<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Ingezonden commentaren op het openbare concept van het
achtergronddocument Uitwisseling eiwit, vet en koolhydraten
De volgende personen/organisaties hebben commentaar ingestuurd:
  •  Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie
  •  Kenniscentrum Suiker en Voeding
  •  MVO - de ketenorganisatie voor oliën en vetten
  •  De heer R.J. Meijer, Nieuwegein
  •  Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>Van: Christine Grit
Verzonden: donderdag 25 juni 2015 17:25
Aan: GR_RGV2O15
Onderwerp: Respons op vierde serie achtergronddocumenten Gezondheidsraad RGV 2015
Geachte mevrouw/heer,
Bijgaand doe ik u onze opmerkingen en commentaren toekomen op basis van de vierde serie
achtergronddocumenten bij de nieuwe Richtlijnen goede voeding van de Gezondheidsraad.
Ik hoop dat dit document de Commissie van de GR behulpzaam kan zijn in het uiteindelijk formuleren
van de nieuwe Rgv.
Met vriendelijke groet,
Christine Grit
Manager Voeding & Gezondheid
FN LI
                                                     1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>                   Consultatie respons vierde ronde achtergrond docu men ten Gezondheidsraad
                   EGV        15   016      A
                   Notitie
                   Consultatierespons op 5 achtergronddocumenten
                   Onderwerp                  Achtergronddocumenten (1) Alcohol, (2) Uitwisseling van eiwit, vet en
                                               koolhydraten, (3) Verteerbare koolhydraten, (4) Verzadigde,
                                               enkelvoudig en meervoudig onverzadigde (n-6) vetzuren en (5) Zuivel.
                   Datum                1 18 juni 2015
                    Inleiding
                    Als eerste willen we ook bij deze vierde reeks achtergrond documenten de Commissie
                    bedanken voor het kunnen inzien van de Werkwijze en de achtergronddocumenten voor
                    de Richtlijnen goede voeding (Rgv) 2015. Ook bij deze set documenten willen we graag
                    de Commissie complimenteren met het vele werk dat hiertoe moet zijn uitgevoerd.
                    Wel valt het ons op dat naarmate er meer documenten komen, het steeds onduidelijker
                    wordt om overzicht te houden op de dwarsverbanden tussen voedingsstoffen,
                    voedingssupplementen, voedingsmiddelen en voedingspatronen. Vaak duiken
                    onderwerpen die (deels) al in een bepaald achtergronddocument zijn besproken ook op
                    andere plaatsen op. Een ander punt dat ons enigszins zorgen baart, is dat de keuze voor
                     de top 10 van ziekten er toe bij kan dragen dat bepaalde voedingsgerelateerde
                     aandoeningen niet of slechts heel beperkt zullen worden meegewogen bij het opstellen
                     van de Richtlijnen. Terwijl hier sprake is van aandoeningen die weliswaar niet in de top
                     10 voorkomen maar wel degelijk grote gevolgen kunnen hebben voor de
                     volksgezondheid. Weliswaar worden aandoeningen die heel specifiek zijn terug te
                     voeren op relaties met één voedingsstof en/of één voedingsmiddel wel genoemd in de
                     daarbij behorende achtergronddocumenten, in de uiteindelijke afweging zullen deze
                     weinig prominent naar voren komen. Eenvoudig omdat daar minder op zal worden gelet
                     maar ook omdat de aangehaalde studies en meta-analyses zijn uitgekozen om relaties
                     met de top 10 en de onderliggende bewijskracht, vast te stellen. De andere aandoeningen
                     worden vooral als ‘neven’ effect aangegeven in de studies. Gevolg kan zijn dat de
                     uiteindelijke Richtlijnen niet kunnen worden gebruikt om de risico’s op het verkrijgen
                     van die andere aandoeningen te verkleinen. Dat is toch wel bijzonder jammer omdat tot
                      nog toe de Richtlijnen goede voeding wél de basis vormden voor de advisering om de
                      risico’s op alle voedingsgerelateerde aandoeningen te verkleinen. We erkennen dat dit
                      een punt is dat terugverwijst naar de werkwijze en derhalve niet ter consultatie is
                      aangeboden. We hopen echter dat het nog wel zal worden meegenomen.
