<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>VERSTERK DE ROL
VAN WETENSCHAP,
TECHNOLOGIE EN
INNOVATIE IN
MAATSCHAPPELIJKE
TRANSITIES
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>De Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie (AWTI) brengt gevraagd en
ongevraagd advies uit aan regering en parlement. Zijn onafhankelijke adviezen zijn
strategisch van aard en gaan over de hoofdlijnen van wetenschaps-, technologie- en
innovatiebeleid. De leden van de AWTI zijn afkomstig uit kennisinstellingen en het
bedrijfsleven. De raad staat onder voorzitterschap van Uri Rosenthal. De AWTI doet
zijn werk vanuit de overtuiging dat het belang van kennis, wetenschap en innovatie
voor economie en samenleving groot is en in de toekomst nog verder zal toenemen.
De raad is als volgt samengesteld:
prof. dr. U. (Uri) Rosenthal (voorzitter)
prof. dr. ir. J.P.H. (Jos) Benschop
prof. dr. ing. D.H.A. (Dave) Blank
prof. dr. R. (Roshan) Cools
prof. dr. ir. K. (Koenraad) Debackere
prof. dr. ir. T.H.J.J. (Tim) van der Hagen
dr. ir. S. (Sjoukje) Heimovaara
prof. dr. E.M. (Emmo) Meijer
drs. N. (Nienke) Meijer
prof. dr. E.H.M. (Ellen) Moors
mr. J.J.G. (Anneke) Bovens (secretaris)
Het secretariaat is gevestigd te:
Prins Willem-Alexanderhof 20
2595 BE Den Haag
t. 070 3110920
e. secretariaat@awti.nl
w. www.awti.nl
ISBN: 978-90-77005-86-6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap,
technologie en innovatie in
maatschappelijke transities
februari 2020
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>Colofon
Fotografie                          Bas Kijzers Fotografie
Ontwerp                             2D3D Design; Infographics: Kate Snow Design
Druk                                Quantes
                                    februari 2020
ISBN                                978-90-77005-86-6
Alle publicaties zijn gratis te downloaden via www.awti.nl.
Auteursrecht
Alle auteursrechten voorbehouden. Mits de bronvermelding correct is, mogen deze uitgave of onderdelen van deze uitgave
worden verveelvoudigd, opgeslagen of openbaar gemaakt zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de AWTI.
Een correcte bronvermelding bevat in ieder geval een duidelijke vermelding van organisatienaam en naam en jaartal van de uitgave.
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                           2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>Inhoud
Samenvatting                                                                             5
1    Aanleiding: wetenschap, technologie en innovatie dragen onvoldoende
     bij aan transities                                                                  9
1.1 Huidige inrichting van de samenleving is op termijn onhoudbaar                       9
1.2 Transities leveren ‘pijnen’ én kansen op                                            10
1.3 Inzet van wetenschap, technologie en innovatie is nu niet optimaal                  11
1.4 Adviesvraag: hoe zijn wetenschap, technologie en innovatie beter te benutten?       16
2    Advies: gebruik WTI beter met een inspirerend toekomstbeeld en een
     ingrijpende aanpak                                                                 19
2.1 Een helder toekomstbeeld bevordert investeringen, afstemming en draagvlak           20
2.2 De tijd is rijp voor een overkoepelend toekomstbeeld                                21
2.3 Een bijbehorende, ingrijpende aanpak betrekt nieuwelingen en stimuleert leren       22
3    Drie aanbevelingen voor de totstandkoming van toekomstbeeld en
     aanpak                                                                             27
3.1 Bouw een toekomstbeeld op rond vensters                                             27
3.2 Geef transformatieve coalities een prikkelende opdracht mee                         32
3.3 Zet in elk ministerie een toekomstgroep op                                          34
Bijlage 1 Gesprekspartners                                                              38
Bijlage 2 Geraadpleegde bronnen                                                         39
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities  3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 4</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>Samenvatting
Nederland is een welvarend land met een bloeiende economie. Maar we staan voor
urgente maatschappelijke opgaven op gebieden als voedsel, zorg, mobiliteit, veiligheid
en duurzaamheid. Doelgerichte maatschappelijke transities zijn op deze en andere
gebieden hard nodig en deels al ingezet. Wetenschap, technologie en innovatie (WTI)
kunnen hierin een sterkere, meer effectieve rol spelen. Daarover gaat dit advies.
Hoe kan de regering de bijdrage van wetenschap, technologie en innovatie aan
maatschappelijke transities verbeteren?
De raad is van mening dat wetenschap, technologie en innovatie veel beter kunnen
worden benut voor maatschappelijke transities. Om dit te stimuleren, moet de regering
zorgen voor een overkoepelend beeld van het Nederland van de toekomst én voor een
bijbehorende ingrijpende aanpak voor de transities. Het toekomstbeeld en de aanpak
maken gerichte investeringen mogelijk, voorkomen verspilling van tijd en geld, en
brengen innovatoren samen met nieuwe en creatieve partijen.
Het grote verhaal achter de transities ontbreekt nu. Er zijn visies op deelterreinen en
akkoorden, maar deze zijn gebaseerd op bestaande situaties en mogelijkheden. Het zijn
vaak geen vergezichten en ze zijn onderling niet met elkaar verbonden. Gemaakte
keuzes op het ene deelterrein kunnen die op een ander terrein in de weg zitten.
Er is te weinig perspectief op echte, radicale vernieuwing en innovatie: waarom is het
nodig, wat brengt het ons? Waarin willen we investeren en ook: wat willen we dat er níet
gebeurt? Alles bij elkaar lukt het Nederland onvoldoende om wetenschap, technologie en
innovatie goed te benutten voor transitieversnelling. De Adviesraad voor wetenschap,
technologie en innovatie (AWTI) vertaalt dit advies naar drie aanbevelingen aan de
regering:
►       Zorg voor een overkoepelend beeld van het Nederland van de toekomst; bouw dit
        op als een reeks vensters en stel het beeld regelmatig bij. Beleg de
        eindverantwoordelijkheid voor het toekomstbeeld bij een onderraad voor
        maatschappelijke transities.
►       Ontwikkel een netwerk van met elkaar verbonden transformatieve coalities. In dit
        netwerk werken diverse (nieuwe, onverwachte) partijen met elkaar samen en leren
        van elkaar.
►       Vraag elk ministerie een interne toekomstgroep van medewerkers op te zetten en
        geef deze een prikkelende opdracht.
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities  5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 6</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>                                        Advies
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 8</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>                                                                                                                                1
1 Aanleiding: wetenschap, technologie en
  innovatie dragen onvoldoende bij aan
  transities
  Nederland is een welvarend land met een bloeiende economie. De manier waarop
  onze samenleving is ingericht, is echter onhoudbaar. Onze maatschappelijke
  systemen lopen vast. Doelgerichte transities op gebieden als voedsel, zorg,
  mobiliteit, veiligheid en duurzaamheid zijn hard nodig – en deels al ingezet.
  Wetenschap, technologie en innovatie (WTI) kunnen een sterkere, meer effectieve
  rol spelen in transities. Hoe kan de regering dit stimuleren?
  1.1 Huidige inrichting van de samenleving is op termijn
  onhoudbaar
  De inrichting van de Nederlandse samenleving en economie – waaronder onze manieren
  van produceren en consumeren – is op termijn niet vol te houden. Op diverse terreinen
  neemt de druk op beschikbare middelen, natuurlijke bronnen en mensen
  (beroepskrachten) toe. We moeten voorkomen dat het behoud van onze hoge
  levensstandaard onwenselijke gevolgen heeft voor toekomstige generaties hier en elders
  in de wereld. Daarom moeten we op allerlei terreinen onze voorzieningen
  toekomstbestendig maken: in het sociale domein, op het gebied van energie,
  gezondheidszorg, voedsel, veiligheid en mobiliteit. We moeten toe naar een florerende,
  inclusieve, leefbare en duurzame samenleving. Als we deze grote maatschappelijke
  opgave niet realiseren, is het de vraag of Nederland op termijn een welvarend land zal
  blijven met goede leefomstandigheden en een bloeiende economie.1
  Nederland moet zich dus kunnen ontwikkelen tot een samenleving die haar welvaart en
  welzijn behoudt onder continu veranderende omstandigheden. Deze toekomstbestendige
  samenleving moet tegemoet kunnen komen aan de behoeften van de huidige bevolking,
  zonder die van toekomstige generaties te beperken.2 De veranderingen die hiervoor
  nodig zijn – transities – raken het dagelijks leven van ons allemaal. Ze zijn dan ook
  ingrijpend. Transities zijn fundamentele, langlopende maatschappelijke veranderingen in
  de structuur, cultuur en infrastructuur van een samenleving.3 Ze zijn radicaal onzeker, in
  1.   Zie bijvoorbeeld World Economic Forum (2019).
  2.   In lijn met Brundtland (1987).
  3.   De term transities sluit aan bij het concept ‘transitions’ zoals in Hölscher et al. (2018). Ook termen als ‘transformations’ en
       ‘system innovation’ (OECD 2015) zijn gelieerd aan transities. DRIFT beschrijft een transitie als “een proces van fundamentele en
       onomkeerbare veranderingen in cultuur, (institutionele) structuur en werkwijze op systeemniveau.” (Drift 2019).
  Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                              9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>die zin dat het vooraf niet vast te stellen (of wellicht zelfs voor te stellen) is hoe de wereld
er na de transitie uit zal zien. De contouren van transities verschuiven bovendien continu
als gevolg van nieuwe situaties, inzichten en veranderende opvattingen.4 Sommige
maatschappelijke transities voltrekken of voltrokken zich min of meer spontaan, als
gevolg van sociale en technische ontwikkelingen.5 In de komende jaren zijn echter
bewust ingezette transities nodig: als samenleving proberen we ze te sturen in de
gewenste richting en ze te versnellen. Voorbeelden hiervan zijn de energietransitie, de
zorgtransitie en de transitie naar een circulaire economie.
1.2 Transities leveren ‘pijnen’ én kansen op
Maatschappelijke transities verlopen niet zonder strijd en fricties, oftewel: transitiepijnen.6
Recentelijk werd dit duidelijk via de protesten van boeren en bouwers naar aanleiding
van veranderende regelgeving rondom stikstof en schadelijke chemische stoffen (PFAS).
Stevige veranderingen kunnen nadelen hebben voor bevolkings- en beroepsgroepen en
voor organisaties die goed zijn aangepast aan de oude situatie en daar wel bij varen.
Fricties zijn dus te verwachten; beleid moet daarop anticiperen.
Transitiepijnen zullen in de toekomst vaker voorkomen. Soms moeten gebouwen,
netwerken en infrastructuren worden aangepast nog voordat hun economische
levensduur is verstreken. Soms worden ze zelfs onverkoopbaar. Belastinginkomsten van
oude praktijken kunnen teruglopen. De prijs van producten kan toenemen als gevolg van
transitiemaatregelen; denk aan de hogere prijzen voor materialen en transport die
ontstaan wanneer een producent (bouwer, boer, fabrikant) extra maatregelen neemt
tegen vervuiling. Bedrijven, of hele sectoren, verliezen hun core business of moeten
kostbare aanpassingen doen. Nieuwe oplossingen kunnen we lelijk vinden (windturbines,
zonnepanelen), terwijl we gewend zijn aan het – soms ook niet zo fraaie – uiterlijk van
oude infrastructuur (energiecentrales). De winsten van de veranderingen komen pas op
de langere termijn. Mensen en organisaties zullen hun behoeftebevrediging moeten
uitstellen, partijen die in eerste instantie geen profijt hebben van de verandering, moeten
toch mee. Om dit te bereiken moet Nederland werken aan een eerlijke verdeling van (en
waar nodig compensatie voor) transitiepijnen.
Maatschappelijke transities bieden ook nieuw elan en kansen voor wetenschappers,
innovatieve bedrijven en ondernemers.7 Dit gebeurt met name als Nederland vanuit eigen
sterktes internationaal voorop kan lopen in de zoektocht naar nieuwe mogelijkheden en
4.   Grin et al. (2010).
5.   Denk aan de industriële revolutie, de seksuele revolutie, secularisatie en digitalisering van de samenleving.
6.   De aard van maatschappelijke transities wordt uitgebreid behandeld in wetenschappelijke literatuur (zie overzicht van bronnen bij
     paragraaf 1.4).
7.   Zie ook AWT (2013).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                            10
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>oplossingen. Dan kan ons land de richting waarin ontwikkelingen zich voltrekken,
meebepalen. Vervolgens kunnen we meedingen op de wereldwijde markten voor
innovaties. Door voorop te lopen voorkomt Nederland ook dat oplossingen van andere
landen over ons worden ‘uitgestort’, zoals is gebeurd met veel digitale innovaties in de
afgelopen decennia.
Tijdens transities ontstaan nieuwe behoeften en daarmee nieuwe markten voor
innovatieve bedrijven. Daar zijn voldoende voorbeelden van. Tijdens de digitale transitie
kwamen er wereldwijd miljoenen banen bij. Er ontstonden nieuwe manieren van werken,
zaken doen en wetenschap bedrijven; andere leefstijlen werden mogelijk. Ook de
komende transities zullen kansen bieden. De toenemende vraag naar duurzame
producten, diensten en leefstijlen leidt bijvoorbeeld nu al tot nieuwe
wetenschapsgebieden, tot innovatie en nieuwe werkgelegenheid. Een voorbeeld hiervan
is de vegetarische slager die onlangs, met alle 90 werknemers, overgenomen werd door
Unilever, en internationaal verder kan uitbreiden. Een ander voorbeeld: het bedrijf Ioniqa
dat een techniek op de markt bracht om gekleurde flessen te recyclen tot nieuwe
grondstoffen. Nederland heeft wetenschappelijk en commercieel een uitstekende
uitgangspositie in diverse nieuwe gebieden en de potentie om zich te ontwikkelen tot
topexporteur van duurzame producten en diensten.
1.3 Inzet van wetenschap, technologie en innovatie is nu niet
optimaal
Wetenschap, technologie en innovatie zijn onlosmakelijk verbonden met
maatschappelijke transities. Toch lukt het Nederland nog onvoldoende om wetenschap,
technologie en innovatie gericht in te zetten voor transitieversnelling.8 Er is sprake van
zowel overschatting als onderbenutting van wetenschap, technologie en innovatie.
Overschatting omdat plannen en programma’s te veel verwachten van technologie en
innovatie en er vanuit lijken te gaan dat hier uiteindelijk alle oplossingen vandaan komen.
De gedachte is dan bijvoorbeeld: ‘minder vliegen is onnodig omdat er in de toekomst
elektrische vliegtuigen zijn’. Het idee dat het mogelijk is om voor elk probleem een
technologische oplossing te vinden, is echter te simpel. Deze manier van denken
ondermijnt bovendien de maatschappelijke discussie die nodig is over de rol van
wetenschap, technologie en innovatie in transities.9
8.   Voorbeelden van beleid zijn ‘Nederland circulair in 2050’, het traject ‘nationale omgevingsvisie’ de landbouwvisie, de inzet op
     preventie en transformatie in delen van de zorg, de afspraken in het klimaatakkoord en het ombuigen van de topsectorenaanpak
     in de richting van gezamenlijke missies.
9.   Zie ook Tucker (2013).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                              11
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>Onderbenutting van wetenschap, technologie en innovatie ontstaat doordat er geen
helder kader is voor een efficiënte inzet van aanwezige denkkracht en ontwikkelenergie.
Wat wordt er precies van wetenschappers en innovatoren verwacht? Ook speelt een rol
dat het veld van bèta-technische wetenschap en innovatie niet goed verbonden is met
partijen die niet-technologische oplossingen kunnen aandragen of die uiteenlopende
maatschappelijke behoeftes en andere manieren van denken in beeld kunnen brengen.
Voorbeelden van dergelijke partijen zijn de geesteswetenschappen en sociale
wetenschappen, creatieve professionals, kunstenaars, niet-gouvernementele
organisaties (Ngo’s) en jongeren.
Zes tekortkomingen in het huidige WTI-beleidskader voor maatschappelijke
transities
Toekomstgericht beleid schept duidelijke en krachtige condities waaronder
wetenschappers samen met andere (commerciële en creatieve) innovatoren kunnen
bijdragen aan maatschappelijke transities. De condities stellen alle betrokkenen ook in
staat te anticiperen op transitiepijnen en er goed mee om te gaan. Het bestaande
beleidskader schiet echter te kort om wetenschap, techniek en innovatie op deze manier
in stelling te brengen. De volgende tekortkomingen doen zich voor.
►       Innovatiebeleid is te weinig transitiegericht
        Het innovatiebeleid van de regering is grotendeels generiek en daardoor ongericht.
        De meest omvangrijke financiële instrumenten (WBSO en innovatie box,
        bijvoorbeeld) stimuleren alle vormen van onderzoek, ontwikkeling en innovatie in
        even grote mate. Er is te weinig een direct verband met maatschappelijke transities.
        Hierdoor worden bedrijven niet aangemoedigd te koersen op een maatschappelijk
        gewenste richting. Bovendien stimuleert het generieke beleid vooral incrementele
        innovatie (kleine stappen), terwijl radicale innovatie nodig is.10 Tot slot is het
        innovatiebeleid vooral aanbodgericht (technologie-push) en sluit het te weinig aan
        op de vraagontwikkeling vanuit transitie-opgaven.11 De instrumenten die zich wel
        richten op vraagontwikkeling en marktcreatie12 (zoals SBIR en Green deals) hebben
        mede door hun beperkte omvang en reikwijdte geen centrale plaats in het beleid. 13
►       Geen prikkel tot experimenteren met radicale oplossingen en vraag-articulatie
