<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>                                                                               Prins Willem Alexanderhof 20
                                                                               2595 BE Den Haag
                                                                               t 070 3106686
                                                                               info@cultuur.nl
                                                                               www.cultuur.nl
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
T.a.v. mevrouw I.K. van Engelshoven
Postbus 16375
2500 BJ Den Haag
8 november 2017
Kenmerk: RVC-2017-1228
Betreft: advies over de voordracht van de Nederlandse valkerij op de
Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid
Geachte mevrouw Van Engelshoven,
In haar brief van 22 september 2017 heeft uw voorganger, mevrouw
Bussemaker, de raad gevraagd om te adviseren over de aansluiting van het
Koninkrijk der Nederlanden - met de valkerij - op UNESCO’s
Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid.
Het gaat hier om een zogenaamd ‘extended file’ van een al geaccepteerd,
internationaal dossier.1
De valkerij werd in 2010 toegevoegd aan de Representatieve Lijst van het
Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid. Dit multinationale dossier
werd destijds voorgedragen door de Verenigde Arabische Emiraten, België,
de Tsjechische Republiek, Frankrijk, Zuid-Korea, Mongolië, Marokko,
Qatar, Saoedi-Arabië, Spanje en Syrië. Sindsdien hebben meerdere landen
zich aangesloten.2 Ook de Nederlandse valkerij wil dit nu graag.3
1 https://ich.unesco.org/en/decisions/11.COM/10.B.15. ‘Falconry’,‘Representative List’
,‘Intangible Cultural Heritage’.
2
  Per 2016 zijn de volgende landen aangesloten: Duitsland, Saoedi Arabië, Oostenrijk, België,
Korea, Spanje, Frankrijk, Hongarije, Italië, Kazachstan, Marokko, Mongolië, Pakistan,
Portugal, Qatar, Syrië en de Tsjechische-Republiek.
3 Per brief heeft NOVO het ministerie op de hoogte gebracht van dit voornemen D.d. 22
augustus 2017
                                                                                            1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>Voordrachten voor een ‘extended file’ doorlopen dezelfde procedure als een
reguliere voordracht, met dit verschil dat alle aangesloten landen met de
uitbreiding moeten instemmen. Ook de dragende gemeenschap in
Nederland moet achter de voordracht staan.
Aan die laatstgenoemde voorwaarde wordt alvast voldaan. De verenigde
Nederlandse valkerij heeft zelf per brief gevraagd om versneld voorgedragen
te worden voor opname in het internationale dossier. De timing heeft te
maken met het verkrijgen van de noodzakelijke goedkeuring van alle
aangesloten landen. Die kans doet zich dit jaar voor. In december komen op
uitnodiging van de initiatiefnemer, de Verenigde Arabische Emiraten, alle
bij het internationale dossier aangesloten landen bijeen. De Nederlandse
valkerij wil van de gelegenheid gebruikmaken om de goedkeuring van alle
andere deelnemende landen te verkrijgen. Mocht die worden verleend, dan
kan het ministerie van OCW in maart 2018 een nominatiedossier indienen
bij UNESCO.
De raad staat in principe positief tegenover multinationale dossiers. In het
advies uit 2015 over de voordrachten voor het UNESCO-verdrag
Immaterieel Erfgoed vond de raad al dat het de moeite waard was om de
mogelijkheid te onderzoeken of er voordrachten gedaan konden worden
voor multinationale dossiers. Destijds had de valkerij al voorgesorteerd om
bij het internationale dossier aan te sluiten. Omdat een dergelijke nominatie
niet hoeft te concurreren met de reguliere nominaties voor de
Representatieve Lijst, pleitte de raad ervoor de mogelijkheid te
onderzoeken. Het verdrag is per slot van rekening ook een stimulans voor
internationale samenwerking en uitwisseling van kennis en expertise.
