<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>Werking van selectiemechanismen door politieagenten spontane controles of 'pro-actieve'controles
i.o.v. KL AML
Uw kenmerk: 2106335620 (KNP-11) en 2016335621 (AML-05)
</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>  Agora Politie & Veiligheid             verslag brainstorm Selectie                             05-03-2012
                        /@amsterdam.po1itie.nl
  Selectie proactieve controle en effectiviteit
  Naar aanleiding van het onderzoek naar selectiemechanismen bij proactieve controles (SPC)
                                                                                                            -
 De verwachting is dat bij het uitkomen van het rapport een dominante reactie zal zijn dat de
 huidige manier van werken effectief is. De vraag is op welke wijze de organisatie op deze
 tegenwerping zal reageren. Van belang is daarbij of de effectiviteitclaim 'waar is. Deze vraag
 wordt als zodanig in liet bedoelde onderzoek niet beantwoord. Over dit onderwerp is op 29
 februari 2012 een brainstorm gehouden door                                  L*          i,
                                            Y                 Dc volgende punten met betrekking tot het
 onderwerp zijn in meer of mindere mate aan de orde gekomen.
                     -                               -
•         Startvraag is überhaupt wat effectiviteit is in de context van proactieve controle. In het
          rapport worden verschillende perspectieven benoemd, en ten aanzien van geen van de
          perspectieven kan de effectiviteitclaim worden onderbouwd, Met andere woorden, we
          weten gewoonweg niet of het effectief is of niet.
o         In liet rapport wordt een pleidooi gehouden om vertrouwen en legitimiteit eveneens als
          opbrengsten en daarmee als onderdeel van effectiviteit te definiëren. Dat leidt
                                                                               -
          nadrukkelijk tot een ander perspectief en daarmee tot andere keuzen bij proactieve
o        Naast opbrengsten dien ook altijd te worden gekeken naar de kosten, in dit geval
         bijvoorbeeld in termen van aantasting van voornoemde begrippen vertrouwen en
                                          -                    -
         legitimiteit.
o        Discriminatie is niet toegestaan noch gewenst. Vanzelfsprekend ligt dit met name
         gevoelig waar het etniciteit of herkomst betreft.
o        Het rapport laat in ieder geval een aantal mechanismen zien waarbij op logische
         gronden reden is tot aanpassing te komen van de huidige praktijk. Het kan daarbij gaan
         dat de redenering inconsistent is met als resultaat een oververtegenwoordiging van
                                                -
         bepaalde groepen of dat er sprake is van ongewenste doorwerking van eerdere
         mutaties (JiO en J30).
         De politie moet selecteren, de vraag is alleen of de grondslagen voor selectie
         gerechtvaardigd en effectief zijn. Het is van belang de discussie over proactieve
         controles specifiek te houden. Het gaat nadrukkelijk niet om het totale politiewerk,
         maar om de keuze al clan niet te controleren zonder dat daar een directe aanleiding
         zoals gedrag of een specifiek signalement voor is.  -
o        Selectie op gedrag lijkt een aantrekkelijk alternatief in de context van proactieve
          controle. Onduidelijk is vooralsnog wat dat dan oplevert of zou moeten opleveren.
         Beantwoording van deze laatste vragen veronderstelt een goede beschrijving en
          analyse van de nu lopende pilot en inzicht in de wetenschappelijke literatuur.
          Selectie op een combinatie van karakteristieken bijvoorbeeld op basis van gekende
                                                                    -
          criminele werkwijzen is acceptabel. De vraag is tweeledig, namelijk of de
                                     -
          veronderstellingen kloppen en of er sprake is van voldoende' karakteristieken1. Als
          voorbeeld van een onvoldoende gedetermineerde uitspraak: Marokkaanse jongeren
          zijn oververtegenwoordigd in de criminaliteitscijfers, dus er is aanleiding vooral
          Marokkaanse jongeren te controleren, Als mogelijk voorbeeld van een voldoende
          gedetermineerde uitspraak: Op zondagnacht tussen 2:00u-3:0011 is de afgelopen drie
          weken op bedrijventerreinen ingebroken. Getuigen melden een bestelbus met twee
   In Kuppens e.a. (2011) Onder hel oppervlak. Een onderzoek naar ontwikkelingen en a)seIecl optreden rond
 pi.eventieffouilleren, wordt een poging gedaan dit te objectiveren (2011, 15).
</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre> Agora Politie & Veiligheid            verslag brainstorm Selectie                       05-03-2012
                                         lamsterdam.politie.nl
           mannen en Pools kenteken, er is dus aanleiding op zondagnacht nabij een
           bedrijventerrein bestelbusjes met twee mannen en een Pools kenteken te controleren.
           Ten aanzien van het                                                    veel
           ingewikkelder, zoals bijvoorbeeld recente ontwikkelingen rond de 'MOBlanders' laten
           zien. Opnieuw is het van belang de discussie te blijven beperken tot proactieve
           controle. Dat dienders beelden hebben van wie mogelijkerwijs niet deugd en dat dit
           kan helpen bij het 'lezen' van de omgeving is toch nog iets anders dan het zonder
           concrete aanleiding staande houden.
          Het meeste onderzoek op dit terrein heeft ethnic projiling (BP) als invalshoek. Meestal
          wordt uitgelegd dat EP niet alleen schadelijk is maar dat het eveneens niet effectief is.
          Sommige onderzoeken stellen zelfs dat bijvoorbeeld in de context van preventief
                                                       -
          fouilleren een volstrekt willekeurige selectie beter werkt dan de 'gebruikelijke'
                      -
          selectie. Wat opvalt is dal het voor zover mij bekend is ontbreekt aan studies of
                                                                           -
          artikelen waarin de huidige stand van onderzoek wordt weergegeven en op basis
          daarvan een overtuigende conclusie wordt getrokken. Belangrijke bronnen zijn
          ondermeer de European Union A gency for Fundamental Rights (FRA, 201 0) en het
          open society Justice Initiative (OS, 2009). De onderzoeken overtuigen niet eenvoudig,
         niet in de laatste plaats omdat ze ingaan tegen onze common sense opvattingen.
         Voor het beoordelen van het al dan niet effectief zijn van BP zijn twee typen data
         nodig: 1) ten aanzien van 'bevolking disproportionaliteit' en 2) ten aanzien van de 'hit
         rate'. Het eerste type data laat bijvoorbeeld zien dat een groep disproportioneel wordt
         gecontroleerd gegeven het aandeel van de groep in de totale populatie en gegeven de
         beschikbaarheid van subj ecten op het specifieke tijdstip op de betreffende locatie van
         de controle. Het tweede type data geeft aan welk deel van de controles een 'succes' is.
         In het rapport SPC wordt aangegeven dal succes veelal zo (subjectief) wordt
         gedefinieerd dat controle per definitie een succes is mutatie, preventieve werking).
         Onderzoek naar effectiviteit veronderstelt een wat striktere definitie, bijvoorbeeld in
         termen van 'hit rate'. In BRA (3 3) wordt de volgende definitie gegeven: The 'hit rate'
         is the proportion of stops and searches that find evidence of law braking, and which
         can result in action under crinilnal Jaw such as an arrest. De vraag wat effectiviteit
         is zal ook naar aanleiding van het SPC rapport aan de orde moeten komen. Met
         betrekking tot bijvoorbeeld de 'hit rate' kunnen in ieder geval twee vragen worden
         gesteld, namelijk naar de effectiviteit in het algemeen (is bijvoorbeeld de in het VK
         gemeten 1% voldoende effectief om de investering te rechtvaardigen?) en naar de
         effectiviteit van selectie (hoeveel helpt het te selecteren op basis van specifieke
         karakteristieken).
         Er lijkt nadrukkelijk behoefte aan een 'factsheet' selectie en effectiviteit (wat weten
         we?) aangevuld met een specifiek onderzoek binnen de eenheid Amsterdam teneinde
          vast te stellen of— en zo ja in welke mate er van effectiviteit kan worden gesproken.
          Daarnaast dient er een 'leidraad selectie' te komen met behulp waarvan de relatie
          tussen (combinaties van) karakteristieken en selectie meer kan worden geobjectiveerd
          (zie noot 1).
          Voorgenomen onderzoek kan worden voorafgegaan door theoretische (cijfermatige)
          exercities, Voorbeeld, de volgende redenering: Marsmannen komen disproportioneel
          voor de misdaadstatistieken, meer antecedenten vergroot ook de kans op een 'hit' hij
          proactieve controle, dus we kiezen ervoor alleen nog marsmannen te controleren. De
          vraag is wat de verwachte theoretische toename van het aantal 'hits' is.
2
  Zie bijvoorbeeld Svensson e,a. (2012) Proactief handhaven en gelijk behandelen,
                                                                                                   2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre> Agora Politie & Veiligheid          verslag brainstorm Selectie                        05-03-2012
                         i           @amsteidam politie ni
 o      Bij het beoordelen van relevante karakteristieken is altijd sprake van meerdere stappen
        in een auto als criterium omdat in het verleden overvallen zijn gepleegd door twee
        mannen in een auto. Eerste vraag is over hoeveel overvallen het daarbij gaat (zowel
        absoluut als ten opzichte van het totaal aantal overvallen). De tweede vraag is of dit
        voldoende discrimineert, als 90% van de voertuigen twee mannelijke inzittenden telt,
        lijkt het niet effectief (en gerechtvaardigd) deze karakteristiek als selectiegrond te
        gebruiken.
        Er kan in de beleidsontwikkeling ook voor gekozen worden überhaupt niet te
        selecteren op sommige karakteristieken, zoals etniciteit of levensovertuiging.
De conclusie lijkt dat het van belang is vast te stellen wat het beleid is ten aanzien van
pro actieve controle en vooral wat daarbij als effectiviteit wordt gedefinieerd. Het rapport SPC
kan het startpunt zijn voor de verschillende perspectieven op effectiviteit. De volgende stap
bestaat dan nit het objectiveren hiervan, zodat vervolgens de effectiviteit kan worden
beoordeeld. De beoordeling hiervan kan mogelijkerwijs vragen om empirisch onderzoek.
Daaraan vooraf gaat inzicht in bestaand onderzoek (factsheet) en het op voorhand corrigeren
van aedrag als dit ehaseei'd blflkt on oneeldine overtuininnen of inconsistente redeneringen
(leidraad).
                                                                                                 3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>       Inleiding
       Het (toenmalige) politiekorps Amsterdam-Amstelland heeft enige jaren geleden in het kader van de
       vakontwikkeling onderzoek gedaan naar diverse veiligheidsthema's. In 2009 verschenen er drie
       rapporten over de volgende veIltgfleTdtImmas:t)ngel1JlcwaarthgfletU-€)n1er-rnijnmg-nveriast4n--.
       het rapport Ongelijkwaardigheid werd onder andere aandacht besteed aan het fenomeen 'ethnic
       profiling'. In het buitenland is onderzoek gedaan naar de rol die ethnic profiling speelt bij de selectie
      van burgers voor controles. Deze onderzoeken hebben uitgewezen dat ethnic profiling voorkomt in
      politieorganisaties, dat dit de legitimiteit van het politieoptreden kan aantasten en dat deze wijze
      van selecteren niet effectief is, Zo heeft de Engelse politie geconstateerd dat de selectiemethode
      zoals die werd gehanteerd bij de toepassing van de 'stop and search' bevoegdheid een rol heeft
      gespeeld bij het ontstaan van de grootschalige ongeregeldheden in Londen tussen politie en grote
      groepen burgers.
      Naar aanleiding van de verkenning Ongelijkwaardigheid is door de korpsleiding van het toenmalige
      korps Amsterdam-Amstelland in 2010 het initiatief genomen tot een wetenschappelijk onderzoek
      naar selectiemechanismen bij proactieve controles door politieagenten van het korps. Dit
     kwalitatieve onderzoek vond plaats in de periode 2010-2011.
     Actualiteit
     In cie actualiteit is er bij andere instanties eveneens volop aandacht voor dit onderwerp: Zo heeft de
     Europese commissie tegen Racisme en Intolerantie, in haar vorig jaar verschenen vierde monitor,
     aandacht gevraagd voor dit onderwerp. Daarnaast heeft Amnesty International Nederland in het
     najaar van 2013 een onderzoeksrapport, specifiek over dit thema, gepubliceerd. En ook de Nationale
     Ombudsman heeft zich rond het verschijnen van dit rapport over ethnic profiling uitgesproken.
     Naast signalen over diverse andere organisaties, is de Haagse Schilderswijk momenteel nadrukkelijk
- - in het nieuws over vermeende- discriminatie en geweld door politieambtenaren indatgebied.               -
    Op landelijk niveau is men momenteel bezig een expertmeeting onder leiding van Jan Nap over dit
    onderwerp te organiseren en ligt een werkcongres inmiddels in de planning.
    In onze eigen Amsterdamse, politiek-bestuurlijke, werkelijkheid is het plan van aanpak onlangs in de
    zowel de driehoek als de raad besproken. In beide gremia is het plan positief ontvangen en geniet
    het plan politiek-bestuuurlijke steun.
    Deze notitie heeft als doel om de kaders, om uitvoering aan het plan van aanpak te kunnen geven, te
    duiden. Tevens zal hierbij aangegeven worden op welke concrete punten besluitvorming van de
    Eenheidsleiding nodig is.
    Sturingsmodel
    De complexiteit van het thema selectiemechanismen en de hieruit voortvloeiende aanpak, vragen
    om een solide model om toe te zien op een accurate en effectieve uitvoering van het plan van
    aanpak. Qua sturingsmodel wil Ik de volgende structuur voorstellen:
              Opdrachtgever: P.J. Aalbersbere
         °
         o    Projectleider: P. Gademan
         o    Projectteam: nader in te vullen
</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre> Tevens verdient het aanbeveling een stuurgroep te formeren, onder voorzitterschap van de
 opdrachtnemer. De feitelijke uitvoering van het plan van aanpak wordt door de projectleider voor
 zijn rekening genomen, waarbij de stuurgroep het project op hoofdlijnen stuurt en ondersteunt.
 Als suggestie zou deze stuurgroep uit de de volgende deelnemers kunnen bestaan:
         Voorzitter:
          Leden:
             o Districtchef
             o Chef Operationele Zaken
             o Wijkteamchef (bij voorkeur met een sterke sensitiviteit voor netwerken en
                  communities)
             o APAA
             o Chef bureau Beleid & Sturingsondersteuning
             o (wnd) PGM DSS
     Gewenste besluitvorming Eenheidsleiding:
     . Akkoord gaan met het voorgestelde sturingsmodel
Toekomstige inbedding
Rekening houdend met de vorming van Politieprofessie/Allianties, is dit een onderwerp dat qua
portefeuilehouderschap in de nieuwe structuur belegd zou kunnen worden bij een van de
Operationeel Specialisten E die in de formatie van dit onderdeel zijn opgenomen.
Uitvoering 2014
De concrete activiteiten rond dit thema zijn qua aanpak gegroepeerd in drie categorieën:
Bewustwording, vakmanschap en verbinding. Aan de hand van deze sporen zijn diverse activiteiten
gepland. Voor 2014 staan met name de uitrol van een workshop bewustwording
selectiemechanismen en een concrete training op dit onderwerp centraal.
Qua voorbereiding op de uitrol van deze activiteiten worden de betreffende onderdelen reeds
geïnformeerd, onder andere middels gesprekken met dimaleden.
De uitvoering van zowel de workshops als de training vragen om capaciteit bij DSS. Enerzijds om de
workshops verder te concretiseren zodat voor de zomer gestart kan worden met twee wijkteams.
Anderzijds om een coördinerende rol te vervullen naar de praktijkcoaches die aan de betreffende
onderdelen, samen met de wijkteamchef, een centrale rol vervullen in de uitvoering en de
effectmeting van deze activiteiten. Het niet vrijmaken van deze capaciteit zal onvermijdelijk leiden
tot een latere start van deze pilot.
Qua planning is het streven om voor de zomer twee wijkteams met de workshop te laten starten en
na de zomer wederom twee. Voor wat betreft de training ligt de focus op het najaar van 2014 om
twee wijkteams deze training te laten doorlopen.
     Gewenste besluitvorming Eenheidsleiding:
     o Akkoord gaan met start pilot op deze wijkteams
     °   Akkoord gaan met verdere ontwikkeling van de training, inclusief bijkomende kosten
     o Akkoord gaan met vrijmaken van capaciteit in de persoon van L        --, van de APAA ten
         behoeve van workshop en training
                                                                                                     2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 7 ======================================================================

