Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Laboratoriumsurveillance van HIV-infecties, regio Arnhem, 1989-1995 | RIVM

Jaar: 1996 Documenten: 1
In de regio Arnhem loopt sinds april 1989 een surveillance-project voor HIV-infecties. Dit project is door het RIVM opgezet, in nauwe samenwerking met het Streeklaboratorium voor de Volksgezondheid/Rijnstate Ziekenhuis (SLA). Dit rapport presenteert de resultaten tot en met 1995 van ruim zes jaar monitoring van laboratoriumdiagnostiek van HIV-infecties aangevuld met een continue enquete naar de indicatiestelling voor de test bij alle aanvragers van deze diagnostiek. Het percentage geinfecteerde personen (1.0%, n=186) was bijna twee keer zo klein als het percentage positieve testen (1.8%, n=386). Het jaarlijks aantal nieuw positieve personen nam niet toe in de tijd, alhoewel er tot 1994 een sterke stijging was in het het aantal aangevraagde testen. De meeste testen worden verricht vanwege 'wisselende heteroseksuele contacten'. Bij mannen werden de meeste infecties waargenomen onder homo/biseksuelen. Dit was gemiddeld 8-9% tot 1994, maar lijkt in 1995 sterk afgenomen tot 3.2%. Ook onder de intraveneuze druggebruikers werden relatief veel infecties aangetoond. Bij de vrouwen ligt dit gemiddeld op 4.4% ; bij de mannelijke druggebruikers neemt het percentage toe van 3.9 in 1991 tot 12% in 1995. Er was geen trend zichtbaar in de heteroseksuele verspreiding over de afgelopen 6 jaar. Dit alles wijst erop dat de verspreiding van HIV-infecties zich nog steeds met name in de bekende risicogroepen voordoet. Opvallend is dat het percentage nieuw-positieven in stedelijke gebieden de laatste jaren lijkt af te nemen, terwijl dit op het platteland nog toeneemt. Ook neemt het aantal geteste personen afkomstig uit Afrika en Latijns-Amerika toe, evenals het percentage positieven in die groep. Seroprevalenties die worden waargenomen in groepen van vrijwillig geteste personen, kunnen i.v.m. onbekende selectiemechanismen, niet zonder meer worden geextrapoleerd naar diezelfde groepen in het verzorgingsgebied van het laboratorium. Desalniettemin wordt de HIV-surveillance vanuit het laboratorium als zeer nuttig beschouwd als indicatie voor de omvang van de problematiek en voor het volgen van trends. Het RIVM werkt aan het opzetten van een landelijk surveillancesysteem voor infectieziekten (ISIS) waarin het concept van de HIV-surveillance wordt gebruikt, ook voor andere infectieziekten. De regio Arnhem fungeert reeds als proefregio voor deze laboratoriumsurveillance.