<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>    NATURA 2000-GEBIED: 070 LINGEGEBIED & DieFDIjK-ZUID  VERSLAG VELDBEZOEK DD. 29 MEI 2017    Aanwezig namens Provincie:    Aanwezig namens Terreinbeheerder:    Overige aanwezigen:    Datum bezoek: 29 mei 2017    Doel   Het doel van het bezoek is na te gaan of de stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-  gebied Lingegebied & Diefdijk-Zuid zich ontwikkelen volgens verwachting, zoals is beschreven  in de PAS-gebiedsanalyse voor dit gebied. Dit in het licht van de voorgenomen maatregelen en  het te verwachten effect op omvang en kwaliteit van de habitattypen. Het veldbezoek beperkt  zich daarbij tot zichtbare ontwikkelingen en vormt een aanvulling op de overige monitoring  die in het gebied plaatsvindt.   Als voorbereiding op het veldbezoek is de gebiedsanalyse en het verslag van vorig jaar bestu-    deerd. Aan de beheerders is gevraagd eerder in het veld waargenomen signalen uit het veld-  bezoek in te brengen.    Bevindingen   Lingegebied & Diefdijk-Zuid is in eigendom van Stichting Het Zuid-Hollands Landschap en  Staatsbosbeheer. In 2016 zijn alleen Gelderse delen bezocht. Dit jaar lag de focus op het Zuid-  Hollandse deel, hoewel ook de Put van Bullee in Gelderland is bezocht. In het gebied is een  instandhoudingsdoelstelling geformuleerd voor de habitattypen Vochtig alluviaal bos  (H91EOA: zachthoutooibossen, -B: essen-iepenbossen en —C: beekbegeleidende bossen), Ruig-  ten en zomen met moerasspirea (H6430A) en Kalkmoerassen (H7230). Daarvan zijn de essen-  iepenbossen (H91E0B), beekbegeleidende bossen (H91EOC) en Kalkmoeras (H7230) als stik-  stofgevoelig aangegeven waardoor op deze habitattypen gefocust is bij het PAS-veldbezoek.  Op onderstaande kaart zijn de toponiemen opgenomen van de bezochte deelgebieden. De Put  van Bullee bevindt zich in de provincie Gelderland, de overige gebieden in Zuid-Holland.    Geconstateerd is dat op de habitattypekaart voor dit gebied nog relatief veel percelen als on-  bekend of zoekgebied zijn aangegeven. In het veld is waargenomen dat op een aantal locaties  in het gebied mogelijk habitattypen zich ontwikkelen of inmiddels al hebben ontwikkeld en is  er op enkele plekken discussie ontstaan over de afgrenzing van de verschillende veel op elkaar  gelijkende bostypen. Beide provincie hebben afgesproken om in 2018 gezamenlijk een vege-  tatiekartering voor het gebied uit te laten voeren. Op basis hiervan zal de habitattypenkaart  worden geactualiseerd.         0000000528</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>    Legenda  Looproute  == H6430A, Ruigten en zomen (moerasspirea)  (MMB 47230, Katkmoerassen  ‘BB 910A, Vochtige alluviate bossen (zachthoutooibossen)  HB 4191 £08, Vochtige alluviale bossen (essen-iepenbossen)  MME H91£0€, Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)  = 2GH6430A, Waarschijnliik Rulgten en zomen (moerasspirea)  [_J NATURA2000 grens         Vochtige alluviale bossen: beekbegeleidend bos (H91E0C)   In Zuid-Holland is dit type aanwezig in Nieuw Schaayk en De Waai. De locatie in Nieuw  Schaayk is bezocht. Dit bos is een voormalig populierenbos en werd tot 2000 extensief met  pony's beweid. Het bos bestaat nu uit es en populier. Vanaf 2000 is niet meer geveld. In de  winter staat het water tot aan het maaiveld. Langs de paden staat brede wespenorchis (me-  dedeling beheerder Stichting Het Zuid-Hollands Landschap). Door de extensieve beweiding  tot 2000, kreeg gewone es de kans om te verjongen. De essen staan er nu echter slecht bij  vanwege essentaksterfte. Zorgpunt is dat op termijn wanneer zowel de essen (vanwege es-  sentaksterfte, zie foto) als de populieren (vanwege ouderdom) achteruit gaan, ruigtekruiden  zoals braam gaan overheersen door de toename van lichtinval op de bosbodem. Aanwezigen  constateren dat het gewenst is om op basis van de in 2018 uit te voeren vegetatiekartering  te bezien of dit bos tot het habitattype beekbegeleidend bos (H91EOC) of essen-iepenbos  (H91E0B) gerekend moet worden.   