Naar inhoud
Ministerie Van Infrastructuur En Waterstaat

Beschikking van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, houdende ontheffing voor Bioflight van het verbod VFR-vluchten uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte boven het water

Jaar: 2016 Documenten: 1
Gezien het verzoek om ontheffing van 29 september 2015 van Bioflight, adres: Vasevy 53, 2840 Holte, Denemarken; tel.: +45 26 12 54 53; e-mail: kasper@bioflight.dk; Overwegende: dat de vereiste relevantie blijkt uit de opdracht voor het uitvoeren van VFR-vluchten boven de Noordzee voor onderzoek naar vogels; dat paragraaf SERA.3105 van verordening (EU) nr. 923/2012 de mogelijkheid biedt aan (nationale) bevoegde autoriteiten om toestemming te verlenen lager te vliegen dan de minimumvlieghoogten, zoals die voor VFR-vluchten in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr.e923/2012; Gelet op artikel 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014 en paragraaf SERA.3105; BESLUIT: Artikel 1 Deze beschikking is van toepassing op de vliegtuigen van het type Partenavia P-68 met registratie OY-INS, OY-GNS, OY-GIS, OY-GPS, OY-ILS en OY-SUR, of een vergelijkbaar vervangend vliegtuig in gebruik bij Bioflight, waarmee VFR-vluchten worden uitgevoerd boven de Noordzee, voor zover gelegen binnen de begrenzing van het FIR Amsterdam.