
                                                                                    ruimtelijk, subsidies,
                                                                                    juridisch, voorlichting
I3. Kan dit aantal in de   II3. Bij wie (risicogroe- III3. Zijn er andere rede-   IV3. Welke instanties zijn  V3. Wat kosten maatre-
toekomst veranderen?       pen?) treden de gezond-   nen waarom het risico        verantwoordelijk voor       gelen om het risico te
                           heidseffecten op?         door sommigen als onac-      interventiemaatregelen?     vermijden of te beper-
                                                     ceptabel wordt               Welke worden bepleit?       ken?
                                                     beschouwd?
I4. Ligt het risico boven II4. Wanneer treden                                     IV4. Hoe effectief zijn     V4. Hoe verhoudt zich
het maximaal toelaatbaar gezondheidseffecten op?                                  deze in theorie m.b.t. ver- dat tot andere vormen
geachte niveau?            (periodiek, incidenteel,                               laging van blootstelling    van gezondheidswinst?
                           permanent)                                             of voorkomen van ziekte?
I5. Hoe zeker is het ver- II5. Is behandeling                                     IV5. Hoe effectief zijn ze  V5. Hebben de maatrege-
band tussen blootstelling mogelijk?                                               in de praktijk, op wat      len gewenste gevolgen
en gezondheidseffecten?                                                           voor termijn zijn er resul- op andere beleidsterrei-
                                                                                  taten, hoe groot is de      nen?
                                                                                  fraudedruk, is handha-
                                                                                  ving mogelijk?
I6. Hoe groot is de bij-                                                          IV6. Is er maatschappe-     V6. Hebben de maatrege-
drage van de blootstel-                                                           lijke of politieke druk of  len ongewenste gevol-
ling aan het totale aantal                                                        is die te verwachten?       gen op andere
ziektegevallen?                                                                                               beleidsterreinen?
14             Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>3 Kanttekeningen bij het beoordelingskader
  Met het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu kan op overzichtelijke en gestandaar-
  diseerde wijze informatie over milieufactoren met veronderstelde of bewezen gezond-
  heidseffecten worden verzameld die relevant is voor beleidsbeslissingen. In grote lijnen
  wordt de opbouw van het beoordelingskader onderschreven. De criteria sluiten goed aan
  bij eerdere adviezen van de Gezondheidsraad waarin risicobepaling wordt behandeld 6,7,
  8,12
       . Niettemin zijn er kanttekeningen bij te plaatsen. Voor de ervaren gebruiker zullen
  deze voorstellen waarschijnlijk niet nodig zijn; ze zijn bedoeld om – bij minder ervaren
  gebruikers – te voorkomen dat niet alle informatie boven tafel komt.
  De vragenlijst gaat vergezeld van een toelichting per onderdeel. Deze bevat materiaal
  dat voor de duidelijkheid in vervolgvragen zou kunnen worden uitgewerkt. Bij blok II,
  vraag 3 bijvoorbeeld – ‘Bij wie (risicogroepen) treden de gezondheidseffecten op?’ –
  kunnen vervolgvragen onder meer als volgt luiden: ‘bij kinderen?’; ‘bij zieken?’. Ook is
  het te overwegen om vragen zo veel mogelijk zo te formuleren dat kwantitatieve ant-
  woorden worden verkregen. Zo luidt blok II, vraag 1: ‘Om welke ziekten of klachten
  gaat het, wat is bekend over de effecten van deze vorm van blootstelling?’. Hier kan bij-
  voorbeeld een vraag worden toegevoegd naar het gezondheidseffect uitgedrukt in
  DALY’s (disability-adjusted life years): het aantal verloren gezonde levensjaren.
        In III wordt gevraagd naar drie factoren die van invloed zijn op de risicowaardering
  (of risicobeleving): gevoel van onveiligheid, vrijwilligheid en beheersbaarheid. Er zijn
  echter meer factoren. De vragenlijst bevat wel een in algemene bewoordingen gestelde
  vraag naar ander factoren (III3 ‘Zijn er andere redenen waarom het risico door sommi-
  gen als onacceptabel wordt beschouwd?’), maar zou op dit punt uitgebreid kunnen wor-
  den, met vragen naar onder meer catastrofale potentie en oorsprong van het risico
  (technologisch of natuurlijk). Enkele eerdere Gezondheidsraadadviezen kunnen hierbij
  van dienst zijn 6-8. Volgens de raad is het onderscheid tussen de vragen over risicowaar-
  dering in blok III en de meer feitelijke vragen in de andere blokken niet zo scherp als de
  indeling doet vermoeden. Hoe ernstig men een milieugezondheidsprobleem vindt, wordt
  namelijk ook bepaald door kennis over de blootstelling, door het effect en door de
  bewijskracht voor een verband tussen beide 6,8.
