<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Anders leven
en zorgen
Naar een gelijkwaardig
samenspel tussen
naasten, vrijwilligers
en beroepskrachten
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre></pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>  Anders leven en zorgen
Naar een gelijkwaardig samenspel tussen naasten,
        vrijwilligers en beroepskrachten
                   Den Haag, mei 2022
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>     6                                                                                                                                                                                                             7
                               Voorwoord
                               “Ik hoor de klank van verandering steeds meer om mij heen.”1                             In de praktijk zien we vele hybride vormen van zorgverlening ontstaan, variërend
                                                                                                                         van Gezellen, Mantelaars tot Blijmakers, om er slechts enkelen te noemen. De
                               Zo begint het gedicht in het eerste kinderboek van dichteres Amanda Gorman. In het        uitdaging is daarmee op een verantwoorde manier om te gaan, door professionele
                               boek gaat een meisje op een muzikale reis om samen met anderen de wereld mooier           zorgverleners te ontlasten, niet-professionele medewerkers en vrijwilligers ruimte en
                               en zorgzamer te maken. De nood voor verandering is hoog. Zeker ook waar het gaat          goede rechtsbescherming te geven en vooral om gezamenlijk kwaliteit van leven te
                               om hoe we in onze samenleving voor elkaar zorgen.                                         bevorderen.
                               Het wordt vaker gezegd: de manier waarop we de zorg, zeker de langdurige zorg in          We doen aanbevelingen om hindernissen in het samen zorgen weg te nemen en
                               Nederland organiseren, is op termijn onhoudbaar. Dat gaat niet alleen over kosten,        dragen daarnaast discussiepunten aan. Van het accepteren van een verminderde
                               maar ook over personeel en de manier waarop we de zorg hebben ingericht. In               kwantitatieve professionele kwaliteit tot het invoeren van een zorgplicht – we
                               Nederland is de zorg voor mensen met een langdurige zorgbehoefte sterk geformali-         ontkomen niet meer aan dit soort lastige vragen. Daar moeten we het over hebben.
                               seerd en geïndividualiseerd, meer dan in andere landen. Steeds meer mensen maken          Het gesprek over wat eigenlijk van ons als burger verwacht wordt in de zorg, gaan we
                               aanspraak op professionele zorg en verwachten de hoogste kwaliteit. Dit is duur,          al te lang uit de weg. Er is een stevige maatschappelijke dialoog nodig over hoe we als
                               vraagt veel personeel maar levert ook – en dat is wellicht nog belangrijker – lang niet   samenleving anders kunnen en willen zorgen. Verandering is nodig. Dit advies roept
                               altijd de beste zorg en ondersteuning op. Mantelzorgers en vrijwilligers proberen         op om de moed te vinden deze keuzes te maken.
                               bij te springen, maar worden geconfronteerd met hoge verwachtingen, praktische
                               belemmeringen en soms geringe waardering. Als voormalig bewindspersoon, als               Dank aan allen die mee hebben willen denken en ons van waardevolle inzichten
                               mantelzorger en nu als voorzitter van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving          hebben voorzien. Met name de hoofdrolspelers van dit advies: naasten, vrijwilligers
                               (RVS) heb ik die spanningen aan den lijve ondervonden. We doen allemaal ons best,         en beroepskrachten.
                               maar de som is doorgaans niet meer dan de delen.
                                                                                                                         Jet Bussemaker
                               Er is een fundamentele omslag nodig in het denken over hoe we zorgen en hoe we            Voorzitter Raad voor Volksgezondheid & Samenleving
                               de zorg organiseren. Zonder verandering zal de kwaliteit van zorg snel afnemen
                               en zullen de gezondheidsverschillen toenemen. In dit advies kijkt de RVS naar het
                               geheel van mensen die zorg leveren: niet alleen beroepskrachten, maar juist ook
                               naasten en vrijwilligers. Een ondergewaardeerd onderwerp met ondergewaardeerde
                               hoofdrolspelers. We pleiten voor een fundamentele verschuiving van cliëntgerichte
                               zorg naar netwerkgerichte zorg waarin een steunsysteem voor zorgrelaties centraal
                               staat. Essentieel daarbij is dat naasten, vrijwilligers en beroepskrachten samen een
                               team vormen om in een gelijkwaardige relatie de hulpvrager, en soms ook anderen
                               die zorg nodig hebben, te ondersteunen.
                               Het expliciete onderscheid tussen professionele en niet-professionele zorg is zwart-
                               wit en doet geen recht aan de ecologie van soorten zorg die zijn ontstaan en staat
                               bovendien een goede samenwerking in de weg. Volgens de Raad is er eerder sprake
RVS | Anders leven en zorgen
                               van een continuüm. In dit advies willen we de relatie tussen formele en informele
                               zorg herijken. Om het samenwerken tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten
                               te bespoedigen, moeten we hindernissen wegnemen. Wetten, regels, procedures en
                               afspraken (de systeemwereld) staan nu op gespannen voet met de dagelijkse realiteit.
                               Dat moet anders. De noodzaak van die fundamentele omslag vraagt niet alleen
                               aanpassing van de ‘systeemwereld’. Ook beroepskrachten en zorgorganisaties zijn
                               aan zet om ruim baan te geven aan naasten en vrijwilligers.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>De Raad voor Volksgezondheid en Samenleving
(RVS) is een onafhankelijk strategisch
adviesorgaan. De RVS adviseert regering en
                                                  Inhoudsopgave
parlement op het snijvlak van volksgezondheid
& samenleving. De RVS wil in een veranderende       Samenvatting                                              11
samenleving perspectief bieden op het zorgen van
& voor morgen.
                                                    1    Inleiding                                            13
Samenstelling Raad                                       1.1 Aanleiding                                       14
  Jet Bussemaker, voorzitter                             1.2 Vraagstelling                                    16
  Godfried Bogaerts
                                                         1.3 Aanpak                                           17
  Erik Dannenberg
                                                         1.4 Leeswijzer                                       17
  Pieter Hilhorst
  Hafez Ismaili M’hamdi                             2 	Leven en zorgen                                       18
  Marleen Kraaij-Dirkzwager
  Jan Kremer                                             2.1 Historische schets                               19
  Bas Leerink                                            2.2 Het begrip zorg: frames en taal                  20
  Ageeth Ouwehand                                        2.3 Typologie van het zorgen                         21
  Martijn van der Steen                                  2.4 Continuüm                                        32
  Stannie Driessen, directeur                            2.5 Samengevat                                       35
Raad voor Volksgezondheid en Samenleving            3 	Samen zorgen, hoe is dat geregeld?                    39
  Parnassusplein 5
                                                         3.1 Aansprakelijkheid                                39
  Postbus 19404
  2500 CK Den Haag
                                                         3.2 Voorbehouden handelingen                         40
  T +31 (0)70 340 5060                                   3.3 Andere relevante aspecten in wet- en regelgeving 41
  mail@raadrvs.nl                                        3.4 Regeldruk                                        42
  www.raadrvs.nl                                         3.5 Indicaties                                       44
  Twitter: @raadRVS                                      3.6 Financiering                                     45
                                                         3.7 Samengevat                                       46
Publicatie 2022-04 (gecorrigeerd)
  ISBN/EAN: 978-90-5732-319-5                       4    Hindernissen in de praktijk                          48
  Fotografie: Desiré van den Berg en
                                                         4.1 Obstakels voor naasten en vrijwilligers          49
  met dank aan beeldbank Vereniging
                                                         4.2 Obstakels voor beroepskrachten                   55
  Gehandicaptenzorg Nederland
  Grafisch ontwerp: Studio Duel
                                                         4.3 Samengevat                                       59
                                                    5    Oplossingsrichtingen                                 63
  © Raad voor Volksgezondheid en Samenleving,
  Den Haag, 2022                                         5.1 Anders werken, anders leiden                     64
                                                         5.2 Aanbevelingen                                    66
  Niets in deze uitgave mag worden openbaar              5.3 Oproep tot maatschappelijke discussie            71
  gemaakt of verveelvoudigd, opgeslagen in een           5.4 Ten slotte                                       73
  dataverwerkend systeem of uitgezonden in enige
  vorm door middel van druk, fotokopie, microfilm   Bijlage 1: Aanpak toegelicht                              74
  of op welke wijze dan ook zonder toestemming
                                                    Bijlage 2: Andere landen                                  75
  van de RVS.
                                                    Geraadpleegde deskundigen                                 79
  U kunt deze publicatie ook downloaden via onze
                                                    Noten en literatuur                                       82
  website      www.raadrvs.nl
                                                    Voorbereiding en publicaties                              95
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>     10                                                                                                                11
                               Samenvatting
                               In tijden van groeiende personeelstekorten in de zorg rusten op beroepskrachten
                               steeds zwaardere verantwoordelijkheden en voelen informele zorgverleners zich niet
                               gezien. De maatschappij heeft hoge verwachtingen van zorg en het is moeilijker om
                               daaraan te voldoen. Om optimale zorg en ondersteuning te kunnen blijven bieden bij
                               een stijgende vraag naar langdurige zorg, is het nodig anders te zorgen: in een meer
                               gelijkwaardige samenwerking tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten.
                               Nu kunnen veel naasten niet meebeslissen over de zorg van hun dierbaren.
                               Vrijwilligers worden pas laat bij hulpvragen betrokken, als zij überhaupt al in beeld
                               zijn. Betrokkenheid van informele zorgverleners bij besluitvorming, planning en
                               uitvoering van zorg lijkt misschien logisch en vanzelfsprekend, maar is het niet.
                               De Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS) pleit daarom voor een fundamen-
                               tele herziening van de relaties tussen formele en informele zorg.
                               Zodra iemand met een hulpvraag komt, is het volgens de RVS belangrijk dat
                               beroepskrachten een verbintenis aangaan met het netwerk van de hulpvrager (en
                               niet alleen met het individu). Als beroepskrachten van meet af aan een team vormen
                               met naasten en vrijwilligers, kunnen zij de hulpvraag als een gezamenlijke opdracht
                               beschouwen. Eenieder neemt een verantwoordelijkheid in de zorg op zich, vanuit
                               andere rollen. Het bewustzijn groeit dat radicale veranderingen nodig zijn. Daar
                               horen dan wel maatregelen bij die mensen ook echt in staat stellen om anders te
                               leven en anders te zorgen.
                               De RVS stelt diverse ondersteunende maatregelen voor die kunnen helpen om te
                               zorgen. Denk aan een betere waardering van mensen zonder werk die als vrijwillige
                               ‘helphulp’ van betekenis willen zijn voor anderen, minder strakke kwaliteitskaders
                               naast ruimere verlof- en respijtmogelijkheden. Door samen een team te zijn van
                               verleners van formele en informele zorg hoeven beroepskrachten, overbelaste
                               mantelzorgers of vrijwilligers niet het idee te hebben dat zij er alleen voor staan.
                               Wet- en regelgeving moet dat stimuleren in plaats van belemmeren.
                               Voor een toekomstbestendige zorg is het volgens de RVS nodig om verschillende
                               mengvormen die zijn ontstaan tussen de klassieke familiale, ongeschoolde en
                               onbetaalde zorg enerzijds en betaalde, geschoolde en gereguleerde beroepsmatige
                               zorg anderzijds, ruimte te geven. De RVS pleit ervoor Gezellen, Blijmakers of erva-
RVS | Anders leven en zorgen
                               ringsdeskundigen, net als andere vernieuwende zorgvormen te verwelkomen. Voor
                               zover zij de tegenstellingen in de samenleving niet vergroten, zoals tussen mannen
                               en vrouwen of rijk en arm. We zullen toegaan naar een meer ‘hybride’ zorgsysteem,
                               zodat iedereen – ook in de toekomst – de hulp kan krijgen die nodig is. Dat vraagt
                               anders leven en zorgen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>     12                                                                                                                  13
                               1 Inleiding
                               Een gebroken, maar genezen menselijk dijbeen van 15.000 jaar oud. Dat was naar
                               verluidt volgens Margaret Mead het oudste bewijs van menselijke beschaving. Een
                               dier is ten dode opgeschreven na zo’n botbreuk. Dat onze voorouder het overleefde,
                               bewijst dat iemand ten minste 6 weken lang intensief voor hem of haar heeft gezorgd.
                               Volgens de beroemde antropologe waren het niet taal en techniek die onze bescha-
                               ving definiëren, maar de bereidheid om voor elkaar te zorgen.2
                               Zorgen is een onlosmakelijk onderdeel van ons leven. Zorg ontvangen en zorg geven
                               bepaalt ieders levensloop en geeft betekenis aan het bestaan. Ouders zorgen voor
                               kinderen, vrienden bieden elkaar een helpende hand, vrijwilligers, buurtgenoten
                               en buren zien naar elkaar om, en kinderen begeleiden hun ouders naar het graf. Zo
                               is het altijd geweest en zo zal het misschien blijven. Dit advies van de Raad voor
                               Volksgezondheid & Samenleving (RVS) gaat over een herijking van de relatie tussen
                               wat in vaktermen de ‘formele’ en de ‘informele’ zorg heet. We gaan in op de rol en de
                               waarde van naasten, vrijwilligers en beroepskrachten in de zorg en hun onderlinge
                               samenwerking in een tijd van toenemende personeelsschaarste. Dit sluit aan bij een
                               recente, met algemene stemmen aangenomen motie waarin de Tweede Kamer de
                               regering vraagt te komen tot een integrale visie op informele zorg.3
                               Tijdens de coronacrisis hebben we gezien hoezeer het tekort aan arbeidskrachten de
                               druk op zowel betaalde als onbetaalde zorgverleners verhoogt. En dat is nog maar het
                               begin. Om aan de groeiende hulpvraag tegemoet te komen, zou in 2040 bij ongewijzigd
                               beleid 1 op de 4 mensen in de zorg moeten werken, vergeleken met 1 op de 7 nu.4 Dat is
                               onmogelijk. Informele zorg is al lang onmisbaar en staat klaar om meer te betekenen,
                               bijvoorbeeld voor preventie of nazorg. Maar de formele zorg komt nog onvoldoende toe
                               aan een intensievere samenwerking met naasten en vrijwilligers.5 Hier liggen kansen
                               voor alle betrokkenen. Informele zorg is meer dan een aanvulling op of vervanging
                               van formele zorg. Daarom zal informele zorg anders gewaardeerd moeten worden.
                               Datzelfde geldt voor allerlei mengvormen tussen betaalde en informele zorg (semi-for-
                               mele zorg) die ontstaan in zorgorganisaties, in wijken en op de commerciële zorgmarkt.
                               Alvorens hier dieper op in te gaan, staan we nog even stil bij de ontzagwekkende hoe-
                               veelheid zorguren die mensen elkaar jaarlijks schenken. Uit vrije wil en vaak ongezien.
                               Het is een fundament onder de samenleving dat bestaat bij gratie van de vanzelfspre-
                               kendheid ervan. Natuurlijk zorgen we voor ons kind, onze zieke buur en onze oude
RVS | Anders leven en zorgen
                               moeder. Ook willen we in herinnering brengen dat het systeem van ‘formele zorg’
                               nog maar een oogwenk geleden is ontstaan. Het ongekende succes en de onstuimige
                               groei ervan grijpt diep in op onze samenleving en de millennia oude patronen van
                               onderlinge zorg. Het zoeken naar een nieuwe balans tussen deze ‘gewone’ onderlinge
                               zorg en de formele zorg lijkt een voorwaarde om de behaalde gezondheidswinsten van
                               de afgelopen decennia duurzaam te verankeren in onze samenleving.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>     14                                                                                                                                                                                                                 15
                               1.1 Aanleiding                                                                               Waar het tekort dit jaar circa 49.000 medewerkers bedraagt, is dat over 9 jaar 135.000.18
                                                                                                                            Als het personeel er niet is, komen mensen uiteindelijk zonder professionele hulp te
                                Geen boodschap komt bij opeenvolgende kabinetten vaker terug dan deze: de groei
                                                                                                                            zitten. Er zullen ongekende wachtlijsten ontstaan, schreef de Sociaal Economische
                                van de zorg is op termijn onhoudbaar. Het rapport Kiezen voor houdbare zorg van de
                                                                                                                            Raad (SER) in 2021.19 De openstaande vacatures gaan nu al onvermijdelijk ten koste
                                Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) was de laatste in een reeks
                                                                                                                            van de professionele kwaliteit van zorg. Zorginstellingen kondigen al opnamestops
                                door de regering gevraagde adviezen, hopend op oplossingen voor dit vraagstuk.6
                                                                                                                            aan.20 Verpleeghuisbedden blijven leeg, omdat er geen personeel is. Beroepskrachten
                                Veel aandacht gaat daarbij naar de uitgaven voor langdurige zorg. Die zijn, zo stelt
                                                                                                                            kunnen niet meer de kwaliteit leveren die ze gewend zijn en voelen zich voortdu-
                                het ministerie van Financiën, in internationaal perspectief hoog en stijgen meer
                                                                                                                            rend tekortschieten.
                                dan die voor de curatieve zorg. Dat komt doordat de uitgaven per individuele oudere
                                stijgen en doordat het aantal ouderen fors groeit.7 Het aantal mensen met zorg thuis
                                                                                                                            Van de nieuwe zorgverleners verlaat 43% zijn of haar baan en 10% de sector binnen
                                vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) nam in 3 jaar tijd met 23% toe, een effect van
                                                                                                                            2 jaar. Zij willen vooral meer regie en keuzemogelijkheden in het werk, minder regel-
                                het overheidsbeleid dat erop is gericht om mensen langer in de eigen omgeving te
                                                                                                                            druk en minder neventaken als gevolg van zelfsturing en onplezierige diensten.21
                                laten wonen.8
                                                                                                                            Hoewel er steeds meer aandacht voor komt, wordt het arbeidsmarktprobleem nog als
                                                                                                                            onvoldoende urgent ervaren.22 Recente rapporten, zoals van de WRR en de SER, doen
                                Circa 94% van de ouderen woont thuis, vaak met ondersteuning van wijkverpleging,
                                                                                                                            het besef groeien van wat personeelsschaarste voor de toekomstige houdbaarheid
                                maar ook van het eigen netwerk. Het gaat om mensen met steeds zwaardere beper-
                                                                                                                            van de zorg betekent.23 In publicaties over de personeelstekorten ontbreekt echter
                                kingen en zorgvragen, zoals gevorderde dementie. Hun netwerk staat steeds meer
                                                                                                                            veelal het perspectief van een grote groep: de verleners van informele zorg. De
                                onder druk.9 Het aantal ouderen dat toegang krijgt tot een verpleeg- of verzorgings-
                                                                                                                            komende tijd gaat niet alleen de druk op de beroepskrachten toenemen, ook niet-be-
                                huis is in verhouding (nog) zeer klein.10 De schatkistbeheerder wijst erop dat in verge-
                                                                                                                            roepskrachten (mantelzorgers, andere naasten en vrijwilligers) zullen de schaarste
                                lijking met andere landen de zorg voor mensen met een langdurige zorgbehoefte in
                                                                                                                            dagelijks ervaren.
                                Nederland sterk is geformaliseerd.11 Nederlanders kunnen aanspraak maken op een
                                relatief royaal zorgpakket.12
                                                                                                                           Voorproefje
                                                                                                                            De pandemie heeft laten zien dat verleners van informele zorg (nog) niet als essenti-
                               Hoge verwachtingen
                                                                                                                            eel onderdeel van het langdurig zorgsysteem worden beschouwd. “Mantelzorgers zijn
                                De groei van de zorgsector heeft een prijskaartje, al zullen velen dat niet beseffen (en
                                                                                                                            aan het begin van de coronatijd vergeten als grote groep zorgverleners”, aldus een
                                vinden weer anderen dat niet bezwaarlijk).13 Jaarlijks betaalt iedere volwassene nu
                                                                                                                            zorgeconoom.24 Vrijwilligers werden op veel plekken niet meer ingezet ter voorko-
                                al gemiddeld € 6.161 aan zorg – voor een gemiddeld huishouden bijna een kwart van
                                                                                                                            ming van besmettingen.
                                het inkomen – ook als zij geen dokter, apotheek of ziekenhuis bezoeken.14 De samen-
                                                                                                                            Zorginstellingen ervoeren wat nijpende personeelstekorten betekenen. Ze waren
                                leving heeft hoge verwachtingen van de zorg ontwikkeld. Ongeveer twee derde van
                                                                                                                            enorm geholpen met vrijwillige inzet van mensen bij het koken, bedden opmaken,
                                de Nederlanders vindt de zorg voor hulpbehoevende ouders een taak van de overheid.
                                                                                                                            een stukje wandelen of een praatje maken met bewoners. Bestuurders zagen de
                                Potentiële hulpontvangers zelf hebben ook vaak een voorkeur voor professionele
                                                                                                                            tekorten als een voorproefje van wat de zorg de komende jaren te wachten staat.
                                hulp.15 Burgers verlangen dat de overheid alle risico’s afdekt; ongemakken en
                                                                                                                            “We zullen toegaan naar een mix van professionele en niet-professionele hulp in
                                ongelukken horen niet meer bij ons bestaan.16
                                                                                                                            onze verpleeghuizen”, liet een bestuurder van een zorgorganisatie weten. “De rol van
                                                                                                                            familieleden zal steeds belangrijker worden.’’25
                               Geen personeel
                                Op de achtergrond van deze ontwikkelingen speelt het structurele probleem van de
                                                                                                                           Koploper onbezoldigd werk
                                arbeidsmarkt, een vraagstuk dat de financiële zorgen overschaduwt. Voor de huidige
                                                                                                                            Er wordt wel gezegd dat mensen die onbezoldigd werk verzetten het cement van
                                en toekomstige zorgvraag zijn er veel te weinig medewerkers om de zorg te kunnen
                                                                                                                            onze samenleving vormen.26 Nederland is wereldwijd koploper in vrijwilligerswerk.27
                                bieden van het niveau dat de afgelopen tijd gewoon is geworden. De zorg is een
                                                                                                                            Opvallend is ook het groeiende aantal burgerinitiatieven die zorg zijn gaan organi-
RVS | Anders leven en zorgen
                                arbeidsintensieve sector die kampt met een rap toenemend gebrek aan arbeidskrach-
                                                                                                                            seren voor kwetsbare buurtbewoners. Nu al zijn 5,5 miljoen mensen in Nederland
                                ten. De sterke vraag naar personeel in de zorg absorbeert de groei van het arbeidsaan-
                                                                                                                            mantelzorger of vrijwilliger in de zorg.28
                                bod volledig, waardoor de werkgelegenheid in de marktsector niet meer kan groeien.
                                                                                                                            De massale vrijwillige inzet is echter niet louter reden voor tevredenheid. Vrouwen
                                Bijna alle mensen die de arbeidsmarkt betreden, zijn straks nodig in de zorg als we de
                                                                                                                            geven meer informele hulp dan mannen en voor hen is het ook belastender. Van de
                                zorg blijven organiseren zoals we dat nu doen. De schaarste doet zich met name voor
                                                                                                                            10 mantelzorgers is er 1 ernstig belast (460.000 personen); onder hen bevinden zich
                                in de verpleging en verzorging. Het tekort aan verpleegkundigen, verzorgenden en
                                                                                                                            relatief veel mensen met een migratieachtergrond.29 Het lijkt goedkoper om de zorg
                                andere zorgmedewerkers zal in 2031 bijna 3 keer zo groot zijn als nu.17
                                                                                                                            informeel op te lossen, maar deze informele zorgverleners betalen een prijs. Hun
                                                                                                                            inkomsten, carrièrekansen, gezondheid en vrije tijd kunnen achteruitgaan. Door de
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>     16                                                                                                                                                                                                            17
                                toenemende zorgvraag neemt niet alleen de druk op beroepskrachten toe; hetzelfde          Dat brengt ons op de volgende vraag:
                                gebeurt met de niet-betaalde zorgverleners. Op dit moment zijn er voor mantelzorg
                                voor 1 hoogbejaarde 15 mensen beschikbaar. De voorspelling is dat dit aantal in 2040          Hoe kunnen we de relatie tussen naasten, vrijwilligers en beroeps-
                                zal zijn gedaald naar 6 potentiële mantelzorgers op elke hoogbejaarde.30                      krachten herijken om – ook bij oplopende personeelstekorten –
                                                                                                                              optimale zorg en ondersteuning te bieden aan hulpvragers in de
                               Keuzes blijven uit                                                                             langdurige zorg?
                                Het voornoemde WRR-rapport dringt aan op het maken van keuzes, die ook pijn
                                zullen doen. Technologie (van digitalisering tot robotisering) kan nooit het enige        De uitwerking van deze vraag raakt aan de sociale basis in buurten en wijken, ofwel
                                antwoord op de personeelstekorten zijn. Waar in het WRR-rapport informele zorg niet       het vermogen dat burgers samen opbrengen om iets voor elkaar te betekenen.34
                                wordt genoemd, wil de RVS dat de verhoudingen tussen formele en informele zorg            Op die basis, die zich uitstrekt van informele netwerken tot bewonersorganisaties,
                                aandacht krijgen en in afwegingen meegenomen worden.                                      moet de ondersteuning van beroepskrachten (bijvoorbeeld wijkteams) worden
                                Het is aan de politiek om keuzes te maken in dit lastige dossier. Accepteren we           geënt. Die sociale infrastructuur is weer verweven met de fysieke infrastructuur
                                minder professionele kwaliteit van zorg, of hogere kosten, of meer verantwoordelijk-      (woonvormen en ontmoetingsplekken) in buurten en wijken. Dat zijn echter thema’s
                                heid in het zorgen voor elkaar? Impopulaire politieke keuzes wanneer mensen hoge          die we in dit advies niet uitdiepen. Ook gaan we niet in op de curatieve zorg. Volgens
                                kwaliteit van zorg verwachten tegen zo laag mogelijke kosten, en zo veel mogelijk         de Raad is de verbinding tussen de verschillende domeinen essentieel. Daar gaan
                                uitgevoerd door opgeleide zorgverleners. Tussen meerdere doelen bestaat altijd een        andere RVS-adviezen nader op in.35
                                natuurlijke spanning. Ze zijn nooit allemaal te realiseren, maar we kunnen wel
                                proberen ze zo dicht mogelijk te naderen.
                                Het personeelstekort zal er linksom of rechtsom toe leiden dat ook de druk op de         1.3 Aanpak
                                informele zorg toeneemt. Daarom wil de RVS dit onderwerp belichten in het kader
                                                                                                                          Voor dit advies hebben we gebruikgemaakt van literatuur over formele en informele
                                van het thema ‘Zorgen in een krappe arbeidsmarkt’ in de werkagenda van de RVS.
                                                                                                                          zorg in binnen- en buitenland. Daarnaast hebben we samen met naasten, vrijwil-
                                Naasten, vrijwilligers en beroepskrachten staan samen voor een enorme opgave. Het
                                                                                                                          ligers en beroepskrachten mogelijke verbeteringen verkend in de samenwerking,
                                zal aankomen op een herijking van de verhoudingen tussen formele en informele
                                                                                                                          in een co-creatief onderzoek. Ten slotte hebben we deskundigen geraadpleegd en
                                zorg, om de in afgelopen decennia behaalde gezondheidswinsten duurzaam te
                                                                                                                          bijeenkomsten georganiseerd met hoogleraren, lectoren en studenten van diverse
                                verankeren in onze samenleving.
                                                                                                                          universiteiten en hogescholen die zich bezighouden met dit onderwerp
                                                                                                                          (zie bijlage).
                               1.2 Vraagstelling
                                In dit advies buigen we ons over de verhoudingen en samenwerking tussen betaalde         1.4 Leeswijzer
                                en onbetaalde zorgverleners van mensen die langdurige zorg, ondersteuning en
                                                                                                                          Dit advies is als volgt opgebouwd. Hoofdstuk 2 gaat in op de historie van het concept
                                welzijn nodig hebben, zowel thuis als in een zorginstelling. Het gaat om de zorg voor
                                                                                                                          zorg en de betekenis daarvan voor de verhouding tussen formele en informele zorg.
                                ouderen en mensen met (ernstige) beperkingen. Dat kunnen verstandelijke beperkin-
                                                                                                                          In hoofdstuk 3 belicht de RVS aspecten van wetten en regels die invloed hebben op
                                gen zijn, maar ook psychische of lichamelijke.31
                                                                                                                          deze verhouding. Vervolgens beschrijft hoofdstuk 4 wat naasten, vrijwilligers en
                                                                                                                          beroepskrachten ervaren in hun samenwerking en in de zorg waar zij samen voor
                                De samenwerking tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten is niet altijd
                                                                                                                          staan. In hoofdstuk 5 doet de Raad concrete aanbevelingen om de relaties tussen
                                goed. De afgelopen jaren is coproductie in teams echter belangrijker geworden om
                                                                                                                          formele en informele zorg te herijken.
                                mensen goed te kunnen helpen. Vaak zijn er bij deze mensen meerdere beroepskrach-
                                ten uit diverse disciplines betrokken. Dat vergt een soepel samenspel tussen verschil-
RVS | Anders leven en zorgen
                                lende zorgverleners, hulpvragers en hun sociale netwerken.32 Hulpvragers, naasten,
                                vrijwilligers en beroepskrachten leveren daarbij ieder hun aandeel.33
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>     18                                                                                                                   19
                               2 Leven en zorgen
                                In dit hoofdstuk komt de ontwikkeling van het concept ‘zorg’ aan bod en hoe dit de
                                verhouding heeft beïnvloed tussen formele en informele zorg, ondersteuning en
                                welzijn. Aan de hand van een typologie van het zorgen wordt duidelijk hoe tegen-
                                woordig de facto een continuüm in de langdurige zorg is ontstaan: van gebruikelijke
                                zorg tot gespecialiseerde beroepsmatige zorgverlening en alle mengvormen die
                                daartussen zitten.
                               2.1 Historische schets
                                De huidige worsteling in de relatie tussen formele en informele zorg komt voort uit
                                een complexe samenloop van trends die in de meeste welvarende landen zichtbaar
                                zijn en specifiek Nederlandse omstandigheden.
                                Om met het eerste te beginnen: wereldwijd zijn de afgelopen halve eeuw de medische
                                kennis en mogelijkheden spectaculair toegenomen. Ook de brede sociale ontwikke-
                                lingen, zoals de emancipatie van vrouwen en maatschappelijke individualisering,
                                hebben overal in het welvarende westen de relatie tussen formele en informele
                                zorg diepgaand veranderd. Al was het alleen al door het ontstaan, vanaf de jaren 70,
                                van zelfbewuste patiëntenbewegingen die de autoriteit van arts en instelling ter
                                discussie stelden. In grove lijnen is de (niet-medische) zorg sinds halverwege de 20ste
                                eeuw van een hoofdzakelijk familie- en liefdadigheidszaak tot een overheidsaangele-
                                genheid geworden.
                                Daarbij komt dat technologische vooruitgang, gecombineerd met toenemend
                                zelfbewustzijn, patiënten en hun naasten voor voorheen ongekende keuzemogelijk-
                                heden stelt. De medisch-curatieve blik van zorg die zich eenzijdig richtte op genezen,
                                is inmiddels overal in het welvarende deel van de wereld verbreed naar (emotioneel)
                                welzijn, weerbaarheid en participatie, oftewel kwaliteit van leven en positieve
                                gezondheid. Daarin ligt een expliciete verbinding tussen gezondheid en andere
                                thema’s zoals wonen, inkomen en onderwijs. Dat vraagt om beleid dat niet medicali-
                                seert, fragmenteert en individualiseert, maar emancipeert, ondersteunt en verbindt.36
                               Nederland
                                Waar de verstatelijking van de zorg in landen als Frankrijk en Engeland leidde tot
                                een nationaal zorgsysteem, bleef de overheid in Nederland lange tijd afwezig door
RVS | Anders leven en zorgen
                                de verzuiling en de daaraan gekoppelde wens om baas in eigen kring te blijven. De
                                meeste zorgaanbieders (en ook zorgverzekeraars) vinden hun oorsprong in de tijd van
                                de verzuiling. En hoewel de invloed van de overheid na de Tweede Wereldoorlog met
                                de uitbouw van de verzorgingsstaat sterker werd, bleven zorgaanbieders in handen
                                van particulieren: stichtingen en commerciële instellingen.37
                                In de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw groeide het idee dat de verzorgingsstaat
                                burgers passief maakte. Dit stimuleerde niet alleen voorstellen voor een afslanking
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>     20                                                                                                                                                                                                              21
                                van de overheid, maar ook voor meer eigen verantwoordelijkheid van burgers. Het           aan de kwaliteit van betekenisvolle relaties en dus aan het welzijn van zowel de
                                was Elco Brinkman, CDA-minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, die in           zorgvrager als de (informele of formele) zorgverlener. Daarnaast zijn we de voorheen
                                1982 opriep tot ‘herstel van de zorgzame samenleving’ en daarmee tot een vergroting       niet-zorggerelateerde fenomenen steeds meer gaan zien als problemen waar een
                                van de mantelzorg en de vrijwillige hulpverlening. Hij vond dat mensen de zorg voor       zorgprofessional een oplossing voor kan bieden. Denk aan druk gedrag bij kinderen,
                                hun naasten en vrienden te makkelijk aan beroepskrachten overlieten.38                    onzekerheid onder jongvolwassenen en afgenomen vruchtbaarheid. 43
                                Onder invloed van het neoliberalisme vond in de zorg een fundamentele herziening          Iets vergelijkbaars speelt rond het begrip ‘mantelzorgen’, een woord dat mensen die
                                van rollen plaats. Rationalisering, vraagsturing, centralisering en controle werden       het doen niet eens altijd zelf kennen of gebruiken. Zorgen voor kwetsbare naasten
                                gemeengoed. In deze tijd, in 1996, deed ook het persoonsgebonden budget (pgb) zijn        heeft positieve kanten, maar in het publieke debat wordt het meestal geassocieerd
                                intrede. Het pgb wordt nog steeds beschouwd als het toppunt van patiënteneman-            met begrippen als overbelasting en onderwaardering. 44 Dit ondanks het feit dat veel
                                cipatie, flexibiliteit en keuzevrijheid, maar leidde ook tot de eerste discussies over    mantelzorgers hun taak zelf als heel waardevol ervaren. 45
                                monetarisering van de informele zorg, betaalbaarheid en mogelijk misbruik.
                                De wens dat burgers meer eigen verantwoordelijkheid tonen en meer voor elkaar             Uit enquêtes komt naar voren dat mensen menen dat het animo voor informele zorg
                                gaan doen bij afnemende overheidstaken kwam – zij het op zeer verschillende               voor een deel afhangt van beeldvorming. 46 Het gebruik van de term informele zorg
                                manieren – terug in nieuw beleid, zoals in 2006 in de Zorgverzekeringswet (Zvw), in       om mantelzorg en vrijwilligerswerk mee aan te duiden roept ook connotaties op die
                                2007 de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en in 2012 de extramuralisering.         het fenomeen niet helemaal recht lijken te doen. Het geeft iets nevenschikkends aan
                                De Wmo beoogde burgers op hun eigen vermogens aan te spreken, te stimuleren en            ten opzichte van de beroepsmatige zorg. Formele zorg staat dan voor wat profes-
                                in beweging te laten komen. Dat uitgangspunt bood een ander, positiever perspectief       sioneel en officieel is; informele zorg lijkt te staan voor wat niet-officieel, extra en
                                dan het klassieke zorg- en welzijnsaanbod dat meer geënt was op het problematische,       mogelijk zelfs amateuristisch is. Net zoals er in het voetbal een hiërarchisch onder-
                                het zorgwekkende.39                                                                       scheid bestaat tussen profvoetbal en amateurvoetbal. 47
                                De koning hield in zijn troonrede van 2013 een pleidooi voor de participatiesamen-
                                leving. De veronderstelling dat iedereen ook kán participeren bleek echter al snel te    2.3 Typologie van het zorgen
                                optimistisch: veel mensen, vaak de meest kwetsbaren, zijn minder zelfredzaam dan
                                                                                                                          Wie goed kijkt naar hoe de zorg anno 2022 gestalte heeft gekregen in Nederland, ziet
                                werd verondersteld en ontberen juist een sterk sociaal netwerk. 40
                                                                                                                          een hele ‘ecologie’ van vormen en gedaantes. Dat gaat van de natuurlijke en onbe-
                                Voor de niet-verzekerbare risico’s kwam de Wlz in 2015 als belangrijk onderdeel van
                                                                                                                          taalde zorg die kinderen aan hun ouders geven tot strak geregelde specialistische
                                de hervorming van de langdurige zorg. De verantwoordelijkheid voor extramurale
                                                                                                                          professionele zorg en alles wat daartussen zit. Deze vormen en gedaantes worden
                                zorg verschoof daarnaast van het rijk naar gemeenten. Omdat gemeenten dichter bij
                                                                                                                          doorgaans geclassificeerd in de categorieën gebruikelijke, informele en formele
                                burgers staan, zouden ze hen beter passende ondersteuning kunnen bieden. Mensen
                                                                                                                          zorg, maar binnen deze categorieën bevindt zich een grote verscheidenheid aan
                                uitnodigen om mantelzorg en/of vrijwillige inzet te bieden is vanaf dan onderdeel
                                                                                                                          mengvormen die elk op eigen wijze de samenwerking tussen formele en informele
                                van beleid. 41
                                                                                                                          zorg beïnvloeden. We geven een korte beschrijving van de verschillende mengvor-
                                                                                                                          men. Hieruit wordt duidelijk hoe divers het zorglandschap is geworden en blijkt dat
                                                                                                                          strakke begrenzingen – die voor beleidsmakers en financiers handig kunnen zijn –
                               2.2 Het begrip zorg: frames en taal
                                                                                                                          soms nadelig kunnen uitpakken voor hulpvragers of hun zorgverleners en niet altijd
                                Het begrip ‘zorg’ kent geen heldere begrenzing. Zorgen betekent: een hond uitlaten,       bijdragen aan het arbeidsmarktprobleem in de zorg. Grosso modo zou men kunnen
                                een blindedarm verwijderen, een dementerende oudere geruststellen of zelfs zorgen         stellen dat hoe meer gebruikelijke zorg en informele zorg wordt gestimuleerd, hoe
                                voor je leefomgeving (milieu). 42 Die betekenisruimte maakt het begrip in het publieke    meer dat bijdraagt aan het tegengaan van personeelstekorten in de formele zorg. De
                                debat bevattelijk voor impliciete betekenisverschuivingen en frames die van invloed       wijze waarop dat gebeurt, bepaalt of het ook beter is voor hulpvragers, zorgverleners
RVS | Anders leven en zorgen
                                zijn op de keuzes die mensen maken.                                                       en/of de overheidsfinanciën.
                                In de tweede helft van de 20ste eeuw was de medisch-curatieve interpretatie van          Gebruikelijke zorg
                                het begrip dominant. De daarbij horende omschrijving van de zorg op basis van             Als onbedoeld bijeffect van de sluipende betekenisverbreding van het begrip ‘zorg’
                                functies, taken of werkzaamheden alléén zien we nog terug in de financierings- en         (zie 2.2) ontstond bij wet- en regelgevers als vanzelf de behoefte tot compartimente-
                                verantwoordingsstructuren. Zorg is echter altijd méér geweest dan het leveren van         ring. Want waar houdt het gewone leven dan op en begint dat van het professionele
                                een ‘product’ aan een ‘cliënt’. In de afgelopen decennia is er veel aandacht gekomen      zorgen? Voor burgers is die vraag niet relevant, voor regelgevers wel. Belangrijk is in
                                voor de wijze waarop de zorg wordt verleend en hoe dat kan bijdragen of afdoen            dit verband de haast terloopse introductie van het begrip ‘gebruikelijke zorg’ in een
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>     22                                                                                                                                                                                                            23
                               Kamerbrief uit 2001. 48 Hierdoor is paradoxaal genoeg voor het eerst een impliciete       Informele zorg
                               verplichting ontstaan voor ‘huisgenoten’ om iets te doen wat ze tot dan toe uit            Onder informele zorg verstaan we alle hulp aan mensen met uiteenlopende gezond-
                               zichzelf deden. 49                                                                         heidsproblemen buiten het kader van een beroep.56 Het gaat dus zowel om mantelzorg
                                                                                                                          (hulp die mensen elkaar geven vanwege hun onderlinge band) als om vrijwilli-
                               Het begrip is de afgelopen jaren bepalend geweest voor het wel of niet krijgen             gerswerk op het terrein van zorg en ondersteuning.57 Zorgen voor mensen zonder
                               van een indicatie voor zorg en ondersteuning en leidt regelmatig tot verschillen           gezondheidsproblemen, zoals oppassen op gezonde kleinkinderen, valt erbuiten.
                               van inzicht.50,51 In de Wmo wordt gebruikelijke zorg omschreven als “hulp die
                               naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht                    Zowel in uren als mensen gemeten is de informele zorg immens in omvang. In
                               van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten”. In het               totaal is 38% van de 16-plussers in Nederland mantelzorger of vrijwilliger, en als we
                               geval van informele zorg is de grens tussen gebruikelijke zorg en informele hulp           incidentele vrijwilligers meenemen bijna 40%. Dat zijn 5,5 miljoen Nederlanders.58 In
                               moeilijk vast te stellen. Ondanks normen en richtlijnen zijn de grijze gebieden            2019 was 1 op de 10 Nederlanders actief als vrijwilliger in zorg of welzijn. In totaal
                               ingewikkeld voor verstrekkers.52 Veel gemeenten omschrijven het begrip nader               gaat het om 1,4 miljoen mensen, van wie er naar schatting bijna 900.000 structureel
                               in verordeningen, beleidsregels of besluiten. De bedoeling is om consulenten en            vrijwilligerswerk doen (6% van de bevolking).
                               indicatiestellers houvast en juridische rugdekking te bieden in lastige gesprekken         Hun aandeel in de zorg is de afgelopen jaren iets gestegen.59 Hun economische waarde
                               met hulpvragers.53 Vaak wordt met de omschrijving gebruikelijke zorg de relatie            telt op tot tientallen miljarden.60 Onder hen bevinden zich ook beroepskrachten die
                               tot de huishouding bedoeld. Het begrip gebruikelijke zorg in relatie tot begeleiding       er in hun vrije tijd onbetaald zorgwerk naast doen. Nogal wat mensen zouden meer
                               is voor veel gemeenten nog niet duidelijk.54                                               informele steun willen geven aan anderen, maar zijn daartoe wegens omstandighe-
                                                                                                                          den niet in staat. Zorg heeft een eigen ritme, vraagt om meebewegen en is daarom
                               De opvattingen over de term zijn verdeeld. Sommige politici en andere beleidsma-           niet makkelijk te verenigen met een gehaaste, op efficiëntie gerichte samenleving.
                               kers pleiten ervoor om het begrip uit het beleid te schrappen, omdat het steeds tot        Over de mogelijkheden om het verlenen van informele zorg sterk uit te breiden, laten
                               discussies met burgers over rechten en geld leidt, terwijl het sinds de decentralisatie    onderzoekers zich over het algemeen niet optimistisch uit.61,62
                               de bedoeling is om maatwerk te bieden voor passende zorg. Zij willen stappen zetten
                               in het normaliseren van zorg en ondersteuning. Anderen zijn het hier niet mee eens.        Mantelzorg
                               Zo werd de regering in een motie van Kamerleden in 2020 juist om het tegengestelde         Een eenduidige omschrijving van mantelzorg is er niet. Beleidsmakers hanteren ver-
                               gevraagd. Ouders van een ernstig ziek kind die thuis medische zorg op zich nemen,          schillende definities afhankelijk van de wet of beleidsregel waarvoor deze bedoeld
                               merken – aldus de indieners – dat het aanbrengen van een katheter of infuusverzor-         is. Dat illustreert meteen de versnipperde bureaucratie en het daaraan gekoppelde
                               ging inmiddels als gebruikelijke zorg wordt gezien. Net zoals het voorlezen van een        informatieprobleem.63 Mantelzorg is volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau
                               boek of tandenpoetsen dat is. De oppositiepartijen wilden dat dergelijke medische          (SCP) “alle hulp aan een hulpbehoevende door iemand uit diens directe sociale omge-
                               handelingen niet langer als gebruikelijke zorg worden gezien, maar voor vergoeding         ving (niet in het kader van een beroep)”. Mantelzorgers zorgen dus niet beroepsmatig,
                               in aanmerking komen.                                                                       maar onbetaald en zonder aan scholings- en andere (wettelijke en kwalitatieve) eisen
                                                                                                                          te hoeven voldoen. Dit zijn echter kenmerken die, zoals we verderop beschrijven, niet
                               De vraag is dus: moeten we stimuleren dat zorghandelingen die door de jaren heen           altijd meer aansluiten op de praktijk.
                               steeds meer vooral of alleen door beroepskrachten werden uitgevoerd, maar die              Ruim 80% van de mantelzorgers biedt gezelschap of emotionele ondersteuning,
                               naasten nu (kunnen) overnemen, zo veel mogelijk als (onbetaalde) gebruikelijke zorg        hulpvormen die voor hulpvragers veel betekenen en waarvoor beroepskrachten
                               wordt beschouwd? Of moeten we voor een dergelijke verschuiving betalen? Of is het          weinig tijd hebben. De helft van de naasten helpt bij vervoer of artsenbezoek,
                               beter om het oordeel over de kwestie of hulpvragers hun problemen zelf dan wel             42% bij administratie, regelzaken en huishoudelijke hulp, en 12% bij persoonlijke
                               met naasten kunnen oplossen van de context te laten afhangen? Dan kan de strakke           verzorging (wassen en wc-gang), en 10% verleent verpleegkundige hulp (medicijn-
                               scheiding tussen wat gebruikelijke en boven-gebruikelijke zorg is worden losgelaten.       verstrekking of wondverzorging).64
                               De belasting en de belastbaarheid van de mantelzorger worden dan het criterium. Als
RVS | Anders leven en zorgen
                               de belasting te groot is of de belastbaarheid beperkt, kunnen de hulpvragers en hun        Het verschil tussen mantelzorgers onderling is groot. Leeftijden en achtergronden
                               naasten ondersteuning krijgen om te doen wat nodig en mogelijk is.55                       variëren, maar zorg- en woonsituaties net zozeer. Zo zijn bijvoorbeeld mantelzorgers
                                                                                                                          van een kind met een beperking levenslang intensief betrokken, in tegenstelling
                                                                                                                          tot bijvoorbeeld mantelzorgers van hulpbehoevende hoogbejaarde ouders. Onder de
                                                                                                                          mantelzorgers zijn vrouwen het sterkst vertegenwoordigd. Dat is een oorzaak van
                                                                                                                          aanhoudende genderongelijkheid, zeker nu de arbeidsparticipatie van vrouwen hoger
                                                                                                                          is dan ooit.65 Van de mantelzorgers is 8% jonger dan 24 jaar.66
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre>     24                                                                                                                                                                                                             25
                               Hoewel mantelzorg over het algemeen vrijwillig is, ervaren naasten dat er een beroep       Soms gebeurt dit samen met beroepskrachten, soms met overheden. Zorgcoöperaties
                               op hen wordt gedaan dat moeilijk te negeren is.67 Mantelzorgers kiezen er vaak niet        zijn een voorbeeld van wat Robert Putnam linking social capital noemde. Ze worden
                               voor, maar het overkomt hen. Zorgen vloeit voort uit de relatie die men met de ander       in gang gezet door actieve burgers, maar zijn voor hun succes meestal afhankelijk
                               heeft. Die relatie is altijd moreel geladen en verbonden met onderlinge verwachtingen.68   van de betrokkenheid van beroepskrachten en de gemeente.79
                               Kwetsbaar zijn degenen die het zwaarst worden belast. Dit zijn helpers van partners,       Op het grensvlak van overheid, markt en samenleving ontstaan door het initiatief
                               van kinderen en van mensen met gedragsproblemen.69 Tijdens de coronacrisis waren           van deze informele zorgverleners nieuwe hybride vormen van publiek-private
                               het vooral helpers van huisgenoten die het grootste risico liepen op overbelasting.70      samenwerking.80 Zij werken lokaal, vanuit betrokkenheid en wederkerigheid: je geeft
                               Uit recente studies blijkt dat mantelzorgers van mensen met psychische of psycho-          iets én je neemt iets.81
                               sociale problemen de laatste jaren meer risico lopen op overbelasting. Daarnaast           De ‘moderne vrijwilliger’ is minder lang gebonden aan een organisatie en het
                               ondervinden mantelzorgers met een niet-westerse migratieachtergrond vaker een              vrijwilligerswerk heeft meer een episodisch karakter.82,83 Dit inzicht heeft geleid tot
                               hoge belasting dan autochtone Nederlanders.71 Het mantelzorgen is niet makkelijker         de ontwikkeling van digitale marktplaatsen (zoals Wehelpen.nl) en lokale makelaars
                               geworden sinds kinderen verder van hun ouders zijn gaan wonen. In totaal voelt 1 op        of platforms voor vrijwillige inzet. Daar kunnen mensen hulp vragen en aanbieden
                               de 10 mantelzorgers zich ernstig belast. Het absolute aantal ernstig belaste mantel-       met een gesloten beurs. Zij die hulp verlenen, sparen punten waarmee zij later voor
                               zorgers is tussen 2016 en 2019 toegenomen van 380.000 naar 460.000 personen.72             zichzelf of voor anderen hulp kunnen ‘kopen’.
                               Wanneer mantelzorgers door overbelasting hun zorgtaken niet meer kunnen                    Maatschappelijke diensttijd
                               volbrengen, kan dat een verlies zijn voor degene die zorg nodig heeft en het kan hoge      De maatschappelijke diensttijd (MDT) is gericht op jongeren tussen de 14 en 27 jaar
                               kosten voor de samenleving met zich meebrengen. Het gaat dan zowel om de kosten            die vrijwillig hun werk- of levenservaring willen vergroten, gedurende minimaal
                               van de professionele inzet voor de hulpvrager als om de (ondersteunings)kosten van         80 uur en maximaal 6 maanden.84 Ze krijgen een begeleider en training, soms een
                               de uitgevallen mantelzorger.73 Omdat de intensiteit en de complexiteit van de zorg         kleine vergoeding en na afloop een certificaat.
                               gezondheidsschade bij deze mantelzorgers veroorzaakt, is overname van uren en              Organisaties kunnen subsidie krijgen om een MDT-project op te zetten, waarbij gelet
                               taken een voor de hand liggende de oplossing. Voor een groot deel van de mantelzor-        wordt op het risico van verdringing op de reguliere stage- en arbeidsmarkt. Van alle
                               gers gaat het zorgen best goed als ze niet te veel mantelzorguren hoeven te verlenen       jongeren die meedoen, komt een deel in aanraking met zorggerelateerd werk. Dit kan
                               en het zorgen bijvoorbeeld met andere naasten of vrijwilligers kunnen delen.74 Om          bijdragen aan verlichting van de arbeidsmarkt: 4 jaar na invoering blijkt dat circa
                               hulp vragen vinden veel mantelzorgers echter moeilijk, en als ze het wel doen, sluit       10% van de jongeren na afronding van de MDT in grote of zeer grote mate betrokken
                               de hulp niet altijd aan bij wat ze nodig hebben.75                                         blijft bij de organisatie.85
                               (Zorg)vrijwilligers                                                                        Zonder betaald werk aan de slag
                               Vrijwilligerswerk is onbetaald en onverplicht werk dat mensen doen voor anderen            Een veelvoorkomende opvatting is dat mensen zonder betaald werk met een uitke-
                               die zorg en/of hulp nodig hebben en met wie ze aanvankelijk geen persoonlijke rela-        ring, geactiveerd zouden moeten worden om informele zorg te verlenen. Dat is te
                               tie hebben. Bij hun werkzaamheden valt te denken aan iemand gezelschap houden,             beschouwen als weer een andere vorm van zorg tussen de ongeschoolde en onbe-
                               inspringen voor vervoer, het huishouden doen, klusjes doen of helpen bij dagactivitei-     taalde familiaire zorg enerzijds en de betaalde en geprotocolleerde beroepsmatige
                               ten. Vrijwilligerswerk kan – net als mantelzorg – structureel of meer incidenteel zijn.    zorg anderzijds in. Onderzoek wijst uit dat er in Nederland voor deze activering van
                               Veel zorgmedewerkers doen naast hun betaalde werk ook nog vrijwilligerswerk in de          mensen zonder betaald werk draagvlak is.86,87
                               zorg. Twee derde van de zorgvrijwilligers doet vrijwilligerswerk via een vrijwilligers-    Gemeenten mogen mensen met een uitkering om een tegenprestatie vragen: een
                               organisatie, zoals Humanitas of De Zonnebloem.76 Een deel heeft betaald werk in de         min of meer ‘verplichte vrijwilligersactiviteit’.88 Mensen met minder kansen op de
                               zorg en doet daarnaast ook nog vrijwilligerswerk. Vrijwilligers bewegen zich tussen        arbeidsmarkt kunnen waardevol vrijwilligerswerk doen in de (formele en informele)
                               enerzijds de familiaire zorg en anderzijds de beroepsmatige zorg die wordt verricht        zorg. Dat zouden bijvoorbeeld langdurig werklozen of asielzoekers kunnen zijn.
                               door betaalde krachten met een vakopleiding. Ze hebben meer afstand tot de hulpvra-        Vrijwilligerswerk voor mensen zonder baan wordt in de meeste gemeenten vooral
RVS | Anders leven en zorgen
                               ger dan naasten, maar kunnen tegelijkertijd dichter bij de hulpvrager staan dan de         gezien als opstap naar integratie op de arbeidsmarkt. Dat brengt doorgaans een ver-
                               beroepskracht, omdat ze geen tijd hoeven te schrijven en geen protocollen hoeven te        plicht minimaal aantal werkuren, sollicitatieplicht, dreigende kortingen op uitkerin-
                               volgen.77 Dit wordt ook wel de vrijheid van de ‘liminale ruimte’ genoemd.78                gen en (te) hoge verwachtingen met zich mee. Deze weinig flexibele focus op re-inte-
                               Een derde van de vrijwilligers is niet gebonden aan een organisatie. Zij zijn actief       gratie in de arbeidsmarkt in plaats van een warme toeleiding naar de informele zorg
                               binnen burgerinitiatieven op het gebied van de zorg, maar kunnen ook individueel           laat mogelijk de potentiële waarde van deze groep onbenut. Gepensioneerden kunnen
                               anderen helpen. Bewonersinitiatieven en zorgcoöperaties nemen steeds vaker zelf            ook na het beëindigen van hun carrière van grote betekenis voor anderen zijn. Eerder
                               (vrijwillig) de verantwoordelijkheid voor de leefbaarheid in hun dorp of (stads)wijk op    stelde de RVS dat mensen in hun derde levensfase vaker en op een passende manier
                               zich door diensten rond ondersteuning, welzijn, zorg en wonen te organiseren.              kunnen worden uitgenodigd om deel te blijven nemen aan de maatschappij.89
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre>     26                                                                                                                                                                                                          27
                               Informele zorg: beloning en steun                                                         stimuleren. Verstrekkers zouden samen met de (potentiële) budgethouders, en meer
                                Alvorens we verschillende verschijningsvormen van formele zorg beschrijven, staan        vanuit vertrouwen dan controle, moeten zoeken naar de best passende oplossing bij
                                we stil bij het vraagstuk van beloning en betaling van mantelzorg. Dat naasten           de hulpvraag.93
                                via een budget van hulpvragers betaald kunnen worden, is niet nieuw. Sinds de
                                invoering van het persoonsgebonden budget (pgb) in de jaren 90 is dat mogelijk.          Tegemoetkoming mantelzorgers
                                Met de toenemende druk op zowel formele als informele zorg dringt de vraag zich          De Wmo verplicht gemeenten om niet alleen hulpvragers, maar ook mantelzorgers
                                echter nadrukkelijker op of zorgende naasten niet beter gewaardeerd en ondersteund       en vrijwilligers actief te ondersteunen. Gemeenten kunnen mantelzorgers tegemoet-
                                moeten worden. Moeten zij niet zelf – dus direct en niet via de hulpvrager – betaald     komen met gestes ‘als dank’ voor hun inzet. Het mantelzorgcompliment van € 250 uit
                                krijgen ter compensatie van de uren die zij in het zorgen steken en niet voor iets       2007, bedoeld als tastbare waardering voor mantelzorgers, is geen succes geworden.
                                anders kunnen gebruiken? Alvorens daarop in te gaan, besteden we aandacht aan            De regeling bleef onbekend en de administratieve lasten of risico’s op kortingen
                                de al bestaande betaling uit het pgb: de zogenoemde geïndiceerde informele zorg en       vonden velen niet opwegen tegen de opbrengsten. In 2015 werd het compliment onder
                                (andere dan financiële) vormen van mantelzorgondersteuning.                              de nieuwe naam ‘mantelzorgwaardering’ overgeheveld naar gemeenten. Sindsdien
                                                                                                                         zijn de verschillen in waardering per gemeente groot (van een bloemetje of kortings-
                                Geïndiceerde informele zorg                                                              pas tot een geldbedrag van € 300) en is de waardering in tientallen gemeenten zelfs
                                Informele zorg is in principe onbetaald, maar een klein percentage mantelzorgers         afgeschaft. Het is onduidelijk hoeveel mantelzorgers de tegemoetkoming aanvragen.
                                krijgt via een pgb van de hulpvrager een financiële vergoeding waarmee ze zelf           Bij 1 op de 5 gemeenten is de informatievoorziening zo gebrekkig of de aanvraagpro-
                                ondersteuning kunnen inkopen. Hulpvragers huren hun naasten bijvoorbeeld in voor         cedure dermate ingewikkeld dat van ontmoediging kan worden gesproken.94
                                huishoudelijk werk of begeleiding en krijgen zo automatisch een arbeidsrelatie met
                                elkaar. De meeste informele zorgverleners die dit geld ontvangen, zorgen niet om         Respijtzorg (ondersteuning in natura)
                                financiële redenen. Wanneer er geen pgb-vergoeding zou zijn, zou een ruime meerder-      Naast financiële tegemoetkomingen zijn er voor mantelzorgers andere vormen van
                                heid de ondersteuning op dezelfde manier blijven geven.90                                ondersteuning. Dit varieert van respijtzorg en dagopvang tot de mantelzorglijn.
                                Gemeenten hebben herhaaldelijk hun vraagtekens bij de regeling gezet. Een dochter        Het gebruik van mantelzorgondersteuning varieert per voorziening. Respijtzorg
                                is een mantelzorger en mantelzorg is per definitie onbetaald, stelde de gemeente         kan mantelzorgers tijdelijk een adempauze geven, maar slechts een vijfde tot een
                                Etten-Leur in een rechtszaak.91 “Het voelt onrechtvaardig als een dochter voor twee      kwart van hen ontvangt respijtzorg. Voor de mantelzorgers en degenen voor wie zij
                                uur huishoudelijke hulp wordt betaald, terwijl er zoveel andere mantelzorgers            zorgen is de respijtzorg vaak niet passend. Hulpvragers weerhouden mantelzorgers
                                zijn die het gratis doen”, stelde de jurist van de gemeente. Zo kan het ook oneerlijk    er ook wel van om er gebruik van te maken. Een aanzienlijke groep mantelzorgers
                                aandoen dat de ene partner van een alzheimerpatiënt aanzienlijke bedragen voor de        weet bovendien de weg niet te vinden naar de verschillende voorzieningen en weet
                                dagelijkse zorg ontvangt, terwijl de andere partner dezelfde zorg ‘om niet’ biedt. De    evenmin wat hen het meest zou helpen.95
                                rechter stelde echter vast dat mantelzorg niet af te dwingen is. In de pgb-regelgeving   De gelden die gemeenten krijgen voor mantelzorgondersteuning zijn niet geoor-
                                staat dat die aan te wenden is voor het inhuren van naasten. Een informele zorgverle-    merkt. Dat heeft volgens de directeur van de belangenvereniging MantelzorgNL tot
                                ner kan maximaal 40 uur zorg per week leveren tegen een gelimiteerd tarief.              gevolg dat nagenoeg geen enkele gemeente het bedrag uitgeeft dat voor mantelzorg­
                                                                                                                         ondersteuning beschikbaar is (circa € 100 miljoen per jaar). Gemeenten hechten aan
                                Recent zijn in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport         de beleidsvrijheid die ze hebben gekregen. Informele zorgverleners hebben daardoor
                                (VWS) onderzoeken naar het pgb gedaan, ook naar het zogenoemde pgb informele             weinig mogelijkheden om ondersteuning af te dwingen.
                                zorg. Een groot deel van de budgethouders en betaalde naasten blijkt tevreden met
                                de regeling vanwege de eigen regie, de flexibiliteit en de vertrouwensband met de        Betaling van mantelzorg
                                zorgverleners. Over het geheel genomen is het pgb van grote waarde voor hen.             Nu het aantal mantelzorgers achterloopt op de groeiende zorgvraag, krijgt het debat
                                Het is een regeling die ook ruim baan maakt voor de samenwerking tussen formele          over het betalen van mantelzorgers nieuwe dimensies. Betalen van mantelzorg lijkt
                                en informele zorg en die mensen zonder opleiding in staat stelt zich te bekwamen         een contradictie, omdat mantelzorg iets is dat je gewoon doet omdat iemand je nabij
RVS | Anders leven en zorgen
                                in het zorgen.                                                                           is. Toch is het zinvol om dit vraagstuk opnieuw in het debat te brengen. Betaling van
                                De ongewenste neveneffecten zijn volgens de onderzoekers dat de kwaliteit van de         mantelzorg kent voor- en nadelen, die tegen elkaar afgewogen moeten worden.
                                zorg lastig toetsbaar is, er binnen een familie een inkomensafhankelijkheid van het
                                pgb kan ontstaan en er mogelijkheden zijn voor oneigenlijk gebruik.92 Dat het pgb
                                behouden moet blijven vanwege zijn waarde voor mensen staat volgens de rapporten
                                buiten kijf, maar een van de aanbevelingen is te zorgen dat innovatief aanbod
                                ‘niet blijft hangen’ in het pgb. Zorgvormen tussen het pgb en zorg in natura zouden
                                ook gestimuleerd moeten worden. Dat betekent ruimte voor variatie scheppen en
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>     28                                                                                                                                                                                                            29
                                Voorstanders zeggen dat betaling van mantelzorg leidt tot meer zorg voor alle              Zzp’ers in de zorg
                                mensen die nu en straks hard hulp nodig hebben. Het kan een extra zetje zijn voor          Het aantal zzp’ers in de zorg groeit inmiddels heel snel.100 Het ministerie van VWS
                                mannen om hun nu nog achterblijvende aandeel te leveren. Betaling van mantelzorg           overwoog in 2020 onder meer een maximumtarief in te stellen voor zzp’ers, maar
                                is een zekere erkenning van alle inspanningen die iemand vaak jarenlang en inten-          belangenorganisatie ZZP Nederland vindt het beknotten van zelfstandigen onver-
                                sief pleegt ten koste van tijd voor iets anders of zichzelf. Omdat mantelzorgen vaak       standig omdat “we er alles aan moeten doen om iedereen voor de zorg te behouden.
                                iets is dat mensen overkomt, zou het volgens de voorstanders niet onredelijk zijn om       In welke werkvorm dan ook”.101 Dat kan effecten hebben op de samenwerking tussen
                                daar een waardering in de vorm van een vergoeding tegenover te stellen.                    formele en informele zorg. De achterblijvers in de vaste teams van zorgorganisaties
                                Tegenstanders vinden dat betaling van mantelzorg de gedachte ondergraaft dat               ondervinden nadelen van de vrijblijvendheid van zzp’ers, zeggen arbeidsmarktspe-
                                mensen elkaar onderling moeten steunen. Het kan leiden tot scheve verhoudingen             cialisten bij de vakbond en werkgevers. Zij blijven zitten met de onaantrekkelijke
                                tussen mantelzorgers en hulpvragers. Tegenover betaling staan ook plichten. Dat kan        diensten en administratie en komen zo – met steeds moeilijker rond te krijgen
                                spanningen opleveren binnen families. De verplichtingen kunnen ook tot verhoogde           roosters – in een negatieve spiraal. Hulpvragers, naasten en vrijwilligers zien (nog)
                                druk van de mantelzorger leiden, zeker als deze nog werkt. Binnen families kan het         meer wisselende gezichten en kunnen minder bouwen op relaties.102 De zzp’ers
                                relaties onder druk zetten. Wie krijgt hoeveel, wie bepaalt dat, en wanneer is iets        werken hier en daar in verkapt dienstverband. De Wet deregulering beoordeling
                                eigenlijk mantelzorg? Om (rechtmatige) betalingen te kunnen doen, is een bureaucra-        arbeidsrelaties (DBA) verbiedt dat. Betere handhaving kan het aantal ongewenste
                                tisch controlesysteem nodig. Bij een redelijk tarief voor mantelzorg kunnen werkne-        verkapte dienstverbanden verminderen.
                                mers de arbeidsmarkt verlaten die daar niet gemist kunnen worden. Is de betaling
                                laag, dan kan het leiden tot armoede (zie bijlage met voorbeelden uit het buitenland).96   Commerciële mantelzorgaanbieders
                                                                                                                           In het brede spectrum van zorgvormen manifesteren commerciële bureaus zich de
                                Vrijwilligersvergoeding                                                                    laatste jaren steeds meer. Die bureaus bieden zorgdiensten aan om hulpbehoevende
                                Vrijwilligers kunnen al jaren een vergoeding krijgen voor hun inzet. De vergoeding         mensen tegen betaling te helpen. Ze zetten ‘vervangende mantelzorg’ in voor
                                kan gevolgen hebben voor iemands uitkering. De vrijwilligersregeling is bedoeld als        werkzaamheden als lichte huishoudelijke hulp, persoonlijke begeleiding of verzor-
                                vergoeding voor gemaakte kosten. Als het totaalbedrag van vergoedingen (financieel         ging en gezelschap. Doel is de mantelzorger te ontlasten. Hulpvragers en hun naasten
                                en in natura) onder de € 1.800 per jaar blijft, is het belastingvrij. Wie bij meerdere     kunnen korte lijnen en snelle service aantreffen bij deze nieuwe toetreders (denk aan
                                organisaties als vrijwilliger werkt en meer krijgt dan de maximumvergoeding, kan           Mantelaar of Saar aan huis) die vanwege hun beperkte omvang doorgaans wendbaar-
                                hiervoor worden belast met inkomstenbelasting.97 Onduidelijkheid over de regels kan        der zijn dan de grote zorginstellingen. De dienstverleners hebben een contract met
                                leiden tot discussie en een gevoel van ongelijkheid tussen vrijwilligers.                  de hulpvragers en geen werkgevers-werknemersrelatie met het bureau. Het bureau
                                                                                                                           bemiddelt slechts en ontvangt daar een percentage van het loon van de dienstverle-
                               Formele zorg                                                                                ners voor (dat de hulpvrager zelf betaalt of bijvoorbeeld uit zijn pgb).
                                Diegenen die beroepsmatig in de zorg werken en daarvoor aanspraak maken op
                                betaling van loon, vallen onder de term formele zorg.98 Zij hebben doorgaans een           Het pgb is in de loop der tijd meerdere doelen/belangen gaan dienen, deels gewenst
                                zorgopleiding gevolgd. Ook zijn er betaalde medewerkers in de zorg die geen zorgop-        en deels ongewenst. Bemiddelingsbureaus hebben kansen gezien om hieraan te ver-
                                leiding gevolgd hebben. Zij voeren dan taken uit die informele zorgverleners doen          dienen.103 Op de vraag welk percentage van het zorggeld naar commerciële bureaus
                                en zijn bijvoorbeeld aan te duiden als commerciële mantelzorgers. Binnen de groep          gaat en wat aanvaardbaar is, bestaat geen eenduidig antwoord.104
                                formele zorgverleners treden ook steeds meer beroepskrachten uit dienst om als             Sommige hulpvragers hebben geen sociaal netwerk dat (voldoende) zorg kan bieden.
                                zzp’er aan de slag te gaan.                                                                Anderen willen familie niet belasten met zorg of hebben verstoorde relaties met
                                                                                                                           elkaar waarin complexe machtsverhoudingen geslopen zijn. Op die ‘zorgmarkt’
                                Zorgverleners in loondienst                                                                spelen deze nieuwe toetreders in.
                                De grote groep zorgverleners in loondienst vormt de klassieke ‘handen aan het bed’.        De mensen die het werk bij de zorgvragers feitelijk uitvoeren, hebben vaak geen
                                In totaal werken er 1,4 miljoen mensen in zorg en welzijn en is de sector daarmee          werknemersbescherming en een zwakke rechtspositie (zij hebben geen rechten bij
RVS | Anders leven en zorgen
                                de grootste werkgever in Nederland. Deze beroepskrachten werken intramuraal en/            ziekte of arbeidsongeschiktheid). Overheden worstelen met dit nieuwe fenomeen.105
                                of extramuraal voornamelijk in de verpleging, verzorging en thuiszorg (VVT), de            Gemeenten kunnen deze zorg momenteel niet inkopen als zorg in natura (binnen de
                                gehandicaptenzorg, de ggz en het welzijnswerk. In de praktijk doen ze het meeste           Wmo), omdat er geen sprake is van een werkgevers-werknemersrelatie. Daarvoor is
                                werk bij mensen thuis, aangezien er tegenwoordig relatief weinig hulpvragers in een        een wetswijziging nodig. De ontginning van deze zorgmarkt roept vragen op, onder
                                instelling wonen. Een ruime meerderheid van de beroepskrachten is vrouw. Binnen            andere over (toezicht op) kwaliteit, bescherming van medewerkers en solidariteit. We
                                de sector Zorg en Welzijn is de ouderenzorg (VVT) verreweg de grootste branche. 99         komen daar in hoofdstuk 5 op terug.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre>     30                                                                                                                                                                                                            31
                               Mantelzorg in loondienst                                                                  Andere organisaties volgen dit voorbeeld. Amstelring werft sinds kort bijvoorbeeld
                               In 2020 duikt er weer een nieuwe zorgvorm op. In de media verschijnen berichten           zogenoemde Blijmakers. Zij verlenen zorg, maar faciliteren vooral een betekenisvol
                               dat verpleeghuizen voor het eerst mantelzorgers in dienst nemen, voor een paar            leven voor verpleeghuisbewoners en zijn zo een welkome aanwinst voor hulpvragers
                               uur per week. Zorgorganisatie Cicero loopt hierin voorop. Het gaat om kleinschalige       én zorgorganisaties. Het team van Blijmakers bestaat uit medewerkers mét en
                               experimenten, ingegeven door oplopende personeelstekorten. Naasten krijgen van            zonder zorgopleiding. De laatsten hebben ervaring als bijvoorbeeld schoolconciërge,
                               Cicero een kleine vergoeding voor hun bijdrage aan de zorg voor hun vader, moeder of      kunstenaar of horecamedewerker. De eersten borgen de kwaliteit en ondersteunen
                               partner in het verpleeghuis. In ruil daarvoor committeren zij zich aan een structurele    hun collega-Blijmakers ‘in opleiding’.107
                               bijdrage waarop de zorgorganisatie kan rekenen.                                           Een vraagstuk dat bij deze initiatieven opkomt, is hoe de financiële waardering van
                               In deze ontwikkeling is inmiddels een volgende stap gezet. Informeles, voorheen een       deze medewerkers zonder zorgopleiding uitpakt. De systematiek van functiewaarde-
                               thuiszorginstelling die zich nu bewust alleen nog maar richt op informele zorg, legt      ring (FWG) en de cao kennen weinig flexibiliteit. Beroepskrachten hebben er moeite
                               contact met (overbelaste) mantelzorgers die voordien niet wisten dat ze aanspraak         mee dat medewerkers zonder zorgopleiding, maar met waardevolle competenties en
                               op een pgb kunnen maken. Informeles regelt een indicatie en/of een pgb en neemt           andere opleidingen, op het niveau van helpenden worden ingeschaald.
                               vervolgens de rol van werkgever op zich. Partners en kinderen die gewend waren om
                               kosteloos voor hun naaste te zorgen, krijgen nu van Informeles loon conform de cao        Ervaringsdeskundigen
                               (inclusief WW, pensioen, vakantiegeld en eindejaarsuitkering).                            Tot de formele zorg kunnen sinds een aantal jaar ook ervaringsdeskundigen gerekend
                                                                                                                         worden. Cliëntenbewegingen binnen de ggz hebben zich hard gemaakt voor de inzet
                               Gezellen en Blijmakers: betaalde aandachtgevers                                           van hun expertise. Zo zijn in de verslavingszorg steeds meer mensen werkzaam met
                               Nog een innovatieve vorm van formele zorg ‘light’ is de zorggezel. In 2016 introdu-       het nieuwe beroep van ervaringsdeskundige. Zij werken aan ‘herstel’ van de hulp-
                               ceerde zorgorganisatie Pleyade deze functie, bedoeld om ouderen meer aandacht te          vrager en fungeren als rolmodel, en doordat zij vergelijkbare ervaringen hebben, is
                               geven. De zorggezellen zijn extra hulpkrachten (met geen of geringe opleiding) naast      er veel meer sprake van gelijkwaardigheid in de begeleidingsrelatie. Andere sectoren
                               de beroepskrachten en vrijwilligers. Ze doen datgene waaraan beroepskrachten met          volgen dit voorbeeld.
                               een zorgopleiding door de toenemende zorgvraag niet meer toekomen. Ze fungeren
                               als luisterend oor en geven persoonlijke aandacht aan bewoners, bijvoorbeeld door         Nieuwe vormen door scheiden van wonen en zorg
                               samen activiteiten te ondernemen (wandelen, spelletje spelen etc.). De zorggezellen       Sinds de invoering van scheiden van wonen en zorg is het strikte onderscheid tussen
                               bouwen een vertrouwensband met hulpvragers op, luisteren naar hun wensen en               intramurale en extramurale voorzieningen vager. De opkomst van nieuwe woonvor-
                               laten de invulling van de eigen functie hierop aansluiten. Met de zorggezel zet de        men, zoals Volledig Pakket Thuis (VPT) en Modulair Pakket Thuis (MPT), verandert de
                               sector een stapje richting scheiding van het welzijnbevorderend deel van het zorg         relatie tussen formele en informele zorg. Bij deze woonvormen wonen de hulpvragers
                               verlenen en meer fysiek gerelateerde werkzaamheden, zoals ondersteuning bij alge-         in een woning die zij zelf huren of bezitten. Als mensen in hun eigen woning wonen,
                               mene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) en het uitvoeren van verpleegtechnische         kan daar geen 24-uurs toezicht zijn, zoals in de zorginstelling. De vraag en het
                               handelingen. Dit heeft mogelijk negatieve invloed op de motivatie van beroepskrach-       gesprek over wat het netwerk kan doen, wat verantwoord is zonder 24-uurs toezicht
                               ten die vaak voor het werk kozen juist vanwege de mogelijkheid om warme aandacht          en welke risico’s acceptabel zijn om de kwaliteit van leven in de thuissituatie hoog te
                               te geven aan mensen die dat nodig hebben. Anderzijds kan het voor de hulpvragers          houden, komt daardoor snel in beeld. Deze zorgvormen scheppen mogelijkheden voor
                               en het team van beroepskrachten evenzeer een uitkomst zijn. Hetzelfde negatieve           een andere personeelsmix dan in zorginstellingen. De zorgorganisatie kan maat-
                               effect geldt mogelijk voor de reguliere vrijwilligers, die nu zien dat wat zij voorheen   schappelijk werkers en helpenden (zorgmedewerkers niveau 2) inzetten, hetgeen niet
                               gratis deden, nu wordt uitgevoerd door betaalde krachten. In een situatie waarin          kan in de reguliere wijkverpleging.108
                               die vrijwilligers niet voorhanden zijn, kan een dergelijke betaalde constructie voor
                               zorgorganisaties een praktische oplossing zijn.                                           Ouderinitiatieven
                                                                                                                         Tot slot verdienen ouderinitiatieven nog aandacht. Die zijn ontstaan omdat ouders
                               Na de zorggezel lanceerde de organisatie de functie van teamgezel. Daarmee wil            graag de zeggenschap behouden over de zorg. Er worden kleinschalige woonini-
RVS | Anders leven en zorgen
                               zij de zorgteams ontlasten door te focussen op ondersteuning bij bijvoorbeeld de          tiatieven opgericht om voor hun gehandicapte kinderen een goede woonplek te
                               maaltijden of bij het douchen, aankleden en naar bed gaan van de hulpvrager. In de        creëren. De ouders hebben zelf vaak een rol in de ondersteuning van hun kinderen,
                               krant stond: “eigenlijk dezelfde ondersteuning die bijvoorbeeld een mantelzorger,         maar huren daarnaast ook zorgverleners in. De kinderen met een beperking en hun
                               kind of kleinkind biedt als de oudere nog thuis woont en hulp nodig heeft”.106 Hoe de     dierbaren voelen zich geen gast, maar eigenaar van ‘hun’ huis. Ouderinitiatieven
                               werkdag van een teamgezel er precies uitziet, is afhankelijk van de behoeften binnen      zijn met name interessant, omdat ze een individuele regeling (het pgb) opnieuw
                               het team. Voor de functie van teamgezel is geen voltooide zorgopleiding nodig. Om de      collectief maken om als groep informele zorgverleners meer greep te krijgen op de
                               teamgezel een goede start te geven, biedt de zorgorganisatie een uitgebreide introduc-    formele zorgverlening.
                               tiecursus aan.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre>     32                                                                                                                                                                                                             33
                               2.4 Continuüm                                                                               Vermarkting betekent een verschuiving naar meer betrokkenheid van de markt,
                                                                                                                           waaronder ook private financiering van zorg. In de onderliggende economische
                                Deze ecologie van de zorg maakt duidelijk dat er in Nederland in de loop der tijd
                                                                                                                           zorglogica staat het commerciële, particuliere initiatief centraal, waarbij vraag en
                                allerlei mengvormen zijn ontstaan van betaalde, onbetaalde, formele, informele,
                                                                                                                           aanbod de regulerende mechanismen zijn en keuzevrijheid een centrale waarde is.
                                georganiseerde, ongeorganiseerde, en meer of minder vrijwillige zorg. Onder druk
                                                                                                                           Zweden bijvoorbeeld voerde 15 jaar geleden een belastingvoordeel in op de private
                                van de toenemende personeelsschaarste en nieuwe manieren die worden gevonden
                                                                                                                           inkoop van huishoudelijke zorg.
                                om hiaten in de zorg op te vullen, zal die variëteit alleen maar groter worden.
                                Er is hierdoor geen absoluut onderscheid (meer) te maken tussen ‘beroepsmatige’
                                                                                                                          Diversiteit omarmen
                                en ‘niet-beroepsmatige’ zorg. Er is veeleer sprake van een continuüm, waarbij tussen
                                                                                                                           Zorgverleners zijn er in vele soorten en maten, mede ingegeven door beleidsmaat-
                                de 2 stereotypen van onbetaald, ongeschoold en privé (informeel) enerzijds en
                                                                                                                           regelen, afwisselend gericht op familialisering, vermaatschappelijking dan wel
                                betaald-opgeleid en publiek (formeel) anderzijds allerlei mengvormen zijn ontstaan.
                                                                                                                           vermarkting. De variatie is groot, zelfs binnen vermeende categorieën. Die variatie
                                En elk met eigen voor- en nadelen. Deze hybride vormen van zorg houden zich niet
                                                                                                                           is ons inziens in het licht van de arbeidsmarkttekorten als een groot goed te
                                aan de grenzen van wetten en protocollen. De drang om kaders en definities te stellen
                                                                                                                           beschouwen. Als we hybride vormen en permeabele scheidingen tussen zorgvormen
                                staat soms zelfs goede (of betere) zorg in de weg (waarover meer in hoofdstuk 3). In de
                                                                                                                           willen stimuleren, rijst de vraag of veel van de huidige terminologie en regelgeving
                                praktijk is zorg meer dan ooit te beschouwen als een continuüm. In dit hele zorgcon-
                                                                                                                           nog adequaat is, zoals het onderscheid tussen gebruikelijke zorg en mantelzorg,
                                tinuüm zijn de grenzen tussen de vertrouwde categorieën zoals formeel-informeel
                                                                                                                           en misschien zelfs het onderscheid tussen formele en informele zorg. De hulp-
                                vervaagd. Of de spanning tussen definities en wat impliciet altijd al hybride en
                                                                                                                           vragers (die kunnen switchen van naastenhulp naar thuiszorg en instellingszorg
                                gemengd was, is scherper aan het licht gekomen.
                                                                                                                           of vormen hiervan combineren) zouden geen hinder moeten ondervinden van
                                                                                                                           scheidingen die de systeemwereld heeft aangebracht. Naasten, vrijwilligers en
                               Zorglogica’s
                                                                                                                           beroepskrachten evenmin.
                                Hybride zorg hoeft geen probleem te zijn. Wel is het van belang om de voornaamste
                                accentverschillen van de zorglogica’s die aan deze mengvormen ten grondslag liggen,
                                                                                                                          Mogelijke neveneffecten ondervangen
                                te duiden. Grofweg zijn er 3 trends te ontdekken in de wijze waarop zorgverantwoor-
                                                                                                                           De variëteit aan zorgvormen koesteren – op het snijvlak van familialisering, ver-
                                delijkheden verschuiven, nu we minder kunnen verwachten van de verzorgingsstaat:
                                                                                                                           markting en vermaatschappelijking – in plaats van begrenzen, vergt een alertheid op
                                familialisering, vermaatschappelijking en vermarkting van de zorg. Ook in het
                                                                                                                           mogelijke neveneffecten (zie voor buitenlandse voorbeelden ook de bijlage).
                                buitenland vinden deze verschuivingen plaats (zie bijlage).
                                                                                                                           Bij de inzet op familialisering is een bekend neveneffect dat vooral vrouwen zorgtaken
                                                                                                                           op zich nemen.111 Op collectief niveau kan ook nog eens gesteld worden dat verschillen
                                Familialisering houdt in dat de overheid maatregelen neemt die het makkelijker of
                                                                                                                           tussen families of familieleden toenemen doordat sommigen overbelast raken met
                                aantrekkelijker maken of zelfs verplichten om voor naasten te zorgen. De familiale
                                                                                                                           zorgtaken, terwijl andere families of familieleden juist weinig op hun schouders
                                zorglogica steunt op informele solidariteit: het geheel van opvattingen, normen en
                                                                                                                           nemen. Daarnaast weten we uit onderzoek dat Nederlanders hun bedenkingen hebben
                                waarden dat naasten er ‘spontaan’ toe aanzet ten opzichte van elkaar wederkerigheid
                                                                                                                           bij gedwongen zorg voor naasten.112 Hulpbehoevenden vinden het ook niet altijd
                                en onderlinge verantwoordelijkheid te betrachten.109 Spontaan staat hierbij tussen
                                                                                                                           prettig om afhankelijk te zijn van naasten, hen te ‘belasten’ met zorgtaken en hierin
                                aanhalingstekens, omdat normen en waarden in de familiesfeer ook dwingend
                                                                                                                           weinig tot geen keuzevrijheid te hebben.113
                                kunnen zijn.
                                                                                                                           Zorgethica Joan Tronto noemde ideeën voor een zorgplicht al een tijd geleden ver-
                                De plicht die op kinderen in Duitsland rust om te betalen voor het verpleeghuis
                                                                                                                           ouderd en niet van bovenaf te regelen.114 Niettemin kan normstellend beleid in de
                                van hun ouders is daar een voorbeeld van. In Nederland bestaat overigens ook
                                                                                                                           praktijk – de keerzijden even buiten beschouwing latend – leiden tot meer betrok-
                                een wettelijke plicht om in het levensonderhoud van ouders te voorzien als deze
                                                                                                                           kenheid van naasten. Dat laten buitenlandse voorbeelden ook zien (zie bijlage). In
                                behoeftig zijn, maar dat is een slapend wetsartikel (artikel 1:392 1 lid b van het
                                                                                                                           2012 kondigde een Nederlandse ouderenzorgorganisatie aan dat naasten voortaan
                                Burgerlijk Wetboek).
                                                                                                                           verplicht 4 uur per week moesten bijspringen voor welzijnsgerichte taken zoals gaan
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                           wandelen, een praatje maken of een spelletje doen.115 Na verzet van de naasten van
                                Vermaatschappelijking van de zorg duidt op een bredere betrokkenheid en ver-
                                                                                                                           bestaande bewoners zag men uiteindelijk af van een verplichting, maar de familie
                                spreiding van zorgtaken onder de hele bevolking, vaak via de lokale gemeenschap.
                                                                                                                           van nieuwkomers wordt nu wel gevraagd om akkoord te gaan met de gebruiken van
                                Deze zorglogica is gelijk aan die van familialisering, alleen vertrekt die niet vanuit
                                                                                                                           het huis. Van iedereen wordt een bijdrage ‘verwacht’. Mensen die niet bereid zijn
                                verwantschap. Het gaat dan om een communitaristische solidariteit, gebaseerd op
                                                                                                                           wat uren te schenken aan de zorg in het huis, zullen op zoek moeten gaan naar een
                                vriendschap, (geografische) nabijheid of onderscheidende identiteiten zoals geloof
                                                                                                                           andere woning voor hun ouders.
                                of leeftijd.110 In Japan bijvoorbeeld stuurt de overheid op het versterken van lokale
                                gemeenschappen en een andere inrichting van steden.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>     34                                                                                                                                                                                                            35
                               Bij vermaatschappelijking van zorg – volgens het communitaristische ideaal – zou            2.5 Samengevat
                               de zorg in beginsel veel gelijker verdeeld zijn over burgers dan bij familialisering.
                                                                                                                            In de afgelopen decennia is onze interpretatie van wat onder de zorg valt slui-
                               Echter, om hiertoe te komen is er wel drang of dwang nodig, waar doorgaans veel
                                                                                                                            penderwijs verbreed en is het zorgverlenen in toenemende mate verzakelijkt en
                               weerstand tegen is.116 Een ander principe dat past bij vermaatschappelijking is
                                                                                                                            geprotocolliseerd. Zo vinden mensen in meerderheid dat de zorg voor ouders een
                               uitgaan van wederkerigheid, waarbij hulpvragers niet alleen iets ontvangen, maar
                                                                                                                            taak van de overheid is, maar zelf vindt de overheid zich steeds minder de eerstver-
                               ook iets teruggeven in natura. Dat is alleen vaak wel beperkt tot de lichtere hulp-
                                                                                                                            antwoordelijke. Daarbij wordt informele zorgverlening tussen burgers onderling in
                               vormen; de zwaardere zorg leent zich hier (vooralsnog) minder goed voor. Andere
                                                                                                                            het publieke debat nogal eens geproblematiseerd als belastend en zwaar, wat het
                               vormen van wederkerigheid zijn ook denkbaar, zoals studenten die goedkoop een
                                                                                                                            voor een zekere groep ontegenzeggelijk ook is, maar niet voor iedereen. Nu de zorg
                               woning krijgen in ruil voor zorg aan ouderen. De belofte van vermaatschappelijking
                                                                                                                            met urgente personeelstekorten kampt, kan het behulpzaam zijn om de klassieke
                               van zorg is dus dat meer burgers overgaan tot actieve solidariteit. In de praktijk blijkt
                                                                                                                            dichotomie tussen ‘formele’ en ‘informele’ zorg ter discussie te stellen en de vele
                               dit nog lastig voor elkaar te krijgen, doordat onze maatschappij hier (nog) niet op is
                                                                                                                            hybride meng- en tussenvormen als een continuüm van zorg te zien en als startpunt
                               ingericht. Daardoor kan het inzetten op vermaatschappelijking uiteindelijk ook tot
                                                                                                                            te nemen voor een mogelijke herijking van de relatie tussen naasten, vrijwilligers
                               ongelijkheden leiden tussen burgers die wel en burgers die geen actieve bijdrage
                                                                                                                            en beroepskrachten.
                               leveren. Kwetsbare hulpvragers en naasten die niet goed ‘nee’ durven zeggen als
                               gemeenteambtenaren aan de keukentafel een moreel appel op hen doen om zo veel
                               mogelijk zelf op te lossen, zouden benadeeld kunnen worden ten opzichte van de
                               meer mondige wegkijkers.117 Het beginsel van zelfredzaamheid, dat leidend is bij de
                               keukentafelgesprekken, kan averechts werken, omdat dit het etaleren van mach-
                               teloosheid kan stimuleren. “Maak je niet op voor het keukentafelgesprek”, horen
                               hulpvragers wel eens, “want dan zie je er depressiever uit en krijg je meer zorg.”
                               Wie zegt: “Ik heb niemand, ik zie niemand, niemand kan me helpen”, krijgt meer
                               steun van de overheid.118
                               Bij vermarkting tot slot is het mogelijke nadelige bijeffect dat mensen die wel de
                               financiële middelen hebben, gemakkelijk hulp inkopen en over meer en betere zorg
                               zullen beschikken dan degenen die hiertoe niet in staat zijn. De zorgkloof tussen
                               rijk en arm kan hierdoor groeien, met allerlei onbedoelde neveneffecten, zoals een
                               verdere toename van het verschil in (gezonde) levensjaren.
                               Familialisering, vermaatschappelijk en vermarkting zijn trends die alle drie gaande
                               zijn in de Nederlandse samenleving en die bijdragen aan het continuüm van de zorg.
                               Om dit continuüm in al zijn verschijningsvormen een extra stimulans te geven,
                               is het belangrijk om de diversiteit ervan te omarmen. Tegelijkertijd moeten we
                               de genoemde neveneffecten zo veel en zo slim mogelijk zien te ondervangen om
                               ongewenste verschillen en tegenstellingen te vermijden.
RVS | Anders leven en zorgen
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>     36                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                37
                               ZORGCONTINUÜM
                                                                    Zorgvrijwilligers                                                                Geïndiceerde                                             Gezellen en Blijmakers                                                            Zeer gespecialiseerde
                                                                    Onbetaald, wel/niet opgeleid, minder
                                                                                                                                                     informele zorg                                           Minder betaald dan beroepskrachten, niet
                                                                                                                                                                                                                                                                                                zorgverleners
                                                                    grote nabijheid dan naaste, mogelijk                                             Betaald, niet opgeleid,                                  of nauwelijks opgeleid, meer nabijheid dan                                        (bv. medisch specialisten): betaald,
                                                                    grotere nabijheid dan beroepskracht.                                             grote nabijheid.                                         beroepskracht, minder dan naasten.                                                opgeleid, geen nabijheid.
                               Gebruikelijke zorg                                                      Mantelzorg                                                              Commerciële                                                          Verzorgenden in loondienst
                               Hulp die mag worden verwacht van partner,                               Geen betaling, geen opleiding, grote nabijheid.
                                                                                                                                                                               mantelzorg                                                           Betaald, opgeleid, minder grote nabijheid
                               ouders, inwonende kinderenn of andere                                                                                                                                                                                dan naasten.
                                                                                                                                                                               Betaald en opgeleid maar
                               huisgenoten: onbetaald, geen opleiding,
                                                                                                                                                                               minder dan beroepskracht,
                               grote nabijheid.
                                                                                                                                                                               minder nabijheid dan naaste.
                                                                                                                                                                                                                                           Index:
                                                                                                                                                                                                                                               Betaalde hulpverlener      Opgeleide hulpverlener           Nabijheid zorgvrager
                                                                                                                                                                                                                                            * Er bestaan meer mengvormen dan vermeld en de verhoudingen zijn globale indicaties
RVS | Anders leven en zorgen
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>     38                                                                                                                    39
                               3 S
                                  amen zorgen, hoe is
                                 dat geregeld?
                                Verleners van formele en informele zorg opereren binnen en soms buiten een
                                complex stelsel van wetten en regels: op alle niveaus is de regeldruk voelbaar. In
                                dit hoofdstuk onderzoeken we de regelgeving rond samenwerking en kwaliteit die
                                relevant is voor het samenspel tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten.
                               3.1 Aansprakelijkheid
                                Vragen rond aansprakelijkheid blijken in de praktijk een belangrijke factor in de
                                samenwerking tussen beroepskrachten, naasten en vrijwilligers. Wie is aansprakelijk
                                als naasten of vrijwilligers bepaalde zorg verlenen en er iets misgaat? Reële en
                                vermeende zorgen hierover sturen de verhoudingen tussen hulpvragers, naasten,
                                vrijwilligers en beroepskrachten.
                                Om te beginnen met naasten: tussen de zorgorganisatie en deze verwanten van
                                de hulpvrager bestaat geen officiële relatie. De zorgorganisatie is daarom niet
                                verantwoordelijk of aansprakelijk voor wat naasten doen. Een hulpvrager kan, zowel
                                binnen als buiten de zorgorganisatie, door hen geholpen worden. Publicaties over dit
                                thema benadrukken dat er a priori vanuit de regelgeving geen belemmeringen voor
                                de samenwerking tussen beroepskrachten en naasten bestaan, intramuraal noch
                                extramuraal.119
                                Vragen over aansprakelijkheid kunnen er echter wel degelijk toe leiden dat zorgorga-
                                nisaties terughoudend zijn om samenwerking te zoeken met naasten en vrijwilligers.
                                In het bijzonder als een zorgorganisatie meent aansprakelijk te zijn voor alles wat
                                onder het dak van de instelling gebeurt. Het recht kent zo’n vergaande aansprakelijk-
                                heid niet, maar er wordt wel een bijzondere zorgplicht verondersteld.120 Dat betekent
                                dat de zorgaanbieder zich moet inzetten om tekortkomingen van informele zorgver-
                                leners te voorkomen. Als een naaste een fout maakt, is deze zelf aansprakelijk voor de
                                ontstane schade, tenzij de zorgorganisatie tekortschiet als toezichthouder. Wanneer
                                de hulpvrager per se zorg van een naaste wil, die de zorgorganisatie onvoldoende van
                                kwaliteit vindt, kan de zorgverlener hierover een aantekening maken in het zorgdos-
                                sier, waarmee aan de zorgplicht is voldaan.
RVS | Anders leven en zorgen
                                De juridische positie van vrijwilligers is anders dan die van naasten. Er is geen wetge-
                                ving op het gebied van taken die vrijwilligers uitvoeren, maar wél op het gebied van
                                de kwaliteit en veiligheid ervan. De zorgorganisatie moet volgens de Wet kwaliteit,
                                klachten en geschillen zorg (Wkkgz) verantwoorde zorg bieden. Dat is “zorg van goed
                                niveau die in ieder geval doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht wordt verleend”. Als
                                vrijwilligers (met een overeenkomst) werken voor een zorgaanbieder, en een hulpvra-
                                ger lijdt schade door een fout van een vrijwilliger, dan is de zorgaanbieder daarvoor
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>     40                                                                                                                                                                                                                41
                                aansprakelijk. Zorgorganisaties mogen vrijwilligers vragen allerlei handelingen en          3.3 Andere relevante aspecten in wet- en regelgeving
                                activiteiten te doen, als de vrijwilligers maar over de juiste kennis en vaardigheden
                                                                                                                             Een aantal andere juridische aspecten is van invloed op de samenwerking tussen
                                beschikken. Aan vrijwilligers wordt ter vermijding van risico’s op ongewenst gedrag
                                                                                                                             naasten, vrijwilligers en beroepskrachten.
                                veelal een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) gevraagd, ook al is dat geen wettelijke
                                                                                                                             Naasten en vrijwilligers in Nederland hebben allereerst juridisch een zwakke positie.
                                verplichting en vormt deze verklaring een momentopname, waardoor die in een
                                                                                                                             Anders dan veel andere Europese landen kent Nederland geen wettelijke erkenning
                                bepaalde mate een schijnveiligheid creëert.
                                                                                                                             van informele zorgverleners.124 In de Wlz en de Zvw is hun positie niet verankerd. In
                                                                                                                             de Wmo hebben mantelzorgers en vrijwilligers wel een plek gekregen (zie 3.6), maar
                                                                                                                             volgens MantelzorgNL is die ‘mager’. Daardoor kunnen voorzieningen stopgezet
                               3.2 Voorbehouden handelingen
                                                                                                                             worden; het zijn immers geen wettelijke rechten.
                                Wanneer naasten of vrijwilligers hulpvragers slechts gezelschap houden of voor
                                hen administratie doen, is er minder risico op ongelukken dan bij persoonlijke               Zorgverleners hoeven hen ook geen inzage in het dossier te geven of hen te betrekken
                                verzorging of verpleegtechnische hulp. Verpleegtechnische handelingen, zoals                 bij beslissingen als zij geen formele vertegenwoordiger zijn. Het staat hulpvragers
                                injecteren en een katheter plaatsen, worden ook wel ‘voorbehouden handelingen’               wel vrij – als zij nog in staat zijn om weloverwogen beslissingen te nemen – om een
                                genoemd. Zoals hiervoor beschreven mogen naasten alles doen, dus ook voorbe-                 ander schriftelijk te machtigen. Zij kunnen een naaste of vrijwilliger machtigen om
                                houden handelingen uitvoeren. Als de hulpvrager thuis woont, zullen ze dat vaak              in hun plaats beslissingen te nemen of dat toe te staan als het moment is aangebro-
                                ook wel moeten doen, omdat de thuiszorg er niet constant is. Vrijwilligers die voor          ken waarop zij daartoe zelf niet meer in staat zijn. Dit is echter een mogelijkheid die
                                een zorgorganisatie werken mogen deze voorbehouden handelingen volgens de Wet                weinig informele zorgverleners kennen en benutten.
                                BIG (Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg) daarentegen alleen uitvoeren als
                                ze hiervoor bekwaam en bevoegd zijn.121 Vrijwilligers moeten dan in staat zijn of            Ten tweede heeft de privacywetgeving sinds de invoering van de Algemene
                                toegerust worden om bepaalde risicovolle handelingen uit te voeren. Dat kan in een           Verordening Gegevensbescherming (AVG) een grotere invloed op de zorg gekregen.
                                opdrachtconstructie: een BIG-geregistreerde arts kan iemand die voor een bepaalde            Beroepskrachten ervaren dit als een hindernis in de samenwerking met naasten en
                                behandeling bekwaam is een opdracht hiertoe geven.                                           vrijwilligers. De regels dwingen hen om nog zorgvuldiger om te gaan met de privacy-
                                                                                                                             gevoelige informatie van hulpvragers.
                                Om onbevoegden, die geen naaste van de hulpvrager zijn, voorbehouden handelingen
                                te laten doen, moet er niet alleen worden voorzien in een heldere opdracht van een           Wie goed naar de AVG kijkt, bemerkt echter dat ook die wet veel ruimte biedt om
                                BIG-geregistreerde hulpverlener, maar ook in de mogelijkheid van tussenkomst en              informatie te delen.125 Het is de samenhang met andere zorggerelateerde wetgeving,
                                toezicht op de uitvoering. Dit voorschrift belemmert mantelzorgers die in de zorg            zoals de Wkkgz, de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (Wgbo) en Wet
                                voor hun naaste veel ervaringen met voorbehouden handelingen hebben opgedaan                 aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg (Wabvpz), die ont-
                                (en daar ook korte gerichte training en instructies van formele zorgverleners voor           breekt en tot grote onduidelijkheid en dus terughoudendheid leidt. Daarom heeft de
                                hebben ontvangen) om te gaan zorgen voor anderen dan hun naaste. Dan vallen                  Autoriteit Persoonsgegevens het ministerie van VWS voorgesteld om de verschillende
                                zij immers onder het strengere regime dat voor anderen dan naasten geldt. Hun                wetten op één lijn te brengen om meer duidelijkheid te scheppen.126
                                opgedane bekwaamheden, die zij eventueel ook breder kunnen inzetten voor andere
                                hulpvragers, blijven zo onbenut. Dit staat vloeiende overgangen tussen zorg thuis en         Ten derde heeft de overheid met wetgeving de combinatie van werk en zorg makkelij-
                                zorg in de instelling, tussen zorg voor een naaste en zorg voor onbekenden en tussen         ker willen maken. Circa 2 miljoen mensen combineren werk (> 12 uur per week) met
                                onbetaalde en betaalde zorg in de weg.122                                                    mantelzorg.127 Meer dan een kwart van de beroepskrachten in de zorg combineert het
                                                                                                                             werk met mantelzorg. Van de medewerkers in de verpleeghuis- en thuiszorg werkt
                                Nog afgezien hiervan zijn zorgorganisaties volgens juristen om nog andere redenen            40% als mantelzorger, dus meer dan het gemiddelde.128,129 Wetgeving stelt werknemers
                                terughoudend in de samenwerking met naasten en vrijwilligers. Dat heeft te maken             in staat hun arbeidsduur aan te passen. Werkenden hebben daarnaast wettelijk
RVS | Anders leven en zorgen
                                met onzekerheid en onduidelijkheid over aansprakelijkheid en verantwoordelijk-               recht op maximaal 10 dagen betaald zorgverlof (70% doorbetaling) als zij voor een
                                heden.123 Het overzicht ontbreekt. “De zorg is een moeras dat nauwelijks nog te              zieke naaste zorgen. Langer zorgverlof is mogelijk, maar dan onbetaald. Vergeleken
                                begrijpen valt”, zegt een hierin gespecialiseerde jurist, die dat merkt als hij cursussen    met andere landen kent Nederland een relatief grote kring van personen die gebruik
                                geeft. “Ik kan het al haast niet uitleggen.” Om geen risico te lopen, voelen zorgorgani-     mogen maken van dit verlof. Sinds 2015 kan de werknemer verlof opnemen voor de
                                saties zich genoodzaakt om zich tegen mogelijke risico’s in te dekken. Dat kan ertoe         zorg voor een familielid of iemand met wie hij een sociale relatie heeft.130
                                leiden dat ze kansen laten liggen in de samenwerking met informele zorgverleners.
                                De inspanningen lonen in hun beleving de moeite dan niet.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre>     42                                                                                                                                                                                                               43
                                Van de werkenden met zorgtaken zegt 70% dat het goed te doen is. Relatief weinig          Registratie belemmert samenspel
                                mensen zien de inzet van betaald verlof als beste manier om werk en mantel-                Externe verantwoording en verslaglegging maakt dat zorgverleners minder tijd voor
                                zorg (beter) te combineren.131 Werkgevers staan er dubbel in. Ze willen goed               hulpvragers en hun netwerk hebben en creëert onnodige schotten tussen formele en
                                functionerende werknemers, maar ook een zo laag mogelijke inzet van verlof.132             informele zorg. Dat gebrek aan ruimte ontstaat bijvoorbeeld omdat zorgkantoren en
                                Verlofregelingen worden al met al weinig gebruikt. Het werk laat het niet toe, de          accountants declaratie van de geleverde zorg op rechtmatigheid toetsen en omdat
                                regelingen zijn onbekend of het past niet bij de zorgsituatie.                             vastgelegd is welke registraties zorgorganisaties moeten bijhouden. Dit remt een
                                                                                                                           creatieve samenwerking met naasten en vrijwilligers. Betrokkenheid van informele
                                Nederlandse werknemers nemen nu vakantiedagen op om te kunnen zorgen of ze                 zorgverleners is moeilijk in de vastomlijnde hokjes te plaatsen. Daardoor komt niet
                                passen hun werk structureel aan.133 Zij willen hun collega’s of hun baas er niet mee       alleen het welzijn van de hulpvrager in het gedrang, ook lopen beroepskrachten zo
                                lastigvallen.134 De kosten voor werkgevers kunnen door verlof toenemen, maar dat           kansen mis om door het samenspel met het informele netwerk rond de hulpvrager,
                                kan volgens onderzoekers opwegen tegen de baten; er is minder verzuim of afwezig-          de zorg als een gezamenlijke opdracht te beschouwen.
                                heid van werknemers die daarmee (langer) behouden blijven voor
                                het arbeidsproces.135                                                                     Beroepsorganisaties en brancheverenigingen
                                                                                                                           De overheid heeft slechts beperkte invloed op de invulling van de definitie van kwali-
                                Mensen die werk en zorg combineren hebben in elk geval behoefte aan flexibiliteit.         teit. Veel van de verantwoordingseisen over kwaliteit worden bepaald via normen en
                                Sinds 2015 is er daarom een wettelijke regeling (de Wet flexibel werken) die werkne-       standaarden die niet van de overheid afkomstig zijn. Zo is de beroepsvereniging van
                                mers meer flexibiliteit biedt in werktijden en werkplekken.136 Individueel maatwerk        verpleegkundigen en verzorgenden, V&NV, verantwoordelijk voor een beroepscode
                                zou mantelzorgende werknemers kunnen helpen. Individuele aandacht van de                   en een richtlijn voor verslaglegging, die gedetailleerd voorschrijven wat beroeps-
                                werkgever voor deze werknemers zou ook het gebruik van verlofmogelijkheden                 krachten moeten doen en vastleggen. Ook is de V&VN verantwoordelijk voor het
                                kunnen vergroten, zeker waar deze gepaard gaan met (tijdelijke) aanpassingen van           Kwaliteitsregister waarmee deze zorgverleners aantonen dat ze hun deskundigheid
                                de werksituatie.137 Daarbij moet niet vergeten worden dat het aantal beschikbare           op peil houden en voldoen aan de normen van de beroepsgroep.
                                uren van arbeidskrachten in alle sectoren (die ook met tekorten kampen) afneemt            Daarnaast hebben beroepsgroepen (verpleeghuiszorg, gehandicaptenzorg, wijk-
                                als zij (meer) zorgverlof gaan opnemen. MantelzorgNL verzocht de informateur               verpleging, ggz) en andere relevante veldpartijen kwaliteitskaders opgesteld. Zij
                                onlangs om werkgevers te verplichten maatwerkoplossingen te bieden, in analogie            beschrijven gangbare kwaliteitseisen en maken duidelijk wat de eigen beroepsgroep
                                met het ouderschapsverlof.                                                                 verwacht op het terrein van kwaliteitsbevordering en het afleggen van verantwoor-
                                                                                                                           ding. In de kwaliteitskaders hebben veldpartijen werkwijzen ontwikkeld waarmee
                                                                                                                           zorgaanbieders tot zicht op kwaliteit en continue kwaliteitsverbetering kunnen
                               3.4 Regeldruk                                                                               komen. Zij zijn opgenomen in het Register van het Zorginstituut Nederland en
                                                                                                                           vormen daarmee een wettelijke basis voor kwaliteit van de zorg in de betreffende
                                Wetten, regels, protocollen, kwaliteitskaders, verantwoording: het is geen nieuws dat
                                                                                                                           deelsector. In alle kwaliteitskaders staat dat samenwerking met informele zorg van
                                de zorg zucht onder de regeldruk en dat het onvoldoende opschiet met de vermin-
                                                                                                                           belang is. De kwaliteitskaders bevatten weinig instructies of regels voor hoe te werk
                                dering ervan. De RVS hield eerder al een pleidooi voor ‘anders verantwoorden voor
                                                                                                                           te gaan. Tegelijkertijd worden er vele instrumenten, indelingen en rijtjes opgesomd
                                goede zorg’, waarin verantwoording niet in het teken staat van externe controle,
                                                                                                                           die gebruikt kunnen of moeten worden als men het goed wil doen.140
                                maar gericht is op verbetering van zorg en controle.138 Maar liefst 35% van de tijd van
                                beroepskrachten gaat op aan administratie.139 De externe verantwoording – gericht
                                                                                                                           Wie bijvoorbeeld alle aanwijzingen en te beantwoorden vragen in het ­Kwaliteits­-
                                op financiële controle en op kwaliteit van de geleverde zorg – belemmert het ontwik-
                                                                                                                           kader Verpleeghuiszorg 2017 optelt, komt uit op 230 opdrachten.141 Indirect kan dat
                                kelen van nieuwe zorgmodellen. Kort gezegd, alle hierna genoemde wettelijke eisen
                                                                                                                           ten koste gaan van de ruimte om samen te werken en af te stemmen met naasten en
                                en regels zijn een sta-in-de-weg voor een beter samenspel tussen formele zorgverle-
                                                                                                                           vrijwilligers. Want dat kost tijd, terwijl beroepskrachten juist daar gebrek aan hebben.
                                ners, mantelzorgers, andere naasten en vrijwilligers.
                                                                                                                           Actueel is nu de personeelsbezetting, die uit het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                           van 2017 volgde. Verpleeghuizen kregen toen de opdracht extra personeel in te
                                                                                                                           zetten en ontvingen daar structureel € 2,1 miljard voor. Met de huidige personeels­
                                                                                                                           tekorten vindt het nieuwe kabinet dit onhoudbaar.142 Daarom zijn de bewindslieden
                                                                                                                           voornemens de (wettelijk vastgelegde) personeelsnormen te herzien. Nu is de
                                                                                                                           bezettingsnorm 2 zorgverleners tijdens intensieve zorgmomenten (zoals opstaan en
                                                                                                                           naar bed gaan). 143
</pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 23 ======================================================================