<pre>                  wordt hier voorgedragen, vanwege zijn grote affiniteit met het onderwerp en zijn
  didactische vaardigheden. Daarnaast is         1 actief in het geven van workshops rond dit
  onderwerp op de politieacademie en is daar succesvol in. Door hem in te zetten, zal de voorbereiding
 voorspoedig —lopen en kunnen de termijnen geh aa ld worden,
 Evaluatie, effectmeting en monitoring
 Het plan van aanpak bestaat uit 13 deelprojecten, die in hun onderlinge samenhang gezien moet
 worden en vragen om een integrale uitvoering. Van belang is dat per deelproject indicatoren
 worden benoemd, waarop gestuurd kan worden, Hierdoor wordt het mogelijk om de uitvoering goed
 te monitoren en te evalueren. Het benoemen van de indicatoren zal in nauwe samenspraak
 plaatsvinden met de (deel)projectleiders, die onderdeel zullen gaan uitmaken van het nog nader in te
vullen projectteam.
 In overleg met CIO wordt nu onderzocht welke onderzoeksmethoden het meest geëigend zijn om
onderzoek te doen naar de effecten van de verschillende activiteiten. Effect/(actie) onderzoek is van
essentieel belang om te kunnen bepalen in welke mate de inspanningen ook daadwerkelijk bijdrage
in de professionalisering van het vakmanschap m.b.t. selectiemechanismeri.
Het doen van onderzoek vraagt personele capaciteit van ClO en ook budget voor de uitvoering van
de daadwerkelijke onderzoeken. De hoogte van het budget ken pas worden bepaald na afronding
van het verkenningsonderzoek.
         Gewenste besluitvorming Eenheidsleiding:
         •   Akkoord met het effectonderzoek en evaluatie
         o   Akkoord voor personele capaciteit van CIO en budget voor de uitvoering van de
             daadwerkelijke onderzoeken.
Kritische factoren
Rondom het welslagen van deze activiteiten zijn verschillende kritische factoren te benoemen. In de
wetenschap dat deze opsomming niet uitputtend is, wil ik hieronder toch enkele zaken aanhalen:
     • Politiek-bestuurlijk afbreukrisico: Door diverse lokale maar ook landelijke ontwikkelingen als
         bijvoorbeeld de ontwikkelingen in de Schilderswijk, zal de focus op de uitvoering en het
         slagen van ons plan van aanpak alleen maar toenemen;
     • Het verkrijgen van intern draagvlak zal lastig blijken. Enerzijds door (personele) gevolgen van
         de reorganisatie, maar vooral ook door de aard van het onderwerp;
     o   Goede sturing, vandaar de voorgestelde stuurgroep
     • Vrijmaken van benodigde mensen en (financiële) middelen
Gewenste besluitvorming
In deze notitie is op verschillende momenten aangegeven welke besluitvorming van de
Eenheidsleiding gewenst is.
                                                                                                       3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 7 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 8 ======================================================================

<pre>                                                                                                                 2
                                                                          I1:i1)iWij                            ___
Datum: 17 april 2012
  Van:fMMW             e
  Aan: Pieter-Jaap Aalbersberg, —L                            p
      Verslag bijeenkomst onderzoek Sinan, selectiemechanisme (concept)
                                                        Verslag
             Centrale vraag: Op welke wijze kunnen de onderzoeksresultaten van het rapport
             ....van Sinan....bijdragen aan de effectiviteit en legitimiteit van de politie (focus
             RPAA)?
             HC geeft een uiteenzetting over zijn perspectief over het verloop rondom het
             rapport van Sinan, HC benadrukt de waardevolle kansen uit het rapport voor de
             legitimiteit en effectiviteit van de politie nu en tijdens de realisatiefase van de
             Nationale Politie.
             Een ieder geeft vervolgens zijn visie weer over de inhoud van het rapport, het
             verloop en de mogelijkheden daarvan.
             Algemene conclusie is dat we vanuit verschillende perspectieven willen en kunnen
             leren van de onderzoeksresultaten uit het rapport met oog voor de mogelijke
             negatieve politieke en of media framing over het onderwerp selectiemechanisme
             door politiemensen. De negatieve lading rondom het woord discriminatie zal
             kunnen doorklinken In deze framing. Echter dit mag ons er niet van weerhouden
             om onze organisatie te professionaliseren (lerende organisatie).
             Een ieder Is overtuigd dat de fijnmazige resultaten uit het onderzoek een bijdrage
             kan leveren aan de gewenste cultuurverandering en de verbetering van het
             leiderschap en vakmanschap in de onze organisatie.
             Een meer effectieve selectie op basis van gedrag draagt bij aan de effectiviteit
                                              -                         -
             van het handelen van de politie in de publieke ruimte, ten gunste van de
             veiligheid.
             Door onder andere training en opleiding zullen politiemensen zich meer en meer
             bewust zijn van hun eigen selectiemechanismen. Dit leidt hoogstwaarschijnlijk tot
             verhoging van de legitimiteit en effectiviteit van hun handelen in het publieke
             domein en zal tevens van positieve Invloed zijn op de veiligheid (extern en
             intern).
     «waaKzaam en dienstbaar»
                                                                                     V
                                                                                                   T II   E
                                                                                           Amsterdam-Amstelland
</pre>

====================================================================== Einde pagina 8 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 9 ======================================================================

<pre>   De resultaten van het onderzoek van Sinan worden tevens bezien vanuit
   verschillende perspectieven (zie schema), zoals:
       • Professionele Ruimte
       • Verbinding met de samenleving
       • IGP/RTIC
       o    Gelijkwaardigheid.
  Hierbij effectiever selecteren centraal,
  Schema HC, aangevuld door
  CDAO
  Cultuur, leiderschap &
                                                                Bijdrage aan legitimiteit en
  vakmanschap (kwaliteit)                                       effectiviteit politie,
  lerende organisatie,                                          Lokale verankering
  realisatie NP
                             '~ -C) 0
                                                            /     4
                                 \
        Ethnic profiling, Veilig
    /
 ,A     klimaat, Stop & Search,                               (Selecteren op basis van
(       Pgm Cohesie &                                       /-4  gedrag (en    '
        Multiculturele
  '-    Samenleving                                        (
                                                                                    Pagina 2 van 3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 9 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 10 ======================================================================

<pre>                                                 LJ
) /       «
                                                                                       (2
   De volgende afspraken zijn gemaakt tijdens deze bijeenkomst:
      1. In september 2012 publiceert Sinan zijn rapport.
      2. Er volgt geen opdracht om het onderzoek te verbreden.
      3. In september 2012 organiseert RPAA samen met andere belanghebbenden
           een congres m.b.t. het thema selectiemechanisme bij politie
      4. HC is portefeuillehouder in de KL van het thema.
      5.         TI is regisseur en voortgangbewaker van het proces tot aan het
           congres.
              • Voorstel overlegvorm tot/met september
              o     inplannen thema in kern RMT/RMT speciaal voor september
              o     Inplannen thema voor Management info (optie)
     6,                 voert de regie op de inhoud, draagt zorg voor een plan van
          aanpak rondom de inhoud (training, opleiding, etc), en heeft de regie over
          de Organisatie van het congres (mogelijk kan dit worden uitgezet bij
                        stei af meL                       DRIO) over cie mogelijke
          verbeteringen van IGP (briefing, etc) i.r,t, het thema selectiemechanisme.
                            draagt zorg voor een 'position paper' rondom het thema
          selectiemechnisme en is adviseur in dit proces. (op basis van de
          uitgangspunten uit het gesprek)
          HC en                zullen een gesprek voeren met Sinan om hem te
          erkennen en te waarderen voor zijn belangrijke bijdrage.
      0.               belt met Sinan om hem op de hoogte brengen van hetgeen is
          afg      roken.
       1. HC zal          I'r en               op de hoogte brengen van hetgeen is
          afg            n.
       2.Li1 'draagt z.sm. zorg voor een mediastrategie/frame met
          betrekking tot het onderzoeksthema op basis van de uitgangspunten uit de
          position paper.
                         draagt zorg voor de levering van een communicatiedeskundige
          t.b... lit proces,
                       informeert                  en                 over hetgeen is
            qL,Jroken.
                 ,  17 april 2012
                                                                                     Pagina 3 van 3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 10 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 11 ======================================================================

<pre>                                                                   7/
                          VA
                                       «
                                           L
                             H j H                 H
                                   .4.
                                         kii(i1*1LWiJ
«'aaKzaIn en cllenstbeei»
                                                Li T I E
                                              AmsterdernAmsteIIand
</pre>

====================================================================== Einde pagina 11 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 12 ======================================================================