        Tot slot zou aan het blok ‘ernst van de gezondheidseffecten’ (II) een vraag kunnen
  worden toegevoegd naar de mogelijkheden tot op de situatie gericht onderzoek waarmee
  gezondheidsschade kan worden aangetoond of uitgesloten. Dergelijk onderzoek geeft
  individuele burgers antwoord op de vraag of hun gezondheid daadwerkelijk is
  aangetast7. Het draagt ook bij aan de kennis over het vraagstuk.
  Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld                                         15
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>4  Het beoordelingskader in het gebruik
   Toepassingsbereik
   Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu is ontwikkeld voor de besluitvorming
   over milieugezondheidsvraagstukken rond chemische, fysische en biologische agentia.
   Inmiddels is het volgens de auteurs bruikbaar gebleken bij de beschrijving van vier
   milieuproblemen: legionella in drinkwater; stankoverlast door een sojafabriek; straling
   van hoogspanningslijnen en prioritering van Gelderse milieuproblemen. Op dit moment
   werken RIVM en Fast Advies aan een analyse van vijf andere milieugezondheidsproble-
   men: ioniserende straling van radon; geluid van wegverkeer; deeltjesvormige luchtver-
   ontreiniging; brand- en explosiegevaar bij LPG-stations en radiofrequente straling van
   basisstations voor mobiele telefonie (GSM en UMTS)*.
        Wellicht kan het kader zodanig worden aangepast dat het ook bruikbaar wordt voor
   complexere problemen. Dit zijn milieugezondheidsvraagstukken die minder tastbaar
   zijn en waarvan de effecten mogelijk pas op langere termijn in hun volle omvang merk-
   baar worden 9,10. Voorbeelden van dergelijke complexe risico’s zijn klimaatverandering
   en de afname van de biodiversiteit. Kenmerkend is dat ze een internationale aanpak ver-
   gen.
   Gebruik van het beoordelingskader in combinatie met andere hulpmiddelen
   Het beoordelingskader noemt wel alle aspecten die een rol spelen, maar uiteindelijk
   moet worden bepaald hoe zwaar elk van die aspecten moet wegen in de finale beoorde-
   ling. Het is – ook al voelen de opstellers van het beoordelingskader daar weinig voor –
   toch te overwegen om een dergelijke weging expliciet in de analyse te betrekken.
        De zogenoemde multicriteria-analyse kan helpen bij het evalueren van de gegevens
   die in het beoordelingskader zijn opgenomen 13,14. Met deze methode worden aan de
   antwoorden op de vragen van het beoordelingskader gewichten toegekend. Vervolgens
   wordt een totaalscore afgeleid door deze cijfers stapsgewijs gewogen op te tellen. De
   betekenis van de methode zit vooral in de vele expliciete tussentijdse afwegingen die
   moeten worden gemaakt om tot een score te komen. Dit is minstens zo waardevol voor
   de besluitvorming als de uiteindelijke score. Achter besluiten, genomen op basis van
   multicriteria-analyse uitkomsten, zitten dus ook keuzes. Zonder multicriteria-analyse
   moet een weging echter op kwalitatieve, min of meer intuïtieve gronden worden
   gemaakt. De voordelen van de extra structurering die bij multicriteria-analyse mogelijk
*  M van Bruggen, RIVM, persoonlijke mededeling
16 Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>  is, zijn van dien aard dat het verstandig lijkt deze methode in de praktijk te beproeven.
  Daarbij is wel zo veel mogelijk openheid over de scores en de onderliggende keuzes
  wenselijk.
       Verder wordt in overweging gegeven andere methoden in te zetten waarmee besluit-
  vormingsprocessen kunnen worden ondersteund, zoals beslissingsconferenties. Een
  overzicht van de mogelijkheden is te vinden in een eerder advies van de Gezondheids-
  raad 8.
5 Conclusies en aanbevelingen
  Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu is een vragenlijst die geschikt is als hulp-
  middel bij besluitvormingsprocessen over maatregelen om de invloed van milieufacto-
  ren op de gezondheid in te perken. Er kan een gestandaardiseerd en gestructureerd
  overzicht mee worden gemaakt van de voor besluitvorming benodigde informatie. Qua
  inhoud sluit het beoordelingskader goed aan bij eerdere Gezondheidsraadadviezen
  waarin risicobepaling is behandeld. Als praktijkervaring daar in de toekomst aanleiding
  toe geeft, kan het verder worden ontwikkeld. Maar ook in de huidige versie zal het
  beoordelingskader reeds een nuttige rol kunnen vervullen bij de maatschappelijke debat-
  ten over milieugezondheidsvraagstukken die de staatssecretaris van VROM nastreeft in
  het kader van het ‘nuchter omgaan met risico’s’ 15.