<pre>     44                                                                                                                                                                                                             45
                               De Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd                                                3.6 Financiering
                                De Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) ten slotte vervult, naast andere
                                                                                                                          De financiering van zorg bepaalt in belangrijke mate de samenwerking tussen
                                inspecties, in de regelcarrousel ook een belangrijke rol.144 De IGJ controleert de
                                                                                                                          formele en informele zorg. In de wijkverpleging kan alleen ‘directe zorgverlening’
                                uitvoering van de standaarden die de belangenorganisaties zelf hebben geformu-
                                                                                                                          worden gedeclareerd, dat wil zeggen: indicatiestelling en directe contacttijd met de
                                leerd, maar vindt het bijvoorbeeld zelf ook ‘wenselijk’ dat zorgorganisaties ertoe
                                                                                                                          hulpvrager. Overleg met naasten en vrijwilligers is niet declarabel. In paragraaf 2.2
                                besluiten dat verpleegkundigen en niet andere personen medicijnen toedienen.
                                                                                                                          beschreven we dat een dergelijke reductie van zorg de kern mist.
                                Uiteindelijk gaat het de IGJ erom dat hulpvragers niet tekort worden gedaan. De
                                ene inspecteur wil besluiten over keuzes terug kunnen lezen; de andere inspecteur
                                                                                                                          Sinds 2016 zijn er experimenten met nieuwe bekostiging, meer gericht op inhoud
                                neemt genoegen met een consistente mondelinge uitleg van meerdere personen in
                                                                                                                          en kwaliteit van zorg. Zorgverzekeraars en -aanbieders moeten er dan samen wel
                                de zorgorganisatie. Voor zorgverleners en -organisaties is dit een onzekere factor.
                                                                                                                          voor kiezen om wijkverpleging niet meer per uur te betalen, maar voor een langere
                                De perceptie van wat de inspecteurs wenselijk kunnen vinden, werkt door in de
                                                                                                                          periode (week of maand). Binnen die periode kan de beroepskracht de hulpvrager
                                gepercipieerde handelingsvrijheid van beroepskrachten en daarmee in die van
                                                                                                                          zo goed mogelijk helpen en ruimte nemen om daarvoor af te stemmen met naasten
                                mantelzorgers, naasten en vrijwilligers.
                                                                                                                          en vrijwilligers over wie wat op zich neemt.147 Het risico van tijdelijke proeven die
                                Op de achtergrond mengt de IGJ zich in het arbeidsmarktdebat. Door de krapte op de
                                                                                                                          samenwerking willen stimuleren, zo beschrijft de RVS in het advies Grenzeloos
                                arbeidsmarkt is er volgens deze Inspectie sprake van verschuivende maatschappe-
                                                                                                                          samenwerken?, is dat zij blijven steken in een experimenteerfase en nooit worden
                                lijke waarden, die ook relevant kunnen zijn voor de samenwerking tussen formele en
                                                                                                                          geborgd met structurele bekostiging.148
                                informele zorg. Deze verschuiving stelt de zorgsector voor nieuwe ethische vragen,
                                aldus de IGJ, zoals: mogen we genoegen nemen met een minder goede kwaliteit van
                                                                                                                          De Wmo beoogt dat mensen meer zelf gaan doen en pas dure zorgvoorzieningen kie-
                                zorg door krapte op de arbeidsmarkt? Het voeren van de maatschappelijke discussie
                                                                                                                          zen als ze hun problemen niet kunnen oplossen binnen het eigen netwerk. Daarmee
                                over de betekenis van deze verschuivende waarden vindt de IGJ van groot belang
                                                                                                                          is de informele zorg in dit domein als het ware een wettelijke entiteit geworden.
                                voor de toekomst van de zorg in Nederland.145
                                                                                                                          Sinds 2007 is mantelzorg als aandachtsgebied in de wet (Wmo) erkend.
                                                                                                                          Het model waarbij eerst de nulde lijn aan zet is, en daarna pas de eerste en in laatste
                               3.5 Indicaties
                                                                                                                          instantie de tweede lijn, heeft een volgordelijkheid in zich die de samenwerking
                                Hoe de indicatiestellers naasten benaderen hangt af van de woonplek van de                tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten niet bevordert. De werkwijze
                                hulpvrager. Sinds de invoering van de Wmo is aangestuurd op het meewerken van             verhindert dat beroepskrachten, naasten en vrijwilligers van meet af aan sámen
                                naasten en vrijwilligers. Via ‘keukentafelgesprekken’ heeft een impliciet normstel-       (dus gelijktijdig en als partners in zorg) bekijken wie wat het beste kan doen in de
                                lend aspect zijn intrede gedaan in de verhouding tussen informele en formele zorg.        ondersteuning van de hulpvrager en hoe zij elkaar kunnen versterken en elkaars
                                De overheid verzoekt hulpvragers hun netwerk optimaal in te zetten om de formele          achtervang kunnen zijn. Huisartsen en thuiszorg signaleren voortdurend wat
                                zorg niet onnodig te belasten. Indicatiestellers voor zorg thuis houden rekening          kwetsbare mensen nodig hebben, maar er zijn nauwelijks lijnen met vrijwilligers(or-
                                met de hulp die naasten kunnen geven. Bij instellingszorg daarentegen verwachten          ganisaties). De betrokkenheid van vrijwilligers bij Wmo-hulpvragers is nog steeds
                                zij niets van naasten. Mensen die in zorginstellingen wonen, mogen aangeven dat           gering.149 Volgens de Vereniging Nederlandse Organisaties Vrijwilligerswerk (NOV)
                                zij geen zorg willen van naasten en familieleden, en vrienden hoeven geen zorg te         zien gemeenten het nog te weinig als hun verantwoordelijkheid om verbindingen te
                                verlenen aan hun naaste in de instelling. Dit verschil werkt door in de betrokkenheid     leggen tussen beroepskrachten en vrijwilligers.
                                van naasten bij de zorg en in de samenwerking met beroepskrachten.
                                                                                                                          Gemeenten zijn ook overgegaan tot aanbestedingstrajecten, die hebben geleid tot het
                                Er zijn experimenten met andere vormen van indiceren, waarbij beroepskrachten een         wegzetten van werk op basis van financieel-economische motieven. Daarmee is de
                                verkenningsperiode van maximaal 21 weken met de hulpvrager ingaan alvorens de             concurrentie tussen organisaties onderling, maar ook tussen zorg- en welzijnspar-
RVS | Anders leven en zorgen
                                definitieve indicatie voor thuiszorg vast te stellen. Een dergelijk verkenningstraject    tijen enerzijds en vrijwilligers anderzijds versterkt.
                                biedt naasten, vrijwilligers en beroepskrachten kansen om te inventariseren wie wat
                                kan betekenen in de ondersteuning.146                                                     De decentralisaties van de zorgwetten gingen bovendien gepaard met bezuinigingen
                                                                                                                          en raakten de sociale basis die belangrijk is voor de verbanden waarvan mensen deel
                                                                                                                          uitmaken. Investeringen in preventie, waaraan informele zorg nu juist bijdraagt,
                                                                                                                          bleven uit.150 De huidige financiering over 3 wetten heen (Wmo, Zvw en Wlz) is niet
                                                                                                                          bevorderlijk voor het stimuleren van informele zorg. Financiers van zorg bieden nu
                                                                                                                          weinig ruimte voor een andere verhouding tussen formele en informele zorg.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 23 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 24 ======================================================================

