<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>    NATURA 2000-GEBIED: 060 STELKAMPSVELD  VERSLAG VELDBEZOEK DD. 6 JUNI 2017    Aanwezig namens Provincie:  Aanwezig namens Terreinbeheerder:    Overige aanwezigen:    Datum bezoek: 6 juni 2017    Doel   Het jaarlijkse veldbezoek is in het kader van de PAS uitgevoerd om de vinger aan de pols te  houden m.b.t. zichtbare ontwikkelingen. Centraal staat daarbij de vraag of er ontwikkelingen  zijn die afwijken van datgene waar in de gebiedsanalyse van uit is gegaan.   Als voorbereiding op het veldbezoek zijn de gebiedsanalyse en het verslag van vorig jaar be-  studeerd. Aan de beheerders is gevraagd eerder in het veld waargenomen signalen bij het  veldbezoek in te brengen.    Bevindingen  In het Stelkampsveld is nog altijd veel reliëf aanwezig waarlangs zich gradiënten bevinden van    basenarm/droog naar matig basenrijk/nat. Op deze gradiënt zijn de volgende habitattypen  gerangschikt: droge heide (H4030), vochtige heide (H4010A) en pioniervegetatie met snavel-  biezen (H7150), heischraal grasland (H6230), blauwgrasland (H6410) en vochtig alluviaal bos  (H91E0C), kalkmoeras (H7230) en zwakgebufferd ven (H3130). Deze habitattypen zijn tijdens  het veldbezoek alle waargenomen. Dit jaar zijn naast de nu aanwezige habitattypen ook ge-  plande inrichtingsmaatregelen bekeken in de percelen waar habitattypen ontwikkeld moeten  worden. Hieronder is op kaart de looproute aangeduid met een zwarte lijn. De bezochte lo-  caties die in het verslag aan bod komen, zijn op de kaart aangegeven met hoofdletters.         Ste ker 2    Legenda  — Looproute  H3130, Zwakgebufferde vennen  EN H4010A. Vochtige heiden (hogere zandgronden)  H4030, Droge heiden  H6230, Heischrale graslanden  7 Tat H6410, Blauwgraslanden  EN 7150. Pioniervegetaties met snavelbiezen  En : BBE H7230, Kalkmoerassen  ' Ta oo … EEN #21 EOC. Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)  anker ie LL] NATURA2000 grens         0000000544</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>    Status van de habitattypen   De genoemde habitattypen komen voor in een gradiënt waarbij, net als in 2016, het geheel  is bekeken en niet elk habitattype afzonderlijk. De conclusies met betrekking tot de kwaliteit  van de habitattypen zijn gelijk aan die van vorig jaar:   e De habitattypen kunnen zich langs de gradiënt verplaatsen bij verslechtering van de  condities, waardoor eventuele achteruitgang van areaal en kwaliteit niet direct in  het oog springt.   Er is een hydrologisch herstelplan in voorbereiding. Aanvulling in 2017 is dat het wa-  terschap momenteel bezig is met een nulmeting van het watersysteem. De maatre-  gelen zullen over enkele jaren (rond 2020) worden uitgevoerd.   Inrichting van nieuwe natuur (ten behoeve van de uitbreiding van de habitattypen)  kan vooralsnog beperkt plaats vinden, om de zaadvoorraad in de bodem niet uit te  putten voordat de hydrologische condities op orde zijn.    Daarnaast zijner op basis van het veldbezoek van 2017 de volgende bevindingen, deze zijn in  lijn met de bevindingen van de PAS-gebiedsanalyse.    Het ven in het noordoosten (Litorellaven, A) dat op de habitattypekaart staat vermeld als  habitattype zwak gebufferd ven (H3130) staat onder invloed van verzuring. De nog uit te voe-  ren hydrologische herstelmaatregelen moeten gaan zorgen voor een grotere toevoer van ba-  sen, waardoor het habitattype weer in kwaliteit toeneemt. Lokale maatregelen zoals het ver-  wijderen van bos (is al gebeurd) dragen hier ook aan bij. Het is van belang om een vinger aan  de pols te houden of de ontwikkeling na de hydrologische maatregelen richting zwak gebuf-  ferd ven van betere kwaliteit gaat. Mogelijk is een greppel/slenk noodzakelijk voor het afvoe-  ren van de regenwaterlens.   