        Meetbare en afgebakende missies (in tijd en geld) prikkelen de partijen niet tot
        experimenteren met radicale oplossingen en creatieve verandermogelijkheden.
        Bovendien leiden technocratische missies niet tot de aanpak van cultuur-, structuur-
10.  Zie AWTI (2018b).
11.  Frenken en Hekkert (2017).
12.  Zoals ook beschreven in de recente kennis- en innovatieconvenant 2020-2023.
13.  Janssen (2018).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities    12
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>        of gedragsveranderingen. Voor transities is nodig dat partijen gezamenlijk leren over
        toekomstige maatschappelijk vragen. Die vragen kunnen radicaal anders zijn dan
        we gewend zijn. Kennis- en innovatiekracht van kennisinstellingen en bedrijfsleven
        moet zich op zulke toekomstige vraagstukken kunnen richten en ervan leren.
        Momenteel vinden op lokale schaal die leerprocessen her en der plaats, maar ze
        hebben weinig kracht en vinden te weinig weerklank op nationaal niveau.
►       Geen maatschappelijke opdracht aan kennisinstellingen om zich te richten op
        transities
        De maatschappelijke opdracht die de wetenschap en het hoger onderwijs hebben,
        is nu niet expliciet omschreven. De AWTI heeft recent al aangegeven dat een
        helderder omschreven opdracht wenselijk is.14 Ook het stelsel van
        toepassingsgericht onderzoek krijgt geen heldere maatschappelijke opdracht mee.15
        Publieke financieringsstromen hebben onvoldoende duidelijke doelen, zodat
        publieke kennisinstellingen geen scherpe keuzes kunnen maken.
►       Het missiegedreven topsectoren- en innovatiebeleid heeft onvoldoende effect
        op transities
        In 2018 is het topsectorenbeleid verder ontwikkeld tot missiegedreven
        innovatiebeleid. Doel hiervan was het topsectorenbeleid te sturen in de richting van
        vier maatschappelijke thema’s: (1) Energie en duurzaamheid, (2) Landbouw, water
        en voedsel, (3) Gezondheid en zorg, (4) Veiligheid. Het beleid versnelt transities
        onvoldoende, omdat het voortbouwt op bestaande technologieën, industrieën en
        instituties, en gevestigde stakeholders betrekt met elk eigen belangen.16 De
        polderaanpak die ermee gepaard gaat, maakt dat besluiten lastig tot stand komen.
        Het beleid is bovendien beperkt zowel in financieringsomvang als in reikwijdte. De
        concrete missies die centraal staan, hebben een sterk technocratische insteek en
        een afbakening in de tijd (zie punt 2).17 Dat versnelt de zoektocht naar oplossingen
        op de korte termijn, maar heeft als risico dat de keuze valt op oplossingen die op de
        langere termijn problemen verergeren of nieuwe problemen creëren: fixes-that-fail.
►       Beleid dat zich wél richt op transities en innovatie is versnipperd
        De meeste ministeries hebben een vorm van innovatiebeleid en sommige een begin
        van transitiebeleid (bijvoorbeeld het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat rond
        circulaire economie). Vooralsnog is er echter nauwelijks coördinatie over de
14. AWTI (2018).
15. AWTI (2017).
16. Janssen et al. (2019b); Zie ook Holland Hightech (2019), p.8. Deze mededeling leidt niet tot een pleidooi voor een nieuwe
     structuur.
17. Conform de beweging naar missiegedrevenbeleid die in diverse landen te zien is en in het Europees beleid. Zie Mazzucato
     (2018; 2019).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                       13
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>        departementen heen.18 Onderlinge contacten tussen ministeries op het gebied van
        transities en innovatie zijn vaak ad hoc en persoonsafhankelijk.19 Recentelijk zijn er
        initiatieven ontplooid om hierin verbetering te brengen. Zo werken de secretarissen-
        generaal van vier ministeries opgavegericht samen.20
►       Onvoldoende transitiegerichte onderzoeks- en innovatiecapaciteit
        De financiering van wetenschap en kennisinstellingen staat onder druk door
        afnemende publieke investeringen.21 Dit maakt het moeilijk voor universiteiten,
        hogescholen, TNO en andere publieke kennisinstellingen om, samen met het
        bedrijfsleven, voldoende onderzoeks- en innovatiecapaciteit bijeen te brengen voor
        langjarig en grootschalig gezamenlijk onderzoek (trans- en multidisciplinair) naar
        maatschappelijke transities.
Zonder gerichte en gebundelde inzet van wetenschap, technologie en innovatie komen
maatschappelijke transities niet tot stand. Wetenschappelijke kennis is immers nodig om
de werking van de maatschappelijke systemen die we willen veranderen, te doorgronden
en om collectieve besluiten in transitieprocessen te onderbouwen. 22 Technologie en
innovatie zijn onontbeerlijk om (deel)oplossingen voor veranderingen aan te dragen.
    De rol die wetenschap, technologie en innovatie kan hebben in
    maatschappelijke transities
    ►      Brede academische kennis als voedingsbodem voor transities
           Wetenschappers exploreren, beschrijven, begrijpen, verklaren en toetsen de
           werkelijkheid en dragen mogelijkheden voor verandering aan. Zo vergroot
           wetenschap ons begrip van de wereld; het inspireert, vernieuwt, problematiseert
           en draagt oplossingen aan.23
    ►      Innovatief ondernemerschap brengt businessmodellen voort die sectoren
           transformeren
           Via nieuwe businessmodellen kunnen complete sectoren transformeren.24
           Innoverende ondernemers nemen geen genoegen met heersende opvattingen
           en normen en zijn daardoor in staat om instituties te veranderen. Dit wordt ook
           wel aangemerkt als ‘institutioneel ondernemerschap’.25 Ondernemers kunnen zo
18.  Raad van State (2019). Met uitzondering van het klimaatakkoord en missie-gedreven innovatiebeleid.
19.  De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur maakt dit punt voor de transitie naar duurzaamheid. Zie Rli (2019).
20.  Ministerie van Algemene Zaken (2017).
21.  AWTI (2019).
22.  SAPEA (2019).
23.  Zie het werk van het Rathenau Instituut over de toekomst van onze kennissamenleving (2019a).
24.  Kavadias et al. (2016).
25.  Van Rijnsoever (2019).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                 14
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>           actief bijdragen aan oplossingen voor transitieopgaves; zij zien behoeftes of
           marktvragen ontstaan waarop zij hun aanbod aanpassen.26
   ►       Kennis over transitieprocessen; onderzoek naar ‘wat werkt’
           Wetenschappers houden zich bezig met interdisciplinaire vraagstukken die een
           directe relatie hebben met transitieprocessen. Zij onderzoeken bijvoorbeeld
           verandering van complexe maatschappelijke systemen, de wijze waarop
           (duurzame) innovaties in innovatiesystemen tot stand komen, of de rol van
           innovatie in veranderprocessen. Ook onderzoeken ze wat we kunnen leren van
           transities uit het verleden en van lopende transities. Dat doen ze mede in
           opdracht van de overheid.27 Er zijn wetenschappers die bestuderen welk beleid
           tot transformatie leidt of, heel concreet, ‘wat werkt’ om maatschappelijke
           verandering te bereiken.
   ►       Toepassingsgerichte kennis zoekt naar oplossingen
           Toepassingsgericht onderzoek zoekt naar oplossingen voor praktische
           problemen en maatschappelijke vraagstukken. Veel van dit onderzoek wordt
           uitgevoerd door publiek gefinancierde organisaties buiten de academische
           wereld. Deze organisaties combineren hun onderzoek met kennisintensieve
           dienstverlening. Het stelsel van toepassingsgericht onderzoek versterkt zo de
           innovatiekracht van het bedrijfsleven, draagt bij aan de aanpak van
           maatschappelijke transitieopgaven en kan de kwaliteit van het overheidsbeleid
           verbeteren.
   ►       Technologie als enabler en versneller
           Nieuwe technologische mogelijkheden kunnen een maatschappelijke transitie
           steunen en versnellen. Het onderzoek binnen de technische wetenschappen en
           bij toepassingsgerichte kennisinstellingen28, vertaalt hiertoe nieuwe kennis en
           inzichten naar concrete (technische) producten, systemen en processen die
           kunnen bijdragen aan een transitie.
   ►       Overdracht van kennis, skills en vaardigheden
           Wetenschappelijke kennis bereikt en vormt de inhoud van het onderwijs: van het
           basisonderwijs tot en met wetenschappelijke opleidingen. Publieke
           kennisinstellingen zijn ook kennisleverancier voor de politiek, het beleid,
           publieke organisaties en media. Via de internationale, wereldwijde
26. Proka et al. (2018).
27. Zie bijvoorbeeld Lodder et al. (2017).
28. Technologieontwikkeling kan in theorie ook buiten de wetenschap en grote bedrijven tot stand komen. Dat gebeurt nog zelden
     vanwege hoge kosten en de noodzaak van onderzoeks-infrastructuur en samenwerking.
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                        15
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>           gemeenschap van wetenschappers29 stroomt internationale kennis over
           transities, technologie, et cetera naar Nederland, zodat de samenleving deze
           kennis kan absorberen. De wetenschap en de onderzoekswereld geven
           zodoende de huidige en de volgende generatie instrumenten en vaardigheden
           mee om bij te kunnen dragen aan maatschappelijke transities.
    ►      Innovatiesystemen geven radicale innovaties impact
           Bedrijven, maatschappelijke organisaties en (groepen) individuen brengen
           innovaties tot stand in een bepaalde context, een innovatiesysteem.30 Deze
           innovaties hebben alleen impact als ze als schaal krijgen en zich verspreiden.31
           Denk aan steeds betere zonnepanelen, elektrische auto’s en fietsen,
           vleesvervangers, duurzame restaurants, maar ook een ontwikkeling als e-health
           (zorg via internet en smartphone). Aan de basis van maatschappelijke transities
           staan vaak de radicalere innovaties, of een cascade van innovaties (bijvoorbeeld
           de stoommachine, de auto of de personal computer).32 Het hangt af van het
           bredere innovatiesysteem of een innovatie zich al of niet breed verspreidt en
           succesvol is – en dus leidt tot structuur- en cultuurverandering. Het systeem is
           minstens zo bepalend als de eigenschappen van de innovatie zelf en van de
           partij die haar ontwikkelt (vaak een bedrijf).33
1.4 Adviesvraag: hoe zijn wetenschap, technologie en
innovatie beter te benutten?
De adviesvraag die voor ligt is:34
Hoe kan de regering de bijdrage van wetenschap, technologie en innovatie aan
maatschappelijke transities verbeteren?
29.  Wright (2019).
30.  Hekkert et al. (2007).
31.  AWTI (2018).
32.  Bakker (2017); Mokyr (2016).
33.  AWTI (2018c).
34.  Zie het AWTI-werkprogramma 2019 (AWTI 2018d).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities     16
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>Totstandkoming van het advies
Voor het advies is deskresearch uitgevoerd naar literatuur over maatschappelijke
transities. In de literatuur komen de aard van maatschappelijke transities, het verloop
ervan en manieren om erin bij te sturen uitgebreid aan bod. Deze wetenschappelijke
basis is vaak en ook internationaal geconsolideerd.35 Daarnaast heeft de AWTI
gesproken met een reeks wetenschappers en experts van bedrijven en ministeries. Om
feedback te krijgen op een eerste concept van dit advies is in juli 2019 een expertmeeting
belegd.36
   Dit advies is voorbereid door de projectgroep bestaande uit de raadsleden Emmo
   Meijer (voorzitter),Tim van der Hagen en Roshan Cools en de stafleden Kathleen
   Torrance, Michiel van Well en Chris Eveleens.
35. Zie onder andere OECD (2015); Köhler et al. (2018); Goetheer et al. (2018); Geels (2011); Hekkert et al. (2007); Mazzucato
     (2011); Markard et al. (2012); EEA (2018); Schot en Steinmueller (2018); Weber en Rohracher (2012).
36. Zie voor een overzicht van de gesprekspartners bijlage 1.
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                        17
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 18</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>                                                                                                                            2
2 Advies: gebruik WTI beter met een
  inspirerend toekomstbeeld en een
  ingrijpende aanpak
  De raad is van mening dat wetenschap, technologie en innovatie veel beter kunnen
  worden benut voor maatschappelijk transities. Om dit te stimuleren, moet de
  regering zorgen voor een overkoepelend toekomstbeeld voor Nederland én voor
  een bijbehorende, ingrijpende aanpak van de verschillende transities. Het
  toekomstbeeld en de aanpak maken gerichte investeringen mogelijk, voorkomen
  verspilling van tijd en geld, maken het makkelijker om te gaan met weerstanden en
  brengen innovatoren samen met nieuwe en creatieve partijen.
  Het grote verhaal achter de transities van bijvoorbeeld de gezondheidszorg, de energie-,
  voedsel- en transportsector ontbreekt. Er zijn wel visies op deelterreinen (landbouwvisie,
  visie circulaire economie, nationale omgevingsvisie in wording) en ook akkoorden
  (grondstofakkoord, bouwakkoord), maar deze zijn gebaseerd op bestaande situaties en
  mogelijkheden. Het zijn geen vergezichten en ze zijn onderling niet met elkaar
  verbonden. Gemaakte keuzes op het ene deelterrein kunnen die op een ander terrein in
  de weg zitten.
  Er is te weinig perspectief op echte, radicale vernieuwing en innovatie. Waarom is het
  nodig, wat brengt het ons? Waarin willen we investeren en ook: wat willen we dat er níet
  gebeurt? De noodzaak van zo’n overkoepelend en opbouwend toekomstbeeld wordt met
  de dag groter, ook omdat er veel aandacht is voor wat er mis gaat in transities. Het lukt
  Nederland onvoldoende om wetenschap, technologie en innovatie goed te benutten voor
  transitieversnelling.37
  Naast een wenkend perspectief is een ingrijpende aanpak nodig: een aanpak waarin
  diverse (ook nieuwe) partijen met elkaar samenwerken én van elkaar leren. Transities zijn
  namelijk door hun onzekere en disruptieve aard slecht aan te sturen vanuit bestaande
  beleids- en overlegsystemen, maar dat gebeurt nu wel. Het advies van de AWTI is om
  een aanpak op te bouwen rondom nieuwe, transformatieve coalities.
  37. Voorbeelden van beleid zijn ‘Nederland circulair in 2050’, het traject ‘nationale omgevingsvisie’, de landbouwvisie, de inzet op
       preventie en transformatie in delen van de zorg, de afspraken in het klimaatakkoord en het ombuigen van de topsectorenaanpak
       in de richting van gezamenlijke missies.
  Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                              19
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre>Dit hoofdstuk licht het toekomstbeeld en de bijbehorende aanpak toe en onderbouwt
waarom ze nodig zijn. Hoofdstuk 3 geeft aan hoe het beeld en de aanpak tot stand
kunnen komen.
2.1 Een helder toekomstbeeld bevordert investeringen,
afstemming en draagvlak
Sturen en bijsturen van maatschappelijke transities is een van de belangrijkste en meest
complexe opgaven waar regering en parlement voor staan. Zij zijn met hun
democratische mandaat de enige partijen die de gezamenlijke richting kunnen aangeven.
Met een helder en ambitieus toekomstbeeld bereiden ze de weg voor wetenschappers,
technologieontwikkelaars, ondernemers en andere innovatoren. Deze partijen
ontwikkelen en verspreiden immers producten, diensten, nieuwe businessmodellen,
andere manieren van werken en andere zaken die nodig zijn om transities mogelijk te
maken. Een overkoepelend verhaal geeft basiswaarden weer (hoe zouden we het willen
hebben?), net als verwachtingen en idealen (hoe zou het kunnen worden?). Het opent
ook de deur naar nieuwe manieren van denken en doen. Het toekomstbeeld biedt
actoren perspectief omdat het laat zien wat gewenst en mogelijk is en wat haalbaar is.38
Het geeft ook aan wat we niet willen.39
De gezamenlijke richting dwingt heldere keuzes af tussen alternatieve ontwikkelpaden
(nadat gedegen systeemanalyses zijn uitgevoerd40). Dat maakt het voor bedrijven,
ondernemers, wetenschappers en andere innovatoren makkelijker om langdurig op de
wenselijke richting te (blijven) koersen en zich te richten op radicaal andere oplossingen
voor maatschappelijke vraagstukken dan de gebruikelijke.41 Bedrijven en ondernemers
krijgen duidelijkheid over toekomstige markten, zodat zij kunnen investeren in de
ontwikkeling van innovatieve oplossingen.42 Kennisontwikkeling en innovaties die passen
bij de gekozen ontwikkelpaden genieten door het richtinggevende toekomstbeeld een
grotere acceptatie. Zo ontstaan efficiënte leerprocessen, complementariteit en ook
gemakkelijker toegang tot kapitaal.43 Een overkoepelend toekomstbeeld geeft zodoende
richting aan publieke en private investeringen en aan het gemeenschappelijk handelen.
Het beeld helpt ook om maatschappelijke transities zoveel mogelijk te coördineren en
conflicterende beleidsdoelen tegen te gaan. Gezamenlijk nadenken over het perspectief
maakt namelijk zichtbaar welke inconsistenties en spanningen er bestaan tussen
38.  Hajer (2017).
39.  Schot en Steinmueller (2018).
40.  Grin et al. (2010).
41.  De AWTI pleitte eerder (2016) voor meer ruimte voor radicale innovatie als bijdrage aan de energietransitie.
42.  In deze tijd waarin het risico op verwaarloosbare groei reëel is (Lukasz en Summers, 2019).
43.  Smith et al. (2005); Berkhout (2006).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                           20
</pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 23 ======================================================================