<pre>     46                                                                                                                                                      47
                               3.7 Samengevat
                                Wetten, regels, procedures en afspraken (de systeemwereld) staan op gespannen voet
                                met de dagelijkse realiteit, van hulpvragers, maar ook van verleners van informele en
                                formele zorg. De inrichting van het systeem blijkt in de praktijk op velerlei manieren
                                een belemmering te vormen in de samenwerking tussen naasten, vrijwilligers en
                                beroepskrachten. Het belemmert soepele overgangen tussen verschillende zorgvor-
                                men in het continuüm.
                                De formele wetgeving biedt veel ruimte voor naasten, vrijwilligers en beroepskrach-
                                ten om samen te werken. Tegelijkertijd schept diezelfde wetgeving veel onduide-
                                lijkheid over bijvoorbeeld aansprakelijkheid of privacybescherming, ofwel omdat
                                verschillende wetten niet op elkaar afgestemd zijn, ofwel omdat het te complex
                                geworden is. Daardoor mijden beroepskrachten en hun werkgevers veiligheidshalve
                                zo veel mogelijk risico’s en kunnen informele zorgverleners hun ontwikkelde
                                                                                                                         De inrichting van het systeem
                                bekwaamheden slechts beperkt verzilveren.
                                Daarnaast ervaren beroepskrachten een overdaad aan voorschriften en zware
                                administratieve lasten. Daardoor is er geen tijd om te investeren in relaties met
                                naasten en vrijwilligers, die in het speelveld al sowieso geen sterke positie hebben.    blijkt in de praktijk op velerlei
                                                                                                                         manieren een belemmering te
                                Ook blijven mogelijkheden om op innovatieve wijze te zoeken naar ongebruikelijke
                                antwoorden op het arbeidsmarktvraagstuk onbenut.
                                Toenemende professionalisering heeft ertoe geleid dat hulpverleners steeds meer
                                zijn onderworpen aan normen van de eigen beroepsverenigingen die hun bewegings-           vormen in de samenwerking
                                                                                                                          tussen naasten, vrijwilligers
                                vrijheid beperken en daarmee ook het samenspel met naasten en vrijwilligers. En
                                daarmee gelden die normen ook voor zorgaanbieders. Voor de intenties van kaders of
                                normen en de wenselijke toepassing ervan is onvoldoende aandacht. De genoemde
                                mechanismen hebben eerder uitsluiting dan insluiting van naasten en vrijwilligers
                                in de hand gewerkt. Ook de financiering van de zorg is niet stimulerend voor de
                                samenwerking tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten.
                                                                                                                               en beroepskrachten.
RVS | Anders leven en zorgen
</pre>