<pre>     ..       Inleiding
    In 2010 en 2011 is door dhr Çankaya antropologisch onderzoek verricht naar selectiemechanismen
   bij proactieve controles door de politie. De centrale vraag in dit onderzoek luidt:
   "Hoe beïnvloedt de culturele kennis van straatagenten de pro ci ctieve controle von burgers, en wat zijn de
   bedoelde en onbedoelde gevolgen daarvan?"
   Het doel van dit onderzoek was om, indien er sprake zou zijn van een ongelijkwaardige behandeling
   van burgers door de politie, aanknopingspunten te bieden voor verbeteringen en deze vervolgens in
   gang te zetten. Een en ander in navolging van eerder (internationaal) wetenschappelijk onderzoek
   naar ethnic profiling.
   Naar aanleiding van dit onderzoek is een stuurgroep geformeerd die nadrukkelijk de noodzaak heeft
  onderschreven om met deze resultaten aan de slag te gaan. Zo past het thema binnen diverse
  richtingen die in de (nationale) politieorganisatie te ontwaren zijn. Hierbij valt onder andere te
  denken aan 'Politie voor een ieder', non-discriminatie en diverse inspanningen en visies op het
- gebied van de noodzaak tot het cluurzaarn verbinden riet de multicülturelebuitênweeld, Daatbij
  maakt het ook een onlosmakelijk deel uit van de professionele ruimte. Het is een thema dat voor de
  effectiviteit en legitimiteit van de politieorganisatie in onze huidige samenleving niet weg te denken
  is. Tenslotte raakt het aan een van onze voornaamste kernwaarden: Gelijkwaardigheid.
  Volop sense of urgency dus. De centrale vraag die hieruit volgt is op welke wijze de toekomstige
  eenheid Amsterdam hiermee van wal gaat? Hiertoe zijn/worden diverse lijnen ingezet. Een van de
  concrete lijnen dit kader is het organiseren van een seminar waarin dit thema centraal staat en het
  onderzoek van de heer Çankaya wordt gedeeld met relevante andere organisaties.
             I lOt Se'iii
  2.1        De kaders
  Met het seminar wil de eenheid Amsterdam het onderzoek van de heer Çankaya officieel in zijn
  betekenis accentueren, en daarnaast ook uitstralen dat het de resultaten en aanbevelingen van het
  onderzoek omarmt, De conclusies en aanbevelingen wil onze eenheid delen met de overige
  eenheden en andere relevante in- en externe organisaties. Naast de diverse politieorganisaties heeft
   het onderzoek van de heer Çankaya ook nadrukkelijk importantie voor andere organisaties die dan
   ook zoveel mogelijk uitgenodigd worden, hetzij in de rol als spreker hetzij als gast. Hierbij valt
   bijvoorbeeld te denken aan Amnestey International, het Meldpunt Discriminatie Amsterdam en de
   Nationale Ombudsman. Men kan dus stellen dat het een lokaal onderzoek met landelijke importantie
   en relevantie betreft.
   Gezien de aard van het thema is ervoor gekozen om de bijeenkomst in de vorm van een seminar te
   gieten geleid door een externe dagvoorzitter waarbij, naast de heer Çankaya, een aantal relevante
   sprekers het thema vanuit verschillende perspectieven benadert. De organisatie van het seminar ligt
   in handen van de eenheid Amsterdam,         in casu het programma DSS. In het laatste deel van het
    2   Politie Amsterdam-Amstelland
</pre>

====================================================================== Einde pagina 12 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 13 ======================================================================

<pre> seminar nemen (een aantal) sprekers zitting in een panel waarbij de aanwezigen de gelegenheid
  krijgen om vragen te stellen.
 Hierbij komen als opties de volgende sprekers in beeld:
              S. Çankaya, presentatie van zijn onderzoek;
               P. J. Aalbersberg, beoogd politiechef eenheid Amsterdam vanuit het perspectief van
              korpschef en lid van de stuurgroep. Tevens gastheer.
       o                    programmamanger DSS, om de importantie en relevantie van het onderzoek         (
              vanuit de samenstelling van en cohesie in de samenleving te duiden en de rol van het
              programma DSS hierin
       o      E. van der Laan, burgemeester van Amsterdam, vanuit diens perspectief als korpsbeheerder
              en zijn opvattingen over humaniteit van het Amsterdamse korps, Daarnaast ook relevantie in
              verband met de rol van toezichthouders in het kader van dit thema en de orientatie op de
              multiculturele samenstelling van het verzorgingsgebied
      o       A. van Es, wethouder gemeente Amsterdam, o.a. portefeuillehouder burgerschap en
             diversiteit. Goed alternatief voor de burgemeester
      o      A. Rrenninkmeijer, Nationale Ombudsman, vanuit het perspectief van klachten e.d. rond
             politieoptredens
      o      E. Nazarski, directeur Amnestey International NL, vanuit het perspectief van mensenrechten
             en gelijkwaardigheid
      o      Een wetenschapper die bijvoorbeeld kan duiden dat effectiviteit van het politieoptreden
            groeit indien hier op geïnvesteerd wordt. Bijvoorbeeld vanuit SMVP (Aktie)
            Wetenschapper die iets kan roepen over de wijze waarop dominant gedrag in de hersenen is
            geprogrammeerd en afwijking van dominant gedrag (onbewust) leidt tot reactie
      o                     commander binnen de Metropolitan Police van Londen, portefeuillehouder
             'stop and search' en aanverwante zaken als ethnic profiling. (Aktie DSS)
Bovenstaande lijst is uiteraard niet uitputtend en wordt er thans nog nagedacht over mogelijke
andere sprekers. Daarnaast bestaat uiteraard ook de mogelijkheid om key-players rond dit thema
specifiek uit te nodigen voor het seminar, maar niet te laten spreken.
             ('caia
 De aard van dit thema vraagt om een nauwgezette en zorgvuldige framing. Met name op het gebied
van beeldvorming in de buitenwereld liggen er risico's.                                            --
            -    --
                                                        Dit vraagt om een strategische benadering van dit
communicatievraagstuk. Naast de teamchef Communicatie                    , is ook een van de adviseurs van
 bureau Communicatie inmiddels actief bij dit proces betrokken. (Aktie
 2.2.:1.      Tijdslijn in relatie tot doelgroep
 Als onderdeel van de strategische benadering van het communicatieproces rond het seminar, is het
 zaak om voorafgaand aan het seminar al actief binnen de eigen organisatie over dit thema en het op
 handen zijnde seminar te communiceren. Op 29 mei jI, heeft er in dat kader reeds een presentatie in
 het RMT plaats gevonden. Echter, de noodzaak tot een brede communicatie binnen de eenheid
 3      PolItie Amsterdam-Amstelland
</pre>

====================================================================== Einde pagina 13 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 14 ======================================================================

<pre> Amsterdam blijft onverlet. Dit zal binnen de strategische benadering van het communicatieproces
 verder uitgewerkt worden.
 Vooruitlopend hierop kan gesteld worden dat het zeer opportuun is om voorafgaand aan het seminar
                                                                                             Deze staat
 inmiddels gepland voor 12 september a.s.. Tijdens deze bijeenkomst zullen eveneens de resultaten
 van het onderzoek door dhr. Çankaya gepresenteerd worden en zal het thema aan de hand van een
 aantal (interne) sprekers vanuit een aantal perspectieven benaderd worden. Hierbij valt o.a. te
 denken aan                       lie vanuit de intelligence/IGP hoek zijn visie op het thema kan geven,
aangevuld met resultaten en inzichten van stop and search methodieken als bijvoorbeeld gehanteerd        -
in Londen. Hetzelfde kan gesteld worden over ^ maar dan vanuit het perspectief van
opleiding en vorming van de collega's. De definitieve invulling van deze bijeenkomst wordt
 momenteel verder uitgewerkt, maar duidelijk is in ieder geval wel dat de aanwezigen in kleine
subgroepen met stelling rond dit thema aan de slag zullen gaan, analoog aan de opzet van de
managementinfo-bijeenkomst waarin het rijgedrag van collega's centraal stond.
22.              ne l e, rn'e
Als doelgroep voor dit seminar ligt de focus binnen de politieorganisaties op hen die op strategisch
                                                             erna's in portefeuille hebben. Maar ook
sleutelpersonen van andere in- en externe organisaties voor wie het thema importantie heeft.
Binnen de eenheid Amsterdam zullen collega's op RMT plus niveau en andere relevante collega's uit
de managementlaag uitgenodigd worden. Qua omvang dient, mede gezien de aard van het thema,
gerekend te worden op zo'n 250 gasten.
  .3       Opzet seminar en overige praktische zaken
Qua setting en aankleding moet de locatie enerzijds praktisch goed te bereiken zijn, rekening
houdend met voldoende (gratis) parkeergelegenheid. Anderzijds moet de locatie, passend bij de
aanwezigen en de gasten, van een voldoende representatief niveau zijn.
     o     De managementinfo-bijeenkomst staat gepland op 12 september van 09.00 tot 13.00 uur,
           locatie PTO
     o     Het seminar staat gepland op 11 oktober van 15.30 uur tot 21.00 uur
     o     Locatie van het seminar is het Politie Trainingscentrum Overamstel (PTO), Oudkerkerdijk 150
           te Amsterdam (grote sporthal)
           Logistieke Organisatie i s in handen van Bureau Communicatie, eventueel in samenspraak met
           het congresbureau van de Politieacademie
     o     Het seminar wordt geleid door een externe dagvoorzitter, bij voorkeur dhr. R. Tuhuteru
           Qua gasten wordt gekeken naar een passende verdeling van collega's uit het eigen korps, uit
           andere korpsen en mensen van andere organisaties
     o     Bij opening korte film vertonen met daarin interviews van twee personen (Collega en iemand
           van buiten de organisatie) die ethnic profiling aan den lijve hebben ondervonden. Als teaser
           om aanwezigen in het onderwerp te trekken
     •     Alternatief op het vorige punt of wellicht als aanvulling een 'critical mass-achtige
            praktijkproef' die aanwezigen zonder dat ze het weten deel laat nemen aan het proces zoals
           dat in het thema centraal staat. Bijvoorbeeld door gasten bij binnenkomst ongemerkt keuzes
4    Politie AmsterdarmAmstelland
</pre>

====================================================================== Einde pagina 14 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 15 ======================================================================

<pre>                   te laten maken die niet gestoeld zijn op gedrag maar op de factoren zoals ze door de heer
                   Çankaya in zijn onderzoek worden aangehaald
            o      HC opent alsgastheer
                  Aalbersberg. Dan nog twee sprekers
           o      Pauze met lichte warme maaltijd. Gedurende pauze kunnen aanwezigen informatie vergaren
                  bij twee stands over training selectiemechanismen (ontwikkeld door de heer Çankaya) en de
                  training van Search, Detect and React. Hierna vervolg programma met overige sprekers
           o      Na laatste spreker nemen (een aantal) sprekers plaats in panel en aanwezigen krijgen de
                  gelegenheid om hen te bevragen, geleid door de dagvoorzitter. Rol prorgrammamanger DSS
                  hierin als panellid dan wel als discussieleider
           e      Na laatste vraag afsluiting door HC met dankwoord (cadeau?) aan de heer Çankaya
           o     Aanwezigen krijgen bij vertrek het rapport van het onderzoek van de heer Çankaya uitgereikt
       2,3.1 Dagvoorzitterschip
       De lading en importantie van het onderwerp vragen, naast een juiste scripting en framing, ook
-
  -   nadruikeiijk omeën juit&casting van de actoren tijdens hetseminar. Zo dient er nietaUeen secuur
      beoordeeld te worden welke sprekers aan het woord komen, ook de rol van de dagvoorzitter is een
      essentiële. De dagvoorzitter dient uiteraard te beschikken over uitstekende communicatieve
      vaardigheden, maar moet daarnaast ook affiniteit met het onderwerp hebben en ook in staat zijn
      om dediscussie op inhoud in goede banen te leiden. Dat vraagt om een zekere mate van autoriteit
      van de voorzitter, passend bij de aanwezige gasten en sprekers.
      In het licht van het bovenstaande komt Rocky Tuhuteru in beeld. Zijn palmares:
                                De heer Tuhuteru (1959) Is journalist en programmamaker voor diverse omroepen.
                       -        Daarnaast is hij op dit moment directeur van het media- en communicatiebureau
              -                 Tuhuteru en Partners in Den Haag, Tevens produceert Tuhuteru en Partners opleidings-
                                en trainingsprogramma's in media en communicatie. Zijn naam is verbonden aan
                                programma's zoals NOS Langs de Lijn en de KRO-programma's Adres Onbekend en
                                Ontbijt TV. Momenteel presenteert hij het dagelijkse radioprogramma voor de RVU
    •                           over het Nederland in de jaren '40, '50 en '60: Familie Nederland. Rocky Tuhuteru
                                ontving in 1999 de Cosmic Award voor zijn bijdragen aan de multiculturele samenleving
    in Nederland,
    De heer Tuhuteru treedt regelmatig als dagvoorzitter op. In die hoedanigheid heeft hij eerder dit jaar
    de landelijke diversiteitsdag van het LECD in goede banen geleid.
    5    Politie Amsterdam-Ametelland
</pre>

====================================================================== Einde pagina 15 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 16 ======================================================================

<pre> Plan van aanpak onderzoek selectiemechanismen
1. Inleiding
 Naar aanleiding van eerdere verkenningen op het thema Ongelijkwaardigheid, is door de toenmalige
 korpsleiding van het korps Amsterdam-Amstelland in 2010 het initiatief genomen om
wetenschappelijk onderzoek te laten verrichten naar selectiemechanismen tijdens proactieve
 politiecontroles. Onder dit laatste worden spontane controles op initiatief van de betreffende
 politieagenten zelf verstaan.
De opbrengsten van dit onderzoek, verricht door cultureel antropoloog dr. S. Çankaya, vragen om
verdere opvolging. Te meer omdat de inzichten uit dit onderzoek raken aan fundamentele beginselen
waar de Eenheid Amsterdam voor staat. Hierbij valt onder anderen te denken aan beginselen als
gelijkwaardigheid en legitimiteit. Maar ook het streven om de effectiviteit van het optreden te
verhogen en het vakmanschap te verbeteren, vragen om aandacht voor dit thema.
Onderdeel van deze opvolging is een seminar dat in-oktober2012 is gehouden. Tijdens dit seminar
zijn de opbrengsten van het onderzoek in alle openheid met een breed gezelschap gedeeld. De
diverse inzichten, zowel nationaal als internationaal, zoals ze tijdens dit seminar werden gedeeld,
sluiten nadrukkelijk aan op de kernwaarden van de Nationale Politie, zoals deze in het ontwerpplan
zijn geduid: Integer, betrouwbaar, moedig en verbindend.
In dit plan van aanpak wordt geduid hoe de Eenheid Amsterdam nader vorm en inhoud gaat geven
aan de resultaten van dit onderzoek en de hierbij geformuleerde aanbevelingen. Deels zal dit
aansluiten bij reeds bestaande elementen, maar in diverse gevallen is het onderzoek aanleiding
geweest om nieuwe initiatieven te ontplooien.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 16 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 17 ======================================================================

