Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Pilotstudie naar een beleidsmonitoringsysteem voor straling (BMS) | RIVM

Jaar: 2000 Documenten: 1
In 1997 heeft het Laboratorium voor Stralingsonderzoek in opdracht van de afdeling Straling, Nucleaire en Bioveiligheid van het ministerie van VROM onderzocht hoe een informatiesysteem voor het monitoren van de stralingshygienische situatie in Nederland en de invloed van het stralingshygienisch beleid daarop gerealiseerd zou kunnen worden. In eerste instantie gaat het om het monitoren van het milieubeleid dat op de bescherming van leden van de bevolking is gericht. In tweede instantie bestaat het stralingshygienisch beleid uit het arbeidshygienisch beleid van het ministerie van SZW en het beleid van het ministerie van VWS dat is gericht op bescherming van personen die met straling medisch worden onderzocht of behandeld. De belangrijkste aanbevelingen uit de definitiestudie uit 1997 zijn verder uitgewerkt en de resultaten zijn in het voorliggende pilotstudierapport vastgelegd: het verkennen van de bronnen van informatie en het maken van afspraken met leveranciers van nodige gegevens. De eisen en wensen van vertegenwoordigers van zowel beleidsdirecties als inspecties van de drie ministeries zijn door middel van interviews geinventariseerd. Daarnaast heeft enkele malen plenair overleg met deze vertegenwoordigers plaatsgevonden. Vervolgens zijn diverse informatiebronnen die voor de gewenste beleidsmonitoring van belang zijn, diepgaand onderzocht. Bovendien zijn van enkele typische bronnen van straling gedetailleerde gegevens verzameld en bewerkt. Een van de conclusies uit de interviews is dat het systeem zich moet beperken tot de door menselijk handelen verhoogde stralingsbelasting. Deze stralingsbelasting is deels wel en deels niet beinvloedbaar door beleidsmaatregelen en er is niet voor alle stralingsbelasting ook daadwerkelijk beleid geformuleerd of een voornemen om dit te gaan doen. Een andere conclusie is dat voor gegevens over feitelijke emissies de vergunninghouders zelf benaderd zouden moeten worden. Geadviseerd wordt om vooralsnog geen groot geautomatiseerd systeem te gaan ontwerpen, maar om meer ervaring op te doen met aparte gegevensverzamelingen per categorie van bronnen om de verzamelde gegevens op te slaan en te bewerken. Het is de bedoeling om eind 2000 een eerste versie van het jaarrapport 'beleidsmonitoring straling' gereed te hebben.