====================================================================== Einde pagina 24 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 25 ======================================================================

<pre>     48                                                                                                                    49
                               4 Hindernissen in de praktijk
                                Dit hoofdstuk laat zien wat er schuurt in het dagelijks leven van verleners van formele
                                en informele zorg. De hiernavolgende beschrijving van de praktijk en de cultuur is
                                gebaseerd op literatuur, interviews met experts en de inbreng van naasten, vrijwilligers
                                en beroepskrachten. De eerste paragraaf gaat in op de informele zorgverleners. In de
                                praktijk van alledag zijn er obstakels in de samenwerking die voor naasten en vrijwilli-
                                gers niet verschillen; die komen eerst aan bod. Daarna worden barrières beschreven die
                                vooral mantelzorgers ervaren, en vervolgens barrières die vooral vrijwilligers ervaren.
                                De paragraaf daarna gaat over de ervaringen van beroepskrachten.
                               4.1 Obstakels voor naasten en vrijwilligers
                                Naasten en vrijwilligers willen dat beroepskrachten meer oog ontwikkelen voor het
                                héle leven van de hulpvrager en minder focussen op de medische of sociaal-maat-
                                schappelijke probleemdossiers. Naasten en betrokken vrijwilligers hebben meestal
                                goed zicht op het dagelijks leven en de medische of sociaal-maatschappelijke proble-
                                men die de hulpvrager ervaart. Wat werkelijk belangrijk is voor hulpvragers gebeurt
                                immers niet primair tijdens de zorgcontacten, maar in het gewone dagelijks leven.
                                En juist op dat terrein kunnen informele zorgverleners een grote bijdrage leveren.
                                “Het wijkteam zit in het medische circuit, kent huisartsen, ziekenhuizen en
                                  jeugd­zorg. Zij kennen niet de actieve bewoners en sociale plekken in de wijk.
                                  Daardoor missen cliënten de link naar het gewone leven. Zien professionals uit het
                                  medische circuit het belang van wijkplekken, dan kunnen zij meewerken aan de
                                  sociale verbinding van hun cliënten.”
                                    (Semi-)vrijwilliger
                               Waardering en erkenning
                                De waardering voor informele zorg is nog heel minimaal, zowel onder zorgpersoneel
                                als breder in de maatschappij.151,152 Enerzijds wordt mantelzorg als vanzelfsprekend
                                beschouwd; het is vaak ongemerkt bergen werk verzetten. Anderzijds worden infor-
                                mele zorgverleners nog in veel gevallen als aanvullend op de formele zorg beschouwd.
                                Mantelzorgers geven aan dat zij begrip en waardering (in brede zin) de belangrijkste
                                vorm van ondersteuning vinden. Van hun naasten krijgen ze die wel, maar van
RVS | Anders leven en zorgen
                                anderen minder. Slechts 7% zegt het meest geholpen te zijn met financiële ondersteu-
                                ning.153 Vrijwilligers krijgen wel waardering (98% van de vrijwilligers ervaart dan ook
                                plezier in vrijwilligerswerk en 83% van hen is tevreden over de samenwerking met
                                beroepskrachten), maar weinig erkenning als gelijkwaardige partner met ander­
                                soortige expertise en verantwoordelijkheden. Velen ervaren gebrek aan erkenning
                                door beroepskrachten of de organisatie. Miskenning door de organisatie schuilt vaak
                                in kleine symbolische zaken, zoals wanneer zij bijvoorbeeld geen gratis koffie of
                                geen kerstpakket krijgen en betaalde krachten wel.154 Tijdens de pandemie kwam er
</pre>

====================================================================== Einde pagina 25 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 26 ======================================================================

<pre>     50                                                                                                                                                                                                        51
                                een zorgbonus voor formele zorgverleners, maar niet voor informele zorgverleners,      Institutioneel geheugenverlies
                                die juist extra belast werden door de sluiting van dagbesteding en het wegvallen        Personeelswisselingen veroorzaken meer problemen nu de schaarste, de mobiliteit en
                                van thuiszorg en sociale netwerken. Dat voelt onrechtvaardig en vergroot de             flexibiliteit op de arbeidsmarkt toeneemt.
                                tegenstelling.155
                                De kennis en ervaring van beroepskrachten en die van niet-betaalde zorgverleners        “Er is niet iemand aan wie je al die vragen kunt stellen. Iedereen weet een heel
                                vult elkaar maar in beperkte mate aan.156 Impliciet of expliciet geven zorgorgani-        klein stukje.”
                                saties vaak signalen af uit de ‘klapstoeltjestheorie’: de gedachte dat vrijwilligers        Naaste
                                kunnen worden ‘ingezet’ op de arbeidsmarkt als daar een tekort is, en dat ze hun
                                stoel weer kunnen inklappen als er niet genoeg werk is. Dat doet afbreuk aan de
                                intrinsieke waardering van mensen en hun activiteiten.                                  Voorheen was er juist reden om aan te nemen dat betaalde krachten de stabiele factor
                                                                                                                        vormden en de meest betrouwbare dossierbewakers waren. Die tijd lijkt voorbij,
                               Geen vraag of gesprek                                                                    waardoor naasten en vrijwilligers het gevoel kunnen krijgen steeds opnieuw te
                                Het gesprek over wat iemand kan en wil betekenen komt nog maar mondjesmaat              moeten beginnen. Dit zou aan de andere kant ook kansen kunnen bieden om naasten
                                en dan vaak laat op gang tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten.              en vrijwilligers meer in positie te brengen en zeggenschap te gunnen.
                                Beroepskrachten zien dat niet als hun verantwoordelijkheid en laten de kans liggen
                                om meteen bij de start met zowel naasten als vrijwilligers te kijken welke mogelijk-    Perspectief van naasten
                                heden voor samenwerking er zijn. Naasten en vrijwilligers kunnen dat betreuren.         Naasten van mensen met langdurige zorgbehoeften krijgen in het ondersteuningspro-
                                                                                                                        ces doorgaans te maken met 3 prangende vragen: hoe zorg ik goed voor mijn naaste,
                                                                                                                        hoe zorg ik samen met beroepskrachten voor mijn naaste en hoe hou ik het vol?159
                                “Mantelzorgers hebben veel talenten. Zij waren of zijn meestal goed in hun vak.
                                  Ik zou naast de zorg voor mijn man ook best hulp aan de mensen in het huis willen    Rollen
                                  bieden, maar het wordt me niet gevraagd. De zorg zou er zo een aantal uren hulp       In situaties waarin naasten betrokken zijn bij de zorg en in aanraking komen met
                                  bij krijgen.”                                                                         beroepskrachten, kunnen zij verschillende rollen hebben, zoals die van samenwer-
                                     Naaste                                                                             kingspartner, schaduwcliënt, persoonlijk betrokkene en/of ervaringsdeskundige.160
                                                                                                                        In elk geval hebben ze een persoonlijke relatie met de hulpvrager en kennen ze die
                                                                                                                        als geen ander. De betrokkenheid van naasten verschilt wel in de ouderenzorg, de
                                                                                                                        geestelijke gezondheidszorg en de gehandicaptenzorg. Verwanten van mensen met
                                “Vrijwilligers worden vaak nog gezien als hulp voor werkzaamheden waar betaalde        een beperking zijn bijvoorbeeld vaak van jongs af aan en levenslang intensief bij de
                                  krachten niet aan toekomen. Daarmee geef je geen erkenning aan de zelfstandige        zorg voor hen betrokken, terwijl die betrokkenheid rond de zorg voor ouderen zich
                                  rol die vrijwilligers hebben.”                                                        vaak beperkt tot de laatste levensfase.
                                    Directeur vrijwilligersvereniging                                                   Als beroepskrachten geen oog voor deze rollen hebben, kunnen naasten zich niet
                                                                                                                        gezien voelen. Het is dan lastig voor beroepskrachten om daarop te kunnen inspelen
                                                                                                                        (met samenwerken, ondersteunen, faciliteren en/of afstemmen).161,162
                                Gesprekken over ingewikkelde casuïstiek tussen betaalde en onbetaalde krachten
                                richten zich meestal op de inhoud en zelden op wie welke rol en verantwoordelijk-
                                heid daarin op zich kan nemen.157 In de dossiers van hulpvragers is weinig te lezen     “Ik heb het best vaak ervaren dat mijn moeder buitenspel werd gezet als ik als
                                over het speelveld, de samenwerking en de gemaakte afspraken. Het ontbreken van           kind weer eens werd opgenomen. Zorgverleners zeiden dat ze mijn luier wel even
                                het gesprek daarover vertroebelt het zicht op de verschillende belangen en behoeften      gingen verschonen of me wel even gingen wassen. Terwijl ik graag wilde dat mijn
RVS | Anders leven en zorgen
                                (niet alleen tussen de betaalde en de onbetaalde zorgverlener, maar ook tussen de         moeder het deed. Dat is veel fijner dan dat vreemden aan je lichaam zitten. Maar
                                mantelzorger en de hulpvrager).158                                                        zij werd aan de kant geschoven.”
                                                                                                                             Hulpvrager
</pre>

====================================================================== Einde pagina 26 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 27 ======================================================================

<pre>     52                                                                                                                                                                                                             53
                                Uit ons co-creatieonderzoek kwam naar voren dat onduidelijkheid over rollen de          Hoge inzet
                                grootste bron is van spanning in de samenwerking tussen formele en informele             Naasten willen graag energie krijgen van de zorg voor hun familielid, vriend of
                                zorgverleners. Hoe zwaarder de problematiek, hoe meer regie bij de beroepskracht en      buur.167 Ze dragen het liefst bij aan het sociaal welbevinden van hun dierbaren, niet
                                hoe minder bij de hulpvrager of diens naasten. Ook bleek dat hoe meer verwant de         aan de lichamelijke verzorging.168 Een groot aantal mantelzorgers vraagt zich af hoe
                                mantelzorger is met de hulpvrager, hoe meer regie er bij de hulpvrager en de naasten     zij het kunnen volhouden. De groep met de zwaarste lasten is eerder als co-client te
                                blijft. De ene naaste wil veel zelf doen, de ander heeft juist zelf behoefte aan aan-    beschouwen dan als co-worker en heeft vaak geen vangnet als het even niet meer
                                dacht en ondersteuning. Het delen van zorgtaken helpt overbelaste naasten, maar          gaat (of weet daar geen beroep op te doen). Als ze (intensief) voor een familielid zor-
                                daar vragen zij niet makkelijk om.163                                                    gen, spelen verdriet, rouw of schuldgevoelens een rol. Hoe beroepskrachten daarmee
                                                                                                                         omgaan, beïnvloedt hun onderlinge relatie. Mantelzorgers weten vaak niet wat ze
                               Ongelijkheid                                                                              kunnen vragen.169 Zij komen als leek in het complexe circuit van de zorg en weten niet
                                De setting heeft grote invloed op wie wat te zeggen heeft. Als hulpvragers thuis         wat ze kunnen verwachten.
                                wonen, zijn beroepskrachten bij hen ‘te gast’. Naasten daarentegen worden gast van
                                de beroepskrachten als de hulpvrager naar een instelling verhuist. Zodra mensen         Inkomensverlies
                                naar een zorginstelling verhuizen, vermindert de betrokkenheid van naasten bij hun       Van elke 3 mantelzorgers heeft er 1 een betaalde baan en combineert werk met
                                leven nogal eens. Naasten voelen zich bezoeker in een arena waar beroepskrachten         zorgtaken.170 Gevraagd wat de overheid zou kunnen doen om het aanbod van infor-
                                het voor het zeggen hebben en waar codes gelden die zij als ‘buitenstaanders’ niet       mele hulp te bevorderen, kiezen mensen onder meer fiscale maatregelen en ruimer
                                kennen. Er moet toestemming voor eventuele behulpzaamheid worden gevraagd.               zorgverlof.171 Een deel van de mantelzorgers kan niet (meer) werken, omdat de zorg
                                Zorgverleners heten de nieuwe bewoner welkom en zeggen met de beste bedoelingen          te veel tijd van hen vergt. Zij derven inkomsten en leveren carrièreperspectieven
                                tegen de familie: u heeft lang genoeg voor uw partner of ouders gezorgd, nu nemen        in. Met het pgb kunnen hulpvragers hun naasten van een inkomen voorzien, onder
                                wij dat over en we ‘ontzorgen’ u. Daarmee geven ze een signaal: u hoeft (of mag)         allerlei voorwaarden.
                                niets meer te doen. Totdat de nood aan de man is en ze wel moeten helpen onder de
                                voorwaarden van de zorgorganisatie. Dat kan de frustratie voeden. Voor hulpvragers
                                is het contact met naasten immers meestal juist erg belangrijk.164                       “A ls mijn vrouw er niet zou zijn, zou een professional de zorg voor onze zoon over-
                                                                                                                           nemen. Die kost 84 euro per uur, mijn vrouw 20 euro. Haar (loopbaan)perspectief is
                                Terwijl veel hulpvragers en hun dierbaren de regie willen houden, verschuiven de           beschadigd. Geen pensioen, geen ziektevoorziening, zij heeft een gat.”
                                zeggenschap en de verantwoordelijkheid dus van de ene op de andere dag van het                Naaste
                                natuurlijke netwerk naar de beroepskrachten in de instelling. Dat is een verantwoor-
                                delijkheid die zorgverleners – door de groeiende personeelstekorten – steeds zwaar-
                                der valt. Naasten zijn ook veel van de zorg gaan verwachten. Soms onrealistisch veel.   Perspectief van vrijwilligers
                                                                                                                         Hierna belichten we obstakels in de samenwerking vanuit het perspectief van
                               Meebeslissen                                                                              vrijwilligers voor zover die verschillen van mantelzorgers. Allereerst gaan we
                                Cijfers over betrokkenheid van naasten laten zien waar ruimte voor verbetering zit.      in op georganiseerde vrijwilligers, ondersteund door vrijwilligersorganisaties.
                                Bijna de helft van de mantelzorgers stelt niet of weinig mee te kunnen beslissen.        Die vrijwilligersorganisaties hebben een overeenkomst met een zorgaanbieder.
                                Ruim 1 op de 3 vindt dat de thuiszorg of wijkverpleging onvoldoende oog heeft voor       Denk aan Humanitas of de Luisterlijn.
                                hun welzijn. Slechts 1 op de 5 naasten wordt bij opname actief gevraagd om een
                                bijdrage te leveren. Twee derde zegt dat er geen afspraken zijn gemaakt over wie        Druk en dilemma’s
                                wat doet, en de meerderheid is niet betrokken bij het opstellen van een zorg(leef)       Sinds de decentralisaties in 2015 is er meer vraag naar vrijwillige inzet in het sociale
                                plan.165 Naasten die een zorgrol (willen) vervullen, hebben behoefte aan contact met     domein. Hulpvragen die eerder door de formele zorg werden opgelost, belanden
                                beroepskrachten. Met name informele communicatie, korte lijnen, laagdrempelige           nu bij vrijwilligersorganisaties, zónder dat informele zorgverleners al van meet af
RVS | Anders leven en zorgen
                                uitwisseling (bijvoorbeeld via WhatsApp, Familienet, Caren Zorgt of OZOverbindzorg)      aan als gelijkwaardige medehulpverleners betrokken zijn bij het gesprek over de
                                en het bouwen aan een band met beroepskrachten zijn waardevol voor hen. Op die           hulpvraag en de waarde die zij hierbij kunnen hebben. Vrijwilligersorganisaties
                                manier kunnen ze hun kennis en ervaring uitwisselen om het dagelijks leven van           moeten hun vrijwilligers opleiden, begeleiden en begrenzen. Bij gebrek daaraan
                                hulpvragers te verbeteren.166 Mogelijkheden voor laagdrempelige uitwisselingen zijn      ontstaat een risico op overbelasting. 51% van de vrijwilligers ervaart druk en 26%
                                er nog niet overal; de middelen ontbreken of de (interpretatie van) privacywetgeving     voelt zich (soms) overvraagd. Ze willen graag meer leren om meer te kunnen doen.172
                                ligt dwars. Er wordt veel gerapporteerd en gedocumenteerd, maar het wordt lang niet      Op sommige plekken gaat dat heel goed. In Almere bijvoorbeeld zit in alle 16 wijk-
                                altijd gelezen. Het helpt naasten erg als er laagdrempelige manieren zijn om informa-    teams een medewerker van VMCA, de Almeerse organisatie voor vrijwilligers en
                                tie te verkrijgen en te geven.                                                           mantelzorgondersteuning.173
</pre>

