<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>R A A Prins Willem Alexanderhof 20

2595 BE Den Haag

re) t 070 3106686
info@cultuur.nl
C U U R www.cultuur.nl

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Mevrouw mr. drs. I.K. van Engelshoven

Postbus 16375

2500 BJ Den Haag

Den Haag, 19 december 2017
Kenmerk: RVC-2017-1233
Uw kenmerk: 1255478

Betreft: Zeven adviezen aanwijzing professionele organisaties voor monumentenbehoud

Geachte mevrouw Van Engelshoven,

De Raad voor Cultuur is 22 september 2017 verzocht te adviseren over zeven
aanvragen tot aanwijzing als professionele organisatie voor monumentenbehoud
(POM). Het betreft de aanvragen van:

Stadsgoed Monumenten B.V.

Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V.
Stichting De Fryske Mole

Stichting De Utrechtse Molens

Stichting Het Utrechts Landschap

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel N.V.
Woningstichting Van Alckmaer voor Wonen

Nageeper

De raad heeft de aanvragen getoetst aan de vijf beoordelingscriteria als bedoeld in
artikel 31 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten en heeft daarbij
gehandeld in overeenstemming met de “Werkwijze Raad voor Cultuur inzake
advisering POM’ van 25 augustus 2016. Ook heeft de raad getoetst of aanvragers
hebben aangetoond dat instandhouding van monumenten een hoofdactiviteit van de
organisatie is.

Bijgaand treft u de adviezen van de raad aan. De raad heeft zijn adviezen gebaseerd
op de bij uw adviesverzoek verstrekte gegevens en de toelichtingen van de
aanvragers.

Alvorens op de inhoud van de adviezen in te gaan wil de raad zijn waardering
uitspreken over de kwaliteit van de aanvragen. De aanvragers hebben zichtbaar veel
tijd en moeite in hun aanvragen gestoken en de raad heeft waardering voor de
ambitie en inzet die hier uit spreekt.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄBur

Twee aanvragers hebben een positief advies gekregen. Stadsherstel Historisch
Rotterdam N.V. en Stichting De Fryske Mole dienden beide eerder een aanvraag in
en hebben zich de afgelopen jaren dusdanig positief ontwikkeld dat zij naar de
mening van de raad nu voldoen aan de criteria die de POM-status aan hen stelt.

De andere aanvragers voldoen nog niet aan de criteria om aangewezen te worden als
POM en hebben geen positief advies gekregen. Bij al deze aanvragers ziet de raad
echter mogelijkheden voor verdere ontwikkeling, om zo in de toekomst wel aan de
POM-criteria te kunnen voldoen.

De raad is vanzelfsprekend bereid tot een toelichting en ziet uw reactie op deze
adviezen met belangstelling tegemoet.

A

Hoogachtend; / DE
Ld ze 5
| jj A ed
po i}
4 i
Marijke van Hees Jeroen Bartelse

Voorzitter Directeur
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄDur

Samenstelling commissie POM

Voorzitter
Jaap ’t Hart

Leden

Martin van Bleek
Arie den Dikken
Ido Esman

Secretaris
Annet Pasveer

Tijdens de adviesperiode is Ido Esman niet betrokken geweest bij het advies over
Stadsgoed Monumenten B.V.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄDur

1. Advies Stadsgoed Monumenten B.V.

Organisatie
Stadsgoed Monumenten B.V. (opgericht in 2001) heeft 42 rijksmonumenten in
eigendom. Hieronder bevinden zich woningen en bedrijfs- en winkelruimten.

Advies

De Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Stadsgoed Monumenten B.V. niet
aan te wijzen als professionele organisatie voor monumentenbehoud. Zij voldoet niet
aan beoordelingscriteria 2., 3. en 4. als bedoeld in artikel 31, eerste lid onder b., c. en
d. van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

De raad stelt vast dat in de aanvraag van Stadsgoed Monumenten B.V. (hierna:
Stadsgoed Monumenten) nagenoeg alle informatie is verweven met 1012Inc N.V.
(hierna: 1012Inc), de moederorganisatie van Stadsgoed Monumenten, van wie zij ook
haar personeel betrekt. Stadsgoed Monumenten dient echter als zelfstandige
monumentenorganisatie aan de POM-criteria te kunnen voldoen. Dat is in de
aanvraag onvoldoende aangetoond.

Hoofdactiviteit:

In de aanvraag van Stadsgoed Monumenten heeft de raad geen onderbouwing
aangetroffen dat zij in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag gemiddeld tenminste
40% van de feitelijke werkzaamheden of financiën heeft besteed aan de instandhouding
van monumenten. Ook uit geconsolideerde jaarrekeningen kan de raad dit niet afleiden.
Gezien het bezit van Stadsgoed Monumenten zou instandhouding van monumenten
een hoofdactiviteit kunnen zijn, maar Stadsgoed Monumenten heeft dat niet
aangetoond.

Beoordelingscriteria:
De raad heeft de aanvraag van Stadsgoed Monumenten getoetst aan de vijf

beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft daarbij gehandeld
in overeenstemming met de ‘Werkwijze Raad voor Cultuur inzake advisering POM’
van 25 augustus 2016.

1. Stadsgoed Monumenten heeft aangetoond dat de organisatie een statutaire
doelstelling tot instandhouding van cultureel erfgoed heeft.

In de vastgestelde statuten van 20 januari 2004 luidt de doelstelling van
Stadsgoed Monumenten: “De vennootschap heeft ten doel:
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>RAA
cURUUR

1.

hoofdzakelijk de instandhouding van monumenten in de zin van de
Monumentenwet 1988, zoals bedoeld in artikel 15 lid 1 onderdeel p van de
Wet op Belastingen van Rechtsverkeer;

in het belang van het stadsherstel de restauratie van al dan niet door aankoop
verkregen registergoederen gelegen in Amsterdam en omgeving, in het
bijzonder daar waar gebouwen verloren dreigen te gaan, welke voor het stads-
of dorpsbeeld karakteristiek zijn, zomede al hetgeen met het vorenstaande
verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn;

het deelnemen in, het financieren van, het zich op andere wijze interesseren
bij en het voeren van beheer over andere ondernemingen, het zich verbinden
voor verplichtingen van groepsmaatschappijen en het verrichten van al
hetgeen met het vorenstaande in de ruimste zin verband houdt of daartoe
bevorderlijk kan zijn;

een en ander geheel danwel nagenoeg geheel in het belang van de
volkshuisvesting. ”

2. Stadsgoed Monumenten heeft niet aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering
van werkzaamheden aan rijksmonumenten is geborgd.

Om de borging van kwaliteit te kunnen bepalen let de raad op de volgende
aspecten:

1.

De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van en de werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Stadsgoed Monumenten is een 100% dochteronderneming van het in 2016
opgerichte 1012Inc. 1012Inc is een vastgoedbelegger die specifiek is gericht op
vastgoed in het Amsterdamse postcodegebied 1012 en die zelf 108 panden
(waarvan 21 rijksmonumenten) in eigendom heeft. De primaire doelstelling
van 1012Inc is het versterken van de woonfunctie, leefbaarheid en
toegankelijkheid van, in het bijzonder, postcodegebied 1012 te Amsterdam,
door het verkrijgen, beheren, exploiteren, huren en verhuren van panden.

In de aanvraag wordt informatie over 1012Inc en Stadsgoed Monumenten met
elkaar verweven. Zo is de aanvraag ingediend op briefpapier van 1012Inc, is
het bijgevoegde visiedocument van 1012Inc en zijn de geconsolideerde
jaarverslagen van 1012Inc. 1012Inc is echter niet de organisatie die de
aanvraag heeft ingediend om te worden aangewezen als professionele
organisatie voor monumentenbehoud. Stadsgoed Monumenten dient als
zelfstandige monumentenorganisatie aan de POM-criteria te kunnen voldoen.

Stadsgoed Monumenten heeft zelf geen personeel in dienst en maakt gebruik
van het werkapparaat van 1012Inc. Van de 7 werknemers van 1012Inc werken
er 3 voor Stadsgoed Monumenten. Het betreft de directeur /bestuurder en
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>RAA

cUGUuR

3.

twee bouwkundig projectleiders, één voor de ontwikkeling en één voor het
beheer.

In het document ‘Visie op de omgang met rijksmonumenten’ van 1012Inc staat
beschreven hoe zij omgaat met haar eigen rijksmonumenten alsook die van
Stadsgoed Monumenten. De visie en het beleid vindt de raad goed beschreven
en hij is hierover positief. Op 6 oktober 2017 heeft Stadsgoed Monumenten de
aanvraag mondeling toegelicht. De raad heeft de indruk, bevestigd door de
bijgevoegde documentatie over restauratieprojecten en de toelichting, dat er
voldoende monumentspecifieke deskundigheid bij 1012Inc aanwezig is.

Het beleid van 1012Inc wordt echter niet geconcretiseerd in werkprocessen en
is niet onderbouwd met praktijkvoorbeelden. De structuur van de werkwijze
en de kennis en kunde voor behoud en beheer zijn onvoldoende uitgewerkt en
niet onderbouwd of binnen de organisatie geborgd. De raad mist de checks
and balances in de organisatie.

1012Inc werkt met verschillende partijen in het postcodegebied 1012 van
Amsterdam om het gebied leefbaar te houden. Restauratiewerkzaamheden aan
de monumenten van Stadsgoed Monumenten worden uitbesteed aan vaste
partners, zoals Hooyschuur architecten te Wormerveer, MA-architecten te
Amsterdam, en ERM-erkende restauratieaannemer Schakel en Schrale. De
raad is hierover positief, maar uit de aanvraag wordt niet duidelijk hoe
toezicht en controle zijn ingebouwd in de werkprocessen.

De toepassing van de in de beroepsgroep geldende normen voor

werkzaamheden aan rijksmonumenten.
1012Inc geeft in de aanvraag aan dat bij het opstellen van restauratieplannen

van monumenten van Stadsgoed Monumenten plaatselijke of regionale
bureaus worden ingehuurd, waarbij erkenning minder belangrijk is dan het
werken conform de uitvoeringsrichtlijnen voor bouwtechnisch advies. Ook
wordt het model-restauratiebestek van de stichting ERM voorgeschreven.

Voor de uitvoering van restauratiewerkzaamheden aan monumenten van
Stadsgoed Monumenten schakelt 1012Inc in beginsel een aannemer in die lid
is van de Vakgroep Restauratie. Bij minder ingrijpende werkzaamheden
worden opdrachten ook gegund aan niet-leden met als voorwaarde dat
gewerkt wordt conform de betreffende URL's van de stichting ERM. De raad is
hierover positief, maar mist informatie die het bovenstaande onderbouwt, hoe
dit in het beleid is verankerd en hoe Stadsgoed Monumenten toetst op de
uitgevoerde werkzaamheden.

Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄÏur

De rapportages van de Monumentenwacht vormen de basis voor de zesjaren-
onderhoudsplanning.

4. Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratie werkzaamheden.
Stadsgoed Monumenten geeft in haar aanvraag aan Hylkema Consultants in te
schakelen voor het opstellen van bouwhistorische verkenningen. Bij de
aanvraag is geen documentatie gevoegd die dit onderbouwt.

De raad concludeert dat Stadsgoed Monumenten niet heeft aangetoond dat de
kwaliteit van de uitvoering van werkzaamheden bij rijksmonumenten is geborgd.

3. Stadsgoed Monumenten heeft niet aangetoond dat de professionele omgang met
rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag een structureel en
consistent karakter heeft.

Om positief beoordeeld te worden op dit criterium dient het totaalbeeld onder punt 2
positief te zijn en de vier aspecten structureel en consistent. De raad constateert dat
dit door Stadsgoed Monumenten niet wordt aangetoond.

4. Stadsgoed Monumenten heeft niet aangetoond dat zij financieel stabiel is.

Financieel beheer:

De jaarverslagen met geconsolideerde jaarrekeningen van 2012 t/m 2016 zijn alle
gecontroleerd en voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring. De in de
consolidatie opgenomen entiteiten zijn (2016):

-1012Inc N.V., Amsterdam

- Stadsgoed Monumenten B.V., Amsterdam

- Stadsgoed Fonds B.V., Amsterdam

- Stichting Vrienden van Stadsgoed, Amsterdam

Financiële stabiliteit en continuïteit:
De geconsolideerde jaarrekeningen laten een stabiele vermogenspositie en een (in
alle jaren) positief exploitatieresultaat zien.

De geconsolideerde jaarrekeningen geven geen specifiek beeld van de financiële
situatie van Stadsgoed Monumenten. De raad sluit, gelet op de geconsolideerde
cijfers van 1012Inc, niet uit dat die bestendig is. Echter, in de aanvraag wordt niet
aangetoond dat bij Stadsgoed Monumenten, als eigen rechtspersoon, sprake is van
financiële stabiliteit en continuiteit.

5. Stadsgoed Monumenten heeft aangetoond dat ten minste de helft van het aantal
rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is in goede staat is.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄÏur

Stadsgoed Monumenten heeft een overzicht ingediend met daarop de staat
aangeven van 23 van de 42 rijksmonumenten die zij in eigendom heeft. De staat
van deze 23 rijksmonumenten is goed of goed/redelijk, waardoor ten minste de
helft van het aantal monumenten van Stadsgoed Monumenten zich in goede staat
bevindt. Stadsgoed Monumenten laat haar monumenten beoordelen door de
Monumentenwacht.

Ingediende bescheiden

-  Aanbiedingsbrief

-  Statuten

-  Inspectierapporten

- Brief toekenning AOM 2011

- Brief Brim 2012

- Overzicht monumenten in eigendom

- Overzicht monumenten staat

- _ Jaarverslagen NV Stadsgoed 2012 t/m 2014

- Jaarverslagen 1012Inc N.V. 2015 en 2016

-  Visiedocument ‘Visie op de omgang met monumenten’

Aanvullend:
-  Beschrijving restauratie- en onderhoudsproces en aantal voorbeelden
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>RAA
cÜftuur

2. Advies Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V.

Organisatie

Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V. (opgericht in 1980) heeft 27
rijksmonumenten in eigendom. Hieronder bevinden zich een voormalig raadhuis,
burgerweeshuis en douanekantoor, voormalige pakhuizen en woningen, twee molens
en twaalf tuinbeelden.

Advies

De Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Stadsherstel Historisch Rotterdam
N.V. aan te wijzen als professionele organisatie voor monumentenbehoud. Zij heeft
aangetoond dat zij voldoet aan de vijf beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31
van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V. (hierna: Stadsherstel Rotterdam) heeft in
2013 en 2015 ook aanvragen ingediend om te worden aangewezen als professionele
organisatie voor monumentenbehoud. Stadsherstel Rotterdam heeft sindsdien een
aantal verbeteringen in de organisatie doorgevoerd en verdere expertise opgebouwd.
Ook is de portefeuille rijksmonumenten uitgebreid met een molencomplex, bestaande
uit twee molens en een karottenfabriek en een voormalig woonhuis. De opmerking
van de raad in zijn vorige advies over het ontbreken van een zekere omvang van het
bezit om deskundigheid op te kunnen bouwen en te behouden, is afdoende
ondervangen.

Hoofdactiviteit:

Uit eerdere aanvragen heeft de raad op grond van de aard en omvang van het bezit en
de jaarverslagen van Stadsherstel Rotterdam afgeleid dat instandhouding van
monumenten een hoofdactiviteit is. De raad ziet geen aanleiding af te wijken van zijn
eerdere bevinding op dit punt.

Beoordelingscriteria:
Over de vorige aanvragen heeft de toenmalige beoordelingscommissie professionele
organisaties monumentenbehoud in 2013 en de raad in 2015, negatief geadviseerd.

De raad heeft de voorliggende aanvraag van Stadsherstel Rotterdam getoetst aan de
vijf beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft daarbij
gehandeld in overeenstemming met de “Werkwijze Raad voor Cultuur inzake
advisering POM’ van 25 augustus 2016.

1. Stadsherstel Rotterdam heeft aangetoond dat de organisatie een statutaire
doelstelling tot instandhouding van cultureel erfgoed heeft.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>RAA
cùffbur

In de vastgestelde statuten van 23 januari 2015 luidt de doelstelling van
Stadsherstel Rotterdam:

“De vennootschap heeft uitsluitend of nagenoeg uitsluitend tot doel:

a. werkzaam te zijn in het belang van de volkshuisvesting in Rotterdam en
omgeving teneinde de stad woon- en leefbaar te houden in het bijzonder daar
waar door de stedelijke ontwikkeling panden die tevens karakteristiek zijn voor
het stadsbeeld, dreigen verloren te gaan doch die bij verbetering naar de eisen

van de tijd behouden kunnen blijven alsmede het verwerven, houden, beheren,
vervreemden, bezwaren, restaureren en renoveren van dergelijke panden;

b. het zonder winstoogmerk in stand houden en beheren van beschermde
monumenten in eigendom,

en voorts het deelnemen in, het voeren van beheer over, het financieren van en het
zich sterk maken voor verplichtingen van andere ondernemingen met een verwant
doel.”

2. Stadsherstel Rotterdam heeft aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering van
werkzaamheden aan rijksmonumenten is geborgd.

Om de borging van kwaliteit te kunnen bepalen let de raad op de volgende
aspecten:

1. De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van en de werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Bij de aanvraag van 2015 constateerde de raad dat de personele bezetting van
Stadsherstel Rotterdam sinds de aanvraag van 2013 was versterkt. Naast de
directeur met bouwkundige ervaring was een bouwkundig manager aangesteld
met ervaring op het gebied van restauratie en onderhoud van monumenten.

In 2015 is het ‘Beleidsdocument borging kwaliteit werkzaamheden
Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V.’ vastgesteld. Hierin worden de
werkprocessen en de werkwijze bij restauratie beschreven. Ook wordt
aangegeven hoe externe partners - waarvan het Bureau voor Restauratie- en
Monumentenadvies R. Polderman uit Rotterdam de belangrijkste is - worden
aangestuurd. De raad was hierover bij de beoordeling in 2015 positief en
constateerde dat bij Stadsherstel Rotterdam voldoende deskundigheid over
instandhouding van beschermde monumenten aanwezig is.

Uit voorliggende aanvraag blijkt dat Stadsherstel Rotterdam zich sinds 2015
doorontwikkeld heeft. De portefeuille rijksmonumenten is uitgebreid met een
molencomplex, bestaande uit twee molens en een karottenfabriek, en een
voormalig woonhuis. De opmerking van de raad in het vorige advies over het
ontbreken van een zekere omvang van het bezit om deskundigheid op te
kunnen bouwen en te behouden, is afdoende ondervangen. Naast uitbreiding
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>RAA
cfüur

van haar eigendom heeft Stadsherstel Rotterdam de staf verder versterkt.
Stadsherstel Rotterdam heeft de aanvraag op 6 oktober 2017 mondeling
toegelicht. Zij gaf toen aan dat de verhuur en administratie sinds de vorige
aanvraag binnen de organisatie is gebracht en dat er een portefeuillemanager
is aangesteld voor de nieuwe werkzaamheden. Daarnaast is een extra
bouwkundige aangenomen om de toegenomen portefeuille te onderhouden, en
is er een nieuwe medewerker financiën. Stadsherstel Rotterdam heeft
aangetoond dat de benodigde deskundigheid binnen de organisatie is geborgd.
Stadsherstel Rotterdam heeft nog aangegeven zich de komende tijd verder te
willen ontwikkelen.

2. De toepassing van de in de beroepsgroep geldende normen voor
werkzaamheden aan rijksmonumenten.
Stadsherstel Rotterdam geeft opdrachten aan verschillende erkende bedrijven
en werkt bij de voorbereiding en uitvoering van restauraties volgens de door
Stichting ERM opgestelde normen en richtlijnen. Stadsherstel Rotterdam laat
bestekken opstellen of controleren door Bureau Polderman. Nieuwe
uitvoerende partijen zijn Nico de Bont en Burgy Bouwbedrijf.
De raad vraagt op dit punt aandacht voor de begeleiding en toetsing van de
werkzaamheden. Stadsherstel Rotterdam geeft aan dat dit in de praktijk
plaatsvindt, maar de raad vindt dat dit in de documentatie nog onvoldoende
expliciet en gestandaardiseerd is vastgelegd.

3. Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.
Stadsherstel Rotterdam maakt een meerjarenonderhoudsplan zodra een
monument is hersteld en in exploitatie is genomen. Bij rijksmonumenten
gebeurt dit voor een periode van 6 jaar. Om procedures te stroomlijnen heeft
Stadsherstel Rotterdam sinds de vorige aanvraag een softwaresysteem in
gebruik genomen waar alle activiteiten met betrekking tot
onderhoudsprogramma’s in bijgehouden worden.

4. Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratie werkzaamheden.
Stadsherstel Rotterdam laat veelal voorafgaand aan mogelijke verwerving van
een (rijks)monument bouw- en cultuurhistorisch onderzoek verrichten.