<pre> 2, Het onderzoek
     24.
 Dat ervoor de eenheid noodzaak bestaat om opvolging te geven aan de onderzoeksresultaten is
evident. Ten eerste vanwege de constatering dat de huidige werkwijze kan leiden tot vervreemding
van bepaalde gemeenschappen, getuige 001< onderzoeken en ervaringen in het buitenland. Ten
tweede komt het vraagstuk ook voort uit effectiviteitsoverwegingen: Hoe kan de Eenheid
Amsterdam in haar sterk multiculturele omgeving effectief zijn en blijven? Te meer daar onderzoek
aantoont dat de huidige manier van selecteren niet aantoonbaar selectief is en soms zelfs
aantoonbaar inconsistent. Tenslotte maakt het onderzoeken van dit soort thema's ook nadrukkelijk
onderdeel uit van de voortdurende focus op de legitimiteit van het eigen optreden.
Het complexe karakter van dit thema is gelegen in het feit dat enige mate van selectie
onontkoombaar is in de politieprofessie; de omgeving waarin politiemensen dagelijks vertoeven is te
complex en te divers van karakter en samenstelling om alles wat zich aandient ook feitelijk op te
pakken. Daarbij onderstreept het onderzoek ook dat de aard van het politiewerk zich in de
achterliggende jaren heeft ontwikkeld van een repressief naar een meer proactief karakter. Door
deze-constateringwordt de vraag op basis waarvan politiernensenin de proactieve faseselecteren,
nog pregnanter. Door de afwezigheid van een concreet strafbaar feit of iets dergelijks is er immers
nog geen concrete aanleiding is voor het politieoptreden.
         Hoofdpunten onderzoek
Het onderzoek stelt vast dat bij de selectie in de proactieve fase, politiemensen in belangrijke mate
hun vooroordelen en beelden ten aanzien van onder andere de culturele achtergrond, het uiterlijk en
het gebruikte vervoermiddel laten meewegen en in mindere mate het feitelijke gedrag van de
burgers.
3.  Aanbevelingen
4.  Ontwikkelingen naar aanleiding van het onderzoek
5.  Onderscheid in- en externe initiatieven
Plan van aanpakt
6.   Interne oriëntatie
         1.    Presentatie onderzoeksresultaten aan interne netwerken
               De resultaten van het onderzoek van Sinan Çankaya worden gepresenteerd tijdens
               platformbijeenkomsten en reguliere ledenvergaderingen waarop de leden van de
               diverse interne netwerken bijeen komen. Doel hiervan is om de leden nog beter te
               equiperen voor met name hun brugfunctie naar de betreffende gemeenschappen toe.
               En tevens om hen van meer kennis te voorzien in verband met hun (interne) expertise
               rol naar de rest van de organisatie.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 17 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 18 ======================================================================

<pre>   Termijn: Reeds gaande, Afgerond voor de zomerperiode 2013
2.  Presentatie onderzoeksresultaten aan Regionaal Management Team en Management
   info bijeenkomst
    De onderzoeksresultaten worden, voorafgaand aan het seminar, gepresenteerd aan de
   leden van het Regionaal Management Team van het Amsterdamse korps. Tevens zal er,
   eveneens voorafgaand aan het seminar, een management info bijeenkomst
   georganiseerd worden waarin het onderzoek centraal staat. Tijdens deze bijeenkomst
   komen tactisch en strategisch leidinggevenden van het korps bijeen om over releveante
   en actuele thema's te spreken.
   Termijn: Voltooid in respectievelijk mei en september 2012
3. Informeren managementteams van de districten en diensten
   Tijdens de periodieke overleggen van de managementteams aan de districten en
   relevante teams, worden de resultaten van het onderzoek gedeeld. Doel hiervan is om
   naast het informeren, eveneens actief met de onderdelen mee te denken en te
   verkennen hoe de onderdeels- en teamchefs dit thema bespreekbaar gaan maken
   binnen hun onderdelen, Eventueel met ondersteuning vanuit het programma DSS.
   Deze interventie is met name bedoeld om de dialoog binnen de onderdelen en de
   gesprekken aan de koffietafel te stimuleren.
   Termijn: Start in maart 2013
4. Seminar voor (landelijke) politieorganisatie en externe partners
   In een brede setting, met relevantie in- en externe sleutelpersonen en —organisaties, de
   resultaten van het onderzoek delen en deze resultaten eveneens in een bredere
   (internationale) context plaatsen. Tijdens dit seminar is eveneens het Drieluik-concept
   gepresenteerd. Hierbij laten twee gekleurde collega's zien hoe zij binnen en buiten de
   politie werken aan het tegengaan van stereotypering en onbewuste selectie.
   Tevens zal tijdens dit seminar het boek met de onderzoeksresultaten gepresenteerd
   worde.
   Termijn: Voltooid in oktober 2012
5. Presentatie onderzoeksresultaten, in combinatie met 'De Drieluik', opnemen in
   leiderschapsprogramma LiVe!
    LiVel is een leiderschapsprograrnma, gericht op de eerste laag operationeel
    leidinggevenden. Alle betreffende leidinggevenden van de eenheid zullen dit
    programma doorlopen. Centraal in het programma staat de uitdaging waarmee de
    collega's geconfronteerd worden om vanuit verbinding met de omgeving én zichzelf
    naar het eigen leiderschap te kijken en hier specifieke leerdoelen en experimenten aan
    te koppelen. Een presentatie van de onderzoeksresultaten zal in dit programma
    worden geïntegreerd, als onderdeel van het thema operationeel vakmanschap. Het
    eerder genoemde Drieluik-concept, zoals dat tijdens het seminar gepresenteerd is, zal
    direct op deze presentatie volgen om de collega's te wijzen op de effecten en werking
    van (onbewuste) beeldvorming en stereotypering.
                                                                                            3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 18 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 19 ======================================================================

<pre>              Termijn: Reeds geïnitieerd. Doorlooptijd gedurende 2013 en 2014
        6.    Uitrollen training 'Search, Detect & React (SDR)' of training 'Bewust selecteren'
              Beide trainingen hebben als doel de collega's alternatief handelingsrepertoire aan te
              bieden en hen te stimuleren om de te handelen op basis van gedrag in plaats van op
              beeldvorming. SDR is een bestaande training, 'Bewust selecteren' is specifiek door
              Sinan Çankaya voor de Eenheid Amsterdam ontwikkeld in navolging op zijn onderzoek.
              Gebleken is dat er diverse raakvlakken tussen beide trainingen zijn. Momenteel wordt
              de evaluatie van SDR vergeleken met het trainingsprogramma van 'Bewust selecteren'.
              Doel hiervan is om binnen de mogelijkheden een passende training aan de collega's van
             de Eenheid Amsterdam aan te bieden. Hierover vindt momenteel overleg met de APAA
              plaats.
             Termijn: Reeds geïnitieerd. Voor april 2013 meer duidelijkheid
        7.   l(oppeling MCV Online! aan Real Time Intelligence Center
             MCV Onlinel is een digitale kennisbank vol actuele en historische informatie overveel
             mondiale gemeenschappen. Het is bedoeld als naslagwerk voor collega's die in de
             uitvoering met diverse gemeenschappen geconfronteerd worden en hierbij een
             kennisbehoefte ontstaat. Aangezien deze behoefte zich uiteraard ook direct op straat
             bij de collega's in het operationele proces kan voordoen, is de verbinding met het Real
             Time Intelligence Center gezocht. Doel is om de collega's op straat van zoveel mogelijk
             gerichte informatie te voorzien zodat zij gerichter op feitelijk gedrag kunnen acteren en
             minder op beelden of aannames, Aangezien hieronder ook de multiculturele kennis te
             scharen valt, is de verbinding vanuit MCV Online I Met het RTIC gezocht.
             Termijn: Reeds geïnitieerd. Structurele invoering wordt momenteel onderzocht
7. Externe oriëntatie
       1.    Actieve communicatie onderzoeksresultaten naar media
             Rond de presentatie van het onderzoek tijdens het seminar heeft de eenheid de media
             gezocht om de resultaten breed en in alle openheid te delen. Hierbij is ook aandacht
             besteed aan de complexiteit van dit thema en zijn, in navolging van het seminar, de
             resultaten in een bredere context geplaatst. Een strategisch communicatieplan over de
             in- en externe communicatie van de opvolging van de onderzoeksresultaten is in
             ontwikkeling.
             Termijn: Deels geïnitieerd. Communicatie omtrent de opvolging is in ontwikkeling
        2.    Participatie in diverse (politieke) debatten en actief dialoog zoeken met relevante
              belangenorganisaties
              Passend bij openheid waarmee de eenheid het thema heeft benaderd en verder
              opvolging geeft, wordt actief de dialoog gezocht met relevante gemeenschappen en
              organisaties. Op diverse niveaus in de organisatie werd hier reeds invulling
              aangegeven; vanuit het programma DIVERS Samenleven en Samenwerken gebeurt dit
              gericht op de vele gemeenschappen die de eenheid in het verzorgingsgebied rijk is. Zo
              is er al geruime tijd een dialoog tussen de eenheid en de Afrikaanse gemeenschap in de
              Bijlmer gaande waarin veel aandacht is voor wederzijdse beeldvorming.
                                                                                                       !A1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 19 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 20 ======================================================================

<pre>              Deze dialoog vindt ook plaats met de (lokale) politiek. Zo heeft er onlangs een politiek
              debat, geïnitieerd door Groen Links, over het onderzoek plaatsgevonden waarin de
              Termijn: Reeds gaande. Verdere planvorming om debatten structureel vorm te geven
             vindt thans plaats samen met diverse (belangen)organisaties
        3.   Diverse Marokkaanse, Turkse en Surinaams/Antilliaanse belangenorganisaties actief
             betrekken bij vervolgtraject
             De Eenheid Amsterdam heeft actief de reeds bestaande contacten met diverse
             belangenorganisaties gebruikt om hen bij de presentatie van de onderzoeksresultaten
             én de verdere opvolging van het onderzoek te betrekken. Het gaat hierbij om
             (belangen)organisaties uit de Marokkaanse, Turkse en Surinaams/Antilliaanse
             gemeenschappen.
             Termijn: Reeds geïnitieerd
        4.   Duurzame samenwerkingsverbanden aangaan met relevante organisaties
             In navolging van de onderzoeksresultaten is nadrukkelijk de samenwerking met externe
             organisaties gezocht. Dit heeft er onder anderen toe geleid dat Amnesty International
             in het seminar heeft geparticipeerd en er momenteel een duurzame dialoog tussen
             Amnesty en de Eenheid Amsterdam tot stand is gekomen waarin dit soort thema's
             verder geëxploreerd worden. Dit heeft een wederkerig karakter; zo vindt momenteel
             afstemming plaats over de wijze waarop de eenheid kan participeren in een door
             Amnesty te organiseren congres waarin ook dit thema op de agenda staat.
             Termijn: Reeds geïnitieerd. Betreft een voortdurend proces
8. Sturingsmodel
9. Tijdslijn
                                                                                                       5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 20 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 21 ======================================================================

<pre>                                                                                                              17-O52O16
                                                                          8515511e mhierrrasn elfevutett
Selectie mechanismen
         en effectiviteit                                                  roftuonek rutIice etr
                                                                         SeecU niechrutisnicn
                                                                                       et1
                29 mei 2013
                                                                                                            /
 Selectie mechentsmeenelreetivttelt                                     Selectie mechanhimeen erreetivutelt
     /
                         1
 Selectie rrrechenlsmeen ellectivIlell                                  Selectie mechanisme en ettrcunttelt
                                               (badnrbee?den
                                               I  SleSecche dcncinenletr
                                                 Bderrg
                                                 *1- cennnlelie rn.b I selecteren
                                                        tnlnrcrcebe cnncreet (5)
                                        r ....
      /                                (
                        /
                                                                                                                      1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 21 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 22 ======================================================================

<pre>                                                                                             17-05-2016
                                             Selectie eruchaniome en etteeuvlteit
                                                              -         N
                                             Cultuur
                                   IE ~"PI:j
nelenhu mechanisme en ettoeh,itnli          Selectie mechanisme en shieetvileil
                                                Legitirniteti (niinbroiie bevoegdheden)
                                                 <eerste (privacy) ivetgeitny (2)
                                                Prei esutunaifteit = bearnist selecteren
                                                Ioeztchtuppntitiegeguvnns (4)
                                                 nte                       e         ~
                                                                       Le.itimiteit
                                            5dec55 mechanisme en etienhvirsll
                                                                  'LOctiikva cdighcid      I
                                                                                     -
                                                                  (org et,Jhvva a 41gb aid
                                                                     Uitsivivng
                                                                     2105 rbrcivatie
                                                                     Pninrteate
                                                                   tVeIltg <imeet
                                                                                                      2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 22 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 23 ======================================================================