====================================================================== Einde pagina 27 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 28 ======================================================================

<pre>     54                                                                                                                                                                                                               55
                                Vrijwel alle vrijwilligers worstelen met grenzen stellen. De grenzen tussen vrijwilli-      Het in aanmerking komen voor (meestal tijdelijke) steun of subsidie wordt complex
                                gerswerk en betaald werk staan in de praktijk vaak niet vast. Vrijwilligers gaan soms       en onduidelijk gevonden. Hoezeer hun activiteiten ook aansluiten bij wat de overheid
                                over grenzen en leveren naar eer en geweten hun bijdrage, maar niet noodzakelijk            nastreeft, vrijwilligers van burgerinitiatieven en zorgcoöperaties blijken vaak niet in
                                volgens de regels, richtlijnen en protocollen. Zij vinden dat ook hun toegevoegde           bestaande kaders te passen. Synergie-effecten blijven daardoor beperkt.
                                waarde; doen wat nodig is, niet opgejaagd door de klok. Zij zien zichzelf niet als          Cijfers over de samenwerking tussen vrijwilligers en beroepskrachten leveren een
                                hulpje voor eenvoudige klusjes waar beroepskrachten niet aan toekomen, maar een             gemengd beeld op. Minder dan de helft van de vrijwilligers werkt met beroepskrach-
                                andersoortige ondersteuner die in een tussengebied van waarde is met aandacht en            ten of mantelzorgers samen. Maar als daar sprake van is, zijn de meeste vrijwilligers
                                tijd voor de hulpvrager. Anders dan naasten (die familiale zorgplichten ervaren) en         daar tevreden over. In de samenwerking met mantelzorgers geeft een kwart van de
                                beroepskrachten (die zorgplichten hebben) kunnen zij ook makkelijker nee zeggen,            vrijwilligers aan de hulp niet goed af te stemmen.178
                                bijvoorbeeld als er geen klik met de hulpvrager is of het te veel wordt. Zij kunnen dan
                                hun coördinatoren bij vrijwilligersorganisaties vragen als een soort hitteschild te die-
                                nen, waardoor de druk hen slechts in beperkte mate bereikt.174 Vrijwilligers hebben        4.2 Obstakels voor beroepskrachten
                                het gevoel dat beroepskrachten die eigenstandige ruimte en waarde van vrijwilligers
                                                                                                                            Samenwerken met naasten en vrijwilligers is een van de moeilijke opgaven voor
                                niet altijd zien.
                                                                                                                            beroepskrachten. In de literatuur staat beschreven dat zij weliswaar erkennen dat
                                                                                                                            familie en vrijwilligers van waarde zijn, maar toch neigen ze ertoe taken alleen uit
                               Bijna baan
                                                                                                                            te voeren.179 Daarachter schuilt een complexe context, waar beroepskrachten in het
                                Taken in zorg en welzijn kunnen niet volledig worden overgedragen aan vrijwilligers.
                                                                                                                            primaire proces slechts tot op zekere hoogte invloed op hebben, maar waar zij zich
                                Vrijwilligers hebben een belangrijke rol, die kan groeien, maar het samenspel met
                                                                                                                            wel toe te verhouden hebben.
                                beroepskrachten blijft essentieel. Deze zijn onmisbaar in de samenwerking, bijvoor-
                                beeld voor ingrijpen in onverwachte situaties.175 Vrijwilligers hebben ook behoefte
                                                                                                                           Arbeidsethos
                                aan rugdekking als situaties complex worden. Zij trekken daarom graag vanaf de
                                                                                                                            Een van de redenen dat beroepskrachten liever geen taken aan anderen overlaten,
                                start van een zorgtraject samen met beroepskrachten op. Er zijn veel vrijwilligers die
                                                                                                                            is dat ze zeker willen zijn van goede naleving van de routines en voorschriften. Ze
                                een non-formele opleiding hebben gevolgd in de eigen organisatie, waarin ze onder
                                                                                                                            geloven niet dat zij bepaalde zaken die onder hún zeggenschap vallen, moeten delen
                                meer leren wanneer ze taken moeten overdragen. Als vrijwilligers delen van het
                                                                                                                            met verwanten. Een zorgmedewerker beschreef de overgang van zeggenschap eens
                                werk van beroepskrachten doen en een ‘bijna-baan’ hebben, kan het gaan schuren.
                                                                                                                            als volgt:
                                Vrijwilligers merken dat beroepskrachten dat als bedreiging kunnen ervaren.
                                Onzekerheid van beroepskrachten over concurrentie kan een barrière vormen in de
                                samenwerking.176 In de tijd dat er veel op de zorg werd bezuinigd en medewerkers
                                                                                                                            “Ik geloof niet dat naasten beslissingsbevoegdheid zouden moeten hebben over
                                ontslagen en vervangen werden door gratis krachten, gaf dat veel spanning. Bij
                                                                                                                              datgeen wat de bewoner raakt… Mijn God, naasten kunnen betrokken zijn bij wat
                                groeiende personeelstekorten neemt die angst onder beroepskrachten wel af. Aan de
                                                                                                                              de bewoners dragen of eten… maar op de een of andere manier vergeten naasten
                                andere kant willen vrijwilligers niet klein worden gehouden en zien zij kansen voor
                                                                                                                              dat wij de experts zijn in zorgen en niet zij. Nogmaals, zij geloven dat zij hun
                                slimme combinaties met beroepskrachten, zodat deze laatsten veel beter met hun
                                                                                                                              moeder of vader, voor wie wij zorgen, kennen. En dat begrijp ik. Maar dat was toen
                                schaarse uren kunnen omgaan.
                                                                                                                              zij nog gezond waren, niet nu…”
                                                                                                                                 Beroepskracht180
                               Ongebonden
                                Een derde van de vrijwilligers heeft geen overeenkomst met een organisatie. Hun
                                inzet draagt bij aan een prettige en sociaal leefbare omgeving waarin kwetsbare
                                                                                                                            Veel zorgverleners vinden het nodig om grenzen te stellen, aangezien naasten niet
                                groepen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Ze organiseren ontmoeting en
                                                                                                                            langer over de nodige vaardigheden zouden beschikken.181 Zo kan het gebeuren dat
                                verbinden vraag en aanbod van onbetaalde zorg. Doordat zij niet in opdracht van een
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                            beroepskrachten – paradoxaal genoeg gehinderd door een groot verantwoordelijk-
                                organisatie werken, hebben ze veel vrijheid. Hun handelingen vallen bijvoorbeeld
                                                                                                                            heidsgevoel, en onbewust – naasten en ook vrijwilligers buitensluiten als de natuur-
                                niet onder de Wet BIG.
                                                                                                                            lijke partners in zorg.
                                Uit een onderzoek naar knelpunten bij burgerinitiatieven en zorgcoöperaties, waar
                                deze vrijwilligers zich veelal voor inzetten, komen 3 obstakels naar voren.177 Het
                                                                                                                            Beroepskrachten hebben soms het idee te falen als ze onbetaalde krachten erbij
                                voornaamste is de samenwerking met en het gebrek aan erkenning door gemeente,
                                                                                                                            betrekken. De krapte op de arbeidsmarkt maakt het enerzijds makkelijker om de zorg
                                zorg- en welzijnsaanbieders en zorgverzekeraars. Hun tweede hindernis is niet
                                                                                                                            als een gezamenlijke opdracht te zien, maar anderzijds ook moeilijker.
                                zozeer de wet- en regelgeving op zichzelf, maar de onduidelijkheid over de toepassing
                                en betekenis ervan voor de initiatieven. Tot slot is geldgebrek een belemmering.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 28 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 29 ======================================================================

<pre>     56                                                                                                                                                                                                                  57
                                “Zodra je mantelzorgers ziet als extra handjes aan het bed, zit je op het verkeerde       “Wat niet werkt, is als naasten hun familielid bij de zorgverlener ‘inleveren’. Dan
                                  spoor. Je moet het zien als een kans voor iedereen. De meeste mensen zijn het              wordt het probleem van de familie verplaatst naar de zorg: wij zijn er klaar mee,
                                  gelukkigst met familie en vrienden om hen heen. Hoe komt het dan dat we daar               zoeken jullie het maar uit. Dat gebeurt wel. Wat ook niet werkt, is als mensen
                                  geen aandacht aan besteden? Dat heeft te maken met wat men gewend is, met                  uit de buurt heel erg op de stoel van de hulpverlener gaan zitten, dan zijn het
                                  gebruiken. Het is het arbeidsethos. Dat komt neer op heel hard werken. Dat                 betweters. Begrenzing helpt om goed samen te werken: ik doe zus, jij doet zo, en
                                  betekent dat jijzelf als beroepskracht heel hard moet werken. Maar als je naar             we wisselen uit.”
                                  het krachtenveld kijkt, zie je dat je veel meer bereikt met samenwerken.’’                   Beroepskracht
                                    Beroepskracht
                                                                                                                          Geen tijd
                                Het gaat dus ook hier om beelden en taalgebruik: hebben we het over het ‘inzetten’         De grootste belemmering van beroepskrachten is dat zij vaak te weinig tijd hebben.
                                van familie en vrijwilligers of over ‘samenwerking’? Moeten naasten het arbeids-           Uit soms onbeperkte loyaliteit met hulpvragers gaan ze regelmatig hun eigen
                                marktprobleem oplossen of gaat het om wat hulpvragers ten goede komt?                      grenzen over, zonder dat iemand hen een halt toeroept. Zorgverleners werken onder
                                                                                                                           hoge tijdsdruk.186
                               Patiënt centraal
                                Sinds het idee van de participatiesamenleving zijn intrede deed, verlangt de overheid
                                een omslag (naar zelfredzaamheid met naasten en zorgen met de handen op de rug)            “Beperkende factor is tijd en geld. Maar investeren in familierelaties levert uitein-
                                en is het zoeken naar goede woorden.                                                         delijk meer op. We krijgen geen ruimte om dingen in de wijk te organiseren, omdat
                                Al een fors aantal jaren doen zorgverleners hun best om brede persoonsgerichte zorg          er geen geld voor is. Mijn agenda is ook zo vol. Ik zou mensen vaker willen zien,
                                en het devies ‘de patiënt centraal’ in de praktijk te brengen, waarmee overheden en          anders kan ik geen band met ze opbouwen. Een gesprek van 2 uur met familie is
                                zorgorganisaties hun klantvriendelijkheid willen benadrukken in de geïndividuali-            geen gebruikelijke tijd, maar ik voorkom er wel een opname mee.”
                                seerde samenleving. De beroepskrachten zijn daarbij vooral gericht op de hulpvrager,            Beroepskracht
                                niet op diens netwerk. In vaardigheden om familie of vrijwilligers te bevragen, zijn
                                de meesten niet goed getraind. Als zorgverleners deze vaardigheden wel hebben, lijkt
                                dat zijn vruchten af te werpen voor degene die hulp nodig heeft.                           De tijd die nodig is om naasten te betrekken zou volgens zorgverleners al snel ten
                                                                                                                           koste (kunnen) gaan van de directe zorg.187 Ook kan het voor beroepskrachten lastig
                                                                                                                           zijn als naasten en vrijwilligers steeds leuke activiteiten ondernemen en zij er vooral
                                “Bij elke nieuwe cliënt ga ik op huisbezoek. Dan breng ik standaard het netwerk           zijn voor de zware fysieke zorg of ADL. Zij hebben ook voor het vak gekozen om
                                  van de cliënt in kaart. We bespreken: wat is nodig, wat kan u zelf en wat kunnen         iets voor anderen te betekenen en aandacht te hebben voor mensen in kwetsbare
                                  naasten en vrijwilligers?”                                                               posities. Als dat er niet meer in zit en ze zich tekort voelen schieten, kan dat tot stress
                                     Beroepskracht                                                                         en zelfs burn-outs leiden, hetgeen weer een negatieve uitwerking heeft op de relaties
                                                                                                                           met naasten.188
                                Steeds meer zorgorganisaties willen naasten en vrijwilligers betrekken.182 De             Hoge regeldruk
                                Zorgboog hanteert bij hulpvragen in de thuissituatie hiervoor de methodiek en              Uit onderzoek blijkt dat het stoppen van registraties die nauwelijks worden gebruikt
                                vragenlijst ‘schijf van vijf’.183 Zij inventariseert daarmee wat er nodig is en wie wat    voor sturen, leren en verantwoorden, forse besparingen kan opleveren.189 Het gaat
                                kan doen, of dat technologie oplossingen biedt. Pas bij vraag 5 komt aan de orde           echter nog steeds erg moeizaam met de regeldrukvermindering, stellen beroeps-
                                wat zorgmedewerkers kunnen betekenen. Alle medewerkers van de wijkteams zijn               krachten vast. En daarom ontbreekt het voortdurend aan ruimte om te investeren
                                getraind in het hanteren van deze methodiek, die hen goed bevalt en houvast geeft.         in relaties met het netwerk rond de hulpvrager. Organisaties wordt gevraagd zelf
RVS | Anders leven en zorgen
                                Naasten en vrijwilligers maken deel uit van ‘het kernteam’ rond de hulpvrager,             kritisch te kijken wat wel en niet nodig is aan regeldruk, om op basis daarvan zo veel
                                samen met de zorgmedewerkers.184                                                           mogelijk te schrappen. Dit zogenoemde herkoppelen zal alleen wel op alle lagen moet
                                                                                                                           gebeuren en is daarom uiterst complex.190
                               Vanzelfsprekendheid
                                Veel naasten zijn betrokken en tot heel wat bereid. Maar naasten kunnen ook veelei-
                                send zijn en hoge verwachtingen hebben. Beroepskrachten kunnen hun betrokken-
                                heid in elk geval zo ervaren. Naasten hebben dan aanmerkingen en worden gezien
                                als controleur in plaats van bijdrager.185
</pre>

====================================================================== Einde pagina 29 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 30 ======================================================================

<pre>     58                                                                                                                                                                                                              59
                                “De praktijk is weerbarstig. Soms heb ik het een beetje opgegeven. Ik zie het            4.3 Samengevat
                                  achteruitgaan, de zorg wordt uitgehold. Marktwerking, regelgeving, lastendruk.
                                                                                                                           Om een meer evenwichtige samenwerking tussen naasten, vrijwilligers en beroeps-
                                  (…) Als ik een telefoontje heb gehad, moet ik registreren en dat kost mij meer tijd
                                                                                                                           krachten te bevorderen waarbij de unieke waarde van eenieder wordt gezien, is het
                                  dan het telefoontje zelf. Terwijl heel veel helemaal niet wordt gelezen. Door dat
                                                                                                                           belangrijk een aantal hindernissen weg te nemen. Het is nodig dat formele en infor-
                                  soort domme dingen gaat energie verloren.”
                                                                                                                           mele zorgverleners elkaar beschouwen als onmisbare en gelijkwaardige partners die
                                     Beroepskracht
                                                                                                                           in teamverband aan een gezamenlijke zorgopdracht werken. Gelijkwaardig betekent
                                                                                                                           niet gelijksoortig, maar ‘even waardig’ op basis van andersoortig zijn. Een groot deel
                                                                                                                           van de naasten kan nu niet meebeslissen over de zorg van hun dierbaren.
                                Zorgverleners interpreteren regels zo dat ze aannemen dat veel niet mag. Dat is
                                problematisch in de zorgverlening, en ook in de samenwerking tussen naasten,
                                                                                                                           Familie wordt soms als lastig of bemoeizuchtig gezien, vrijwilligers als klushulpjes.
                                vrijwilligers en beroepskrachten. Bovendien zijn er regels die afgeschaft zijn (met als
                                                                                                                           Terugkerende gesprekken tussen naasten, vrijwilligers en beroepskrachten over de
                                doel de administratieve druk te verminderen) en toch nog worden uitgevoerd. Een
                                                                                                                           rol- en taakverdeling zouden kunnen helpen: lang niet altijd is duidelijk wie welk
                                voorbeeld hiervan is het VWS-besluit tot afschaffen van de 5-minutenregistratie voor
                                                                                                                           onderdeel van het zorgen op zich neemt. Beroepskrachten nemen ook vanwege hun
                                wijkverpleging, terwijl die in de praktijk op een aantal plekken is blijven bestaan
                                                                                                                           hoge arbeidsethos soms automatisch meer zorgtaken en verantwoordelijkheden op
                                om rechtmatigheid van geleverde zorg te kunnen aantonen. Met andere woorden, de
                                                                                                                           zich dan noodzakelijk. Tegelijkertijd hebben naasten soms ook (te) hoge verwachtin-
                                opvolging van besluiten om regels te verminderen is niet gegarandeerd.191
                                                                                                                           gen van wat de zorginstelling kan bieden. Met elkaar spreken over hoe de zorg
                                                                                                                           te verdelen is en welke risico’s daarbij te accepteren zijn, kan de samenwerking én
                               Risico’s mijden
                                                                                                                           de zorg ten goede komen. Daarbij is continuïteit van belang: is er een vaste contact-
                                Het Centrum voor Ethiek en Gezondheid (CEG) beschreef in 2019 de “te exclusieve
                                                                                                                           persoon die overzicht houdt en ook bij personele wisselingen weet welke afspraken
                                aandacht voor veiligheid” in de zorg.192 Een overmatige focus op veiligheid kan het
                                                                                                                           zijn gemaakt?
                                denkvermogen uitschakelen. Dat kan tot gevolg hebben dat vernieuwing stagneert
                                en dat informele zorgverleners in de rol die ze zouden kunnen vervullen in de zorg
                                                                                                                           Lange tijd moest de patiënt centraal staan. De blik van zorginstellingen en beroeps-
                                worden beperkt. De bescherming van hulpvragers tegen risico’s op schade kan ertoe
                                                                                                                           krachten verbreden naar de patiënt én diens netwerk is een cultuuromslag die niet
                                leiden dat zij geen groenten meer met bewoners mogen snijden en dat messen in een
                                                                                                                           van de ene op de andere dag plaatsvindt, maar wel nodig is. Essentieel daarbij is tijd.
                                afgesloten la liggen, omdat het risico bestaat dat zij zich in hun vingers snijden. Als
                                                                                                                           Om als naasten, vrijwilligers en beroepskrachten (goed) te kunnen samenwerken is
                                etenswaren moeten voldoen aan HACCP-normen (de hygiënenormen voor de horeca),
                                                                                                                           tijd nodig: om elkaar te leren kennen, om af te stemmen en om afspraken te maken.
                                kunnen naasten dan nog wel zo nu en dan een maaltijd of taart meenemen?
                                                                                                                           Vaak hebben beroepskrachten deze tijd niet omdat ze veel uren kwijt zijn met
                                                                                                                           administratieve lasten. Maar (tijds)investeringen in relaties verdienen zich wél terug.
                               Steun management
                                Steun van leidinggevenden en een governance gericht op een goede samenwerking
                                van beroepskrachten met naasten en vrijwilligers, helpt zorgverleners bij het investe-
                                ren in relaties met het sociale netwerk van hulpvragers. Worden zij bijvoorbeeld
                                in staat gesteld om de wijk in te gaan en contacten te leggen en onderhouden met
                                naasten, vrijwilligers en actieve buurtbewoners? Organisaties kunnen wel beleid en
                                instrumenten hebben om de betrokkenheid van naasten te vergroten, maar moeten
                                niet denken er daarmee te zijn. Aandacht voor de uitvoering is permanent nodig.
                                “Op al onze locaties is driehoekskunde geïntroduceerd. Het is de bedoeling om
RVS | Anders leven en zorgen
                                  daarmee relaties op te bouwen tussen de cliënt, de zorgverlener en de naaste.
                                  Maar op geen enkele locatie wordt het in de praktijk gebracht. De driehoek is bij
                                  ons: één cliënt, een zorgverlener en nog een zorgverlener. (…) Verwanten zijn dan
                                  niet in beeld, collega’s lopen over van stress omdat ze zo veel moeten doen. Ik heb
                                  op verschillende locaties gewerkt en ik zie dat het niet standaard is dat zowel een
                                  beroepskracht als een verwant aan de cliënt gekoppeld zijn.”
                                    Beroepskracht
</pre>

====================================================================== Einde pagina 30 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 31 ======================================================================

<pre>RVS | Anders leven en zorgen   60
                               61
</pre>

====================================================================== Einde pagina 31 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 32 ======================================================================

<pre>     62                                                                                                                   63
                               5 Oplossingsrichtingen
                               Om de zorg voor kwetsbare mensen met een langdurige hulpvraag in Nederland
                               toekomstbestendig te maken, is een omslag nodig in het denken over de verantwoor-
                               delijkheidsverdeling van zorgwerk. Zonder fundamentele wijziging in de huidige
                               beleidsaanpak keert de wal het schip en neemt de kwaliteit van de zorg ongecon-
                               troleerd af. Met als gevolg dat verschillen in gezondheid en levensverwachting
                               verder toenemen, dat de balans tussen mannen en vrouwen in het zorgen verder uit
                               evenwicht raakt, en dat de tegenstelling tussen zorgverleners onderling zal groeien,
                               net als het verschil tussen rijk en arm, en tussen burgers die hun verantwoordelijk-
                               heid nemen en zij die wegkijken. Dat is onwenselijk.
                               Een top-down pleidooi voor meer informele zorg werkt niet, zo leert de geschiedenis
                               van de participatiesamenleving. Het is zaak om de krachten van formele en infor-
                               mele zorg op gelijke voet te gaan bundelen, zodat het meest wenselijke scenario kan
                               ontstaan: dat zorgverlening onder prettige condities kan plaatsvinden én dat mensen
                               met een langdurige hulpvraag de zorg kunnen blijven ontvangen die zij nodig
                               hebben. Om dit te bereiken zijn consistente keuzes nodig.
                               De huidige verdeling van zorg vertrekt vanuit ‘de driehoek’, die de samenwerking
                               verbeeldt tussen hulpvragers, naasten en beroepskrachten. De partijen staan daarin
                               op afstand van elkaar. Voor het behoud van de kwaliteit van zorg is het noodzakelijk
                               dat zij die afstand opheffen en samen deel gaan uitmaken van één gezamenlijk
                               team. Voor alle partijen van de driehoek is een gelijktijdige beweging richting meer
                               teamwerk gewenst.
                               Naasten en vrijwilligers zijn een essentieel onderdeel van onze langdurige zorg.
                               De RVS beschouwt hen als gelijkwaardige partners met unieke (andersoortige)
                               kennis en ervaring in de zorg.193 De Raad pleit voor een herijking van relaties, waarbij
                               informele zorg niet op de tweede plaats na formele zorg komt, maar verleners van
                               informele zorg van meet af aan gelijktijdig optrekken met beroepskrachten. Dit is een
                               belangrijk verschil met het idee van de participatiesamenleving en de nadruk op de
                               instrumentele inzet van naasten en vrijwilligers om de zorg te stutten. Er moet geen
                               druk zijn om beroepskrachten pas aan boord te laten komen als naasten en vrijwilli-
                               gers de zorgvraag niet meer aankunnen. Zonder oog voor hun draagkracht is het vaak
                               te laat en bestaat het risico dat naasten zelf hulpbehoevend raken.
RVS | Anders leven en zorgen
                               Beroepskrachten zien zich op hun beurt geconfronteerd met hun grenzen in wat
                               zij hulpvragers kunnen bieden. Soms gaan ze hun grenzen ook over, ten koste van
                               zichzelf. Zij kunnen daarbij net zozeer hulp gebruiken. Niet alleen van hun eigen
                               organisatie, maar ook vanuit de (semi-)informele hoek is ondersteuning hard nodig
                               om hun werk te kunnen blijven doen, op een prettige manier en op een aanvaardbaar
                               niveau. In teamverband met informele zorgverleners behouden beroepskrachten
                               hun grote en juridisch verankerde verantwoordelijkheden waarvoor zij betaald
                               krijgen. In teamverband zal hun vakkennis op nog meer erkenning kunnen rekenen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 32 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 33 ======================================================================

<pre>     64                                                                                                                                                                                                                                                                65
                                In teamverband kunnen ze bovendien verlichting vinden, omdat ze niet alles op hun        tastbare maatregelen ook een andere manier van werken, andere routines en een
                                schouders hoeven nemen. Zorgaanbieders en beroepskrachten zijn aan zet om zich           debat tussen beroepskrachten dat momenteel nog onvoldoende wordt gevoerd.
                                nu systematisch en structureel te gaan richten op een intensieve samenwerking met        Bestuurders, leidinggevenden en zorgverleners onderling zullen niet alleen sterk
                                (semi-)informele zorgverleners.                                                          moeten sturen op erkenning, waardering en positionering van beroepskrachten – om
                                                                                                                         hen te binden – maar ook van naasten en vrijwilligers. In elk geval is het belangrijk
                                De hulpvrager is uiteraard zelf een onmisbare speler in dit hybride zorgteam. Waar       om naasten en vrijwilligers als betekenisvolle en onmisbare relaties van de hulp-
                                het in de driehoek de zorgverleners zijn die de hulpvrager van een stevige basis         vrager te beschouwen en meteen vanaf de eerste kennismaking met hulpvragers
                                voorzien, kan in de teambenadering die de RVS voorstelt, de hulpvrager (of wette-        ruimte te maken voor onderling contact. Zonder dat is een betere samenwerking niet
                                lijke vertegenwoordiger) ook de nodige regie nemen om de partijen samen aan tafel        mogelijk. De focus van beroepskrachten is daarbij gericht op het netwerk en niet op
                                te krijgen.                                                                              het individu.
                                                                                                                         In de volgende paragraaf doet de RVS een aantal concrete en minder concrete
                               5.1 Anders werken, anders leiden                                                          aanbevelingen om de gewenste omslag te bereiken. Uitvoering ervan zou niet op zich
                                                                                                                         moeten laten wachten. De ambitie is om de ruimte voor een gelijkwaardige samen-
                                De RVS wil ruim baan geven aan hybride zorg waarbij de hulpvrager, naasten,
                                                                                                                         werking tussen formele en informele zorgverleners zo groot mogelijk te laten zijn,
                                zorgorganisatie en vrijwilligers samen een verbintenis met elkaar aangaan. Deze
                                                                                                                         om uiteindelijk gezamenlijk aan de behoefte van de hulpvragers tegemoet te kunnen
                                overkoepelende, hybride teambenadering in de zorg kan beloftevol zijn. Wanneer
                                                                                                                         komen. De gewenste omslag vraagt actie op verschillende niveaus: van de hulpvrager
                                informele en formele zorgverleners deel uitmaken van hetzelfde team, kunnen
                                                                                                                         en diens netwerk (I), in de institutionele waardering van informele zorgverleners (II)
                                beroepskrachten naasten en vrijwilligers zo ondersteunen dat zij het zorgen aankun-
                                                                                                                         en ten slotte in ontwikkelingen op het gebied van wetten, kaders en regels (III).
                                nen. Omgekeerd kunnen naasten en vrijwilligers ervoor zorgen dat beroepskrachten
                                hun vak kunnen uitoefenen en zo veel mogelijk hulpvragers bedienen zonder
                                overbelast te raken. Uitgangspunt is dan niet: ‘hoe schuiven we zorgtaken op elkaar                                                                    Samenleving
                                af’, maar: hoe zorgen we er samen voor dat de hulpvragers en de mensen uit hun
                                omgeving overeind blijven, in een context waarin de formele zorg schaars is en nóg
                                schaarser wordt.
                                Goed teamwerk ontstaat niet met een paar bemoedigende woorden. Het zal op                                                                                  tgemeenscha
                                                                                                                                                                                       Buur           p
                                allerlei niveaus moeten worden vereist, gefaciliteerd en geborgd. Het vergt financiële
                                prikkels die de juiste kant op sturen. Het vergt informele en formele zorgverleners
                                die in de positie zijn gebracht om zich anders tot elkaar te verhouden, zonder angst                                                                        Team:
                                voor verlies van de eigen positie. Het vergt teams die goed en frequent communi-                                                                                                                              e
                                ceren, kennis delen en gezamenlijk perspectieven formuleren om naar te streven.                                                                        Vrijwilligers                                          ati
                                                                                                                                                                                                                                               lersge rsorga nis
                                Richtinggevend leiderschap is nodig om iedereen tot teamwerk aan te sporen en om
                                                                                                                                                                                           Naasten
                                                                                                                                          Gemeenten
                                te zorgen dat verandering daadwerkelijk tot stand komt. Leiderschap, waarbij goed
                                voorbeeld goed doet volgen, en leiderschap waarbij mensen zo veel mogelijk hori-
                                                                                                                                                                                        Hulpvrager
                                zontaal kunnen werken. Het primaat van leiderschap in de zorg hoort niet eenzijdig
                                te liggen bij de zorgorganisaties. Informele zorgverleners komt meer inspraak toe.                                                                                                                             j w il
                                Nieuw leiderschap is daarnaast nodig in politiek en beleid om focus te houden op een                                                                                                                          Vr i
                                revisie van wet- en regelgeving, een revisie van uitgangspunten voor beroepsnormen,                                                                   Beroepskrachten
RVS | Anders leven en zorgen
                                en een revisie van kwaliteitskaders en werkprocessen van zorgorganisaties.
                                                                                                                                                                                                                                                                   J
                                                                                                                                                                                                                                                         IG
                                De RVS adviseert overheden, financiers en zorgorganisaties om naasten en vrij-                           Br
                                willigers nooit als vrijblijvende aanvulling te benaderen. Zie het daarentegen als                        an     ch                                     Z o r g o rg a n is a tie
                                                                                                                                                      eo
                                een plicht om hen nadrukkelijk aan boord te houden, hen serieus te nemen en hun                                            rg                                                                             n
                                                                                                                                                                an                                                                   ge
                                                                                                                                                                     is a
                                ervaring te benutten. Aangezien de rol van informele zorgverleners alleen maar                                                              tie                                          ni   gi n
                                                                                                                                                                                  s                                 vere
                                zal toenemen, zullen formele zorgverleners in het toekomstperspectief van de RVS                                                                                    Beroeps
                                meer naast informele zorgverleners komen te staan en vice versa. Dat vergt behalve
                                                                                                                                                                                       Rijksoverheid
</pre>

====================================================================== Einde pagina 33 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 34 ======================================================================

<pre>     66                                                                                                                                                                                                              67
                               5.2 Aanbevelingen                                                                           en ondersteuning van het netwerk, maar ook op die van de overheden en finan-
                                                                                                                           ciers. Laat dus ook op regelmatig terugkerende (evaluatie)momenten zien wat die
                                De hiernavolgende aanbevelingen kunnen volgens de Raad helpen om de relaties
                                                                                                                           samenwerking brengt. Wie: raden van bestuur van zorgorganisaties (en overheden en
                                tussen formele en informele zorg te herijken en zouden direct ter hand genomen
                                                                                                                           financiers).
                                moeten worden.
                                                                                                                          Machtiging en behandelrelatie
                                                                                                                           Leg hulpvragers expliciet de mogelijkheid voor om informele zorgverleners (schrif-
                               I. Positioneer het informele netwerk als                                                   telijk) te machtigen, zodat naasten en vrijwilligers inzage krijgen in het zorgdossier,
                                  onderdeel van een team
                                                                                                                           er optimale kennisdeling kan plaatsvinden en zij meer betrokken kunnen zijn
                                                                                                                           bij beslissingen (hetgeen bij formele vertegenwoordigers een automatisme is dat
                                                                                                                           voortvloeit uit de wet). Deze mogelijkheid van schriftelijke machtiging zou ook in de
                                                                                                                           Wgbo kunnen worden opgenomen. Wie: beroepskrachten.
                               Teams van formele én informele zorg
                                Vorm zodra iemand in zorg komt een team van hulpvrager, naasten, vrijwilligers en
                                                                                                                          Breng impact in beeld
                                beroepskrachten. Leg – na goed overleg – ieders rol en aandeel vast in het zorg(leef)
                                                                                                                           Werk als vrijwilligers- en mantelzorgorganisaties aan een sterke beeldvorming en
                                plan en wijs een coördinator of regievoerder aan.194 Dat momentum om naasten en
                                                                                                                           positie. Dit kan door de eigen zichtbaarheid te vergroten, door te bouwen aan een
                                vrijwilligers te laten deelnemen aan de tegemoetkoming van de hulpvraag, vanuit
                                                                                                                           intensieve samenwerking met beroepskrachten en door de impact daarvan duidelijk
                                een teamsamenwerking, is essentieel om de positie van informele zorg te waarderen
                                                                                                                           te maken. Wie: vrijwilligers- en mantelzorgorganisaties.
                                en te borgen. Zowel intramuraal als extramuraal. Naasten moeten hun zeggenschap
                                behouden. Er zullen altijd situaties zijn waarin naasten niet in staat zijn een aandeel
                                in de zorg te leveren. Dan zal het team per geval en in dialoog met betrokkenen
                                moeten bekijken waarop die uitzonderingsgrond is gebaseerd en wat dit betekent            II. Waardeer informele zorgverleners als
                                                                                                                              gelijkwaardige partners
                                voor de hulpvrager. Het is dan nodig om hulpvragers bij te staan bij het vinden van
                                zorgvrijwilligers. Wie aan zet zijn: beroepskrachten, naasten en vrijwilligers.
                               Train beroepskrachten
                                                                                                                          Stem van informele zorg
                                Start meteen bij de kennismaking met hulpvragers het gesprek met naasten over
                                                                                                                           Geef naasten en vrijwilligers als partners in zorg een sterke stem in de organisatie
                                wederzijdse verwachtingen en wederkerigheid (voor intramurale zorg kan de inzet
                                                                                                                           en borg die in beleid, bijvoorbeeld in vertegenwoordigende raden. Ga als besluit-
                                van naasten zich uitstrekken van hulp aan de eigen naaste tot die aan anderen in
                                                                                                                           vormers in zorgorganisaties en bij overheden met hun vertegenwoordigers in
                                de instelling). Daarvoor getrainde mensen kunnen dat gesprek het beste voeren. Het
                                                                                                                           gesprek. Vanwege hun andere rollen en verantwoordelijkheden zijn zij niet gelijk,
                                is aan hen en hun organisaties om de verantwoordelijkheid van de zorginstelling
                                                                                                                           maar wel gelijkwaardig. Ondersteun naasten, vrijwilligers en beroepskrachten die
                                binnen grenzen te houden. Het is belangrijk ook in een vroeg stadium het gesprek
                                                                                                                           over hun grenzen (dreigen te) gaan. Wie: branche-, beroeps- en zorgorganisaties, de
                                met vrijwilligers te voeren. Informele zorgverleners schuiven niet aan bij de formele
                                                                                                                           Rijksoverheid en gemeenten.
                                zorgverleners, noch is het omgekeerde het geval. Informele en formele zorgverle-
                                ners dienen op gelijkwaardige voet samen te werken en elkaar van meet af aan te
                                                                                                                          Laagdrempelige respijtzorg
                                beschouwen als medehulpverleners met respect voor ieders – verschillende – ver-
                                                                                                                           Investeer in laagdrempelige beschikbaarheid van respijtzorg (vervangende zorg),
                                antwoordelijkheden. Dit kan betekenen dat ‘gebruikelijke’ zorg komt te vervallen als
                                                                                                                           zowel op locatie als thuis. Voer veranderingen door in de wijze waarop respijtzorg
                                term en indicatie. Wie: beroepskrachten, naasten en vrijwilligers.
                                                                                                                           wordt aangeboden: actief via de eerste lijn, in het teamoverleg met professionals, en
                                                                                                                           met behulp van moderne techniek (apps). Benut respijtzorg als kans voor burgers die
RVS | Anders leven en zorgen
                               Vrijblijvendheid voorbij
                                                                                                                           niet belast zijn met zorgtaken om bij te dragen en medeburgers te ontlasten, bijvoor-
                                Het is een urgente opdracht van zorgbestuurders om de vanzelfsprekende intensieve
                                                                                                                           beeld via school, studie of werk. Dat kan formeel via logeer- en respijthuizen, maar
                                samenwerking met naasten en vrijwilligers te verankeren in de besturingsfilosofie
                                                                                                                           ook in een meer ‘informele’ vrijwillige sfeer, bijvoorbeeld via maatjes- en buddypro-
                                en -inrichting van hun organisatie. De samenwerking is niet langer vrijblijvend, maar
                                                                                                                           jecten. Wie: gemeenten en zorgorganisaties.
                                is een vast onderdeel van de verantwoordelijkheid van beroepskrachten. Hulpvragers
                                vormen met hun naasten een natuurlijk verband of een ‘systeem’ dat als basis kan
                                                                                                                          Helphulp
                                dienen voor samenwerking. Zorg niet alleen dat alle sturing van zorgorganisaties
                                                                                                                           Introduceer de ‘helphulp’. Een helphulp is iemand zonder betaalde baan en met vrij-
                                (intramuraal en extramuraal) gericht is op de gelijkwaardige samenwerking met
                                                                                                                           willigerspotentieel om eenvoudige hulp te bieden in de langdurige zorg. Dat kan door
</pre>

