Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Surface water intended for the abstraction of drinking water after use of plant protection products on hard surface. Evaluation of plant protection products | RIVM

Jaar: 2010 Documenten: 1
In oppervlaktewater is de aanwezigheid van actieve stoffen van gewasbeschermingsmiddelen in concentraties boven acceptabele drinkwaterniveaus vastgesteld. Daarom zijn de Nederlandse registratie- autoriteiten door de rechter gedwongen deze situatie nadrukkelijk in de toelatingsbeslissing te betrekken. Om de drinkwatervoorziening te beschermen is een instrument ontwikkeld om de concentraties van gewasbeschermingsmiddelen in oppervlaktewater te schatten na de toepassing op verhardingen. Tot nu toe bestond een dergelijke methodiek nog niet in het Nederlandse beoordelingsinstrumentarium voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen op basis van de EU-Richtlijn 91/414/EC. Het voorstel beschreven in dit rapport behelst een beslisboom met een getrapte benadering. De basis vormt de veronderstelling dat er een relatie bestaat tussen de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen op verhardingen en de gevonden concentratie in ontvangende oppervlaktewateren. De methodiek kan worden gebruikt om te beoordelen of drinkwater bereid uit dit oppervlaktewater een te hoge concentratie residuen van deze middelen bevat. De ervaringen met een bestaande actieve stof, glyfosaat, zijn gebruikt om te anticiperen op evaluaties voor nieuwe stoffen. Om uiteindelijk te komen tot een goede schatting van de waterconcentratie van een actieve stof zijn verscheidene veronderstellingen gedaan voor onder andere: - de toepassingstechniek van het middel geschiedt volgens vastgesteld protocol; - de dosering op verhardingen is correct; - de totale oppervlakte in Nederland waarop de stof wordt toegepast wordt gebaseerd op gegevens in Nederland; - het ontvangende stroomgebied voor een bepaald drinkwateronttrekkingspunt voor de drinkwatervoorziening wordt gebaseerd op gemeentelijke gegevens in Nederland. Deze veronderstellingen zijn gecontroleerd aan de hand van de resultaten verkregen met de voorbeeldstof glyfosaat. In de komende tijd moet ervaring worden opgebouwd met de nieuwe methodologie door het system toe te passen op nieuwe stoffen die in Nederland gebruikt kunnen worden op verhardingen. Een van de aanbevolen potentiele verbeteringen is om het gebruik van specifieke eigenschappen van een bepaalde stof, zoals adsorptie en afbraakgegevens, in de beoordeling te betrekken. Ook wordt aanbevolen een EU-methodiek te ontwikkelen, vergelijkbaar met dit Nederlandse voorstel. Het RIVM heeft het rapport in 2010 gepubliceerd. Vanaf begin 2016 is in een Addendum ook de rekentool gepubliceerd. Het Ctgb past deze rekentool toe.