Verder staat op Stelkampsveld (ss) de oppervlakte en kwaliteit van heischraal grasland  (H6230), blauwgrasland (H6410) en kalkmoeras (7230) nog onder druk (zoals beschreven in  de gebiedsanalyse), ook voor deze habitattypen zullen de voorziene hydrologische herstel-  maatregelen tot verbetering moeten leiden.   Het habitattype vochtige alluviale bos (H91EOC) in meer detail bekeken dan tijdens het veld-  bezoek in 2016 (B). De kwaliteit van het bos is matig tot goed (natte maar ook verdroogde  delen). In de natste delen staan geen ruigtesoorten. De watergang die door het bos loopt (zie  foto), wordt bij uitvoering van de hydrologische maatregelen (M1) verondiept. In de PAS-ge-  biedsanalyse staat verondieping tot 30 cm-mv genoemd, echter moet uit de uitwerking van  deze maatregel nog blijken welke aanpak het meest gunstig is voor de habitattypen. Het aan-  pakken van deze watergang dient plaats te vinden samen met de andere hydrologische maat-  regelen. Eerdere uitvoering kan leiden tot stagnatie van regenwater in het bos en ook stroom-  opwaarts gelegen percelen en is onwenselijk.         0000000545</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>    MEE    Sloot die door het Vochtige alluviale bos loopt.    Het habitattype blauwgrasland (H6410) in het westen van het Stelkampsveld (Entelsveld, C)  is nu matig ontwikkeld (rompgmeenschap met grote wederik). Ten westen hiervan, net bui-  ten het Natura 2000-gebied, is uitbreiding van blauwgrasland gepland. In combinatie met de  hydrologische herstelmaatregelen en het verwijderen van de tussengelegen singel zal deze  uitbreiding ook leiden tot verbetering van de kwaliteit van het bestaande blauwgrastand bin-  nen de Natura-2000 begrenzing. Uit recente boringen door de provincie is gebleken dat deze  nieuwe percelen zeer kansrijk zijn voor de ontwikkeling van blauwgrasland en kalkmoeras.    De habitattypen in het zuiden (Maandagsdijk Noord, D) profiteren van de hier gedempte wa-  tergang (15-20 jaar geleden). De vegetatie ontwikkelt zich goed, de kwaliteit neemt toe. Er  zijn bij het veldbezoek naast veel gevlekte orchissen en welriekende nachtorchissen onder  andere moeraswespenorchissen waargenomen. Momenteel ligt er nog een greppeltje om het  regenwater af te voeren. Mogelijk kan dit in de toekomst worden verwijderd wanneer de  kweldruk op orde is na hydrologische herstelmaatregelen.    Status om te vormen & al omgevormde percelen   Behalve de bestaande habitattypen, zijn tevens de percelen bezocht die worden omgevormd  ten behoeve van de uitbreiding van habitattypen. Veel percelen waar nieuwe natuur ingericht  moet worden, zijn in het landbouwkundige verleden geëgaliseerd en zelfs liggen er hier en  daar begraven vennen, die weer hersteld kunnen worden.    Om deze potenties ten volle te benutten zal de bovengrond van een aantal percelen conform  de gebiedsanalyse worden afgegraven (M3). Zoals vorig jaar al is beschreven, betekent dat in         0000000546</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>         een enkel geval dat een ontwikkeling die nu al in gang is, wordt afgebroken. De huidige ont-  wikkeling levert weliswaar een bloemrijke vegetatie op, maar blokkeert de ontwikkeling van  goed ontwikkelde habitattypen.    Door de omvorming van diverse percelen met bos naar natuur (M4), zal het Stelkampsveld  een stuk opener worden. Communicatie hierover naar de omgeving is belangrijk. Het bos na-  bij de habitattypen in het westen (Entelsveld, C) is vier jaar geleden al gekapt. Daarbij is de  strooisellaag verwijderd en de bodem bekalkt. De vegetatie ontwikkelt zich in de richting van  droge en vochtige heide. Er is een bosrand met bijbehorende vegetatie en bovengrond blijven  liggen op de overgang van het voormalige bos naar de bestaande heide (zie foto), deze moet  nog worden verwijderd om de gradiënt volledig te herstellen (actie Staatsbosbeheer).          