             F N II                                                           Respons consu1taie vierde ronde achtergronddocuinenten 1 1
FEDERATIE NEDERLANDSE
LEVE FLSMIDDEI LV
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>                    Consultatie respons vierde ronde achtergrond documenten Gezondheidsraad
                    Los van dit algemene aandachtspunt dat ons enige zorgen baart, maken we opnieuw
                    graag van de gelegenheid gebruik om te reageren op de verschillende
                    achtergronddocumenten die bij deze vierde ronde zijn verspreid voor consultatie. Alle 5
                    de achtergronddocumenten zijn in onze achterban doorgenomen waarbij uiteraard de
                    door de Commissie gestelde vragen zoveel mogelijk centraal hebben gestaan. De reacties
                    op de verschillende documenten volgen vanaf pagina 3 van deze consultatierespons. De
                    documenten worden in alfabetische volgorde behandeld, te beginnen bij ‘Alcohol’ en
                    eindigend bij ‘Zuivel’.
                    Voor de goede orde zij nog opgemerkt dat de aandachtspunten over de werkwijze die wij
                     in de respons op de eerste reeks achtergronddocumenten hebben weergegeven, ook op
                     deze reeks achtergronddocumenten van toepassing blijven.
             F N II                                                          Respons consultatie vierde ronde achtergronddocumenten 2
 FEOEPATIE NEDERLANDSE
[EsMIooEEN_INOU5RIt_J
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>                   Consultatie respons vierde ronde achtergrond documenten Gezondheidsraad
                   Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
                   Opmerkingen vooraf
                   Het valt ons op dat er tussen dit achtergrond document en dat over Verteerbare
                   koolhydraten (wordt vanaf pagina 5 in dit responsdocument besproken) enige
                   inconsistenties bestaan. De weergegeven innames van koolhydraten zijn verschillend,
                   terwijl er wel van dezelfde referentie gebruik is gemaakt om deze hoeveelheden weer te
                   geven (in beide documenten zijn de gebruikelijke innames weergegeven in de eerste tabel
                   van de documenten). In eerste instantie meenden we dat dit verschil wellicht zou zijn
                   terug te voeren het onverhoopt meetellen van de onverteerbare koolhydraten in dit
                   document maar dat kan niet het geval zijn. De energiepercentages kunnen namelijk
                   zowel hoger als lager uitvallen bij de verschillende doelgroepen. Wij zouden graag zien
                   dat deze inconsistentie tussen de documenten wordt opgeheven.
                   Hoewel het normaliter niet wenselijk is om onderzoek bij patiënten mee te nemen bij het
                   evalueren van een voedingskundig element in het voorkômen van een aandoening,
                   zouden we willen bepleiten om dat bij het bekijken van de effecten op het
                   lichaamsgewicht wel te willen doen. Althans, daar waar er sprake is van aandoeningen
                    die daar direct aan zijn gerelateerd. Het zou bijzonder jammer zijn als een bepaalde
                    macronutriëntensamenstelling (blijvend?) gewichtsverlies bevordert, deze niet in het
                    achtergronddocument is opgenomen omdat een en ander bij diabetes type II of extreem
                    obese patiënten zou zijn onderzocht. Temeer daar bij hoge bloeddruk er uitsluitend bij
                    patiënten is gemeten, en niet bij normotensieve personen. Zodanig zelfs dat de conclusie
                    die op basis van die metingen wordt getrokken is dat de bewijskracht groot is. Waarom
                    dan niet bij overgewicht?
                    Tot slot zouden we nog willen opmerken dat er geen bevindingen zijn verwerkt over de
                    effecten van de uitwisseling van eiwitten, vetten en koolhydraten op het glucose
                    metabolisme of de postprandiale insuline respons. Deze hebben echter wel implicaties
                    voor het risico op diabetes type II.
                    Gedetailleerd commentaar
                     Pagina 5, Tabel 1
                     Zie hiervoor de eerste alinea met opmerkingen vooraf.
                     Pagina 7, Regel 146
                     Op regel 143 wordt melding gemaakt van twee meta-analyses maar hier wordt over drie
                     meta-analyses gesproken. Dat is incorrect.
                     Pagina 8, Regel 170
                     Is het niet mooier om te spreken van insulinegevoeligheid?
           F I%i II                                                         Respons consultatie vierde ronde achtergronddocunienten 1 4
  D5MIE NEDERLANDSE
LEVtNSMIOOEL[N INDUSTRIE
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>                   Consultatie respons vierde ronde achtergrond documenten Gezondheidsraad
                   Pagina 9, regels 187-191
                   Deze conclusie kan tot veel verwarring leiden. De gewichtsvermindering is een gevolg
                   van een lagere calorische inname, en niet zozeer van een andere
                   macronutriëntensamenstelling. Voor gewichtsbeheersing geldt dat zolang de inname van
                   energie gelijk is aan de behoefte, de vervanging van het ene macronutriënt door een
                   andere geen gevolgen heeft voor het lichaamsgewicht (zie ook uw eigen opmerking,
                   pagina 6, regels 1134-115).
                   Pagina 12, Regels 273-275
                   Bij de eerste regel moet tussen vervanging en een, het woord ‘van’ worden ingevoegd.