De raad concludeert dat Stadsherstel Rotterdam heeft aangetoond dat de kwaliteit
van de uitvoering van werkzaamheden bij rijksmonumenten is geborgd.

3. Stadsherstel Rotterdam heeft aangetoond dat de professionele omgang met
rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag een structureel en
consistent karakter heeft.

De vier aspecten onder punt 2 dienen structureel en consistent te zijn. Met de
vaststelling in mei 2015 van het ‘Beleidsdocument borging kwaliteit
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>RAA
cUGUUR

werkzaamheden Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V.’ is de werkwijze zoals die
al langer gaande was bij de instandhouding van rijksmonumenten vastgelegd. De
wijze waarop restauraties door Stadsherstel Rotterdam werden uitgevoerd werd
door de raad positief beoordeeld. De raad vindt dat de organisatie van
Stadsherstel Rotterdam zich sinds de laatste jaren goed heeft ontwikkeld en dat de
werkwijze zich in de praktijk heeft bewezen.

De raad stelt vast dat Stadsherstel Rotterdam de afgelopen jaren een aantal
stappen heeft gezet om de werkprocessen te professionaliseren. Stadsherstel
Rotterdam heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de professionele omgang
een structureel en consistent karakter heeft.

4. Stadsherstel Rotterdam heeft aangetoond dat zij financieel stabiel is.

Financieel beheer:
De jaarverslagen met jaarrekeningen van 2012 t/m 2016 zijn alle gecontroleerd en
voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring.

Financiële stabiliteit en continuïteit:

Stadsherstel Rotterdam heeft een ruime vermogenspositie. In haar jaarverslagen
heeft Stadsherstel Rotterdam alleen de netto-omzet weergegeven en niet de
verschillende onderliggende batenposten, waardoor de financieringsmix voor de
raad niet inzichtelijk is. Veruit de grootste lastenpost van Stadsherstel Rotterdam
is de post overige bedrijfskosten, waarvan de exploitatiekosten onroerend goed het
grootste deel uitmaken. In alle jaren had Stadsherstel Rotterdam een positief
exploitatieresultaat.

De raad constateert dat de liquiditeit van Stadsherstel Rotterdam in 2016 gelijk
aan 1 was, de solvabiliteit 0,6 en het weerstandsvermogen 9,3.

Stadsherstel Rotterdam heeft in de jaarverslagen niet opgenomen hoeveel fte
personeel voor de organisatie werkt. In 2016 waren er 6 medewerkers.

Naar het oordeel van de raad toont Stadsherstel Rotterdam aan dat er sprake is
van financiële stabiliteit en continuïteit. De raad merkt daarbij op dat een grotere
mate van transparantie in de financiële stukken wenselijk zou zijn.

5. Stadsherstel Rotterdam heeft aangetoond dat ten minste de helft van het aantal
rijksmonumenten waarvan de organisatie eigenaar is in goede staat is.

Stadsherstel Rotterdam heeft een overzicht ingediend met daarop aangegeven de
staat van de rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is. Hieruit blijkt dat meer dan
de helft van de monumenten zich in goede staat bevindt. Stadsherstel Rotterdam
laat haar monumenten beoordelen door Bureau Polderman.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>RAA
cUfvur

Ingediende bescheiden

-  Aanbiedingsbrief

-  Beleidsdocument borging kwaliteit Stadsherstel Historisch Rotterdam
- Overzicht monumenten in eigendom

- Overzicht staat monumenten

-__ Jaarverslagen 2012 t/m 2016

- Brief RCE inzake afwijzing

- Statuten

Aanvullend:

-  Bouwhistorische verkenning Karottenfabriekje Rotterdam, juli 2014

-  Bouwhistorische verkenning, Schiekade 77 Rotterdam, januari 2016
Rapport kleurhistorisch onderzoek exterieur, Schiekade 77 Rotterdam, 19
september 2017
Rapport kleurhistorisch onderzoek Hervormd burgerweeshuis Rotterdam, 31 juli
2016
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>RAA
cUfuur

3. Advies Stichting De Fryske Mole

Organisatie

Stichting De Fryske Mole (opgericht in 1970) heeft 42 molens, 1 molenstomp en 2
molenaarshuisjes in bezit. Alle molens zijn rijksmonument en 25 van de 42 molens
worden ingezet als hulpbemaling van het Wetterskip Fryslân.

Advies

Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Stichting De Fryske Mole aan te wijzen
als professionele organisatie voor monumentenbehoud. Zij heeft aangetoond dat zij
voldoet aan de vijf beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de
Subsidieregeling instandhouding monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

Stichting De Fryske Mole (hierna: De Fryske Mole) heeft sinds haar vorige aanvraag
een aantal verbeteringen doorgevoerd in haar organisatie en werkwijze. Daarnaast
heeft zij het toezicht op de organisatie en de instandhoudingskwaliteit geborgd. De
raad beoordeelt De Fryske Mole als een ontwikkelende organisatie die aantoont dat zij
in staat is professioneel te werken met vrijwilligers.

Hoofdactiviteit:

Het bezit van De Fryske Mole bestaat uitsluitend uit rijksmonumenten. Alle
activiteiten en financiële middelen van De Fryske Mole zijn erop gericht deze
monumenten in stand te houden. Instandhouding van monumenten is dan ook de
hoofdactiviteit van De Fryske Mole.

Beoordelingscriteria:
De Fryske Mole diende in 2014 een aanvraag in om aangewezen te worden als

professionele organisatie voor monumentenbehoud. Over deze aanvraag heeft de raad
negatief geadviseerd.

De raad heeft voorliggende aanvraag van De Fryske Mole getoetst aan de vijf
beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft daarbij gehandeld
in overeenstemming met de ‘Werkwijze Raad voor Cultuur inzake advisering POM’
van 25 augustus 2016.

1. De Fryske Mole heeft aangetoond dat zij een statutaire doelstelling tot
instandhouding van cultureel erfgoed heeft.

Volgens de vastgestelde statuten van 29 december 1997 luidt de doelstelling van
De Fryske Mole:
“De stichting heeft ten doel:
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>RAA

cUGUuuR

het bevorderen en verzekeren van de instandhouding van molens in de provincie
Friesland, het naar vermogen onderhouden en restaureren van de in eigen bezit
zijnde molens, en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings
verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin des
woords.”

2. De Fryske Mole heeft aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering van
werkzaamheden aan rijksmonumenten is geborgd.

Om de borging van kwaliteit te kunnen bepalen let de raad op de volgende
aspecten:

1.

De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Bij de vorige aanvraag van de Fryske Mole werd dit punt door de raad negatief
beoordeeld. Niet bleek hoe De Fryske Mole haar werkprocessen organiseerde,
hoe zij haar rol als opdrachtgever vervulde, hoe zij kwaliteit toetste, hoe zij
stuurde en hoe deze zaken in haar beleid waren geborgd.

Sinds 2014 heeft Fryske Mole verschillende wijzigingen doorgevoerd om de
kwaliteit en professionaliteit binnen de organisatie te verbeteren. Zo heeft zij
de werkprocessen en procedures vastgelegd, een externe toetsing ingevoerd en
de kwaliteit van de instandhouding geborgd. In aanvulling op het
visiedocument Molenbehoud uit 2014 is bij voorliggende aanvraag een
beleidsplan 2017 - 2024 en een activiteitenplan 2017 - 2020 ingediend.

Het bestuur en de molenaars van De Fryske Mole zijn vrijwilligers. In het
bestuur van Fryske Mole, opdrachtgever bij restauraties en onderhoud en
verantwoordelijk voor de instandhouding van haar monumenten, is kennis
over restauratie en molenonderhoud aanwezig. Het bestuur wordt
ondersteund door een juridisch en een molenbouwkundig adviseur. Voor de
beleidsvoorbereiding en de coördinatie en uitvoering van dagelijkse
werkzaamheden wordt een algemeen coördinator ingehuurd van de Stichting
Steunpunt Monumentenzorg Fryslân. Zijn werkzaamheden bij De Fryske Mole
zijn vastgelegd in een Overeenkomst Dienstverlening, die De Fryske Mole
sinds 7 maart 2012 met het steunpunt heeft. Verder worden boekhoudkundige
en secretariële ondersteuning ingehuurd bij de Monumentenwacht Fryslân.

De circa 60 molenaars zijn allen gediplomeerd. Met hen heeft Fryske Mole
molenaarscontracten waarin de onderlinge verhoudingen en verplichtingen
zijn vastgelegd in een door beide partijen ondertekende afsprakenlijst. Om te
kunnen voorzien in voldoende gediplomeerde molenaars wordt op 4 molens
een opleiding verzorgd door gediplomeerde leermeesters.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>RAA
cùffbur

4.

Met betrekking tot de restauratie- en onderhoudbegeleiding, alsook de
planvorming, werkt De Fryske Mole met Van Reeuwijk bouwmeester uit
Arum, een externe adviseur, gespecialiseerd in monumentale molens en
waterbouwkundige werken.

De raad waardeert het dat De Fryske Mole een auditcommissie heeft ingesteld
waarmee zij checks and balances heeft ingebouwd. De commissie bestaat uit 2
externe deskundigen en 2 bestuursleden en voert per jaar tenminste 2 audits
uit op de hoofdprocessen van De Fryske Mole. Audit en advisering zijn gericht
op het functioneren en borgen van de kwaliteit van de organisatie.

De raad constateert dat bij Fryske Mole de deskundigheid en de
professionaliteit van de instandhouding zowel in de organisatie als bij de
uitvoering van werkzaamheden is geborgd.

De toepassing van de in de beroepsgroep geldende normen voor
werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Alle molens van Fryske Mole worden op basis van de bepalingen in de
molenaarscontracten door gediplomeerde molenaars in bedrijf gehouden.
Voor grote onderhoudswerkzaamheden of restauraties werkt De Fryske Mole
met Van Reeuwijk bouwmeester. Van Reeuwijk is ERM-gecertificeerd en heeft
meerdere molendeskundigen in dienst, waardoor verwacht kan worden dat de
continuïteit is geborgd.

Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.

Onderhoud en restauratie worden uitbesteed aan vaste hierin gespecialiseerde
partijen. De Fryske Mole laat haar monumenten inspecteren door
Monumentenwacht Fryslân. Op basis van deze inspectierapporten worden
door Fryske Mole zelf periodieke instandhoudingsplannen gemaakt. Naast het
bestuurslid met technische kennis, die verantwoordelijk is voor de te
inspecteren molen, zijn bij de opname de coördinator, de bouwkundig
aannemer en zo mogelijk ook de gediplomeerde molenaar en Van Reeuwwijk
bouwmeester aanwezig.

Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratiewerkzaamheden.
De Fryske Mole heeft bij haar aanvraag een bouwhistorische verkenning van
de Bullemolen te Lekkum gevoegd. De Fryske Mole heeft de aanvraag op 6
oktober 2017 mondeling toegelicht. Naar aanleiding van de toelichting is ook
een bouwhistorische verkenning van molen De Phenix in Marrum bij de
aanvraag gevoegd.

De raad concludeert dat is aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering van
werkzaamheden bij de rijksmonumenten van De Fryske Mole is geborgd.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>RAA
cùffbur

3. De Fryske Mole heeft aangetoond dat de professionele omgang met
rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag een structureel en
consistent karakter heeft.

Om positief beoordeeld te worden op dit criterium dienen de vier aspecten onder
punt 2 structureel en consistent te zijn. De Fryske Mole kijkt met een
professionele blik naar vrijwilligers en werkt volgens een stelsel van opleiding,
diploma’s, molenaarscontracten en audit commissie. Hoewel het visiedocument
pas in 2014 is vastgelegd, toont Fryske Mole aan de hand van projecten aan deze
werkwijze al langer te volgen, mede onderbouwd door verklaringen van
onafhankelijke deskundigen. De raad constateert dat Fryske Mole voldoet aan dit
criterium.

4. De Fryske Mole heeft aangetoond dat zij financieel stabiel is.

Financieel beheer:
De Fryske Mole heeft jaarverslagen en jaarrekeningen over 2012 t/m 2016
ingediend, alle voorzien van goedkeurende accountantsverklaringen.

Financiële stabiliteit en continuïteit:

De Fryske Mole heeft een inzichtelijke financiële positie. Overheidssubsidies voor
onderhoud aan haar rijksmonumenten zijn voor De Fryske Mole de grootste
inkomstenbron. Het Rijk heeft hierin veruit het grootste aandeel. Daarnaast
ontvangt zij onderhoudsbijdragen van de gemeenten en de provincie Fryslân, een
vergoeding van het Wetterskip Fryslân en bijdragen van donateurs en
schenkingen. Het onderhoud van de molens is voor De Fryske Mole verreweg de
grootste kostenpost. De baten zijn met 2% afgenomen in de periode 2012-2016.
De lasten zijn in deze periode nog iets sterker gedaald, met 6%.

De raad constateert dat de liquiditeit van De Fryske Mole in 2016 gelijk was aan
1,7, de solvabiliteit 0,4 bedroeg en het weerstandsvermogen 0,5. Het aantal
vrijwilligers is door De Fryske Mole niet gekwantificeerd.

De Fryske Mole voert een prudent financieel beleid. Zolang de overheidssubsidies
op hetzelfde niveau blijven, is sprake van een stabiele financiële situatie. De
Fryske Mole toont zich in haar aanvraag bewust van deze afhankelijkheid. Naar
het oordeel van de raad toont De Fryske Mole voldoende aan dat sprake is van
financiële stabiliteit en continuïteit.

5. De Fryske Mole heeft aangetoond dat ten minste de helft van het aantal
rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is in goede staat is.

De Fryske Mole heeft een overzicht ingediend met daarop aangegeven de staat van
de rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is. Hieruit blijkt dat meer dan de helft
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>RAA
cfbur

van de monumenten zich in goede staat bevindt. De Fryske Mole laat haar
monumenten beoordelen door Monumentenwacht Fryslân.

Ingediende bescheiden

- - Aanbiedingsbrief
- - Voorblad
Indieningsbrief
- __ Leeswijzer
-  Statuten
-  Uittreksel Kamer van Koophandel
-  Visiedocument Molenbehoud
Beleidsplan 2017-2014
- - Activiteitenplan 2017-2020
- Administratieve organisatie
- Auditcommissie reglement en kwaliteitsborging
-  ev’s bestuur
-  evencertificering De Molenmakers
- evencertificering Jurriens Noord
- evencertificering Kolthof en Dijkstra
- evencertificering Van Reeuwijk en Monumentenwacht
- ev Steunpunt Monumentenzorg, coördinator overeenkomst en volmacht
-  Afsprakenlijst 1e en 2e molenaar
- - Ondersteuningsbrief De Hollandsche Molen
- Ondersteuningsbrief Provincie Fryslân
-  Jaarverslagen 2012 t/m 2016
-  Jaarrekeningen en accountantsrapporten 2012 t/m 2016
- Overzicht financiën instandhouding 2013-2016
-  Molens overzicht
-  Molens technische staat
-  Kadastrale gegevens ivm recht van opstal
Inspectierapport Heechhiem
-  Inspectierapport Beabuorster Mole
-  Beschikking provincie 2017-2020
- Beschikking Brim 2013-2018
-  Brimplannen RCE
-  Bouwhistorisch onderzoek Bullemole
- Bestek Bullemole Lekkum
- Rapport Bullemole
-  Toelichting Bullemole
- 3x tekening Bullemole Lekkum
-__ Overeenkomsten Wetterskip Fryslân
- Eigendomssituatie monumenten
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>RAA

cUGUtuR

Aanvullend:

Begeleidend schrijven aanvullende stukken
Bestek De Phenix Marrum

Bouwhistorische verkenning De Phenix
Omgevingsvergunning Molen De Phenix
Toelichting op restauratie De Phenix Marrum
Voortgang restauratie Molen De Phenix
Afrekening De Phenix

Financiéle verantwoording drie restauraties
Samenwerkingsovereenkomst Monumintehûs Fryslân
Toekenningen aanvragen Cultuurfonds
Ondersteuningsbrief E.J. Nusselder
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>RAA

cUÊDur

4. Advies Stichting De Utrechtse Molens

Organisatie
Stichting De Utrechtse Molens (opgericht in 1963) bezit 26 rijksmonumenten:
22 molens, een gemaal, een molenaarswoning en twee stukken stadsmuur.

Advies

De Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Stichting De Utrechtse Molens
niet aan te wijzen als professionele organisatie voor monumentenbehoud. Zij
voldoet niet aan beoordelingscriteria 2. en 3. als bedoeld in artikel 31, eerste lid
onder b. en c. van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

De aanvraag van Stichting De Utrechtse Molens (hierna: De Utrechtse Molens)
geeft de raad een te beperkt inzicht in de organisatie. Behalve voor de jaarstukken
en een meerjarenbeleidsplan, moest de raad voor informatie over De Utrechtse
Molens te rade gaan bij de documenten van Stichting Het Utrechts Landschap, die
dit jaar ook een aanvraag heeft ingediend en met wie De Utrechtse Molens de
directie, het bestuur en de werkorganisatie deelt. De Utrechtse Molens heeft als
zelfstandige monumentenorganisatie haar aanvraag niet voldoende onderbouwd.

Hoofdactiviteit:
Uit de omvang en de aard van het bezit en de jaarrekeningen is af te leiden dat
instandhouding van monumenten een hoofdactiviteit van De Utrechtse Molens is.

Beoordelingscriteria:
De raad heeft de aanvraag van De Utrechtse Molens getoetst aan de vijf

beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft getoetst volgens
de “Werkwijze Raad voor Cultuur inzake advisering POM’ van 25 augustus 2016.

1. De Utrechtse Molens heeft aangetoond dat zij een statutaire doelstelling tot
instandhouding van cultureel erfgoed heeft.

In de vastgestelde statuten van 4 augustus 2016 luidt de doelstelling van De
Utrechtse Molens:

“Het doel van de stichting is het in eigendom verwerven van en het bevorderen
en verzekeren van de instandhouding van in eigendom van de stichting zijnde
molens en aanverwante objecten zoals (molenaars-)huizen en gemalen,
alsmede het beschermen en verbeteren van de molenbiotoop.

De stichting tracht haar doel te bereiken door:

1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>RAA

cUÊDur

het in eigendom verwerven, beheren en exploiteren van voor het doel
geschikte onroerende zaken;

het verstrekken van voorlichting op het gebied van het natuur- en
landschapsschoon en cultuurhistorie, onder meer door middel van het
organiseren van excursies, rondleidingen en tentoonstellingen;

het bijeenbrengen van gelden, nodig ter bereiking van het doel;
bemoeiingen bij overheid, rechtspersonen en natuurlijke personen tot het
verwerven van steun voor haar streven;

alle andere wettige middelen, welke voor het doel van de stichting
bevorderlijk kunnen zijn.”

2. De Utrechtse Molens heeft niet aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering
van werkzaamheden rijksmonumenten is geborgd.

1.

De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van en de werkzaamheden aan rijksmonumenten.

De Utrechtse Molens heeft geen eigen personeel in dienst. Voor de
uitvoering van haar werkzaamheden maakt zij gebruik van de
werkorganisatie en de directie van Stichting het Utrechts Landschap
(hierna: Het Utrechts Landschap). Het Utrechts Landschap heeft een
werkorganisatie van circa 50 personen (40 fte), waaronder één erkend
molenaar, die het onderhoud en beheer van de molens van De Utrechtse
Molens coördineert. De deskundigheid is bij Het Utrechts Landschap
aanwezig, maar de raad vindt dat kwetsbaar, met één persoon. Daarnaast
toont De Utrechtse Molens in haar aanvraag niet aan dat deze
molendeskundigheid bij De Utrechtse Molens is geborgd.

Het bestuur van De Utrechtse Molens bestaat uit 8 leden en is belast met
alle bestuurstaken en heeft de eindverantwoordelijkheid voor de
(dagelijkse) leiding en de uitvoering van de programma’s en activiteiten.
Alle leden van het bestuur en de raad van toezicht hebben ook zitting in
respectievelijk bestuur en raad van toezicht van Het Utrechts Landschap en
Stichting Kasteel Loenersloot. De raad acht het bestuur van De Utrechtse
Molens deskundig op het gebied van monumenten maar mist de specifieke
molendeskundigheid.

De Utrechtse Molens heeft een meerjarenbeleidsplan ingediend, maar geen
visiedocument. De raad is te rade gegaan bij de aanvraag van Het Utrechts
Landschap. Het visiedocument van Het Utrechts Landschap bevat een
ondernemersvisie en een strategie en er worden speerpunten voor beleid
beschreven, maar is onvoldoende specifiek gemaakt voor De Utrechtse
Molens.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre>RAA
cUfuuR

De Utrechtse Molens werkt met gediplomeerde vrijwillige molenaars met
wie zij vrijwilligerscontracten heeft. Ook is er sprake van intervisie tussen
molenaars. De raad vindt het positief dat de contracten er zijn, maar vindt
daarin onvoldoende referentie aan ontwikkeltrajecten en niet vermeld
wordt hoe kennis actueel gehouden wordt.

