Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Environmental risk assessment of proteins expressed by genetically modified plants : Applicability of standard tests used for chemical pesticides | RIVM

Jaar: 2010 Documenten: 1
Een groep (consumptie)gewassen is zodanig genetisch gemodificeerd dat ze eiwitten produceren die insecten of schimmels bestrijden. Ze kunnen echter ook ongewenste effecten veroorzaken bij organismen, zoals vogels, vissen, algen en bijen. Uit onderzoek blijkt dat standaardtesten om ongewenste effecten van chemische gewasbeschermingsmiddelen te beoordelen, bruikbaar kunnen zijn om de risico's van dergelijke eiwitten te beoordelen. Het RIVM heeft dit onderzoek in opdracht van het ministerie van VROM uitgevoerd. Het instituut heeft bovendien templates ontwikkeld waarmee kan worden onderzocht of de standaardtesten geschikt zijn voor het testen van eiwitproducerende genetisch gemodificeerde planten. Voor het onderzoek zijn drie casussen gebruikt. Het betreft het enzym chitinase, dat wordt geproduceerd door genetisch gemodificeerde suikerbiet. Chitinase breekt chitine af, de bouwsteen van insecten en schimmels. Het GNA-lectine, dat een schadelijke werking heeft op insecten en schimmels, en wordt geproduceerd door genetisch gemodificeerde aardappel; en het enzym EPSP synthase, dat genetisch gemodificeerde koolzaad ongevoelig maakt voor het onkruidbestrijdingsmiddel glyfosaat terwijl het onkruid hiermee wordt bestreden. De templates zijn zodanig opgesteld dat ze ook kunnen worden gebruikt voor andere eiwitten die door genetische gemodificeerde planten kunnen worden geproduceerd. Bij de testen moet er rekening mee worden gehouden dat de eiwitten mogelijk continu worden uitgescheiden door de genetisch gemodificeerde plant, in tegenstelling tot chemische bestrijdingsmiddelen waarmee gewassen slechts een of meerdere keren worden bespoten. Continue uitscheiding kan mogelijk op lange termijn effect hebben op diverse organismen in de bodem of op de plant.