                   De bewijskracht voor de systolische bloeddrukverlaging wordt als “groot” beschouwd
                    omdat er consistentie is in de bevindingen. Echter, nagenoeg alle studies zijn gedaan bij
                    mensen die leden aan hypertensie, type 2 diabetes en/of overgewicht/obesitas. Het is
                    bekend dat sommige mensen gevoeliger zijn voor bloeddrukverlagende effecten van de
                    voeding dan andere. De kans is reëel aanwezig dat juist omdat het gaat om mensen die al
                    een hoge bloeddruk hebben (of risico dragen voor hoge bloeddruk zoals met overgewicht
                    en diabetes type 2) de gevoeligheid groter is dan wanneer de studies zouden zijn
                    uitgevoerd bij normotensieve personen zonder additionele risico’s. Dat neemt niet weg
                    dat er onder de bevolking veel mensen zijn met hypertensie en/of risicofactoren dragen
                    daarvoor en het alleen al om die reden zinvol is om deze bevindingen wel in de
                    uiteindelijke afweging voor de richtlijnen mee te nemen. Maar onzes inziens is het een té
                    stevig oordeel over de effecten als er een reële kans is dat bij een (groot) deel van de
                    bevolking deze effecten niet of in veel mindere mate optreden. We stellen daarom voor
                    dat duidelijk wordt aangegeven bij welke subgroepen van de bevolking de bewijskracht
                    groot is.
                    Pagina 13, Regel 319
                     Het is 26 tot 74 gram
                     Pagina 13, regel 320
                     Het openende haakje bij het woord ‘dag’ ontbreekt.
           F N II                                                            Respons consultatie vierde ronde achtergronddocumenten 1 5
FOERA1IL NEVERLANOSE
IEVEN9.1IUU[l IN INOUSIIJ
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>Van: Andries Olie
Verzonden: donderdag 18juni 2015 16:15
Aan: GR_RGV2O15
Onderwerp: Commentaar achtergronddocumenten Verteerbare koolhydraten & Uitwisseling van
eiwit, vet en koolhydraten
Geachte heer/mevrouw,
Namens onze directeur, dr.ir. Janine Verheesen, stuur ik u hierbij ons commentaar op de volgende
achterg ronddocumenten:
-         Verteerbare koolhydraten;
-         Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten.
Mocht u nog verdere vragen of opmerkingen hebben dan horen wij dit graag.
Vriendelijke groet,
And ries Olie
Manager voeding en gezondheid
   1< E N F 1 S C E N T R U M
 suiker & voeding
Amsterdamsestraatweg 39A
3744 MA Baarn
Website: www.suikerinfo.nl / www.kenniscentrumsuiker.nl
Twitter: www.twitter.com/suikerinfo / www.twitter.com/suikerenvoeding
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>Commentaar achtergronddocument Richtlijnen goede voeding 2015
Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
Kenniscentrum suiker & voeding (KSV) is verheugd dat de commissie de gelegenheid biedt
commentaar te leveren op de achtergronddocumenten voor de Richtlijnen goede voeding 2015. De
achtergronddocumenten zien er gedegen uit met een solide wetenschappelijke onderbouwing en
uitleg. Consultatie kan de onderbouwing verder versterken en verbeteren. Graag maken wij daarom
van de gelegenheid gebruik om te reageren op het achtergronddocument ‘Uitwisseling eiwit, vet en
koolhydraten’. Eerst geven we de kleine redactionele foutjes aan, daarna de inhoudelijke
opmerkingen, gevolgd door de referenties.
Redactionele fouties:
