Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Eindrapportage praktijksanering "In Situ Biorestauratie" te Asten; een evaluatie van de technische en financiele haalbaarheid | RIVM

Jaar: 1997 Documenten: 1
Na zes jaar is de praktijksanering, die in Asten (N.Br.) uitgevoerd werd in het kader van het project 'in situ biorestauratie van een met olie verontreinigde bodem', afgesloten. Dankzij de lange saneringsduur zijn goede resultaten geboekt. Ten opzichte van de beginhoeveelheid is 97% van de minerale olie verdwenen, 98% van de benzine en 99% van de BTX. De gemiddelde restgehaltes in de bodem overschrijden alleen in de laag op 300 tot 350 en 350 tot 400 cm-maaiveld de streefwaarden; voor minerale olie zijn deze gehaltes respectievelijk 385 en 30 mg.kg-1 droge stof, voor BTX 9 en 6 mg.kg-1 droge stof. Benzine overschrijdt de streefwaarde alleen in de laag 300 tot 350 cm-maaiveld met een gehalte van 120 mg.kg-1 droge stof. De gemiddelde benzineconcentratie in het grondwater overschrijdt de streefwaarde nog. Deze is 540 mug.l-1. In totaal is nog 107 kg minerale olie aanwezig op de locatie. Van de 3373 kg die aanwezig was aan het begin is 330 kg met het grondwater van de locatie onttrokken, 1327 kg direct omgezet door de micro-organismen tot koolstofdioxyde en 558 kg is ingebouwd geweest in het celmateriaal van deze organismen. Waarschijnlijk is ongeveer 1051 kg omgezet in de onverzadigde zone. In vergelijking met de verwachtingen omtrent het eindresultaat die vooraf gewekt zijn, is de saneringsduur is tegengevallen en zijn de bereikte restgehalten teleurstellend. Geconcludeerd wordt dat in situ biorestauratie met waterstofperoxyde zowel technisch als financieel haalbaar is.