Dagelijks onderhoud wordt uitgevoerd door de molenaars. De uitvoering
van het planmatig onderhoud wordt deels verricht door de medewerker
bouwzaken molens, die daarin ondersteund wordt door de timmerlieden
van Het Utrechts Landschap. Het grotere onderhoud wordt verricht door
externe specialisten.

Toezicht en monitoring op het beheer en onderhoud wordt gedaan door een
technische commissie van Het Utrechts Landschap, bestaande uit het hoofd
exploitatie, de medewerker bouwzaken molens en twee ervaren molenaars.
Deze commissie geeft gevraagd en ongevraagd advies over de staat van de
molens en de uitvoering van het onderhoud en de restauraties. De raad is
hierover positief.

De Utrechtse Molens heeft niet aangetoond dat haar werkprocessen zo zijn
geregeld dat de begeleiding van onderhoud en de restauratie van molens
daar duidelijk deel van uitmaken. De raad ziet graag dat de
uitvoeringskwaliteit van het werk en de manier waarop die kwaliteit wordt
bereikt persoonsonafhankelijk staat beschreven in de bijbehorende
processen.

De raad constateert dat bij De Utrechtse Molens de deskundigheid en de
professionaliteit van de instandhouding, zowel in de organisatie als bij de
uitvoering van werkzaamheden, onvoldoende is geborgd.

2. De toepassing van de in de beroepsgroep geldende normen voor
werkzaamheden aan rijksmonumenten.
Voor de uitvoering van onderhoud en restauraties werkt De Utrechtse
Molens met bedrijven die werken volgens de uitvoeringsrichtlijnen van
ERM. De Utrechtse Molens geeft aan dat bijna alle samenwerkingspartners
gecertificeerd zijn.

3. Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.
In 2005 heeft Het Utrechts Landschap op verzoek van de Provincie Utrecht
het beheer van de molens van De Utrechtse Molens overgenomen. In de
periode 2005-2012 zijn alle molens gerestaureerd of heeft groot onderhoud

</pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 23 ======================================================================

<pre>RAA
cÙTUur

plaatsgevonden. Uitgangspunt is dat de molens sober en doelmatig worden
onderhouden.

Alle rijksmonumenten van De Utrechtse Molens worden periodiek
geïnspecteerd door de interne technische commissie van Het Utrechts
Landschap. Voor de molens worden onderhoudsplannen gemaakt door de
medewerker bouwzaken molens.

4. Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratie werkzaamheden.
Het Utrechts Landschap geeft aan dat er voorafgaand aan een
restauratieplan bouwhistorisch onderzoek plaatsvindt. Op 10 oktober 2017
heeft De Utrechtse Molens de aanvraag mondeling toegelicht. Naar
aanleiding daarvan is als voorbeeld de rapportage bouwhistorisch
onderzoek van de Molen van de Polder Buitenweg te Oud-Zuilen ingediend.

De raad concludeert dat onvoldoende is aangetoond dat de kwaliteit van de
uitvoering van werkzaamheden bij de rijksmonumenten van De Utrechtse
Molens is geborgd.

3. De Utrechtse Molens heeft niet aangetoond dat de professionele omgang met
rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag een structureel
en consistent karakter heeft.

Om positief beoordeeld te worden op dit criterium dient het totaalbeeld onder
punt 2 positief te zijn, en de vier aspecten structureel en consistent. De raad
constateert dat De Utrechtse Molens niet voldoet aan dit criterium.

4. De Utrechtse Molens heeft aangetoond dat zij financieel stabiel is.

Financieel beheer:
De Utrechtse Molens heeft jaarverslagen en jaarrekeningen van 2012 t/m 2016
ingediend, alle voorzien van goedkeurende accountantsverklaringen.

Financiële stabiliteit en continuïteit:

De Utrechtse Molens heeft een inzichtelijke financiële positie met een
instandhoudingsfonds. Overheidssubsidies zijn voor De Utrechtse Molens de
grootste inkomstenbron. Daarnaast ontvangt zij baten uit eigen
fondsenwerving, overige baten en baten uit beleggingen. De Utrechtse Molens
geeft aan ernaar te streven om financieel meer op eigen benen te staan. Als
gevolg daarvan is de afhankelijkheid van de overheidssubsidies sinds 2012
afgenomen. De inkomsten uit eigen fondsenwerving en overige baten zijn in
deze periode gestegen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 23 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 24 ======================================================================

<pre>RAA
cUGUUR

De instandhouding van de molens is voor De Utrechtse Molens verreweg de
grootste kostenpost. Vanaf 2013 had De Utrechtse Molens een positief
exploitatieresultaat.

De raad constateert dat de liquiditeit van De Utrechtse Molens in 2016 gelijk
was aan 11,8, de solvabiliteit gelijk was aan 0,9 en het weerstandsvermogen 2,6
bedroeg. Het aantal vrijwilligers is door De Utrechtse Molens niet
gekwantificeerd.

Naar het oordeel van de raad toont De Utrechtse Molens voldoende aan dat
sprake is van financiéle stabiliteit en continuiteit.

5. De Utrechtse Molens heeft aangetoond dat ten minste de helft van het aantal
rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is in goede staat is.

De Utrechtse Molens heeft een overzicht ingediend met daarop aangegeven de
staat van de rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is. Hieruit blijkt dat meer
dan de helft van de monumenten zich in goede staat bevindt. De Utrechtse
Molens laat haar monumenten beoordelen door de technische commissie van
Het Utrechts Landschap.

Ingediende bescheiden

-__ Aanbiedingsbrief

- Jaarverslagen 2012 t/m 2016

-  Jaarrekeningen 2012 t/m 2016

- __ Meerjarenbeleidsplan 2016-2019
-  Statuten

Aanvullend:

- Brief

- Molenaarscontract

- Restauratie Molen Buitenweg
</pre>

====================================================================== Einde pagina 24 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 25 ======================================================================

<pre>RAA
cUfuUR

5. Advies Stichting Het Utrechts Landschap

Organisatie

Stichting Het Utrechts Landschap (opgericht in 1927) bezit 81 rijksmonumenten,
waaronder buitenplaatsen, woonhuizen, bruggen, kazematten, koetshuizen,
tuinmuren en tuinvazen.' Twintig rijksmonumenten heeft zij in erfpacht.

Advies

De Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Stichting Het Utrechts
Landschap niet aan te wijzen als professionele organisatie voor
monumentenbehoud. Zij voldoet niet aan beoordelingscriterium 3. als bedoeld in
artikel 31, eerste lid onder c. van de Subsidieregeling instandhouding
monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

Stichting Het Utrechts Landschap (hierna: Utrechts Landschap) beschikt over
voldoende deskundigheid en heeft in 2017 twee notities opgesteld die goed inzicht
in de organisatie geven. Echter, deze documenten zijn van zeer recente datum en
nog niet aantoonbaar vertaald in concrete projecten. Daarnaast toont Utrechts
Landschap niet aan dat de professionele omgang met rijksmonumenten in de vijf
jaar voorafgaand aan de aanvraag al de nu beschreven praktijk was. De raad heeft
vertrouwen in Het Utrechts Landschap, maar kan de aanvraag nu nog niet
positief beoordelen.

Hoofdactiviteit:

Utrechts Landschap toont in haar aanvraag niet aan dat zij in de vijf jaar
voorafgaand aan de aanvraag gemiddeld tenminste 40% van de feitelijke
werkzaamheden of financiën heeft besteed aan de instandhouding van
monumenten. Ook uit het bezit en de jaarrekeningen van Utrechts Landschap is
de raad niet gebleken dat de instandhouding van monumenten een
hoofdactiviteit is.

Beoordelingscriteria:
De raad heeft de aanvraag van Utrechts Landschap getoetst aan de vijf

1 Utrechts Landschap schrijft in haar aanvraag archeologische monumenten in bezit
te hebben, zoals grafheuvels en een ringwalburg. De archeologische monumenten
staan niet op het overzicht vermeld.

1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 25 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 26 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄDur

beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft getoetst
volgens de “Werkwijze Raad voor Cultuur inzake advisering POM’ van 25
augustus 2016.

1.

Utrechts Landschap heeft aangetoond dat zij een statutaire doelstelling tot
instandhouding van cultureel erfgoed heeft.

In de vastgestelde statuten van 4 augustus 2016 luidt de doelstelling van

Utrechts Landschap:

“Het doel van de stichting is het bevorderen van het behoud van het natuur-

en landschapsschoon en cultuurhistorie in de provincie Utrecht, waaronder

de instandhouding en het beheer van rijksmonumenten in eigendom. Onder
natuur- en landschapsschoon en cultuurhistorie wordt verstaan al datgene
wat tot de aantrekkelijkheid van het landschapsbeeld bijdraagt, waartoe mede
kunnen worden gerekend de merkwaardigheden op het gebied der
natuurhistorie en de voortbrengselen van menselijke werkzaamheid, welke
door hun vorm, ligging of ouderdom de waarde van het landschapsbeeld
verhogen.

De stichting tracht haar doel te bereiken door:

a. het in eigendom verwerven, beheren en exploiteren van voor het doel
geschikte onroerende zaken;

b. het verstrekken van voorlichting op het gebied van het natuur- en
landschapsschoon en cultuurhistorie, onder meer door middel van het
organiseren van excursies, rondleidingen en tentoonstellingen;

c. het bijeenbrengen van gelden, nodig ter bereiking van het doel;

d. bemoeiingen bij overheid, rechtspersonen en natuurlijke personen tot het
verwerven van steun voor haar streven;

e. alle andere wettige middelen, welke voor het doel van de stichting
bevorderlijk kunnen zijn.”

Utrechts Landschap heeft aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering van
werkzaamheden aan rijksmonumenten is geborgd.

Om de borging van kwaliteit te kunnen bepalen let de raad op de volgende
aspecten:

1. De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van en de werkzaamheden aan rijksmonumenten:

De werkorganisatie van Utrechts Landschap bestaat uit circa vijftig
personen. Een deel van het onderhoud aan de monumenten wordt intern
door specialisten uitgevoerd. Utrechts Landschap heeft drie
timmermannen in dienst. Bij het opstellen van restauratieplannen

2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 26 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 27 ======================================================================

<pre>RAA

cUÊDur

schakelt Utrechts Landschap externe adviseurs en ERM-erkende partijen
in waarbij zij de externe partijen aanstuurt vanuit eigen expertise. De
benodigde kennis en kunde is vastgelegd in functiebeschrijvingen en
daarmee persoonsonafhankelijk. De raad is hierover positief, evenals over
de monumentspecifieke deskundigheid in zowel de werkorganisatie als
het bestuur van Utrechts Landschap.