====================================================================== Einde pagina 34 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 35 ======================================================================

<pre>     68                                                                                                                                                                                                             69
                                de mogelijkheden voor deze mensen te verruimen, bijvoorbeeld door in voorkomende         Buurtinitiatieven en wijkbudgetten
                                gevallen de sollicitatieplicht te laten vervallen en een ruimhartige vrijwilligersver-    Faciliteer en ondersteun buurtinitiatieven, zorgcoöperaties (zoals Hoogeloon en
                                goeding toe te staan. Helphulpen kunnen van grote waarde zijn bij het koffie drinken,     Austerlitz) en vrijwilligersorganisaties. Wijkbudgetten maken meer collectieve
                                het maken van een praatje of lichte ondersteuning. Gepensioneerden en mensen met          oplossingen voor hulpvragen onder groepen bewoners mogelijk (naast de individuele
                                een arbeidsbeperking zouden ook helphulp kunnen worden.195 Wie: het ministerie van        aanpak), gaan versnippering van financiering tegen en bevorderen cohesie in
                                Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW).                                                   buurten. Wie: de Rijksoverheid en gemeenten.
                               Basis(zorg)baan                                                                           Op samenwerking gerichte bekostiging
                                Geef mensen met een uitkering recht op een eenvoudige baan in de zorg als zij daar        Stem de bekostiging meer af op zorgnetwerken en samenwerking. Maak tijd die
                                belangstelling en talent voor hebben. Basisbanen, zo stelde de WRR eerder, zijn niet      beroepskrachten besteden aan afstemming met naasten en vrijwilligers (indirecte
                                per se gericht op de uitstroom naar regulier werk, maar dragen bij aan sociale contac-    zorg) declarabel en zorg voor andere prikkels om die samenwerking te stimuleren.
                                ten, meetellen en gezondheid.196 De basisbaan kan in de intramurale langdurige zorg       Maak samenwerking tussen formele en informele zorg een voorwaarde voor finan-
                                nieuwe initiatieven stimuleren (Gezellen, Blijmakers en mantelzorgers in loondienst,      ciering en ondersteuning van zowel formele als informele zorg. Richt meer financiële
                                zie eerder). Wie huishoudelijk werk verricht (zoals strijken, wassen, boodschappen en     prikkels op preventie in plaats van curatie. Wie: de Rijksoverheid en gemeenten.
                                lichte zorgtaken uitvoeren voor particulieren) zou ten minste op een minimumloon
                                en doorbetaling bij ziekte moeten kunnen rekenen. Wie: het ministerie van SZW.           Mantelzorgwoningen en kostendelersnorm
                                                                                                                          Stimuleer en ondersteun het gebruik van mantelzorgwoningen, onder andere door te
                               Combinatie van werk of studie met zorg                                                     garanderen dat mantelzorgwoningen vergunningsvrij blijven, ook in de toekomst bij
                                Verlicht de druk van mensen die zorgen met werk of studie combineren. Sociale             de invoering van de nieuwe Omgevingswet. De kostendelersnorm is ook een obstakel
                                partners en onderwijsinstellingen: maak mantelzorgvriendelijke afspraken.                 voor mensen met een bijstandsuitkering om te gaan wonen met degenen voor wie zij
                                Wie: sociale partners en onderwijsinstellingen.                                           zorgen. Laat die norm daarom los. Wie: de Rijksoverheid en gemeenten.
                                Maak de druk die de combinatie van werk of studie met mantelzorg met zich mee
                                kan brengen bespreekbaar op de werkvloer en bied flexibiliteit, bijvoorbeeld door
                                (tijdelijke) aanpassing van arbeidsduur of arbeidstijden. Ook kan gebruik van een
                                                                                                                         III. Laat strakke kwaliteitskaders los en
                                persoonlijk budget of verlof sparen helpen. Vergroot de bekendheid van het kunnen
                                opnemen van betaald (2 weken) en onbetaald (6 weken) mantelzorg- en zorgverlof,
                                                                                                                              vereenvoudig regels
                                inclusief de informatie over de kring van naasten voor wie dit verlof kan worden
                                opgenomen, die vaak ruimer is dan men denkt. Wie: werkgevers.                             Zet een transitie in van controlesysteem naar ruimte voor formele en informele
                                                                                                                          zorgverlening. Zowel in (samenhangende) wet- en regelgeving als in financiering,
                                Voer een basisvergoeding in voor mantelzorgers die professionele zorg vervangen           kwaliteitskaders, beroepsnormen, standaarden, verantwoordingseisen en verantwoor-
                                (conform het Deense model). Deze basisvergoeding is vergelijkbaar met de doorbeta-        dingswijzen. Wie: de Rijksoverheid, branche- en beroepsorganisaties en financiers.
                                ling bij ouderschapsverlof (vanaf augustus 2022 gedurende 9 weken een uitkering van
                                70% van het dagloon, tot 70% van het maximum dagloon). Doorbetaling bij langdurig        Alleen basiskwaliteit vastleggen
                                mantelzorgverlof is nu afhankelijk van de cao. Wie: de Rijksoverheid.                     Leg alleen nog normen voor basiskwaliteit vast en laat de rest aan de instelling.
                                                                                                                          Vereenvoudig kwaliteitskaders (naar voorbeeld van de gehandicaptenzorg). Voor
                                Ondersteuning van mantelzorgers die zelf in de zorg werken, is in het bijzonder van       kwaliteitskaders en financiers van zorg geldt: focus op wat zorgaanbieders moeten
                                belang. Van hen combineert 25% (tegen gemiddeld 20% algemeen) zijn of haar baan           realiseren en niet hoe en door welke beroepskracht.197 Leg alleen het hoogstnoodzake-
                                met mantelzorgtaken. In plannen voor werving en behoud van zorgmedewerkers                lijke vast in zorgplannen en rapporteer daar waar het kan alleen op afwijkingen.
RVS | Anders leven en zorgen
                                moet ondersteuning van mantelzorg een terugkerend thema zijn en kunnen in                 Wie: de Rijksoverheid, branche- en zorgorganisaties en financiers.
                                samenspraak nog ruimere verlofregelingen worden opgesteld. Wie: zorgorganisaties.
                                                                                                                         Anders indiceren en toezicht houden
                                Zorg voor een flexibele cao met speelruimte binnen het FWG-functie­                       Laat het indicatiesysteem en het toezichtkader van de IGJ aansluiten bij het kwali-
                                waarderingssysteem voor het inschalen van andere functies dan zorgfuncties,               teitskader (dus bij het wat), bij het zorgcontinuüm en bij het uitgangspunt dat formele
                                waardoor de aantrekkelijkheid van het werk in de sector toeneemt voor niet-opge-          en informele zorg samen één team vormen waarin zij in een zo vroeg mogelijk
                                leide mensen, zonder dat opgeleide zorgmedewerkers daar (financieel) nadeel van           stadium met elkaar optrekken. Verruil de huidige rechtmatigheidscontroles door
                                ondervinden. Wie: sociale partners.                                                       zorgkantoren en accountants van gedeclareerde zorg voor een systeem gebaseerd op
</pre>

====================================================================== Einde pagina 35 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 36 ======================================================================

<pre>     70                                                                                                                                                                                                              71
                                vertrouwen.198 Ga uit van het principe van enkelvoudige uitvraag voor meervoudig          5.3 Oproep tot maatschappelijke discussie
                                gebruik van gegevens. Wie: de Rijksoverheid, brancheorganisaties en financiers.
                                                                                                                           De hiervoor genoemde aanbevelingen kunnen volgens de RVS nu al worden opgepakt
                                                                                                                           en gerealiseerd. Los daarvan zal er ook een maatschappelijke discussie moeten
                               Verminderde beroepsexclusiviteit
                                                                                                                           komen over andere, dan wel verdergaande stappen. Daarin kiest de RVS op dit
                                Zorg voor normen, kwaliteitsstandaarden, protocollen en richtlijnen die de exclu-
                                                                                                                           moment zelf nog bewust géén stelling. Eerst is een zorgvuldig maatschappelijk debat
                                siviteit van handelingen voor beroepsgroepen doet afnemen, waardoor ruimte
                                                                                                                           nodig. De Raad wil daarbij graag een rol spelen, onder andere via het benoemen van
                                ontstaat voor het uitvoeren van die handelingen door niet-opgeleide mensen (al
                                                                                                                           hiernavolgende onderwerpen. Bij een politiek en maatschappelijk debat verdienen
                                dan niet na een korte training of scholing). Laat zorg en ondersteuning die voor de
                                                                                                                           de volgende thema’s volgens de Raad aandacht. Het zou goed zijn om ten behoeve van
                                uitvoering strikt genomen geen beroepskracht vereisen, door naasten en vrijwilligers
                                                                                                                           die discussie voor deze thema’s verschillende scenario’s te ontwikkelen, met daarin
                                uitvoeren. In het geformeerde team zijn beroepskrachten wel permanent betrokken
                                                                                                                           opgenomen de maatschappelijke en financiële gevolgen.
                                (faciliterend, ondersteunend of coördinerend). Een methodiek als de ‘schijf van vijf’
                                (zie eerder) kan behulpzaam zijn om het onderlinge gesprek structureel met elkaar te
                                                                                                                          Acceptatie kwantitatieve vermindering professionele kwaliteit van zorg
                                voeren, opdat beroepskrachten niet direct alles op zich nemen. Kortom, leg de lat in
                                                                                                                           Als het tekort aan beroepskrachten groeit, gaan informele zorgverleners en hulpvra-
                                de langdurige zorg lager, bijvoorbeeld voor medicatietoediening, palliatieve termi-
                                                                                                                           gers zeer waarschijnlijk handelingen uitvoeren die voorheen alleen door formele
                                nale zorg en revalidatiezorg. Wie: de Rijksoverheid en beroepsverenigingen.
                                                                                                                           zorgverleners werden gedaan. Dat kan goed gaan als informele zorgverleners zelf ook
                                                                                                                           beroepskracht zijn of als ze door ervaring het (semi)professionele niveau evenaren.
                               Portfolio van bekwaamheden
                                                                                                                           Waar dat niet het geval is, zullen hulpvragers, naasten, vrijwilligers en beroepskrach-
                                Ga voortaan uit van bekwaamheden en niet langer van bevoegdheden. Dat biedt
                                                                                                                           ten de gekantelde situatie al snel als verlies van kwaliteit ervaren. Afgezet tegen de
                                ruimte aan vrijwilligers en naasten om zorghandelingen te verrichten die nu voor-
                                                                                                                           huidige normen is dat het ook.
                                behouden zijn aan bepaalde formele zorgverleners. Daarmee ontstaat tussen formele
                                                                                                                           Tegelijkertijd kan het loslaten van kwaliteitskaders ruimte bieden om vanuit een
                                en informele zorg een continuüm. De verworven bekwaamheden kunnen informele
                                                                                                                           ander kwaliteitsbegrip nieuwe (hybride) vormen van zorg te ontwikkelen. Als
                                zorgverleners opnemen in een individueel portfolio (met deelcertificaten). Vermijd
                                                                                                                           scholings- en kwaliteitseisen het midden vinden tussen formele en informele zorg,
                                extra bureaucratie. De zorgverlener of organisatie die de training heeft verzorgd,
                                                                                                                           kunnen er ook meer baankansen ontstaan voor mensen om in de zorg te werken.
                                kan dit valideren. Hiermee kunnen informele zorgverleners aantonen over welke
                                                                                                                           De samenleving dient in deze beschreven situaties in elk geval te accepteren dat de
                                vaardigheden zij beschikken (vergelijk skillspaspoort bij leven lang ontwikkelen).199
                                                                                                                           professionele kwaliteit van zorg kwantitatief over de hele linie afneemt.
                                Dat kan mantelzorgers na een langdurig zorgproces helpen de arbeidsmarkt weer te
                                betreden. Mbo- en hbo-instellingen kunnen daarop inspelen. Wie: beroepsgroepen,
                                                                                                                          Inzet van commerciële bureaus
                                zorgorganisaties, opleidingen en de Rijksoverheid.
                                                                                                                           In hoofdstuk 2.2 noemen we de opkomst van commerciële bureaus die kunnen
                                                                                                                           worden ingehuurd door naasten van een hulpbehoevende als zij zelf de rol van
                               Risicomijding aan banden
                                                                                                                           mantelzorger niet willen of kunnen vervullen. Deze ontginning van de zorgmarkt
                                Herijk wetgeving die leidt tot administratieve en andere onnodige bureaucratie.
                                                                                                                           roept vragen op. Het kan een uitkomst zijn, maar er dreigt dan wel een groeiende
                                Accepteer daarbij dat niet alle risico’s te beheersen zijn. Voorbeelden hiervan zijn de
                                                                                                                           tweedeling, waardoor kapitaalkrachtige mensen gemakkelijker zorgdiensten kunnen
                                Wet zorg en dwang (Wzd) en de HACCP. Beroepskrachten zijn door deze wetten veel
                                                                                                                           kopen dan minder gefortuneerde mensen.
                                bezig met het vermijden van risico’s en het inzetten en bewaken van (administra-
                                                                                                                           Bovendien kan het ertoe leiden dat beroepskrachten vanwege aantrekkelijkere
                                tieve) processen. Wie: de Rijksoverheid, branche- en beroepsorganisaties.
                                                                                                                           arbeidsvoorwaarden zullen kiezen voor deze commerciële bureaus en dan minder
                                                                                                                           inzetbaar zijn voor de reguliere zorg. Ook bestaat de kans dat de rechtsbescherming en
                               Verheldering van regels
                                                                                                                           de arbeidsvoorwaarden van arbeidskrachten verslechteren, dat er uitbuiting ontstaat
                                Verminder de onduidelijkheid over de toepassing van wet- en regelgeving en de
                                                                                                                           en dat we toegroeien naar een ongezonde markt. Zo gesteld kan het een onderdeel zijn
                                betekenis daarvan voor de samenwerking tussen beroepskrachten, hulpvragers of
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                           van een platformisering van de zorg, waarbij het platform in het midden staat, de klant
                                hun vertegenwoordigers, naasten en vrijwilligers. Vat de ruimte die er juridisch is
                                                                                                                           een product of dienst bestelt en de platformwerker (meestal zzp’er) het werk uitvoert,
                                voor samenwerking tussen formele en informele zorg helder en kort samen, zodat
                                                                                                                           vergelijkbaar met de taxichauffeurs en fietsende bezorgers van levensmiddelen die
                                onzekerheid over het nakomen van hun zorgplicht en aansprakelijkheid vermindert.
                                                                                                                           werken voor digitale platforms. Dit met alle voordelen van flexibiliteit, maar ook de
                                Wie: branche- en beroepsverenigingen.
                                                                                                                           arbeidsrechtelijke nadelen. En wie ziet toe op de kwaliteit? Deze ontwikkeling gaat
                                                                                                                           hoe dan ook de samenwerking tussen formele en informele zorg beïnvloeden. Kortom,
                                Breng diverse privacyregels in diverse zorgwetten op één lijn. De gebrekkige aanslui-
                                                                                                                           de bloei van commerciële activiteiten in het zorgcontinuüm stelt ons voor vragen en
                                ting van onder andere de AVG, de Wkggz, Wgbo en Wabvpz leidt tot veel onduidelijk-
                                                                                                                           dilemma’s. Bijvoorbeeld in hoeverre solidariteit na te streven blijft.
                                heid en onzekerheid. Wie: de Rijksoverheid.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 36 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 37 ======================================================================

<pre>     72                                                                                                                                                                                                            73
                               Invoering van zorgplicht                                                                 5.4 Ten slotte
                                De overheid kan normatieve en wettelijke kaders stellen om verwanten te verplich-
                                                                                                                         Voor een houdbare zorg is het – in het licht van de toenemende personeelsschaarste
                                ten om financieel of praktisch bij te dragen aan de verzorging van hun naasten.
                                                                                                                         – nodig om verschillende mengvormen van betaalde, onbetaalde, georganiseerde,
                                Het momenteel slapende wetsartikel (BW1:392 1 lid b) dat kinderen verplicht om
                                                                                                                         niet georganiseerde en meer en minder vrijwillige zorg ruimte te geven. We moeten
                                in het levensonderhoud van hun ouders te voorzien, kan daarvoor een basis zijn.
                                                                                                                         dus toe naar een meer ‘hybride’ zorgsysteem, met als belangrijke toetssteen dat
                                In Duitsland dienen kinderen financieel bij te dragen als hun ouders onvoldoende
                                                                                                                         tegenstellingen niet toenemen. Zodat iedereen de hulp ontvangt die nodig is én alle
                                inkomen of vermogen hebben om de zorg te betalen. Voor Nederland zou een hybride
                                                                                                                         zorgverleners de maatschappelijke erkenning en waardering krijgen die hen toe-
                                systeem ontwikkeld kunnen worden, waarbij verwanten kiezen tussen ofwel zelf
                                                                                                                         komt. De RVS pleit dan ook voor een fundamentele verschuiving van cliëntgerichte
                                meer zorg verlenen, ofwel meer betalen. Keerzijde is wel dat dit leidt tot een ‘uit-
                                                                                                                         zorg naar netwerkgerichte zorg, waarin een steunsysteem voor zorgrelaties centraal
                                koop-effect’ waarbij vermogenden vooral passief (via geld) mantelzorgen en niet-
                                                                                                                         staat. Essentieel daarbij is dat naasten, vrijwilligers en beroepskrachten samen een
                                vermogenden vooral actief (in natura) mantelzorgen.
                                                                                                                         team vormen om in een gelijkwaardige relatie de hulpvrager te ondersteunen.
                               Invoering van maatschappelijke dienstplicht
                                                                                                                         We hebben in dit advies beschreven welke mogelijkheden er volgens ons zijn om tot
                                Een zorgplicht kan ook buiten de familiesfeer worden georganiseerd door zorg in
                                                                                                                         een herijking van de relatie tussen deze informele en formele zorg te komen. In het
                                te stellen als maatschappelijke dienstplicht voor jongeren. Dat kan leiden tot een
                                                                                                                         hybride zorgsysteem zijn er volgens ons 3 ingrijpende typen van interventies nodig.
                                win-winsituatie wanneer het aansluit bij interesses van jongeren en bijdraagt aan
                                                                                                                         Ten eerste is het belangrijk dat beroepskrachten een verbintenis aangaan met het
                                zelfontwikkeling en verbinding met de samenleving. De inzet van jongeren bevordert
                                                                                                                         netwerk van de hulpvrager (dus met diens naasten en vrijwilligers) en niet uitslui-
                                ook intergenerationele contacten en draagt bij aan afname van eenzaamheidsproble-
                                                                                                                         tend met het individu. Dit kan door naasten en vrijwilligers volwaardig lid te laten
                                matiek. De keerzijde is dat een dergelijke dienstplicht, als het inderdaad samengaat
                                                                                                                         zijn van het team dat zij met beroepskrachten vormen en door hen via machtigingen
                                met een verplichtend karakter, de vrijheid belemmert en de druk op jongeren, die
                                                                                                                         makkelijker toegang te geven tot het zorg(leef)plan.
                                toch al groot is, doet toenemen.200
                                                                                                                         Ten tweede verdienen (semi-)informele zorgverleners het om gewaardeerd te
                               Grootschalige inzet migranten
                                                                                                                         worden als gelijkwaardige partners in zorg. Hen een stem geven in de organisatie
                                Migranten die als inwonend zorgverlener werkzaam zijn, vormen in landen als Italië
                                                                                                                         en het beleid is daarbij een eerste stap. Laagdrempelige respijtzorg, zorgwerk voor
                                en Spanje een onmisbare pijler van de zorg en zij zullen ook in Nederland (onver-
                                                                                                                         baanlozen, ruimere (zorg)verlofmogelijkheden, nieuwe vormen van financiering
                                mijdelijk) een steeds grotere rol gaan spelen. De vluchtelingen uit Oekraïne maken
                                                                                                                         (meer gericht op een bijdrage aan zorgnetwerken) en mantelzorgwoningen zijn ook
                                dit vraagstuk nog actueler. Een gericht visumbeleid kan gekwalificeerd of nog op te
                                                                                                                         allemaal vormen van waardering en erkenning van het onmisbare werk van alle
                                leiden personeel verleiden om in Nederland te werken. Dit vergt een grote investering
                                                                                                                         mensen die niet beroepsmatig bijdragen aan de zorg.
                                in scholing, taalonderwijs, huisvesting en integratie. Daarbij zal Nederland uitbui-
                                ting, mensenhandel en ontwrichting van emigratielanden zo veel mogelijk moeten
                                                                                                                         Ten derde dienen er nieuwe beschrijvingen te komen voor kwaliteit van zorg, die
                                voorkomen. Mocht dat politiek of praktisch onhaalbaar blijken, dan is een ‘passieve’
                                                                                                                         niet enkel vertrekken vanuit een definitie van professionele, betaalde zorg, maar
                                integratie te overwegen. De overheid gedoogt daarbij dat voor arbeidsmigranten
                                                                                                                         die vertrekken vanuit wat kwaliteit van leven is en vanuit de erkenning dat
                                andere professionele, fiscale en arbeidsrechtelijke normen gelden dan voor burgers
                                                                                                                         niet-traditionele hybride vormen van zorg ook kwaliteit kunnen leveren, zij het
                                (zie ook bijlage).201 Overigens waren eerdere initiatieven met onder andere verpleeg-
                                                                                                                         naar andere maatstaven.
                                kundigen uit Polen en Zuid-Afrika geen onverdeeld succes.
                                                                                                                         Het zal niet makkelijk zijn om de krachten van familiarisering, vermarkting en
                                De RVS roept politici en beleidsmakers op om openhartig te zijn over de noodzaak
                                                                                                                         vermaatschappelijking in het door ons geschetste hybride zorgcontinuüm zo te
                                voor verandering en het maken van heldere keuzes, en het debat over genoemde
                                                                                                                         orkestreren dat ze een substantiële bijdrage leveren aan het arbeidsmarktvraagstuk
                                verdergaande stappen met de samenleving aan te gaan.
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                         zonder de verschillen in de samenleving te vergroten. Een gelijkwaardige rol voor
                                                                                                                         naasten, vrijwilligers en beroepskrachten in de zorg is echter de sleutel tot succes in
                                                                                                                         een samenleving waarin we graag voor elkaar zorgen en allemaal onze eigen verant-
                                                                                                                         woordelijkheid nemen, maar wel met de nodige erkenning en steun. Met een nieuwe
                                                                                                                         balans tussen ‘gewone’ onderlinge zorg en ‘formele’ zorg kunnen we met elkaar de
                                                                                                                         behaalde gezondheidswinsten van de afgelopen decennia duurzaam verankeren in
                                                                                                                         onze samenleving. Dat betekent anders leven en zorgen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 37 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 38 ======================================================================

<pre>     74                                                                                                                                                                                                          75
                               Bijlage 1: Aanpak toegelicht                                                            Bijlage 2: Andere landen
                               Co-creatie met ervaringsdeskundigen                                                      Het hybride zorgsysteem is geen typisch Nederlands fenomeen. In andere landen
                                Tussen 14 juni en 12 juli 2021 hebben we een co-creatief onderzoek uitgevoerd met       bestaan evengoed verschillende vormen van betaalde, onbetaalde, formele, informele,
                                een klein groepje verleners van formele en informele zorg, de mensen die centraal       georganiseerde en ongeorganiseerde, vrijwillige en verplichte zorg naast elkaar en in
                                staan in dit advies. Dat is nieuw voor de RVS; we beschouwen het als een experiment.    mengvormen. Wel zie je dat er accentverschillen zijn tussen landen in de mate en rich-
                                Doel was de hoofdrolspelers een stem te geven: beroepskrachten (zorgverleners) en       ting waarin beleid ingrijpt op partijen die zorg verlenen binnen het zorgcontinuüm.
                                niet-beroepskrachten (naasten en vrijwilligers). De vraag die we met hen wilden
                                beantwoorden is in lijn met die van ons advies: hoe gaat het in de samenwerking         De algemene trend is – ook in van oudsher genereuze verzorgingsstaten – om
                                tussen formele en informele zorg en wat draagt bij aan een optimaal samenspel?          onder druk van vergrijzing en van arbeids- en financieringstekorten minder van
                                Deze co-creatie werd ondersteund door het externe bureau STBY, gespecialiseerd in       de overheid te verwachten en een verschuiving te maken richting familialisering,
                                Design Thinking. Enkele citaten van de deelnemers zijn opgenomen in dit advies.         vermarkting of vermaatschappelijking van de zorg. Familialisering houdt in dat
                                                                                                                        de overheid maatregelen neemt die het makkelijker of aantrekkelijker maken of
                               Uitwisseling studenten                                                                   zelfs verplichten om voor naasten te zorgen. De term ‘familie’ moet hierbij breed
                                In het voorjaar van 2021 hebben de RVS en studenten van de masteropleiding              worden opgevat; het gaat vaak ook om zorg voor naasten. Vermarkting betekent een
                                Healthcare Management van de Erasmus University Rotterdam een gezamenlijke              verschuiving naar betrokkenheid van de markt, waaronder ook private financiering
                                inspiratiesessie georganiseerd over dit onderwerp, die tot een vruchtbare uitwisse-     van zorg. Vermaatschappelijking van de zorg duidt op een bredere betrokkenheid en
                                ling van ideeën leidde. Om hun masterthesis over het samenspel tussen formele en        verspreiding van zorgtaken onder de hele bevolking, vaak via de lokale gemeenschap.
                                informele zorg te kunnen schrijven, namen zij talloze interviews af met alle rele-      We presenteren bij elk van deze mogelijke verschuivingen die van invloed zijn op het
                                vante stakeholders en bestudeerden de literatuur hierover. De RVS kon uit hun recent    zorgcontinuüm, enkele voorbeelden van overheidsingrijpen uit landen om ons heen.
                                opgehaalde informatie putten.
                               Sessie met experts kennisinstituten                                                     a. Familiarisering
                                Op 14 juli 2021 hebben we een bijeenkomst met de hoogleraren Marjolein Broese van
                                                                                                                       Betaald mantelzorgverlof
                                Groenou en Ellen Verbakel en de lectoren Lilian Linders en Erica Witkamp georga-
                                                                                                                        Denemarken is bij uitstek een land waar jarenlang is ingezet op gelijkheid van man-
                                niseerd om informatie op te halen voor ons advies (zie ook bijlage Geraadpleegde
                                                                                                                        nen en vrouwen op de arbeidsmarkt, met als resultaat een hoge arbeidsparticipatie
                                deskundigen). Zij hadden daarvoor tijdens individuele gesprekken ook al inzichten
                                                                                                                        van zowel mannen als vrouwen. Keerzijde is dat dit kan knellen met mantelzorgta-
                                met ons gedeeld.
                                                                                                                        ken. De overheid heeft daarom een ruime voorziening voor betaald mantelzorgverlof
                                                                                                                        ingesteld. Er zijn twee 2 varianten.
                                                                                                                        Ten eerste is er het plejevederlag (zorgtoeslag) waarbij werkenden betaald zorgverlof
                                                                                                                        krijgen om te zorgen voor een naaste in de palliatieve fase. Het verlof gaat in vanaf
                                                                                                                        het moment dat een verwachte levensduur van maximaal 6 maanden is bepaald, tot
                                                                                                                        14 dagen na het overlijden. Dit type verlof wordt enkel toegekend aan mantelzorgers
                                                                                                                        die zorgen voor iemand die thuis wordt verzorgd in plaats van in een instelling.
                                                                                                                        Ten tweede is er het omsorgsorlov (zorgverlof) waarbij mantelzorgers die zorgen
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                        voor een naaste met een beperking of chronische ziekte zich kunnen laten betalen
                                                                                                                        door de gemeente. De mantelzorger wordt hierbij niet doorbetaald door de eigen
                                                                                                                        werkgever, maar ontvangt een salaris van de gemeente waar de hulpbehoevende
                                                                                                                        staat ingeschreven. Vereiste voor de betaling is dat de informele zorg een vervanging
                                                                                                                        vormt voor 24-uurs institutionele zorg. Als fulltime ‘werknemer’ van de gemeente
                                                                                                                        ontvangt men € 3.242,88 per maand (DKK 24.115). Dit bedrag mag niet hoger zijn dan
                                                                                                                        wat de eigen werkgever betaalt. Men behoudt het recht op WW, vakantiedagen en
                                                                                                                        vakantietoeslagen. Het werk (en salaris) mag eventueel ook worden verdeeld over
</pre>

====================================================================== Einde pagina 38 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 39 ======================================================================