<pre>beleidsdoelen, en welke blinde vlekken er zijn in het denken over toekomstig Nederland.
Denk aan de spanningen die op dit moment bestaan tussen verschillende transities en
tussen transities en andere maatschappelijke doelen. Broeikasgasreductie is bijvoorbeeld
gebaat bij het verstoken van hernieuwbare biomassa, terwijl voor een transitie naar een
circulaire economie diezelfde biomassa nodig is voor bio-afbreekbare producten.44 Een
ander voorbeeld: data-gedreven gezondheidszorg biedt veel mogelijkheden, maar deze
zijn niet zonder meer in overeenstemming met doelen op het gebied van veiligheid en
privacy.45 Tijdens de energietransitie zullen nieuwe banen ontstaan en oude verdwijnen.
Mensen zullen niet altijd direct beschikken over de benodigde vaardigheden voor de
nieuwe banen. Door deze ‘mismatch’ ontstaat onzekerheid op de arbeidsmarkt.46
Regering en veldpartijen (bedrijven, maatschappelijke organisaties) zijn beter in staat
dergelijke kwesties te adresseren als zij handelen vanuit een integraal, op de lange
termijn gericht toekomstbeeld.47 Ook helpt een toekomstbeeld de regering en veldpartijen
om adequaat om te gaan met weerstand.
2.2 De tijd is rijp voor een overkoepelend toekomstbeeld
Veel maatschappelijke transities zijn al enige tijd geleden gestart. Denk aan de transitie
van fossiele naar schone brandstoffen, aan het gebruik van ict in de gezondheidszorg, of
aan de decentralisatie van beleid in het sociale domein. In het begin zijn transities gebaat
bij vrij onderzoek dat problemen kan identificeren en de agenda kan voeden en bij een
variëteit aan innovaties. In elk transitieproces komt er een moment waarop een
gezamenlijke verhaal over de toekomst nodig is, als inspiratie en als basis voor keuzes. 48
Dat moment is nu aangebroken voor de veranderingen op diverse terreinen. 49
Onderzoekers, innovatoren en de samenleving hebben duidelijke transitiepaden
en -doelen nodig om zich op te richten. Het is niet langer haalbaar om alle opties open te
houden. Een voorbeeld daarvan is de energiesector: duurzame energietechnologieën
raken langzaam ingebed en concurreren steeds meer met oude technologieën.
In Nederland zijn we gewend om voor dit soort kwesties in dialoog te treden met een
brede coalitie: we kunnen goed polderen. Niet voor niets staat ons land in de Global
Competitiveness Index 2019 op nummer 1 voor het aantal ‘Environment related treaties’.
Voor de maatschappelijke transities waar Nederland nu voor staat, is dit echter geen
goede aanpak. Bepaalde groepen, waaronder jongeren, zijn in het poldermodel
doorgaans slecht vertegenwoordigd. Bovendien neemt het voeren van een dialoog veel
44.  Schut (2019).
45.  Ottes (2016).
46.  SER (2018).
47.  EEA (2019).
48.  De transitieliteratuur ziet richting geven als een belangrijk bouwsteen van transitiebeleid. Zie bijvoorbeeld Weber en Rohracher
     (2012).
49. Lodder et al (2017).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                               21
</pre>