2.1      Pagina 7, regel 146: er staat: de drie meta-analyses. Hier wordt waarschijnlijk twee bedoeld.
2.1      Pagina 8, regel 170: insuline sensitiviteit is één woord; insulinesensitiviteit.
3.1      Pagina 12, regel 273: De vervanging een     —   De vervanging van een
3.1      Pagina 13, regel 319: 26 to 74 gram   -  26 tot 74 gram
3.1      Pagina 13, regel 320: er staat dag), maar het haakje openen ontbreekt.
lnhoudeliike opmerkingen:
Inleiding Definities
           -
1.2      Pagina 5, tabel 1
De waarden voor koolhydraatinname in tabel 1 van het achtergronddocument zijn gebaseerd op een
conceptanalyse’ en komen niet overeen met de gegevens van het originele rapport van de
Voedselconsumptiepeiling 2007-2010 van het RIVM   2 en ook niet met de verdere analyse van
Wageningen University
              . Daarnaast komen ze niet overeen met de gegevens in tabel 2 van het
              3
(concept) achtergronddocument Verteerbare koolhydraten van de Gezondheidsraad (pagina 7)4 In
tabel 1 van het achtergrond rapport wordt als P50 voor meisjes (7-18 jaar) 53 energieprocent en voor
vrouwen (19-69 jaar) 47 energieprocent weergegeven. Op pagina 48 van het originele document van
de Voedselconsumptiepeiling
    2 is in figuur 5.1 weergegeven dat dit in werkelijkheid respectievelijk 51
en 45 energieprocent is (zie ingevoegde figuur). Daarnaast staat bij de figuur vermeld dat dit voor de
mannelijke populatie min of meer hetzelfde is, en niet 58 energieprocent voor jongens en 50
energieprocent voor mannen. Zie voor de uitgebreide gegevens van de gebruikelijke inname ook
tabel 5.11 op bladzijde 55 van het originele rapport
                                               . Of tabel 3.1.1. op bladzijde 11 van het rapport
                                               2
van Wageningen University
                   .
                   3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>  Figure 5.1 Macronutrients (in proportion of energy intake (En%))of the Dutch female population (DNF(S 2OO7201 0). wcighted for
  sorio-demographic factors, season and day of the week (n’ 1908). Results for the male pupulation are very similar.
                                     7-l8ycars
                             Others (irici. alcohol, lIbre,
                                  organic acids: 3%
  Carbohydrates: 51%
                                                                                                            Saturated fat: 13%
                                                                Fat; 330)0
                                                                                                            Unsaturated fatty acids: 18%
                                                                                                            Transfattyacids: 1%
                                                                                                            Other fats: 1%
                                                     Protein: 13%
                                  ? 19-69years
                               Others (mci. alcohol, fibre,
                                    organic acids: 5%
  Carbohydrates: 45%
                                                                                                            Saturated fat: 13%
                                                                                                            Unsaturated fatty acids: 18%
                                                                                                        .   Transfattyacids: 1%
                                                                                                            Other fats: 2%
                                              Protein: 16%
    l Dutch National Food Consumption Survey       2007-2010
Advies: gebruik de originele gegevens van de Voedselconsumptiepeiling van het RIVM                              .
                                                                                                                2
NB: wij hebben alleen de gegevens over koolhydraten gecontroleerd.
3.1        Pagina 12, regels 273-275
Conclusie: De vervanging een isocalorische hoeveelheid koolhydraten door 40 gram eiwit per dag
verlaagt de systolische bloeddruk met 2 mmHg.
Bewijskracht: groot.
In de deze conclusie wordt geen specifieke doelgroep benoemd. In 13 van de 14 trials waarop deze
conclusie berust was sprake van een studiegroep die overgewicht of obesitas had en/of milde
hypertensie en/of type 2 diabetes   . Een trial bestond uit veganisten en in deze studie werd juist geen
                                    5
significant bloeddrukverlagend effect gevonden         . In de zes beschikbare cross-sectionele studies
                                                       6
wordt een significante verlaging van ‘slechts’ 0.20 mmHg gevonden per 25 gram. Daarnaast werd er
geen associatie gevonden tussen totale proteïne-inname en hypertensie in de data van drie
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>geïncludeerde prospectieve onderzoeken
                                . Als mogelijke verklaring zeggen de auteurs: ‘In the
                                5
present meta-analysis, cross-sectional studies showed a small beneficial association of total protein
with BP, whereas this was not confirmed in prospective cohort studies. This discrepancy may be
explained by lower BP levels in prospective population based studies owing to the exclusion of
hypertensive participants at baseline
                                .’
                                5
KSV stelt daarom voor om de doelgroep in de conclusie te verwerken: De vervanging van een
isocalorische hoeveelheid koolhydraten door 40 gram eiwit per dag verlaagt bi] mensen met
overgewicht en/of (milde) hypertensie de systolische bloeddruk met 2 mmHg.
Tot slot willen wij de commissie bedanken voor het bestuderen van ons commentaar.
Dr.ir. Janine Verheesen
Kenniscentrum suiker & voeding
Referenties
1.       Geurts, M., Beukers, M. & Van Rossum, C. Consumptie van een aantal
         voedingsmiddelengroepen en nutriënten door de Nederlandse bevolking. Resultaten van de
         VCP 2007-2010 (Concept). Bilthoven: RIVM; 2014.
2.       RIVM. Dutch National Food Consumption Survey. Diet of children and aduits aged 7 to 69
         years. (2011). at
         <http://www.rivm.nl/dsresource?objectid=rivmp:55436&type=org&disposition=inline&nsnc
         =1>
3.       Sluik, D., Engelen, A. & Feskens, E. J. M. Suikerconsumptie in Nederland. (2013).
4.       Gezondheidsraad. Achtergronddocument Richtlijnen goede voeding 2015. Verteerbare
         koolhydraten. (concept). (2015).
