<b>Bijsluiter</b>. De hyperlink naar het originele document werkt niet meer. Daarom laat Woogle de tekst zien die in dat document stond. Deze tekst kan vreemde foutieve woorden of zinnen bevatten en de opmaak kan verdwenen of veranderd zijn. Dit komt door het zwartlakken van vertrouwelijke informatie of doordat de tekst niet digitaal beschikbaar was en dus ingescand en vervolgens via OCR weer ingelezen is. Voor het originele document, neem contact op met de Woo-contactpersoon van het bestuursorgaan.<br><br>====================================================================== Pagina 1 ======================================================================

<pre>    AEO A0 00 RAET OP LPA TENT CR LANS  VERSLAG VELDBEZOEK DD. 29 JUNI 2019    Aanwezig namens Provincie:  Aanwezig namens Terreinbeheerder:    Overige aanwezigen:  Datum bezoek: 26 juni 2019    Doel   Het jaarlijkse PAS-veldbezoek heeft als doel om de vinger aan de pols te houden m.b.t. zichtbare ontwikkelin-  gen van de stikstofgevoelige habitattypen in het Natura 2000-gebied. Centraal staat daarbij de vraag of er  ontwikkelingen zijn die afwijken van datgene waar in de gebiedsanalyse van uit is gegaan. Als voorbereiding  op het veldbezoek is de beheerder gevraagd naar eerder waargenomen signalen uit het veld. Daarnaast zijn  de gebiedsanalyse en het verslag met aandachtspunten van vorig jaar doorgenomen. Vorig jaar zijn vooral de  boshabitattypen beoordeeld. Dit jaar lag de focus op de korte vegetaties. Zowel de terreinen van Staatsbos-  beheer als van de particuliere eigenaar zijn bezocht.              Bevindingen  Status uitvoering PAS-maatregelen & PAS-procesmonitoring    Er zijn nog geen PAS-maatregelen uitgevoerd, de maatregelen zijn uitgewerkt (GGOR 2.5 is definitief) en wor-  den vanaf dit najaar uitgevoerd.    Vanaf de Grote Weust (locatie G) is een monitoringstransect aangelegd in zuidelijke richting door het bos,  over het te ontwikkelen schraalland tot de weg. Langs het transect is een aantal peilbuizen geplaatst en voor-  zien van diver (continue meting van de grondwaterstanden). Daarnaast de water- en bodemkwaliteit, typische  soorten en de vegetatieontwikkeling gemonitord. Op vergelijkbare wijze worden de andere Natura 2000-  gebieden gemonitord, maar elk gebied is maatwerk waardoor de monitoringsstrategieën wel wat van elkaar  afwijken. De nulmeting is gedeeltelijk uitgevoerd. De bosranden zijn in het voorjaar van 2019 geinventari-    seerd, binnenkort wordt de nulmeting flora en vegetatie (in het kader van SNL) uitgevoerd in de korte vegeta-  ties. Het bos langs het PAS-procesmonitoringstransect wordt in het voorjaar van 2020 geïnventariseerd.    Habitattypen  Alle habitattypen zijn bezocht. Op de habitattypenkaart zijn de locaties aangegeven die hieronder worden    toegelicht.         0000000691</pre>

====================================================================== Einde pagina 1 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 2 ======================================================================

<pre>                                                                                                                                                                          62 Wilinks Weust v8 jerd 2013    Legenda    Habitattypen  H4030  WED 18130  H6z30  ED Heero  | Kit)  GN vree              Jeneverbesstruwelen (H5130)  Het habitattype Jeneverbesstruweel, vorm met hondsroos, komt verspreid voor in de Grote en Kleine Weust  (locatie E en G). 8ij veldbezoeken in voorgaande jaren is naar voren gekomen dat verjonging beperkt is, hier-  voor Is Staatsbosbeheer bezig met het uitwerken van PAS-maatregelen gericht op stimuleren van verjonging  (M2b strooisel verwijderen, M2d drukbegrazing en M3 zaaien). Op dit moment zijn op de Kleine Weust drie  kiemplantjes waargenomen. Vooral de gesloten vegetatiemat lijkt belemmerend te werken. De voorgenomen  maatregelen om de bosranden opener te maken en de Weusten met elkaar te verbinden dragen waarschijn-  lijk positief bij aan mogelijkheden voor de verjonging van jeneverbes (meer licht, open bodem). Daarnaast  gaat Staatsbosbeheer experimenteren met kleinschalig plaggen rondom de meest vitale jeneverbesstruiken.  Ook worden de struwelen uitgedund door sporkehout, berk en Amerikaanse vogelkers te verwijderen. Bra-  men en rozen blijven juist staan, omdat ze wezenlijk onderdeel uitmaken van dit vegetatietype. Kieming van  bessen vindt in een ruime zone plaats rond de jeneverbessen, deze zone wordt echter tevens jaarlijks ge-  maaid. Om te voorkomen dat de kiemplanten worden weggemaaid, is hier aandacht voor nodig voorafgaand  aan de maaibeurt door de planten te markeren.            Heischraal grasland (H6230) & Blauwgrasland (H6410)  De PAS-maatregelen die vanaf najaar 2019 worden uitgevoerd houden onder andere in dat diverse voormali-  ge landbouwgronden worden omgevormd tot natuur waarbij habitattypen Heischraal grasland en Blauwgras-  land worden uitgebreid (zie verslag vorig jaar). De toplaag of de laag met opgebrachte grond wordt verwij-  derd. De Grote Weust (locatie G), Kleine Weust (locatie E), “Nieuwe Weust” (locatie D, nog te ontwikkelen)  en het graslandje bij locatie F worden met elkaar verbonden door corridors van 10-20 m breed te creëren in  het tussengelegen bos. Daarnaast is voor het hele Natura 2000-gebied de PAS-maatregel M4a Periodiek te-  rugdringen van oprukkende bosranden uitgewerkt tot een ‘bosrandendocument’. Het doel is om overmatige  beschaduwing te voorkomen en om bladinval te verminderen ten behoeve van de kwaliteit van de schraallan-  den. Ten behoeve daarvan worden oprukkende bosranden teruggedrongen en een mantel-zoomvegetatie  ontwikkeld. Het ontwikkelen van bosranden is waar mogelijk gefaseerd om flora en fauna van bossen (en  bosranden) hersteltijd te geven. Grote delen worden op korte termijn gelijktijdig uitgevoerd om beschadiging    0000000692</pre>