<pre>                                                                                                                        17O5-2O16
          UeechcemoeneUecticitelt                             Selectie nceehardsmeen etfecUvllalt
                                             I
                                               H
                  1, -1
            F111 ,—            p
                                                                                                  decterenopgedrag"(3)
                                                                                               6;
                        e,on."n-I
  Selectie rnechenlsece en elleclIcIlelt                     SelectIe rnechcrclsrne en elleclyllelt
                                                                                                     P.rInm -  (8)
                                                                                                     An ne
                                                                                                     Int  lationet
                                                                                                         ,
                                                                                                    L
                                                                                   IiEEiI1
                                       ec:c
1                                               -  i
  Stinelle cncehanlene en enecUullelt
                                                      alte
           -                  EI1           L    /
                                                           Plcfbssiorlelc ruimte en
                                                           Selectie flIed] ttli /lltiCli
                                               I
                                                                                                                         7
                                                                                                                         /
                                                                      I11C\'fl1                                        /
                                                                                                             ijrdtheid
                                                     __
                                                                                                                                3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 23 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 24 ======================================================================

<pre>                                  17-05-2016
 Uitgangspun ten
Ee,nrt-ac,d,,
hgr
2irouuvbr
Mdig
Vrhlidnd
REBOThdth,
1Trkermen
EemIvordi,w
Op1ng                         IJ
                   Doet:
 z
          jii>     Z«kl.ht ES
                                 Ht
                 K            )
                                           4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 24 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 25 ======================================================================

<pre>                                                           17-05-2016
                                                      r'
                                              E
                                                [rI r    J
                                         U!11
                  rsoocI
                           r    [omevin.
              Praktijk
Lit t[!;tpMtti
                               ETTEI>
           -=7:i
               ''AI
Mcv
                       -11   _-~ El
                                                                    5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 25 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 26 ======================================================================

<pre>                                                               17-05-20i6
                ;-iLII1
   i•     I' fL                  j2                            zm
       Lp
F
      E                                  IEEJP            1LE
                                                         iI
 ïEï2- -            LJ                            KEI
                   -    '
                        ,= -.:
                        L     ;,
                             s-j
                                                             8
                                         Li
           EE
                                      ;: EE>
  tLJ
                                          LEIII r       -i
                                    I It              r
                                                            El
                                                                       6
</pre>

====================================================================== Einde pagina 26 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 27 ======================================================================

<pre>                                                                                    17-05-2016
  uflPJ
               iiE}
                             i                 i1' > LL
  1&J                   _
        i
                               béj                                        El
                  L IJ           -       tIt
                                   roritI n
                                                  drm
                                               ,mtnscc rca
                                                                            F
                                                                             - parr (a
                       LEIIJ                frrcmrar (rrchc (r acrlcr'ccrp)
Iy
      .  EEEII    EE]          Dank voor aandacht
   I4I) El                :
                                           Vragen?
LTHI:P'                 i:
                                                                                             7
</pre>

====================================================================== Einde pagina 27 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 28 ======================================================================

<pre>   ETNISCH PROFILEREN: EN NU?
  Verslag
  18 december 2014 /1 Melkweg, Amsterdam
                                             A
                                             \     •':
                                                                  iMNESTV
FORUM                                                             INTE11UIUN1L
 INSTITUUT VOOR                             voorkomt en bestrijdt
 MUL TI C ULTURELE vóór gelijke behandeLing     discriminatie
  VRAAGSTUKKEN
                     tegen discriminatie
</pre>

====================================================================== Einde pagina 28 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 29 ======================================================================

<pre>  OPENING
  Naima Azough opent de dag met een persoonlijk verhaal van vijftien jaar geleden. Naima's broertje
  en enkele vrienden worden met veel ophef door politieagenten aan de kant gezet en gefouilleerd.
  Ook trekken sommige agenten pistolen. Als blijkt dat de agenten de verkeerde jongens voor zich
  hebben, zijn ze snel weer weg, zonder excuses. Het verhaal onderstreept volgens Azough dat
  politiecontroles impact hebben, onder andere op het zelfbeeld van betrokkenen: haar broertje
  heeft het nog steeds over deze gebeurtenis.
  Hierna verkent Azough wie er in de zaal zitten: politiemedewerkers, gemeenteambtenaren,
  medewerkers van antidiscriminatiebureaus, als ook andere experts op het onderwerp zijn
 aanwezig. Deze gemengde groep sluit aan op het doel van de bijeenkomst: elkaar informeren en
 inspireren ten aanzien van een (lokale) aanpak tegen etnisch profileren.
 'EEN JAAR VERDER: EN NU?'
 De eerste presentatie is van Gerbrig Klos, senior beleidsmedewerker etnisch profileren van
Amnesty International. Haar bijdrage gaat over de stand van zaken sinds de publicatie van het
Amnesty-rapport over etnisch profileren in 2013.
 Op basis van een grondige literatuurstudie concludeert Amnesty International dat etnisch
profileren in Nederland- voorkomt en-- het niveau van incidenten overstijgt. Bovendien zijn- er
volgens Amnesty onvoldoende (wettelijke) waarborgen en instructies om etnisch profileren te
voorkomen. Klos stelt daarnaast dat de overheid ook onbewuste en onbedoelde vormen van
discriminatie zou moeten bestrijden.
                                              Aanvankelijk reageerde de politieorganisatie
                 Isch                         defensief op het verwijt van politiediscriminatie.
                                   V
                                              Inmiddels is sprake van een kentering. Het bestuur
             Jflde i ke
                                              en de politieorganisatie denken na over het
               \//
                     AIieeu                   vraagstuk van etnisch profileren. Er is een opening
                                              voor dialoog: de politietop is in beweging en het
                            2k1               thema leeft eveneens op lokaal niveau in de steden
                                              Amsterdam, Den Haag en Rotterdam.
                                              Een aantal aanbevelingen van Amnesty International
                             1                voor de aanpak van etnisch profileren zijn (1) het
L1                              /_            verduidelijken van wettelijke regels en instructies, (2)
     -
                                              het verbeteren van de interne monitoring op
politiecontroles, (3) het trainen van agenten op bewustwording over vooroordelen en (4) het
organiseren van dialoogbijeenkomsten tussen de politie en burgers om te werken aan het
vertrouwen. De politie zet nu met name in op dialoog en bewustwording, maar Amnesty
International dringt vooral aan op meer onderzoek naar de omvang van het verschijnsel, een proef
om politiecontroles systematisch te monitoren op eventuele discriminatie en effectiviteit, en
verduidelijking van de wettelijke bevoegdheden die ingezet worden bij proactief politiewerk.
De tweede spreker is Paul Gademan, projectleider etnisch profileren binnen de politie-eenheid
Amsterdam. Hij vertelt over recente ontwikkelingen binnen het politieapparaat. De casus van
Amsterdam wijkt af van andere steden, omdat het onderzoek van Sinan Çankaya naar het
beslissingsproces tijdens proactief politiewerk in 2012 door de Amsterdamse korpsleiding al werd
omarmd. Zo is er inmiddels een strategisch plan van aanpak gepresenteerd in de Amsterdamse
gemeenteraad.
                                                                                                    1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 29 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 30 ======================================================================

<pre>  De Nederlandse politie wil oprecht een politie voor
 eenieder zijn. Om die redenen ontkomt de
  politieorganisatie er niet aan om met het thema
 etnisch profileren aan de slag te gaan. Ook Paul
 Gademan merkt op dat de politieorganisatie is
 verschoven van een welles-nietesdiscussie naar de
  professionele ontwikkeling van het vakmanschap van
 politieagenten. De politie wil de verbinding houden
 met verschillende groepen in de samenleving. Dit is
 van belang voor de legitimiteit, gelijkwaardigheid en
 de effectiviteit van de politieorganisatie.
 Een eerste strategie is om de bewustwording te vergroten. De vraag is daarbij hoe vooroordelen
 tot stand komen en hoe ze onbewust doorwerken op het handelen van politieagenten. Dit
 betekent onder meer dat agenten meer de interactie moeten aangaan met burgers. Het is
 belangrijk dat agenten ook positieve contactmomenten met jongeren hebben. Oftewel, zoek
 elkaar op, ook in vredestijd, anders blijft er een wij-zij-sentiment voortbestaan.
 Een tweede strategie is dat agenten in de interactie uitleggen waarom ze iets doen. De politie zou
 dus actief verantwoording möeteWaflëggen over waarom ze op- een bepaaldewijze te werk gaan.
 In dit soort alledaagse ontmoetingen kan de individuele agent een bijdrage leveren aan de
 legitimiteit van de organisatie. Kun je uitleggen waarom je iets doet? Zo nee, stel jezelf dan de
 vraag of je wel goed bezig bent. Hieraan gekoppeld: snapt de agent wat het met een ander doet
als hij of zij wordt gecontroleerd?
Aanvullend is de vraag naar de effectiviteit van het politieoptreden van groot belang. Wat is goed
 politiewerk? Is dat boeven vangen, informatie verzamelen of werken aan het vertrouwen onder
 burgers? Burgers kunnen medestanders zijn in de aanpak van criminaliteit. Gademan onderkent
dat er een politiecultuur is met een focus op het verzamelen van informatie en het vangen van
 boeven. Daar worden agenten op gestuurd en beoordeeld. Dit is inmiddels een professionele norm
in de politiecultuur.
De eenheid Amsterdam is momenteel gestart met een aantal pilotwijkteams en ambassadeurs om
op kleine schaal etnisch profileren te voorkomen. Het streven is om via kleine interventies een
olievlekwerking tot stand te brengen. Zo heeft de eenheid Midden Nederland een film gemaakt
waarin collega's uit etnische minderheidsgroepen vertellen over hun (eigen) ervaringen met
politiediscriminatie. Het blijkt dat dit soort verhalen effect hebben ('story telling'). Wat ontbreekt
is een overkoepelende visie en een structurering van de verschillende, soms ad hoc, initiatieven
binnen politie Nederland.
Uit de zaal wordt gevraagd om een toelichting op de
toepassing van controleformulieren. Gerbrig Klos legt uit
dat controleformulieren een manier zijn om
politiecontroles te monitoren. Zo kan inzichtelijk worden
dat agent A persoon P heeft gecontroleerd op tijdstip T en
plaats P. Bijgevolg kan de effectiviteit van deze controles
worden bestudeerd. Vooralsnog is in Nederland
onduidelijk wat de effectiviteit is van proactief
Politiewerk,
                                                                                                    2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 30 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 31 ======================================================================

<pre> In Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk worden politiecontroles reeds geregistreerd. Daar
 is informatie beschikbaar voor analyse van welke groepen gecontroleerd worden. Op grond van
 die disproportionaliteit kan worden vastgesteld dat er sprake is van politiediscriminatie. Een pilot
 in Fuenlabrada, Spanje, laat zien dat het gebruik van controleformulieren agenten dwingt om na
 te denken over de objectieve gronden voor politiecontroles. Hierdoor daalde het volume van de
 controles, maar nam de zogeheten 'hit rate' opvallend genoeg toe. Kortweg, de politie ging
 objectiever te werk, waardoor haar effectiviteit toenam.
 Paul Gademan is van mening dat er momenteel binnen de Nederlandse politieorganisatie
 onvoldoende draagvlak is voor een dergelijke pilot. Ook plaatst hij vraagtekens bij meer
 bureaucratie in de aanpak van etnisch profileren. Zo blijkt juist in de Amerikaanse context dat
 agenten allerlei ondermijnende strategieën bedenken om de formulieren niet of niet naar behoren
 in te vullen. De strategie is vooralsnog om etnisch profileren op laagdrempelige wijze aan te
 pakken. Een deelnemer vraagt zich af hoe, in reactie op deze strategie, de grote getallen binnen
 het politieapparaat bereikt kunnen worden. Het is zijn indruk dat het onderwerp etnisch profileren
 nog onvoldoende leeft onder straatagenten.
 Volgens een andere deelnemer is een aanscherping van de regels over de inzet van de Wet
 Uitgebreide Identificatieplicht (WUID) onnodig. Het zou vooral gaan om de inzet van de
 bevoegdheden. Gerbrig Klos reageert dat de onduidelijkheid ontstaat door de interpretatieruimte
 die de WUID biedt. In een aanwijzing zouden duidelijke instructies moeten staan.—Daarbij-wordt in
verschillende beleidsevaluaties en studies aanbevolen om de toepassingsruimte (WUID) te
verduidelijken en agenten concrete richtlijnen te geven bij het selecteren (preventief fouilleren).
                                         Maartje van Amersfoort en Marijn Vissers              geven
                                        vervolgens door middel van een kort rollenspel een
                                        impressie van het project 'My City Real World'. Dit project
                                        vond in 2012 plaats in Gouda ter verbetering van de relatie
                                        tussen jongeren en politie. Van Amersfoort en Vissers laten
                                        zien dat door het project de wederzijdse negatieve
                                        beelden zijn veranderd. Doordat ze elkaar persoonlijk
                                        beter hebben leren kennen, is ook het contact onderling
                                        verbeterd. Zo 'appen' ze nog regelmatig.
'WETENSCHAPPELIJKE INZICHTEN'
In de bijdrage van Sinan Çankaya staat het huidig onderzoek naar etnisch profileren in Nederland
centraal. Hij betoogt dat het onderzoek naar etnisch profileren rekening moet houden met twee
componenten: de disproportionaliteit van gecontroleerde mensen uit etnische groepen en de
redelijke rechtvaardiging voor politiecontroles.
Bij de redelijke rechtvaardiging van politiecontroles gaat het om de vraag (1) of het politiewerk
deugt, dat wil zeggen, rechtmatig, legitiem en objectiveerbaar is, en (2) wat het oplevert, met
andere        woorden,        wat     de      opbrengsten        van       politiecontroles      zijn.
                                                                                                    3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 31 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 32 ======================================================================