5.       Tielemans, S. M. al. etal. Intake of total protein, plant protein and animal protein in relation
         to blood pressure: a meta-analysis of observational and intervention studies. J. Hum.
         Hypertens. 27, 564—71 (2013).
6.       Sacks, F., Wood, P. & Kass, E. Stability of blood pressure in vegetarians receiving dietary
         protein supplements. Hypertension 6, 199—201 (1984).
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>Van: Nicole Vervaet
Verzonden: donderdag 25 juni 2015 12:35
Aan: GR_RGV2O15
Onderwerp: Reactie van MVO op concept achtergronddocumenten
Geachte leden van de Commissie Richtlijnen goede voeding van de Gezondheidsraad,
Als bijlage treft u de reactie aan van MVO de ketenorganisatie voor oliën en vetten op de concept
                                            -
achtergronddocumenten ‘Vetzuren’ en ‘Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten’.
MVO waardeert het zeer dat de Commissie de gelegenheid heeft gegeven om inhoudelijk
commentaar te leveren. Hiervoor willen wij de Commissie hartelijk bedanken.
Als u nog vragen heeft dan kunt u uiteraard contact met ondergetekende opnemen. Mocht u het op
prijs stellen dan zijn wij graag bereid om een en ander mondeling toe te lichten.
Wij wensen de Commissie veel succes bij het afronden van dit werk.
Met vriendelijke groet,
Nicole Vervaet
www. mvo. n 1
MVO de ketenorganisatie voor oliën en vetten
      -
Louis Braillelaan 80, 2719 EK Zoetermeer
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>              Â
              T
              k     vL.)
Woord vooraf
MVO de ketenorganisatie voor oliën en vetten wil op de eerste plaats de Commissie hartelijk
      —
bedanken voor de geboden mogelijkheid om een reactie te geven op de achtergronddocumenten
voor de Richtlijnen goede voeding 2015 en voor inzage in de werkwijze. Wij waarderen het zeer
dat de Commissie voor deze transparante aanpak heeft gekozen en bij dezen maken wij graag
gebruik van de gelegenheid tot het geven van commentaar.
MVO wil daarbij wel aangeven het te betreuren dat de Commissie, voordat ze haar
wetenschapsevaluaties begon, haar werkwijze niet ter informatie openbaar heeft gemaakt en niet
de gelegenheid heeft gegeven om hierop commentaar te leveren. Die werkwijze bepaalt immers in
belangrijke mate de argumenten waarop de Commissie haar conclusies baseert. Ons commentaar
op die werkwijze is eerder reeds voorgelegd aan de Commissie.
Onze reactie is opgesteld door MVO in samenwerking met haar leden en in afstemming met de
wetenschappelijke adviescommissie. IMACE-NL onderschrijft het commentaar.
We kijken met belangstelling uit naar de volgende achtergronddocumenten en wij wensen de
Commissie veel succes bij het afronden van dit werk.
 MVO de ketenorganisatie voor oliën en vetten
       -
 Louis Braillelaan 80
2719 EK Zoetermeer
 info(mvo nI
           .
                                                                                             1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>Commentaar Achtergronddocument ‘Uitwisseling van eiwit, vet en
koolhydraten’
187-191 De conclusie zoals hier vermeld kan in de praktijk van de voedingsvoorlichting
verwarring geven. Wij hopen dat de commissie zich hiervan bewust is bij het formuleren van de
Richtlijnen goede voeding. Het algemene publiek kan een richtlijn die verband houdt met deze
conclusie makkelijk verkeerd interpreteren en denken dat het gewichtsverlies door de
nutriëntsamenstelling komt, in plaats van door een lagere calorie-inname. Dat de optredende
gewichtsvermindering niet komt door de nutriëntsamenstelling maar door de lagere calorie
inname wordt in regel 215 volgens de Gezondheidsraad door de onderzoeker Hooper zelf
aangegeven.
Dezelfde conclusie wordt weergegeven in paragraaf 5, regel 459 462. Dit zijn de conclusies
                                                                   —
welke meegenomen kunnen worden in de uiteindelijke richtlijnen, alleen mist hier ook de nuance
over minder calorie-inname.
De conclusie voegt weinig toe aan de reeds bestaande kennis dat calorie-inname onder het
niveau van de energiebehoefte leidt tot gewichtsverlies. Wij wijzen in dit verband op de opmerking
die de Commissie zelf al plaatst in regel 113 115: voor gewichtsbeheersing geldt dat zolang de
                                             —
inname van energie gelijk is aan de behoefte, de vervanging van de ene macronutriënt door de
andere geen gevolgen heeft voor het lichaamsgewicht.