  Het huidige beoordelingskader is primair gericht op het vinden van draagvlak voor de
  risicobeheersing door de overheid. Belangrijk is dat alle betrokken partijen het met
  elkaar eens kunnen zijn over de aard van het milieugezondheidsvraagstuk, zoals vastge-
  legd met behulp van het beoordelingskader. Overeenstemming over de beschrijving van
  een probleem wil echter nog niet zeggen dat die beschrijving ook in alle opzichten juist
  en volledig is. Zeker voor wat betreft de wetenschappelijke ‘vulling’ van de vragenlijst
  is het niet uitgesloten dat partijen elkaar vinden op grond van gebrekkige data. Kwali-
  teitsbewaking verdient daarom de nodige aandacht. Dat geldt allereerst bij de voor
  invulling van de vragenlijst verzamelde gegevens. Gegevens afkomstig uit wetenschap-
  pelijk onderzoek dienen te voldoen aan de gebruikelijke wetenschappelijke kwaliteitsei-
  sen. Naast informatie uit wetenschappelijk onderzoek zijn er echter ook vaak
  anekdotische gegevens, bijvoorbeeld van het Meldpuntennetwerk Gezondheid en
  Milieu. Hiervoor ontbreken algemeen geldige kwaliteitsmaatstaven. Dergelijke kennis
  verdient het desondanks van geval tot geval op haar merites te worden bezien. Naast een
  ingevuld beoordelingskader van goede kwaliteit is natuurlijk ook een zorgvuldig
  besluitvormingsproces nodig om de gewenste structurering en transparantie te bewerk-
  stelligen.
  Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld                                        17
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>        Het besluitvormingsproces kan mogelijk versterkt worden door verdere structure-
   ring. In dit verband wordt aanbevolen het beoordelingskader te gebruiken samen met
   multicriteria-analyse en andere beslissingsondersteunende methodieken.
        Er zijn in het buitenland al eerder actieprogramma’s geweest om het beoordelen van
   lastige milieugezondheidsvraagstukken te vergemakkelijken door daarin meer structuur
   aan te brengen. Een van de meest markante is het ‘comparing risk-programma’ van de
   Amerikaanse Environmental Protection Agency (EPA) uit de jaren tachtig en negentig
   van de vorige eeuw. Dat programma was een reactie op een advies van de Science Advi-
   sory Board van de EPA16. In dit project is de benodigde kennis over risico’s en hun
   waardering vastgelegd en is de plaats van die kennis in het besluitvormingsproces
   bepaald. Het heeft ook geleid tot een beoordelingskader, al heeft dat niet de vorm gekre-
   gen van een vragenlijst. Uit de buitenlandse ervaringen kunnen lessen getrokken worden
   voor verbetering van het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu en voor het structu-
   reren van de informatie die nodig is voor een goede besluitvorming over Nederlandse
   milieugezondheidsvraagstukken.
6  De totstandkoming van dit advies
   Dit advies is opgesteld door dr ir PW van Vliet, secretaris bij de Gezondheidsraad. Voor
   het totstandkomen ervan is de Beraadsgroep Gezondheid en Omgeving geraadpleegd.
   Daarnaast is prof. dr CAJ Vlek, emeritus hoogleraar omgevingspsychologie en beslis-
   kunde aan de Rijksuniversiteit Groningen, geconsulteerd.