<pre>      Het sterkste bewijs voor etnisch profileren is een
      oververtegenwoordiging van gecontroleerde leden uit bepaalde
      etnische groepen. Immers, als de politie discrimineert naar raciale en
      etnische kenmerken, dan is de logische consequentie hiervan dat er
      een dë?gëIij1<e oververtegenwoordiging optreedt DesondYkT1d
      vraag: een oververtegenwoordiging ten opzichte waarvan? Volgens
      Sinan Çankaya is een goede referentiemaat voor disproportionaliteit
      de zichtbare bevolking op straat. Sommige groepen zouden zich
      bijvoorbeeld meer op straat kunnen bevinden dan andere groepen.
      Momenteel zijn er in Nederland drie belangrijke empirische studies
     gedaan naar etnisch profileren. In volgorde van publicatiedatum gaat
      het om een studie van Politie en Wetenschap (2012), Çankaya (2012)
     en de Universiteit van Leiden (2014).
      Uit het onderzoek van Politie & Wetenschap is overduidelijk sprake
     van disproportionaliteit. Migrantenjongeren worden twee vaker
     onderworpen aan ID-controles, drie keer vaker ergens van verdacht en vier keer vaker gefouilleerd.
     Toch concluderen de onderzoekers dat de controles redelijk te rechtvaardigen zijn, na correctie op
     de volgende drie variabelen: (1) migrantenjongeren gaan vaker om met delinquenten, (2) ze
- -- bevinden-zich langer op straat (zichtbarepopulatie)-en(3)-ze rapporteren een hogere delinquentie
     ('violaters benchmark'). Een kanttekening bij dit onderzoek is dat de zichtbare populatie en
     'violaters benchmark' nauwkeuriger vastgesteld kan worden. In dit onderzoek gaat het namelijk
     om de zelfrapportage van jongeren.
     In het onderzoek van de politie Amsterdam-Amstelland (Çankaya, 2012) wordt vastgesteld dat
     agenten gebruik maken van raciale en etnische profielen van risicovolle burgers. Etnisch profileren
     is daarbij niet het product van individuele vooroordelen, maar van structurele kenmerken in de
     context van alledaags politiewerk. Een kanttekening bij dit onderzoek is dat agenten is gevraagd
     om achteraf de situaties te reconstrueren. Dit kan geresulteerd hebben in vertekeningen.
      In het onderzoek van de Universiteit van Leiden wordt geconcludeerd dat etnisch profileren niet
     structureel voorkomt. Agenten hebben redelijke rechtvaardigingen voor controles. Toch zou er
     sprake zijn van een perceptie van politiediscriminatie onder migranten. Een kanttekening bij dit
     onderzoek is dat er slechts drie wijken zijn onderzocht waarvan er twee een multicultureel karakter
     hebben. Om die reden is het, vanwege de demografische kenmerken van de wijken, moeilijk om
     etnisch profileren vast te stellen. Ook hebben de onderzoekers niet gekeken naar de
                                                  rechtmatigheid van de controles, als ook de effectiviteit
                                                 daarvan. Als gevolg is de uitwerking van de redelijke
                                                 rechtvaardiging van de controles onvoldoende
                                                 uitgewerkt.
                                                 Wat er momenteel op onderzoeksgebied ontbreekt is
                                                 een combinatie van kwalitatieve en kwantitatieve
                                                 methoden, met aandacht voor disproportionaliteit
                                                 (zichtbare    bevolking)   als    ook     de     redelijke
                                                 rechtvaardiging (deugt het, wat levert het op) van
                                                 politiecontroles.
     Een vraag uit de zaal gaat over het voorstel van Marcouch om meer agenten met een andere
     herkomst te werven. Zou dit etnisch profileren kunnen doorbreken? Sinan Çankaya geeft aan voor
                                                                                                         4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 32 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 33 ======================================================================

<pre>  meer diversiteit binnen de politie te zijn, maar merkt op dat dit geen garantie is voor een
 alternatieve invulling van het politiewerk. Ook allochtone agenten kunnen etnisch profileren.
 Ook wordt opgemerkt dat het misschien goed zou zijn om de jongeren zelf meer te leren over hun
 rechten en plichten op straat tegenover de politie, zodat ze beter weten wat ze wel en niet
 gevraagd kan worden.
  Dit is een mooie brug naar een korte introductie van JaIr Schaikwijk over Straatrecht. Tijdens dit
  traject van een half jaar wordt jongeren geleerd wat de politie en wel en niet mag vragen, maar
  ook hoe ze met hun eigen houding het contact met de politie kunnen beïnvloeden. Het doel van
                             -
                                            om de relatie tussen burgers en de politie te verbeteren
                                           )anningen op straat tegen te gaan.
                                            NTIDISCRI MI NATI EBUREAUS
                                           bijdrage is van Tikho Ong, teamleider bij het
                                           tiebureau RADAR, en gaat over de rol van
                                           tievoorzieningen (adv's) in de aanpak van etnisch
                                           ?en eigen studie onder 300 respondenten in Rotterdam en
                                           ft RADAR een tweeledig beeld. Enerzijds is er onder met
                                           ne-jongeren-een-gevoel-dat-ze negatief worden bejegend
                                           ?, hetgeen negatieve gevolgen heeft voor het vertrouwen
                                            in de politie. Anderzijds zijn er diverse respondenten die
                                           bben voor de werkwijze van de politie. In dit onderzoek
                                           Jiverse adviezen aan de politie-eenheden van Rotterdam
                                            st Brabant. Naar aanleiding van dit onderzoek is RADAR
                                             beide politie-eenheden.
Antidiscriminatiebureaus zouden idealiter een brugfunctie moeten vervullen tussen de politie en
 burgers. Belangrijk is dat adv's legitiem zijn voor beide partijen. Zo zouden adv's bijvoorbeeld
 kunnen investeren in wijken met signalen van ongewenst politieoptreden. Het probleem is alleen
dat het aantal klachten erg laag is. Tikho Ong pleit dan ook voor een proactieve houding van adv's
en het jongerenwerk. Als jongeren niet naar hen komen, dan moeten zij naar de jongeren,
 bijvoorbeeld door meer voorlichting te geven op scholen Ook zouden adv's andere netwerken
 moeten ontwikkelen zoals een fijnmazig netwerk op wijkniveau waar ev. incidenten plaats vinden.
Aan de hand van concrete signalen kunnen adv's vervolgens het gesprek aan kunnen gaan met de
politie.
Onder jongeren bestaat het hardnekkige gevoel dat klagen over discriminatie zinloos is.
Deelnemers uit de zaal merken op dat jongeren ook afzien van een melding of klacht, omdat ze
bang zijn voor represailles van de politie. Er wordt geopperd dat adv's een rol hebben in het
terugkoppelen van de effectiviteit van een klacht. Dit gebeurt momenteel onvoldoende. Wat
gebeurt er met een klacht? Welke resultaten boekje? Hoe communiceerje dit naar de doelgroep?
Naima Azough observeert dat bejegening een terugkerend thema is. De vraag is of de politie hierop
acteert. Paul Gademan stelt dat er bejegeningsprofieleri binnen de politieorganisatie bestaan,
maar die verschillen per politie-eenheid en er is weinig bekend over de naleving ervan. Ook wordt
opgemerkt dat de politie vanwege de landelijke reorganisatie vooral bezig is met zichzelf. Als er
intern een balans is gevonden, dan komt er hopelijk meer aandacht voor de buitenwereld. De
landelijke werkgroep etnisch profileren stuurt aan op een verschuiving van een nadruk op repressie
                                                                                                    5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 33 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 34 ======================================================================

<pre>     naar een politie die de verbinding zoekt. Dit moet zich uiteindelijk manifesteren in hoe agenten
     burgers toespreken.
     Aan het slot van de biieenkomst ligt een ambtenaar van het Ministerie van Veiligheid en Justitie de
     beleidslijn vanuit het Ministerie toe. De focus ligt op bewustwording, trainingen en verbetering van
     de klachtenprocedure. Een belangrijk aandachtspunt voor de politieorganisatie is om de
     klachtenregeling transparanter te maken. Ook zouden trainingen zich in de eerste plaats moeten
     richten op de bejegeningen. Het is niet de verwachting dat er op korte termijn aanvullend
     onderzoek komt naar etnisch profileren. Maar de ambtenaar ziet wel veel beweging op het terrein
     van etnisch profileren; een onomkeerbaar proces is in gang gezet.
     AFSLUITING
     Naima Azough sluit de bijeenkomst af. Ze proeft een gedeeld gevoel van verantwoordelijkheid
     onder de aanwezigen. De verbinding die de politie zoekt, is hier in ieder geval aanwezig, zonder
     een wij-zij-sentiment. Ze spreekt de wens uit dat er meer bewustwording over etnisch profileren
     komt bij burgers, de politie, onder meer via antidiscriminatiebureaus en het onderwijs. Etnisch
     profileren zal ook het komende jaar op de agenda blijven staan. Er is immers nog voldoende te
     doen op het terrein van burgerrechten.
     Voor een impressie van het aansluitende event 'Controle Alt Delete: de (on)zin van klagen' zie de
    facebookpagina van Controle Alt Deleten.
De PowerPointpresentaties kunnen worden opgevraagd bij de sprekers:
Gerbrig Klos:            g.klos@amnesty.nl
Paul Gademan:            paul.gademan@politie.nl
Sinan Çankaya:           sinan_cankaya@hotmail.com
Tikho Ong:               th.ong@radar.nl
</pre>

====================================================================== Einde pagina 34 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 35 ======================================================================

<pre>                                             17-05-2016
                      Voorbeeld van controle
                   [/
                   hZ     nPumnd
       VOORAE -
umms4I
                H1
                                                       1
</pre>

====================================================================== Einde pagina 35 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 36 ======================================================================

<pre>                                                                                                            17-05-2016
                                     CT
    DE WAAR-IS-WALLY ZOEKER
                        Voorbeeld van controle                            Voorbeeld van controle
       ttto1                 wPMn.                                           von noon f'nivv
                            Eor                  atodonlo nn         tnnnonot En onnoic hit
                                               tiIotngnd                Znnolnioovhvt
1UI-                                             Mnobnodnv-tJbtttIdootvvdccnmttomcttwcc
                                               Pntivtvtotvvo aitaonngniotdvtvhtt
                   D,
                            ,n1,Ii*C Pgir      klonWthkttonontliIitgpoki                          - oonto.o
                                               inhinok no otto klt        g nI one don hot no
                                               olvnthvnomtontvdntnovdvvoHntnnnn
fWøøfl                       vdbjn nil             ntotnnnnhvIntodnntnntol;hij,lnlbijnttilt
 flcEn          ilj                            vnivn Sot noovhnvn               ojdnnypno
 ni             iInn,llnn dindln                           tonno d             onijl;vo tin
         nijdnlklnnk D                         It         tijdondto       It DI, ionhtbbott
       gi nit t. Bk* .chr folk o                        entnvtdkoL- honnnI,n ,ln
      oiji Zo ooi0000n0000000 in I lflnnoo     hind noijoZo n t Snoononiovot, ion t',onvnovnd
                                                  nncoonnof ttonnIngn°bnniEn
                                               nnonnnonn,dnntniidtoo.nonlkh,nntn
odd,oin,oll000idoflu*i doDiilfl.
                                               v000nlhnofnnn,tvtt_i,obottInnottI,ivmotitvnlnnnit_
                                               t  oh Onno nonvntd,ovt.
                                                                                                                     2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 36 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 37 ======================================================================

<pre>                                                                                                                                                                   17-05-2016
                                                                                                                         Politiewaarheden
    aI                                       Conclusies
44
                                                                                        1. lit reageer slechts op meldingen en aangiften
        1. De nelecriebeelden veenluinreeeen onthullen een deel von de wneleelijklreid,
        itesuinnac selectief politienpeceden en nerpnide&                               2. ll-liervconen alleen maarXøf V Wie moet iie doe nnnrroleens?
   SErI                                                                                 3;. PIcnic Puntje up deken!; heeFtnoalcncicellea in oedn.
        2. Dc nffncriviraicao nihinillnrin von de peoaeeinnn contreien onduidelijk.     311. Die nude ome —1 ik nier hebben. Die deer niets verkeerd.
        De ceraarageer is noonl ecn inlermodernakelear.
                                                                                        4'. De cellen eieren cc vol mce. tCjk maar noon de nrnniuninkers.
                                                                                         lb. Op duperen Irene je niets ouders; verdachte heefc een Noord-Afrikaan;
         3.De pnononieve eoernnlee creiicrtjoeidischcdilcnnnu'a.                        4c.Je roeecwnl vneroerddrngebneiirenrendnnvaegjegeenboeven.
        Voorbeelden; Veogno treat en j'. Wet Poliniegegevenoarn.B,geoee discrenin (iVVW  id. Het ei je toclr cheered naflinra di.— aunheadme? Dan goanme en reek
         1994 en APVb)
                                                                                                                                                                             3
</pre>

====================================================================== Einde pagina 37 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 38 ======================================================================