====================================================================== Einde pagina 23 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 24 ======================================================================

<pre>tijd in beslag en is de uitkomst vaak een compromis dat onvoldoende effectief is als
oplossing voor de problemen.
   Een helder toekomstbeeld vult technologisch georiënteerde missies aan
   Er worden wel al bedrijven en kennisinstituten uitgenodigd om samen te werken aan
   nauw omschreven doelen met concrete deadlines. Dat gebeurt sinds kort in het kader
   van technologisch georiënteerde missies zoals ‘CO2 neutraal in 2050’ waarmee
   Nederland transities aanstuurt. Om de targets van deze missies te halen, kijken
   partijen vooral naar de wetenschappelijke, technologische en innovatieve
   mogelijkheden die er al (bijna) zijn. Dat leidt ertoe dat er meer aandacht is voor de
   korte termijn en voor incrementele oplossingen dan voor de zoektocht naar radicalere
   en op de lange termijn meer bestendige oplossingen.50 Het overkoepelende
   toekomstbeeld dat de AWTI bepleit, kan dit ondervangen en is dus een noodzakelijke
   aanvulling op de missies.
2.3 Een bijbehorende, ingrijpende aanpak betrekt
nieuwelingen en stimuleert leren
Doelgerichte maatschappelijke transities zullen pas doorzetten met een governance-
aanpak die ze hoog op de politieke agenda zet, een stevige bestuurlijke inbedding krijgt
en diverse geledingen van de maatschappij betrekt bij activiteiten en ontwikkelpaden.
Naast een helder toekomstbeeld is dan ook een ingrijpende en integrale aanpak nodig (in
vaktermen: een ‘transformatieve’ aanpak).
Dit is een aanpak waarin diverse nieuwe en onverwachte partijen met elkaar
samenwerken aan transities en van elkaar leren. Zij koppelen wat ze leren terug naar
zowel het veld van wetenschap, technologie en innovatie als naar het nationale niveau
van regering, parlement en overheidsinstellingen. De AWTI adviseert hiervoor een nieuw
netwerk op te zetten van met elkaar verbonden transformatieve coalities. Elke coalitie
komt tot stand rond een bepaalde transitieopgave (bijvoorbeeld voedselvoorziening,
wonen of zorg). Daarnaast is elke coalitie sterk verbonden met een omvangrijke
achterban van onderzoekende, creatieve en innovatieve mensen en partijen. De
koppeling met regering, parlement en overheidsinstanties komt tot stand via een
onderraad van de minsterraad die zich wijdt aan maatschappelijk transities. Met deze
50. Zie ook Rli (2019).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities  22
</pre>

====================================================================== Einde pagina 24 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 25 ======================================================================

