<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>    NATURA 2000-GEBIED: 070 LINGEGEBIED & DiEFDijK-ZUID  VERSLAG VELDBEZOEK DD. 15 MEI 2018    Aanwezig namens Provincie:  Aanwezig namens Terreinbeheerder:    Overige aanwezigen:    Datum bezoek: 15 mei 2018    Doel   Het jaarlijkse PAS-veldbezoek heeft als doel om de vinger aan de pols te houden m.b.t. zichtbare  ontwikkelingen van de stikstofgevoelige habitattypen in het Natura 2000-gebied. Centraal staat daar-  bij de vraag of er ontwikkelingen zijn die afwijken van datgene waar in de gebiedsanalyse van uit is  gegaan. Als voorbereiding op het veldbezoek is de beheerder gevraagd naar eerder waargenomen  signalen uit het veld. Daarnaast zijn de gebiedsanalyse en het verslag met aandachtspunten van vorig  jaar doorgenomen. in 2017 zijn gebieden van Zuid-Hollands landschap bezocht en aanvullend de Put  van Bullee (Staatsbosbeheer). Bij het veldbezoek van dit jaar (2018) zijn alleen gebieden in Gelderland  bezocht.    Bevindingen   Veegbesluit   De Minister van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) heeft recent een aanvullend aanwijzings  besluit (het veegbesluit) genomen voor 100 Natura 2000 gebieden in Nederland. In deze Natura    2000-gebieden kwamen ten tijde van de aanwijzing bepaalde habitattypen en soorten voor, waarvoor  in het aanwijzingsbesluit nog geen instandhoudingsdoelen waren geformuleerd. Het veegbesluit  herstelt deze situatie en formuleert voor de betreffende natuurwaarden nu ook instandhoudingsdoe-  len. Voor Lingegebied & Diefdijk-Zuid geldt dat op grand van dit veegbesluit voor de habitattypen  Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden (H3150}, Glanshaver- en vossenstaarthooilanden  {(H6510A (glanshaver) en H65108 (grote vossenstaart) instandhoudingsdoelen zijn toegevoegd.    Vegetatiekartering   In opdracht van Staatsbosbeheer, Provincie Gelderland en Zuid-Hollands Landschap wordt in 2018  door drie bureaus een vegetatiekartering uitgevoerd van het hele Natura 2000-gebied. Deze dient  onder andere om de huidige habitattypekaart te actualiseren. Zowel op de habitattypenkaart aange-  geven habitattypen en ZG-typen (zoekgebieden) als overige vegetaties die potenties hebben om zich  als habitattype te ontwikkelen, worden meegenomen. De ZG-typen op de habitattypenkaart betref-  fen gedeelten waarvan bij aanwijzing nog onvoldoende zeker was of het betreffende habitattype  daar voorkomt. Een H9999 code op de habitattypenkaart betekent dat onzeker is of/welk habitattype  voorkomt. Dit betreft voornamelijk bossen waarvoor nadere inventarisatie moet uitwijzen om welk  subtype Vochtige alluviale bossen het gaat: Zachthoutooibossen (H91EOA, niet stikstofgevoelig), Es-  sen-iepenbossen (H91E0B) of Beekbegeleidende bossen (H91E0C). Op basis van de kartering zal de  habitattypenkaart worden geactualiseerd. Op 9 mei heeft een gezamenlijk veldbezoek plaatsgevon-  den van karteerders en opdrachtgevers om de vegetatiekartering optimaal af te stemmen op de ge-  wenste actualisatie van de habitattypenkaart. De resultaten hiervan zijn kort besproken tijdens het  PAS-veldbezoek.    Status uitvoering PAS-maatregelen   Provincie Gelderland is samen met de terreinbeheerders bezig met het uitwerken van de (hydrolo-  gische) maatregelen M3b en M4. M3b verbeteren interne waterhuishouding Nieuwe Zuiderlingedijk  wordt door Staatsbosbeheer gedaan. M4 aanleg en inrichting hydrologische bufferzone (ten noorden    van het Natura 2000-gebied ter hoogte van de Nieuwe Zuiderlingedijk) pakt de provincie zelf met het         0000000571</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>          waterschap op. De uitvoering van het onderzoek naar kennisleemten ligt bij Staatsbosbeheer (M5a,a    effect uitgevoerde interne maatregelen in Put van Bullee op habitattype H7320). Vanwege twijfels of    maatregel M1 verondiepen of dempen water! noordelijk van Put van Bullee een geschikte en  effectieve maatregel is, wordt prioriteit gegeven aan de PAS-maatregel MS5g-g om de oorzaken van  verdroging van Kalkmoeras (H7230) te achterhalen.                                   