Het advies over de voordracht van de Nederlandse valkerij is voorbereid
door een ad hoc commissie met deskundigen op het terrein van
(immaterieel) erfgoed. Deze commissie bestaat uit Annick Schramme,
Gerard Rooijakkers, Astrid Weij, Marlous Willemsen, Gert Oostindie,
Hubert Slings en Alex van Stipriaan Luïscius.
Voorwaarden
De Representatieve Lijst is de zogenaamde ‘vitrine’ van het verdrag. Deze
lijst is vooral bedoeld om de zichtbaarheid van het immaterieel cultureel
erfgoed te verbeteren.4 Plaatsing op de lijst geeft erfgoedelementen in de
diverse categorieën die zichtbaarheid en verleent de dragende gemeenschap
erkenning, waardering en respect.
4
  Ref. 545069. Brief 26 sept. 2013. Adviesvraag thema’s t.b.v. nominaties UNESCO verdrag
immaterieel erfgoed, pag. 3.
                                                                                         2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>Dit, tezamen met een plan voor de toekomstige borging, vergroot de
levensvatbaarheid van zo’n erfgoedelement.
Beoordelingskader
De raad heeft het dossier van de valkerij beoordeeld met behulp van het
beoordelingskader dat aansluit op de verdragsbepalingen en de
toetsingscriteria van UNESCO.
Voorwaardelijke criteria voor een nominatie zijn:
    1. Een element moet op de door het Kenniscentrum Immaterieel
        Erfgoed (KIEN) beheerde inventaris zijn geplaatst.
    2. De gemeenschap die een element draagt/vertegenwoordigt, moet
        vrijwillig hebben ingestemd met een internationale nominatie.
Vervolgens is beoordeeld of:
    3. Aan de eis wordt voldaan dat het erfgoedelement wordt gedragen
        door een gemeenschap die hierin een culturele erfenis herkent en
        deze levend wil houden door beoefening en communicatie hierover.
    4. Het element expressies en gewoonten vertegenwoordigt, alsmede
        praktijken in relatie tot objecten, ambachten etc. in de volgende
        categorieën, opgesteld door UNESCO en lidstaat Nederland:
         Categorieën UNESCO                 Nederlandse thema’s
         Orale traditie/taal, expressie     Beeld & Geluid
         Podiumkunsten
         Rituelen, feesten, sociale         Rituelen & Gebruiken / Feest &
         tradities                          Spel / Eten & Drinken
         Kennis en praktijk die te
         maken hebben met natuur en
         universum
         Traditionele ambachten             Ambacht & Techniek
    5. Er een deugdelijk en haalbaar erfgoedzorgplan (‘safeguarding plan’)
        is, waarin uiteengezet wordt hoe het erfgoed levend wordt gehouden,
        hoe kennis over het element wordt gedocumenteerd en openbaar
        wordt gemaakt.
    6. Er aantoonbare ervaring is met het uitvoeren van erfgoedzorg.
                                                                           3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>Beoordeling
De valkerij richt zich op de jacht met roofvogels; met name valken en
slechtvalken. De valkenjacht kent in Nederland een lange traditie die terug
te voeren is tot de 16e eeuw. Hierover verschaffen de Nederlandse valkeniers
informatie via websites en via valkeniersdemonstraties voor het publiek.5 De
geschiedenis van de valkerij in Nederland wordt ook in een museum te
Valkenswaard aanschouwelijk gemaakt.6 De valkerij wordt hier
gepresenteerd als een culturele traditie, waarvan de beoefenaars over kennis
van flora en fauna moeten beschikken, en zich veelal inspannen voor
vogelbescherming en natuurbehoud.
Deelname aan de valkerij vraagt de nodige kennis en voorbereiding. De jacht
met roofvogels is gereguleerd in Nederland. Zo wordt deze beperkt door een
numerus fixus voor de uitgifte van vergunningen, ofwel valkeniersaktes.
Nadere bepalingen met betrekking tot de jacht zijn vastgelegd in de nieuwe
Natuurwet, waarin de fauna- en de florawetgeving zijn samengevoegd. Via
deze wet is onder meer geregeld op welke dieren er gejaagd mag worden en
onder welke voorwaarden.