Voor de beekbegeleidende bossen aan de westzijde van de Diefdijk staat een PAS-onder-  zoeksmaatregel opgenomen (MSa-d: uitvoeren ecohydrologisch onderzoek). Voor dit perceel  moet met dat onderzoek blijken wat belangrijke standplaatsfactoren en knelpunten zijn voor  dit bos. De beheerders onderschrijven de noodzaak van dit onderzoek en geven aan dat er  veel peilbuizen in het gebied staan, maar dat er geen totaaloverzicht is van deze buizen en  welke nog functioneren. Van belang is dat hier aandacht voor komt bij de uitvoering van het  hydrologische onderzoek. De eventuele herstelmaatregelen die uit het onderzoek voort-  vloeien, zijn gepland voor de 2° en 3° planperiode. Initiatiefnemer voor deze PAS-onder-  zoeksmaatregel is de provincie Gelderland.   Ten zuiden van het Wiel van Bassa is een vlak aangeduid als H9999 (habitattype nog onbe-  kend). Bij het veldbezoek is geconstateerd dat het hier mogelijk om het type Vochtig alluviaal  bos — subtype beekbegeleidend bos gaat (H91E0C). Op basis van de in 2018 uit te voeren ve-  getatiekartering zal hierover duidelijkheid moeten komen.         0000000529</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>                      Nd 7 3    Gevolgen van essentaksterfte in het beekbegeleidend bos in Nieuw Schaayk.    Vochtige alluviale bossen: essen-iepenbos (H91E0B) (habitattype niet in PAS opgenomen)  Dit type is aanwezig in Nieuw Schaayk en Vrouwenhuiswaard. Alleen de Vrouwenhuiswaard  is bezocht (in Nieuw Schaayk gaat het om een snipper). Uit de Gebiedsanalyse voor dit ge-  bied blijkt dat dit bos actueel en in de toekomst geen stikstofproblematiek kent. Hier zijn dan  ook geen PAS maatregelen voorzien.   Het bos bestaat uit voornamelijk gewone es ‚, zomereik en veel gewone vlier. Door een dichte  braambegroeiing aan de rand van het bos is de ondergroei dieper in het bos niet bekeken.  Het bos heeft een goed ontwikkelde zoomvegetatie met gelderse roos, meidoorn en slee-  doorn. Ook in dit bos laat essentaksterfte zijn sporen na, met name in het noordelijke deel.  Essen-iepenbos heeft als instandhoudingsdoelstelling behoud van kwaliteit. De vraag is of de  kwaliteit behouden blijft in de huidige situatie. Geconstateerd is dat er een diepe, brede  sloot rondom het bos loopt (zie foto), mogelijk dat het bos hierdoor verdroogd is. Aanbevo-  len wordt om in het kader van het beheerplan te onderzoeken welk effect deze sloot heeft  op de kwaliteiten van het bos.    In het zuidoosten is op één plek hout- en maaiafval in het bos gedeponeerd, dit is ongewenst  in dit habitattype. In het op te stellen handhavingsplan kan aan dit onderwerp aandacht ge-  geven worden.             oee Dt Ea  . . ate ie fy . va Star ue  vel Sea ate BS et AAS WER YF fe cbse, Tg SS  rear Rn ER EEL Beton oe    Sloot rondom essen-iepenbos in Vrouwenhuiswaar:                         i  %  a           0000000530</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>    Kalkmoeras (H7230)   Dit habitattype is aangewezen in de Put van Bullee in het Gelderse deel van het Natura 2000-  gebied. Vorig jaar was een aandachtspunt dat het gebied niet gemaaid was vanwege te natte  terreinomstandigheden, waardoor er veel elzenopslag en overstaand riet was. Tijdens dit  veldbezoek is gezien dat er intussen weer is gemaaid en de elzenopslag en het riet terugge-  drongen is. Op het perceel nieuwe natuur dat 10 jaar geleden is ingericht aansluitend aan de  oorspronkelijke Put van Bullee komt een groot deel van de soorten van het kalkmoeras voor.  Zoals in de gebiedsanalyse is beschreven, heeft het gebied last van verdroging. Dit uit zich  onder andere in een afname van vleeskleurige orchis en rietorchis (indruk beheerder Staats-  bosbeheer). Om de verdroging tegen te gaan, is in de gebiedsanalyse een hydrologische  maatregel opgenomen (M1: opheffen verdroging - verondiepen of dempen waterloop noor-  delijk van Put van Bullee). De beheerder heeft twijfels of deze maatregel voldoende bijdraagt  aan herstel van het kalkmoeras. Dit dient nader onderzocht te worden.    