Habitattypen  Alle stikstofgevoelige habitattypen zijn bezocht behalve de Essen-iepenbossen (H91E0B). Van alle  stikstofgevoelige habitattypen is de kwaliteit mondeling toegelicht door de beheerders. Op de habi-  tattypenkaart hieronder zijn de bezochte locaties aangegeven, die hieronder worden toegelicht: A.  Put van Bullee, B. Zoekgebied Glanshaverhooiland, C. Vochtig alluviaal bos (H9999, waarschijnlijk  H91E0C) met essentaksterfte en D. Asperense Waard.                               ~ $  . }                                     BRR 150 Meren metkrabbenscheer en fontemmud  GBB 64304 Rugten en zomen{ moerassprea)  ‘ MMB 65104 © Glansnaverncodanden (gianshaver)  GBM 65108 Glanshaverhoosanden grote vossenstaart)  B 47220 catumoeras  GB oacoa Vochtige alluwale bossen (zachthoutoobossen)  EB oteoe _ vochtige allunale bossen (esensepenbossen)  EAB oreoc vochtige allunale bossen (beekbegetenende bossen}  GHB 9999) Habitattype ondekend  HEEB 26164304 Zoekgebied Ruigten en zomen (moerassprea}  a | | ZGH6510A Zoekgebied Glanshaverhoodanden (glanshaver)  BBB 2cti65108 Zoekgebied Glanshaverhootanden grote vosserstaart)                                                                          Kalkm s (H7  Dit habitattype is aanwezig in de Put van Bullee (locatie A), bestaande uit het ‘oorspronkelijke’ kalk-  moeras en een aanliggend deel dat ca. 10 jaar geleden is ingericht. In het oorspronkelijke deel is een  aantal jaar geleden de bosrand flink teruggezet. De effecten op de vegetatie en waterstanden zijn  minder groot dan verwacht, de beheerder had een grotere populatie orchideeën verwacht. De vege-  tatie ontwikkelt zich en is te typeren als kalkmoeras (onder andere Associatie van Bonte paarden-  staart en Moeraswespenorchis, 09BBOS). Door het fijne reliëf in het gebied komt de vegetatie in een  mozaïekstructuur van vegetatietypen voor. Bij de vegetatiekartering die dit jaar wordt uitgevoerd,  worden deze verschillende vegetatietypen nauwkeurig in beeld gebracht. Het gebied wordt gevoed  door lokale kwel dat in de huidige situatie mogelijk te kort en/of onvoldoende aan maaiveld komt.  Van belang is om de juiste hydrologische maatregelen te nemen, hiervoor wordt eerst onderzocht  door Staatsbosbeheer hoe het gebied functioneert en met welke (hydrologische) knelpunten het  gebied te maken heeft (M5a,b Oorzaak verdroging en eventueel aanvullende herstelmaatr:  H7320 in Put van Bullee). Er wordt onder andere een Iteratio-analyse uitgevoerd. In het kalkmoeras  staat een aantal peilbuizen, waarvan sommige sinds 1,5 jaar niet meer wordt uitgelezen. Voor het  hydro-ecologisch onderzoek en de PAS-procesmonitoring zijn oude reeksen van belang, het is daarom  belangrijk dat deze peilbuizen weer in gebruik worden genomen.   Het gebied wordt jaarlijks gemaaid. In het ‘nieuwste’ deel van de Put van Bullee is veel opslag van els.  Tevens wordt jaarlijks een strook gespaard ten behoeve van structuurvariatie. De strook die dit jaar is                                                                                          0000000572</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>    gespaard bevat ook veel elsopslag. Dit is onwenselijk voor het Kalkmoeras maar ook voor Glansha-  verhooiland (H6510A) dat hier op hoger gelegen delen aanwezig is. Staatsbosbeheer overlegt intern  hoe het reguliere maaibeheer moet worden ingevuld om opslag tegen te gaan.    