In Nederland zijn ongeveer 200 valkeniers verenigd in diverse, regionale
verenigingen. Deze verenigingen worden weer vertegenwoordigd door het
overkoepelende Nederlands Overleg Valkerij Organisaties (NOVO).
In 2013 is onder de vleugels van het NOVO het dossier Valkerij toegevoegd
aan de Nederlandse inventaris van immaterieel erfgoed. Dit is de eerste stap
om erkenning te krijgen voor de valkerij als immaterieel erfgoedelement.
Een dossier in de inventaris van immateriële erfgoedelementen van het
Koninkrijk der Nederlanden brengt verplichtingen met zich mee ten aanzien
van het behoud, het beheer en de overdracht van kennis over het
immaterieel erfgoedelement. Dit proces van dossiervorming en de evaluatie
daarvan worden begeleid en geëvalueerd door het KIEN. Recentelijk heeft
het NOVO zijn dossier geëvalueerd en daarbij benoemd wat er goed en
minder goed is gegaan in de afgelopen periode.
Conclusie: de valkerij voldoet aan de eis dat het erfgoedelement wordt
gedragen door een gemeenschap die hierin een culturele erfenis herkent en
deze levend wil houden door beoefening en communicatie hierover. Ook is
er aantoonbare ervaring met het uitvoeren van erfgoedzorg. De valkerij is
met een dossier vertegenwoordigd in de inventaris.
5
  Dossier in de Inventaris: www.immaterieelerfgoed.nl/page/549/valkerij
Over de ethiek van de Valkerij: http://www.valkerij.nl/valkehbo.htm
6 http://www.vsmm.nl/nl/valkenswaard
                                                                            4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>Overdracht traditie
Aspirant valkeniers doorlopen eerst een stage- en examentraject voordat zij
zich valkeniers mogen noemen. Deze examens worden geëvalueerd. De
kennis van de valkerij wordt ook op het publiek overgedragen via diverse
websites, regionaal verspreide demonstraties en door middel van lesbrieven
die in meerdere talen worden aangeboden en beschikbaar worden gesteld
aan het onderwijs.
Conclusie: de valkerij heeft een haalbaar erfgoedzorgplan (‘safeguarding
plan’), waarin duidelijk wordt gemaakt hoe het erfgoed levend wordt
gehouden en hoe de kennis erover gedocumenteerd, overgedragen en
gedeeld wordt.
Toekomstperspectief
De valkerij is in de afgelopen decennia in Nederland gereguleerd en
gecontroleerd. Het daadwerkelijke jagen wordt, zoals eerder opgemerkt,
beperkt door een numerus fixus voor de aktes/vergunningen. In 2009 heeft
het toenmalige ministerie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit met
het oog op de vorming van de nieuwe Natuurwet een versoepeling van de
regels voor de valkerij in gang gezet. Zo zouden er volgens het ministerie
meer vergunningen verleend kunnen worden. Ook vond het ministerie dat
de valkerij meer kon worden ingezet bij de overlastbestrijding rondom
vliegvelden en vuilstortplaatsen.
Uit de evaluatie van het erfgoeddossier in de Nederlandse inventaris blijkt
dat de valkerij geregeld te maken krijgt met negatieve beeldvorming en
weerstand vanuit de hoek van de natuur- en vogelbescherming.7 Hieruit
blijkt dat voorlichting over de praktijk en de geschiedenis van de valkerij om
constante aandacht vraagt. In andere Europese landen werken valkeniers
samen met natuurbeschermers en de vogelbescherming. De Nederlandse
valkerij streeft naar een vergelijkbare samenwerking.
Conclusie: de valkerij wordt door negatieve beeldvorming uitgedaagd
haar voorlichting en publieke optreden permanent aandacht te geven. Zij
kan de waardering voor de praktijk vergroten door in navolging van
andere landen meer samenwerking te zoeken met natuur- en
vogelbeschermers, onder andere om kennis te delen.