Utrechts Landschap richt zich op groen, rood en blauw erfgoed. In de
Beheersvisie 2012-2020 schetst Utrechts Landschap een duidelijke visie
op groen en blauw erfgoed. Concretisering van deze visie vindt plaats in
het voorbeeld van het beheerplan van de landgoederen Oostbroek en
Niënhof.

Op 10 oktober 2017 heeft Utrechts Landschap de aanvraag mondeling
toegelicht. Naar aanleiding daarvan heeft Utrechts Landschap de ‘Notitie
duurzame instandhouding monumenten, 2017’ ingediend. De raad vindt
dat Utrechts Landschap daarin duidelijk maakt hoe haar visie in praktijk
wordt gebracht. Bovendien zijn hierin de werkprocessen en de borging
van deskundigheid meer inzichtelijk gemaakt. De checks and balances
zouden volgens de raad echter explicieter kunnen worden benoemd.

2. De toepassing van de in de beroepsgroep geldende normen voor
werkzaamheden aan rijksmonumenten.
Utrechts Landschap geeft in haar aanvraag aan dat zij in de uitvoering bij

voorkeur met ERM-gecertificeerde bedrijven werkt. Zij maakt daarbij de
kanttekening dat dit niet altijd mogelijk is omdat er onvoldoende
bedrijven in het werkgebied bij ERM zijn aangesloten. In die gevallen
selecteert Utrechts Landschap op bedrijven die werken volgens de
geldende normen en uitvoeringsrichtlijnen in de sector.

3. Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.
Alle rijksmonumenten van Utrechts Landschap worden periodiek

geïnspecteerd door eigen medewerkers. Aan de hand van de resultaten
wordt een meerjarig (10 jaar) onderhoudsplan opgesteld voor de gehele
portefeuille. Deze wordt vertaald naar een jaarlijks onderhoudsplan.

4. Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratie
werkzaamheden.
Utrechts Landschap laat periodiek cultuur en bouwhistorisch onderzoek
doen voorafgaand aan restauratieprojecten.

</pre>

====================================================================== Einde pagina 27 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 28 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄDur

De raad concludeert dat Utrechts Landschap voldoende heeft aangetoond dat
de kwaliteit van de uitvoering van werkzaamheden bij haar rijksmonumenten
is geborgd.

3. Utrechts Landschap heeft niet aangetoond dat de professionele omgang met
rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag een structureel
en consistent karakter heeft.

Om positief beoordeeld te worden op dit criterium dienen de vier aspecten
onder punt 2 structureel en consistent te zijn. Met de vaststelling van het
document ‘Erfgoed voor de Eeuwigheid. Visie op erfgoed’ in 2017 is een
positieve ontwikkeling ingezet en in de ‘Notitie duurzame instandhouding
monumenten, 2017’ heeft Utrechts Landschap de werkprocessen en
kwaliteitsborging voor de raad inzichtelijk gemaakt. Echter, deze documenten
zijn van zeer recente datum. Oudere documenten tonen niet aan dat de
professionele omgang met rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan
de aanvraag al de nu beschreven praktijk was. De raad twijfelt niet aan een
deskundige omgang met monumenten, maar de recente
beleidsontwikkelingen hebben zich nog niet aantoonbaar bewezen in concrete
projecten.

De raad constateert dat Utrechts Landschap niet voldoet aan dit criterium.
4. Utrechts Landschap heeft aangetoond dat zij financieel stabiel is.

Financieel beheer:

Utrechts Landschap heeft jaarverslagen en jaarrekeningen van 2012 t/m 2016
ingediend, alle gecontroleerd en voorzien van een goedkeurende
accountantsverklaring.

Financiële stabiliteit en continuïteit:

Utrechts Landschap heeft een bestemmingsfonds en laat een brede
financieringsmix zien. De overige baten vormen voor Utrechts Landschap de
grootste inkomstenbron, gevolgd door subsidies van overheden en baten uit
eigen fondsenwerving. De inkomsten bestaan ruwweg voor één derde uit
financiële bijdragen van particulieren of bedrijven, uit één derde uit subsidies
en één derde uit eigen exploitatie. Het beheer en de openstelling van
natuurgebieden is de grootste lastenpost, gevolgd door de instandhouding van
opstallen en de kosten voor draagvlak en openstelling. Het
exploitatieresultaat van Utrechts Landschap was in alle jaren ruimschoots
positief,
</pre>

====================================================================== Einde pagina 28 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 29 ======================================================================

<pre>RAA
cüftuur

De raad constateert dat de liguiditeit van Utrechts Landschap in 2016 gelijk
was aan 3,0, de solvabiliteit gelijk aan 0,6 en het weerstandsvermogen 2,2.

Utrechts Landschap werkt met een staf van 40 fte. Het aantal vrijwilligers is
tussen 2012 en 2016 gestegen van 450 naar 630.

De raad is gebleken van een financieel bestendige bedrijfsvoering. Naar het
oordeel van de raad toont Utrechts Landschap aan dat er sprake is van
financiële stabiliteit en continuïteit.

5. Utrechts Landschap heeft aangetoond dat ten minste de helft van het aantal
rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is in goede staat is.

Utrechts Landschap toont in een eigen overzicht aan dat meer dan de helft
van het aantal rijksmonumenten in goede staat is. Utrechts Landschap
inspecteert haar monumenten zelf. Omdat Utrechts Landschap heeft
aangetoond over eigen, monumentspecifieke deskundigheid te beschikken
vindt de raad de eigen opnamekwaliteit voldoende en voldoet Utrechts
Landschap aan dit criterium.

Ingediende bescheiden

Aanbiedingsbrief
-  Aanvraag
-__ Beheerplan Oostbroek en Niënhof
-  ev’s medewerkers
-  Erfgoed voor de eeuwigheid, 2017
-  Meerjarenbeleidsplan 2013-2017
- Meerjarenonderhoudsplanning
- Overzicht monumenten in eigendom
- Organogram, juli 2017
- Overzicht staat monumenten
- Overzicht rijks- en gemeentelijke monumenten
- Overzicht rijksbeschermde buitenplaatsen
Processchema PO en NPO, juli 2017
SNL certificaat, juli 2017
Statuten
Beheervisie 2012-2020
Jaarrekeningen 2012 t/m 2016
Jaarverslagen 2012 t/m 2016
</pre>

====================================================================== Einde pagina 29 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 30 ======================================================================

<pre>RAA

cUG UR

Aanvullend:

- Brief

- | Documenten restauratie Kasteel Loenersloot

- | Documenten restauratie Bosscherwaarden

- Documenten restauratie brug Kasteel Loenersloot
- Documenten restauratie Molen Buitenweg

- - X MJOPLandhuis Oostbroek

- - Voorbeeld opdracht schilderwerk

- Directiereglement 2012

-  Functieprofielen medewerkers

- Checklist projectmatig werken

- Erfgoedstrategie, 2009

- Notitie duurzame instandhouding monumenten, 2017
</pre>

====================================================================== Einde pagina 30 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 31 ======================================================================

<pre>RAA
cf bur

6. Advies Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel N.V.

Organisatie

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel N.V. (opgericht in 1985) bezit 34
rijksmonumenten. Hieronder bevinden zich een voormalige boerderij, een voormalige
brandweerkazerne, een voormalig klooster, een hofje, Molenerf De Ster, woningen en
de poortwoning en dienstwoning van Paushuize.

Advies

De Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Utrechtse Maatschappij tot
Stadsherstel N.V. niet aan te wijzen als professionele organisatie voor
monumentenbehoud. Zij voldoet niet aan beoordelingscriteria 2. en 3. als bedoeld in

artikel 31, eerste lid onder b. en c. van de Subsidieregeling instandhouding
monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel N.V. (hierna: Utrechtse Maatschappij tot
Stadsherstel) heeft sinds de vorige aanvraag een aantal grote restauratieprojecten
uitgevoerd, maar heeft organisatorisch geen veranderingen ondergaan. De raad
beoordeelt Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel als een organisatie met
deskundigheid op het gebied van instandhouding van monumenten, maar mist nog
slag in het vastleggen van procedures en het inbouwen van checks and balances
binnen de governance structuur van de organisatie. De raad meent dat het voor een
professionele organisatie cruciaal is beleid en processen inzichtelijk vast te leggen, om
de continuïteit en doorontwikkeling van kwaliteit te kunnen verzekeren in de
toekomst.

Hoofdactiviteit:

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft ook in 2013 en 2014 een aanvraag
ingediend om te worden aangewezen als professionele organisatie voor
monumentenbehoud. Over deze aanvragen heeft de toenmalige
beoordelingscommissie in 2013 en de raad in 2014, negatief geadviseerd.

Uit het bezit van Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel en haar jaarverslagen kon
worden afgeleid dat instandhouding van monumenten een hoofdactiviteit is. De raad
heeft geen aanleiding gezien af te wijken van zijn eerdere bevinding op dit punt.

Beoordelingscriteria:

De raad heeft de voorliggende aanvraag van Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel
getoetst aan de vijf beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft
daarbij gehandeld in overeenstemming met de “Werkwijze Raad voor Cultuur inzake
advisering POM’ van 25 augustus 2016.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 31 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 32 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄOur

1.

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft aangetoond dat zij een statutaire
doelstelling tot instandhouding van cultureel erfgoed heeft.

In de vastgestelde statuten van 25 september 2001 luidt de doelstelling van de
Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel:

“De vennootschap heeft uitsluitend of nagenoeg uitsluitend ten doel in het belang
van de volkshuisvesting te restaureren en in stand te houden al dan niet door
aankoop verkregen registergoederen gelegen in de provincie Utrecht,
hoofdzakelijk monumenten in de zin van de Monumentenwet negentienhonderd
achtentachtig, in het bijzonder gebouwen die verloren dreigen te gaan, welke voor
het stads- en of dorpsbeeld karakteristiek zijn, zo mede al hetgeen met het
vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn.”

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft niet aangetoond dat de kwaliteit van
de uitvoering van werkzaamheden aan rijksmonumenten is geborgd.