<pre>aanpak worden creativiteit en innovativiteit van het veld optimaal benut, terwijl transities
ook de bestuurlijke aandacht krijgen die ze nodig hebben. Hoofdstuk 3 werkt dit nader uit.
Hieronder volgt een onderbouwing van de noodzaak van deze aanpak.
Met een ingrijpende, integrale aanpak houdt de regering het benodigde initiatief. Zij
faciliteert een governancestructuur die fungeert als schakel tussen het nationale niveau
enerzijds en de wetenschap, technologie en innovatie anderzijds. Deze nieuwe structuur
is nodig omdat bestaande platforms en overlegpartners onvoldoende in staat zijn een
transitie te versnellen. Daarvoor zijn namelijk nieuwe kennis- en innovatiepraktijken, inzet
van (nieuwe) actoren en experimenteerruimte essentieel. Het gesprek over de toekomst
wordt nu te veel gedomineerd door technologie-experts in grote bedrijven,
topwetenschappers en de overheid die elk hun eigen (gevestigde) belangen hebben. Het
is nodig om nieuwe spelers en meer ‘gewone mensen’ te betrekken – om niet-
gebruikelijke oplossingen te bedenken, de legitimiteit van harde keuzes te vergroten en
technologieën en innovaties een betere sociale inbedding te geven.51
Daarbij komt dat het brede scala aan benodigde partijen gezamenlijk moet kunnen leren.
Dit prikkelt mensen en organisaties om verder te experimenteren met nieuwe
mogelijkheden.
Transities komen tot stand in cyclische leerprocessen
Het overkoepelende toekomstbeeld en de transformatieve coalities maken onderdeel uit
van het cyclische leerproces waarin een transitie tot stand komt.52 Een visie inspireert
mensen in coalities en organisaties, zij ondernemen acties, reflecteren daarop, passen
de visie zo nodig aan op de nieuwe inzichten of situatie, ondernemen nieuwe acties, et
cetera.
Transities vragen om leerprocessen van twintig jaar of langer. Kennisinstellingen kunnen
zich daarin nog meer richten op een beter begrip van de maatschappelijke opgaven
waarvoor Nederland staat en er oplossingen voor ontwikkelen. Innovatieve ondernemers
kunnen anticiperen op toekomstige markten en hun diensten en producten aanpassen
aan de transitie. In de leerprocessen moeten we huidige belangen minder dominant
maken, uit onze comfortzone treden en gebruikmaken van collectieve intelligentie voor
nieuwe oplossingen. In platforms en structuren die in het verleden met andere doelen
voor ogen zijn opgezet, lukt dat niet goed. Hierin ontstaat namelijk vaak ín-group-
thinking53 en lock-in. Het topsectorenbeleid is hiervan een goed voorbeeld. Grote delen
van het veld van wetenschap, technologie en innovatie – zoals klimaat- en
51. Nesta (2019).
52. Loorbach (2007); Lachman (2013); Kemp et al. (2007).
53. Janssen et al. (2019a).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities      23
</pre>

====================================================================== Einde pagina 25 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 26 ======================================================================

<pre>aardwetenschappers, het innovatieve midden- en kleinbedrijf, sociale entrepreneurs en
innovatoren54 – zijn hierin ondervertegenwoordigd55 of hebben te weinig zeggenschap.56
Dit geldt ook voor nieuw opgezette trajecten waaraan vooral gebruikelijke spelers
deelnemen. Denk aan de klimaattafels en aan het rijksbrede programma rondom
circulaire economie. Daarnaast zijn topsectoren sectoraal opgezet, terwijl transities
plaatsvinden over sectoren heen. Het is dan ook belangrijk om sectoren hiervoor veel
beter met elkaar in verbinding te brengen.57
54. AWTI (2015).
55. Zie Dialogic (2017). Voor wat betreft ‘openheid’, scoort het topsectorenbeleid matig. “In de praktijk moeten uitdagers echter de
     nodige moeite doen om aan te sluiten en te participeren in kennis- en innovatieactiviteiten, zeker in de sectoren met veel
     gevestigde grote spelers.” p. 97.
56. In de discussie over klimaat gerelateerde transities speelt ook dat wetenschappers hun zorgen niet altijd uiten omdat zij bang zijn
     voor reacties uit de samenleving (Lammerse, 2019).
57. Janssen en Frenken (2019).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                                              24
</pre>

====================================================================== Einde pagina 26 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 27 ======================================================================

<pre>Betrek de creatieve sector beter
Een van de nieuwe groepen die via de hier bepleite aanpak beter moet worden betrokken
bij transitievraagstukken, is de bloeiende creatieve en culturele sector in Nederland.
Creatieve denkers en makers zijn essentieel als inspiratie voor wetenschap,
technologieontwikkeling en innovatie. Denk aan kunstenaars, entertainers,
wetenschappers op creatieve gebieden, creatieve bedrijven, bloggers en vloggers,
architecten, gamers, creatieve ondernemers, sciencefictionschrijvers, televisie- , theater
en filmmakers, cabaretiers, presentatoren, columnisten, et cetera. Voor transities zijn
radicaal nieuwe ideeën nodig. Welke dat zijn, is bij voorbaat niet vast te stellen. Daarom
is het belangrijk om de creativiteit te benutten van diegenen die in staat zijn om buiten de
gebaande paden te treden. Creatieve denkers en makers kunnen tot originele en slimme
interventies komen die mensen verleiden en in beweging brengen, en die leiden tot
design-for-change.58 Bovendien: pas als je iets kunt bedenken, kun je het in de toekomst
wellicht ook maken.59
Creatieven kunnen complexe vraagstukken en maatschappelijke uitdagingen op nieuwe
manieren bekijken en laten zien hoe het anders zou kunnen. Maatschappelijke transities
gaan bovendien gepaard met culturele verandering en een herijking van normen,
waarden en gedrag. Kunstenaars en andere artiesten zijn in staat om ons na te laten
denken over wat we normaal, gek en belangrijk vinden – en waarom.60
De creatieve en culturele sector speelt momenteel onvoldoende een rol in
maatschappelijke transities.61 De opname van de creatieve industrie in het
topsectorenbeleid was een erkenning dat creatieve organisaties, naast intrinsieke
waarde, ook economische betekenis kunnen hebben.62 In deze sector is het de laatste
jaren steeds gewoner geworden om te experimenteren. Dit gebeurt in living labs, fieldlabs
en social labs.63 Creatieven experimenteren met nieuwe toepassingen van technologie
en kennis die komt vanuit de wetenschap en andere publieke kennisinstellingen. 64 Het is
dan ook des te opvallender dat deze sector nog nauwelijks wordt benut voor het
optimaliseren van de rol van WTI in maatschappelijke transities.
Een betere aansluiting tussen creatieve professionals enerzijds en wetenschap,
technologie en innovatie anderzijds zal leiden tot een betere gezamenlijke zoektocht naar
manieren om maatschappelijke transities te versnellen. In het volgende hoofdstuk doet
de raad hiertoe een aantal aanbevelingen.
58.  ClickNL (2018).
59.  ‘If you can imagine it, you can create it. If you can dream it, you can become it’ - William Arthur Ward.
60.  The Economist (2019).
61.  Brugmans en Stikker (2019).
62.  AWTI (2015).
63.  Maas et al. (2017).
64.  Zie https://www.clicknl.nl/fieldlabs/.
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities                        25
</pre>

====================================================================== Einde pagina 27 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 28 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 26</pre>

====================================================================== Einde pagina 28 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 29 ======================================================================

<pre>                                                                                          3
3 Drie aanbevelingen voor de
  totstandkoming van toekomstbeeld en
  aanpak
  De AWTI adviseert de regering dus om een inspirerend toekomstbeeld van Nederland tot
  stand te brengen en een bijbehorende, ingrijpende aanpak van transities (zie hoofdstuk
  2). Dit hoofdstuk laat met drie aanbevelingen zien hoe de regering dit kan doen.
  Hoofdstuk 2 liet zien dat er een gezamenlijke richting nodig is voor transities, gekoppeld
  aan een transformatieve aanpak. Alleen daarmee kan Nederland wetenschap,
  technologie en innovatie maximaal benutten voor de maatschappelijke opgaven waar ons
  land voor staat. De aangewezen partij om het overkoepelende toekomstbeeld en de
  ingrijpende aanpak te initiëren en in beleid en wetgeving in te bedden, is de regering. Dit
  vanwege het democratisch mandaat dat de regering heeft en de controle die het
  parlement daarop uitoefent. Nadat het proces voor toekomstbeeld en aanpak in gang is
  gezet, wordt het adaptief: de eerste resultaten bepalen het vervolgtraject.
  De AWTI adviseert de regering de volgende stappen te zetten.
  1.      Zorg voor een overkoepelend toekomstbeeld, bouw dit op als een reeks vensters en
          beleg de eindverantwoordelijkheid ervoor bij een onderraad voor maatschappelijke
          transities.
  2.      Zet een netwerk van transformatieve coalities op en geef ze de opdracht bij te
          dragen aan het toekomstbeeld. Ook hiervoor is de onderraad voor maatschappelijke
          transities verantwoordelijk.
  3.      Vraag elk ministerie een interne toekomstgroep van medewerkers op te zetten en
          geef deze een prikkelende opdracht.
  3.1 Bouw een toekomstbeeld op rond vensters
  De regering moet zorgen voor een inspirerend en overkoepelend toekomstbeeld voor
  Nederland dat richting geeft aan kennisontwikkeling en innovatie. Het beeld versnelt
  transities en legt mogelijke fricties en blinde vlekken bloot. De AWTI adviseert het
  toekomstbeeld inhoudelijk op te bouwen als een reeks onderling verbonden vensters.
  Voor het proces is het advies om het toekomstbeeld te creëren in samenspraak met
  maatschappelijke partijen. Daarnaast moet het hoog op de agenda komen van het
  parlement. Alles bij elkaar geeft de regering hiermee een voorzet voor keuzes voor,
  tussen en tegen bepaalde ontwikkelpaden.
  Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities    27
</pre>

====================================================================== Einde pagina 29 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 30 ======================================================================

<pre>Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 28</pre>

====================================================================== Einde pagina 30 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 31 ======================================================================

<pre>Inhoud van het verhaal: neem zowel bestemmingen als routes op in vensters
Het overkoepelende toekomstbeeld dat de AWTI voor ogen heeft, geeft weer hoe we
Nederland zouden willen hebben (basiswaarden) en hoe het zou kunnen worden
(verwachtingen en idealen). De raad adviseert zowel bestemmingen als mogelijke routes
ernaartoe te schetsen, maar te waken voor te veel en te sterk meetbare, technocratische
doelen.65
Het toekomstbeeld geeft fysieke aspecten van de samenleving weer, zoals de inrichting
van steden en van mobiliteitsstromen. Het bevat ook sociaal-institutionele aspecten,
zoals hoe mensen met elkaar omgaan en welke waarde wordt gehecht aan natuur en
cultuur. Het beeld kan worden opgebouwd als een reeks onderling verbonden vensters.
De Canon van Nederland kan hier als voorbeeld dienen.66 Deze canon laat de
geschiedenis van Nederland zien in vijftig vensters die informatie geven over belangrijke
gebeurtenissen, personen en voorwerpen.
De AWTI adviseert het toekomstbeeld niet alleen in woord te vertellen, maar ook in beeld
(infographics, illustraties, kaarten, iconen) en het, net als de Canon van Nederland, te
publiceren via een website.
   Een inspirerend venster uit Zweden dat ook in Nederland bruikbaar is
   Zwedens ‘Vision Zero’ is gebaseerd op het principe dat het verlies van levens door
   het transportsysteem nooit acceptabel is. Het einddoel is daarom: geen dodelijke
   ongelukken of ernstige verwondingen meer door weggebruik. Het uitgangspunt is
   verder dat weggebruikers fouten maken en dat het ontwerp van het vervoersysteem
   daar rekening mee moet houden. De verantwoordelijkheid voor wegveiligheid ligt
   hiermee bij het systeem als geheel.67 Vision Zero heeft geleid tot een beter
   vervoersysteem, via maatregelen die een kalmerende invloed hebben op
   verkeerstromen: goed gemarkeerde kruispunten, aparte fietspaden, autotechnologie,
   et cetera. Bedrijven zoals Volvo omarmen Vision Zero en richten hun innovatie-
   inspanningen hierop. De strategieën van Vision Zero zijn ondertussen ook in
   Noorwegen, Denemarken en in delen van de V.S. ingevoerd.
65. Zoals reductie van x ton CO2 of een vermindering van x€ in de zorgkosten.
66. Zie www.canonvannederland.nl en www.entoen.nu.
67. Tingvall en Haworth (1999).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities  29
</pre>