7
  De Vogelbescherming geeft zijn standpunt ten aanzien van het houden van valken weer op
zijn website. De vogelbescherming is ertegen, maar maakt een uitzonderging voor erkende
valkeniers: https://www.vogelbescherming.nl/over-ons/standpunten/standpunt-
roofvogelshows
                                                                                         5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>Overwegingen
De raad is positief over de proactieve houding van de valkerij. Hieruit blijkt
dat deze goed georganiseerd is en dat er een hechte gemeenschap is die het
erfgoedelement draagt en wil onderhouden, alsmede wil overdragen op
volgende generaties. Het erfgoedelement is een levende traditie die in
diverse categorieën past; de kennis en de praktijk hebben te maken met
natuur (UNESCO) en vallen ook onder Ambacht & Techniek (Nederlands
thema). Gelet op de historische context zou het erfgoedelement ook in de
categorie Feest & Spel passen (Nederlands thema). De raad ondersteunt het
uitgangspunt van UNESCO dat bij uitstek in de multinationale dossiers de
culturele diversiteit wordt bevorderd.
De raad begrijpt evenwel dat het dossier controversieel kan zijn, vanwege de
negatieve aandacht en tegenwerking die de valkerij soms te beurt vallen.
Maar alle vormen van media-aandacht en maatschappelijke discussie,
positief of negatief, zijn volledig in lijn met de brede doelstelling van het
verdrag. De raad ziet hier eerder een kans dan een bedreiging. De valkerij
zal ook in de toekomst haar rol in de samenleving steeds moeten evalueren
en is daardoor een dynamisch erfgoedelement met een duidelijke opdracht.
De raad gaat ervanuit dat de valkerij zich zowel op nationaal als
internationaal niveau zal inzetten voor een ethische omgang met en
voortzetting van de traditie. Ook verwacht de raad dat de valkerij op een
positieve wijze bijdraagt aan de eventuele discussie. De raad gaat er
overigens ook vanuit dat de goede naleving van de ethische aspecten bij de
reeds aangesloten landen door UNESCO steeds wordt beoordeeld en
geëvalueerd. Het ligt voor de hand om bij toekomstige evaluaties van het
erfgoedelement blijvend aandacht aan dit aspect te besteden.
Advies
De raad is positief over het voornemen om de Nederlandse valkerij te
nomineren voor UNESCO’s multinationale dossier ‘Falconry’. De
Nederlandse valkerij voldoet aan de gestelde criteria en de traditie is sinds
2013 opgenomen in de Nederlandse inventaris. De dragende gemeenschap
stemt in met een eventuele nominatie en heeft zelfs het verzoek ingediend
om dit proces te bespoedigen. Het huidige dossier van het erfgoedelement
bevat voldoende aanknopingspunten om een kansrijk nominatiedossier te
produceren in de tijd die ervoor staat.
Tot slot adviseert de raad om in dit dossier te benadrukken dat de goede
naleving van de ethische aspecten van de valkerij steeds met extra aandacht
wordt geëvalueerd.
                                                                               6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>Met vriendelijke groet,
Marijke van Hees        Jeroen Bartelse
Voorzitter              Directeur
                                        7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>BIJLAGE
Samenstelling ad hoc commissie Immaterieel Erfgoed
Annick Schramme is hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen en
coördinator van de masteropleiding Cultuurmanagement. Daarnaast is zij
Academic Director Creatieve Industrieën aan de Antwerp Management
School. Zij is ook actief in diverse raden van bestuur en adviesraden,
waaronder het kindertheater het Paleis, Heemkunde Vlaanderen en de
UNESCO-commissie Vlaanderen. Tevens is ze voorzitter van ENCATC, het
Europese netwerk van opleidingen Cultuurmanagement en Cultuurbeleid.
Schramme is adviseur van de Raad voor Cultuur.