Overige bevindingen   Tijdens het veldbezoek is tevens Oud Schaayk bezocht. Dit gebied wordt beheerd door Stich-  ting Het Zuid-Hollands Landschap en bestaat voornamelijk uit soortenrijke graslanden en (in-  actieve en actieve) grienden die zijn aangewezen als zachthoutooibossen (H91EOA) (niet stik-  stofgevoelig). De vraag die naar voren komt is of hier nog vegetaties aanwezig zijn die als ha-  bitattype kwalificeren. De voorgenomen vegetatiekartering in 2018 van het Natura 2000-ge-  bied zal hier inzicht in geven. Een overweging is om in het kader van de realisering van de  doelen uit het beheerplan het hydrologisch onderzoek naar het Vochtig alluviaal bos  (H91E0C) uit te breiden, zodat tevens inzicht kan worden gekregen in de potenties van de  graslandvegetaties.    Het habitattype kalkmoeras heeft een uitbreidingsdoelstelling. Ten zuiden van het Wiel van  Bassa is ruim twee jaar geleden een perceel ingericht waarna er een vegetatie met soorten    van het kalkmoeras tot ontwikkeling kwam. Tijdens het veldbezoek is geconstateerd dat er na  twee jaar een soortenrijke vegetatie is ontwikkeld, maar dat deze vegetatie dermate produc-  tief is dat doorontwikkeling naar kalkmoeras onwaarschijnlijk lijkt.    Conclusies 2017   De ontwikkeling van de stikstofgevoelige habitattypen in het Natura 2000-gebied Lingegebied  & Diefdijk-Zuid verloopt zoals in de PAS-gebiedsanalyse beschreven is. Een punt van aandacht  vormt de sterfte van gewone es als gevolg van essentaksterfte. In een volgend veldbezoek zal  hieraan opnieuw aandacht besteed moeten worden en bezien moeten worden of maatregelen  nodig zijn.    Uit het veldbezoek zijn de volgende aandachtspunten en aanbevelingen naar voren gekomen:  e _PAS-onderzoeksmaatregel M5Sa-d (hydrologisch onderzoek beekbegeleidende bos-   sen): de uitvoering van deze maatregel ligt bij provincie Gelderland, zij gaat na wat  de stand van zaken is omtrent dit onderzoek. Een overweging is om Oud Schaayk  eveneens mee te nemen in het onderzoek, om de potenties van de graslanden en de  bossen daar te verkennen.  De kwaliteit van zowel het beekbegeleidende bos als het essen-iepenbos kan moge-  lijk onder druk komen te staan vanwege essentaksterfte. Dit is een aandachtspunt  voor het veldbezoek van volgend jaar.  In Vrouwenhuiswaard heeft de watergang die rondom het essen-iepenbos loopt mo-  gelijk een verdrogend effect. Overweging is om dit te onderzoeken in het kader van  de realisatie van het beheerplan. Het betreft geen plek met een stikstofoverbelasting  van het aanwezige essen-iepenbos.  In het zuidoosten van het bosperceel in de Vrouwenhuiswaard is houtafval gedumpt.  Dit verdient aandacht in het nog op te stellen handhavingsplan.         0000000531</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>    Voor het kalkmoeras in de Put van Bullee blijft verdroging een zorgpunt en het is van  belang dat hydrologische herstelmaatregelen verder worden verkend (MSa-a en  MS5a-b). De beheerder uit zijn twijfels over of het effect van maatregel M1 voldoende  zal zijn om de verdroging tegen te gaan.   Een vegetatiekartering van het hele Natura 2000-gebied is van belang om de habitat-  typenkaart te actualiseren en om te checken of er aanvullende habitattypen kunnen    worden aangewezen (bv. graslanden Oud Schaayk).    Bevindingen 2016 en stand van zaken n.a.v. veldbezoek 2017  e 2016: Aandacht voor beheer kalkmoeras in Put van Bullee (kon niet gemaaid worden  in 2015 wegens te natte terreinomstandigheden)  2017: Inmiddels is er wel weer gemaaid, het vegetatiebeheer ziet er goed uit.         Dit verslag is vastgesteld door:    Handtekening Handtekening    (datum) (datum)    0000000532</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>