   De Beraadsgroep Gezondheid en Omgeving bestond uit:
   • prof. dr JA Knottnerus, voorzitter Gezondheidsraad
        Gezondheidsraad, Den Haag
   • ir A Wijbenga, vice-voorzitter
        hoofd bureau Strategie, Milieubeleid en Veiligheid; Provincie Zuid-Holland, Den
        Haag
   • prof. dr ir B Brunekreef
        hoogleraar gezondheidsleer milieu en arbeid; Universiteit Utrecht
   • dr CJM van den Bogaard, adviseur
        Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu, Den Haag
   • dr JSM Boleij
        directeur College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen; Wageningen
   • dr CA Bouwman, adviseur
        Gezondheidsraad, Den Haag
   • prof. ir ND van Egmond
        hoogleraar systeembenadering milieubeleid; Universiteit Utrecht
18 Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>  •    prof. dr VJ Feron
       emeritus hoogleraar biologische toxicologie; Universiteit Utrecht
  •    dr RM Meertens
       universitair hoofddocent gezondheidsvoorlichting; Universiteit Maastricht
  •    dr HME Miedema
       hoofd Sector Omgeving en Gezondheid; TNO Inro, Delft
  •    dr PC Noordam, adviseur
       Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Den Haag
  •    dr WRF Notten
       directeur TNO Preventie en Gezondheid; Leiden
  •    prof. dr WF Passchier, adviseur
       plaatsvervangend algemeen secretaris; Gezondheidsraad, Den Haag
  •    prof. dr W Seinen
       hoogleraar toxicologie; Universiteit Utrecht
  •    dr MM Verberk
       universitair hoofddocent Gezondheid en omgevingsfactoren; Academisch Medisch
       Centrum en Universiteit Amsterdam
  •    prof. dr M de Visser, vice-voorzitter Gezondheidsraad
       Gezondheidsraad, Den Haag
  •    dr JH van Wijnen
       hoofd medische milieukunde; GG en GD, Amsterdam
  •    prof. dr FA de Wolff
       hoogleraar klinische en forensische toxicologie; Leids Universitair Medisch
       Centrum
  •    dr JA van Zorge, adviseur
       Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Den Haag
  •    dr ir PW van Vliet, secretaris
       Gezondheidsraad, Den Haag
7 Literatuur
1 Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport. Gezondheid en Milieu. Opmaat voor een
  beleidsversterking. Den Haag: SDU Uitgevers; 2001; Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar
  2001-2002, 28089, nr 1.
2 Helsinki Declaration on Action for Environment and Health in Europe, 1994. Copenhagen, Denmark:
  World Health Organization, Regional Office for Europe; 1994. Internet: http://www.who.dk/AboutWHO/
  Policy, geraadpleegd 17-12-2003.
  Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld                                                 19
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>3  Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Gezondheid en milieu
   (Actieprogramma gezondheid en milieu. Uitwerking van een beleidsversterking). Den Haag: SDU
   Uitgevers; 2002; Tweede Kamer der Staten-Generaal, vergaderjaar 2001-2002, 28089, nr 2.
4  Gezondheidsraad. Gezondheid en milieu: Kennis voor beleid. Den Haag: Gezondheidsraad; 2003;
   publicatie nr 2003/20.
5  van Bruggen M, Fast T. Beoordelingskader Gezondheid en Milieu. Bilthoven: Rijksinstituut van
   Volksgezondheid en Milieu; 2003; rapport nr 609026003/2003.
6  Gezondheidsraad. Niet alle risico's zijn gelijk. Den Haag: Gezondheidsraad; 1995; publicatie nr 1995/06.
7  Gezondheidsraad. Ongerustheid over lokale milieufactoren. Den Haag: Gezondheidsraad; 2001; publicatie
   nr 2001/10.
8  Gezondheidsraad. Risico, meer dan een getal. Den Haag: Gezondheidsraad; 1996; publicatie nr 1996/03.
9  Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Naar nieuwe wegen in het milieubeleid. Den Haag: Sdu
   Uitgevers; 2003; rapport nr 67.
10 Milieu- en Natuurplanbureau. Nuchter omgaan met risico's. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid
   en Milieu; 2003; rapport nr 251701047/2003.
11 Bekker MPM, Putters K, van der Grinten TED. Exploring the relation between evidence and decision-
   making. A political-administrative approach to health impact assessment. Environmental Impact
   Assessment Review 2004; 24: 139-149.
12 Gezondheidsraad. Gezondheid en milieu: mogelijkheden van monitoring. Den Haag: Gezondheidsraad;
   2003; 2003/13.
13 Yoon KP, Hwang CL. Multiple attribute decision making; an introduction. Thousand Oaks/ London/ New
   Delhi: Sage Publications; 1995.
14 Yu PL. Multiple-criteria decision making: concepts, techniques and extensions. New York: Plenum Press;
   1985.
15 Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. Vragen van het Tweede Kamerlid
   Vietsch over de stralingsprestatienorm, met de daarop door staatssecretaris Van Geel gegeven antwoorden.
   Den Haag: Sdu Uitgevers; 2003; Tweede Kamer, vergaderjaar 2003-2004, Aanhangsel, 61-62.
16 United States Environmental Protection Agency. Reducing Risk: Setting priorities and strategies for
   environmental protection. Washington, DC: 1990; rapport nr SAB-EC-90-021.
20 Gezondheid en milieu: beoordelingskader beoordeeld
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>