Wij verzoeken de Commissie dit in de Richtlijnen duidelijk tot uiting te laten komen.
                                                                                                 2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>         Commentaar ontvangen per email 10 juni 2015
         In het document "Openbaar concept van het achtergrond document uitwisseling van
         eiwit, vet en koolhydraten' wordt gekeken naar een aantal aanpassingen van een basis
         dieet en de effecten daarvan. Echter wordt er hierbij naar het schijnt uitgegaan van een
         dieet waarvan naar het lijkt relatief weinig vet
              16 tot 17 energieprocent eiwitten
              47 tot 50 energieprocent koolhydraten
              35 energieprocent vet
         Objectief gezien dus hoog in koolhydraten, medium in vet en laag in eiwitten.
         De aanpassingen in dit dieet die vervolgens worden getest zijn
         1)     Handhaven van een hoog koolhydraat gehalte en substantieel vervangen van vet
                (medium) door eiwitten (laag)
         2)     Het verder verhogen van een reeds hoog koolhydraat gehalte door het
                vervangen van vet (medium) door koolhydraten (hoog)
         3)     Het 'beperkt' verminderen van koolhydraat inname (hoog) en het verhogen van
                eiwit inname (laag).
         Veel moderne 'low carb' dieet boeken en populair wetenschappelijke boeken zoals
         Why we get Fat van Gary Taubes verwijzen naar een veelheid aan onderzoek dat
         aantoont dat een drastische verlaging van koolhydraten (iets wat in dit document buiten
         beschouwing wordt gelaten) een veelheid aan positieve gevolgen heeft. Andere
         bronnen uit de 'vega' hoek lijken juist aan te tonen dat het andere extreem van een
         dieet uit voornamelijk koolhydraten soortgelijke positieve uitpak heeft. Er lijken dus
         aanwijzingen dat er voordelen zouden kunnen kleven aan de twee extremen op de
         energieprocenten voor de koolhydraat inname.
         Deze aanwijzingen worden in dit onderzoek echter naar het lijkt op geen enkele wijze
         gevalideerd dan wel gefalsificeerd. Wat dus ontbreekt is:
         2b)    Het nog substantieler vervangen van vet door koolhydraten tot vega niveaus.
         3b)    Het substantieel vervangen van koolhydraten (hoog) door eiwitten (laag) tot low-
                carb niveau.
         4)     Het substantieel vervangen van koolhydraten (hoog) door vet (medium) tot low-
                carb niveau
         5)     Het vervangen van eiwitten (laag) door koolhydraten tot vega niveau.
pagina 1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>         Naast het kijken naar de effecten van deze extremen in koolhydraat energie
         percentages, ontbreekt er mijns inziens aandacht in dit, maar vooral ook in het
         document m.b.t vetzuren, m.b.t het al dan niet relevant zijn van verhoging of verlaging
         van serum cholesterol niveaus.
         In populair wetenschappelijke boeken zoals 'the truth about statins' van Barbera H
         Roberts M.D en 'Feiten en fabels over cholesterol en cholesterolverlagende medicijnen'
         van Uffe Ravnskov worden diverse onderzoeken aangehaald die lijken aan te tonen
         dat de oude 'lipid hypothesis' ideeën over het sturen in de LDL en HDL serum niveaus
         hele andere effecten hebben dan voorheen werd aangenomen. Omdat de effecten van
         de dieet wijzigingen waarop u onderzoek heeft gedaan tevens effecten op serum
         niveaus van cholesterol mee nemen, zou mijns inziens een behandeling van bestaand
         onderzoek op dit gebied op z'n plaats zijn.
         m.v.g,
         Rob J Meijer
pagina 2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>Van: Caroline van Rossum
Verzonden: donderdag 25 juni 2015 14:15
Aan: GR_RGV2015
Onderwerp: vierde ronde achtergronddocumenten
Beste Collega's van de GR,
Hierbij de reactie vanuit het RIVM op de vierde ronde van de achtergronddocumenten RGV.
Groetjes.Caroline
Caroline van Rossum, PhD
Centre for Nutrition, Prevention and Health Services
National Institute for Public Health and the Environment
PO Box 1
3720 BA Bilthoven
The Netherlands
See http://www.voedselconsumptiepeiling.nl for information on the Dutch food consumption surveys
See http://www.rivm.nl/nevo for information on the Dutch food composition database
Proclaimer RIVM http://www.rivm.nl/Proclaimer
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>Reactie RIVM op concept-
achtergrondrapporten RGV ronde 4
dd 17-6-2015
   -   Algemene opmerking (niet inhoudelijk, maar taalkundig):
       In alle documenten wordt het woord 'adjusteren' gebruikt. Dit is echter een anglicisme en
       komt niet in de van Dale of het Groene boekje voor. Ik zou ervoor pleiten het Nederlandse
       woord 'corrigeren' te gebruiken, zoals al jaren gebruikelijk in de epidemiologie.