<pre>                                                                        N .B. Dit is een levend werkdocument
                                                                                             versie 22juli2013
                        Politie project 'De samenleving (b)en jij!'
                              PROGRAMMA & FILMCLIPS
                                     WERKDOCUMENT
                                             22 juli 2013
Het LECD van de politie en de Anne Frank Stichting gaan een discussieprogramma met 8 korte
filmclips (3-5 minuten) ontwikkelen die betrekking hebben op de taken en het werk van de politie en
het waarborgen van grondrechten daarbij. Deze filmpjes gaan over de pluriforme samenleving, waarin
dilemmas bij het omgaan met diverse groepen en discriminatieproblematiek een rol spelen. De
filmpjes laten waargebeurde actualiteiten zien. Deze praktijkcasussen vormen de aanjager voor een
discussie over de (onderliggende) thematiek en de uitdagingen voor het politiewerk. De scenarios
zullen herkenbaar zijn voor de politieprofessional en zowel leidinggevenden als uitvoerenden
aanspreken. Aan de hand van de filmpjes kunnen politieprofessionals met elkaar in gesprek gaan.
                                         INHOUDSOPGAVE
                     LEERDOELEN                         p.2
                     ONDERWERPEN                       p.4
                     FORMAT                             p.27
                     GEBRUIKSHANDLEIDING                p.30
                                                                                                             I
</pre>

====================================================================== Einde pagina 38 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 39 ======================================================================

<pre>                                                                             NB. Dit is een levend werkdocument
                                                                                                versie 22juli2013
LEERDOELEN
Het discussieprogramma De sameni VTng ljëff]Ïjrbestaat uit                 serverrvaITweasus1fl
                                                                                  en                           O
filmclip(s) en deelname aan de aansluitende discussie/workshop onder begeleiding van een getrainde
docent. Aan de hand van de casus gaan de deelnemers met elkaar bespreken welke grondrechten er
spelen wat hun eigen mening is over de problematiek in de casus en wat de (wettelijke) taken van de
politie daarbij zijn. De wettelijke kaders geven niet aan hoe de politie precies moet reageren op een
situatie. Soms is dat helder, soms complex. Het doel van het discussieprogramma 'De samenleving
(b)en jiji' is om duidelijk te krijgen welke (soort) overwegingen de politieprofessional kan/moet
meenemen bij het beslissen over de manier van ingrijpen. Ook al is er sprake van vergelijkbare
problematiek, de voorgeschiedenis/omstandigheden/context/belangen zijn in iedere situatie weer net
anders. Er zijn meerdere wegen naar Rome. Deelnemers krijgen geen kant-en-klare antwoorden op
de dilemma's, maar leren wat de overwegingen zijn voor het aanpakken van een situatie ter plekke en
voor het nemen van eventuele stappen achteraf. Het programma heeft de volgende leerdoelen voor
de deelnemers.
    A. Kennis
         De kennis-leerdoelen hebben betrekking op deelnemers die het volledige trainingsprogramma
         doorlopen. Enkele kennis-leerdoelen behoren bij het lezen van het achtergrondmateriaal dat
         bijgeleverd werdLAfbariklljk van de- functie,-het opleidingsniveau en de plek in het
         opleidingstraject kunnen deze leerdoelen ook als voorkennis verwacht worden bij de
         deelnemers.
        Al. De deelnemer is op de hoogte van de dilemma's die de diversiteit van de samenleving
        met zich kan brengen.
        A2. De deelnemer kent de (wettelijke) kaders rondom grondrechten (non-discriminatie, vrijheid
         van meningsuiting, vrijheid van religie, recht op privacy, recht op demonstratie),
         geujkebehandelingsprincipes en de strafrechtelijke discriminatieverboden in Nederland.
        A3. De deelnemer kan de verschillende belangen die spelen bij een specifieke casus
         opnoemen.
         A4. De deelnemer kan de taken en bevoegdheden benoemen die de politie heeft bij het
         opsporen en voorkomen van discriminatie en hoe op te treden als burgers aangifte of melding
         van discriminatie willen doen.
         A5. De deelnemer kent de relevante gedragscodes van de politieprofessional omtrent
         diversiteit, respect en gelijke behandeling, zowel intern (politie onderling) als extern (tussen
         politie en burger wederzijds en tussen burgers onderling).
    B. Inzichten
          De inzicht-leerdoelen zijn gerelateerd aan het observeren van de casus de filrnclips zien en de
         bijbehorende discussie met stellingen/vragen.
          Bi. De deelnemer beseft dat sommige situaties in de pluriforme samenleving complex zijn en
          geen goed of fout kennen, omdat er botsende belangen spelen. De deelnemer realiseert zich
          dal resultaatgerichte activiteiten van opsporing/handhaving soms kunnen botsen met de
          inachtneming van grondrechten.
          B2. De deelnemer begrijpt dat waarborging van fundamentele rechten essentieel is in de
          politiepraktijk en de verbinding met de samenleving ten goede komt.
                                                                                                                 2
</pre>

====================================================================== Einde pagina 39 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 40 ======================================================================

<pre>                                                                         NB. Dit is een levend werkdocument
                                                                                            versie 22juli2013
     B3. De deelnemer is zich bewust dat meerdere perspectieven op dezelfde gebeurtenis
     mogelijk zijn, zowel in de samenleving als intern onder politieprofessionals.
    B4. De deelnemer beseft dat een gebeurtenis en/of het
    impact ken hebben op diverse betrokkenen in de samenleving, zoals het ervaren van
    ongelijke behandeling.
    B5. De deelnemer is zich bewust van mogelijke botsingen tussen de eigen
    opvattingen/waarden/referentiekaders en die van anderen.
    B6. De deelnemer is zich bewust van de (eigen) vooroordelen en stereotiepe beelden die er
    zijn over diverse (gestigmatiseerde) groepen.
    B7. De deelnemer ziet de mogelijke gevolgen van een bepaalde manier van politieoptreden:
    wat voor handelingen of reacties leiden tot meer (of minder) beheersbaarheid, tot meer (of
    minder) verbinding met burgers of tot betere (of slechtere) oplossingen van complexe
    situaties?
C. Vaardigheden
   De vaardigheden-leerdoelen hebben betrekking op deelnemers aan het volledige
   Cl. De deelnemer kan herkennen welke grondrechten en gelijke behandelingskwesties er
   spelen in praktijksituaties.
   C2. De deelnemer is in staat om te gaan met de verschillende reacties vanuit de samenleving
   op de situatie of op het optreden van de politie. De deelnemer staat open voor andere
   gezichtspunten en kan accepteren dat anderen anders kunnen denken en handelen. De
   diversiteit aan perspectieven, ook binnen de politieorganisatie, kan de deelnemer aanvaarden
   en hij/zij ken in de omgang met andersdenkenden eventuele weerstand bij zichzelf herkennen.
   Hierbij is de deelnemer tegelijkertijd in staat de eigenheid bewaren.
   C3. De deelnemer kan een eigen oordeel vormen over een complex dilemma in de pluriforme
   samenleving. De deelnemer is in staat om met collega's te discussieren over diversiteit en
   dilemma's in de samenleving en te reflecteren op eerdere ervaringen in het politiewerk. Hij/zij
   ken, waar nodig, een collega aanspreken over diens gedrag.
   C4. De deelnemer kan beargumenteren welke keuzes de politie maakt in geval van botsende
   belangen waarbij grondrechten in het geding zijn. De deelnemer kan het verschil aangeven
   tussen het waarom van beslissingen en het politieoptreden in de ene casus versus
   beslissingen en handelingen in een andere casus.
   05. De deelnemer ken mogelijke oplossingsrichtingen voor complexe situaties bedenken en
   daarbij de mogelijke korte en lange termijn effecten meenemen. Hij/zij kan met collega's
   kennis delen over handelingsopties voor de politieprofessional en over aandachtspunten bij
   het optreden in geval van dilemma's.
   06, De deelnemer kan het belang van grondrechten overbrengen (naar burgers in de
   samenleving) en kan de rol van de politie en haar optreden toelichten. Hij/zij is goed in staat
   eventuele afwijkingen te beargumenteren (comply or explain").
   C7. De deelnemer ken de eigen persoonlijke opvattingen verwoorden en vergelijken met de
   persoonlijke opvattingen van anderen, zowel van burgers als van collega's. De deelnemer kan
   de eigen persoonlijke opvattingen/waarden/keuzes los zien van de taakuitvoering en de
   keuzes die de politie als wetshandhaver maakt.
   C8. De deelnemer kan (de eigen) vooroordelen en stereotiepe beelden van
   (gestigmatiseerde) groepen herkennen en kan deze bij beslissingen of bij de taakuitvoering (in
    de praktijk) buiten beschouwing laten.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 40 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 41 ======================================================================

<pre>                                                                             N . B. Dit is een levend werkdocument
                                                                                                   versie 22Juli2013
Het programma omvat diverse onderwerpen. Voor de taken en de uitvoering gelden voor de politie
wettelijke kaders. Zo dient de politieprofessional in haar optreden gelijke behandeling en andere
grondrechten in acht te nemen. Het discussieprogramma, de onderwerpen en de bijbehorende
filmclips sluiten nauw aan bij de vereiste grondhoudingen van de politieprofessional zoals beschreven
in de Koers 2015 van het LECD. Daarnaast past het programma bij de stimulerende rol van de
leidinggevende hierbij.
     Acceptatie van anders denken en handelen
         Het gaat hierbij o.a. om dat discriminatiebestrijding zowel buiten als binnen de organisatie
         gewenst is en dat respect een voorwaarde is om tot verdere groei te komen van mens en
         organisatie.
         •    Het trainingsprogramma 'De samenleving(b)en jij!' laat de diversiteit van de samenleving
              zien. Mensen zijn verschil/end en kunnen dus ook anders denken en handelen. De
              discussie onderling maakt zichtbaar dat collega's bij de politie een bepaalde situatie
              wellicht niet altijd hetzelfde interpreteren. Met een aantal werkvormen kan de
              discussieleider de deelnemers op een veilige en respectvolle manier kennis laten maken
              met elkaars denkbeelden.
     Leren van en in de praktijk
        Het gaat hierbij 0e. om reflectie op het handelen, een onderzoekende aanpak, het delen van
        inzichten met anderen en de aansluiting bij de steeds veranderende omgeving met het doel
        te blijven leren.
        •    Het trainingsprogramma 'De samenleving(b)en fL11' sluit aan bij het lerend vermogen van
             de politie. Er is geen goed of fout in het kiezen van een grondrecht of een ander, maar we
             kunnen leren van onze praktijkervaringen, De wettelijke kaders geven niet aan hoe ter
             plekke te reageren op een situatie. Na afloop van een gebeurtenis kunnen de deelnemers
             verbeterpunten wat betreft het politieoptreden bespreken. Wat zijn de positieve en
             negatieve effecten van de manier van ingrijpen? In welke omstandigheden/context zou je
             anders ingrijpen? Wat zijn de mogelijke (lange termijn) gevolgen, bijv in normal/eve zin?
             Waar het in deze training echter niet om gaat is te verzanden in een discussie of er al dan
             niet juist gehandeld is, maar om te leren van een gebeurtenis en daarmee het vermogen
             om te leren van de praktijk te vergroten.
     Handelen vanuit eigen kracht.
        Het gaat hierbij om o.a. dat politieprofessionals vanuit hun eigen kracht kunnen handelen in
        complexe situaties, zowel intern als extern, dat men over zelfinzicht beschikt, een open
        houding heeft, open staat voor feedback en dat politieprofessionals het lef hebben dilemma's
        en gedrag bespreekbaar te maken en tegenspraak te geven.
             Het trainingsprogramma 'De samenleving(b)en jij!' toont uitdagingen die het politiewerk
             met zich brengt. Tijdens de discussies kunnen de collega's elkaar feedback geven en
              d ilemma's bespreekbaar maken. Het is van belang dat alle politieprofessionals in staat
             zijn te reflecteren op het eigen handelen. Het programma draagt bij aan de
              onderzoekende houding. De professional zal hierdoor de eigen kracht leren herkennen en
             gebruiken.
     Stimuleren en faciliteren
        Het gaat hierbij 0e. om dat leidinggevenden hun medewerkers stimuleren zelf meer
        verantwoordelijkheid te dragen, dilemma's en gedrag bespreekbaar maken en het gesprek
        binnen en buiten de politieorganisatie faciliteren.
         •    Het trainingsprogramma 'De samenleving(b)en jij!' heeft onder andere ten doel om de
              normatieve oordeelsvorming hij individuele professionals te stimuleren. Leidinggevende
              kunnen het programma gebruiken om dilemma's rondom de diversiteit van de
                                                                                                                  4
</pre>

====================================================================== Einde pagina 41 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 42 ======================================================================