Vochtige alluviale bossen (H91E0B en —C)    De Essen-iepenbossen (H91E0B) en Beekbegeleidende bossen (H91E0C) komen verspreid voor in het  Natura 2000-gebied en zien er over het algemeen kwalitatief goed uit. Vorig jaar werd als aandachts-  punt genoemd dat de kwaliteit onder druk kan komen te staan vanwege essentaksterfte. In deze  twee bostypen heeft es maar een klein aandeel, waardoor het risico van essentaksterfte op de kwali-  teit van deze bossen beperkt is. Het bos op bezochte locatie C bestaat wel voor 80-90% uit gewone es  (zie foto). Dit bos (op de habitattypenkaart aangegeven als bos met onbekend habitattype, H9999) is  aangemeld voor kaalkap en staat bij Staatsbosbeheer op de wachtlijst. De elzen worden bij de kap  van de essen gespaard. Daarna wordt het gebied ingeplant met soorten die passen bij het habitatty-  pe. Dit wordt uitgewerkt door de landelijke werkgroep ‘'essentaksterfte’ binnen Staatsbosbeheer. Het  is van belang dat de werkgroep rekening houdt met de status van habitattype H91E0 op de locaties  waar opnieuw wordt ingeplant.    Het essenbos (H9999, waarschijnlijk H91EOC) dat is aangemeld voor kaalkap.    Glanshaverhooilanden (H6510A en -8)    In het Gelderse deel van het Natura 2000-gebied komt Glanshaverhooiland subtype glanshaver  (H6510A) voor rondom de Put van Bullee (zie eerder), langs de Nieuwe Zuiderlingedijk en in de As-  perense Waarden. Naast de Put van Bullee zijn de Asperense Waarden bezocht (locatie D & zie foto).  De kwaliteit van de vegetatie is in orde, maar er is winst te behalen. De biomassa is momenteel hoog.  Twee keer maaien in plaats van één keer biedt kansen om de verschraling te versnellen. Voorheen  werd pas na 15 juni gemaaid (na het broedseizoen). Volgens de ‘Koepelvisie graslanden’ (Staatsbos-  beheer) is de richtlijn half mei, zolang wordt gewerkt volgens de gedragscode. In een deel van het  glanshaverhooiland komt trosdravik voor. Dat suggereert dat deze vegetaties mogelijk kwalificeren  als Glanshaverhooiland subtype grote vossenstaart (H6510B). Uit de vegetatiekartering die dit jaar  wordt uitgevoerd, zal het onderscheid moeten blijken. Staatsbosbeheer geeft mee aan het bureau  dat de kartering uit gaat voeren dat concreet gelet moet worden op voorkomen van type A danwel  type B. Trosdravik bloeit vroeg in het jaar. Op basis van de vegetatiekartering kunnen bij het maaibe-  heer delen met Trosdravik worden uitgelint en gespaard, om te voorkomen dat deze soort uit de  vegetatie verdwijnt door het maaien op een voor deze soort ongunstig moment.    Tevens zijn verspreid door het Natura 2000-gebied zoekgebieden aangegeven voor type H6510A. Eén  locatie is bezocht (locatie B & zie foto). De zoekgebieden zullen tevens worden gekarteerd dit jaar. Op  basis daarvan wordt beoordeeld in hoeverre deze daadwerkelijk tot het habitattype behoren.         0000000573</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>    De biomassa van de vegetatie in het Glansha- Eén van de zoekgebieden voor Glanshaverhooi-  verhooiland (H6510A) in de Asperense Waarden land (H6510A en —B).  is momenteel hoog.    Conclusies  De ontwikkeling van de stikstofgevoelige habitattypen in het Natura 2000-gebied Lingegebied & Dief-  dijk-Zuid verloopt zoals in de PAS-gebiedsanalyse beschreven is. Wel zijn er de volgende aandachts-    punten geconstateerd:    Essentaksterfte blijft een punt van aandacht, al is het risico hiervan beperkt. Er worden  maatregelen genomen in de bossen die vooral uit gewone es bestaan. Bij het opnieuw in-  planten van geveld bos dat nu vooral uit es bestaat, is het van belang dat de werkgroep ‘es-  sentaksterfte’ binnen Staatsbosbeheer voor soorten kiest die binnen de aangewezen habi-  tattypen passen.   