Om de borging van kwaliteit te kunnen bepalen let de raad op de volgende
aspecten:

1. De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van en de werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Bij de aanvraag van 2014 heeft Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel een
beleidsdocument ingediend. De raad miste hierin de visie van Utrechtse
Maatschappij tot Stadsherstel op instandhouding, restauratie en organisatie
en hoe zij dit in haar beleid had verankerd. Ook was de raad niet gebleken hoe
Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel de restauratiespecifieke kennis in de
eigen organisatie had geborgd en hoe zij haar rol als opdrachtgever vervulde
om de kwaliteit van de uitgevoerde restauratiewerkzaamheden te kunnen
toetsen.

Voorliggende aanvraag bevat een nieuw visiedocument, Visie en werkgebied’.
In dit document gaat Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel in op haar
positie als stadsherstelorganisatie. Ook de werkwijze ten aanzien van
restauratieprojecten staat beschreven.

De raad beoordeelt de kwalificaties en deskundigheid van de medewerkers als
goed. Ook de ingehuurde adviseurs en de voorbeelden van
restauratieprojecten van Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel maken een
goede indruk. Het blijft voor de raad echter de vraag hoe deze deskundigheid
wordt ingezet. De concretisering van het restauratiebeleid van Utrechtse
Maatschappij tot Stadsherstel in processen, waarmee duidelijk wordt hoe deze
goede projecten tot stand komen, wordt in de aanvraag niet aangetoond.
Daarnaast is een persoonsonafhankelijke borging van de deskundigheid en de
evaluatie van projecten niet beschreven of goed uitgewerkt en mist de raad de
</pre>

====================================================================== Einde pagina 32 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 33 ======================================================================

<pre>RAA

cUÊOur

beschrijving van de checks and balances binnen de governance structuur van
de organisatie. Op 10 oktober 2017 heeft Utrechtse Maatschappij tot
Stadsherstel de aanvraag mondeling toegelicht. Bovenstaande werd ook toen
voor de raad niet verduidelijkt.

Als professionele organisatie is het cruciaal beleid en processen inzichtelijk
vast te leggen, inclusief controlemomenten. Dit is van belang voor goed
opdrachtgeverschap, professionele planvorming en voor de uitvoering, maar
vooral om de continuïteit en doorontwikkeling van kwaliteit te kunnen
verzekeren in de toekomst.

2. De toepassing van de in de beroepsgroep geldende normen voor
werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel besteedt instandhoudingswerk aan bij
erkende en gecertificeerde bedrijven en laat werkzaamheden zoveel mogelijk
in overeenstemming met ERM-kwaliteitsnormen uitvoeren. De raad
beoordeelt dit positief, maar mist hoe de toepassing van en toetsing op de
kwaliteitsnormen van de relevante expertisevelden in de monumenten-
instandhouding opgenomen zijn in het beleid en de praktijk van de
organisatie.

3. Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.
Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel hanteert een meerjaren

onderhoudsplanning en controleert aan de hand van eigen inspecties en die
van de Monumentenwacht of in de feitelijke uitvoering aanpassingen nodig
zijn van de werkzaamheden die vermeld zijn in de prognose. Het detailniveau
van het meerjarenonderhoudsplan - inclusief de financiële doorrekening - valt
de raad in positieve zin op.

4. Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratie werkzaamheden.
Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel geeft in haar aanvraag aan dat zij na
aankoop van een pand (aanvullend) cultuurhistorisch onderzoek uitvoert in
overleg met de afdeling Erfgoed van de gemeente Utrecht en de Rijksdienst
voor het Cultureel Erfgoed. De Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft
ter onderbouwing documentatie van een uitgevoerd cultuurhistorisch
onderzoek bij de aanvraag gevoegd over het poortgebouw en het dienstgebouw
van Paushuize.

De raad concludeert dat Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel niet voldoende
heeft aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering van werkzaamheden bij
rijksmonumenten is geborgd.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 33 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 34 ======================================================================

<pre>RAA
cfuur

3. Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft niet aangetoond dat de
professionele omgang met rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de
aanvraag een structureel en consistent karakter heeft.

Om positief beoordeeld te worden op dit criterium dient het totaalbeeld onder
punt 2 positief te zijn en de vier aspecten structureel en consistent. Met het
document ‘Visie en werkgebied’ dat zomer 2017 is opgesteld, is een positieve
ontwikkeling ingezet. De raad stelt daarnaast vast dat Utrechtse Maatschappij tot
Stadsherstel de afgelopen jaren eerste stappen heeft gezet om de werkprocessen te
professionaliseren.

De raad constateert dat Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel nog niet voldoet
aan dit criterium.

4. Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft aangetoond dat zij financieel stabiel
is.

Financieel beheer:
De jaarverslagen met jaarrekeningen van 2012 t/m 2016 zijn alle gecontroleerd en
voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring.

Financiële stabiliteit en continuïteit:

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft een stabiele vermogenspositie. De
batenpost bestaat bijna volledig uit huuropbrengsten. De grootste lastenpost
bestaat uit de overige bedrijfskosten, gevolgd door de personeelslasten. Er is
vrijwel geen leegstand en het exploitatieresultaat is in alle jaren positief. De
organisatie heeft 4,4 fte personeel in dienst.

De raad constateert dat de liquiditeit van de Utrechtse Maatschappij tot
Stadsherstel in 2016 gelijk aan 1.9 was, de solvabiliteit gelijk aan 0,6 en het
weerstandsvermogen 5.

Naar het oordeel van de raad wordt aangetoond dat bij de Utrechtse
Maatschappij tot Stadsherstel sprake is van financiële stabiliteit en continuïteit.

5. Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft aangetoond dat ten minste de helft
van het aantal rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is in goede staat is.

Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel heeft een overzicht ingediend met daarop
aangegeven de staat van de rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is. Hieruit
blijkt dat meer dan de helft van de monumenten zich in goede staat bevindt.
Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel laat haar monumenten inspecteren door
de Monumentenwacht.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 34 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 35 ======================================================================

<pre>RAAB

cUGuuR

Ingediende bescheiden

Aanbiedingsbrief
- Jaarverslagen 2012 t/m 2016
- Overzicht monumenten in eigendom
-  Statuten
Visiedocument ‘Visie en werkgebied’, zomer 2017
Historische onderzoeken bij Boerderij de Balije
- Bouwkundig bouwtechnisch expertiserapport 2010
- Rapport Hylkema bouwhistorische actualisatie
- - Archeologisch onderzoek De Balije te De Meern
- - Monumentenwachtinspectierapporten
- Overzicht inspecties en onderhoudsstaat
- Rapportages van 28 rijksmonumenten
-__ Rapportages van 21 gemeentelijke monumenten
- Rapportages van 10 monumenten in beheer voor derden
Samenvatting Meerjarenonderhoudsplanningen 2013-2022
- Samenvatting Meerjarenonderhoudsplanningen 2018-2027
22 Rapportages gedetailleerde Meerjarenonderhoudsplanningen 2018-2027
Voorwaarden onderhoud schilderwerk
-  Financieel overzicht onderhoud 2007-2012

Aanvullend:
- Brief toelichting
-  Projectboek Poortwoning en dienstwoning Paushuize 2017
</pre>

====================================================================== Einde pagina 35 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 36 ======================================================================

<pre>RAAB

cUGUuUR

7. Advies Woningstichting Van Alckmaer voor Wonen

Organisatie

Woningstichting Van Alckmaer voor Wonen (opgericht in 1907) is een
woningcorporatie met een bezit van ruim 2500 woningen. De stichting heeft 24
rijksmonumenten in eigendom, waaronder woningen (onder andere 4 hofjes) en
bedrijfs- en winkelruimten.

Advies

De Raad voor Cultuur (hierna: de raad) adviseert Woningstichting Van Alckmaer voor
Wonen niet aan te wijzen als professionele organisatie voor monumentenbehoud. Zij
voldoet niet aan beoordelingscriteria 2., 3. en 5. als bedoeld in artikel 31, eerste lid
onder b., c. en e. van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (hierna: Sim).

Beoordeling

Samenvatting bevindingen:

Rijksmonumenten maken 1% van het totale bezit van Woningstichting Van Alckmaer
voor Wonen (hierna: Van Alckmaer) uit, instandhouding van monumenten is dan ook
geen hoofdactiviteit van Van Alckmaer. Van Alckmaer profileert zich met
monumenten in relatie tot de kwaliteit van de leefomgeving en heeft voor de aanvraag
een visie over monumentenbehoud en een concept beleidsplan opgesteld. De raad
vindt dat goede stappen zijn gezet, maar dat het beleid ten aanzien van de
instandhouding van monumenten nog onvoldoende aantoonbaar is onderbouwd.
Daarnaast is de structureel benodigde deskundigheid onvoldoende geborgd in de
organisatie en werkprocessen.

Hoofdactiviteit:

Van Alckmaer toont in haar aanvraag niet aan dat zij in de vijf jaar voorafgaand aan
de aanvraag gemiddeld tenminste 40% van de feitelijke werkzaamheden of financiën
heeft besteed aan de instandhouding van monumenten. Ook uit het bezit en de
jaarrekeningen van Van Alckmaer is de raad niet gebleken dat de instandhouding van
monumenten een hoofdactiviteit is.

Beoordelingscriteria:
De raad heeft de voorliggende aanvraag van Van Alckmaer getoetst aan de vijf

beoordelingscriteria als bedoeld in artikel 31 van de Sim. Hij heeft daarbij gehandeld
in overeenstemming met de “Werkwijze Raad voor Cultuur inzake advisering POM’
van 25 augustus 2016.

1. Van Alckmaer heeft aangetoond dat zij een statutaire doelstelling tot
instandhouding van cultureel erfgoed heeft.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 36 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 37 ======================================================================

<pre>RAA
cURUUR

In de vastgestelde statuten van 9 januari 2017 luidt de doelstelling van Van
Alckmaer:

“De stichting is een Toegelaten Instelling. De stichting heeft als doel uitsluitend
werkzaam te zijn op het gebied van de volkshuisvesting zoals omschreven in
artikel 45 van de Woningwet, daaronder mede begrepen de instandhouding en
het beheer van beschermde monumenten in eigendom en het leveren van een
actieve bijdrage aan de verwerving en de instandhouding van gebouwen met een
historische, kunsthistorische en/of stedelijke waarde, in de meest ruime zin des
woords, waarbij de continuiteit van de corporatiebelangen gewaarborgd dient te
worden.”

2. Van Alckmaer heeft niet aangetoond dat de kwaliteit van de uitvoering van

werkzaamheden aan rijksmonumenten is geborgd.