====================================================================== Einde pagina 2 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 3 ======================================================================

<pre>    van de nieuw te ontwikkelen schraallanden te voorkomen.    Vorig jaar is bij locatie F geconstateerd dat de bodem was beschadigd door het maaien. Op dit moment ziet  de vegetatie er goed uit en wordt aanpassen van het maaibeheer niet noodzakelijk geacht.   Locaties M en N behoren tot de percelen waarvoor uitbreiding van Blauwgrasland en/of Heischraal grasland is  voorzien. Op Locatie K is in de noordoosthoek DDT aangetroffen in de grond waardoor de grond moet worden  gesaneerd. Dat betekent dat diep moet worden afgegraven en op deze locatie waarschijnlijk niet de oude  bestaande bodem kan worden gebruikt voor de start van nieuwe natuuronwikkeling. Op het perceel bij Loca-  tie L is door Wageningen Environmental Research (WENR) een oude akker (smalle strook van west naar oost)  ontdekt. Deze blijft behouden en wordt dus niet omgevormd naar Blauwgrasland/Heischraal grasland.    Ook de ‘Ronde weide’ (locatie H) wordt omgevormd naar schraalland. Er is een corridor voorzien vanuit het  zuidoosten naar het ‘Heitje Adamskamp’ (Droge heide (H4030) en Heischraal grasland (H6230)) (M5a omvor-  men van bos naar schraalland t.b.v. corridors). Deze corridor wordt smaller uitgevoerd dan voorheen voorzien  vanwege de aanwezigheid van een oude bosgroeiplaats die door WENR is vastgesteld in 2018. Deze groei-  plaats wordt gespaard. Tevens wordt een deel van het te verwijden sparrenbosje in deze corridor voorlopig  gespaard vanwege de aanwezigheid van een in 2019 gebruikt sperwernest.    Eiken-haagbeukenbossen (H9160A)    Het habitattype is bij dit veldbezoek niet uitgebreid beoordeeld, maar er zijn geen aandachtspunten ten op-  zichte van voorgaande jaren. Vorig jaar is genoemd dat een aantal essen langs de Steengroeveweg moeten  worden gekapt in verband met de veiligheid (locatie B). Staatsbosbeheer pakt dat binnenkort op. Aandachts-  punt hierbij ìs het voorkomen van bodembeschadiging bij de uitvoering.    De Vossenveldsbeek, die door het bos loopt, stond op de planning om verondiept te worden (M1a Hydrolo-  gisch herstel door aanpassing ontwateringssysteem). Door een combinatie van factoren (schade aan het bos  bij werkzaamheden en het feit dat de Nieuwe Weust (locatie D) moet kunnen blijven afwateren) is besloten  de beek te laten verlanden. Dit proces wordt gestimuleerd door op een aantal locaties in de beek stuwen te  plaatsen die het water vasthouden. Naast de twee stuwen worden ook twee voordes en een duiker in de beek  op de juiste hoogte gelegd die het water tegen gaan houden en de beek sneller zullen laten verlanden.    Beuken-eikenbossen met hulst (H9120)    Het habitattype is bij dit veldbezoek niet uitgebreid beoordeeld, maar er zijn geen aandachtspunten ten op-  zichte van voorgaande jaren.    Vochtige alluviale bossen (H91E0C)    Het habitattype is bij dit veldbezoek niet uitgebreid beoordeeld, maar er zijn geen aandachtspunten ten op-  zichte van voorgaande jaren.    Droge heiden (H4030)    Dit habitattype komt voor op ‘Heitje Adamskamp’ (locatie 1). Er zijn geen aandachtspunten ten opzichte van  voorgaande jaren. Er zijn geen PAS-maatregelen voorzien.    Overige waarnemingen  Tijdens het veldbezoek zijn in de bermstoot van de Steengroeveweg wederom dode kamsalamanders gevon-    den (locatie A) (net als in 2018). De beheerder (Staatsbosbeheer) geeft aan dat het complex is om een ge-  schikte pomp te vinden. Ze hebben inmiddels wel een geschikte pomp gevonden. De provincie Gelderland  geeft aan dat wanneer de financiering van de pomp een probleem vormt, de provincie hier mogelijk middelen  voor beschikbaar kan stellen. Dit moet dan passen binnen de opdracht die aan SBB wordt gegeven voor de  uitvoering van de herstelmaatregelen.         0000000693</pre>

