Naar inhoud
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu

Wettelijke mogelijkheden om het gebruik van designer drugs tegen te gaan | RIVM

Jaar: 2014 Documenten: 1
December 2023: De uitspraken van het RIVM in dit rapport hebben betrekking op de ontwikkelingen op gebied van wetgeving en drugsbeleid die op dat moment speelden. Inmiddels is deze context veranderd. Het RIVM heeft geen onderzoek gedaan over de nieuwe wetgeving en kan hier derhalve geen uitspraken over doen. Wettelijke mogelijkheden om designer drugs te verbieden Het RIVM heeft op verzoek van het ministerie van VWS een overzicht gemaakt van de wetgeving in Europa ten aanzien van het gebruik, de productie, verkoop of distributie van designer drugs. Ook zijn de voor- en nadelen geïnventariseerd van de verschillende wettelijke mogelijkheden. Per jaar verschijnen ongeveer vijftig nieuwe designer drugs op de Europese markt, die bijna allemaal weer binnen enkele maanden van de markt verdwijnen. Verschillende Europese lidstaten dringen daarom aan op een Europese procedure om middels wetgeving om deze drugs snel te kunnen verbieden. Het kost nu in sommige lidstaten enkele maanden om een verbod op een nieuwe drug wettelijk te regelen, zodat niet direct kan worden ingegrepen en de lidstaten verschillen sterk in wet- en regelgeving. Het blijkt dat er in de verschillende Europese landen vanuit hun huidige wetgeving reeds diverse mogelijkheden zijn om de productie en verkoop van designer drugs te verbieden. Voorbeelden zijn een verbod via de zogeheten generieke wetgeving en de geneesmiddelenwet, en een verbod via een noodprocedure waarmee snel kan worden ingegrepen als zich fatale incidenten voordoen. Opsporingsdiensten lijken daar echter onvoldoende gebruik van te maken omdat ze er niet goed bekend mee zijn. Met de zogeheten generieke wetgeving worden groepen van stoffen op voorhand - op basis van chemischstructurele gelijkenis met verboden stoffen - direct verboden. In Nederland wordt de generieke wetgeving niet toegepast. Als een verbod op designer drugs via generieke wetgeving wordt ingevoerd, kan dat echter onbedoeld nadelige gevolgen hebben, zoals minder zicht op het gebruik. Daarnaast blijkt de opsporing vaak moeilijk en veroorzaakt het een stijging van de kosten van de handhaving en het strafrechtelijk systeem. Dit komt omdat generieke wetgeving is gebaseerd op de gelijkenis van onbekende - vaak complexe - chemische verbindingen met bekende stoffen waardoor het leveren van de bewijslast een complex, en daarmee een tijdrovend en duur, proces is.