 Macronutriënten
     -   Zijn de cijfers in tabel 1 wel correct? In rapportage over koolhydraten staat iets anders: Zie
         hieronder? Komen niet overeen met de laatste versie van de rapportage over de vcp.
         Eventueel hier ook toevoegen verteerbare koolhydraten?-
         Verteerbare koolhydraten
         P10                    45               45              37             38
         P50                    51               51              43             45
         P90                    57               57              50             52
         Koolhydraten
              P10                 52              46             44             39
              P50                 58              53             50             47
              P90                 64              59             57             54
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
GEZONDHEIDSRAAD                                                   Reactie op commentaren
Reactie van de commissie Richtlijnen goede voeding 2015
op het achtergronddocument over de uitwisseling van
eiwit, vet en koolhydraten
De commissie heeft op het achtergronddocument over de uitwisseling van eiwit, vet en
koolhydraten reacties ontvangen van de Federatie Nederlandse Levensmiddelen
Industrie (FNLI), Kenniscentrum Suiker en Voeding (KSV), MVO - de ketenorganisatie
voor oliën en vetten - (MVO), de heer Meijer en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid
en Milieu (RIVM). De commissie heeft de inhoudelijke reacties betrokken bij het
opstellen van het definitieve achtergronddocument en over het algemeen de tekstuele
suggesties overgenomen.
Geen van de commentaren heeft geresulteerd in wijzigingen van conclusies.
Op de volgende pagina’s beschrijft de commissie in een tabel alle inhoudelijke
commentaren en wat zij daarmee heeft gedaan.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
GEZONDHEIDSRAAD                                                                                                                 Reactie op commentaren
Tabel Overzicht ontvangen inhoudelijke commentaren op achtergronddocument over de uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten en reactie van de commissie.
 Commentatoren       Commentaar                                       Reactie commissie
 FNLI, KSV,          De innamegegevens van koolhydraten zijn niet     Verwerkt.
 RIVM                correct.                                         De commissie heeft de gegevens over de inname van verteerbare koolhydraten
                                                                      gecorrigeerd
 FNLI                Betrek bij het effect van de uitwisseling van    Niet verwerkt.
                     macronutriënten op gewicht ook onderzoek naar    De commissie laat onderzoek bij patiënten met diabetes of extreme obesitas buiten
                     personen met diabetes of extreme obesitas. Bij   beschouwing, zoals beschreven in het document over de werkwijze.
                     bloeddruk is ook alleen bij patiënten gemeten en Bij de meta-analyses van onderzoeken naar bloeddruk die in het achtergronddocument
                     niet bij normotensieve personen, en wordt een    staan beschreven zijn niet uitsluitend personen met een hoge bloeddruk onderzocht. In
                     conclusie met grote bewijskracht getrokken.      de meta-analyse van Tielemans bedroeg bijvoorbeeld de gemiddelde systolische
                                                                      bloeddruk in de onderzoeken bij aanvang van de onderzoeken 128 mmHg (range 122-
                                                                      144 mmHg).1 Dit is vergelijkbaar met de systolische bloeddruk bij Nederlandse
                                                                      volwassenen.2
 FNLI                Onderzoeken naar het effect van de uitwisseling  Niet verwerkt.
                     van macronutriënten op het glucose metabolisme   Deze intermediairen vallen buiten de werkwijze van de commissie, zoals beschreven in
                     of postprandiale insuline respons ontbreken.     het document over de werkwijze.
                     Deze hebben echter wel implicaties voor het
                     risico op diabetes type 2.
Pagina 2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
GEZONDHEIDSRAAD                                                                                                                   Reactie op commentaren
 Commentatoren    Commentaar                                         Reactie commissie
 FNLI, MVO        De conclusie dat het verminderen van de            Niet verwerkt.
                  vetinname en verhogen van de                       Deze conclusie betreft onderzoek dat onder ad libitum omstandigheden is uitgevoerd
                  koolhydrateninname onder ad libitum                waarbij de deelnemers geen poging deden tot gewichtsverlies. Dit onderzoek betreft de
                  omstandigheden het lichaamsgewicht verlaagt        vraag of de vervanging van de ene macronutriënt door de andere van invloed is op
                  kan tot verwarring leiden. De gewichtsverandering  gewichtsbeheersing.
                  is het gevolg van een lagere calorische inname
                  en niet zozeer van een andere
                  macronutriëntensamenstelling. Voor
                  gewichtsbeheersing geldt dat zolang de inname
                  van energie gelijk is aan de behoefte, de
                  vervanging van het ene door het andere
                  macronutriënt geen gevolgen heeft voor het
                  lichaamsgewicht.