====================================================================== Einde pagina 31 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 32 ======================================================================

<pre>Proces: neem als regering de leiding en laat de maatschappij input leveren
De totstandkoming van het toekomstbeeld vergt leiderschap. Het is, als gezegd, een
verantwoordelijkheid van de regering. Het verhaal moet in samenspraak met de
maatschappij tot stand komen68 en uiteindelijk breed gedragen worden door het
parlement. Transities betreffen immers de gehele samenleving. 69
Neem de input vanuit de samenleving daarom mee in het schrijfproces. Laat partijen die
gewend zijn maatschappelijke zaken op de lange termijn te beschouwen, hun
stakeholders raadplegen en voorzetten doen. Denk aan planbureaus, ministeries,
publieke kennisinstellingen en adviesraden. Neem bestaande projecten en (deel)verhalen
waar mogelijk mee in het proces (zie het kader voor een voorbeeld). Pas het verhaal
steeds aan als er nieuwe inzichten zijn opgedaan over het verloop van de
maatschappelijke transities.
   Toekomstkaart ‘Nederland in 2120’
   Een team van Wageningse ecologen en landschapsarchitecten heeft een kaart
   ontwikkeld van Nederland in 2120.70 Er hoort een verhaal bij over een toekomst
   waarin de natuur ruim baan krijgt. De hoeveelheid bos is verdubbeld, het totaal aan
   landbouwgrond gehalveerd en de productie van de veehouderij is tot een derde
   geslonken. De landbouw vindt vooral plaats op geschikte gronden in Zeeland,
   Groningen en in de Flevopolder. Een deel van de voedselproductie is verplaatst naar
   drijvende eilanden op zee (zeedieren, wier).
   Op de kaart worden steden groener door de aanleg van stedelijke bossen en
   voedselbossen. Nieuwe woningbouw vindt vooral plaats in het oosten en zuiden van
   ons land. De IJssel wordt dubbel zo breed om het overtollige water van de Rijn af te
   kunnen voeren. Ook de duinen worden twee keer zo breed, om Nederland te
   beschermen tegen de stijging van de zeespiegel. Het afgebeelde Nederland van de
   toekomst gebruikt de Noordzee intensief voor voedselproductie én voor het opwekken
   van zonne- en windenergie.
   Het team uit Wageningen heeft er bewust voor gekozen geen scenariostudie te
   maken, maar één beeld te presenteren, dat de richting aangeeft waar het volgens het
   onderzoeksteam naartoe moet.
68. Via instrumenten als foresight, scenario-planning en ‘participatory futuring’ (Nesta 2019).
69. EEA (2019), OECD (2015).
70. https://magazines.wur.nl/climate-solutions-nl/nederland-in-2120/.
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities         30
</pre>

====================================================================== Einde pagina 32 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 33 ======================================================================

<pre>De AWTI adviseert concreet te zijn over zaken waarover consensus is, of te bereiken is.
Voor controversiële onderwerpen moet het toekomstbeeld mogelijkheden bieden om
partijen elkaar te laten naderen.71 Dat kan met experimenten die op kleine schaal
onderzoeken wat precies het probleem is en welke oplossingen er mogelijk zijn. Het is
onmogelijk om iedereen achter alle aspecten van het toekomstbeeld te krijgen, maar het
streven is om een ruime meerderheid van de samenleving mee te krijgen met de kern
van het verhaal.
Stel het toekomstbeeld regelmatig bij
Het toekomstbeeld is naar zijn aard nooit af en moet dan ook regelmatig worden
bijgesteld. Er treden in periodes van transitie continue veranderingen op in wat mensen
belangrijk, normaal en wenselijk achten. Er ontstaan gaandeweg ook nieuwe
technologische mogelijkheden en innovatieve ideeën. De lessen en ervaringen uit
voorgaande kennisontwikkelings- en innovatieprojecten zijn steeds input voor de
volgende versie van het toekomstbeeld. Aanpassingen zijn gradueel en vinden plaats op
gezette momenten. Een mogelijkheid is om het verhaal steeds te actualiseren in het jaar
voorafgaand aan Tweede Kamerverkiezingen, zodat het handvatten en kaders biedt voor
een nieuw regeerakkoord.
Beleg de eindverantwoordelijkheid bij een onderraad van de ministerraad
Het overkoepelende toekomstbeeld voor Nederland en de aanpak van maatschappelijke
transities zijn dermate belangrijk dat de minister-president de directe
eindverantwoordelijkheid ervoor moet hebben. Dit kan de regering organiseren door een
raad voor maatschappelijke transities in te stellen, deze te plaatsen onder de
ministerraad en te laten voorzitten door de minister-president. De Deense aanpak (zie
kader) kan hierbij als voorbeeld dienen. De AWTI geeft in overweging de
bewindspersonen van een aantal direct betrokken vakministeries zitting te laten nemen in
de raad. Het is gebruikelijk om een coördinerend bewindspersoon aan te wijzen voor een
onderraad van de minsterraad. De AWTI stelt voor deze taak te beleggen bij het
ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, om het interdepartementale
karakter van de aanpak te waarborgen en om een relatie met burgerparticipatie te
leggen.
71. Wanzenbock et al (2019).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 31
</pre>

====================================================================== Einde pagina 33 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 34 ======================================================================

<pre>   De Deense aanpak om tot een toekomstbeeld te komen
   In Denemarken zijn enkele initiatieven geweest om via een gezamenlijk proces een
   toekomstbeeld van het land tot stand te brengen. Het meest recente is de Danish
   Disruption Council (2017-2019). Deze raad had als doel Denemarken voor te
   bereiden op een disruptieve toekomst. Voorzitter was de minister-president, er waren
   acht ministers lid en verder dertig vertegenwoordigers vanuit het bedrijfsleven, de
   wetenschap en andere maatschappelijke partijen betrokken. Samen analyseerden en
   bediscussieerden zij voorstellen voor de omgang met grote veranderingen op het
   gebied van werk, technologie en arbeidsmarkt. De raadsleden gaven ook adviezen.
   Daarbij vormden positieve ambities het uitgangspunt. Uiteindelijk leverde dit een
   strategiedocument op voor de toekomst van Denemarken.72
3.2 Geef transformatieve coalities een prikkelende opdracht
mee
Voor de aanpak van transities is het noodzakelijk dat diverse (nieuwe, onverwachte)
partijen met elkaar samenwerken en van elkaar leren. De samenwerkende partijen staan
enerzijds in contact met het veld van wetenschap, technologie en innovatie, en anderzijds
met het nationale niveau van regering, parlement en overheid. De AWTI adviseert
hiervoor een nieuw netwerk op te zetten van met elkaar verbonden transformatieve
coalities. Elke coalitie komt tot stand rond een bepaalde transitieopgave (bijvoorbeeld
voedselvoorziening, wonen of gezondheidszorg). Deelnemers aan de coalities melden
zich, of worden gevraagd, als zij positief staan tegenover transities en ideeën hebben
voor verandering. In totaal kunnen bijvoorbeeld vijf tot zeven coalities worden gevormd.
De onderraad voor transities neemt hiervoor het initiatief; de coördinerende ministerie
voert uit.
72. The Danish Government (2019).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities  32
</pre>

====================================================================== Einde pagina 34 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 35 ======================================================================

<pre>Opdracht voor de coalities
De coalities zijn geen praatgroepen maar ‘doegroepen’. Hun opdracht is tweeledig.
1.      Draag bij aan het gezamenlijke verhaal over de toekomst van Nederland
        De coalities halen onderdelen van het toekomstbeeld op uit de wetenschap en de
        creatieve sector, en uit organisaties en samenwerkingsverbanden zoals fieldlabs,
        denktanks, future-studio’s, et cetera. Ze zoeken naar manieren om de deelverhalen
        met elkaar in verband te brengen en er overeenstemming over te krijgen. Denk aan
        verbanden tussen de ‘Kaart van Nederland in 2120’ (ontwikkeld door de WUR), de
        landbouwvisie van het ministerie van LNV en visies op de toekomst van mobiliteit
        (bijvoorbeeld uitgewerkt door PBL en Urban Future Studio van de Universiteit
        Utrecht).
2.      Breng een leerproces op gang over wat er nodig is om bij te dragen aan
        transities
        Wat hebben mensen en organisaties nodig? Wat zijn hun ‘transitievragen’? Hoe
        zien de voedingsbehoeften van Nederlanders er bijvoorbeeld uit en welke kennis en
        innovatie kan daaraan bijdragen? Welke wensen en eisen hebben we in Nederland
        over wonen en welke technologische ontwikkelingen kunnen hierbij behulpzaam
        zijn? Wanneer voelen en zijn Nederlanders veilig en welke technologie moet dan
        juist wel of juist niet worden gebruikt? Dit soort vragen worden overal in Nederland
        gesteld en op deelgebieden beantwoord.73 De opdracht aan de coalities is om deze
        antwoorden op te halen uit hun achterban en door te zetten naar het veld van WTI
        én het nationale niveau (het laatste via de onderraad van de ministerraad).
Samenstelling coalities
In de coalities zitten creatieve denkers en makers met een positieve en vernieuwende kijk
op de transitie waarvoor zij bijeen zijn. Ook nemen stakeholders deel die een duidelijk
belang hebben bij het oplossen van de maatschappelijke uitdaging. 74 De AWTI adviseert
op zoek te gaan naar partijen die originele oplossingen kunnen voorstellen, zoals
kunstenaars, academici en innovatieve ondernemers. Ook jongeren moeten een
voldoende sterke stem hebben in de coalities; zij zullen immers in grotere mate de
gevolgen meemaken van de maatschappelijke veranderingen (of het gebrek daaraan).
Denk verder aan milieuorganisaties, waterschappen en onderzoeksinstellingen (voor de
klimaattransitie), aan patiëntverenigingen, zorgverzekeraars en overheden (voor
gezondheidszorg), aan gemeenten, huishoudens, werkgevers (voor mobiliteit), aan
huishoudens en natuurorganisaties (voor voedselvoorziening), et cetera. De overheid
73. Potjer (2019).
74. Rathenau Insituut (2019b).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities      33
</pre>