<pre>                                                                          N. B. Dit is een levend werkdocument
                                                                                               versie 22juli2013
               samenleving in het team bespreekbaar te maken De discussiepunten omvatten ook het
               nadenken over de eigen mening over een zaak of thematiek en stimuleren professionals
 Relatieniveaus
 Ieder onderwerp heeft betrekking op een van de volgende vier relatieniveaus:
     I burger> burger (BUR> BUR)
     2, burger> politie (BUR > POL)
     3. politie > politie (POL> POL)
     4. politie> burger (POL> BUR)
Alle vier niveaus komen aan bod in de filmreeks,
De onderwerpen van de filmclips
    1,   ETHNIC PROFILING & PREVENTIEVE CONTROLES                             POL> BUR
    2. WEGPESTEN VAN HOMOSEKSUELE OF LESBISCHE                                BUR> BUR
         STELLEtL              -                                                                 -              -
    3. SCHELDPARTIJEN RICHTING DE POLITIEPROFESSIONAL                        BUR> POL
    4. MEEVAREN TIJDENS DE GAYPRIDE IN UNIFORM                                POL> POL (of BUR> POL)
    5. DISCRIMINERENDE OPMERKINGEN OP INTERNET & SOCIAL                      BUR> BUR (of POL> BUR)
         MEDIA
    6. PESTEN VAN COLLEGA'S OP DE POLITIE-WERKVLOER                          POL> POL
voor rijmpje (en ö Kiezen we twee van oe voigeriaeonaerwerpen
    I. JONGEREN & DEURBELEID HORECA                                          BUR> BUR (of BUR> POL)
         en/of
    2. GROEPSCONFLICTEN IN DE WIJK                                           BUR> BUR (of POL> BUR)
         (komt ook aan bod bij de discussie nay WEGPESTEN VAN
         HOMOSEKSUELE OF LESBISCHE STELLEN)
         en/of
    3. VOOROORDELEN OVER DE POLITIE                                          BUR> POL
         (komt ook aan bod bij de discussie nay SCHELDPARTIJEN
         RICHTING DE POLITIEPROFESSIONAL)
         en/of
    4. DISCRIMINERENDE VERZOEKEN VAN BURGERS                                  BUR> POL
         (komt ook aan bod bij de discussie nay SCHELDPARTIJEN
         RICHTING DE POLITIEPROFESSIONAL)
         en/of
    5, PREVENTIEF FOUILLEREN VAN JONGEREN                                     POL> BUR
          (komt ook aan bod bij de discussie nay ETHNIC PROFILING &
          PREVENTIEVE CONTROLES)
          en/of
     6. HULPVERLENING AAN MENSEN ZONDER GELDIGE                               POL> BUR
          VERBLIJFSPAPIEREN
                                                                                                              5
</pre>

====================================================================== Einde pagina 42 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 43 ======================================================================

<pre>                                                                              N.B. Dit is een levend werkdocument
                                                                                                  versie 22juli2013
  Casuïstiek (in de film)
  Het filmpje gaat over I concrete waargebeurde casus uit de praktijk. Een casus waarover filmbeelden
 zijn gemaakt voor bijvoorbeeld documentaires of actualiteitenprogramma's. Indien beschikbaar,
 komen er in iedere film ook beelden met reacties uit de samenleving, die van burgers,
 vertegenwoordigers en maatschappelijke organisaties.
 Stellingen (in de film)
 De filmclip bevat twee stellingen over de waargebeurde casus die het dilemma's zichtbaar maken.
 Kort na het begin van de film verschijnt een algemenestelijngangaande de (maa tschappelijke)
 problematiek van de casus, en aan het einde van de film een stelling over de rol/taakuitvoering van de
 ppjie bij de getoonde casus.
 De getoonde stellingen kennen geen eenduidige uitkomst, geen goed of fout antwoord, er bestaan
zowel argumenten voor als argumenten tegen. Kenmerken van de stellingen zijn:
          •   Stelling over de waargebeurde casus in de filmclip.
          o
              Concreet
          •   Zo kort mogelijk
          •   Gesloten stelling met antwoord: ja/nee, eens/onees.
              Geen ontkenning
          •   Geen vage woorden als 'zomaar',
          •   Zelfverklarend: zonder docent moet de stelling ook duidelijk zijn.
Discussiepunten (nay de film, in de handleiding)
In de verdere discussie kunnen deelnemers aan de hand van de waargebeurde casus vergelijkbare
gevallen bespreken en kunnen ze de bredere kwestie en andere aspecten bediscussiëren. Een lijst
met discussiepunten komt in de bijgeleverde handleiding.
Waarden & grond houdingen
De discussiepunten kunnen relateren aan de beroepscode. De missie van de Nederlandse politie
('Waakzaam en dienstbaar staat de politie voor de waarden van de rechtsstaat') kent zeven
bijbehorende waarden die zijn vermeld in de beroepscode Blauw (I. Respect, 2, Transparantie, 3.
Verantwoordelijkheid, 4. Betrokkenheid, 5. Betrouwbaarheid, 6, Rechtvaardigheid, 7. Balans). Let Op,
Nieuwe beroepscode omvat 4 waarden,
In de discussie wordt gerefereerd aan de grondhoudingen in de Koers 2015: Acceptatie van anders
denken en handelen, Leren van en In de praktijk, Handelen vanuit eigen kracht En in geval van
leidinggevenden die deelnemen aan de discussie: Stimuleren en faciliteren
 Rechtshandhaving & rol van de politie
 Bij elke casus kunnen de specifieke aspecten van rechtshandhaving aan de orde komen. De
 algemene vraag is: op welke wijze moeten we rekening houden met de strafrechtelijke aanpak of met
 het waarborgen van de getijkebehandelinsgwetgeving? Hoe kunnen we het beste aangiftes van
 discriminatie afhandelen? Wat ZOLI een goede preventieve aanpak zijn om toekomstige gevallen van
 ongelijke behandeling te voorkomen? Wat is de rol van de politie?
                                                                                                                  on
</pre>

====================================================================== Einde pagina 43 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 44 ======================================================================

<pre>                                                                                 N .B. Dit is een levend werkdocument
                                                                                                      versie 22juli2013
       t ETHNIC PROFILING & PREVENTIEVE CONTROLES
  Politiewerk vereist actiegericht handelen, Het snel kunnen inschatten van een situatie op gevaar of
  mogelijke overtredingen van de wet is essentieel. Het behalen van resultaat staat veelal centraal. Bij
 proactieve of preventieve controles kunnen stereotiepe beelden (ongewild) een rol spelen. Alert zijn
 op deze beelden en in staat zijn om ze te toetsen aan do werkelijke situatie kan lastig zijn, met name
 wanneer er korte tijd is voor het nemen van beslissingen om wel of niet in te grijpen. De filmclip toont
 de uitdaging die proactieve controles met zich meebrengen. Aan bod in het filmpje komt zowel het
 belang van de politie om overlast te voorkomen of op te treden tegen wetsovertredingen als de
 ervaringen van burgers met (vermeende) discriminatie. Werktitel: Aan de kant!
Casuïstiek (in de film)
Het mediabureau die de film gaat produceren zal op zoek gaan naar egschikt beeldmateriaal in de
archieven van nieuwsuitzendingen en dergelijke. Hieronder volgt een aantal suggesties van casussen.
1. Controles Amsterdam Zuid-Oost (mooie auto's en bestuurders van andere origine)
2. Er is in de Bijimer een opname gemaakt van jongeren die aan het woord komen hierover
?. _rnty heeft een filmproject rondom ethnic profiling.                                               -         -
4. Een student gaat bij een jachtopzichter kijken, deze gebruikt zijn wapen bij een confrontatie met
      de stropers (die hij 'kent', uit het woonwagenkamp). De student zegt dat dit niet zijn bevoegdheid
     is. De opzichter zegt dat hij zelf veel ervaring met deze lui heeft.
5. Controle Poolse busjes
6. ?
Links:
http://niycityrealworlcl.org!
Stellingen (in de filmclip)
De filmclip toont in beeld stellingen over de casuistiek die dedilemma's zichtbaar maken. Hieronder
volgt een aantal suggesties voor deze stellingen.
Suggestie stelling I (algemene stelling over de casus zelf):
     De politie Is neutraal en heeft geen vooroordelen.
Suggestie stelling 2 (stelling over de taak(uitvoering) van de politie):
     Het is inefficiënt om iedereen aselect te controleren.
Andere suggesties:
     Iedere groep heeft evenveel kans om gecontorleerd te worden.
      Deze werkwijze is gebaseerd op feiten.
     Een politieprofessional moet volledig vertrouwen op zijn intuïtie.
•     Gezien de statistieken moet de politie zich concentreren op bepaalde groepen.
o
      Beeldvorming beïnvloedt hot inschattingsvermogen van een politieprofessional.
•      Politieprofessionals zijn zo getraind dat ze zich niet laten leiden door stereotypen
      Vooroordelen kun je in je werk niet tegenhouden
•      Politieprofessionals letten alleen op verdacht gedrag en nooit op afkomst of huidskleur
o     De negatieve ervaring met bepaalde groepen leidt ertoe dat de politie mensen uit die groep ten
      onrechte aan de kent zet.
•     Bij proactieve controles is het onvermijdelijk en nuttig om bepaalde groepen aan de kent worden
      te zetten.
 o    Wet vind jij: is dit professioneel gedrag?
</pre>

====================================================================== Einde pagina 44 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 45 ======================================================================

<pre>                                                                              N .B. Dit is en levend werkdocument
                                                                                                  versie 22juli2013
 Discussiepunten (in de handleiding)
 Na afloop start de discussie met behulp van diverse werkvormen (deze staan omschreven in de
 gebruikshandleiding). De discussie wordt breder getrokken dan alleen de casuistiek en de stellingen
 die de film toont. In                              zullbangTkediUSiuTteflStaanWaarmede
 begeleider de discussie kan stimuleren of breder trekken, Hieronder volgt een aantal suggesties van
 discussiepunten.
 Uitvoerend niveau
 De uitdaging is om bij controles zich niet te laten leiden door stereotiepe beelden, statistieken en door
 eerdere ervaringen met mensen uit bepaalde groepen. De focus moet liggen op het verdachte gedrag
 van burgers en niet op het uiterlijk. De uitdaging is om serieus en goed om te gaan met
discriminatieklachten van burgers die gecontroleerd worden, en tegelijkertijd de controleactiviteiten
voort te zetten. Hoe omgaan met formele aangiftes van discriminatie. De uitdaging is de
persoonsgegevens te beschermen bij controles, privacy te waarborgen en zorgvuldig beschikbare
informatie, zoals gegevens in mutaties, te gebruiken, vast te leggen en te verstrekken. Hoe moet ik
me wapenen tegen de vooroordelen die in mijn werk ins/u/pen, gezien het feit dat je mie werk vaak te
maken hebt met 'probleem groepen? Dan is het makkelijk om in de box te denken. Hoe houd Ik me
neutraal, op het moment dat de anderen optreden tegen mijn gedachten in over de bepaalde
groeperingen? Is het belangrijker om je mening te onderstrepen of meegaand te zijn, als dit voordelen
schept? Hoe kunnen we een onderzoekende houding aannemen en tegelijkertijd toch actiegericht
handelen? Hoe gaan we op verantwoorde wijze om met beschikbare informatie en profielen van
mogelijke daders? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat stereotiepe beelden geen of minder een rol
Leidinqpevend niveau
Wat is bekend over de effectiviteit van proactieve controles? In hoeverre kunnen we zorgvuldig
omgaan met data over burgers? In hoeverre kunnen de proactieve of preventieve controles aselect
worden uitgevoerd? Wat is de mogelijke impact op burgers die (constant) gecontroleerd worden? De
uitdaging is om bij herhaalde controles in bepaalde buurten of plekken, de verbinding met de
buurtbewoners en specifieke gemeenschappen te behouden. Deze uitdaging speelt bijvoorbeeld ook
bij preventief fouilleren van hangjongeren. De uitdaging is om suspect description waarbij een profiel
wordt gemaakt van een mogelijke verdachte los te koppelen van afgaan op profielen bij proactieve
controles. Hoe gaan we goed om met klachten van burgers over discriminatie bij selectie of klachten
over onheuse bejegening tijdens de uitvoering?
Aanverwante onderwerpen
Preventief fouilleren & de botsing met privacy. Imago van de politie besproken worden, dat leeft onder
bepaalde groepen (jongeren uit) etnische minderheidsgroepen.
Bestaand trainingsmateriaal & filmclips
o Leermiddel Diversiteitsdilemma's' filmpje Verkeerscontrole. Ingezonden brief van vader over
     controles bij zijn twee zoons. (bevat de impact op de vader, reactie vd journalist vd krant,,
     korpschef)
</pre>

====================================================================== Einde pagina 45 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 46 ======================================================================

<pre>De rest van dit document valt niet onder de reikwijdte van het verzoek
               nu dit niet ziet op selectiemechanismen.
</pre>

====================================================================== Einde pagina 46 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 47 ======================================================================

<pre> Korte opmerkingen Selectiemechanismen / SDR dd. 5 seppember 2013
 Aanwezigen:
 Algemeen
        richten op het individu
     o  opwaarderende manier
     o  leren op de werkplek
     o  keep it short and simple
     o  hoe betrekken we de bevolking erbij
    o   wat merken zij van het (gewijzigde) optreden
Controles
    Q   vrij vs gericht
    o  statisch vs dynamisch
    °  preventief fouilleren
Voortgang
       beschrijvinghuidigesituatie -----
    o  beschrijving gewenste situatie
   • wat te toen / wat te beïnvloeden
Doel
   •   anti ethnic profiling
       hogere effecticviteit
Methoden
       c-learning
       posters
   e   borging via PL's Handhaving
       gesprekstechnieken (leg uit wat je doet)
Volgord
    o  c-learning
       SDR + communicatietechnieken
    o  Controles met al het geleerde
Acties
                 kijkt naar dc onderzoeksvraag
           jJ nodigt                       uitnodigen (is gelukt)
    o         gaat gesprek aan met                    kijkt naar de onderzoeksvraag, denkt na
        over effectiviteitsmeting en PI :D
     °         neemt contact op met              over c-learning en met Communicatie over
        poster
 VV donderdag 26 september om 1300 uur
                                              --I--I--
</pre>

====================================================================== Einde pagina 47 =================================================================

<br><br>