Om de borging van kwaliteit te kunnen bepalen let de raad op de volgende
aspecten:

1. De beschikking over en organisatie van structurele deskundigheid bij de
uitvoering van en de werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Van Alckmaer heeft bij voorliggende aanvraag een concept beleidsplan
‘Monumenten. Van Alckmaer vanuit de historie toekomstbestendig?” en het
document ‘Visie op het beheer van monumenten door een woningcorporatie’
ingediend. Beide zijn in de zomer van 2017 opgesteld. Van Alckmaer brengt
monumenten in verband met de kwaliteit van de leefomgeving en houdt zich
actief bezig met het verhogen van deze kwaliteit.

Slechts 1% van het bezit van Van Alckmaer is rijksmonument. Omdat Van
Alckmaer ook nog 1 provinciaal monument en 67 gemeentelijke monumenten

in bezit heeft, maken alle monumenten samen 6% uit van het totale bezit van
Van Alckmaer.

Van Alckmaer heeft 22 medewerkers, waarvan 2 personen zich bezighouden
met het beheer van het monumentenbezit. Van Alckmaer onderkent de
afhankelijkheid van de kennis en kunde van deze 2 medewerkers. De raad
twijfelt niet aan de monumentspecifieke deskundigheid van deze
medewerkers, maar vindt de sterke persoonsafhankelijkheid kwetsbaar. Dit in
combinatie met het lage percentage rijksmonumenten in bezit, maakt dat hij
er niet van overtuigd is dat Van Alckmaer over voldoende deskundigheid en
menskracht beschikt die benodigd is voor het specifieke monumentenbehoud.

De raad is positief over het recent verschijnen van het concept beleidsplan,
waarin 7 speerpunten zijn opgenomen die richtinggevend zijn voor het
monumentenbeleid van Van Alckmaer. De concrete vervolgstappen op de
speerpunten ontbreken nog en ook andere onderwerpen in het beleidsplan zijn
</pre>

====================================================================== Einde pagina 37 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 38 ======================================================================

<pre>RAA
cüftuur

nog niet onderbouwd. Het beleid wordt niet geconcretiseerd in werkprocessen
en is op het gebied van de borging van deskundigheid niet voldoende met
praktijkvoorbeelden onderbouwd. De raad mist daarnaast de checks and
balances, zoals die in een professionele organisatie worden verwacht.

Van Alckmaer werkt voor restauraties van haar monumenten samen met
architectenbureaus met bewezen ervaring in restauraties, zoals Klous en
Brandjes te Haarlem en Hooyschuur architecten te Wormerveer. Uit de
aanvraag maakt de raad op dat de restauraties kwalitatief goed worden
uitgevoerd. Het voorbeeld van het pand aan de Oude Gracht laat dit goed zien.

Naar de mening van de raad toont Van Alckmaer niet aan dat de professionele
instandhouding van rijksmonumenten binnen de organisatie voldoende is
geborgd.

2. Detoepassing van dein de beroepsgroep geldende normen voor
werkzaamheden aan rijksmonumenten.

Van Alckmaer geeft in haar aanvraag aan dat voor het opstellen van
restauratieplannen plaatselijke of regionale bureaus worden ingehuurd,
waarbij erkenning minder belangrijk is dan het werken conform de
uitvoeringsrichtlijnen voor bouwtechnisch advies. Ook wordt het model-
restauratiebestek van de stichting ERM voorgeschreven.

Voor de uitvoering van restauratiewerkzaamheden worden bouwteams
geformeerd met een architectenbureau en aannemers, die aantoonbaar
deskundig zijn op het gebied van monumenten. Van Alckmaer geeft daarbij
aan dat certificering door de Stichting ERM een pré is, maar geen must. De
uitvoeringsrichtlijnen van de Stichting ERM worden hierbij wel gehanteerd.
De raad is hierover positief, maar mist informatie die het bovenstaande
onderbouwt, hoe dit in het beleid verankerd is en hoe Van Alckmaer toetst op
de uitgevoerde werkzaamheden.

3. Planmatig onderhoud aan rijksmonumenten.
Van Alckmaer maakt een meerjarenonderhoudsplan zodra een monument is

gerestaureerd. Voor alle rijksmonumenten is een zesjarig onderhoudsplan
opgesteld. De onderhoudsplannen worden in overleg met de
monumentenmedewerkers van de gemeente Alkmaar uitgevoerd.

4. Verrichten van cultuurhistorisch onderzoek bij restauratie werkzaamheden.
Van Alckmaer heeft de aanvraag op 6 oktober 2017 mondeling toegelicht. Naar
aanleiding van de toelichting is een uitgebreid dossier van Oudegracht 180-
182 te Alkmaar bij de aanvraag gevoegd dat diverse onderzoeken met
betrekking tot kleuronderzoek en bouwhistorie bevat.

</pre>

====================================================================== Einde pagina 38 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 39 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄDur

De raad concludeert dat Van Alckmaer niet voldoende heeft aangetoond dat de
kwaliteit van de uitvoering van werkzaamheden bij rijksmonumenten is geborgd.

3. Van Alckmaer heeft niet aangetoond dat de professionele omgang met
rijksmonumenten in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag een structureel en
consistent karakter heeft.

Om positief beoordeeld te worden op dit criterium dient het totaalbeeld onder
punt 2 positief te zijn, en de vier aspecten structureel en consistent. Van Alckmaer
heeft zowel haar concept beleidsdocument als haar visie ten aanzien van
monumenten zeer recent opgesteld. De raad is hierover positief, maar de
beschreven intenties kunnen nog niet aan de hand van de praktijk worden
aangetoond. Ook blijkt niet dat visie en beleidsplan een resultante zijn van de
werkwijze in de vijf jaar voorafgaand aan voorliggende aanvraag. De raad
constateert dat Van Alckmaer niet voldoet aan dit criterium.

4. Van Alckmaer heeft aangetoond dat zij financieel stabiel is.

Vanwege een stelselwijziging in 2014 waarbij sociaal vastgoed anders gewaardeerd
werd, zijn de cijfers in de jaarrekening 2016 anders dan in de jaren daarvoor. Voor
de ontwikkeling van baten en lasten is gekeken naar de jaren 2012 t/m 2015.

Financieel beheer:
De jaarverslagen met jaarrekeningen van 2012 t/m 2016 zijn alle gecontroleerd en
voorzien van een goedkeurende accountantsverklaring.

Financiële stabiliteit en continuïteit:

Veruit de meeste inkomsten verkrijgt Van Alckmaer uit huuropbrengsten. De
afschrijvingen, overige bedrijfslasten, onderhoudslasten en personeelslasten zijn
de grootste kostenposten. Het exploitatieresultaat was vanaf 2014 positief.

De raad constateert dat de liquiditeit van Van Alckmaer in 2016 gelijk aan 0,4
was, de solvabiliteit gelijk aan 0,6 en het weerstandsvermogen 9,7. Van Alckmaer
werkt met een formatie van 20,8 fte.

De raad is gebleken van een financieel bestendige bedrijfsvoering. Naar het
oordeel van de raad toont Van Alckmaer aan dat er sprake is van financiële
stabiliteit en continuïteit.

5. Van Alckmaer heeft niet aangetoond dat ten minste de helft van het aantal
rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is in goede staat is.

Van Alckmaer heeft een overzicht ingediend met daarop aangegeven de staat van
de rijksmonumenten waarvan zij eigenaar is. Hieruit blijkt dat meer dan de helft
</pre>

====================================================================== Einde pagina 39 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 40 ======================================================================

<pre>RAA

cUÄÏur

van de monumenten zich in goede staat bevindt. Echter, dit is gebaseerd op een
quick scan door Hylkema Consultants in het voorjaar van 2017. De quick scan is
een visuele inspectie vanaf het maaiveld zonder verdere uitrusting (verrekijker,
ladder etc.). Dat betekent dat de inspectie op onderdelen (dak, goot etc.) beperkt
is. Ook het interieur is niet geïnspecteerd. De raad vindt dit onvoldoende om de
bouwkundige conditie te beoordelen en constateert dat Van Alckmaer niet aan dit
criterium voldoet.

Ingediende bescheiden

-  Aanvraagbrief

- __ Besluit AOM 2011

- Brim subsidie actueel overzicht tegoeden

- Concept beleidsplan 2017-2022 ‘Monumenten. Van Alkckmaer vanuit de historie
toekomstbestendig?’, 2017

-__ Jaarverslagen 2012 t/m 2016

- Overzicht monumenten in eigendom

- Quickscan rapport Hylkema

-  Statuten

-  Visie op beheer van monumenten door een woningcorporatie

Aanvullend:

- Brief over aanvullende informatie
- Conditierapport C327

- Conditierapport C331

- Conditierapport 350

- - Handboek Vastgoedontwikkeling
- - Karenhuis, bouwkundige opname
-  Keetgracht, bouwkundige opname
- 22 rapportages Oudegracht
</pre>

====================================================================== Einde pagina 40 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 41 ======================================================================

<pre>M Ministerie van Onderwijs, Cultuur en
hamse Wetenschap

>Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Raad voor Cultuur

M AP Raad voor Cultuur Rana etn
evrouw A. Fasveer nstraa
Prins Willem-Alexanderhof 20 INGEKOMEN Petes 375
2595 BE DEN HAAG 2500 B) Den Haag
2 6 SEP 2017 www. rijksoverheid.ni
Contactpersoon
Doss. A.D.C, Klomp °
Nr. RVC Cade 12) 6 T +316 15 0383 99
andrea.kiomp@minocw.nl
2 2 SEP. 2017 Onze referentie
1255478
Datum
Betreft verzoek om advies aanwijzing professionele organisatie

monumentenbehoud

Geachte mevrouw Pasveer,

Hierbij verzoek ik u advies uit te brengen over de aanvragen tot aanwijzing als
professionele organisatie voor monumentenbehoud van:
e Stadsherstel Historisch Rotterdam
Utrechtse Maatschappij tot Stadsherstel N.V.
Stadsgoed Monumenten B.V.
Stichting de Fryske Mole
Van Alckmaer voor Wonen
Stichting het Utrechts Landschap
Stichting De Utrechtse Molens

Van deze zeven aanvragen zijn de stukken digitaal aan u toegezonden.

Stichting de Fryske Mole en Stadsherstel Historisch Rotterdam hebben eerder een
aanvraag tot aanwijzing gedaan waarop u een negatief advies heeft uitgebracht,

Ik verzoek u mij op grond van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
binnen een termijn van dertien weken uw adviezen toe te zenden, waarna tk een
beslissing op de aanvragen zal nemen.

Hoogachtend,

de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
dr. Jet Bussemaker

namens deze, lL
de directeur Erfgoed en Kunsten,

Ir. A.P.M. Bersee | EEE

_ Pagina 1 van 1
et

</pre>

====================================================================== Einde pagina 41 =================================================================

<br><br>