<pre>     76                                                                                                                                                                                                            77
                                meerdere mantelzorgers. Het dienstverband kan maximaal 6 maanden duren, met              b. Vermaatschappelijking
                                een mogelijke eenmalige verlenging van 3 maanden. Met name het omsorgsorlov
                                                                                                                         Gemeenschapszorg stimuleren
                                wordt gezien als een innovatieve manier om mantelzorg en werk te combineren,
                                                                                                                          Japan kent een relatief groot percentage informele zorg vanwege een lange traditie
                                hoewel er ook zorgen zijn over de gendereffecten van dit type verlof.202,203
                                                                                                                          van intergenerationele huishoudens. Dit potentieel neemt af door de toegenomen
                                                                                                                          arbeidsparticipatie van vrouwen. De overheid stuurt meer op onder andere het
                               Mantelzorgvergoeding
                                                                                                                          versterken van lokale gemeenschappen, het anders inrichten van steden en preven-
                                In Groot-Brittannië is het voor mantelzorgers mogelijk om een vergoeding te ontvan-
                                                                                                                          tieprogramma’s. Het verschuiven van langdurige zorg naar gemeenschappen en het
                                gen, de Carer’s Allowance. Deze financiële vergoeding is inkomensafhankelijk en is
                                                                                                                          ontlasten van de families is een belangrijke drijfveer geweest voor de hervorming
                                bedoeld om sociale zekerheid te bieden aan mantelzorgers zonder of met een gering
                                                                                                                          in 2000. Doel van het beleid was om langdurige zorg noch volledig door de staat te
                                inkomen. Er is recht op als de mantelzorger minstens 35 uur mantelzorg verleent per
                                                                                                                          laten uitvoeren, noch uitsluitend door families te laten dragen. De gemeenschapszorg
                                week en maximaal € 150 (128 GBP) per week verdient. De mantelzorger bouwt ook
                                                                                                                          wordt gestimuleerd door de centrale en de lokale overheid, maar wordt nog niet
                                pensioenrechten op over de verkregen vergoeding. De vergoeding is € 90 (67,60 GBP)
                                                                                                                          overal omarmd. Hoewel de inzet op vermaatschappelijking van de zorg juist bedoeld
                                per week, en € 360 per maand. Het maakt niet uit welke relatie men heeft tot de
                                                                                                                          is om zorgverantwoordelijkheden eerlijker te spreiden, verandert de impliciete
                                zorgbehoevende. De zorgbehoevende moet wel al voorzien zijn van bepaalde over-
                                                                                                                          verwachting dat vrouwen informele zorg verlenen niet.208
                                heidssteun.204 Hoewel de vergoeding enige sociale zekerheid biedt, is het ontvangen
                                bedrag niet hoog genoeg om van rond te komen, en klinken er kritische geluiden dat
                                                                                                                         Tijd voor tijd
                                mantelzorgers zo gedwongen in armoede moeten leven, aangezien ze wettelijk gezien
                                                                                                                          In St. Gallen is als eerste stad in Zwitserland een Time Bank (tijdbank) geïntrodu-
                                niet meer mogen bijverdienen.205
                                                                                                                          ceerd, een van oorsprong een Japans concept. Een Time Bank heeft tot doel om
                                                                                                                          hulpuitruil tot stand te brengen in de lokale gemeenschap, tussen mensen onderling,
                               Familiezorgplicht
                                                                                                                          al dan niet met tussenkomst van een organisatie. In St. Gallen gaat het om hulpuitruil
                                In China bestaat een sterke traditie om te zorgen voor familie. Toch kunnen niet alle
                                                                                                                          tussen ouderen, waarbij deelnemers krediet verdienen door iets voor een ander te
                                hulpbehoevende ouders rekenen op zorg en steun van hun kinderen: zo’n 10% tot 30%
                                                                                                                          doen.209 Wanneer deze (nu nog vitale ouderen) zelf hulpbehoevend worden, kunnen
                                van de ouderen krijgt onvoldoende of geen hulp. Dit vormt een probleem in een sterk
                                                                                                                          zij hun opgespaarde krediet voor zichzelf aanwenden door hulp terug te ontvangen.
                                vergrijzende samenleving, waar bejaardenhuizen schaars en duur zijn. Sinds 2013 is
                                                                                                                          In St. Gallen krijgt het project een financiële impuls vanuit de gemeente: de kosten
                                er een wettelijke plicht ingesteld voor kinderen om financiële en emotionele steun te
                                                                                                                          van de website, de administratie en de training worden gedekt en er is een financiële
                                bieden aan hun ouders en hen regelmatig te bezoeken. Doen ze dit niet, dan kan een
                                                                                                                          reserve voor als het project toch niet blijkt te werken en er een alternatieve tege-
                                rechtszaak volgen. Dit is in de praktijk ook al gebeurd: zo’n 1.000 ouderen hebben een
                                                                                                                          moetkoming moet komen voor de opgebouwde kredieten. Het Time Bank-systeem
                                zaak aangespannen tegen hun kinderen. Die wettelijke plicht is een formalisering
                                                                                                                          staat nog in de kinderschoenen, maar is beloftevol: het draagt niet alleen bij aan
                                van wat eerst een vrijwillige overeenkomst voor gezinsondersteuning was, de jiating
                                                                                                                          hulpuitruil, maar voorziet ook in sociale verbinding tussen mensen in de lokale
                                shanyang xieyi. Hoewel de wettelijke plicht aansluit bij de sterke Chinese familie-
                                                                                                                          gemeenschap. Er zijn ook uitdagingen: zo is het ingewikkeld om jongeren te betrek-
                                tradities en bijdraagt aan het zorgsysteem voor ouderen, zijn er ook keerzijden: de
                                                                                                                          ken bij dit systeem, omdat toekomstige baten voor hen hoogst onzeker zijn. En ook
                                kwaliteit van zorg wordt soms over het hoofd gezien, doordat praktische zorg met
                                                                                                                          hulpuitruil tussen ouderen ontstaat niet vanzelf, het vergt de nodige begeleiding in
                                deze wet weliswaar kan worden afgedwongen, maar liefde en respect niet.206 Ook
                                                                                                                          vraag en aanbod.210
                                moeten kinderen voldoen aan een bepaalde levensstandaard van de ouders, die door
                                de grote verschillen in China soms financieel lastig op te brengen is.
                               Meebetalende kinderen
                                In Duitsland krijgt een oudere voor een verblijf in het verpleeghuis tussen de € 1.000
                                en € 1.500 vergoed, afhankelijk van de zwaarte van de zorg. De rest, nog eens € 1.000
RVS | Anders leven en zorgen
                                tot € 1.500 inclusief ‘hotelkosten’, komt voor eigen rekening. Ouderen wier pensioen
                                niet toereikend is om dit maandelijkse bedrag te betalen, kunnen een uitkering
                                krijgen, maar alleen als zij eerst hun eigen vermogen hebben opgesoupeerd. Daarna
                                wordt ook gekeken of de kinderen kunnen meebetalen. Hebben die genoeg inkomen
                                of vermogen, dan zijn zij verplicht om voor hun ouders te betalen voordat deze een
                                uitkering krijgen. Een onbedoeld neveneffect van deze Duitse regeling is dat kinde-
                                ren hun ouders soms naar het buitenland brengen om hen daar in een goedkoper
                                verzorgingstehuis te laten verblijven in de laatste levensfase.207
</pre>

====================================================================== Einde pagina 39 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 40 ======================================================================

<pre>     78                                                                                                                                                                                                    79
                               c. Vermarkting
                                                                                                                          Geraadpleegde deskundigen
                               Belastingvoordeel voor private financiering
                                In Zweden, een van oudsher genereuze verzorgingsstaat, wordt zorg steeds meer
                                                                                                                          Joost van Alkemade             Directeur Vereniging Nederlandse Organisatie
                                overgelaten aan de markt. Zo is er sinds 2007 een belastingvoordeel ingevoerd op
                                                                                                                                                         Vrijwilligerswerk (NOV)
                                de private inkoop van huishoudelijke zorg. Alle belastingbetalers hebben jaarlijks
                                recht op 50% belastingteruggave op de prijs van huishoudelijke zorg (tot omgerekend       Ben van Asten                  Beleidsadviseur arbeidsmarktinformatie
                                circa € 11.000) per persoon. De huishoudelijke zorg is niet geïndiceerd en wordt niet                                    RegioPlus
                                gereguleerd door de overheid of lokale autoriteiten. Hoewel deze tegemoetkoming
                                                                                                                          Pascal Baudet                  Mantelzorger; hoofd Business Development
                                de drempel verlaagt om huishoudelijke zorg in te kopen en een markt creëert voor
                                                                                                                                                         Akoesticum
                                huishoudelijke zorgverleners, blijft het een private investering die niet iedereen
                                kan doen. Als gevolg hiervan signaleren onderzoekers een ‘dualisering’ van zorg: de       Emmelie van den Bergh          Beleidsmedewerker Informele zorg Directie
                                rijkeren kopen met behulp van dit belastingvoordeel huishoudelijke zorg voor hun                                         Maatschappelijke Ondersteuning VWS
                                naasten in; de armeren verlenen de zorg zelf in natura aan hun hulpbehoevende
                                                                                                                          Hester van de Bovenkamp        Associate Professor Erasmus School of Health
                                naasten.211,212
                                                                                                                                                         Policy & Management
                               Betaalde zorgverlener aan huis                                                             Rick Brink                     Adviseur inclusie (voorheen officieuze minister
                                In Italië bestaat een sterke cultuur van zorg voor de familie. Lang niet iedereen heeft                                  van Gehandicaptenzaken); ervaringsdeskundige
                                echter tijd om voor hulpbehoevende familie te zorgen en er zijn weinig collectieve
                                                                                                                          Marjolein Broese van Groenou   Hoogleraar Informele zorg Vrije Universiteit
                                voorzieningen. Een alternatieve voorziening die veelvuldig voorkomt in Italië, en
                                                                                                                                                         Amsterdam
                                die in stand wordt gehouden door de overheid, is om een betaalde (vrouwelijke)
                                zorgmigrant in huis te nemen (ook wel badante). Zo blijft de zorg ‘familiaal’, maar       Nienke Brouwer                 Student Erasmus School of Health Policy &
                                is die wel uitbesteed aan een marktpartij. Deze zorgmigranten komen veelal uit                                           Management MSc Healthcare Management
                                omringende, armere landen, zoals Albanië, Moldavië en Roemenië. De zorgmigranten
                                                                                                                          Claire Champeix                Policy and project officer Eurocarers
                                bieden vaak omvangrijke zorg: van schoonmaken tot boodschappen doen, van koken
                                tot persoonlijke zorg verlenen, en soms zelfs medische verzorging. Het gemiddelde         Bram Dingemanse                Vrijwilliger; netwerkregisseur Huize Middelland
                                loon is ongeveer € 6 op basis van een gemiddelde werkweek van 42 uur.213 Hoewel
                                                                                                                          Judith van Dongen              Beleidsadviseur gemeente Roosendaal; VerS-lid
                                de zorgmigranten veel zorg bieden voor een betaalbaar tarief, en hulpbehoevenden
                                hierdoor thuis kunnen blijven wonen zonder de familie te (over)belasten, zijn er ook      Jos Dute                       Emeritus hoogleraar Gezondheidsrecht
                                keerzijden. De zorgmigrant verdient relatief weinig voor veel werk en heeft geen                                         Radboud Universiteit Nijmegen
                                sociale rechten, en dit kan als vorm van uitbuiting worden gezien. Bovendien kan
                                                                                                                          Job van Exel                   Hoogleraar Economie Erasmus Universiteit
                                zorgmigratie een keten in gang zetten, waardoor zorggaten verschoven worden naar
                                                                                                                                                         Rotterdam
                                landen van waaruit de zorgverleners vertrekken.214
                                                                                                                          Harry Finkenflügel             Bestuurder Warande; docent/onderzoeker
                                                                                                                                                         ESHPM
                                                                                                                          Elwin Foppen                   Beleidsmedewerker Informele zorg Directie
                                                                                                                                                         Maatschappelijke Ondersteuning VWS (vrijwil-
                                                                                                                                                         lige inzet en burgerinitiatieven)
RVS | Anders leven en zorgen
                                                                                                                          Marianne Frederix              Wijkverpleegkundige Blauwdorp/Mariaberg
                                                                                                                          Sarah Gagestein                Framing-expert Taalstrategie
                                                                                                                          Leonoor Gräler                 Promovendus ESHPM
                                                                                                                          Nick van Hagen                 Manager thuiszorgorganisatie Informele zorg
                                                                                                                                                         Informeles
</pre>

====================================================================== Einde pagina 40 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 41 ======================================================================

<pre>     80                                                                                                                                                                                                  81
                               Paulien Haverlach             Senior beleidsadviseur Regulering Nederlandse       Arianne van der Rijst             Teamleider informele zorg Directie
                                                             Zorgautoriteit                                                                        Maatschappelijke Ondersteuning VWS
                               Liesbeth Hoogendijk           Directeur MantelzorgNL
                                                                                                                 Eline Roelofsen                   Coördinator Kennisplatform EVB; onderzoeker
                                                                                                                                                   Tilburg University
                               Yvonne Houdt                  Directeur MEE
                                                                                                                 Anne-Fleur Roos                   Programmaleider zorg Centraal Planbureau
                               Misja Immink                  Vrijwilliger; Initiatiefnemer Gelukswandelingen
                                                                                                                 Roos Scherpenzeel                 Expert Informele Zorg; Programmaleider In voor
                               Ernst de Jong                 Advocaat Gezondheidsrecht KBS Advocaten
                                                                                                                                                   mantelzorg-thuis Movisie
                               Sander de Jong                Projectleider Wijkverpleging NZa
                                                                                                                 Ronald Schmidt                    Vicevoorzitter ActiZ; bestuurder Cordaan
                               Yvonne de Jong                Senior adviseur Informele zorg Vilans
                                                                                                                 Angelique Schoenmakers            Coördinerend specialistisch inspecteur en pro-
                               Brit Ketelaars                Student Erasmus School of Health Policy &                                             jectleider (netwerkzorg en preventie) Inspectie
                                                             Management MSc Healthcare Management                                                  Gezondheidszorg en Jeugd
                               Isabelle Kivits               Student Erasmus School of Health Policy &           Roy van Senten                    Student Erasmus School of Health Policy &
                                                             Management MSc Healthcare Management                                                  Management MSc Healthcare Management
                               Mirjam de Klerk               Senior wetenschappelijk medewerker SCP              Charles Snijder                   Adviseur zorgkwaliteit; functionaris gegevens-
                                                                                                                                                   bescherming Warande
                               Godelieve Kok                 Mantelzorger; gepensioneerd
                                                                                                                 Hugo Solleveld                    Coördinerend/specialistisch inspecteur,
                               Susan Kraaijeveld             Beleidsmedewerker informele zorg DMO
                                                                                                                                                   teamcoördinator ziekenhuizen Inspectie
                               Frido Kraanen                 Bestuurder Omring; lid KennisRing RVS                                                 Gezondheidszorg en Jeugd
                               Sera Langenveld               Bestuurssecretaris Cicero Zorggroep                 Marian Stevelink                  Cliëntvertrouwenspersoon Wet zorg en dwang
                                                                                                                                                   Landelijk steunpunt (mede)zeggenschap
                               Johan Legemaate               Hoogleraar Gezondheidsrecht Amsterdam UMC /
                                                             Universiteit van Amsterdam                          Annette Stekelenburg              Lid RVS KennisRing; Sprekende Mantelzorgers;
                                                                                                                                                   Unit Complexe Zorgvragen VWS
                               Lilian Linders                Lector Empowerment en professionalisering
                                                             InHolland                                           Norbert Strijker                  Interim beleidsmedewerker diverse gemeenten
                               Henriette van der Meij        Directeur-bestuurder Vrijwilligers Centrale         Jacqueline Stuurstraat            Directeur deRotterdamseZorg
                                                             Amsterdam
                                                                                                                 Louie Tas                         Persoonlijk begeleider Cordaan
                               Mascha van Mourik - Bullens   Landelijk coördinator vrijwillige inzet ’s Heeren
                                                                                                                 Veronique Tubée                   Beleidsadviseur ActiZ
                                                             Loo
                                                                                                                 Ellen Verbakel                    Hoogleraar Sociologie, informele zorg Radboud
                               Henk Nies                     Directeur Strategie & Ontwikkeling Vilans
                                                                                                                                                   Universiteit Nijmegen
                               Coby Nogarede                 Bestuurder de Zorgboog
                                                                                                                 Caroline Verheijde-Zeijl          Psychiater GGZ Rivierduinen; transcultureel
                               Jeroen van den Oever          Directievoorzitter Fundis; bestuurder van ActiZ;                                      systeemtherapeut
RVS | Anders leven en zorgen
                                                             lid KennisRing RVS
                                                                                                                 Marle Wachter                     Onderzoeker, trainer en adviseur Zinzin
                               Violet Petit-Steeghs          Assistant professor ESHPM
                                                                                                                 Erica Witkamp                     Lector Zorg om naasten, Hogeschool Rotterdam
                               Inger Plaisier                Senior wetenschappelijk medewerker SCP
                                                                                                                 Stecy Yghemonos                   Executive director Eurocarers
                               Anne Margriet Pot             Hoogleraar Toezicht op persoonsgerichte en
                                                                                                                 Erik Ypema                        Adviseur in zorg en welzijn; vrijwilliger; voorzit-
                                                             geïntegreerde langdurige zorg, leerstoel van
                                                                                                                                                   ter Adviesraad Sociaal Domein Bunnik
                                                             de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd aan de
                                                             Erasmus Universiteit (ESHPM)
                                                                                                                 Met deze mensen heeft de RVS gesproken, zij hebben zich niet gecommitteerd aan
                               Dorinne Raaimakers            Mantelzorger; Projectleider Universiteit Utrecht    het advies.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 41 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 42 ======================================================================

<pre>     82                                                                                                                                                                                                                             83
                               Noten en literatuur                                                                                   18 In 2022 is het tekort exclusief kinderopvang 48.600 werknemers en in 2031 is dat 135.000.
                                                                                                                                     19 SER (2021). Aan de slag voor de zorg. Een actieagenda voor de zorgarbeidsmarkt. Advies
                                                                                                                                        21/04 Mei 2021. Den Haag: Sociaal-Economische Raad.
                                                                                                                                     20    https://www.maxmeldpunt.nl/gezondheid/opnamestop-in-zorginstel-
                               1    Gorman, A. (2021). Zo klinkt verandering. (Vertaald door G. Bonevacia. Originele titel:             lingen-door-personeelstekort/ https://nos.nl/artikel/2392381-tekort-aan-be-
                                    Change sings.) Amsterdam: Van Goor.                                                                 handelaren-veroorzaakt-naast-wachtlijsten-ook-patientenstop-in-ggz En:
                               2    Zie het webforum Skeptics over de bronnen voor deze woorden, uitgesproken door Mead                 https://www.fnv.nl/nieuwsbericht/sectornieuws/zorg-welzijn/2022/01/
                                    rond 1960 tijdens een college. https://skeptics.stackexchange.com/questions/47543/                  zorginfarct-dreigt-reddingsplan-is-snel-nodig
                                    did-margaret-mead-say-that-a-healed-femur-is-the-earliest-sign-of-civilization                   21    https://regioplus.nl/arbeidsmarktinformatie/landelijk-uitstroomonderzoek/ en
                               3    TK (2021/2022). Motie van de leden Den Haan en Warmerdam. 19 januari 2022. Tweede                   https://www.zorgvisie.nl/vooral-meer-regie-doet-zorgwerknemer-voor-zzp-schap-kie-
                                    Kamer, vergaderjaar 2021/2022, 35788, nr. 152.                                                      zen/?ipaccess=1 Geraadpleegd 4 februari 2022.
                               4    RVS (2020). Applaus is niet genoeg. Den Haag: Raad voor Volksgezondheid & Samenleving.           22 Commissie Werken in de Zorg (2020). ‘Anders besturen’, vanuit een gezamenlijke
                               5    Zie o.a. hoofdstuk 4 en bijvoorbeeld: Redeker, I., Nanninga, K. en Steekelenburg, I. van            maatschappelijke opgave’. https://open.overheid.nl/repository/ronl-2582698e-71b5-
                                    (2017). Sociale wijkteams en informele zorg. Issues die spelen en oplossingen die werken.           43ea-a800-03f867bbd74e/1/pdf/advies-commissie-werken-in-de-zorg-over-anders-bestu-
                                    Utrecht: Vilans en Movisie.                                                                         ren-vanuit-een-gezamenlijke-maatschappelijke-opgave.pdf
                               6    WRR (2021). Kiezen voor houdbare zorg. Mensen, middelen en maatschappelijk draag-                23 SER (2021). Aan de slag voor de zorg. Een actieagenda voor de zorgarbeidsmarkt. Advies
                                    vlak. WRR-Rapport 104. Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.                   21/04 Mei 2021. Den Haag: Sociaal-Economische Raad. En: SER (2021). Zekerheid voor
                                    Het RIVM, de NZa en ZIN gingen de WRR voor. Zie ook Levi, M. (2021), ‘Voor ‘geen cent te            mensen, een wendbare economie en herstel van de samenleving. Advies uitgebracht
                                    veel’ krijgen we veel terug.’ In: Het Parool, 13 november 2021.                                     aan de informateur en het kabinet ten behoeve van de kabinetsperiode 2021-2025. Den
                               7    TK (2019/2020). Naar een toekomstbestendig zorgstelsel. Brede maatschappelijke                      Haag: Sociaal-Economische Raad. En: WRR (2020). Het betere werk. De nieuwe maat-
                                    heroverwegingen.                                                                                    schappelijke opdracht. WRR-Rapport 102. Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het
                               8       https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2019/50/langdurige-zorg-vaker-thuis Geraadpleegd                 Regeringsbeleid. Ook heeft de overheid het onderwerp steviger op de agenda gezet met
                                    18 november 2021.                                                                                   onder andere het actieprogramma Werken in de Zorg. https://www.rijksoverheid.nl/
                               9    Boer, A., Plaisier, I. en Klerk, M. de (2019). Werk en mantelzorg. Kwaliteit van leven en het       documenten/jaarplannen/2018/03/14/actieprogramma-werken-in-de-zorg
                                    gebruik van ondersteuning op werk. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                    24 Judith Bom, zorgeconoom aan de Erasmus Universiteit. Ga ik voor mijn ouders zorgen?
                               10   CBS (2020). Aantal bewoners van verzorgings- en verpleeghuizen 2019. Centraal                          https://www.npostart.nl/stand-van-nederland-generatie-next/16-12-2021/
                                    Bureau voor de Statistiek. https://www.cbs.nl/nl-nl/maatwerk/2020/13/                               POW_05072081 Geraadpleegd 4 februari 2022.
                                    aantal-bewoners-van-verzorgings-en-verpleeghuizen-2019                                           25 Rethmeier, E. (2020). Verpleeghuizen zitten door corona met te weinig personeel,
                               11   TK (2019/2020). Naar een toekomstbestendig zorgstelsel. Brede maatschappelijke                      familieleden moeten bijspringen. Een Vandaag, 21 oktober 2020. https://eenvandaag.
                                    heroverwegingen. 20 april 2020. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/                            avrotros.nl/item/verpleeghuizen-zitten-door-corona-met-te-weinig-personeel-familiele-
                                    kamerstukken/2020/04/22/rapporten-brede-maatschappelijke-heroverwegingen                            den-moeten-bijspringen/ Geraadpleegd 4 februari 2022.
                               12   Dit betreft Wmo en Wlz. Kosten zijn ook relatief hoog, omdat Nederland de zorg en                26 Damlakhi, R. en Sande, E. van de (2021). ‘Mooie vrijwilligerscultuur nekt nieuwe
                                    woonfunctie nog veelal vermengt. Zie: TK (2019/2020). Naar een toekomstbestendig                    Nederlanders.’ In: de Volkskrant, 3 januari 2021.
                                    zorgstelsel. Brede maatschappelijke heroverwegingen.                                             27    Nederland vrijwilligersland - knhm
                               13   Levi, M. (2021). ‘Voor ‘geen cent te veel’ krijgen we veel terug.’ In: Het Parool, 13 november   28 De meeste mensen die vrijwilligerswerk doen, geven ook mantelzorg. Daarom lijken
                                    2021.                                                                                               cijfers en optelsommen soms niet te kloppen.
                               14    Herderschee, G. (2021). ‘De rem moet op de zorg, maar wie vertelt het aan de kiezers?’          29 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
                                    In: de Volkskrant, 25 oktober 2021.                                                                 zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                               15   Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van            Cultureel Planbureau.
RVS | Anders leven en zorgen
                                    zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en             30 Anders gezegd: waar er in 2018 nog 5 mantelzorgers waren per zorgontvanger (75-plus-
                                    Cultureel Planbureau.                                                                               sers), zal dit aantal in 2040 zijn gedaald naar ongeveer 3 potentiële mantelzorgers.
                               16   RVS (2017). Recept voor maatschappelijk probleem. Den Haag: Raad voor                            31 Het sociaal domein valt buiten de scope voor zover het de Jeugdwet en de
                                    Volksgezondheid & Samenleving.                                                                      Participatiewet betreft. De Wmo valt wel onder het begrip ‘zorg en ondersteuning’, dat
                               17   Dit blijkt uit een studie van ABF Research, in opdracht van de overheid. Dashboard                  we voortaan alleen aanduiden met ‘zorg’ of ‘hulp’. (Zie voor een overzicht van oude en
                                    branches - Totaal zorg en welzijn (breed) - Nederland (databank.nl) geraadpleegd 4                  nieuwe wettelijke kaders bv. De Wmo 2015 in praktijk, SCP, 2018.)
                                    februari 2022; en: Sondermeijer, V. (2022). ‘Personeelstekort in zorg binnen tien jaar bijna     32 RVS (2017). Recept voor maatschappelijk probleem. Den Haag: Raad voor
                                    drie keer zo groot’. In: NRC Handelsblad, 20 januari 2022.                                          Volksgezondheid & Samenleving. In het vorige kabinet is met VNG, MantelzorgNL,
</pre>

====================================================================== Einde pagina 42 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 43 ======================================================================

<pre>     84                                                                                                                                                                                                                               85
                                    Zorgverzekeraars Nederland en VNO/NCW de landelijke aanpak voor mantelzorgonder-                48 Kwekkeboom, M.H. (2010). De verantwoordelijkheid van de mensen zelf. De (her)
                                    steuning – Samen sterk voor mantelzorg – opgesteld. En: RVS (2017). Heft in eigen hand.            verdeling van taken rond zorg en ondersteuning tussen overheid en burgers en de
                                    Den Haag: Raad voor Volksgezondheid & Samenleving. En: RVS (2020). Applaus is niet                 betekenis daarvan voor de professionele hulpverlening. Openbare les. Amsterdam:
                                    genoeg. Den Haag: Raad voor Volksgezondheid & Samenleving.                                         HVA Publicaties. En: Morée, M., Van der Zee, B. en Struijs, A. J. (2007). Formalisering van
                               33   Dijk, K.R. van (2012). Juridische aspecten van informele zorg. Utrecht: ActiZ.                     informele zorg. Over de rol van ‘gebruikelijke zorg’ bij toekenning van professionele
                               34   Lans, J. van der (zonder datum). Het dogma van aanbesteden en waarom we het in                     zorg. Den Haag: Centrum voor Ethiek en Gezondheid.
                                    het sociaal domein achter ons moeten laten. Essay in opdracht van het Landelijk                 49 Ibid.
                                    Samenwerkingsverband Actieve bewoners. https://www.lsabewoners.nl/nieuw-es-                     50    Gebruikelijke zorg in de Wmo is een verouderd begrip (norbertstrijker.com)
                                    say-het-dogma-aanbesteden/ Geraadpleegd 4 februari 2022.                                        51    Wetten.nl - Regeling - Beleidsregels indicatiestelling Wlz 2016 - BWBR0037526 (overheid.
                               35   RVS (2020). De derde levensfase. Het geschenk van de eeuw. Den Haag: Raad voor                     nl)
                                    Volksgezondheid & Samenleving. Er zijn verschillende adviezen in voorbereiding die              52 Eeckhout, A. van den, Jongebreur, W., Meijer, J. en Westhoff, E. (2021). Onderzoek naar de
                                    aanpalende onderwerpen uitdiepen, zoals over ruimte voor ontmoeting. Onlangs ver-                  betekenis en waarde van het persoonsgebonden budget. Eindrapportage. Significant Public.
                                    scheen ook: RVS (2022). Grenzeloos samenwerken? Den Haag: Raad voor Volksgezondheid             53 Zie bv. Afbakening jeugdhulp: meer houvast voor professionals en ouders | VNG
                                    & Samenleving.                                                                                  54    Gebruikelijke zorg in de wmo is een verouderd begrip (norbertstrijker.com)
                               36   Bussemaker, J. (2021). Ministerie van Verbeelding. Idealen en de politieke praktijk.            55 Een recentelijk verschenen rapport bepleit een landelijke richtlijn voor (boven)
                                    Amsterdam: Balans.                                                                                 gebruikelijke zorg. Eeckhout, A. van den, Jongebreur, W., Meijer, J. en Westhoff, E.
                               37   Kullberg, J., Olsthoorn, M., Torre, A. van der en Tiessen-Raaphorst, A. (2019). Zorg, wonen,       (2021). Onderzoek naar de betekenis en waarde van het persoonsgebonden budget.
                                    pensioen en verenigingen, en de Nederlandse identiteit. Den Haag: Sociaal en Cultureel             Eindrapportage. Significant Public.
                                    Planbureau.                                                                                     56 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
                               38      https://www.canonsociaalwerk.eu/nl/details.php?cps=0&canon_id=34                                zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                               39      2007 Wet maatschappelijke ondersteuning - Canon Sociaal werk Nederland, Details                 Cultureel Planbureau.
                               40   Hurenkamp, M. (2020). ‘Participatiesamenleving: de opkomst en neergang van een                  57 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plaisier, I. en Schyns, P. (2017). Voor elkaar? Stand van de
                                    begrip.’ In: Sociale Vraagstukken, 22 januari 2020. En: Kammer, C. (2019). ‘Oud-minister           informele hulp in 2016. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                                    Bussemaker vindt dat participatiemaatschappij is mislukt.’ In: NRC Handelsblad, 15              58 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
                                    februari 2019.                                                                                     zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                               41   Marangos, A.M. (2018). Maatschappelijke ondersteuning: keuzes van cliënten en beleid               Cultureel Planbureau.
                                    van gemeenten. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, p. 33.                                59 Ibid.
                               42   Volgens politicoloog Joan Tronto (auteur van o.a. Moral Boundaries) is zorgen essentieel        60 Hoe hoog de economische waarde van informele zorg wordt ingeschat, hangt af van de
                                    voor het menselijk leven en voor de samenleving. Tronto’s definitie van zorgen is “een             berekeningen. Het SCP schatte de waarde van mantelzorg in 2014 in op € 6,6 miljard.
                                    menselijke activiteit die alles omvat wat wij doen om onze ‘wereld’ zo in stand te                 Volgens MantelzorgNL is het € 22 miljard. Zie: Waarde van mantelzorg is 22 miljard per
                                    houden, te continueren en te herstellen dat we daarin zo goed mogelijk kunnen leven.               jaar - MantelzorgNL. De waarde van vrijwilligerswerk is berekend op € 6 miljard per jaar.
                                    Die wereld omvat onze lichamen, ons persoon zijn en onze omgeving die we trachten te               En zie: De waarde van vrijwillige inzet | Movisie.
                                    weven tot een complex, het leven ondersteunend web.” https://nl.wikipedia.org/wiki/             61 Brink, G. van den (1999). Een schaars goed. De betekenis van zorg in de hedendaagse
                                    Joan_Tronto                                                                                        levensloop. Utrecht: NIZW.
                               43   RVS (2017). Recept voor maatschappelijk probleem. Den Haag: Raad voor                           62 Kruse, F., Jeurissen, P., Abma, T. Bendien, E., Wallenburg, I., en Bovenkamp, H. van de
                                    Volksgezondheid & Samenleving.                                                                     (2021). Houdbare ouderenzorg. Ervaringen en lessen uit andere landen. Den Haag:
                               44   Boer, A. de en P. Schyns (2014). ‘Mantelzorgers: manusjes van alles.’ In: Klerk, M. de, Boer,      Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
                                    A. de, Kooiker, S., Plaisier, I. en Schyns, P. (red.), Hulp geboden. Een verkenning van de      63 De definitie van mantelzorg in de Wmo (2015) en de Huisvestigingswet (2014) luidt: “Hulp
                                    mogelijkheden en grenzen van informele hulp (p. 40-62). Den Haag: Sociaal en Cultureel             ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie, beschermd wonen, opvang, jeugdhulp,
RVS | Anders leven en zorgen
                                    Planbureau.                                                                                        het opvoeden en opgroeien van jeugdigen en zorg en overige diensten als bedoeld in de
                               45   Blankman, K., Cuijper, M., Kooij, P. van der, en Royers, T. (2007). Mentorschap in perspec-        Zorgverzekeringsweg, die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande
                                    tief. Utrecht: Vilans.                                                                             sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep.”
                               46   Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie      Die van het UWV luidt: “Onbetaalde en noodzakelijke zorg voor een zieke of gehan-
                                    doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                            dicapte in uw naaste omgeving, bijvoorbeeld een familielid. Hierbij gaat het om zorg
                               47   Zeldenrust, T., Edinga, R. en Alkemade, J. van (2017). Vrijwillige zorg, hulp en onder-            die meer tijd en energie kost dan normale ziekenzorg.” In het Besluit omgevingsrecht
                                    steuning: eigen karakter, eigen positie, eigen taal. Brondocument Landelijk Overleg                uit 2014 of bij de gemeente Amsterdam wordt het begrip weer anders omschreven. Uit:
                                    Vrijwilligersorganisaties in de Zorg (LOVZ).                                                       Driesten, G. van, Reijer, L. en Kraaijeveld, K. (2019). (Ont)Regel de mantelzorg. Amsterdam:
</pre>

====================================================================== Einde pagina 43 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 44 ======================================================================