====================================================================== Einde pagina 3 =================================================================

<br><br>====================================================================== Pagina 4 ======================================================================

<pre>    Conclusies 2019  1. Erzijn geen opvallendheden geconstateerd. De ontwikkeling van de stikstofgevoelige habitattypen in  het gebied is conform de verwachting zoals beschreven in de PAS-gebiedsanalyse: de kwaliteit blijft  gelijk, er is geen sprake van voor- of achteruitgang.  2. Alle PAS-maatregelen zijn uitgewerkt (GGOR 2.5 is definitief) en worden vanaf dit najaar uitgevoerd.    De overige conclusies zijn reacties op aandachtspunten die in 2017 en 2018 in het verslag zijn opgenomen.    Openstaande aandachtspunten 2017/2018 en stand van zaken n.a.v. veldbezoek 2019    3. 2018: Essentaksterfte geeft momenteel geen aanleiding tot bijptanten. Wel dienen zieke bomen  langs de Steengroeveweg te worden gekapt met het oog op veiligheid.  2019: De essen langs de weg zijn nog niet gekapt maar Staatsbosbeheer is dit binnenkort van plan.  2018: Interne maatregelen Staatsbosbeheer: Het is van belang dat voorafgaand aan het uitvoeren  van de maatregelen een nulmeting wordt uitgevoerd, eventueel in het kader van reguliere SNL-  vegetatie- en soortenkartering.  2019: De bosranden zijn al geïnventariseerd in 2019, binnenkort wordt de nulmeting flora en vegeta-  tie (in het kader van SNL) uitgevoerd in de korte vegetaties. Het bos langs het PAS-  procesmonitoringstransect wordt in het voorjaar van 2020 geïnventariseerd.  2018: Maaien van de schraallanden blijft een uitdaging: extra maaien is van belang (M2c) maar onder  natte omstandigheden is er kans op bodembeschadiging. Staatsbosbeheer verkent mogelijkheden  voor de inzet van tractoren met gladde banden en (na)beweiding.  2019: Het beheer van afgelopen jaar lijkt goed uit te pakken want de vegetatie ontwikkelt zich goed.  Er is voor nu geen aanleiding tot het aanpassen van het huidige beheer (maaien met aangepast ma-  teriaal).  2018: Staatsbosbeheer gaat na op basis van welke informatie het bos ten westen van de ‘Ronde wei-  de’ is gekarteerd als habitattype. Daarmee kan beter worden ingeschat of het potenties heeft om  zich te ontwikkelen tot goed ontwikkelde vorm van het habitattype Eiken-haagbeukenbossen.  2019: Dit is nog niet uitgezocht, het actiepunt blijft open staan.  2018: Het is van belang dat er een korf o.i.d. om de inlaat van de pomp in de groeve te plaatsen, om  te voorkomen dat kamsalamanders worden meegezogen in de pomp. Staatsbosbeheer onderneemt  actie.  2019: Het is pas kort geleden gelukt om een geschikte pomp te vinden. Deze is zojuist besteld en  wordt binnenkort geïnstalleerd. Staatsbosbeheer en provincie hebben contact over de financiering.  2018: Provincie Gelderland is nog in gesprek met de particuliere eigenaar over het beheer van de ge-  kapte bosrand in het oosten van het Natura 2000-gebied.   ‚ 2019; Het gesprek is nog niet geweest. De bosrand is meegenomen ín het beheerplan voor alle bos-  randen in Willinks Weust. Dit plan wordt op korte termijn door provincie Gelderland besproken met  de eigenaar.   . 2017: Wat betreft de verjonging van jeneverbes gaat de beheerder (Staatsbosbeheer) mogelijkheden  verkennen om het onderzoek/monitoring van de effectiviteit van de verschillende beoogde PAS-  maatregelen te combineren met andere PAS-gebieden.   2019: Bij het veldbezoek van 2019 zijn op de Grote Weust inmiddels drie kiemplanten waargenomen.  Op de Kleine Weust is geen verjonging bekend. Naar verwachting zal het herstellen van de bosranden  een positieve invloed hebben op de verjonging van jeneverbes.                      zo tf  Bo    Handtekenj  (datum)    LA    andtekening  (datum)         0000000694</pre>

====================================================================== Einde pagina 4 =================================================================

<br><br>