====================================================================== Einde pagina 35 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 36 ======================================================================

<pre>werkt ook mee in deze coalities, vanuit de verschillende rollen van probleemeigenaar,
moderator, financier en/of wetgever.
Tot slot pleit de AWTI ervoor dat de evaluatie van de transformatieve coalities zich richt
op leren en de benutting van het geleerde, niet op het bereiken van een eindvisie. Een
project is geslaagd als het tot nieuwe inzichten leidt.
3.3 Zet in elk ministerie een toekomstgroep op
De AWTI adviseert om in elk ministerie een interne toekomstgroep op te zetten, waarin
medewerkers op enige afstand van het dagelijks werk aan de slag kunnen met open
beleidsontwikkeling rondom transitievraagstukken. De groep gaat na wat er binnen het
ministerie moet veranderen om transities te versnellen en te faciliteren, hoe bestaande
taken meer transitiegericht kunnen worden, en hoe het ministerie de rol van wetenschap,
technologie en innovatie kan versterken. Op termijn zou ieder ministerie, elke
uitvoeringsorganisatie van de overheid, iedere provincie en gemeente moeten
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities    34
</pre>

====================================================================== Einde pagina 36 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 37 ======================================================================

<pre>beschikken over een dergelijke toekomstgroep, die de taak heeft de boel op te schudden
en nieuwe ontwikkelpaden voor transities te identificeren en te bespoedigen.
Transities komen namelijk pas tot stand als ook de overheid leert en meebeweegt.
Uiteindelijk zal de overheid zelf ook moet transformeren. Er is echter spanning tussen de
organiserende en controlerende taken van de overheid enerzijds en de benodigde
flexibiliteit en adaptiviteit anderzijds. Een overheidsorganisatie is primair ingericht om de
bestaande activiteiten zo goed mogelijk uit te voeren, wat voor een zekere inertie en
weerstand tegen verandering zorgt.75 Ook op de ministeries kunnen gevestigde posities,
routines, ongeschreven regels, nadruk op usual suspects en lastig te veranderen
reflexen, remmend werken op maatschappelijke transities. Ongeschreven regels kunnen
het denken en handelen van ambtenaren zo begrenzen dat het echt aanpakken van
wicked problems uit beeld verdwijnt.76
75. Kotter (2014), March (1991).
76. Herold (2017).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities       35
</pre>

====================================================================== Einde pagina 37 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 38 ======================================================================

<pre>Om dit te doorbreken, zouden overheidsinstanties dus moeten beschikken over eigen
future centres oftewel toekomstgroepen – te beginnen bij de ministeries.77 In deze groep
zitten eigenwijze maar loyale medewerkers uit alle lagen van de organisatie. Deelnemers
melden zich vrijwillig omdat zij positief staan tegenover transities, ideeën hebben voor
verandering en een kritisch geluid durven laten horen als dat nodig is. Zij krijgen de
expliciete taak om tegen de stroom in te gaan en zich ook niets aan te trekken van
ongeschreven regels. Bijvoorbeeld door unusual suspects te betrekken bij
beleidsprocessen en voorstellen te doen voor open beleidsontwikkeling. Ook als dit
resultaten oplevert die tegen het lopend beleid ingaan.
Iedere toekomstgroep houdt contact met de toekomstgroepen van andere ministeries en
de groepen werken waar dat kan als netwerk samen. Zo bieden de toekomstgroepen
tegenwicht aan de beleidsversnippering die inherent is aan een onderverdeling van
maatschappelijke taken naar ministeries.
De toekomstgroepen stimuleren het denken over transities en doen voorstellen voor
transitieacties en -beleid. De voorstellen verschillen per ministerie. Enkele voorbeelden:
►       Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap: facilitering van meer
        transitiegericht, inter- en transdisciplinair onderzoek; experimenteerruimte in het
        onderwijs; meer missiegericht onderzoeksbeleid;78 meer kunst en cultuur die
        inspireert na te denken over de toekomst van Nederland (bijvoorbeeld via
        sciencefiction79, romans, exposities80, debatten).
►       Ministerie van Economische Zaken en Klimaat: ongerichte steun aan innovatie
        ombuigen tot steun aan maatschappelijke gewenste innovatie; meer nadruk op
        instrumenten zoals SBIR, green deals; instrumenten toevoegen om sociale
        innovatie en sociale ondernemerschap te steunen en op te schalen.
►       Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: transitiegericht
        inkoopbeleid;81 stedenbeleid als living labs; verbinding van burgerparticipatie met
        maatschappelijke transities.
►       Ministerie van Financiën: transitiegerichte financiering.
77.  Dvir et al. (2006).
78.  Rathenau Instituut (2019b), Sikma et al. (2019).
79.  Van Gaal (2015).
80.  Van Heeswijk (2016).
81.  ABDTOPConsult (2018).
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities     36
</pre>

====================================================================== Einde pagina 38 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 39 ======================================================================

<pre>Bijlagen
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities 37
</pre>

====================================================================== Einde pagina 39 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 40 ======================================================================

<pre>Bijlage 1 Gesprekspartners
►       Lilian van den Aarsen                       Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
►       Colette Alma                                VNCI, Huntsman Holland B.V.
►       Jasper van Alten                            Koninklijk Instituut Van Ingenieurs
►       Jose Andringa                               RVO
►       Luc Boot                                    Raad voor de leefomgeving en infrastructuur
►       Harriëtte Bos                               Wageningen Universiteit en Research
►       Rik Braams                                  Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
►       Christine Carabain                          Sociaal en Cultureel Planbureau
►       Tom Demeyer                                 Waag
►       Geert Draijer                               Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
►       Albert Faber                                Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
►       Arjen Goetheer                              TNO
►       John Grin                                   Universiteit van Amsterdam
►       Marko Hekkert                               Universiteit Utrecht
►       Hans Hillebrand                             Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
►       Ron Hillebrand                              Raad voor de leefomgeving en infrastructuur
►       Annemarth Idenburg                          Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid,
                                                    Trendbureau Overijssel
►       Pieter de Jong                              Raad voor het Openbaar Bestuur
►       Margrethe Jonkman                           FrieslandCampina, AcTI
►       Marjo Knops                                 Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
►       Harry Lintsen                               Technische Universiteit Eindhoven
►       Arnoud Molenaar                             Gemeente Rotterdam
►       Vera Pieterman                              Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
►       Renze Portengen                             Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
►       Peter Schmeitz                              Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
►       Johan Schot                                 Universiteit Utrecht
►       Adriaan Slob                                TNO
►       Katrien Termeer                             Wageningen Universiteit en Research, Sociaal-
                                                    Economische Raad
►       Bart Thorborg                               Raad voor de leefomgeving en infrastructuur
►       Alexander van der Vooren                    Sociaal-Economische Raad
►       Ib Waterrreus                               Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
►       Robert Went                                 Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid
►       Tiny van der Werff                          Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities               38
</pre>

====================================================================== Einde pagina 40 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 41 ======================================================================

<pre>Bijlage 2 Geraadpleegde bronnen
►       ABDTOPConsult (2018), Transitie te koop? Beleid, opdrachtgever en inkoper
        samen aan de slag, Den Haag
►       AWT (2013), Waarde creëren uit maatschappelijke uitdagingen, Adviesraad voor
        wetenschap en technologie, Den Haag
►       AWTI (2015), De kracht van sociale innovatie, Adviesraad voor wetenschap,
        technologie en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2015), De waarde van creativiteit, Adviesraad voor wetenschap, technologie
        en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2016), Oppakken en doorpakken, Durven kiezen voor energie-innovatie,
        Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2017), Onmisbare schakels – De toekomst van het toepassingsgericht
        onderzoek, Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2018a), Verspreiding. De onderbelichte kant van innovatie, Adviesraad voor
        wetenschap, technologie en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2018b), Beleidsanalyse, Achtergrondstudie bij AWTI advies ‘Verspreiding
        van innovatie’, Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2018c), Verspreiding van innovatie in de innovatiesysteembenadering,
        Achtergrondstudie bij AWTI advies ‘Verspreiding van innovatie’, Adviesraad voor
        wetenschap, technologie en innovatie, Den Haag
►       AWTI (2018d), Werkprogramma 2019, Adviesraad voor wetenschap, technologie en
        innovatie, Den Haag
►       AWTI (2019), Het stelsel op scherp, Adviesraad voor wetenschap, technologie en
        innovatie, Den Haag
►       Bakker, S. (2017), From luxury to necessity, What the railways, electricity and the
        automobile teach us about the IT revolution, Boom uitgevers, Amsterdam
►       Berkhout, F. (2006), ‘Normative expectations in systems innovation’, Technology
        Analysis and Strategic Management 18(3-4), pp. 299-311
►       Brugmans, G. en M. Stikker (2019), ‘Zonder creativiteit geen toekomst’, NRC, 14
        juni 2019
►       Brundtland, G. (1987), Report of the World Commission on Environment and
        Development: Our Common Future, United Nations General Assembly document
        A/42/427
►       ClickNL (2018), Kennis- en innovatieagenda creatieve industrie 2018-2021,
        Topteam Creatieve Industry, Eindhoven
►       Dialogic (2017), Evaluatie Topsectorenaanpak, Deel 1 – Hoofdrapport,
        2016.049.1701, Utrecht
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities     39
</pre>

====================================================================== Einde pagina 41 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 42 ======================================================================

