<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>BIS / Adviezen / Musea / Bonnefantenmuseum
Bonnefantenmuseum                                                                              € 0
                                                                                               geadviseerd
                                                                                               subsidiebedrag
                                                                                               € 475.000
                                                                                               gevraagd
Stichting Provinciaal Museum Limburg (hierna: het Bonnefantenmuseum) richt zich op de          subsidiebedrag
zogenaamde ‘verborgen canon’ van de kunst; een begrip dat het museum hanteert voor kunst
en kunstenaars die (nog) niet op mainstream podia te vinden zijn. Het museum verzamelt,        De aanvraag is gebaseerd
onderzoekt en presenteert bijzondere en onderscheidende kunst. Het heeft de ambitie kunst      op artikel 3.26 van de
te presenteren in relatie tot de maatschappelijke context waarin deze ontstaat en wil daarmee  Subsidieregeling culturele
                                                                                               basisinfrastructuur
een breed publiek aanspreken. Het Bonnefantenmuseum profileert zich als
                                                                                               2017 – 2020.
kunstenaarsmuseum, academisch museum en thuishaven voor verschillende communities.
Collectioneren, presenteren en educatie behoren tot zijn kerntaken.
Subsidieadvies
De Raad voor Cultuur adviseert Stichting Provinciaal Museum Limburg geen subsidie
toe te kennen.
In artikel 3.29 van de regeling is bepaald dat een instelling niet voor subsidie in aanmerking
kan komen indien ze in de vier jaar voorafgaand aan de periode waarvoor subsidie wordt
gevraagd, subsidie voor het beheer en behoud van haar collectie van cultureel erfgoed
ontvangt of heeft ontvangen en die subsidie uitsluitend verstrekt is door een ander
bestuursorgaan dan de minister. Het Bonnefantenmuseum wordt structureel door de
provincie gesubsidieerd. Op grond daarvan moet de raad vaststellen dat het museum niet aan
de formele vereisten van de regeling voldoet en om die reden niet in aanmerking kan komen
voor een BIS-subsidie. Desondanks heeft de raad het activiteitenplan van het museum
beoordeeld.
De raad vindt dat het Bonnefantenmuseum kiest voor een sterk en vernieuwend profiel door
zich te richten op de zogenaamde verborgen canon. Hij juicht vernieuwende invalshoeken toe.
De pijlers die het museum benoemt en waarop de nieuwe koers verder ontwikkeld wordt, zijn
veelbelovend. De aandacht die het museum heeft voor niet-westerse beeldende kunst springt
positief in het oog. De activiteiten zijn echter onvoldoende uitgewerkt om deze goed te
kunnen beoordelen. Op het terrein van educatie en participatie mist de raad concrete acties in
het activiteitenplan. Interessant is de wijze waarop het museum verschillende stakeholders en
doelgroepen wil bereiken met de pijler ‘museum als thuishaven voor curating communities’.
Ook de centrale ligging in de euregio biedt het museum volop kansen een brede doelgroep aan
te spreken. Ondernemerschap verdient nog de nodige aandacht.
Beoordeling
Kwaliteit
De raad vindt dat het Bonnefantenmuseum zich als het museum van de verborgen canon
sterk profileert. Het museum heeft een interessante visie en maakt gedurfde en eigenwijze
keuzes. Zo besteedt het veel aandacht aan beeldende kunst uit niet-westerse regio’s, een nog
onderbelicht aandachtsgebied.
Het museum beschrijft drie pijlers die de gekozen koers moeten dragen: 1.
kunstenaarsmuseum met speciale oriëntatie op de verborgen canon; 2. academisch museum
dat zich richt op onderzoek, talentontwikkeling en educatie; 3. museum als thuishaven voor
de verschillende communities.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>De raad vindt de doelstellingen van de drie pijlers helder beschreven en vindt dat zij een goed
uitgangspunt vormen om een brede doelgroep te bereiken en te inspireren. In het
activiteitenplan is echter niet uitgewerkt wat de concrete acties zijn voor de komende
subsidieperiode. Zo zijn de voorgenomen exposities en presentaties, zoals benoemd onder de
pijler ‘kunstenaarsmuseum’, minimaal beschreven. De raad vindt dat het museum met de
pijler ‘academisch museum’ een mooie lijst met samenwerkingsverbanden en -projecten
presenteert. De raad waardeert de aandacht voor flankerend beleid van debat en discours,
maar concrete acties op dit vlak ontbreken. De raad is benieuwd naar de verdere uitwerking
van de pijler ‘museum als thuishaven voor curating communities’ en dan met name naar de
nieuwe afdeling Young Office. De raad juicht verjonging toe, maar het wordt hem niet
duidelijk wat het museum precies met deze afdeling beoogt.
Educatie en participatie
De raad betreurt het gebrek aan uitwerking op het vlak van educatie en participatie in de
aanvraag. Het bezoekcijfer van het museum lag in 2013 op 15.600 en in 2014 op 13.500
leerlingen. Het museum wil dat aantal de komende jaren vergroten tot 17.500 in 2020. Het
museum schrijft in zijn plan dat er veel uitdagingen op het educatieve vlak liggen en dat het
de programma’s meer in samenspraak met scholen wil ontwikkelen. In het plan wordt echter
niet uitgewerkt welke programma’s het museum wil inzetten, hoe de genoemde
samenwerking wordt vormgegeven en wat de doelgroepen zijn. De raad kan zich hierdoor
geen beeld vormen van de ambities op educatief vlak.
Maatschappelijke waarde
Publieksbereik
Het museum refereert aan de theorie van Barbara Kirschenblatte-Gimblett over het indelen
van museumbezoekers in ‘skimmers, swimmers en divers’ (respectievelijk vluchtige
bezoekers, oriënterende bezoekers en bezoekers die de diepte in gaan). De raad vindt dit een
interessante theorie, maar ziet niet goed in het plan terug hoe het museum deze theorie gaat
toepassen om het publiek aan te spreken en het bereik te vergroten.
Het aantal bezoekers van het Bonnefantenmuseum bedroeg in 2013 bijna 144.000 en in 2014
circa 102.000 (waarvan in 2014 circa 25 procent niet-betalend was). Opvallend is het
aanzienlijke percentage (circa 20 procent) jonge bezoekers. Het museum wil in 2020 in totaal
150.000 bezoekers ontvangen, maar onderbouwt in het plan niet hoe het deze stijging wil
bewerkstelligen. De raad ziet voldoende groeikansen vanwege de centrale ligging in de
euregio. Het museum kan deze ligging goed benutten om meer publiek te bereiken.
Het Bonnefantenmuseum vermeldt in het plan zich gecommitteerd te hebben aan de Code
Culturele Diversiteit. In het activiteitenplan is dit zichtbaar in de aandacht die het museum
heeft voor niet-westerse beeldende kunst.
Ondernemerschap
De financiële positie van het Bonnefantenmuseum is op orde; liquiditeit, solvabiliteit en
weerstandsvermogen zijn voldoende. De raad vindt het verdienvermogen van het
Bonnefantenmuseum een punt van aandacht. Het museum voldoet aan de eigen
inkomstennorm, maar zou nog intensiever kunnen inzetten op het verhogen van de eigen
inkomsten.
Het valt de raad op dat in het activiteitenplan geen beschrijving is opgenomen van het
personeelsbestand (waaronder eventuele inbedding van de Young Office), het
vrijwilligersbeleid en de omgang met flexibele krachten. De Governance Code Cultuur wordt
toegepast, al wordt in de aanvraag niet toegelicht op welke manier de organisatie daarmee
omgaat.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>