In het kalkmoeras staat een aantal peilbuizen dat sinds 1,5 jaar niet meer wordt uitgelezen.  Voor het hydro-ecologisch onderzoek en de PAS-procesmonitoring zijn oude reeksen van be-  lang, het is daarom belangrijk dat de peilbuizen weer in gebruik worden genomen. In het  monitoringsplan voor de PAS procesmonitoring is aangegeven welke buizen op welke loca-  ties dienen te worden ingericht.   Staatsbosbeheer spant zich in om via het reguliere maaibeheer in het Kalkmoeras de opslag  van els verder tegen te gaan. Hetzelfde geldt ook voor het beheer van de Glanshaverhooi-  tanden, om verschraling te versnellen.   Staatsbosbeheer geeft mee aan het bureau dat de vegetatiekartering doet om bij het  Glanshaverhooiland in de Asperense Waarden specifiek aandacht te hebben voor het voor-  komen van trosdravik. Dit is van belang om het onderscheid te kunnen maken tussen de  twee typen Glanshaverhooiland (H6S10A en H6510B).    Bevindingen 2017 en stand van zaken n.a.v. veldbezoek 2018  Alleen de relevante bevindingen zijn benoemd, dus niet de bevindingen die te maken hebben met de  gebiedsdelen in Zuid-Holland die in 2017 zijn bezocht.    2017: PAS-onderzoeksmaatregel M5a-d (hydrologisch onderzoek beekbegeleidende bossen):  de uitvoering van deze maatregel ligt bij provincie Gelderland, zij gaat na wat de stand van  zaken is omtrent dit onderzoek. Een overweging is om Oud Schaayk eveneens mee te nemen  in het onderzoek, om de potenties van de graslanden en de bossen daar te verkennen.   2018: Deze onderzoeksmaatregel heeft betrekking heeft op Diefdijk-west, is gecontracteerd  aan Staatsbosbeheer en die is bezig met de uitvoering ervan.   2017: De kwaliteit van zowel het beekbegeleidende bos als het essen-iepenbos kan mogelijk  onder druk komen te staan vanwege essentaksterfte.   2018: Het risico lijkt gering vanwege het beperkt aandeel essen in de bossen. Op een bezoch-  te locatie met bos dat bijna volledig bestaat uit es, worden alle essen gekapt en wordt het  bos opnieuw ingeplant met soorten die passen bij het desbetreffende habitattype.   2017: Voor het kalkmoeras in de Put van Bullee blijft verdroging een zorgpunt en het is van  belang dat hydrologische herstelmaatregelen verder worden verkend (MSa-a en MSa-b). De         0000000574</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 5 ======================================================================

<pre>         beheerder uit zijn tw‚‚feis over of het effect van maatregel M1 voldoenge zal zijn om de ver  droging tegen te gaan '   * 2018 de provincie heeft gesprekken gevoerd met eigenaren gelegen aan de te dempen sloot.  Geconstateerd is dat er drainage in de sloot ligt en de maatregel niet effectief is. Daarom   wordt allereerst prioriteit gegeven aan de andere PAS-maatrege! (M5a,a) waarbij een onder-  zoek naar het functioneren van de Put van Bullee wordt uitgevoerd, om een goed beeld te  krijgen van de (hydrologische) knelpunten alvorens maatregelen worden uitgewerkt. 2017: |   Een vegetatiekartering van het hele Natura 2000-geoied is van belang om de habitattypen-  kaart te actualiseren en om te checken of er aanvullende habitattypen kunnen worden aan-  t         gewezen.  2018: Dit jaor wordt de vegetatiekartering uitgevoerd, zowel van de aanwezige habitattypen  ols de zoekgebieden en overige relevante vegetaties.    Voor volgend jaar (2019)   Volgend jaa” dient aandacht te worden gegeven aan de uitkomsten van de vegetatiekartering en de  invloed daarvan op de hab:tattypenkaart er daarmee op de ir vulling van de herstelmaatregelen en  het beheer.         0000000575</pre>

====================================================================== Einde pagina 5 =================================================================

<br><br>