<pre>►       Drift (2019), Website https://drift.eur.nl/nl/over-drift/transities/
►       Dvir, R., Schwartzberg, Y., Avni, H., Webb, C., en F. Lettice (2006), ‘The future
        center as an urban innovation engine’, Journal of knowledge management, 10(5),
        110-123
►       EEA (2018), Perspectives on transitions to sustainability, European Environment
        Agency, Copenhagen, doi: 10.2800/332443
►       EEA (2019), Sustainability transitions: policy and practice, European Environment
        Agency Copenhagen, doi:10.2800/641030
►       Frenken, K. en M. Hekkert (2017), ‘Innovatiebeleid in tijden van maatschappelijke
        uitdagingen’, in: V. Minten en M. te Pas (red.) Sturen in een Verweven Dynamiek:
        Perspectieven op complexiteit en oriëntaties voor beleid (Den Haag: Ministerie van
        Economische Zaken), pp. 46-57
►       Geels, F.W. (2011), ‘The multi-level perspective on sustainability transitions:
        Responses to seven criticisms’, Environmental innovation and societal transitions,
        1(1), 24-40
►       Goetheer, A., F.A. van der Zee, M.J.L. de Heide (2018), De Staat van Nederland
        Innovatieland 2018, Missies en ‘nieuw’ missiegedreven beleid, TNO, Den Haag
►       Grin, J., J. Rotmans en J. Schot (2010), Transitions to Sustainable Development:
        New Directions in the Study of Long Term Transformative Change, Routledge,
        Londen
►       Hajer, M. (2017), De Macht van verbeelding, Oratie Universiteit Utrecht
►       Hekkert, M.P., R.A.A. Suurs, S.O. Negro, S. Kuhlmann en R.E.H.M. Smits (2007),
        ‘Functions of innovation systems: A new approach for analysing technological
        change’, Technological Forecasting and Social Change, 74, p. 413-432
►       Herold, M.E.J. (2017), Omgaan met ongeschreven regels, Hoe beleidsambtenaren
        zélf ruimte kunnen creëren voor openheid in de beleidsontwikkeling, Proefschrift
        Erasmus Universiteit Rotterdam
►       Holland Hightech (2019), Kennis- en Innovatieagenda Sleuteltechnologieën 2020-
        2023, Eindhoven
►       Hölscher, K., J.M. Wittmayer en D. Loorbach (2018), ‘Transition versus
        transformation: What’s the difference?’, Environmental innovation and societal
        transitions, 27, 1-3
►       Janssen M.J. (2018), ‘Effect transformatief innovatiebeleid lastig te meten’, ESB
►       Janssen, M.J en K. Frenken (2019), ‘Cross-specialisation policy: rationales and
        options for linking unrelated industries’, Cambridge Journal of Regions, Economy
        and Society, Volume 12, Issue 2, July 2019, Pages 195–212
►       Janssen, M.J., M. Bogers en I. Wanzenböck (2019a), ‘Do systemic innovation
        intermediaries broaden horizons? A proximity perspective on R&D partnership
        formation’, Industry and Innovation, 1-25
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities    40
</pre>

====================================================================== Einde pagina 42 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 43 ======================================================================

<pre>►       Janssen, M.J., M. Hekkert en K. Frenken (2019b), ‘Missiegedreven innovatiebeleid:
        Twee vliegen in één klap?’, Me Judice, 25 september 2019
►       Kavadias, S., K. Ladas en C. Loch (2016), ‘The transformative business model’,
        Harvard Business Review, October Issue
►       Kemp, R., D. Loorbach en J. Rotmans (2007), ‘Transition management as a model
        for managing processes of co-evolution towards sustainable development’, The
        International Journal of Sustainable Development and World Ecology, 14(1), 78-91
►       Köhler, J., F.W. Geels, F. Kern, J. Markard, A. Wieczorek, F. Alkemade, F. Avelino,
        A. Bergek, F. Boons, L. Fünfschilling, D. Hess, G. Holtz, S. Hyysalo, K. Jenkins, P.
        Kivimaa, M. Martiskainen, A. McMeekin, M.S. Mülemeier, B. Nykvist, E. Onsongo,
        B. Pel, R. Raven, H. Rohracher, B. Sandén, J. Schot, B. Sovacool, B. Turnheim, D.
        Welch, en P. Wells (2019), An agenda for sustainability transitions research: State
        of the art and future directions, Environmental Innovation and Societal Transitions
►       Kotter, J.P. (2014), Accelerate: Building strategic agility for a faster-moving world,
        Harvard Business Review Press
►       Lachman, D. A. (2013), A survey and review of approaches to study transitions’’,
        Energy Policy, 58, 269-276
►       Lammerse, V. (2019), ‘Mag je als wetenschapper je stem laten horen in het
        klimaatdebat?’’, 8 oktober 2019, Scientias.nl
►       Lodder, M., C. Roorda, D. Loorbach, C. Spork, (2017), Staat van Transitie: patronen
        van opbouw en afbraak in vijf domeinen, DRIFT, Erasmus Universiteit Rotterdam
►       Loorbach (2007), Transition Management, New Mode of Governance for
        Sustainable Development, Proefschrift Erasmus Universiteit Rotterdam,
        International Books Uitgeverij, Utrecht
►       Lukasz, R. en L. Summers (2019), On Secular Stagnation in the Industrialized
        World, NBER Working Paper No. w26198
►       Maas, T., J. van den Broek en J. Deuten (2017), Living labs in Nederland - Van
        open testfaciliteit tot levend lab, Rathenau Instituut, Den Haag
►       March, J. G. (1991), ‘Exploration and exploitation in organizational learning’,
        Organization science, 2(1), 71-87
►       Markard, J., R. Raven en B. Truffer (2012), ‘Sustainability transitions: An emerging
        field of research and its prospects’, Research Policy, 41(6), 955-967
►       Mazzucato, M. (2011), The entrepreneurial state, Soundings 49.49: 131-142
►       Mazzucato, M. (2018), Mission-oriented research and innovation in the European
        Union, Europese Commissie, Brussel
►       Mazzucato, M. (2019), Governing Missions: Governing Missions in the European
        Union, Europese Commissie, Brussel
►       Ministerie van Algemene Zaken (2017) Brief gezamenlijke sg's aan informateur
        Schippers, Den Haag
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities        41
</pre>

====================================================================== Einde pagina 43 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 44 ======================================================================

<pre>►       Mokyr, J. (2016), A culture of growth: the origins of the modern economy, Princeton
        University Press
►       Nesta (2019), Our futures; by the people, for the people, Londen
►       NRC (2019) Interviewreeks door W. van Noort en M. Stellinga met drie belangrijke
        economische wetenschappers Andrew McAfee (‘Klimaatverandering bestrijd je met
        méér kapitalisme’), Joseph Stiglitz (‘Klimaatverandering is onze wereldoorlog’) en
        Carlota Perez (‘Klimaatverandering kan een gouden tijdperk inluiden’)
►       OECD (2015), System Innovation Synthesis Report, Parijs
►       Ottes, L. (2016), Big data in de zorg, Working paper nr. 19. Wetenschappelijke raad
        voor het regeringsbeleid, Den Haag
►       Potjer, S. (2019) Experimental governance, from the possible, to the doable, to the
        mainstream, Urban Futures Studio, Utrecht
►       Proka, A., P.J. Beers en D. Loorbach (2018), ‘Transformative Business Models for
        Sustainability Transitions’, in Sustainable Business Models (pp. 19-39), Springer,
        Cham
►       Rathenau Instituut (2019a), De toekomst van onze kennissamenleving, Webpagina,
        https://www.rathenau.nl/nl/de-toekomst-van-onze-kennissamenleving
►       Rathenau Instituut (2019b), Missiegedreven innovatiebeleid, Brief aan het parlement
►       Rli (2019), Naar een duurzame economie, Raad voor de leefomgeving en
        infrastructuur, Den Haag
►       SAPEA (2019), Making sense of science; for policy under conditions of complexity
        and uncertainty, Evidence Review Report Executive summary
►       Schot, J., en W.E. Steinmueller (2018), ‘Three frames for innovation policy: R&D,
        systems of innovation and transformative change’, Research Policy, 47(9), 1554-
        1567
►       Schut, G. (2019), ‘Hoeveel spanning is er tussen klimaatbeleid en circulaire
        economie?’, Technisch Weekblad, 8 oktober 2019
►       SER (2018), Energietransitie en werkgelegenheid; Kansen voor een duurzame
        toekomst, Publieksversie, Sociaal-Economische Raad, Den Haag
►       Sikma, T., P. Verhoef en J. Deuten (2019), Voorbereid op de praktijk – Anticiperen
        op de maatschappelijke inbedding van innovatie bij onderzoeks- &
        ontwikkelprogramma's, Rathenau Instituut, Den Haag
►       Smith, A., A. Stirling en F. Berkhout (2005), T’he governance of sustainable socio-
        technical transitions’, Research Policy, 34(10), 1491-1510
►       The Danish Government (2019), Prepared for the future of work, Follow-up on the
        Danish Disruption Council, The Ministry of Employment
►       The Economist (2019), Food for thought: Climate change is a challenge for artists,
        21 september 2019
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities     42
</pre>

====================================================================== Einde pagina 44 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 45 ======================================================================

<pre>►       Tingvall, C. en N. Haworth (1999), Vision Zero – An ethical approach to safety and
        mobility, ITE Conference paper, Monash University, Melbourne
►       Topsector HTSM (2019), Kennis- en Innovatieagenda Sleuteltechnologieën 2020-
        2023
►       Tucker, I (2013), Interview Evgeny Morozov: 'We are abandoning all the checks and
        balances', The Guardian
►       Van Gaal (2015), ‘Sci-fi professor Etienne Augé: Nederland heft sciencefiction
        nodig’, Motherboard, Vice 19, mei 2015
►       Van Heeswijk, J.A.M. (2016), ‘Preparing for the not-yet, In: Slow reader, a resource
        for design thinking and practice’, Eds: A.P. Pais en C.F. Strauss. Valiz, Amsterdam.
►       Van Rijnsoever, F. (2019), ‘Voorlopen, volgen, vastzitten en vertragen:
        ondernemerschap in de duurzaamheidstransitie’, Mejudice , 22 april 2019.
►       Wanzenböck, I., J. Wesseling, K. Frenken, M. Hekkert en M. Weber (2019), A
        framework for mission-oriented innovation policy: Alternative pathways through the
        problem-solution space
►       Weber, M. en H. Rohracher (2012), ‘Legitimizing research, technology and
        innovation policy for transformative change Combining insights from innovation
        systems and multi-level perspective in a comprehensive ‘failures’ framework’,
        Research Policy, 41, pp. 1037-1047
►       World Economic Forum (2019) The Global Competitiveness Report 2019, K.
        Schwab (ed.) Geneve, Zwitserland, ISBN-13: 978-2-940631-02-5,
        www.weforum.org/gcr
►       Wright, A. (2019), ‘Universities’ critical thinking is in a critical state’, Times Higher
        Education World University Rankings, 25 juli 2019
Versterk de rol van wetenschap, technologie en innovatie in maatschappelijke transities           43
</pre>

====================================================================== Einde pagina 45 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 46 ======================================================================

<pre>wt Adviesraad voor
wetenschap, technologie en innovatie
</pre>

====================================================================== Einde pagina 46 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 47 ======================================================================

<pre>Adviesraad voor wetenschap, technologie en innovatie
Prins Willem-Alexanderhof 20
2595 BE Den Haag
t. 070 3110920
e. secretariaat@awti.nl
w. www.awti.nl
</pre>

====================================================================== Einde pagina 47 =================================================================

<br><br>