Bosrand op de overgang van gekapte bos naar de aangewezen habitattypen die nog moet  worden verwijderd.    De naaldbossen in het zuiden van het Natura 2000-gebied zullen voor een groot deel worden  gekapt ten behoeve van herstel van de lokale hydrologie, herstel van gradiënten, oppervlak-  tevergroting van habitattypen (vooral droge en natte heiden) en de verschillende heide- en  schraallandgedeelten met elkaar te verbinden. Een deel van dit bos staat op rabatten. Na het  kappen van de bomen, wordt het organisch materiaal van de rabatten en uit de rabatsloten  verwijderd, waarna de rabatsloten worden dichtgeschoven. In de natte delen wordt al het  bos verwijderd, in de droge delen blijft ruwweg 30% staan.    In het zuidoosten van het gebied zijn vier jaar geleden enkele percelen ingericht (Groene  Maat, E & zie foto) waar nog weinig soorten uit de gewenste vegetaties zijn gevestigd (zelfde  conclusie als vorig jaar). Het advies is om maaisel op te brengen van percelen met gewenste  vegetatietypen om de ontwikkeling te stimuleren (actie Staatsbosbeheer).         0000000547</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>         Ingerichte perceel in het zuidoosten waar nu nog weinig soorten van de gewenste vegetatie  voorkomen.    Conclusies  Conclusies 2017    De bosrand met bijbehorende vegetatie en bovengrond die is blijven liggen bij het  verwijderen van het bos in het westen (Entelsveld), moet nog worden verwijderd  zodat de gradiënt niet meer wordt onderbroken (actie Staatsbosbeheer).   Om de ontwikkeling van gewenste soorten te stimuleren bij al ingerichte perce-  len, dient maaisel te worden opgebracht vanuit een referentiegebied (actie  Staatsbosbeheer).   Van de greppeltjes nabij het zwak gebufferde ven in het noordoosten en het  blauwgrasland in het zuiden, dient na uitvoering van de hydrologische maatrege-  len te worden beoordeeld of ze moeten worden gedempt.    Bevindingen 2016 en stand van zaken n.a.v. veldbezoek 2017    2016: De ontwikkeling van de stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden in het  Natura 2000-gebied laat een beeld zien dat overeenkomt met de gebiedsanalyse.  De habitattypen staan onder druk. Lokaal zijn er negatieve verschijnselen en op  andere plekken positieve ontwikkelingen. De indruk bestaat dat overall geen ach-  teruitgang plaatsvindt.   2017: Deze conclusie blijft overeind.   2016: Voor het in gang zetten van positieve ontwikkelingen op wat grotere schaal  is een goede samenwerking nodig tussen Provincie, Staatsbosbeheer, Waterschap  en Natuurmonumenten. De Provincie is hierin verantwoordelijk voor de regie. Het  op tijd nemen van de hydrologische maatregelen is een kritische factor. Maatrege-  len die hierop volgen dienen voorbereid te worden om aansluitend snel uitgevoerd  te kunnen worden.   2017: Deze conclusie blijft overeind.   2016: Na het nemen van de hydrologische maatregelen is aandacht nodig voor slo-  ten die niet in de legger van het Waterschap zijn opgenomen.   2017: Deze conclusie blijft overeind.   2016: De Provincie moet beoordelen of het perceel van Natuurmonumenten aan  de noordzijde in het Gelders Natuurnetwerk opgenomen kan worden.   2017: De provincie is bezig met het inpassingsplan. De planning is om door GS het  ontwerp-bestemmingsplan eind dit jaar vast te laten stellen en het definitieve plan  door PS in het eerste kwartaal van 2018 (mededeling BN provincie  Gelderland).         0000000548</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 6 ======================================================================

<pre>    Dit verslag is vastgesteld door:    Handtekening Handtekening    (datum) (datum)    0000000549</pre>

====================================================================== Einde pagina 6 =================================================================

<br><br>