 FNLI, KSV        De conclusie over het effect van de isocalorische  Deels verwerkt.
                  uitwisseling van koolhydraten door eiwit betreft   De conclusie is gebaseerd de meta-analyse van Tielemans en collega’s1 van
                  vooral mensen die lijden aan hypertensie, type 2   interventiestudies. De auteurs hanteerden als een van de inclusiecriteria dat de
                  diabetes en/of overgewicht/obesitas. Tielemans     onderzoeken bij gezonde volwassenen zijn uitgevoerd. In de meta-analyse staat
                  vindt in zes cross-sectionele studies een          beschreven dat zes onderzoeken zijn uitgevoerd bij personen met overgewicht of
                  significante verlaging van 0,20 mmHg per 25        obesitas, waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen beide categorieën; vier zijn
                  gram eiwit, terwijl er geen verband is gevonden    uitgevoerd bij pre- of milde hypertensie, drie bij diabetespatiënten met overgewicht of
                  tussen de totale eiwitinname en hypertensie in     obesitas (2) of pre- of milde hypertensie (1); één bij ouderen en één bij veganisten. Uit
                  drie cohortonderzoeken. Geef daarom in de          de tekst blijkt dat de gemiddelde systolische bloeddruk bij aanvang van de onderzoeken
                  conclusie duidelijk aan bij welke subgroepen in de 128 mmHg bedroeg (range 122-144). Omdat deze systolische bloeddruk vergelijkbaar
                  bevolking de bewijskracht groot is: mensen met     is met de gemiddelde bloeddruk bij de algemene volwassen Nederlandse bevolking2,
                  overgewicht en/of (milde) hypertensie.             acht de commissie de conclusie representatief voor de algemene bevolking. Wel geeft
                                                                     zij in de tekst nu duidelijker aan in welke bevolkingsgroepen de onderzoeken zijn
                                                                     uitgevoerd.
                                                                     De commissie laat cohortonderzoeken naar intermediairen en cross-sectionele
                                                                     onderzoeken buiten beschouwing, zoals beschreven in het document over de werkwijze.
Pagina 3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
GEZONDHEIDSRAAD                                                                                                                 Reactie op commentaren
 Commentatoren    Commentaar                                           Reactie commissie
 Dhr. Meijer      Er ontbreekt onderzoek naar een drastische           Niet verwerkt.
                  verlaging of juist verhoging van de hoeveelheid      De commissie heeft geen meta-analyses gevonden waarin de effecten van genoemde
                  koolhydraten in de voeding. Veel moderne 'low        voedingen in de situatie van gewichtsbeheersing zijn samengevat.
                  carb' dieet boeken en populair wetenschappelijke
                  boeken zoals Why we get Fat van Gary Taubes
                  verwijzen naar een veelheid aan onderzoek dat
                  aantoont dat een drastische verlaging van
                  koolhydraten (iets wat in dit document buiten
                  beschouwing wordt gelaten) een veelheid aan
                  positieve gevolgen heeft. Andere bronnen uit de
                  'vega' hoek lijken juist aan te tonen dat het andere
                  extreem van een dieet uit voornamelijk
                  koolhydraten soortgelijke positieve uitpak heeft.
                  Er lijken dus aanwijzingen dat er voordelen
                  zouden kunnen kleven aan de twee extremen op
                  de energieprocenten voor de koolhydraat inname.
 Dhr. Meijer      Er ontbreekt een discussie over het al dan niet      Niet verwerkt.
                  relevant zijn van een verhoging of verlaging van     De relevantie van het verhogen of verlagen van serum cholesterol niveaus staat
                  serum cholesterolniveaus.                            beschreven in het document over de werkwijze van de commissie.
Pagina 4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre>Uitwisseling van eiwit, vet en koolhydraten
GEZONDHEIDSRAAD                                                                  Reactie op commentaren
Literatuur
1   Tielemans SM, Altorf-van der Kuil W, Engberink MF, Brink EJ, van Baak MA, Bakker SJ e.a. Intake of
    total protein, plant protein and animal protein in relation to blood pressure: a meta-analysis of
    observational and intervention studies. J Hum Hypertens 2013; 27(9): 564-571.
2   Systolische bloedddruk naar leeftijd. https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/bloeddruk/
    cijfers-context/huidige-situatie#node-systolische-bloeddruk-naar-leeftijd geraadpleegd: 15-9-2015.
Pagina 5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>