Gerard Rooijakkers is oud-hoogleraar Nederlandse Etnologie aan de
Universiteit van Amsterdam. Rooijakkers publiceert over religieuze
volkscultuur, visuele cultuur, feest en ritueel, volksrechtspleging, materiële
cultuur en museologie. In 2002 ontving hij voor zijn etnologisch onderzoek
de Oeuvreprijs voor de Geesteswetenschappen van het Prins Bernhard
Cultuurfonds. Vanaf 2009 is Rooijakers directeur van de BV Limburg.
Van 2006 tot 2014 was Rooijakkers lid van de Raad voor Cultuur. Vanaf
2014 is hij adviseur van de Raad voor Cultuur.
Astrid Weij is manager domein Mobiliteit bij de provincie Utrecht. Zij was
tot 1 augustus 2015 Regio Randstad-coördinator in Brussel. Van 2008 tot
2011 werkte zij als programmamanager Erfgoed in Internationaal
Perspectief bij Erfgoed Nederland. Daarvoor werkte zij bij het ministerie van
OCW als persoonlijk medewerker van de Directeur-Generaal Cultuur en
Media (2007), als beleidsmedewerker internationale zaken bij de directie
Cultureel Erfgoed (2002-2006) en bij de Museumvereniging (1996-2001).
Weij is bestuurslid bij Europa Nostra en voorzitter van de stichting Framer
Framed. Weij is adviseur van de Raad voor Cultuur
Marlous Willemsen is directeur van Imagine IC in de Amsterdamse Bijlmer:
een mix van archief en museum, en podium voor het immaterieel erfgoed
van de grote stad van vandaag. Zij is hiernaast als onderzoeker verbonden
aan het Lectoraat van de Reinwardt Academie; lid van de Erfgoedcommissie
van UNESCO en lid van het bestuur van het Maria Austria Instituut. Zij is
adviseur van de Raad voor Cultuur.
Gert Oostindie is sinds 2000 directeur van het Koninklijk Instituut voor
Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV-KNAW) en sinds 2016 hoogleraar
Koloniale en Postkoloniale Geschiedenis aan de Universiteit Leiden.
                                                                               8
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>Daarvoor was hij hoogleraar Antropologie en Comparatieve Sociologie van
het Caribisch gebied aan de Universiteit Utrecht (1993-2006) en hoogleraar
Caribische Geschiedenis aan de Universiteit Leiden (2006-2016). Hij geeft
leiding aan diverse onderzoeksprojecten over de Cariben en
Indonesië. Oostindie is adviseur van de Raad voor Cultuur.
Alex van Stipriaan Luïscius is sinds 1997 hoogleraar Caribische
geschiedenis aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Van 2005-2015
combineerde hij dit met het curatorschap Latijns-Amerika en Cariben bij
het Tropenmuseum in Amsterdam. Hij doet veel onderzoek naar Caribisch
erfgoed en erfgoed van de Nederlandse slavernij en is co-supervisor van het
NWO-project Traveling Caribbean Heritage. Hij adviseert de gemeente
Amsterdam in haar Gedeelde Geschiedenis-beleid. Daarnaast is hij onder
meer lid van UNESCO’s International Scientific Committee on the Slave
Route Project en bestuurslid van het Verzetsmuseum in Amsterdam. Van
Stipriaan Luïscius is adviseur van de Raad voor Cultuur.
Hubert Slings is sinds 2007 directeur van stichting entoen.nu die de Canon
van Nederland beheert. Sinds 2014 werkt hij bij het Nederlands
Openluchtmuseum en houdt zich daar bezig met de museale
programmering. Samen met Yra van Dijk vormt Slings de hoofdredactie van
de schooleditiereeks Tekst in Context; ook is hij hoofdredacteur van de
websites www.literatuurgeschiedenis.nl en www.bijbelencultuur.nl.
Slings is adviseur van de Raad voor Cultuur.
Klazien Brummel (projectsecretaris)
Gesprekspartners:
Leo Adriaanse (Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland)
Marieke Brugman (National Coordinator Deputy Secretary General)
                                                                            9
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>