<pre>     86                                                                                                                                                                                                                                87
                                  De Argumentenfabriek.                                                                           82    Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
                               64 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van             zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                                  zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en                 Cultureel Planbureau.
                                  Cultureel Planbureau.                                                                           83   ‘Plug-in vrijwilligers’ komen langs wanneer het hen schikt en bepalen zelf hun hulp
                               65 Brodolini F. (2011). Gender equality in caring responsibilities over the lifecycle.                  en tijd. Zelfontplooiing zou bij deze groep een sterker motief zijn dan medeburgers
                                  Backgroundnote. Conference ‘Equality between women and men’ European commission                      helpen. Zie: Eliasoph, N. (2011). Making volunteers. Civic life after welfare’s end. Chicago:
                                  DG Jusitci 19-20 september 2011, Brussel. En: Ferrant, G., Pesando, L.M. en Nowacka, K.              University of Chicago Press.
                                  (2014). Unpaid carework: The missing link in the analysis of gender gaps in laour out-          84   Al 30.000 jongeren hebben een MDT gedaan, bij 2.700 organisaties. De MDT moet niet
                                  comes. Policy brief. OECD Development Center, December 2014. En: Eurocarers (zonder                  verward worden met de maatschappelijke stage (als niet-verplicht onderdeel van het
                                  datum). The gender dimension of informal care.                                                       schoolcurriculum) of de maatschappelijke dienstplicht (een wens van sommige politici).
                               66 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie        De MDT werd ingevoerd door het kabinet-Rutte III (op aandringen van CDA en CU) en
                                  doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                              geldt als redelijk succesvol.
                               67 53% van de mensen helpt, omdat zij zich daartoe verplicht voelen. Zie: Boer, A. de, Klerk,      85   Dekkers, M., Jongerius, M. en Gommans, T. (2021). De experimenteerfase voorbij. MDT
                                  M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van zorg. Ontwikkelingen            voor de toekomst. Den Haag: Ministerie van VWS - GV581/rapportage. https://
                                  in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2021/03/03/
                                  Gebruikelijke zorg, die niet vergoed wordt, beschouwt ook niet iedereen als vrijwillig.              de-experimenteerfase-voorbij-mdt-voor-de-toekomst/de-experimenteerfase-voor-
                               68 Breebaart, L. (2018). ‘Zorgen voor je ouders is geen plicht.’ In: Trouw, 10 november 2018.           bij-mdt-voor-de-toekeomst.pdf
                               69 Boer, A. de, Broese van Groenou, M.I. en Timmermans, J. (2009). Mantelzorg, een overzicht       86   Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie
                                  van steun van en aan mantelzorgers in 2007. Sociaal en Cultureel Planbureau.                         doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                               70 Boer, A. de, Verbakel, E. en Raiber, K. (2021). ‘Eerste lockdown had groot effect op mantel-    87   WRR (2020). Het betere werk. De nieuwe maatschappelijke opdracht. WRR-Rapport 102.
                                  zorg.’ In: Sociale Vraagstukken, september 2021. Eerste lockdown had groot effect op                 Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. De WRR pleit hierin voor
                                  mantelzorg – Sociale Vraagstukken                                                                    invoering van een basisbaan.
                               71 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van        88   Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
                                  zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en                 zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                                  Cultureel Planbureau.                                                                                Cultureel Planbureau.
                               72 Ibid.                                                                                           89   RVS (2020). De derde levensfase. Het geschenk van de eeuw. Den Haag: Raad voor
                               73 Kruijswijk, N. en Nanninga, K. (2017). Wat werkt bij mantelzorgondersteuning. Utrecht:               Volksgezondheid & Samenleving.
                                  Movisie.                                                                                        90   Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie
                               74 Stand van Nederland. Ga ik voor mijn ouders zorgen? WNL, 16 december, seizoen 5                      doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                                  aflevering 35. Ga ik voor mijn ouders zorgen?                                                   91   Engelse, M. den (2016). ‘Mantelzorg betalen uit PGB, mag dat?’ In: BN De Stem, 20 oktober
                               75 Boer, A. de, Broese van Groenou, M.I. en Timmermans, J. (2009). Mantelzorg, een overzicht            2016.
                                  van steun van en aan mantelzorgers in 2007. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.          92   Pgb-bestedingen in 2019 bedroegen € 2,6 miljard, waarvan € 1,4 miljard werd besteed
                               76 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van             aan informele zorg en € 1,2 miljard aan formele zorg (Zvw, Wlz, Jeugdwet en Wmo). Bij
                                  zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en                 56% van de verleners van informele zorg is er sprake van een familieband; 30% daarvan
                                  Cultureel Planbureau.                                                                                woont op hetzelfde adres als de budgethouder. In totaal zijn er circa 80.000 unieke bud-
                               77 Zeldenrust, T., Edinga, R. en Alkemade, J. van (2017). Vrijwillige zorg, hulp en onder-              gethouders. Van de 133.000 afgegeven pgb’s in 2019 is 41% louter ingezet voor informele
                                  steuning: eigen karakter, eigen positie, eigen taal. Brondocument Landelijk Overleg                  zorg (€ 787 miljoen). Het merendeel van de informele-zorgverleners (83%) heeft een
                                  Vrijwilligersorganisaties in de Zorg (LOVZ).                                                         ‘inkomen’ tussen de € 0 en € 500 per maand. 16% heeft meer dan € 3.000 en 1% heeft meer
                               78 Vanderstichelen, S., Cohen, J., Wesemael, Y. van, Deliens, L. en Chambaere, K. (2018). ‘The          dan € 10.000 per maand. Zie: KPMG (2020). Rapportage financiering informele zorg. Een
RVS | Anders leven en zorgen
                                  liminal space palliative care volunteers occupy and their roles within it: a qualitative             feitenonderzoek naar de omvang van de informele zorg die met een persoonsgebonden
                                  study.’ In: BMJ Supportive & Palliative Care 2018;0:1-11.                                            budget wordt ingekocht, en de relatie(s) en samenloop met formele zorg. In opdracht van
                               79 RVS (2020). De derde levensfase. Het geschenk van de eeuw. Den Haag: Raad voor                       het ministerie van VWS. En: Eeckhout, A. van den Jongebreur, W. Meijer, J. en Westhoff,
                                  Volksgezondheid & Samenleving.                                                                       E. (2021). Onderzoek naar de betekenis en waarde van het persoonsgebonden budget.
                               80 Collij, T. en Sterrenberg, L. (2018). Aan de slag met de coöperatieve samenleving. Den               Eindrapportage. Significant Public. En: Engelse, M. den (2016). ‘Mantelzorg betalen uit
                                  Haag: Platform31.                                                                                    PGB, mag dat?’ In: BN De Stem, 20 oktober 2016.
                               81    http://koepelzorgcooperatieszn.nl/wp-content/uploads/2020/08/burgerinitiatie-                93   Eeckhout, A. van den, Jongebreur, W. Meijer, J. en Westhoff, E. (2021). Onderzoek naar de
                                  ven-in-zorg-en-welzijn-vilans.pdf                                                                    betekenis en waarde van het persoonsgebonden budget. Eindrapportage. Significant Public.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 44 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 45 ======================================================================

<pre>     88                                                                                                                                                                                                                                 89
                               94 Unen, B. van (2019). ‘Waardering mantelzorg neemt af’. In: Utrechts Nieuwsblad, 5 novem-              Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
                                   ber 2019.                                                                                        112 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie
                               95 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie         doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                                   doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                          113 Grootegoed, E., en Dijk, D. van (2012). ‘The return of the family? Welfare state retrench-
                               96 Zimmerman, S. (2020). ‘Uitslag stelling: ‘Zorg voor naaste uit liefde’; Respondenten zien             ment and client autonomy in long-term care.’ In: Journal of Social policy, 41(4), 677-694.
                                   betaalde mantelzorg niet zitten.’ In: De Telegraaf, 15 juli 2020.                                114 Haar ideeën zette zij uiteen in Moral Boundaries en Caring Democracy. Zie ook:
                               97     Vrijwilligersvergoedingen (belastingdienst.nl)                                                    Breebaart, L., ‘Zorgen voor je ouders is geen plicht.’ In: Trouw, 10 november 2018.
                               98 Scholten, C. (2016). Grenzen verkennen. Wettelijke en juridische aspecten in het samen-           115 Aartsen, C. van (2012). ‘Vierstroom verplicht familie mee te helpen.’ In: Zorgvisie,
                                   spel tussen informele en formele zorg. Utrecht: Vilans.                                              2 augustus 2012.
                               99     Arbeidsmarkt zorg en welzijn (cbs.nl)                                                         116 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie
                               100 Tussen 2010 en 2020 is het aantal zzp’ers in de zorg met 74% toegenomen. In 2020                     doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                                   verruilden 10.060 zorg- en welzijnsmedewerkers hun baan voor werk als zzp’er en 44.410           117 Ypema, E. (2020). ‘Maak van de mantelzorg een wettelijke verplichting.’ In: Trouw,
                                   voor werk in een andere sector. Zie: https://dashboards.cbs.nl/v3/AZWDashboard/                      2 januari 2020.
                               101 TK (2019-2020). Arbeidsmarkt en opleidingen zorgsector. Brief van de ministers van               118 Hilhorst, P. en Lans, J. van der (2014).’Ik heb niemand, ik zie niemand, niemand kan me
                                   Volksgezondheid, Welzijn en Sport, voor Medische Zorg en de staatssecretaris van                     helpen.’ Essay Eigen Kracht ontkracht. In: De Groene Amsterdammer, 9 oktober 2014. En:
                                   Volksgezondheid, Welzijn en Sport, vergaderjaar 2019/2020, 29282, nr. 396. En: ZZP                   Hilhorst, P. en Lans, J. van der (2016). ‘Decentralisatie als machtsstrijd. € 12.000 betalen
                                   Nederland (2020). ‘Minister de Jonge zwakt uitspraak ‘geen zzp’ers in de zorg’ af.                   om € 1200 te ontvangen.’ Essay. In: De Groene Amsterdammer, 24 februari 2016.
                                      Minister de Jonge zwakt uitspraak ‘geen zzp’ers in de zorg’ af                                119 Dijk, K.R. van (2012). Juridische aspecten van informele zorg. Utrecht: ActiZ. En: Scholten,
                               102 Schaft, H. van der, en Merlijn, E. (2020) ‘Een maximumtarief voor zorg-zzp’ers? Los liever           C. (2016). Grenzen verkennen. Wettelijke en juridische aspecten in het samenspel tussen
                                   het échte probleem op.’ Opinie. In: Trouw, 26 februari 2020.                                         informele en formele zorg. Utrecht: Vilans.
                               103 Eeckhout, A. van den, Jongebreur, W., Meijer, J. en Westhoff, E. (2021). Onderzoek naar de       120 Ibid.
                                   betekenis en waarde van het persoonsgebonden budget. Eindrapportage. Significant Public.         121 De Wet BIG en de regeling van voorbehouden handelingen zijn alleen van toepassing
                               104 In de Tweede Kamer zijn kritische vragen gesteld over grote bedrijven die bemidde-                   op mensen die beroepsmatig zorg verlenen. Iemand die niet beroepsmatig handelt, mag
                                   len in aanvullende mantelzorg en de rechtspositie van de dienstverleners. Zie: TK                    bepaalde medische handelingen zelfstandig uitvoeren. Mantelzorgers handelen niet
                                   (2021/2022). Vragen van het lid Gijs van Dijk (PvdA) aan de minister van Sociale Zaken en            beroepsmatig. Vrijwilligers ook niet, tenzij zij worden ingezet door een zorgaanbieder.
                                   Werkgelegenheid over de regeling dienstverlening aan huis. Tweede Kamer, 2021/2022,              122 De Taskforce Ondersteuning optimale inzet van zorgverleners bepleitte onlangs
                                   2021Z16948.                                                                                          in een advies aan de VWS-ministers de verruiming van de Wet BIG als mogelijke
                               105 In 2018 heeft het vorige kabinet de Commissie Regulering van Werk (ook wel commis-                   maatregel tegen personeelsschaarste. Door uit te gaan van bekwaamheid in
                                   sie-Borstlap) ingesteld om advies uit te brengen over de regulering van werkenden en                 plaats van bevoegdheid kunnen zorgverleners voor meer taken worden inge-
                                   arbeids- en opdrachtrelaties. De commissie heeft een beperking van het aantal contract-              zet. Zie: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2022/01/25/
                                   vormen voorgesteld.                                                                                  vergroten-beschikbaarheid-van-zorgprofessionals
                               106 Zevenaar Post (2019). ‘Pleyade is op zoek naar teamgezellen.’ In: Zevenaar Post, 6 maart 2019.   123 Juristen kennen geen rechtszaken die zijn gegaan over verkeerd uitgevoerde voorbe-
                               107 Skipr (2022). Amstelring start nieuw woonzorgconcept in Amsterdam. https://www.                      houden handelingen of over zorgorganisaties die in de beklaagdenbank terecht zijn
                                   skipr.nl/nieuws/amstelring-start-nieuw-woonzorgconcept-in-amsterdam/ Geraadpleegd                    gekomen door schade veroorzaakt in de samenwerking met naasten of vrijwilligers.
                                   4 februari 2022.                                                                                     Rechtszaken gaan altijd over indicatiestellingen. Problemen ontstaan als patiënten niet
                               108 Tijdens de coronacrisis zijn er afspraken gemaakt tussen zorgaanbieders en zorgverze-                krijgen wat nodig is.
                                   keraars om de inzet van de helpende in de wijkverpleging tijdelijk wel toe te staan. Er          124 Zie voor een overzicht van Europese landen: https://eurocarers.org/about-carers/
                                   lopen gesprekken om die afspraak structureel te maken in verband met de blijvende                    In Frankrijk bijvoorbeeld is mantelzorg in de wet verankerd (article 51 of Act on
                                   krapte op de arbeidsmarkt. Zorgverzekeraars aarzelen, omdat ze vrezen voor verlaging                 Adapting society to an Ageing Population, 2015): “The carers of an elder person are: their
RVS | Anders leven en zorgen
                                   van kwaliteit voor de hulpvrager.                                                                    spouse, the partner with whom they have concluded a civil solidarity pact, a cohabitant,
                               109 Verhagen, S. (2005). Zorglogica’s uit balans. Het onbehagen in de thuiszorg verklaard.               a parent, or ‘ally’ defined as family carers, or a person living with them and with whom
                                   Dissertatie. Universiteit Utrecht.                                                                   they maintain a close and stable relationship, who provides them with regular and
                               110 Ibid.                                                                                                frequent care, in a non-professional capacity, to carry out all or part of the activities of
                               111 Zie bijvoorbeeld: Sarkisian, N. en Gerstel, N. (2008). ‘Explaining the Gender Gap in Help            daily living.”
                                   to Parents: The Importance of Employment.’ In: Journal of Marriage and Family. 28 juni           125 Nijst, E. (2021). ‘Breng privacyregels in diverse zorgwetten op één lijn.’ In: Medisch
                                   2008. En: Kruse, F., Jeurissen, P., Abma, T. Bendien, E., Wallenburg, I. en Bovenkamp, H.            Contact, 15 april 2021.
                                   van de (2021). Houdbare ouderenzorg. Ervaringen en lessen uit andere landen. Den Haag:           126 Ibid.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 45 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 46 ======================================================================

<pre>     90                                                                                                                                                                                                                                    91
                               127 Boer, A. de, Plaisier, I. en Klerk, M. de (2019). Werk en mantelzorg. Kwaliteit van leven en        samenwerking en integrale aanpak problemen | Nieuwsbericht | Inspectie Justitie en
                                   het gebruik van ondersteuning op werk. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                   Veiligheid (inspectie-jenv.nl)
                               128 Werk&Mantelzorg (2019). Mantelzorg nog vaak taboe op de werkvloer                               145 IGJ (2020). Stroomversnelling voor krappe arbeidsmarkt in verpleeghuiszorg – uitge-
                                   in de zorgsector. https://www.werkenmantelzorg.nl/2019/11/11/                                       breide rapportage. Den Haag: Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
                                   mantelzorg-nog-vaak-taboe-op-de-werkvloer/                                                      146 Zie: Programma Langer Actief Thuis - Mijzo over Reablement in West- en
                               129 IZZ (2018). Een op de drie zorgmedewerkers is mantelzorger, en andere feiten. Een op                Midden-Brabant.
                                   de drie zorgmedewerkers is mantelzorger, en andere feiten                                       147    https://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_660931_22/1/
                               130 Boer, A. de, Plaisier, I. en Klerk, M. de (2019). Werk en mantelzorg. Kwaliteit van leven en    148 In het advies Grenzeloos samenwerken? (2022) beschrijft de RVS dat succesvolle – en
                                   het gebruik van ondersteuning op werk. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                   door de politiek bejubelde – initiatieven regelmatig niet verder komen dan de pilot-fase.
                               131 Ibid.                                                                                               Ook in een RVS-advies over innoveren dat dit jaar uitkomt, is dat een terugkerend thema.
                               132 Ibid. Werkgevers maken hun eigen afwegingen: zij hebben baat bij goed functionerende            149 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
                                   werknemers (die wellicht verlof nodig hebben), maar kunnen ook gebaat zijn bij een                  zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                                   zo laag mogelijke inzet van verlof bij hun werknemers. Als de beschikbare regelingen                Cultureel Planbureau. En: Verhoeven, G.J., Korte, M. de, Weij, L. van der, Bulck, A., van
                                   door alle rechthebbenden daadwerkelijk zouden worden gebruikt, zou hun arbeids-                     den, Elissen, A., Witte-Breure, T. de, Vietje, T., Metzelthin, S., Ruwaard, D. en Mikkers, M.
                                   volume afnemen. Zie ook: Timmermans, J.M. (2004). ‘De overheid; economisch belang                   (2020). Onderzoeksrapport. Pilot cliëntprofielen wijkverpleging. Tilburg University /
                                   als leidraad.’ In: Kees Knipscheer (red.), Dilemma’s in de mantelzorg (p. 53-63). Utrecht:          Nederlandse Zorgautoriteit / Maastricht University.
                                   Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn.                                                      150 Een van de beste manieren om personeelstekorten in de zorg tegen te gaan is door in
                               133 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie       te zetten op preventie, stelden onderzoekers van DSP-groep onlangs in een rapport
                                   doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                             in opdracht van onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn (AZW). Zie:
                               134 Boer, A. de, Plaisier, I. en Klerk, M. de (2019). Werk en mantelzorg. Kwaliteit van leven en        Hogeboom, L. (2022). Kansen voor anders werken. Een analyse van anders werken tussen
                                   het gebruik van ondersteuning op werk. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                   branches in het medische en sociaal domein. 7 maart 2022. AZW Onderzoeksprogramma
                               135 Tolkacheva, N. en Broese van Groenou, M. (2014). Wat heeft de werkgever eraan? Een                  Arbeidsmarkt Zorg & Welzijn.
                                   literatuurstudie naar de kosten en baten van ‘mantelzorgvriendelijk beleid’ in arbeids-         151 Dit blijkt onder andere uit Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020).
                                   organisaties. Amsterdam: Vrije Universiteit.                                                        Blijvende bron van zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den
                               136 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie       Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau, en dit zag masterstudent N. Brouwer bevestigd
                                   doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                             in interviews.
                               137 Tolkacheva, N. en Broese van Groenou, M. (2014). Wat heeft de werkgever eraan? Een              152 Robeyns, I.A.M. (2011). A Universal Duty to Care. Geraadpleegd via http://hdl.handle.
                                   literatuurstudie naar de kosten en baten van ‘mantelzorgvriendelijk beleid’ in arbeids-             net/1765/37291. En: Reiheld, A. (2015). ‘Just Caring for Caregivers: What Society and the
                                   organisaties. Amsterdam: Vrije Universiteit.                                                        State Owe to Those Who Render Care.’ In: Feminist Philosophy Quarterly, Vol. 1 [2015],
                               138 RVS (2019). Blijk van vertrouwen. Anders verantwoorden voor goede zorg. Den Haag:                   Iss. 2, Art. 1.
                                   Raad voor Volksgezondheid & Samenleving.                                                        153 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie
                               139 Hanekamp, M. Heesbeen, S., Helm, I. van der, en Valks, R. (2019). Administratieve                   doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                                   belasting langdurige zorg 2019. Uitkomsten onderzoek Berenschot. Juli 2019                      154 Grootegoed, E., Machielse, A., Tonkens, E., Blonk, L. en Wouters, S. (2018). Aan de andere
                               140 Onderling verschillen de kwaliteitskaders in de ruimte die ze aan uitvoerder overlaten.             kant van de schutting. Inspelen op de toenemende vraag naar vrijwillige inzet in het
                                   Het kwaliteitskader in de gehandicaptensector biedt meer ruimte dan dat van de                      lokale sociaal domein. Amsterdam: Universiteit van de Humanistiek en NOV.
                                   verpleeghuissector.                                                                             155 Uit bijeenkomst van het Verwey-Jonker instituut over de impact van de lockdown op
                               141 Baart, A. (2018). De ontdekking van kwaliteit. Theorie en praktijk van relationeel zorg             kwetsbare groepen. IederIn, GGD IJsselland, en MantelzorgNL deden (kleinschalige)
                                   geven. Amsterdam: SWP.                                                                              onderzoek naar ervaringen van mantelzorgers.
                               142 TK (2021/2022). Hoofdlijnenbrief VWS. Brief van de ministers en staatssecretaris van            156 Boer, A. de, Klerk, M. de, Verbeek-Oudijk, D. en Plaisier, I. (2020). Blijvende bron van
RVS | Anders leven en zorgen
                                   Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 maart 2022. Tweede Kamer, vergaderjaar                      zorg. Ontwikkelingen in het geven van informele hulp 2014-2019. Den Haag: Sociaal en
                                   2021/2022, nr. 35925 XVI.                                                                           Cultureel Planbureau.
                               143 CPB (2017). Bezettingsnormen voor de verpleeghuiszorg. COB Notitie 16 februari 2017             157 Spanjersberg, M. (2022). Tussentaal. Utrecht: Uitgeverij IJzer. (Verschijnt najaar 2022.).
                                       https://www.zorginzicht.nl/kwaliteitsinstrumenten/                                          158 Ibid.
                                   verpleeghuiszorg-kwaliteitskader                                                                159    https://www.invoormantelzorg.nl/nieuws/infographic-3-prangende-vraagstuk-
                               144 Denk aan Inspectie Justitie en Veiligheid, Inspectie van Onderwijs en Inspectie Sociale             ken-van-mantelzorgers/ Geraadpleegd 18 maart 2022.
                                   Zaken en Werkgelegenheid die samenwerken in het toezicht in het sociale domein                  160 NVMW/Vilans (2013). Familie in de hoofdrol. Een verkorte handreiking voor de intro-
                                   om te komen tot een meer integrale aanpak van problemen. Intensiever toezicht op                    ductie van en informatievoorziening aan familieleden van (toekomstige) bewoners van
</pre>

====================================================================== Einde pagina 46 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 47 ======================================================================

<pre>     92                                                                                                                                                                                                                                93
                                   intramurale woon- & zorgdiensten. NVMW/Vilans.                                                      doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                               161 Zie hiervoor het SOFA-Model. https://www.zorgvoorbeter.nl/mantelzorg/                           179 Holmgren, J., Emami, A., Eriksson, L.E. en Eriksson, H. (2012). ‘Being perceived as a
                                   rollen-van-mantelzorgers                                                                            ‘visitor’ in the nursing staff’s working arena – the involvement of relatives in daily
                               162 Uit gesprekken (Vilans): de gemeente zou als subsidieverstrekker de regie op zich                   caring activities in nursing homes in an urban community in Sweden.’ In: Scandinavian
                                   moeten nemen (als het gaat om de Wmo) om de afstemming tussen formele en informele                  Journal of Caring Sciences.
                                   zorg achter de voordeur van cliënten goed te laten verlopen, maar doet dit niet.                180 Ibid.
                               163 Stand van Nederland. Ga ik voor mijn ouders zorgen? WNL, 16 december seizoen 5                  181 Ibid.
                                   aflevering 35. Ga ik voor mijn ouders zorgen?                                                   182 Negen VVT-organisaties hebben hiertoe bijvoorbeeld het Beraad van Ede opgezet.
                               164 Kinderen van ouderen hebben niet lang meer met elkaar en willen na het overlijden               183 1. Wat kan de cliënt zelf nog? 2. Welke hulpmiddelen kunnen er worden ingezet? 3. Wat
                                   van de ouderen geen spijt hebben van gemist contact. Uit onderzoek van Roy van                      kan familie/mantelzorg? 4. Wat kan het sociale netwerk/andere instanties? 5. Wat kan
                                   Senten (ESHPM-masterthesis Perspectives of direct care staff on working together with               de Zorgboog-professional?
                                   informal caregivers in nursing homes) bleek dat verzorgenden verpleeghuisbewoners               184 De Zorgboog onderzoekt de toepassing van deze werkwijze in hun verpleeghuizen. Voor
                                   als eigen ouders beschouwen.                                                                        informatie ( www.zorgboog.nl)
                               165 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie   185 Uit gesprek met studenten die onderzoek hiernaar hebben gedaan.
                                   doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                         186 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie
                               166 Hoek, L.J.M., Haastregt, J.C.M. van, Vries, E. de, Backhaus, R., Hamers, J.P.H. en Verbeek,         doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.
                                   H. (2021). ‘Partnership in nursing homes: How do family caregivers of residents with            187 Holmgren, J., Emami, A., Eriksson, L.E. en Eriksson, H. (2012). ‘Being perceived as a
                                   dementia perceive collaboration with staff?’ In: Dementia, 2021, vol. 20 (5).                       ‘visitor’ in the nursing staff’s working arena – the involvement of relatives in daily
                               167 Afkomstig uit gesprekken met studenten.                                                             caring activities in nursing homes in an urban community in Sweden.’ In: Scandinavian
                               168 Brouwer, N. (2021). Integrating informal caregivers in nursing homes. Perceptions of                Journal of Caring Sciences.
                                   informal caregivers on their contribution to the quality of life of their relatives with        188 Ibid.
                                   dementia within nursing homes. Master Thesis MSc Health Care Management Erasmus                 189 Zorgorganisaties besparen salarislasten met verminderen van de registratielasten.
                                   School of Health Policy & Management, Erasmus University Rotterdam.                                 35% van de werktijd die medewerkers nu besteden aan registraties, komt neer op zo’n
                               169 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie       117.000 fte, oftewel kost meer dan € 5,4 miljard aan salarislasten. Het verschil tussen
                                   doet er wat? Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                             de ervaren administratieve belasting en de acceptabele administratieve belasting
                               170 Bijna driekwart van de mannelijke mantelzorgers en ruim een kwart van de vrouwe-                    uitgedrukt in fte’s bedraagt 41.000 fte, wat neerkomt op € 1,9 miljard aan salariskosten.
                                   lijke mantelzorgers combineert dit met een baan van 32 uur of meer. Klerk, M. de, Boer,             Zie: Hanekamp, M., Heesbeen, S., Helm, I. van der, en Valks, R. (2019). Administratieve
                                   A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie doet er wat? Den          belasting langdurige zorg 2019. Uitkomsten onderzoek Berenschot. Juli 2019.
                                   Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.                                                          190 Bovenkamp, H. van de, Stoopendaal, A., Bochove, M. van, Hoogendijk, H. en Bal, R.
                               171 Ibid.                                                                                               (zonder jaartal). Persoonsgerichte zorg, regeldruk en regelruimte: van regelreflex
                               172 Grootegoed, E., Machielse, A., Tonkens, E., Blonk, L. en Wouters, S. (2018). Aan de andere          naar spiegelreflex. Erasmus School of Health Policy & Management en Zorgbelang
                                   kant van de schutting. Inspelen op de toenemende vraag naar vrijwillige inzet in het                Zuid-Holland.
                                   lokale sociaal domein. Amsterdam: Universiteit van de Humanistiek en NOV.                       191 Bussemaker, J. (2021). Ministerie van Verbeelding. Idealen en de politieke praktijk.
                               173 Redeker, I., Nanninga, K. en Steekelenburg, I. van (2017). Sociale wijkteams en informele           Amsterdam: Balans.
                                   zorg. Issues die spelen en oplossingen die werken. Utrecht: Vilans en Movisie.                  192 CEG (2019). Veilige Zorg, Goede Zorg? Den Haag: Centrum voor Ethiek en Gezondheid.
                               174 Grootegoed, E., Machielse, A., Tonkens, E., Blonk, L. en Wouters, S. (2018). Aan de andere      193 Uiteraard hebben beroepskrachten hun professionele verantwoordelijkheid en zijn zij
                                   kant van de schutting. Inspelen op de toenemende vraag naar vrijwillige inzet in het                de enigen die bevoegd zijn om bijvoorbeeld diagnoses te stellen.
                                   lokale sociaal domein. Amsterdam: Universiteit van de Humanistiek en NOV.                       194 Dat kan een beroepskracht zijn, maar dat kan ook een naaste zijn. In het advies Hoor mij
                               175 Bochove, M. van, Tonkens, E. en Verplanke, L. (2014). Kunnen we dat (niet) aan                      nou! (2020) beschreef de RVS hoe coördinatoren in beeld komen na de eerste kennisma-
RVS | Anders leven en zorgen
                                   vrijwilligers overlaten? Nieuwe verhoudingen tussen vrijwilligers en professionals                  king. Zij zijn te zien als personen die het overzicht hebben. Zij houden de behoeften, de
                                   in zorg en welzijn. Den Haag: Platform31. https://www.platform31.nl/publicaties/                    prioriteiten en de voortgang in de gaten en zorgen ervoor dat er goed overleg blijft tussen
                                   kunnen-we-dat-niet-aan-vrijwilligers-overlaten                                                      alle betrokkenen. Zie: RVS (2020). Hoor mij nou! Samen Begrijpen, Proberen, Reflecteren
                               176 Ibid.                                                                                               en Leren bij complexe zorgvragen. Den Haag: Raad voor Volksgezondheid & Samenleving.
                               177 Turnhout, S., Jong, F. de, Veer, K. van der, Bruijn, D. de, Nourozi, S. en Xanten, H. van       195 RVS (2020). De derde levensfase. Het geschenk van de eeuw. Den Haag: Raad voor
                                   (2016). Wat knelt? Inventarisatie knelpunten bij burgerinitiatieven in zorg en ondersteu-           Volksgezondheid & Samenleving.
                                   ning. Utrecht: Movisie en Vilans.                                                               196 WRR (2020). Het betere werk. De nieuwe maatschappelijke opdracht. WRR-Rapport 102.
                               178 Klerk, M. de, Boer, A. de, Plasier, I., Schyns, P. en Kooiker, S. (2015). Informele hulp, wie       Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 47 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 48 ======================================================================

<pre>     94                                                                                                                                                                                                          95
                               197 Coolen, J. (2017). Kwaliteitskader gehandicaptenzorg 2017-2022. Landelijk kader binnen
                                   de WLZ. Utrecht: Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland.
                               198 RVS (2019). Blijk van vertrouwen. Anders verantwoorden voor goede zorg. Den Haag:
                                                                                                                                 Voorbereiding en publicaties
                                   Raad voor Volksgezondheid & Samenleving.
                                                                                                                                 De commissie die dit advies heeft voorbereid bestond uit raadsleden Ageeth
                               199 RVS (2019). B van Bekwaam. Naar een toekomstbestendige Wet BIG. Den Haag:
                                                                                                                                 Ouwehand en Jet Bussemaker en adviseurs Antoinette Reerink, Myrthe Lenselink,
                                   Raad voor Volksgezondheid & Samenleving. En: https://www.skipr.nl/nieuws/
                                                                                                                                 Ellen Grootegoed en Marina de Lint.
                                   taskforce-bekwaam-is-bevoegd-pas-protocollen-aan-voor-zorgprofessionals
                                                                                                                                 Voor een volledig overzicht van RVS-publicaties kijk op: www.raadrvs.nl
                               200 In het coalitieakkoord staat dat het kabinet de maatschappelijke diensttijd verder
                                   uitbouwt, zodat jongeren in contact kunnen komen met nieuwe leefwerelden, zich
                                   inzetten voor de samenleving, nieuwe vaardigheden ontwikkelen en mogelijk ontdek-
                                   ken waar hun passies liggen. Het budget voor de MDT wordt verhoogd met € 0,1 miljard
                                   tot € 0,2 miljard en wordt bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
                                   ondergebracht.
                               201 Kruse, F., Jeurissen, P., Abma, T. Bendien, E., Wallenburg, I. en Bovenkamp, H. van de
                                   (2021). Houdbare ouderenzorg. Ervaringen en lessen uit andere landen. Den Haag:
                                   Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
                               202 Sparre, L.S. (2020). ‘Gendered care, empathy and un/doing difference in the Danish
                                   welfare state: care managers approaching female caregivers of older migrants.’
                                   In: Nordic Journal of Feminist and Gender Research, https://doi.org/10.1080/08038740.2
                                   021.1978541
                               203 Het Verenigd Koninkrijk kent de ‘Invalid care allowance’, een vervangend inkomen voor
                                   mensen die minstens 35 uur per week voor een ernstig gehandicapte persoon zorgen.
                                   Fry, G. Singleton, B. Yeandle, S. en Buckner, L. (2011). Developing a clearer understanding
                                   of the Carer’s Allowance claimant group. London: Department for Work and Pensions.
                               204     Carer’s Allowance: Eligibility - GOV.UK (www.gov.uk)
                               205     LocalGov.co.uk - Your authority on UK local government - Unpaid carers being ‘pushed
                                   into poverty’, warns charity
                               206 Chou, R.J.A. (2011). ‘Filial piety by contract? The emergence, implementation, and impli-
                                   cations of the ‘family support agreement’ in China.’ In: The Gerontologist, 51(1), 3-16.
                               207 Pous, I. de (2012). ‘Enkeltje Slowakije voor Duitse oudere.’ In: de Volkskrant, 17 december
                                   2012.
                               208 Kruse, F., Jeurissen, P., Abma, T. Bendien, E., Wallenburg, I. en Bovenkamp, H. van de
                                   (2021). Houdbare ouderenzorg. Ervaringen en lessen uit andere landen. Den Haag:
                                   Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.
                               209 Thoele, A. (2012). Swiss city set to launch elderly care ‘bank’. Swissinfo. https://www.
                                   swissinfo.ch/eng/swiss-city-set-to-launch-elderly-care--bank-/32209234
                                   In Den Haag is er ook een timebank: https://timebank.cc/the-hague/
                               210 Ozanne, L. (2010). ‘Learning To Exchange Time: Benefits and Obstacles To Time Banking’.
                                   In: International Journal of Community Currency Research, 14 (A) 1-16.
RVS | Anders leven en zorgen
                               211 Rostgaard, T. en Szebehely, M. (2012). ‘Changing policies, changing patterns of care:
                                   Danish and Swedish home care at the crossroads.’ In: European Journal of Ageing, 9(2),
                                   101-109.
                               212 Szebehely, M. en Trydegård, G.B. (2012). ‘Home care for older people in Sweden: a
                                   universal model in transition.’ In: Health & social care in the community, 20(3), 300-309.
                               213     Microsoft Word - WP5_MigrantCarers_FINAL.doc (centre.org)
                               214 Hochschild, A.R. (2015). ‘Global care chains and emotional surplus value.’ In: Justice,
                                   Politics, and the Family (pp. 249-261). Routledge.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 48 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 49 ======================================================================

<pre>RVS | Anders leven en zorgen   96
                               97
</pre>

====================================================================== Einde pagina 49 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 50 ======================================================================

<pre>Parnassusplein 5
Postbus 19404
2500 CK Den Haag
T +31 (0)70 340 5060
mail@raadrvs.nl
www.raadrvs.nl       @raadRVS
</pre>

====================================================================== Einde pagina 50 =================================================================

<br><br>